J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Aanhef
Inhoudstafel 4 uitvoeringbesluiten
Handtekening Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving

Titel
15 JULI 2014. - Samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat, het Vlaamse Gewest, het Waalse Gewest en het Brusselse Hoofdstedelijk Gewest, de Vlaamse Gemeenschap, de Franse Gemeenschap, de Duitstalige Gemeenschap, de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie van Brussel-Hoofdstad en de Franse Gemeenschapscommissie betreffende de nadere regels voor de werking van het Interfederaal Instituut voor de statistiek, van de raad van bestuur en de Wetenschappelijke Comités van het Instituut voor de nationale rekeningen

Bron :
BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST.GEMEENSCHAPPELIJKE GEMEENSCHAPSCOMMISSIE.KANSELARIJ VAN DE EERSTE MINISTER
Publicatie : 20-10-2014 nummer :   2014205762 bladzijde : 81019       PDF :   originele versie    
Dossiernummer : 2014-07-15/07
Inwerkingtreding : onbepaald

Inhoudstafel Tekst Begin
HOOFDSTUK I:. ALGEMENE BEPALINGEN
Afdeling 1. Definities
Art. 1
Afdeling 2. Toepassingsgebied en voorwerp
Art. 2-3
Afdeling 3. Verbintenissen van de overeenkomstsluitende partijen
Art. 4-6
HOOFDSTUK II:. HET INTERFEDERAAL INSTITUUT VOOR DE STATISTIEK
Afdeling 1. Oprichting
Art. 7
Afdeling 2. Opdrachten
Onderafdeling 1. Coördinatie van de statistische programma's en opstellen van een geïntegreerd statistisch programma
Art. 8
Onderafdeling 2. Advies over Belgische standpunten op internationale statistiekfora
Art. 9
Onderafdeling 3. Methodologische aanbevelingen
Art. 10
Onderafdeling 4. Kwaliteitsmonitoring van de statistiekproductie
Art. 11
HOOFDSTUK III:. SAMENSTELLING, VOORZITTERSCHAP EN WERKING VAN HET INTERFEDERAAL INSTITUUT VOOR DE STATISTIEK
Afdeling 1. Samenstelling
Art. 12-15
Afdeling 2. Voorzitterschap en secretariaat
Art. 16-19
Afdeling 3. Werking
Art. 20
Afdeling 4. Financiering
Art. 21
HOOFDSTUK IV:. SAMENSTELLING EN WERKING VAN DE RAAD VAN BESTUUR EN DE WETENSCHAPPELIJKE COMITES VAN HET INSTITUUT VOOR DE NATIONALE REKENINGEN
Afdeling 1. Samenstelling van de Raad van bestuur
Art. 22-26
Afdeling 2. Voorzitterschap en secretariaat van de Raad van bestuur
Art. 27-30
Afdeling 3. Samenstelling van de wetenschappelijke comités
Art. 31-34
Afdeling 4. Werking
Art. 35
HOOFDSTUK V:. STATISTISCHE GEHEIMHOUDING EN GEVOLGEN ERVAN
Afdeling 1. Voorwaarden waaraan de statistische autoriteiten moeten voldoen
Art. 36-37
Afdeling 2. Mededeling van vertrouwelijke gegevens tussen de statistische autoriteiten
Art. 38-42
HOOFDSTUK VI:. SLOTBEPALINGEN
Art. 43-45

Tekst Inhoudstafel Begin
HOOFDSTUK I:. ALGEMENE BEPALINGEN

  Afdeling 1. Definities

  Artikel 1. Voor de toepassing van dit samenwerkingsakkoord wordt verstaan onder:
  1° statistische autoriteit: de dienst vermeld in artikel 36;
  2° openbare statistieken: statistieken die door de statistische autoriteiten of door andere overheidsinstanties worden aangemaakt en verspreid, die publiek beschikbaar zijn en die worden gebruikt bij het uitwerken, uitvoeren, opvolgen en evalueren van openbaar beleid;
  3° statistisch programma: jaarlijks door de statistische autoriteit binnen haar bevoegdheden op te stellen programma;
  4° geïntegreerd statistisch programma: jaarlijks door het Interfederaal Instituut voor de statistiek, vermeld in artikel 8, volgens de richtlijnen van Eurostat (Praktijkcode voor Europese Statistieken) op te stellen programma dat afspraken bevat over gemeenschappelijk op te stellen openbare statistieken of acties die de kwaliteit van de statistieken moeten bevorderen.

