J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
Parlementaire werkzaamheden Inhoudstafel 4 uitvoeringbesluiten 3 gearchiveerde versies
Handtekening Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/wet/2007/05/15/2007011261/justel

Titel
15 MEI 2007. - Wet betreffende de bescherming van de consumenten inzake omroeptransmissie- en omroepdistributiediensten
(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 05-07-2007 en tekstbijwerking tot 10-10-2018)

Bron : ECONOMIE, KMO, MIDDENSTAND EN ENERGIE
Publicatie : 05-07-2007 nummer :   2007011261 bladzijde : 37037       PDF :   originele versie    
Dossiernummer : 2007-05-15/51
Inwerkingtreding : 15-07-2007

Deze tekst heeft de volgende teksten gewijzigd :1991011261        1991021064       

Inhoudstafel Tekst Begin
HOOFDSTUK I. - Algemeen.
Art. 1-2
HOOFDSTUK II. - Bescherming van de consumenten en abonnees.
Afdeling 1. - Informatieverstrekking.
Art. 3-5, 5/1, 5/2
Afdeling 2. - Contractuele bepalingen.
Art. 6, 6/1
Afdeling 3. - Kwaliteit en veiligheid van de netwerken en diensten.
Art. 7, 7/1, 8-9
Afdeling 4. - Onderbreking van de dienst.
Art. 10
HOOFDSTUK III. - Behoeften van specifieke maatschappelijke groepen.
Art. 11
HOOFDSTUK IV. - Controlemaatregelen en sancties.
Afdeling 1. - Waarschuwingsprocedure.
Art. 12-13
Afdeling 2. - Opsporing en vaststelling van de bij deze wet verboden daden.
Art. 14
Afdeling 3. - Minnelijke schikking.
Art. 15
Afdeling 4. - Strafsancties.
Art. 16-17
HOOFDSTUK V. - Wijzigings- en ophefbepalingen.
Afdeling 1. - Medewerking met de ombudsdienst voor telecommunicatie.
Art. 18-19

Tekst Inhoudstafel Begin
HOOFDSTUK I. - Algemeen.

  Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.

  Art. 2.Voor de toepassing van deze wet wordt verstaan onder :
  1° " Instituut " : Het Belgisch Instituut voor postdiensten en telecommunicatie zoals bedoeld in artikel 13 van de wet van 17 januari 2003 met betrekking tot het statuut van de regulator van de Belgische post- en telecommunicatiesector;
  2° " minister " : de minister die bevoegd is voor consumentenzaken;
  3° " consument " : een natuurlijke persoon die gebruik maakt van of verzoekt om een omroeptransmissie- en/of omroepdistributiedienst voor andere dan beroepsdoeleinden;
  4° " abonnee " : een natuurlijke of rechtspersoon die gebruik maakt van een omroeptransmissie- en/of omroepdistributiedienst ingevolge een met een operator gesloten contract;
  5° " geografisch nummer " : een nummer van het nationale nummerplan waarvan een deel van de cijferstructuur een geografische betekenis heeft die wordt gebruikt voor het routeren van gesprekken naar de fysieke locatie van het netwerkaansluitpunt;
  6° " niet-geografisch nummer " : een nummer van het nationale nummerplan dat geen geografisch nummer is; het betreft hier onder meer nummers voor mobiele oproepen, nummers die gratis zijn voor de oproepers en betaalnummers;
  7° [2 duurzame gegevensdrager: elk instrument zoals gedefinieerd in artikel I.1,15° van het Wetboek van economisch recht;]2
  8° " operator " : een persoon die een omroeptransmissie- en/of omroepdistributiedienst aanbiedt;
  9° " elektronische-communicatienetwerk " : de actieve of passieve transmissiesystemen en, in voorkomend geval, de schakel- of routeringsapparatuur en andere middelen die het mogelijk maken signalen over te brengen via draad, radiogolven, optische of andere elektromagnetische middelen, voorzover zij worden gebruikt voor de transmissie van omroepsignalen;
  10° " omroeptransmissiedienst " : een al dan niet tegen vergoeding aangeboden dienst die geheel of hoofdzakelijk bestaat in het overbrengen van signalen van radio- of televisieomroepprogramma's via elektronische-communicatienetwerken, evenwel met uitsluiting van :
  - de diensten van de informatiemaatschappij zoals omschreven in artikel 2 van de wet van 11 maart 2003 betreffende bepaalde juridische aspecten van de diensten van de informatiemaatschappij, die niet geheel of hoofdzakelijk bestaan uit het overbrengen van signalen via elektronische-communicatienetwerken;
  - de diensten waarbij met behulp van elektronische-communicatienetwerken en -diensten overgebrachte inhoud wordt geleverd of redactioneel wordt gecontroleerd;
  11° " omroepdistributiedienst " : een al dan niet tegen vergoeding aangeboden dienst die geheel of hoofdzakelijk bestaat in de levering van radio- of televisieomroepprogramma's via elektronische communicatienetwerken.
  [1 12° " eindapparatuur " : een product of een relevant onderdeel ervan dat elektronische communicatie mogelijk maakt en dat is bedoeld voor directe of indirecte aansluiting op de interfaces van een voor het publiek toegankelijk openbaar communicatienetwerk.]1
  ----------
  (1)<W 2012-07-10/04, art. 137, 002; Inwerkingtreding : 04-08-2012>
  (2)<W 2018-09-20/14, art. 25, 004; Inwerkingtreding : 20-10-2018>

