J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
Verslag aan de Koning Inhoudstafel 18 uitvoeringbesluiten 8 gearchiveerde versies
Handtekening Einde Franstalige versie
 
belgiŽlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/besluit/1996/01/08/1996014010/justel

Titel
8 JANUARI 1996. - Koninklijk besluit tot regeling van de inschrijving van de commerciŽle platen voor motorvoertuigen en aanhangwagens. [Opschrift gewijzigd door KB 2019-12-15/18, art. 1, 009] Inwerkingtreding : 01-10-2020
(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 02-02-1996 en tekstbijwerking tot 15-05-2020)

Bron : VERKEERSWEZEN
Publicatie : 02-02-1996 nummer :   1996014010 bladzijde : 2356       PDF : geconsolideerde versie
Dossiernummer : 1996-01-08/35
Inwerkingtreding : 01-03-1996

Deze tekst wijzigt de volgende tekst :1953123101       

Inhoudstafel Tekst Begin
HOOFDSTUK I. [1 - Inleidende bepalingen]1.
Art. 1-3
HOOFDSTUK II. [1 - Proefrittenplaat]1.
Afdeling 1. [1 - Definitie]1
Art. 4
Afdeling 2. [1 - CategorieŽn waarvoor de proefrittenplaat kan worden gevraagd]1
Art. 5
Afdeling 3. [1 - Voorwaarden voor de verwerving en de vernieuwing ]1
Art. 6-7
Afdeling 4. [1 - Gebruiksvoorwaarden ]1
Art. 8-9
Afdeling 5. [1 - Geldigheidsduur ]1
Art. 10
HOOFDSTUK III. [1 - Handelaarsplaat ]1
Afdeling 1. [1 - Definitie ]1
Art. 11
Afdeling 2. [1 CategorieŽn waarvoor de handelaarsplaat kan worden gevraagd ]1
Art. 12
Afdeling 3. [1 [ - Voorwaarden voor de verwerving en de vernieuwing ]1
Art. 13-14
Afdeling 4. [1 - Gebruiksvoorwaarden]1
Art. 15-17
Afdeling 5. [1 - Geldigheidsduur ]1
Art. 18
HOOFDSTUK IV. [1 Beroepsplaat ]1
Afdeling 1. [1 Definitie]1
Art. 19
Afdeling 2. [1 - CategorieŽn waarvoor de beroepsplaat kan worden gevraagd]1
Art. 20
Afdeling 3. [1 - Voorwaarden voor de verwerving en de vernieuwing van de beroepsplaat]1
Art. 21-22
Afdeling 4. [1 - Gebruiksvoorwaarden]]1
Art. 23-25
Afdeling 5. [1 Geldigheidsduur ]1
Art. 26
HOOFDSTUK V. [1 Nationale plaat ]1
Afdeling 1. [1 Definitie ]1
Art. 27
Afdeling 2. [1 CategorieŽn waarvoor de nationale plaat kan worden aangevraagd ]1
Art. 28
Afdeling 3. [1 - Gebruiksvoorwaarden ]1
Art. 29
Afdeling 4. [1 Geldigheidsduur ]1
Art. 30
HOOFDSTUK VI. [1 - Indienen van de aanvraag ]1
Afdeling 1. [1 - Gemeenschappelijke bepalingen voor de kentekenplaten proefrit, handelaar, beroep en nationaal ]1
Art. 31-34
Afdeling 2. [1 - Bepalingen eigen aan de inschrijving "handelaar" en de inschrijving "beroep" ]1
Art. 35
Afdeling 3. [1 - Bepalingen eigen aan de inschrijving "beroep" ]1
Art. 36
HOOFDSTUK VII. [1 Vernieuwing van de proefrittenplaten, handelaars- en beroepsplaten ]1
Art. 37-38
HOOFDSTUK VIII. [1 - Afgifte van de proefrittenplaat, de handelaarsplaat en de beroepslaat, evenals van het bijbehorende inschrijvingsbewijs ]1
Art. 39
HOOFDSTUK IX. [1 Afgifte van de nationale plaat en van het bijbehorende voorlopige inschrijvingsbewijs ]1
Art. 40
HOOFDSTUK X. [1 Bepalingen betreffende de wijziging van de vermeldingen met betrekking tot de houder van het inschrijvingsbewijs]1
Art. 41
HOOFDSTUK XI.[1 Bepalingen met betrekking tot de schrapping, de inbeslagname en het terugsturen van proefrittenplaten, handelaarsplaten, beroepsplaten en nationale platen ]1
Art. 42-45
HOOFDSTUK XII. [1 - Vertoning van het inschrijvingsbewijs en van het attest van voorlopige inschrijving ]1
Art. 46
HOOFDSTUK XIII. [1 Verbod op het rondrijden met voertuigen met een kantekenplaat waarvan de geldigheid is vervallen ]1
Art. 47
HOOFDSTUK XIV. [1 - Delegaties van bevoegdheden ]1
Art. 48
BIJLAGEN.
Art. N1-N4