  Afdeling 2. Toepassingsgebied en voorwerp

  Art. 2. Dit samenwerkingsakkoord regelt de opdrachten, de samenstelling en de werkingsmodaliteiten van het Interfederaal Instituut voor de statistiek, en de samenstelling en de werking van de Raad van bestuur en de wetenschappelijke comités van het Instituut voor de nationale rekeningen (INR).
  De toetreding van de Gewesten en Gemeenschappen tot de Raad van bestuur van het INR, creëert gelijke rechten en plichten als de geassocieerde instellingen (elke geassocieerde instelling is gebonden aan een lastenboek dat de opdrachten binnen het INR bepaalt) zoals bedoeld in de wet van 21 december 1994 houdende sociale en diverse bepalingen, titel VIII.
  In het bijzonder zal voor alle partijen op hetzelfde ogenblik een gelijke toegang toegestaan worden tot de statistische tabellen en vooruitzichten bedoeld in artikelen 111 en 112 van deze wet.
  Voor de toepassing van de artikelen 2, 15, 15bis, 17 tot 18, van de wet van 4 juli 1962 betreffende de openbare statistiek, worden de statistische autoriteiten gelijkgesteld met het Nationaal Instituut voor de statistiek.

  Art. 3. Dit samenwerkingsakkoord strekt ertoe de samenwerking mogelijk te maken tussen de partijen met het oog op een doeltreffend beheer van de openbare statistieken en de daaruit voortvloeiende gevolgen, en wil de daarbij behorende verantwoordelijkheden vastleggen.

  Afdeling 3. Verbintenissen van de overeenkomstsluitende partijen

  Art. 4. De partijen treffen, ieder binnen hun bevoegdheden, de maatregelen die vereist zijn om de bepalingen van dit samenwerkingsakkoord uit te voeren en de gewestelijke, gemeenschaps- en federale maatregelen in overeenstemming te brengen.

  Art. 5. Elke partij verbindt zich ertoe:
  o de andere partijen in kennis te stellen van elke nieuwe regelgeving die voor de toepassing van dit samenwerkingsakkoord een weerslag kan hebben op de uitoefening van de bevoegdheden van die andere partijen;
  o voortdurend met de andere partijen informatie uit te wisselen die nodig is om hun respectieve opdrachten uit te voeren. Deze uitwisseling gebeurt kosteloos op een tussen partijen overeengekomen wijze;
  o binnen de reglementair vastgelegde termijnen van zowel de federale overheid als de gewesten en gemeenschappen, die specifiek zijn voor elke sector te goeder trouw gevolg te geven, in de mate de gegevens beschikbaar zijn, aan alle verzoeken van een andere partij.

  Art. 6. Indien een partij taken uitvoert voor een andere partij op diens verzoek of in het kader van een gemeenschappelijk project, stelt die laatste partij de middelen ertoe ter beschikking van de eerste.

  HOOFDSTUK II:. HET INTERFEDERAAL INSTITUUT VOOR DE STATISTIEK

  Afdeling 1. Oprichting

  Art. 7. Er wordt een openbare instelling met rechtspersoonlijkheid opgericht, genaamd "Interfederaal Instituut voor de statistiek", hierna IIS genoemd.
  Het IIS heeft zijn zetel in het administratief arrondissement Brussel-Hoofdstad.
  Het IIS werkt onder het gezag van een interministeriële conferentie voor de statistiek, opgericht door de ministers uit de federale, gewest- en gemeenschapsregeringen met statistiek binnen hun bevoegdheid.
  Het IIS wordt beheerd door een Raad van bestuur.

  Afdeling 2. Opdrachten

  Onderafdeling 1. Coördinatie van de statistische programma's en opstellen van een geïntegreerd statistisch programma

  Art. 8. De statistische autoriteiten bezorgen ieder jaar hun statistisch programma aan het IIS.
  De coördinatie van de statistische programma's, vermeld in het eerste lid heeft enkel betrekking op de openbare statistieken.
  De statistieken die door de Nationale Bank van België worden opgesteld in het kader van het Europees Stelsel van centrale banken vallen buiten het toepassingsgebied van dit samenwerkingsakkoord.
  Het IIS stelt jaarlijks een geïntegreerd statistisch programma op, en volgt het op in functie van de wisselende informatiebehoeften van de diverse overheden en hun internationale verplichtingen en met het doel de kwaliteit van de openbare statistieken te verhogen alsook de globale enquêtedruk te verminderen. Het IIS houdt de Hoge Raad voor de statistiek regelmatig op de hoogte van de uitvoering van het geïntegreerd statistisch programma.