  HOOFDSTUK II. - Bescherming van de consumenten en abonnees.

  Afdeling 1. - Informatieverstrekking.

  Art. 3.§ 1. De algemene voorwaarden en modelcontracten van de operator met betrekking tot de door hem aangeboden omroeptransmissie- en/of omroepdistributiediensten worden op een duidelijke wijze op zijn website gepubliceerd en worden op eenvoudige aanvraag van de consument ter beschikking gesteld op papier of een andere voor de consument beschikbare en toegankelijke [1 duurzame gegevensdrager]1.
  § 2. Ter gelegener tijd voordat de consument gebonden is door een overeenkomst of door een aanbod, dient hij ondubbelzinnig, op heldere en begrijpelijke wijze ingelicht te worden over de algemene voorwaarden en modelcontracten.
  § 3. De Koning kan voor de diensten die Hij aanwijst, het gebruik van bepaalde voorwaarden voorschrijven of verbieden in de contracten van de operator. Hij kan ook het gebruik van modelcontracten opleggen.
  ----------
  (1)<W 2018-09-20/14, art. 25, 004; Inwerkingtreding : 20-10-2018>

  Art. 4.De componenten van de tarieven [1 aangerekend door een operator, inclusief eventuele in rekening gebrachte kosten bij beëindiging van een overeenkomst ]1 moeten ten behoeve van de consument uitvoerig beschreven zijn.
  De tarieven voor faciliteiten bij de levering van diensten worden voldoende gesplitst zodat van de consument geen betaling wordt verlangd voor faciliteiten die voor de gevraagde levering van diensten niet nodig zijn.
  ----------
  (1)<W 2012-07-10/04, art. 138, 002; Inwerkingtreding : 04-08-2012>

  Art. 5.[1 § 1. De operatoren publiceren en/of verspreiden voor de consumenten en de eindgebruikers vergelijkbare, geschikte en bijgewerkte transparante informatie met betrekking tot :
   1° de toegang tot hun netwerken en hun diensten;
   2° het gebruik van die netwerken en die diensten;
   3° de prijzen en de toegepaste tarieven;
   4° de kosten die eventueel verschuldigd zijn bij de verbreking van het contract.
   Deze inlichtingen worden gepubliceerd in een duidelijke, gedetailleerde en gemakkelijk toegankelijke vorm.
   Het Instituut stelt de nauwkeurige inhoud vast van de te publiceren en/of te verspreiden inlichtingen alsook de nadere regels voor hun publicatie en/of verspreiding. De operatoren delen aan het Instituut de informatie per tariefplan mee die zij zullen publiceren of verspreiden alsook de wijzigingen in die informatie uiterlijk vijftien werkdagen vóór hun publicatie.
   § 2. De operatoren maken voor elke dienst die ze aan de consumenten en de eindgebruikers te koop aanbieden een informatiefiche op waarvan de inhoud wordt bepaald door de Koning, na advies van het Instituut.
   De informatiefiche wordt aan de consument en de eindgebruiker ter beschikking gesteld op elke plaats waar de operator zijn diensten te koop aanbiedt.
   De informatiefiche wordt uiterlijk op het ogenblik van het formuleren van het contractueel aanbod aan de consument en abonnee voorgelegd en nadien toegevoegd aan het contract. De consument en de eindgebruiker mogen op elk moment vragen dat de informatiefiche hem wordt opgestuurd.
   § 3. Het Instituut bevordert het verstrekken van vergelijkbare informatie om consumenten en de abonnees in staat te stellen een onafhankelijk oordeel te kunnen vormen over de kosten van alternatieve gebruikspatronen, bijvoorbeeld met behulp van interactieve gidsen of soortgelijke technieken.
   Bovendien maakt het Instituut, overeenkomstig de nadere regels vastgesteld bij ministerieel besluit na advies van het Instituut, via zijn website actuele informatie beschikbaar die de consument en de abonnee in staat stelt een oordeel te vormen over het voor hem meest voordelige aanbod in het licht van zijn gebruikspatroon.
   Derden hebben het recht om met het doel de in het eerste lid bedoelde interactieve gidsen of soortgelijke technieken te verkopen of beschikbaar te maken, kosteloos de informatie te gebruiken die wordt bekendgemaakt door de aanbieders van omroeptransmissie- en omroepdistributiediensten.]1
  ----------
  (1)<W 2012-07-10/04, art. 139, 002; Inwerkingtreding : 04-08-2012>