Tekst Inhoudstafel Begin
HOOFDSTUK I. [1 - Inleidende bepalingen]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Artikel 1. [1 Voor de toepassing van dit besluit wordt onder voertuig verstaan :
   a) elk voertuig dat beantwoordt aan de definities vermeld in artikel 1, ß 2, van het koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de voertuigen, hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen;
   b) elk voertuig dat beantwoordt aan de definities vermeld in artikel 1 van het koninklijk besluit van 10 oktober 1974 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de bromfietsen, de motorfietsen en hun aanhangwagens moeten voldoen]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 2. [1 De commerciŽle kentekenplaten worden in drie categorieŽn opgesplitst : proefrittenplaten, handelaarsplaten en beroepsplaten. Elke categorie omvat vier soorten platen : auto, moto, aanhangwagen en bromfiets.
   Het "repertorium" ingesteld door artikel 6 van het koninklijk besluit van 20 juli 2001 betreffende de inschrijving van voertuigen, wordt aangevuld met een bijkomend repertorium genaamd "repertorium van de commerciŽle kentekenplaten" voor motorvoertuigen en aanhangwagens.]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 3. [1 . In afwijking van artikel 2, ß 1, van het koninklijk besluit van 20 juli 2001 betreffende de inschrijving van voertuigen, mogen motorvoertuigen en aanhangwagens op de openbare weg rijden onder dekking van een "proefrittenplaat", van een "handelaarsplaat", van een "beroepsplaat" of van een "nationale plaat" in zoverre aan de voorwaarden van dit besluit is voldaan]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  HOOFDSTUK II. [1 - Proefrittenplaat]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Afdeling 1. [1 - Definitie]1
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 4. [1 De proefrittenplaat kan niet voor private doeleinden worden ingezet. De proefrittenplaat wordt gebruikt op voertuigen die nog niet werden goedgekeurd om proefritten te maken met het oog op een Europese of nationale goedkeuring van voertuigen, systemen, onderdelen en technische eenheden van voertuigen.
   Als het voertuig verbouwingen heeft ondergaan die niet conform het goedkeuringscertificaat zijn, kan de proefrittenplaat worden aangebracht om de testritten te kunnen uitvoeren die nodig zijn voor een nieuwe goedkeuring.
   De proefrittenplaat kan worden aangebracht op goedgekeurde voertuigen in de twee onderstaande gevallen :
   - de testritten zijn vereist in het kader van de overeenstemming van productie.
   - de testritten worden uitgevoerd door de bedrijven bedoeld in artikel 5, 4į, die de machtiging van de minister of diens gemachtigde hebben gekregen.
   De proefrittenplaat wordt gebruikt op de openbare weg onder de aansprakelijkheid van de houder van de proefrittenplaat in het kader van een specifiek testprogramma]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Afdeling 2. [1 - CategorieŽn waarvoor de proefrittenplaat kan worden gevraagd]1
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 1, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 5. [1 De proefrittenplaat kan worden gebruikt door de volgende categorieŽn :
   1į de bevoegde constructeurs of bouwers van motorvoertuigen of aanhangwagens, alsook hun mandatarissen erkend overeenkomstig enerzijds, het algemeen reglement op de technische eisen waaraan de voertuigen, hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen, of anderzijds, het algemeen reglement op de technische eisen waaraan de bromfietsen, de motorfietsen en hun aanhangwagens moeten voldoen; Het gaat tevens om constructeurs die door de bevoegde goedkeuringsinstanties zijn erkend in het kader van de procedure voor het toezicht op de overeenstemming van de productie;
   2į de onderzoekscentra van instellingen voor hoger onderwijs georganiseerd, erkend of gesubsidieerd door de overheid;
   3į de organisatoren van proefritten met autonome voertuigen (deels of volledig geautomatiseerd), die voorafgaandelijk van de minister bevoegd voor het inschrijven van voertuigen of van diens gemachtigde machtiging hebben gekregen;
   4į de bedrijven die testen uitvoeren op onderdelen of systemen die niet zijn opgenomen in bijlage 26 van het voornoemde koninklijk besluit van 15 maart 1968. Aangezien deze proeven niet worden uitgevoerd met het oog op de goedkeuring van voertuigen, zal het bedrijf voorafgaandelijk van de minister bevoegd voor het inschrijven van voertuigen of van diens gemachtigde machtiging moeten hebben gekregen. Deze machtiging van de minister of diens gemachtigde zal worden gegeven als de aanvrager beschikt over een verklaring op eer van de constructeur die verklaart dat deze testen bijdragen tot de technische verbetering van voertuigen die al zijn goedgekeurd]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Afdeling 3. [1 - Voorwaarden voor de verwerving en de vernieuwing ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 6. [1 Verwervingsvoorwaarden
   De verwervingsvoorwaarden voor de proefrittenplaat zijn de volgende :
   - de aanvraag mag worden ingediend tussen 1 januari en 31 december van elk jaar;
   - de aanvrager is onder de categorie bedoeld in punt 1į van artikel 5 ingeschreven bij de Kruispuntbank van Ondernemingen;
   - de erkenning als constructeur, afgegeven door de instantie bevoegd voor de typegoedkeuring.
   In afwijking van het voorgaande lid van dit artikel en van artikel 3, eerste ß, tweede lid, b) en c) van het koninklijk besluit van 20 juli 2001 betreffende de inschrijving van voertuigen, moeten de categorieŽn bedoeld onder de punten 2į, 3į en 4į van artikel 5 niet voldoen aan de in dit artikel bepaalde verwervingsvoorwaarden.]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 7. [1 Vernieuwing
  Tussen 1 oktober en de laatste dag van de maand februari van het jaar dat volgt op het verval van de geldigheid, moet de houder van een proefrittenplaat aantonen dat hij nog steeds voldoet aan alle verwervingsvoorwaarden voor deze proefrittenplaat.
   Bij de vernieuwing van elke proefrittenplaat, controleert het bestuur bevoegd voor de belasting over de toegevoegde waarde, dat hij daadwerkelijk het beroep bedoeld in punt 1į van artikel 5 uitoefent en dat bij zijn weten in de loop van de periode van twaalf maanden die voorafgaat aan de controle, het bezit of het gebruik van de inschrijving "proefrit" geen aanleiding gaf tot een overtreding van de fiscale of douanebepalingen.]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

   Afdeling 4. [1 - Gebruiksvoorwaarden ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 8. [1 Personen die een proefrittenplaat mogen gebruiken
   Het document bedoeld in bijlage 1, vermeldt de identiteit en de hoedanigheid waarin de door de houder tewerkgestelde werknemers gemachtigd zijn het voertuig onder een inschrijving "proefritten" te gebruiken]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 9. [1 Deze voertuigen met een proefrittenplaat worden gebruikt op de openbare weg onder de aansprakelijkheid van de houder van de proefrittenplaat in het kader van een specifiek testprogramma. In dit verband moet het document waarin het testprogramma staat beschreven zich aan boord van het voertuig bevinden, en moet het zijn opgesteld conform het model opgenomen in bijlage 1 van dit besluit.
   Deze plaat kan worden aangebracht bij het overbrengen van een voertuig naar de plaats waar het voertuig aan de proeven zal worden onderworpen. De proeven kunnen stops onderweg omvatten. Voertuigen met een proefrittenplaat mogen niet worden beladen, met uitzondering van de personen en het materieel die nodig zijn voor de proeven.]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Afdeling 5. [1 - Geldigheidsduur ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 10. [1 De "proefrittenplaat" heeft een geldigheidsduur van een kalenderjaar en kan worden vernieuwd als de houder nog steeds voldoet aan de verwervingsvoorwaarden bepaald in artikel 6 en aan de vernieuwingsvoorwaarden bepaald in artikel 7 van dit besluit]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 1, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  HOOFDSTUK III. [1 - Handelaarsplaat ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Afdeling 1. [1 - Definitie ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 11. [1 De handelaarsplaat laat de handelaren die een activiteit in de groot- of kleinhandel in voertuigen uitoefenen, toe om de voertuigen waarvan ze eigenaar zijn, te gebruiken met het oog op de promotie en verkoop van deze voertuigen ]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Afdeling 2. [1 CategorieŽn waarvoor de handelaarsplaat kan worden gevraagd ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 12.[1 De handelaarsplaat kan worden aangevraagd door de handelaren die een activiteit in de groot- of kleinhandel in motorvoertuigen uitoefenen ]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Afdeling 3. [1 [ - Voorwaarden voor de verwerving en de vernieuwing ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 13.[1 Vernieuwingsoorwaarden
  13.1. Als de aanvrager in het verleden nog nooit houder was van een handelaarsplaat
   De initiŽle aanvraag van een handelaarsplaat moet worden ingediend tussen 1 januari en 31 december van elk jaar.
   De verwervingsvoorwaard voor de handelaarsplaat is de volgende :
   - de aanvrager is onder de in artikel 12 bedoelde categorie bij de Kruispuntbank van Ondernemingen ingeschreven.
  13.2. Als de aanvrager in het verleden al houder was van een handelaarsplaat
   Als de aanvrager in het verleden al houder was van handelaarsplaten, moet de aanvraag worden ingediend tussen 1 oktober en de laatste dag van de maand februari van het jaar dat volgt op het verval van de geldigheid. Deze aanvraag moet voldoen aan de onderstaande voorwaarden :
   - de aanvrager is onder de in artikel 12 bedoelde categorie bij de Kruispuntbank van Ondernemingen ingeschreven;
   - het aantal nieuwe handelaarsplaten bovenop de vernieuwing van de platen bedoeld in artikel 14, wordt bepaald aan de hand van het aantal veelvouden van twaalf voertuigen dat is verkocht in de twaalf maanden die voorafgaan aan de datum van de door het bestuur bevoegd voor de belasting over de toegevoegde waarde uitgevoerde controle.
   Als de aanvrager nog steeds beschikt over niet-vernieuwde handelaarsplaten, kan hij de aanvraag voor een nieuwe handelaarsplaat pas indienen nadat hij al zijn handelaarsplaten heeft vernieuwd conform de vernieuwingsvoorwaarden bedoeld in artikel 14 ]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 5, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 14.[1 Vernieuwingsoorwaarden
   Tussen 1 oktober en de laatste dag van de maand februari van het jaar dat volgt op het verval van de geldigheid moet de houder van een handelaarsplaat aantonen dat hij nog steeds voldoet aan alle verwervingsvoorwaarden voor deze handelaarsplaat.
   Bij de vernieuwing van elke handelaarsplaat, moeten de handelaren in voertuigen minstens twaalf voertuigen hebben verkocht tijdens de twaalf maanden die voorafgingen aan de datum van de controle uitgevoerd door het bestuur bevoegd voor de belasting over de toegevoegde waarde. Het aantal van twaalf voertuigen kan enkel worden behaald door het optellen van :
   - ofwel de voertuigen die voldoen aan de definities vermeld in artikel 1, ß 2 van het in het eerste artikel van dit besluit voornoemde koninklijk besluit van 15 maart 1968;
   - ofwel de voertuigen die voldoen aan de definities vermeld in artikel 1 van het in het eerste artikel van dit besluit voornoemde koninklijk besluit van 10 oktober 1974.
   De som mag bijgevolg niet de optelling zijn van de verkoop van voertuigen die voldoen aan de definities bepaald in het koninklijk besluit van 15 maart 1968 en in het koninklijk besluit van 10 oktober 1974.
   Bij de vernieuwing van elke handelaarsplaat, controleert het bestuur bevoegd voor de belasting over de toegevoegde waarde, in de loop van de periode van twaalf maanden die voorafgaat aan de datum van de controle of het bezit of het gebruik van de inschrijving "handelaar" geen aanleiding gaf tot een overtreding van de fiscale of douanebepalingen]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