  Onderafdeling 2. Advies over Belgische standpunten op internationale statistiekfora

  Art. 9. Het IIS kan adviezen geven over de standpunten die België op internationale bijeenkomsten inneemt omtrent de uitwerking van openbare statistieken.
  De vertegenwoordiging op het operationele niveau wordt afgesproken binnen de Raad van bestuur van het IIS in functie van de expertise en functionele bevoegdheid, met inachtneming van de internationale regels ter zake. De vertegenwoordiging op het strategische niveau gebeurt door de leidend ambtenaar van het NIS. Hij oefent de rol van woordvoerder van het Belgische standpunt uit met inachtneming van het advies of het mandaat van de raad van bestuur van het IIS of het INR. Op internationale fora wordt hij altijd vergezeld door de voorzitter of ondervoorzitter van het IIS zodat de deelstaten steeds vertegenwoordigd zijn en in voorkomend geval de voorzitter van het INR.

  Onderafdeling 3. Methodologische aanbevelingen

  Art. 10. Het IIS kan methodologische aanbevelingen richten tot de overheidsinstanties die openbare statistieken uitwerken. Deze aanbevelingen worden gedaan met verwijzing naar een praktijkcode die door het IIS zal uitgewerkt worden of als gevolg van opmerkingen die door internationale instanties worden gemaakt.

  Onderafdeling 4. Kwaliteitsmonitoring van de statistiekproductie

  Art. 11. Het IIS en de statistische autoriteiten voeren een permanente kwaliteitsmonitoring bij alle stappen van de statistiekproductie en voor alle overheidsdiensten die verbonden zijn met de werkzaamheden ervan overeenkomstig de Eurostat-praktijkcode voor Europese statistieken.
  Het IIS zal hierbij de principes van single audit toepassen.

  HOOFDSTUK III:. SAMENSTELLING, VOORZITTERSCHAP EN WERKING VAN HET INTERFEDERAAL INSTITUUT VOOR DE STATISTIEK

  Afdeling 1. Samenstelling

  Art. 12. De Raad van bestuur van het IIS bestaat uit zes leden aangeduid door de bevoegde overheden en verdeeld volgens de in deze afdeling vastgelegde modaliteiten.

  Art. 13. De Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie wordt vertegenwoordigd door zijn voorzitter. Het Nationaal Instituut voor de Statistiek wordt vertegenwoordigd door de leidend ambtenaar. De Nationale Bank van België wordt vertegenwoordigd door een lid van het directiecomité.

  Art. 14. De Gewesten duiden elk een vertegenwoordiger aan.
  Deze vertegenwoordigers worden gekozen uit de hoge ambtenaren (statutairen of contractuelen) van hun statistische autoriteit.

  Art. 15. Het Federaal Planbureau, de Gemeenschappen en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie kunnen elk een vertegenwoordiger aanstellen als waarnemer in de raad van bestuur van het IIS.
  De vertegenwoordigers van de Gemeenschappen en de Gemeenschapscommissie worden gekozen uit de hoge ambtenaren (statutairen of contractuelen) van hun statistische autoriteit.

  Afdeling 2. Voorzitterschap en secretariaat

  Art. 16. Het voorzitterschap wordt afwisselend waargenomen door één van de leden van het IIS, telkens voor een periode van één jaar, volgens de regels die vastgesteld worden in het huishoudelijk reglement vermeld in artikel 20.
  Er wordt een ondervoorzitter aangesteld van een andere taalrol en een ander beleidsniveau dan de voorzitter die gekozen wordt uit de leden van het IIS.

  Art. 17. De voorzitter stelt samen met de ondervoorzitter, in nauwe samenwerking met het secretariaat, de agenda op, roept de leden bijeen, leidt de debatten en is verantwoordelijk voor het opstellen van de notulen.

  Art. 18. In geval van afwezigheid of van belet van de voorzitter, worden zijn bevoegdheden uitgeoefend door de ondervoorzitter.