  Art. 5/1. [1 Het Instituut kan de aanbieders van omroeptransmissie- en omroepdistributiediensten verplichten om abonnees met een handicap geregeld gedetailleerd te informeren over producten en diensten die voor hen zijn bestemd.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij W 2012-07-10/04, art. 140, 002; Inwerkingtreding : 04-08-2012>

  Art. 5/2.[1 § 1. De Koning bepaalt, na advies van het Instituut, [2 de nadere regels van toepassing wanneer een abonnee afziet van een omroeptransmissie- of omroepdistributiedienst bij een operator om een omroeptransmissie- of omroepdistributiedienst bij een andere operator te verkrijgen, waaronder de methode voor de vaststelling van de kosten voor de overstap, de verdeling van die kosten tussen de betrokken partijen,]2 de technische methodes, de uitvoeringstermijnen en de verplichtingen tot het verschaffen van informatie die de betrokken operatoren toepassen [2 ...]2.
   Deze regels hebben onder meer betrekking op de verdeling van de taken voor de overstap tussen de betrokken partijen, de vergoedingen die aan de abonnees toekomen in geval van vertraging bij de uitvoering van de overstap alsook de verplichtingen van de operatoren om informatie te verschaffen aan de abonnees.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij W 2012-07-10/04, art. 141, 002; Inwerkingtreding : 04-08-2012>
  (2)<W 2017-07-31/30, art. 28, 003; Inwerkingtreding : 22-09-2017>

  Afdeling 2. - Contractuele bepalingen.