   Afdeling 4. [1 - Gebruiksvoorwaarden]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 7, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 15.[1 Personen die de handelaarsplaat mogen gebruiken
   Wanneer de houder een natuurlijke persoon is, dan mag de handelaarsplaat worden gebruikt door deze persoon zelf, door zijn familieleden aangegeven als helpers van een zelfstandig werknemer, alsook door de vennoten of leden van de feitelijke vennootschap waartoe de houder behoort en die dezelfde activiteiten uitoefenen.
   Wanneer de houder een rechtspersoon is, mag de handelaarsplaat worden gebruikt door de actieve vennoten, beheerders, geranten en beheersorganen van deze rechtspersoon.
   De werknemers die door de houder worden tewerkgesteld, moeten in het bezit zijn van een document dat uitgaat van de houder en waarop hun identiteit is vermeld, evenals de hoedanigheid waarin zij gemachtigd zijn het voertuig onder een inschrijving "handelaar" te gebruiken. Dit document moet de minimale vermeldingen bepaald in bijlage 2 van dit besluit bevatten.
   De firma's die instaan voor het transport van de voertuigen mogen op het vervoerde voertuig de handelaarsplaat van de handelaar aanbrengen die dit voertuig verkoopt en uitvoert. De vervoersovereenkomst (ondertekend door de transportfirma en door de houder van de handelaarsplaat) moet zich aan boord van het voertuig dat met de handelaarsplaat is uitgerust, bevinden ]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 16.[1 Eigenaarschap van het voertuig waarop de handelaarsplaat is aangebracht
   De houder van de handelaarsplaat mag deze plaat enkel aanbrengen op de voertuigen waarvan hij eigenaar is ]1
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 17.[1 Afwijkingen met betrekking tot het verbod op uitlenen of verhuren
   Het is verboden om voertuigen met een "handelaarsplaat" uit te lenen of te verhuren.
   In afwijking op het voorgaande lid is dit verbod echter niet van toepassing bij het uitlenen of verhuren van een voertuig aan een persoon van wie het op diens naam ingeschreven voertuig zich voor herstelling in de werkplaats van de lener of verhuurder bevindt. Dit uitlenen of verhuren zal evenwel niet langer dan zeven kalenderdagen mogen duren. Bovendien zal de persoon die het voertuig huurt of ontleent enerzijds in het bezit moeten zijn van het inschrijvingsbewijs van het ter herstelling toevertrouwde voertuig. Anderzijds moet de houder van het uitgeleende of verhuurde voertuig in een document zijn toelating uitspreken en dit document moet zich aan boord van het voertuig bevinden. Dit document moet conform de minimale vermeldingen bepaald in bijlage 3 van dit besluit zijn.
   Het verbod bedoeld in het eerste lid is echter niet van toepassing bij de demonstratie van een goedgekeurd voertuig. Met een demonstratie wil men een goedgekeurd voertuig aan het publiek voorstellen. De houder van de plaat kan ook een natuurlijke persoon de toelating geven om dit voertuig gedurende een periode van zeven kalenderdagen te gebruiken. In dit verband moet er zich een document conform de minimale vermeldingen bepaald in bijlage 3 van dit besluit, gedurende de periode van zeven dagen aan boord van het voertuig bevinden, dat de toelating van de houder van de plaat om dit voertuig ter beschikking te stellen, bewijst]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Afdeling 5. [1 - Geldigheidsduur ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 18.[1 De "handelaarsplaat" heeft een geldigheidsduur van een kalenderjaar en kan worden vernieuwd als de houder nog steeds voldoet aan de verwervingsvoorwaarden bepaald in artikel 13 en aan de vernieuwingsvoorwaarden bepaald in artikel 14 van dit besluit ]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  HOOFDSTUK IV. [1 Beroepsplaat ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : Afdeling 1. [1 Definitie]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 14, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 19.[1 De beroepsplaat wordt gebruikt opdat koetswerkmakers en herstellers van voertuigen op het Belgische grondgebied tijdens een periode van vijf, niet noodzakelijkerwijs op elkaar volgende dagen, de onderstaande formaliteiten zouden kunnen vervullen :
   - de levering van dit voertuig;
   - de controle van het voertuig na een herstelling;
   - het voorrijden van een voertuig met het oog op het verkrijgen van een individuele goedkeuring;
   - het voorrijden van het voertuig bij een instelling belast met de technische controle van de in het verkeer gebrachte voertuigen.
   In afwijking van het eerste lid van dit artikel kan de beroepsplaat door de Staatsveiligheid worden gebruikt bij de aansturing van operaties om de opdrachten te vervullen die haar door of krachtens de organieke wet van 30 november 1998 houdende regeling van de inlichtingen- en veiligheidsdiensten zijn toegewezen. In dit verband wijkt de Staatsveiligheid eveneens af van de categorieŽn bepaald in artikel 20, van de voorwaarden voor de verwerving en de vernieuwing bepaald in de artikelen 21 en 22 en van de gebruiksvoorwaarden bepaald in artikel 23.
   De beroepsplaat mag enkel op het desbetreffende voertuig worden aangebracht als de houder beschikt over het attest van voorlopige inschrijving, bepaald in bijlage 4 bij dit besluit, en dat hoort bij dit voertuig en is aangemaakt door het volledig invullen van het formulier op de website van de Directie Inschrijvingen Voertuigen van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer]1.
  ----------
  (1)< KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Afdeling 2. [1 - CategorieŽn waarvoor de beroepsplaat kan worden gevraagd]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 20.[1 De beroepsplaat kan worden aangevraagd door koetswerkmakers en herstellers van voertuigen]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Afdeling 3. [1 - Voorwaarden voor de verwerving en de vernieuwing van de beroepsplaat]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>
   Art. 21.[1 Verwervingsvoorwaarden
   De verwervingsvoorwaarde voor de beroepsplaat is de volgende :
   - de aanvraag mag worden ingediend tussen 1 januari en 31 december van elk jaar;
   - de aanvrager is ingeschreven bij de Kruispuntbank van Ondernemingen onder een van de categorieŽn bedoeld in artikel 20 ]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 22. [1 Vernieuwingsvoorwaarden
   Tussen 1 oktober en de laatste dag van de maand februari van het jaar dat volgt op het verval van de geldigheid moet de houder van een beroepsplaat aantonen dat hij nog steeds voldoet aan alle verwervingsvoorwaarden voor deze beroepsplaat.
   Bij de vernieuwing van elke beroepsplaat, controleert het bestuur bevoegd voor de belasting over de toegevoegde waarde, of hij daadwerkelijk het beroep bedoeld in artikel 20 uitoefent en of in de loop van de periode van twaalf maanden die voorafgaat aan de datum van van de controle, het bezit of het gebruik van de inschrijving "beroep" bij zijn weten geen aanleiding gaf tot een overtreding van de fiscale of douanebepalingen. Een overtreding vastgesteld op het niveau van het moederbedrijf heeft repercussies op de dochterondernemingen. Wat ook het niveau is waarop de overtreding wordt vastgesteld, met name ook voor een vestigingseenheid, de overtreding geldt voor het hele bedrijf ]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