  Art. 19. Het secretariaat heeft zijn zetel in het NIS en wordt ondersteund door de leden van het IIS volgens de regels die vastgesteld worden in het huishoudelijk reglement vermeld in artikel 20.

  Afdeling 3. Werking

  Art. 20. De Raad van bestuur van het IIS bepaalt een huishoudelijk reglement om zijn werking vast te leggen.

  Afdeling 4. Financiering

  Art. 21. De kosten van het secretariaat worden gedragen door elk van de ondertekenende partijen a rato van hun aandeel in het aantal leden in de Raad van bestuur.
  Dit kan ondermeer gebeuren via het ter beschikking stellen van personeel.

  HOOFDSTUK IV:. SAMENSTELLING EN WERKING VAN DE RAAD VAN BESTUUR EN DE WETENSCHAPPELIJKE COMITES VAN HET INSTITUUT VOOR DE NATIONALE REKENINGEN

  Afdeling 1. Samenstelling van de Raad van bestuur

  Art. 22. De Raad van bestuur van het INR bestaat uit twaalf leden aangeduid door de bevoegde overheden en verdeeld volgens de in deze afdeling vastgelegde modaliteiten.

  Art. 23. De Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie wordt vertegenwoordigd door zijn voorzitter en door de leidende ambtenaar van het Nationaal Instituut voor de statistiek.

  Art. 24. De Nationale Bank van België wordt vertegenwoordigd door de Gouverneur vergezeld van een lid van het directiecomité van een andere taalrol.

  Art. 25. Het Federaal Planbureau wordt vertegenwoordigd door de Commissaris van het Plan vergezeld van een lid van het directiecomité van een andere taalrol.

  Art. 26. Twee vertegenwoordigers worden aangewezen door de Regering van de Vlaamse Gemeenschap, twee vertegenwoordigers door de Regering van het Waalse Gewest en de Regering van de Franse Gemeenschap en twee vertegenwoordigers met verschillende taalrol door de Regering van het Brusselse Hoofdstedelijk Gewest, na overleg met het Verenigd College van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie en het College van de Franse Gemeenschapscommissie.
  De twee vertegenwoordigers zijn steeds de leidend ambtenaar of adjunct-leidend ambtenaar van een statistische autoriteit en een expert gespecialiseerd in economische of begrotingsstatistieken.
  De Regering van de Duitstalige Gemeenschap kan een vertegenwoordiger aanstellen als waarnemer in de Raad van bestuur van het INR. Deze vertegenwoordiger is de leidend ambtenaar of adjunct-leidend ambtenaar van een statistische autoriteit of een expert gespecialiseerd in economische of begrotingsstatistieken.
  De niet van rechtswege aangeduide leden en waarnemers kunnen geen mandaten uitoefenen van lid van de Wetgevende Kamers, van lid van het Parlement van een Gemeenschap of een Gewest, van bestendig afgevaardigde, van burgemeester of van schepen van gemeenten met meer dan dertigduizend inwoners. Zij mogen geen deel uitmaken van de Beleidscel van een lid van de Federale Regering of van een lid van een Regering van de Gemeenschappen en de Gewesten.

  Afdeling 2. Voorzitterschap en secretariaat van de Raad van bestuur

  Art. 27. Het voorzitterschap van de Raad van bestuur wordt uitgeoefend door een college van 4 leden zijnde de voorzitter van de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie, en de drie vertegenwoordigers van de gewestelijke statistische autoriteiten.
  De voorzitter van het college wordt aangeduid bij unanimiteit door de leden van het college. In afwachting van deze beslissing wordt het voorzitterschap waargenomen door de voorzitter van de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie.

  Art. 28. Het college stelt, in nauwe samenwerking met het secretariaat, de agenda op en roept de leden bijeen. De voorzitter leidt de debatten en is verantwoordelijk voor het opstellen van de notulen.

  Art. 29. In geval van afwezigheid of van belet van de voorzitter, worden zijn bevoegdheden uitgeoefend door een ander lid van het college.

  Art. 30. Het secretariaat heeft zijn zetel in de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie en wordt ondersteund door de leden van de Raad van bestuur volgens de regels die vastgesteld worden in het huishoudelijk reglement vermeld in artikel 35.
  Het secretariaat van de Raad van bestuur verzekert alle interne en externe communicatie van het INR onder verantwoordelijkheid van het college.

