J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Aanhef
Parlementaire werkzaamheden Inhoudstafel
Handtekening Einde Franstalige versie
 
belgiėlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State Kamer van volksvertegenwoordigers
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/wet/2018/07/11/2018031544/justel

Titel
11 JULI 2018. - Wet betreffende de betaling van de pensioenen, toelagen en renten van de overheidssector

Bron :
SOCIALE ZEKERHEID
Publicatie : 20-07-2018 nummer :   2018031544 bladzijde : 58355       PDF :   originele versie    
Dossiernummer : 2018-07-11/09
Inwerkingtreding : 30-07-2018

Inhoudstafel Tekst Begin
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepaling
Art. 1
HOOFDSTUK 2. - Definities
Art. 2
HOOFDSTUK 3. - Betalingsmodaliteiten van de pensioenen
Afdeling 1. - Toepassingsgebied
Art. 3
Afdeling 2. - Vervaldag van de betaling
Art. 4
Afdeling 3. - Betalingswijze
Art. 5-6
Afdeling 4. - Jaarlijkse betaling
Art. 7
Afdeling 5. - Verjaringstermijn inzake de uitbetaling van de pensioenen
Art. 8
Afdeling 6. - Fiscale bepaling
Art. 9
HOOFDSTUK 4. - Inwerkingtreding
Art. 10

Tekst Inhoudstafel Begin
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepaling

  Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 74 van de Grondwet.

  HOOFDSTUK 2. - Definities

  Art. 2. Voor de toepassing van deze wet wordt verstaan onder :
  1° "de wet van 18 maart 2016" : de wet van 18 maart 2016 betreffende de Federale Pensioendienst;
  2° "Dienst" : de Federale Pensioendienst bedoeld in artikel 40 van het koninklijk besluit nr. 50 van 24 oktober 1967 betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers;
  3° "Pensioenen" :
  a) de pensioenen en toelagen bedoeld in artikel 13, 1°, van de wet van 18 maart 2016;
  b) de pensioenen en renten bedoeld in artikel 2, 11°, van de wet van 18 maart 2016;
  c) de pensioenen en renten bedoeld in artikel 2, 12°, a) tot f), van de wet van 18 maart 2016.

  HOOFDSTUK 3. - Betalingsmodaliteiten van de pensioenen

  Afdeling 1. - Toepassingsgebied

  Art. 3. Niettegenstaande elke andere wettelijke, reglementaire of contractuele bepaling is dit hoofdstuk van toepassing op de pensioenen die door de Dienst betaald worden.

  Afdeling 2. - Vervaldag van de betaling

  Art. 4. De periodieke pensioenen zijn betaalbaar per maand, waarbij elk maandbedrag wordt vereffend in de loop van de maand waarop het betrekking heeft.
  De modaliteiten van de betaling worden door de Dienst vastgesteld in overeenstemming met het derde tot vijfde lid.
  Onder voorbehoud van de toepassing van het vierde lid worden de pensioenen betaalbaar gesteld op de laatste, in chronologische volgorde, van de maandelijkse data van betaalbaarstelling, behalve indien de pensioengerechtigde reeds een ander pensioen geniet dat betaalbaar gesteld wordt op een vroegere datum, in welk geval het geheel van de pensioenen betaalbaar wordt gesteld op die vroegere datum.
  In afwijking van het derde lid worden de rustpensioenen toegekend aan de personen die, op de vooravond van de ingangsdatum van hun pensioen, een wedde genoten die vooraf betaald werd krachtens een wettelijke, reglementaire, statutaire of contractuele bepaling, evenals de overlevingspensioenen en de overgangsuitkeringen toegekend aan de rechthebbenden van personen die op het ogenblik van hun overlijden een vooraf betaalde wedde of rustpensioen genoten, betaalbaar gesteld op de eerste, in chronologische volgorde, van de maandelijkse data van betaalbaarstelling. Hetzelfde geldt voor de eventuele andere pensioenen die de betrokken personen en rechthebbenden zouden genieten.
  Voor de toepassing van het derde en vierde lid wordt eveneens rekening gehouden met de rustpensioenen toegekend als gewezen werknemer of zelfstandige, evenals met de overlevingspensioenen en de overgangsuitkeringen verleend in de hoedanigheid van rechthebbende van een dergelijke werknemer of zelfstandige.

  Afdeling 3. - Betalingswijze

  Art. 5. De pensioenen worden via overschrijving uitbetaald op een persoonlijke zichtrekening overeenkomstig de modaliteiten vastgesteld krachtens artikel 31, eerste lid, 2°, van het koninklijk besluit nr. 50 van 24 oktober 1967 betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers.
  In afwijking van het eerste lid en op schriftelijk verzoek van de begunstigde gericht aan de Dienst, kan de betaling in Belgiė ook verricht worden per postassignatie waarvan het bedrag ten huize betaalbaar is in handen van de begunstigde.
  In afwijking van het eerste lid wordt, bij ontstentenis van een correct uniek zichtrekeningsidentificatienummer, de betaling in Belgiė verricht per postassignatie waarvan het bedrag ten huize betaalbaar is in handen van de begunstigde en in het buitenland door de uitgifte van een internationaal betaalmiddel.