   Afdeling 4. [1 - Gebruiksvoorwaarden]]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 23.[1 Personen die de beroepsplaat mogen gebruiken
   Wanneer de houder een natuurlijke persoon is, dan mag de beroepsplaat worden gebruikt door deze persoon zelf, door zijn familieleden aangegeven als helpers van een zelfstandig werknemer, alsook door de vennoten of leden van de feitelijke vennootschap waartoe de houder behoort en die dezelfde activiteiten uitoefenen.
   Wanneer de houder een rechtspersoon is, mag de beroepsplaat worden gebruikt door de actieve vennoten, beheerders, geranten en beheersorganen van deze rechtspersoon.
   De werknemers die door de houder worden tewerkgesteld, moeten in het bezit zijn van een document dat uitgaat van de houder en waarop hun identiteit is vermeld, evenals de hoedanigheid waarin zij gemachtigd zijn het voertuig onder een inschrijving "beroep" te gebruiken. Dit document moet de minimale vermeldingen bepaald in bijlage 2 van dit besluit bevatten ]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 24. [1 Gebruiksvoorwaarden
   De beroepsplaat mag worden gebruikt gedurende een periode van vijf, niet noodzakelijkerwijs opeenvolgende dagen met het oog op de uitvoering op het Belgische grondgebied van de stappen bedoeld in artikel 19. Bovendien mag de beroepsplaat enkel op het desbetreffende voertuig worden aangebracht als de houder beschikt over het attest van voorlopige inschrijving dat hoort bij dit voertuig en is aangemaakt door het volledig invullen van het formulier op de website van de Directie Inschrijvingen Voertuigen van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer.
   Dit attest van voorlopige inschrijving moet zich aan boord van het voertuig waarop de beroepsplaat is aangebracht, bevinden, en het moet kunnen worden vertoond in papieren formaat of in een leesbaar elektronisch formaat op elke vordering van de beambten bevoegd om toezicht uit te oefenen]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 25.[1 Verbod op uitlenen of verhuren
   Het is verboden om voertuigen met een beroepsplaat uit te lenen of te verhuren]1.
  ----------
  (1)<IKB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Afdeling 5. [1 Geldigheidsduur ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 26.[1 De beroepsplaat heeft een geldigheidsduur van een kalenderjaar. De plaat kan elk jaar worden vernieuwd op voorwaarde dat de houder aantoont dat hij nog steeds voldoet aan alle verwervingsvoorwaarden bepaald in artikel 21 en aan de vernieuwingsvoorwaarden bepaald in artikel 22 van dit besluit.
   Eenzelfde houder mag over een beroepsplaat per soort plaat en per vestigingseenheid beschikken. Deze beroepsplaat wordt gebruikt tijdens een maximumperiode van vijf, niet noodzakelijkerwijs opeenvolgende dagen per jaar en per voertuig ]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  HOOFDSTUK V. [1 Nationale plaat ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Afdeling 1. [1 Definitie ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 27.[1 De nationale plaat is verbonden aan een welbepaald voertuig met het oog om op het Belgische grondgebied gedurende een periode van twintig opeenvolgende kalenderdagen de onderstaande formaliteiten te vervullen :
   - de levering van dit voertuig;
   - het voorrijden van het voertuig met het oog op het verkrijgen van een individuele goedkeuring;
   - het voorrijden van het voertuig bij een instelling belast met de technische controle van de in het verkeer gebrachte voertuigen ]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Afdeling 2. [1 CategorieŽn waarvoor de nationale plaat kan worden aangevraagd ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 28.[1 De nationale plaat kan door elke natuurlijke of rechtspersoon worden aangevraagd ]1.
  ---------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

   Afdeling 3. [1 - Gebruiksvoorwaarden ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 29.[1 De nationale plaat mag slechts gedurende twintig opeenvolgende kalenderdagen worden gebruikt om op het Belgische grondgebied de formaliteiten bedoeld in artikel 27 uit te voeren]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