  Afdeling 3. Samenstelling van de wetenschappelijke comités

  Art. 31. Het wetenschappelijke comité voor de nationale rekeningen wordt als volgt samengesteld:
  - twee leden met verschillende taalrol voorgedragen door de Nationale Bank van België, van wie één het voorzitterschap van het comité waarneemt;
  - twee leden met verschillende taalrol, voorgedragen door de Federale Minister van Economische Zaken, gekozen uit de ambtenaren van het Nationaal Instituut voor de statistiek;
  - twee leden met verschillende taalrol voorgedragen door het Federaal Planbureau;
  - twee leden ambtenaren voorgedragen door de Vlaamse Regering in functie van hun deskundigheid;
  - één lid ambtenaar voorgedragen door het Waalse Gewest in functie van zijn deskundigheid;
  - twee leden ambtenaren met verschillende taalrol voorgedragen door het Brusselse Hoofdstedelijk Gewest in functie van hun deskundigheid;
  - één lid ambtenaar voorgedragen door de Franse Gemeenschap in functie van zijn deskundigheid;
  - één lid ambtenaar voorgedragen door de Duitstalige Gemeenschap in functie van zijn deskundigheid;
  - zes professoren die hun functie uitoefenen aan een Belgische universiteit of hogescholen, waarvan er drie worden voorgedragen door de Vlaamse Gemeenschap en drie door de Franse Gemeenschap in functie van hun deskundigheid op het gebied van economische statistiek.
  De leden van dit comité kunnen geen mandaten uitoefenen van lid van de Wetgevende Kamers, van lid van het Parlement van een Gemeenschap of een Gewest, van bestendig afgevaardigde, van burgemeester of van schepen van gemeenten met meer dan dertigduizend inwoners. Zij mogen geen deel uitmaken van de Beleidscel van een lid van de Federale Regering of van een lid van een Regering van de gemeenschappen en de gewesten.
  Het secretariaat heeft zijn zetel bij de voorzitter.

  Art. 32. Er wordt een wetenschappelijk comité opgericht genaamd 'Comité voor de overheidsrekeningen'. Dit comité wordt belast met de opvolging van de werkzaamheden van het begeleidingscomité dat op 30 juni 2005 werd opgericht door de Raad van bestuur van het INR en onderzoekt de vragen om advies in het kader van de reglementering van het ESR. Dit omvat ondermeer de analyse van de perimeter van de consolidatiekring.
  Het Comité voor de overheidsrekeningen wordt als volgt samengesteld:
  - twee leden met verschillende taalrol voorgedragen door de Nationale Bank van België, van wie één het voorzitterschap van het comité waarneemt;
  - een lid voorgedragen door het Federaal planbureau;
  - een lid ambtenaar voorgedragen door de Federale Minister van Economische Zaken;
  - één lid voorgedragen door de Federale Minister van Financiën, gekozen uit de ambtenaren van de Studiedienst van het departement;
  - één lid ambtenaar voorgedragen door de Federale Minister van Sociale Zaken;
  - één lid voorgedragen door de Federale Minister van Begroting, gekozen uit de ambtenaren van de FOD Budget en Beheerscontrole;
  - twee leden ambtenaar voorgedragen door de Vlaamse Regering in functie van hun deskundigheid;
  - één lid ambtenaar voorgedragen door het Waalse Gewest in functie van zijn deskundigheid;
  - twee leden ambtenaar met verschillende taalrol voorgedragen door het Brusselse Hoofdstedelijk Gewest in functie van hun deskundigheid;
  - één lid ambtenaar voorgedragen door de Franse Gemeenschap in functie van zijn deskundigheid;
  - één lid ambtenaar voorgedragen door de Duitstalige Gemeenschap in functie van zijn deskundigheid.
  Bij de aanduiding van haar leden waakt de federale regering ervoor dat er een taalpariteit is
  De leden van dit comité kunnen geen mandaten uitoefenen van lid van de Wetgevende Kamers, van lid van het parlement van een gemeenschap of een gewest, van bestendig afgevaardigde, van burgemeester of van schepen van gemeenten met meer dan dertigduizend inwoners. Zij mogen geen deel uitmaken van de Beleidscel van een lid van de Federale Regering of van een lid van een Regering van de Gemeenschappen en de Gewesten.
  Het secretariaat heeft zijn zetel bij de voorzitter.