  Art. 6.§ 1. Ieder contract dat gesloten wordt tussen een abonnee en een operator wordt materieel ter beschikking gesteld van de abonnee, en bevat op zijn minst de volgende inlichtingen [1 in een heldere, gedetailleerde en gemakkelijk toegankelijke vorm ]1 :
  a) de identiteit van de operator, met inbegrip van zijn ondernemingsnummer, zijn hoofdactiviteit, zijn geografisch adres, alsmede enig ander geografisch adres dat relevant is voor de betrekkingen tussen consument en operator;
  b) [1 de verstrekte omroeptransmissie- en/of omroepdistributiediensten, de minimum kwaliteitsniveau's van de geboden diensten, met name de wachttijd bij eerste aansluiting en, in voorkomend geval, andere parameters voor de kwaliteit van de dienst, zoals gedefinieerd door het Instituut;]1
  c) [1 het type van de aangeboden onderhoudsdiensten en de verstrekte klantenondersteuningsdiensten, met inbegrip van de wijze waarop het contact met deze diensten kan worden opgenomen, alsmede alle beperkingen die de leverancier heeft opgelegd met betrekking tot het gebruik van de geleverde eindapparatuur;]1
  d) [1 het detail van de toegepaste]1 van tarieven en de middelen voor het verkrijgen van actuele informatie over alle geldende tarieven en onderhoudskosten [1 , aangeboden betalingsmethoden en eventuele verschillen qua kosten als gevolg van de betalingsmethode]1;
  e) de looptijd van het contract, de voorwaarden voor verlenging of beëindiging van de diensten en van het contract [1 inclusief :
   - het minimale gebruik of de minimale gebruiksperiode die is vereist om speciale aanbiedingen te kunnen genieten;
   - in voorkomend geval, alle kosten die bij de beëindiging van het contract verschuldigd zijn, inclusief elke terugvordering van kosten met betrekking tot eindapparatuur, indien de verkrijging van eindapparatuur gebonden is aan het inschrijven op [2 of verder aanhouden van]2 een abonnement [2 ...]2, wordt er een aflossingstabel toegevoegd, waarin de restwaarde van het eindapparaat gedurende elke maand van de [2 toegepaste afschrijvingslooptijd]2 wordt gepreciseerd. Voor het berekenen van de maandelijkse waardevermindering van de eindapparatuur wordt een lineaire afschrijvingsmethode gebruikt. De aflossingstabel met de restwaarde van het eindapparaat kan een maximale afschrijvingslooptijd van 24 maanden niet overschrijden.]1;
  f) de voorwaarden en de nadere regels voor schadevergoeding en terugbetaling ingeval niet aan [1 de elementen vermeld in b)]1 wordt voldaan;
  g) de wijze waarop geschillen kunnen worden beslecht, met inbegrip van de mogelijkheid tot het aantekenen van beroep of het indienen van een klacht bij de ombudsdienst voor telecommunicatie.
  h) de algemene voorwaarden.
  [1 i) de globale prijs voor het gezamenlijk aanbod van verschillende elektronische communicatiediensten]1
  [1 Onverminderd de toepassing van paragraaf 2, wordt het in deze paragraaf bedoelde contract bijgewerkt, telkens wanneer er wijzigingen aangebracht worden aan de in het eerste lid vermelde inlichtingen.]1
  [1 § 1/1. Onverminderd artikel 6/1, het vervangen door dezelfde operator van een contract van bepaalde duur of van onbepaalde duur afgesloten met een abonnee door een nieuw contract gesloten voor een bepaalde duur kan slechts op voorwaarde dat de operator :
   1° voorafgaandelijk de betrokken abonnee schriftelijk ervan op de hoogte heeft gebracht dat :
   - door de vervanging niet te aanvaarden, zijn lopende contract van bepaalde duur in toepassing van artikel 82 van de wet van 6 april 2010 betreffende marktpraktijken en consumentenbescherming op de vervaldatum omgezet wordt in een contract van onbepaalde duur onder dezelfde voorwaarden en dat te allen tijde kosteloos opzegbaar is mits inachtneming van de toepasselijke opzegtermijn die ten hoogste twee maanden mag bedragen en
   - door de vervanging te aanvaarden, zijn lopende contract vervangen zal worden door een nieuw contract van bepaalde duur, dat vóór de vervaldatum slechts opzegbaar is mits het betalen van een verbrekingsvergoeding, waarvan het bedrag eveneens aan de betrokken abonnee wordt meegedeeld, en
   2° daartoe de uitdrukkelijke en schriftelijke toestemming van de betrokken abonnee heeft bekomen.]1
  § 2. Onverminderd de toepassing [1 van hoofdstuk III, afdeling 6 van de wet van 6 april 2010 betreffende marktpraktijken en consumentenbescherming, hebben de abonnees het recht om bij kennisgeving van voorgestelde wijzigingen aan een beding van het afgesloten contract]1 het contract zonder boete op te zeggen. De abonnees worden tijdig en ten minste één maand vooraf naar behoren individueel op de hoogte gebracht van dergelijke wijzigingen en worden tegelijkertijd op de hoogte gesteld van hun recht om zonder boete het contract op te zeggen uiterlijk de laatste dag van de maand die volgt op de inwerkingtreding van de wijzigingen.
  In geval van een tariefverhoging heeft de abonnee het recht om zonder boete het contract op te zeggen uiterlijk de laatste dag van de maand die volgt op de ontvangst van de eerste factuur na de inwerkingtreding van de tariefverhoging [1 ...]1 [2 , behalve indien het in paragraaf 1 bedoelde contract voorziet in een aan de index van de consumptieprijzen gerelateerde stijging]2.
  [1 Het Instituut kan de gevallen bepalen waarin de in deze paragraaf bedoelde kennisgevingen moeten worden gedaan, alsook het formaat ervan. ]1
  [1 § 3. Wanneer het in paragraaf 1 bedoelde contract afgesloten wordt met een consument mag de initiële duurtijd van het contract niet meer dan vierentwintig maanden bedragen. Operatoren bieden hun klanten steeds de mogelijkheid om een contract met een initiële maximumlooptijd van twaalf maanden af te sluiten.]1
  ----------
  (1)<W 2012-07-10/04, art. 142, 002; Inwerkingtreding : 04-08-2012>
  (2)<W 2017-07-31/30, art. 29, 003; Inwerkingtreding : 22-09-2017>