   Afdeling 4. [1 Geldigheidsduur ]1
  ----------
  [1 <Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 30.[1 De nationale plaat heeft een geldigheidsduur van twintig opeenvolgende kalenderdagen. Deze nationale plaat kan slechts eenmaal per jaar en per voertuig aan eenzelfde houder worden afgegeven ]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  HOOFDSTUK VI. [1 - Indienen van de aanvraag ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Afdeling 1. [1 - Gemeenschappelijke bepalingen voor de kentekenplaten proefrit, handelaar, beroep en nationaal ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 31.[1 De aanvraag om inschrijving proefrit, handelaar, beroep of nationaal moet worden ingegeven via elektronische verzending van gegevens naar de dienst "DIV" van het directoraat-generaal Wegverkeer en Verkeersveiligheid van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer, overeenkomstig de richtlijnen van de leidinggevende ambtenaar of diens gemachtigde.
   Deze aanvraag moet betrekking hebben op de soort plaat die overeenstemt met een van de categorieŽn die er kunnen van genieten en die bepaald zijn in de artikelen 5, 12, 20 en 28.
   De aanvrager vult het aanvraagformulier in overeenkomstig de richtlijnen van de leidinggevende ambtenaar of diens gemachtigde, dagtekent en ondertekent het. De aanvraag om inschrijving kan slechts worden ingeleid door de persoon, gebruiker van de elektronische toepassing, die heeft geleid tot voornoemde inschrijving, en van wie de identiteit en de hoedanigheid voor echt kan worden verklaard.
   De bescheiden, opgaven en inlichtingen waarvan de overlegging wordt gevraagd, maken integraal deel uit van de aanvraag en worden erbij]1
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 32.[1 Geen enkele aanvraag om inschrijving mag worden ingediend op naam van meerdere personen of op naam van een feitelijke vereniging ]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 3, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 33.[1 Het formulier voor de aanvraag om inschrijving wordt door de aanvrager gedagtekend en ondertekend; wanneer deze een andere dan een natuurlijke persoon is, moet de aanvraag door een gemachtigd persoon worden ondertekend ]1.
  ----------
  (1)<IKB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 34.[1 Het formulier voor de aanvraag om inschrijving bevat het attest van de verzekeraar. Dit attest draagt het zegel van de verzekeraar, dat moet overeenstemmen met het vooraf bij de Directie Inschrijvingen Voertuigen bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer gedeponeerde model, alsook de naam in drukletters en de handtekening van zijn gemachtigde.
   De verzekeraar mag zijn attest slechts op een formulier voor de aanvraag om inschrijving doen voorkomen als bewijs :
   - hetzij van het onderschrijven van een verzekeringscontract overeenkomstig de wettelijke bepalingen betreffende de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen voor verscheidene voertuigen, achtereenvolgens in het verkeer te brengen onder dekking van een "proefrittenplaat", een "handelaarsplaat", een "beroepsplaat" of een "nationale plaat";
   - hetzij van het aanbrengen van wijzigingen in het onderschreven verzekeringscontract. ]1
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Afdeling 2. [1 - Bepalingen eigen aan de inschrijving "handelaar" en de inschrijving "beroep" ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 35.[1 De aanvrager vermeldt op het formulier voor de aanvraag om inschrijving de volgende bijkomende inlichting :
   - hetzij de maximale cilinderinhoud, uitgedrukt in kubieke centimeter, van de voertuigen waarop een "handelaarsplaat" of een "beroepsplaat" zal worden aangebracht;
   - hetzij de maximale toegelaten massa, uitgedrukt in kilogram, van deze voertuigen ]1.
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Afdeling 3. [1 - Bepalingen eigen aan de inschrijving "beroep" ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 36.[1 Alvorens de beroepsplaat op een welbepaald voertuig aan te brengen, moet de houder het attest van voorlopige inschrijving voor dit voertuig op de website van de Directie Inschrijvingen Voertuigen van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer aanvragen. Hiertoe vult hij het onlineformulier dat beschikbaar is op de website van de Directie Inschrijvingen Voertuigen van de FOD Mobiliteit en Vervoer, volledig in. Het attest van voorlopige inschrijving, automatisch aangemaakt door het volledig ingevulde onlineformulier, moet zich in papierformaat of onder een leesbaar elektronisch formaat aan boord van het voertuig bevinden. ]1
  ----------
  (1)<KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  HOOFDSTUK VII. [1 Vernieuwing van de proefrittenplaten, handelaars- en beroepsplaten ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 37. [1 Tussen 1 oktober en de laatste dag van de maand februari van het jaar dat volgt op het verval van de geldigheid, moet de houder van een proefrittenplaat, een handelaarsplaat of een beroepsplaat aantonen dat hij nog steeds voldoet aan alle voorwaarden om deze proefrittenplaat, een handelaarsplaat of een beroepsplaat te behouden.
   Daartoe dient hij, met doorsturing van gegevens via elektronische weg, bij de "DIV" van het directoraat-generaal Wegvervoer en Verkeersveiligheid een aanvraag om vernieuwing van het zelfklevende vignet in, door middel van het onlineformulier bedoeld in artikel 31, ingevuld overeenkomstig de bepalingen van de artikelen 31 tot 35 van dit besluit.
   Indien de proefrittenplaat of de handelaarsplaat niet meer met de in voege zijnde modelplaat overeenstemt, moet de houder de schrapping van deze kentekenplaat uitvoeren om een nieuwe kentekenplaat conform met het ministerieel besluit van 23 juli 2001 betreffende de inschrijving van voertuigen aan te vragen]1.
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 38.[1 De vernieuwing gebeurt als de houder nog steeds voldoet aan alle in onderstaande artikelen bepaalde voorwaarden :
   - 6 en 7 voor wat betreft de proefrittenplaat;
   - 13 en 14 voor wat betreft de handelaarsplaat;
   - 21 en 22 voor wat betreft de beroepsplaat.
  In voorkomend geval kan de minister bevoegd voor het inschrijven van voertuigen of diens gemachtigde eisen dat de houder van de te vernieuwen inschrijving "proefritten", "handelaar" of "beroep" hem elke andere inlichting of elk ander document bezorgt waardoor hij zich ervan kan vergewissen dat er nog steeds voldaan wordt aan al de in dit besluit vastgelegde voorwaarden om deze inschrijving "proefritten", "handelaar" of "beroep" te behouden. Zijn aanvraag moet gemotiveerd zijn]1.
  ----------
  (1)<KB Ingevoegd bij2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

   HOOFDSTUK VIII. [1 - Afgifte van de proefrittenplaat, de handelaarsplaat en de beroepslaat, evenals van het bijbehorende inschrijvingsbewijs ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 39. [1 Wanneer alle voorwaarden om een proefrittenplaat, een handelaarsplaat of een beroepsplaat te verwerven of te behouden daadwerkelijk zijn vervuld, geeft de Directie Inschrijvingen Voertuigen bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer de bedoelde plaat en een inschrijvingsbewijs met vermelding van de nieuwe uiterste geldigheidsdatum af, evenals een zelfklevend vignet met vermelding van het nieuwe jaartal.
   Dit zelfklevende vignet moet op de specifiek daartoe bestemde plaats op de plaat worden aangebracht. Het op het zelfklevende vignet vermelde jaartal bepaalt het jaar waarop de geldigheid van de inschrijving vervalt. De voor 1 oktober afgegeven vignetten dragen als jaartal dat van het lopende kalenderjaar; de vignetten die vanaf 1 oktober worden afgegeven, dragen het jaartal van het daaropvolgende kalenderjaar.
   Het inschrijvingsbewijs vermeldt de uiterste geldigheidsdatum, namelijk "31/12/", gevolgd door het jaartal van het zelfklevende vignet]1.
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  HOOFDSTUK IX. [1 Afgifte van de nationale plaat en van het bijbehorende voorlopige inschrijvingsbewijs ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 7, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 40.[1 Wanneer alle voorwaarden om een nationale plaat te verwerven daadwerkelijk zijn vervuld, geeft de Directie Inschrijvingen Voertuigen bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer de nationale platen (de officiele kentekenplaat en de reproductie ervan) en het voorlopige inschrijvingsbewijs met vermelding van de nieuwe uiterste geldigheidsdatum, evenals de zelfklevende vignetten met vermelding van de termijn van twintig kalenderdagen bedoeld in artikel 30 van dit besluit, af.
   Dit zelfklevende vignet moet op de specifiek daartoe bestemde plaats op de plaat worden aangebracht.
   De afgifte van de nationale plaat wordt geheven ten laste van de aanvrager wat betreft de vergoeding zoals bedoeld in artikel 1, 3į van het koninklijk besluit van 6 november 2010 betreffende de vaststelling van de vergoedingen verbonden aan de inschrijving van voertuigen]1.
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 8, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