  Art. 33. Het wetenschappelijke comité voor de economische begroting wordt als volgt samengesteld:
  - twee leden met verschillende taalrol voorgedragen door het Federaal Planbureau, van wie één het voorzitterschap van het comité waarneemt;
  - twee leden met verschillende taalrol, voorgedragen door de Federale Minister van Economische Zaken, gekozen uit de ambtenaren van het Nationaal Instituut voor de statistiek en de Studiedienst van het departement;
  - twee leden met verschillende taalrol voorgedragen door de Nationale Bank van België;
  - één lid, voorgedragen door de Federale Minister van Financiën, gekozen uit de ambtenaren van de Studiedienst van het departement;
  - één lid ambtenaar voorgedragen door de Federale Minister van Sociale Zaken;
  - één lid ambtenaar voorgedragen door de Rijksdienst voor sociale zekerheid;
  - één lid ambtenaar voorgedragen door de Federale Minister van Werk;
  - één lid ambtenaar voorgedragen door de Rijksdienst voor arbeidsvoorziening;
  - één lid voorgedragen door de Federale Minister van Begroting, gekozen uit de ambtenaren van de FOD Budget en Beheerscontrole;
  - twee leden ambtenaren voorgedragen door de Vlaamse Regering in functie van hun deskundigheid;
  - één lid ambtenaar voorgedragen door het Waalse Gewest in functie van zijn deskundigheid;
  - twee leden ambtenaren met verschillende taalrol voorgedragen door het Brusselse Hoofdstedelijk Gewest in functie van hun deskundigheid;
  - één lid ambtenaar voorgedragen door de Franse Gemeenschap in functie van zijn deskundigheid;
  - één lid ambtenaar voorgedragen door de Duitstalige Gemeenschap in functie van zijn deskundigheid.
  Bij de aanduiding van haar leden waakt de federale regering ervoor dat er een taalpariteit is
  De leden van dit comité kunnen geen mandaten uitoefenen van lid van de Wetgevende Kamers, van lid van het parlement van een Gemeenschap of een Gewest, van bestendig afgevaardigde, van burgemeester of van schepen van gemeenten met meer dan dertigduizend inwoners. Zij mogen geen deel uitmaken van de Beleidscel van een lid van de Federale Regering of van een lid van een Regering van de Gemeenschappen en de Gewesten.
  Het secretariaat heeft zijn zetel bij de voorzitter.

  Art. 34. Het wetenschappelijk comité voor de prijsobservatie en prijsanalyse wordt als volgt samengesteld:
  - drie leden waarvan minstens één van een andere taalrol voorgedragen door de Federale Minister van Economische Zaken, gekozen uit de ambtenaren van het departement, onder wie één het voorzitterschap van het comité waarneemt;
  - twee leden met verschillende taalrol voorgedragen door de Nationale Bank van België;
  - twee leden met verschillende taalrol voorgedragen door het Federaal Planbureau;
  - één lid voorgedragen door de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven;
  - twee leden ambtenaren voorgedragen door de Vlaamse Regering in functie van hun deskundigheid;
  - één lid ambtenaar voorgedragen door het Waalse Gewest in functie van zijn deskundigheid;
  - twee leden ambtenaren met verschillende taalrol voorgedragen door het Brusselse Hoofdstedelijk Gewest in functie van hun deskundigheid;
  - één lid ambtenaar voorgedragen door de Franse Gemeenschap in functie van zijn deskundigheid;
  - één lid ambtenaar voorgedragen door de Duitstalige Gemeenschap in functie van zijn deskundigheid;
  - vier professoren die hun functie uitoefenen aan een Belgische universiteit of hogescholen, waarvan er twee worden voorgedragen door de Vlaamse Gemeenschap en twee door de Franse Gemeenschap in functie van hun deskundigheid op het gebied van economie.
  Bij de aanduiding van haar leden waakt de federale regering ervoor dat er een taalpariteit is
  De leden van dit comité kunnen geen mandaten uitoefenen van lid van de Wetgevende Kamers, van lid van het parlement van een Gemeenschap of een Gewest, van bestendig afgevaardigde, van burgemeester of van schepen van gemeenten met meer dan dertigduizend inwoners. Zij mogen geen deel uitmaken van de Beleidscel van een lid van de Federale Regering of van een lid van een Regering van de Gemeenschappen en de Gewesten.
  Het secretariaat heeft zijn zetel bij de voorzitter.