  Art. 6. De uitvoering van de betalingen bedoeld in artikel 5, tweede en derde lid, en het toezenden van stukken gebeuren op de hoofdverblijfplaats van de gerechtigde.
  Enkel voor het toezenden van stukken, per post of op elektronische wijze, kan van deze verplichting evenwel worden afgeweken, op schriftelijk verzoek van de begunstigde gericht aan de Dienst.

  Afdeling 4. - Jaarlijkse betaling

  Art. 7. In afwijking van artikel 4 worden de betalingen bedoeld in artikel 5, tweede en derde lid, jaarlijks in december verricht voor de in de loop van het jaar vervallen achterstallen wanneer het per maand te betalen globale bedrag aan dezelfde begunstigde lager is dan 23,35 euro. Dit bedrag is gekoppeld aan de spilindex 138,01 van het indexcijfer der consumptieprijzen.
  Het te betalen bedrag wordt desgevallend verhoogd met het vakantiegeld indien aan de voorwaarden voor de toekenning ervan voldaan is.
  De Koning kan het in het eerste lid bedoelde bedrag aanpassen aan het ermee overeenstemmende bedrag vastgesteld krachtens artikel 31, eerste lid, 2°, van het koninklijk besluit nr. 50 van 24 oktober 1967 betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers.

  Afdeling 5. - Verjaringstermijn inzake de uitbetaling van de pensioenen

  Art. 8. De uitbetaling van de pensioenen verjaart na verloop van tien jaar te rekenen vanaf de dag van hun opeisbaarheid.
  Buiten de oorzaken bedoeld bij artikel 2244 van het Burgerlijk Wetboek, wordt de verjaring gestuit door een aanvraag per aangetekend schrijven ingediend bij de Dienst of bij het bevoegde betalingsorganisme.
  Voor de toepassing van artikel 2248 van hetzelfde Wetboek, wordt de kennisgeving, naargelang van het geval, van een eerste beslissing, van een nieuwe beslissing en van de verbetering van een juridische of materiėle vergissing in de uitvoering van een beslissing, gelijkgesteld met de erkenning door de schuldenaar van het recht van degene tegen wie de verjaring loopt.

  Afdeling 6. - Fiscale bepaling

  Art. 9. In artikel 171, 6°, vierde streepje, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, ingevoegd bij de wet van 22 december 2008 en vervangen bij de wet van 29 december 2010, worden de woorden "in artikel 31, tweede lid, 1° en 4°, bedoelde bezoldigingen" vervangen door de woorden "in de artikelen 31, tweede lid, 1° en 4°, en 34 bedoelde bezoldigingen en pensioenen" en worden de woorden "of de pensioenen" ingevoegd tussen de woorden "om de bezoldigingen" en de woorden "van de maand december".

  HOOFDSTUK 4. - Inwerkingtreding

  Art. 10. § 1. Artikel 9 van deze wet is van toepassing op de pensioenen die worden betaald of toegekend vanaf 1 januari 2018.
  § 2. Deze wet heeft uitwerking met ingang van 1 juli 2018 voor de pensioenen en renten bedoeld in artikel 2, 3°, b) en c);
  § 3. Deze wet treedt in werking :
  1° op 1 december 2018 voor artikel 4, eerste lid;
  2° op 1 januari 2019 voor de pensioenen, renten en toelagen bedoeld in artikel 2, 3°, a).
  De Koning kan de in het eerste lid bedoelde datum van inwerkingtreding uitstellen met ten hoogste een jaar.

Handtekening Tekst Inhoudstafel Begin
   Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
Gegeven te Brussel, 11 juli 2018.
FILIP
Van Koningswege :
De Minister van Financiėn, belast met de Bestrijding van de Fiscale fraude,
J. VAN OVERTVELDT
De Minister van Pensioenen,
D. BACQUELAINE
Met 's Lands zegel gezegeld :
De Minister van Justitie,
K. GEENS

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   FILIP, Koning der Belgen,
   Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
   De Kamer van volksvertegenwoordigers heeft aangenomen en Wij bekrachtigen, hetgeen volgt :

Parlementaire werkzaamheden Tekst Inhoudstafel Begin
    Kamer van volksvertegenwoordigers (www.dekamer.be) Stukken : 0238 - 54-3180. Integraal verslag : 5 juli 2018.

Begin Eerste woord Laatste woord Aanhef
Parlementaire werkzaamheden Inhoudstafel
Franstalige versie