   HOOFDSTUK X. [1 Bepalingen betreffende de wijziging van de vermeldingen met betrekking tot de houder van het inschrijvingsbewijs]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 41.[1 Elk feit dat een wijziging van de vermeldingen betreffende de houder van een inschrijvingsbewijs "proefritten", van een inschrijvingsbewijs "handelaar" of van een inschrijvingsbewijs "beroep" vereist, moet binnen vijftien dagen ter kennis van de Directie Inschrijvingen Voertuigen bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer worden gebracht met het formulier bedoeld in artikel 31, en ingevuld overeenkomstig de bepalingen van de artikelen 32 tot 35 van dit besluit.
   De houder voegt bij dit formulier het inschrijvingsbewijs dat in zijn bezit is en stuurt het geheel met een ter post aangetekende zending naar de Directie Inschrijvingen Voertuigen bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer.
   De Directie Inschrijvingen Voertuigen bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer geeft daarop een nieuw inschrijvingsbewijs voor de "proefrittenplaat", "handelaarsplaat" of "beroepsplaat" af.
   Deze bepaling is niet van toepassing voor wat betreft de adreswijzigingen van de houder ]1.
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 10, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  HOOFDSTUK XI.[1 Bepalingen met betrekking tot de schrapping, de inbeslagname en het terugsturen van proefrittenplaten, handelaarsplaten, beroepsplaten en nationale platen ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 42.[1 De houder van een proefrittenplaat, een handelaarsplaat of een beroepsplaat moet deze laten schrappen bij de Directie Inschrijvingen Voertuigen bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer op de onderstaande manier :
   - binnen vijftien dagen die volgen op de stopzetting van de uitoefening van het beroep of de activiteit op grond waarvan hij de plaat verwierf, zelfs als de geldigheid van de inschrijving "proefritten", "handelaar" of "beroep" nog steeds loopt;
   - zodra hij niet langer is verzekerd conform de wettelijke bepalingen betreffende de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen, zelfs als de geldigheid van de inschrijving "proefritten", "handelaar" of "beroep" nog steeds loopt;
   - ten laatste op 15 maart volgend op het verval van de geldigheid van de "proefrittenplaat", de "handelaarsplaat" of de "beroepsplaat", als hij de formaliteiten bedoeld in artikel 38 niet wenst te vervullen; als de houder de schrapping niet binnen de vastgelegde termijn liet uitvoeren, zal de Directie Inschrijvingen Voertuigen bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer overgaan tot ambtshalve schrapping ]1.
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 43.[1 Een proefrittenplaat, een handelaarsplaat, een beroepsplaat, of een nationale plaat die in beslag is genomen wegens onrechtmatige inschrijving of onrechtmatig gebruik van een van de in dit besluit bedoelde platen, wordt onmiddellijk aan de Directie Inschrijvingen Voertuigen bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer teruggegeven ]1.
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 44.[1 De houder die het voorwerp uitmaakte van een inbeslagname van een van de in dit besluit bedoelde platen, zal geen aanvraag om inschrijving voor hetzelfde soort plaat als die welke het voorwerp uitmaakte van de inbeslagname kunnen indienen, en dit gedurende een periode van een jaar te rekenen vanaf de vaststelling van de onrechtmatigheden.
   De weigering van de aanvraag om inschrijving wordt hem per aangetekende zending betekend.
   Binnen dertig dagen na de kennisgeving van de weigering kan de betrokkene met een aangetekende zending bezwaar aantekenen bij het directoraat-generaal Mobiliteit en Verkeersveiligheid van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer, City Atrium, Vooruitgangstraat 56, 1210 Brussel.
   Het voormelde directoraat-generaal moet de betrokkene horen, als deze daar in zijn bezwaarbrief om verzoekt.
   De minister of diens gemachtigde doet uitspraak binnen dertig dagen na de verzending van de brief waarin beroep werd aangetekend, of in voorkomend geval, binnen dertig dagen na het horen van de betrokkene.
   Het beroep heeft geen schorsende kracht ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 45.[1 Al wie in het bezit komt van een kentekenplaat of van een inschrijvingsbewijs "proefritten", "handelaar", "beroep" of "nationaal" waarvan hij de houder niet is, moet deze plaat of dit bewijs onmiddellijk aan de dichtstbijzijnde politieoverheid bezorgen voor de teruggave ervan aan de Directie Inschrijvingen Voertuigen bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer ]1.
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  HOOFDSTUK XII. [1 - Vertoning van het inschrijvingsbewijs en van het attest van voorlopige inschrijving ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 8, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 46.[1 De inschrijvingsbewijzen van de proefrittenplaat, de handelaarsplaat, de beroepsplaat en de nationale plaat, evenals het attest van voorlopige inschrijving van de beroepsplaat en de documenten vermeld in de bijlagen 1 tot 3 van dit besluit moeten worden vertoond op elke vordering van een ambtenaar of beambte bevoegd om toezicht uit te oefenen op de naleving van de wet betreffende de politie over het wegverkeer en de ter uitvoering daarvan genomen reglementen.]1.
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  HOOFDSTUK XIII. [1 Verbod op het rondrijden met voertuigen met een kantekenplaat waarvan de geldigheid is vervallen ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 10, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 47. [1 Het is verboden om rond te rijden met proefrittenplaten, handelaarsplaten, beroepsplaten of nationale platen waarvan de geldigheid is vervallen.
   Ook al kan de vernieuwing van proefrittenplaten, handelaarsplaten en beroepsplaten worden aangevraagd tot de laatste dag van de maand februari van het jaar dat volgt op het verval van de geldigheid, is het niettemin verboden om op de openbare weg rond te rijden met een voertuig met een van deze platen waarvan de geldigheid is vervallen ]1.
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

   HOOFDSTUK XIV. [1 - Delegaties van bevoegdheden ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. 48.[1 De letterreeksen voorbehouden voor de proefrittenplaat, de handelaarsplaat, de beroepsplaat de nationale plaat, alsook de modellen van voornoemde platen, van de bijbehorende inschrijvingsbewijzen en van de zelfklevende vignetten worden door de minister bevoegd voor het inschrijven van voertuigen vastgestel]1.
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 13, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  BIJLAGEN.

  Art. N1. [1 (Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 15-05-2020, p. 34133) ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 3, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. N2. [1 (Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 15-05-2020, p. 34133) ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 4, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. N3. [1 (Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 15-05-2020, p. 34133) ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 5, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>

  Art. N4. [1 (Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B{/art}.St. van 15-05-2020, p. 34133) ]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2019-12-15/18, art. 6, 009; Inwerkingtreding : 01-10-2020>
  

Handtekening Tekst Inhoudstafel Begin
   Gegeven te Brussel, 8 januari 1996.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van FinanciŽn,
Ph. MAYSTADT
De Minister van Sociale Zaken,
Mevr. M. DE GALAN
De Minister van Vervoer,
M. DAERDEN