  Afdeling 4. Werking

  Art. 35. De Raad van bestuur van het INR legt in een huishoudelijk reglement de werkingsregels vast van de Raad van bestuur en van de wetenschappelijke comités en van de werking, de samenstelling en de rol van het secretariaat.
  De kosten van de werking van het INR worden gedragen door elk van de ondertekenende partijen a rato van hun aandeel in het aantal leden in de Raad van bestuur. Dit kan ondermeer gebeuren via het ter beschikking stellen van personeel

  HOOFDSTUK V:. STATISTISCHE GEHEIMHOUDING EN GEVOLGEN ERVAN

  Afdeling 1. Voorwaarden waaraan de statistische autoriteiten moeten voldoen

  Art. 36. De Federale Regering, de regeringen van de Gewesten en de Gemeenschappen, het Verenigd College van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie en het College van de Franse Gemeenschapscommissie duiden onder hun diensten een dienst aan die wordt bekleed met de hoedanigheid van statistische autoriteit en die voldoet aan de volgende voorwaarden:
  1° De betrokken dienst is georganiseerd bij of krachtens een wet, decreet of een ordonnantie;
  2° De betrokken dienst waarborgt de rechten van de aangevers en waakt over de eerbiediging van de statistische geheimhouding, meer bepaald:
  I. door een afgevaardigde voor de gegevensbescherming aan te wijzen;
  II. door een gedragscode aan te nemen waarin de regels en richtlijnen worden bepaald die aan de leden van de dienst worden opgelegd inzake de vertrouwelijkheid, bescherming van de persoonlijke levenssfeer, het zakengeheim en de gegevensbescherming.
  3° De statistiekdienst voert zijn opdracht uit met inachtneming van de leidende beginselen van de openbare statistiek, conform de praktijkcode voor Europese statistieken vastgelegd door de Europese Unie (Eurostat).

  Art. 37. De partijen onderzoeken, met behoud van de toepassing van de van kracht zijnde wettelijke bepalingen met betrekking tot de verzameling van statistische informatie, de uitvoering van statistische enquêtes en de vertrouwelijkheid van gegevens, de mogelijkheden om de beschikbare administratieve gegevens maximaal te (her)gebruiken.

  Afdeling 2. Mededeling van vertrouwelijke gegevens tussen de statistische autoriteiten

  Art. 38. Vertrouwelijke gegevens mogen tussen statistische autoriteiten worden doorgegeven, mits dat voor de efficiënte ontwikkeling, productie en verspreiding van openbare statistieken of voor de verbetering van de kwaliteit ervan noodzakelijk is.

  Art. 39. Er wordt geen beroep gedaan op regels betreffende de statistische geheimhouding om de doorgifte van gegevens in de zin van artikel 38 te voorkomen.

  Art. 40. Voor elke verdere doorgifte naast de eerste doorgifte moet de statistische autoriteit die de gegevens heeft verzameld, haar uitdrukkelijke toestemming verlenen.

  Art. 41. De overeenkomstig artikel 38 doorgegeven gegevens worden uitsluitend voor statistische doeleinden gebruikt en zijn alleen toegankelijk voor personeelsleden die zich met statistische activiteiten bezighouden, binnen hun specifieke werkterrein.

  Art. 42. Tegenover derden moeten de statistische autoriteiten, overeenkomstig de wet van 4 juli 1962 betreffende de openbare statistiek, de verplichtingen naleven die voortvloeien uit het statistisch geheim.

  HOOFDSTUK VI:. SLOTBEPALINGEN

  Art. 43. Dit akkoord wordt afgesloten voor onbepaalde duur en treedt in werking na goedkeuring ervan door alle partijen.

  Art. 44. De opzegging van het volledige akkoord of een deel ervan vereist een schriftelijke vooropzeg van een jaar. In dat geval verbinden de partijen zich ertoe om binnen de vooropzeg te onderhandelen over een nieuw akkoord en om de nodige medewerking te blijven verlenen.

  Art. 45. Iedere partij is ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit akkoord. Dit behelst tevens de wijziging van betrokken wetgevingen die tegen 1 januari 2016 in overeenstemming dienen gebracht te worden met de bepalingen in dit samenwerkingsakkoord.
  