  Art. 6/1.[1 § 1. De opzeg van het in artikel 6, § 1, bedoelde contract door de abonnee kan door alle schriftelijke middelen en zonder opgaaf van redenen gebeuren. Het contract wordt beëindigd op het moment gekozen door de abonnee, zelfs onmiddellijk. De operator sluit zo spoedig als technisch mogelijk de betrokken dienst af en stuurt een schriftelijke bevestiging ervan naar de abonnee.
   § 2. Zijn, onverminderd de toepassing van hoofdstuk III, Afdeling 6 van de wet van 6 april 2010 betreffende marktpraktijken en consumentenbescherming, van rechtswege nietig, de bedingen en voorwaarden of de combinaties van bedingen en voorwaarden in verband met de contractbeëindiging in de overeenkomsten gesloten tussen een operator en een abonnee, die ertoe strekken de verandering van operator onmogelijk te maken of te ontmoedigen.
   De overeenkomst blijft bindend voor de partijen indien ze zonder de nietige bedingen of voorwaarden kan voortbestaan.
   § 3. De operator kan, onverminderd het bepaalde in het tweede lid, van een consument of een abonnee geen schadevergoeding vorderen voor de beëindiging van een contract van onbepaalde duur of voor de vroegtijdige beëindiging van een contract van bepaalde duur na afloop van de zesde maand volgend op de inwerkingtreding van het contract.
   De schadevergoeding die een operator bij de vroegtijdige beëindiging van een contract van bepaalde duur door een consument of een abonnee, gedurende de eerste zes maanden kan vorderen, mag, onverminderd het bepaalde in het derde lid, niet hoger zijn dan het abonnementsgeld dat nog verschuldigd zou zijn tot aan de afloop van de zesde maand volgend op de inwerkingtreding van het contract indien dat contract niet vroegtijdig beëindigd was.
   Van de consument of een abonnee die kosteloos of tegen een lagere prijs een product heeft verkregen waarvan de verkrijging gebonden was aan het inschrijven op [2 of verder aanhouden van]2 een abonnement [2 ...]2, mag bij de [2 ...]2 beëindiging van het contract een bijkomende schadevergoeding gevorderd worden, die echter niet hoger mag zijn dan de restwaarde van het product op het ogenblik van de beëindiging van het contract, bepaald overeenkomstig artikel 6, § 1, e), [2 tweede]2 streepje.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij W 2012-07-10/04, art. 143, 002; Inwerkingtreding : 01-10-2012, is vanaf dat ogenblik onmiddellijk van toepassing op de lopende overeenkomsten>
  (2)<W 2017-07-31/30, art. 30, 003; Inwerkingtreding : 22-09-2017>

  Afdeling 3. - Kwaliteit en veiligheid van de netwerken en diensten.

  Art. 7. Elke operator moet vergelijkbare, toereikende en actuele informatie over de kwaliteit en de veilige toegang tot zijn omroeptransmissie- en/of omroepdistributiediensten ten behoeve van de consumenten publiceren op zijn website. De informatie wordt vóór de publicatie eveneens aan het Instituut verstrekt.
  Teneinde ervoor te zorgen dat de consument toegang heeft tot volledige, vergelijkbare en gebruiksvriendelijke informatie, kan het Instituut de inhoud, de vorm en de wijze van bekendmaking van de in het vorig lid bedoelde informatie, vaststellen.

  Art. 7/1. [1 § 1. Ondernemingen die openbare omroeptransmissie- en omroepdistributiediensten verstrekken, moeten op hun website ten behoeve van de consumenten vergelijkbare, toereikende en actuele informatie publiceren over de kwaliteit van het netwerk en van de dienst en over de maatregelen die zijn genomen om gelijkwaardige toegang voor consumenten met een handicap te waarborgen. De informatie wordt voor publicatie eveneens aan het Instituut verstrekt.
   § 2. Het Instituut kan onder andere de te hanteren parameters voor de kwaliteit van het netwerk en van de dienst, alsook de inhoud, vorm en wijze van bekendmaking van de te publiceren informatie, met inbegrip van mogelijke kwaliteitscertificeringsregelingen, bepalen teneinde ervoor te zorgen dat de consumenten, inclusief consumenten met een handicap, toegang hebben tot volledige, vergelijkbare en gebruikersvriendelijke informatie.
   § 3. Teneinde een achteruitgang van de dienstverlening en een belemmering of vertraging van het verkeer over de netwerken te voorkomen, kan het Instituut minimumvoorschriften inzake de kwaliteit van de diensten opleggen aan de aanbieders van openbare elektronische-communicatienetwerken.
   Het Instituut bezorgt de Europese Commissie ruime tijd voor de vaststelling van deze eisen een samenvatting van de redenen voor optreden, de geplande eisen en de voorgestelde aanpak. Deze informatie wordt ook aan BEREC ter beschikking gesteld. Het Instituut houdt zoveel mogelijk rekening met de opmerkingen en aanbevelingen van de Europese Commissie.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij W 2012-07-10/04, art. 144, 002; Inwerkingtreding : 04-08-2012>