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   ALBERT II, Koning der Belgen,
   Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
   Gelet op de wet betreffende de politie over het wegverkeer, gecoŲrdineerd op 16 maart 1968, inzonderheid op artikel 1 gewijzigd door de wetten van 21 juni 1985 en 20 juli 1991;
   Gelet op het koninklijk besluit van 31 december 1953 houdende reglementering van de inschrijving van de motorvoertuigen en de aanhangwagens, laatst gewijzigd door het koninklijk besluit van 7 april 1995;
   Gelet op het gunstig advies van de Inspecteur van FinanciŽn, gegeven op 29 maart 1995;
   Gelet op het akkoord van Onze Minister van Begroting, gegeven op 19 april 1995;
   Overwegende dat de Gewestregeringen zijn betrokken bij het ontwerpen van dit besluit;
   Gelet op het advies van de Raad van State;
   Op de voordracht van Onze Minister van FinanciŽn, Onze Minister van Sociale Zaken en Onze Minister van Vervoer,
   Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Wijziging(en) Tekst Inhoudstafel Begin
originele versie
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 15-12-2019 GEPUBL. OP 15-05-2020
    (GEWIJZIGDE ART. : OPSCHRIFT; 1-36; N1; N2; N3; N4)
  • originele versie
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 28-09-2016 GEPUBL. OP 06-10-2016
    (GEWIJZIGDE ART. : 10; 17)
  • originele versie
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 28-09-2010 GEPUBL. OP 01-10-2010
    (GEWIJZIGDE ART. : 23; 24; 25; 26; 27; 28; 29; 34)
  • originele versie
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 28-09-2008 GEPUBL. OP 17-10-2008
    (GEWIJZIGDE ART. : 4; 7; 9; 10; 13; 16; 17; 18; 19; 20)
    (GEWIJZIGDE ART. : 21; 22; 23; 24; 32; 34)
  • originele versie
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 21-12-2006 GEPUBL. OP 29-12-2006
    (GEWIJZIGDE ART. : 28; 29)
  • originele versie
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 18-03-2003 GEPUBL. OP 18-04-2003
    (GEWIJZIGDE ART. : 4; 7; 9; 10; 13; 16; 17; 18; 19; 20)
    (GEWIJZIGDE ART. : 21; 22; 23; 24; 32; 34)
  • originele versie
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 20-07-2001 GEPUBL. OP 08-08-2001
    (GEWIJZIGDE ART. : 1; 2; 3; 4; 7; 8; 9; 10; 13; 14; 16; 17)
    (GEWIJZIGDE ART. : 18; 19; 20; 21; 22; 23; 24; 32; 34)
    (GEWIJZIGDE ART. : 28; 29)
  • originele versie
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 20-07-2000 GEPUBL. OP 30-08-2000
    (GEWIJZIGDE ART. : 28; 29)