Handtekening Tekst Inhoudstafel Begin
   Gedaan te Brussel, op 15 juli 2014, in één exemplaar, de Nederlandse en Franse tekst gelijkelijk authentiek, dat zal worden gedeponeerd bij de Centrale Secretarie van het Overlegcomité dat zal instaan voor de eensluidend verklaarde afschriften en de publicatie in het Belgisch Staatsblad.
Voor de Federale Staat:
De Eerste Minister,
Elio DI RUPO
De Vice-Eerste Minister en Minister van Economie,
Johan VANDE LANOTTE
Voor de Vlaamse Gemeenschap en het Vlaamse Gewest:
De Minister-President,
Kris PEETERS
Voor het Waalse Gewest en de Franse Gemeenschap:
De Minister-President,
Rudy DEMOTTE
Voor de Duitstalige Gemeenschap:
De Minister-President,
Oliver PAASCH
Voor het Brusselse Hoofdstedelijk Gewest:
De Minister-President,
Rudi VERVOORT
Voor de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie van het Brusselse Hoofdstedelijk Gewest:
De leden bevoegd voor Financiën, Budget en Externe Betrekkingen,
Guy VANHENGEL
Evelyne HUYTEBROECK
Voor de Franse Gemeenschapscommissie:
De Minister-President,
Christos DOULKERIDIS

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, artikel 92bis;
   Gelet op de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de Brusselse Instellingen, artikelen 4 en 42;
   Gelet op de wet van 4 juli 1962 betreffende de openbare statistiek, zoals gewijzigd bij de wetten van 1 augustus 1985 en van 22 maart 2006;
   Gelet op de wet van 21 december 1994 houdende sociale en diverse bepalingen, titel VIII, zoals gewijzigd bij de wet van 8 maart 2009 en de wet van 28 februari 2014;
   Gelet op het akkoord van het Overlegcomité, gegeven op 5 februari 2014 en 19 maart 2014;
   Overwegende dat in het institutioneel akkoord van 11 oktober 2011 werd afgesproken dat het Nationaal Instituut voor de statistiek wordt geïnterfederaliseerd en dat de deelstaten geïntegreerd worden in het Instituut voor nationale rekeningen;
   Overwegende dat de nadere regels van deze interfederalisering en integratie dienen vastgelegd te worden in een samenwerkingsakkoord;
   Overwegende dat het wenselijk is dat de Federale Staat, de Gewesten en de Gemeenschappen omwille van de rechtszekerheid de modaliteiten definiëren voor de correcte en efficiënte werking van een Interfederaal Instituut voor de Statistiek en het Instituut voor de Nationale Rekeningen en voor het doorsturen van de gegevens die vereist en nodig zijn om openbare statistieken uit te werken;
   De Federale Staat, vertegenwoordigd door de Federale Regering in de persoon van de heer Elio Di Rupo, Eerste Minister, en de heer Johan Vande Lanotte, Vice-Eerste Minister en Minister van Economie;
   Het Waalse Gewest en de Franse Gemeenschap, vertegenwoordigd door hun respectieve Regering in de persoon van de heer Rudy Demotte, Minister-President;
   Het Vlaamse Gewest en de Vlaamse Gemeenschap, vertegenwoordigd door de Vlaamse Regering in de persoon van de heer Kris Peeters, Minister-President;
   Het Brusselse Hoofdstedelijk Gewest, vertegenwoordigd door de Brusselse Hoofdstedelijke Regering in de persoon van de heer Rudi Vervoort, Minister-President;
   De Duitstalige Gemeenschap, vertegenwoordigd door de Regering van de Duitstalige Gemeenschap in de persoon van de heer Oliver Paasch, Minister-President;
   De Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie van Brussel-Hoofdstad, vertegenwoordigd door het Verenigd College in de persoon van zijn Leden bevoegd voor de Financiën, de Begroting en de Externe Betrekkingen, mevrouw Evelyne Huytebroeck en de heer Guy Vanhengel;
   De Franse Gemeenschapscommissie, vertegenwoordigd door het College in de persoon van de heer Christos Doulkeridis, Minister-President;
   hierna "de partijen" genoemd,
   zijn overeengekomen wat volgt:

Begin Eerste woord Laatste woord Aanhef
Inhoudstafel 4 uitvoeringbesluiten
Franstalige versie