  Art. 8. Wanneer er een bijzonder risico bestaat voor de aantasting van de veiligheid van zijn netwerk, licht de betrokken operator de abonnees en het Instituut over dat gevaar in.

  Art. 9. De operator stelt aan zijn abonnees een hulpdienst per telefoon ter beschikking. De hulpdienst is bereikbaar via een geografisch nummer of via een niet-geografisch nummer op voorwaarde dat de gesprekskosten per minuut niet hoger zijn dan deze voor een geografisch nummer.

  Afdeling 4. - Onderbreking van de dienst.

  Art. 10. Ingeval van een onderbreking van de omroeptransmissie- en/of omroepdistributiedienst na een onbetaalde factuur wordt de abonnee vooraf gewaarschuwd over een aanstaande onderbreking van de dienstverlening als gevolg van die wanbetaling.
  Behalve in geval van fraude of aanhoudend niet betaalde facturen waarover geen betwisting bestaat, blijft een eventuele onderbreking van de dienstverlening, voorzover dat technisch mogelijk is, beperkt tot de betrokken dienst.

  HOOFDSTUK III. - Behoeften van specifieke maatschappelijke groepen.

  Art. 11. De Koning kan, bij een besluit, vastgesteld na overleg in de Ministerraad, specifieke maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat consumenten met een handicap eveneens kunnen kiezen tussen aanbieders van diensten die voor het merendeel van de consumenten beschikbaar zijn.

  HOOFDSTUK IV. - Controlemaatregelen en sancties.

  Afdeling 1. - Waarschuwingsprocedure.

  Art. 12. Wanneer vastgesteld wordt dat een handeling een inbreuk vormt op deze wet of op een uitvoeringsbesluit ervan, kan de minister, of de ambtenaar die hij met toepassing van artikel 13 aanwijst, een waarschuwing richten aan de overtreder waarbij die tot beëindiging van deze handeling wordt aangemaand.
  De waarschuwing wordt aan de overtreder ter kennis gebracht binnen een termijn van drie weken te rekenen vanaf de vaststelling van de feiten, door middel van een aangetekende brief met ontvangstbericht of door de overhandiging van een afschrift van het proces- verbaal waarin de feiten zijn vastgesteld. De waarschuwing kan ook per fax of elektronische post worden meegedeeld.
  De waarschuwing vermeldt :
  1° de ten laste gelegde feiten en de overtreden wetsbepaling of wetsbepalingen;
  2° de termijn waarbinnen zij dienen te worden stopgezet;
  3° dat, indien aan de waarschuwing geen gevolg wordt gegeven, ofwel de minister een vordering tot staking kan instellen, ofwel de in artikel 13 aangestelde ambtenaren de procureur des Konings kunnen inlichten of de regeling in der minne bepaald in artikel 14 kunnen toepassen.

  Art. 13. Artikel 97, eerste lid, van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument wordt aangevuld als volgt :
  " 19. de niet-naleving van de bepalingen van de wet van 15 mei 2007 betreffende de bescherming van de consumenten inzake omroeptransmissie- en omroepdistributiediensten. "

  Afdeling 2. - Opsporing en vaststelling van de bij deze wet verboden daden.

  Art. 14. Onverminderd de bevoegdheden van de officieren van de gerechtelijke politie, kunnen de door de minister aangestelde ambtenaren de inbreuken bedoeld in artikel 16 opsporen en vaststellen.
  De door deze ambtenaren opgemaakte processen-verbaal hebben bewijskracht tot het tegendeel bewezen is. Een afschrift ervan wordt bij een aangetekende brief met ontvangstmelding binnen dertig dagen na de datum van vaststelling, aan de overtreder toegezonden.
  Buiten de bepalingen waarin artikel 113, § 2, van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument voorziet, bepaalt de Koning, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de bevoegdheden van de in het eerste lid genoemde ambtenaren om inbreuken op te sporen en vast te stellen, die ze genieten bij de uitoefening van hun functie.
  Onverminderd hun ondergeschiktheid aan hun meerderen in het bestuur, oefenen de in het eerste lid genoemde ambtenaren de hen krachtens het tweede lid verleende bevoegdheden uit, onder het toezicht van de procureur-generaal en van de federale procureur voor wat de taken betreft inzake de opsporing en de vaststelling van inbreuken omschreven in deze wet.
  Wanneer toepassing wordt gemaakt van artikel 12, wordt het in het eerste lid bedoelde proces-verbaal slechts aan de procureur des Konings toegezonden, wanneer aan de waarschuwing geen gevolg is gegeven. Wanneer toepassing wordt gemaakt van artikel 15, wordt het proces-verbaal aan de procureur des Konings pas toegezonden, wanneer de overtreder niet is ingegaan op het voorstel tot minnelijke schikking.

  Afdeling 3. - Minnelijke schikking.

  Art. 15. De in artikel 14 bedoelde ambtenaren kunnen, op inzage van de processen-verbaal die een inbreuk van de in artikel 16 genoemde voorschriften vaststellen, aan de overtreders de betaling van een som voorstellen waarvan de betaling de strafvordering doet vervallen.
  De Koning stelt de tarieven alsook de wijze van betaling en inning vast.
  Het in het eerste lid bedoelde bedrag mag niet meer belopen dan het maximum van de bij artikel 16 bepaalde geldboeten, verhoogd met de opcentiemen.
  De binnen de aangegeven termijn uitgevoerde betaling doet de strafvordering vervallen, behalve indien tevoren een klacht gericht werd aan de procureur des Konings, de onderzoeksrechter verzocht werd een onderzoek in te stellen of indien het feit bij de rechtbank aanhangig gemaakt werd. In deze gevallen worden de betaalde bedragen aan de overtreder teruggestort.

  Afdeling 4. - Strafsancties.

  Art. 16.§ 1. Met een geldboete van 250 tot 25.000 euro worden gestraft, [1 zij die de voorschriften van de artikelen 3 tot 6/1, § 1, 6/1, § 3, 7, eerste lid, 7/1, § 1, 8 tot 10 overtreden]1.
  § 2. Met een geldboete van 1.000 tot 20.000 euro worden gestraft, zij die met opzet het vervullen van de opdracht van de in artikel 14 genoemde personen voor het opsporen en vaststellen van de overtredingen of het niet-naleven van deze wet, verhinderen of belemmeren.
  § 3. De bepalingen van Boek I van het Strafwetboek, met inbegrip van hoofdstuk VII en van artikel 85, zijn van toepassing op de inbreuken bedoeld in dit artikel.
  ----------
  (1)<W 2012-07-10/04, art. 145, 002; Inwerkingtreding : 04-08-2012>

  Art. 17. De rechtbank kan de aanplakking van het vonnis of van de door haar opgestelde samenvatting ervan bevelen gedurende de door haar bepaalde termijn zowel buiten als binnen de inrichting van de overtreder, evenals de bekendmaking van het vonnis of van de samenvatting ervan door middel van kranten of op enige andere wijze, en dit alles op kosten van de overtreder; zij kan bovendien de verbeurdverklaring bevelen van onrechtmatige winsten die met behulp van de inbreuk werden gemaakt.

  HOOFDSTUK V. - Wijzigings- en ophefbepalingen.

  Afdeling 1. - Medewerking met de ombudsdienst voor telecommunicatie.

  Art. 18. In artikel 43bis van de wet van 21 maart 1991 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven, ingevoegd bij de wet van 19 december 1997 en gewijzigd bij de wet van 13 juni 2005, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° § 1 wordt aangevuld als volgt :
  " 7° elke aanbieder van omroeptransmissie- en/of omroepdistributiediensten, voor zover het klachten betreft van eindgebruikers betreffende tussentijdse facturen, de contractuele bepalingen en de algemene voorwaarden van de operator. "
  2° in § 3, 6°, worden de woorden " of van de Gemeenschapsministers bevoegd voor omroep en de Gemeenschapsregulatoren voor wat betreft de aangelegenheden inzake omroep die onder de bevoegdheid van de ombudsdienst voor telecommunicatie vallen " ingevoegd tussen het woord " telecommunicatie " en het woord ", adviezen ";
  3° § 3 wordt aangevuld als volgt :
  " 8° samenwerken met :
  a) andere onafhankelijke sectoriële geschillencommissies of onafhankelijke bemiddelaars, onder meer door het doorsturen van klachten die niet ressorteren onder de bevoegdheid van de ombudsdienst voor de telecommunicatie naar de bevoegde geschillencommissie of bemiddelaar;
  b) de buitenlandse ombudsmannen of hiermee functioneel gelijkgestelde instanties die opereren als beroepsinstantie voor de behandeling van klachten waarvoor de ombudsdienst voor de telecommunicatie bevoegd is;
  c) de Gemeenschapsregulatoren.
  Desgevallend kunnen hiervoor door de minister bevoegd voor Consumentenzaken samenwerkingsprotocollen worden gesloten.
  Met betrekking tot de operatoren bedoeld in § 1, 7°, wordt door de minister bevoegd voor Consumentenzaken een samenwerkingsakkoord gesloten met de Gemeenschappen voor de behandeling van andere klachten dan deze bedoeld in § 1, 7° ".

  Art. 19. § 1. De aanbieders bedoeld in artikel 43bis, § 1, 7°, van de wet van 21 maart 1991 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven wijzen een persoon aan die naar behoren bevoegd wordt verklaard om hen te vertegenwoordigen in hun betrekkingen met de ombudsdienst voor telecommunicatie.
  § 2. De aanbieders brengen de consumenten op de hoogte van de beroepsmiddelen bij de ombudsdienst voor telecommunicatie. Die informatie wordt in overeenstemming met de ombudsdienst verstrekt.
  § 3. Om de aan de ombudsdienst voorgelegde geschillen, voor zover het klachten betreft van eindgebruikers betreffende hun tussentijdse facturen, de contractuele bepalingen en de algemene voorwaarden van de operator, doeltreffend te behandelen, wordt tussen de aanbieders bedoeld in artikel 43bis, § 1, 7°, van de wet van 21 maart 1991 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven en de ombudsdienst een protocol gesloten. Dat protocol legt de nadere regels vast voor de behandeling van de klachten.
  § 4. Indien de klacht van een consument door de ombudsdienst ontvankelijk wordt verklaard, wordt de inningsprocedure door de operator opgeschort totdat de ombudsdienst een aanbeveling heeft geformuleerd, of totdat een minnelijke schikking kan worden bereikt.
  Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
  

Handtekening Tekst Inhoudstafel Begin
   Gegeven te Brussel, 15 mei 2007.
ALBERT
Van Koningswege :
De Vice-Eerste Minister en Minister van Begroting en van Consumentenzaken,
Mevr. F. VAN DEN BOSSCHE
Met 's Lands zegel gezegeld :
De Minister van Justitie,
Mevr. L. ONKELINX.

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   ALBERT II, Koning der Belgen,
   Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
   De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen, hetgeen volgt :

Wijziging(en) Tekst Inhoudstafel Begin
originele versie
  • WET VAN 20-09-2018 GEPUBL. OP 10-10-2018
    (GEWIJZIGDE ART. : 2 ; 3)
  • originele versie
  • WET VAN 31-07-2017 GEPUBL. OP 12-09-2017
    (GEWIJZIGDE ART. : 5/2; 6; 6/1)
  • originele versie
  • WET VAN 10-07-2012 GEPUBL. OP 25-07-2012
    (GEWIJZIGDE ART. : 2; 4; 5; 5/1; 5/2; 6; 6/1; 7/1; 16)

  • Parlementaire werkzaamheden Tekst Inhoudstafel Begin
       Stukken van de Kamer van volksvertegenwoordigers : 51-2978 - 2006/2007 : Nr. 1 : Wetsontwerp. Nr. 2 : Amendementen. Nr. 3 : Verslag. Nr. 4 : Tekst verbeterd door de commissie. Nr. 5 : Tekst aangenomen in plenaire vergadering en overgezonden aan de Senaat. Integraal Verslag : 19 april 2007. Stukken van de Senaat : 3-2419 - 2006/2007 : Nr. 1 : Ontwerp geëvoceerd door de Senaat. Nr. 2 : Verslag. Nr. 3 : Beslissing om niet te amenderen. Handelingen van de Senaat : 26 april 2007.

    Begin Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
    Parlementaire werkzaamheden Inhoudstafel 4 uitvoeringbesluiten 3 gearchiveerde versies
    Franstalige versie