  • Verslag aan de Koning Tekst Inhoudstafel Begin
       VERSLAG AAN DE KONING.
       Sire,
       1. Voor het ogenblik zijn de regels voor de inschrijving van de commerciŽle platen voor motorvoertuigen en aanhangwagens integraal opgenomen in de algemene reglementering van de inschrijving van de voertuigen.
       2. In het kader van haar strijd tegen de autocriminaliteit heeft de Federale Regering het nodig geacht de wijze van afgifte van commerciŽle platen ten gronde te herzien en daarbij de geldigheid van deze platen in tijd te beperken.
       3. Aldus zal het verkrijgen van een commerciŽle plaat afhankelijk worden gesteld van de tegenoverlegging door de aanvrager van een inschrijving in het rijksregister, van een bewijs van identificatie bij de BTW. en van een vestigingsgetuigschrift (toegang tot het beroep).
       De afgegeven commerciŽle plaat zal slechts ťťn jaar geldig zijn; haar houder zal elk jaar evenwel de verlenging ervan kunnen aanvragen voor zover hij het bewijs levert dat hij nog steeds voldoet aan de voorwaarden op basis waarvan de betrokken commerciŽle plaat hem werd toegekend.
       4. De commerciŽle platen die thans in omloop zijn, zullen bij wijze van overgangsmaatregel tot 31 december 1996 geldig blijven teneinde hun houders de nodige tijd te geven om de vereiste formaliteiten te vervullen om platen overeenkomstig de nieuwe reglementering te verkrijgen.
       5. Aangezien deze nieuwe regeling eigen aan de commerciŽle platen gevoelig afwijkt van de algemene reglementering van de inschrijving van de voertuigen, heeft de Regering gekozen voor een zelfstandige tekst t.o.v. het koninklijk besluit van 31 december 1953 houdende reglementering van de inschrijving van de motorvoertuigen en de aanhangwagens.
       Dit biedt het voordeel om, naast voornoemde tekst die betrekking heeft op de inschrijving van de voertuigen in het algemeen, te beschikken over een specifieke regeling voor platen die slechts door professionelen uit de autohandel mogen gebruikt worden. Hieruit vloeit een juridische duidelijkheid voort die men niet zou hebben met een globale tekst voor beide regelingen.
       Er werd dan ook geen rekening gehouden met de eerste algemene opmerking van de Raad van State in zijn advies nr. L.24.477/9.
       6. In verband met het opschrift, de aanhef en het bepalend gedeelte van het ontwerp van besluit werd er rekening gehouden met het advies van de Raad van State, behalve voor wat de volgende opmerkingen betreft :
       a) het gebruik in de Nederlandse tekst van het woord "handelsplaten" in de plaats van de woorden "commerciŽle platen".
       De woorden "commerciŽle platen" ("plaques commerciales" in het Frans) moeten behouden blijven daar zij twee verschillende categorieŽn van platen dekken, respectievelijk "proefrittenplaat" ("plaque essai" in het Frans) en "handelaarsplaat" ("plaque marchand" in het Frans) genaamd.
       Het gebruik van het woord "handelsplaten" voor de aanduiding van de commerciŽle platen in het algemeen zou dan ook tot verwarring kunnen leiden met de categorie van de zogenaamde "handelaarsplaat";
       b) het gebruik in de Nederlandse tekst van het woord "motor" in de plaats van het woord "moto" voor de aanduiding van de subcategorieŽn van commerciŽle platen voorbehouden voor motorfietsen.
       Hoewel het woord "motor" taalkundig te verkiezen is boven het woord "moto" werd dit laatste in de tekst behouden omdat het gebruiksvriendelijker is in het kader van de afgifte van commerciŽle platen, hoofdzakelijk op het vlak van de informatica.
       Om dezelfde redenen werd er geen gebruik gemaakt van het woord "motorfiets" ("motocyclette" in het Frans) dat dit type van voertuig aanduidt in de verkeersreglementering alsook in het algemeen reglement op de technische eisen waaraan onder meer de motorfietsen moeten voldoen.
       7. Er moet tenslotte worden gepreciseerd dat de commerciŽle inschrijvingen op basis van dit ontwerp van besluit niet voldoen aan de voorwaarden waaraan de motorvoertuigen en de aanhangwagens moeten beantwoorden om tot het internationale verkeer te worden toegelaten.
       Deze voorwaarden zijn opgenomen in artikel 35 van het Verdrag inzake het wegverkeer, en Bijlagen, opgemaakt te Wenen op 8 november 1968, zoals het samen met andere Internationale Akten werd goedgekeurd door de wet van 30 september 1988.
       Dit is trouwens de reden waarom het ontwerp van besluit in de versie die voor advies aan de Raad van State werd voorgelegd, voorzag in een artikel 3 dat als volgt luidde :
       "Art. 3 - Het in het internationale verkeer brengen van een motorvoertuig of van een aanhangwagen onder dekking van een commerciŽle plaat is verboden, behalve op het grondgebied van de Staten die onderling bij wege van een verdrag of van een bilaterale of multilaterale overeenkomst een andere regeling hebben vastgesteld.".
       Aangezien de Raad van State in zijn advies stelt dat deze bepaling moest vervallen omdat de Koning niet bevoegd is om de gevallen te bepalen waarin een voertuig in het internationale verkeer mag worden gebracht, werd bedoeld artikel dan ook uit de tekst geschrapt.
       Dit schaft evenwel het algemeen verbod op het in het internationaal verkeer brengen van voertuigen onder commerciŽle plaat niet af.
       Ziehier het onderwerp van het ontwerp van besluit dat Uwe Majesteit ter ondertekening wordt voorgelegd.
       Wij hebben de eer te zijn,
       Sire,
       van Uwe Majesteit,
       de zeer eerbiedige
       en zeer getrouwe dienaars,
       De Minister van FinanciŽn,
       Ph. MAYSTADT
       De Minister van Sociale Zaken,
       Mevr. M. DE GALAN
       De Minister van Vervoer,
       M. DAERDEN
       ADVIES VAN DE RAAD VAN STATE
       De RAAD VAN STATE, afdeling wetgeving, negende kamer, op 5 mei 1995 door de Vice-Eerste Minister en Minister van Verkeerswezen en Overheidsbedrijven verzocht hem van advies te dienen over een ontwerp van koninklijk besluit "houdende reglementering van de inschrijving van de commerciŽle platen voor motorvoertuigen en aanhangwagens", heeft op 29 mei 1995 het volgend advies gegeven :
       Rekening houdend met het tijdstip waarop dit advies gegeven wordt, vestigt de Raad van State de aandacht van de Regering op het feit dat de ontstentenis van de controle die het Parlement krachtens de Grondwet moet kunnen uitoefenen, tot gevolg heeft dat de Regering niet over de volheid van haar bevoegdheid beschikt. Dit advies wordt evenwel gegeven zonder dat wordt nagegaan of dit ontwerp in die beperkte bevoegdheid kan worden ingepast, aangezien de afdeling wetgeving geen kennis heeft van het geheel van de feitelijke gegevens welke de Regering in aanmerking kan nemen als zij te oordelen heeft of het vaststellen of wijzigen van een verordening noodzakelijk is.
       ALGEMENE OPMERKINGEN
       1. Het ontworpen besluit dient zich, ten opzichte van het koninklijk besluit van 31 december 1953 houdende reglementering van de inschrijving van de motorvoertuigen en de aanhangwagens, aan als een zelfstandige tekst. Het zou echter verkieslijk zijn laatstgenoemd besluit te herzien, waarbij de bepalingen van het onderhavige besluit er worden ingevoegd. Verscheidene bepalingen van het koninklijk besluit van 31 december 1953 zijn immers erop van toepassing, zodat door de samenvoeging van de beide besluiten onnodige herhalingen kunnen worden voorkomen.
       Onder voorbehoud van deze opmerking wordt het onderhavige ontwerp onderzocht.
       2. Volgens de uitleg verstrekt door de gemachtigde van de minister is thans een voorontwerp van wet "betreffende de verstrekking en het gebruik van de gegevens uit het repertorium van de motorvoertuigen en aanhangwagens en uit het repertorium van de commerciŽle platen" om advies voorgelegd aan de commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer. Derhalve zal geen opmerking worden gemaakt omtrent de noodzaak om de doeleinden te bepalen waarvoor persoonsgegevens uit het "repertorium van de commerciŽle platen" kunnen worden verwerkt.
       ONDERZOEK VAN DE TEKST
       Opschrift.
       Het opschrift moet als volgt luiden : "... tot regeling van de inschrijving van handelsplaten voor motorvoertuigen en aanhangwagens".
       Aanhef.
       Welke oplossing ook zal worden gekozen - een zelfstandig besluit of een besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 31 december 1953 -, hoe dan ook moet in de aanhef van het voorgenomen besluit worden verwezen naar het besluit van 31 december 1953.
       Zo ook moet worden verwezen naar het advies van de inspecteur van financiŽn, met vermelding van de datum ervan, te weten 29 maart 1995.
       Bepalend gedeelte.
       * Artikel 2.
       Uit de tekst moet blijken dat deze bepaling een afwijking vormt van artikel 3, ß 1, van het voornoemde koninklijk besluit van 31 december 1953.
       * Artikel 3.
       Het staat niet aan de Koning om de gevallen te bepalen waarin een voertuig in het internationale verkeer mag worden gebracht. Dit artikel moet bijgevolg vervallen.
       De nummering van de erop volgende artikelen moet worden aangepast, alsook de verwijzingen naar die artikelen in de tekst.
       * Artikel 5.
       1. In 5.1.2, 5.1.4, 5.2.2 en 5.2.4 zijn de woorden "aan een andere persoon" overbodig.
       2. In 5.4 schrijve men :
       "..4. De onderzoekscentra van instellingen voor hoger onderwijs georganiseerd, erkend of gesubsidieerd door de overheid, die na het bewijs te hebben geleverd dat zij zich inzonderheid bezighouden met de techniek ... (voorts zoals in het ontwerp) :".
       * Artikel 8.
       Deze bepaling is onnodig vanwege de huidige artikelen 5 en 7 van het ontwerp, zodat zij behoort te vervallen.
       * Artikel 9.
       1. In het eerste lid van 9.1 schrijve men :
       "..1. Tussen 1 oktober en 31 december van ieder jaar toont de houder van een inschrijving "proefritten" aan dat ... " .
       Dezelfde opmerking geldt voor 15.1.
       2. Met het oog op de rechtszekerheid behoort in 9.5 te worden bepaald dat het gaat om de voorwaarden vastgelegd in het ontwerp zelf.
       Deze opmerking geldt eveneens voor 15.4.
       * Artikel 14.
       Als gevolg van het bepaalde in 13.3 is 14.3 overbodig.
       * Artikel 32.
       Deze bepaling moet vervallen. Het is immers de wet zelf die de strafbare feiten omschrijft en die de toepasselijke straffen voorschrijft, te weten die welke worden gesteld in artikel 29 van de wet betreffende de politie over het wegverkeer, gecoŲrdineerd op 16 maart 1968.
       * Artikel 33.
       Punt 33.1.4 moet vervallen : het behoud van artikel 28bis van het koninklijk besluit van 10 oktober 1991 wordt immers gewettigd door het vervallen van 34.1, zoals hierna wordt voorgesteld.
       * Artikel 34.
       Het bepaalde in 34.1 moet vervallen; het is immers eenvoudiger artikel 28bis van het koninklijk besluit van 31 december 1953 te behouden.
       SLOTOPMERKINGEN
       1. De "Directie voor de inschrijving van de voertuigen" is niets meer dan de interne administratieve benaming van een dienst binnen een bestuur, zodat het wellicht nuttig is de woorden "bij het Ministerie van Verkeer en Infrastructuur" eraan toe te voegen.
       2. In het dispositief en in de uitvoeringsbepaling zou het beter zijn "de minister bevoegd voor het inschrijven van voertuigen" te schrijven in plaats van "de Minister van Verkeerswezen".
       3. Het gebruik van haakjes moet worden geweerd : zij kunnen vervangen worden door de geschikte leestekens. Zo ook moet het voortdurend gebruik van het woord "punt" voor de nummers van de artikelen worden vermeden.
       4. Om een verplichting weer te geven verdient het aanbeveling de onvoltooid tegenwoordige tijd te gebruiken in plaats van het werkwoord "moeten".
       5. De redactie van de Nederlandse tekst van het ontwerp is voor verbetering vatbaar. Zo bijvoorbeeld schrijve men in de hele tekst van het ontwerp "handelsplaten" in plaats van "commerciŽle platen", "motor" in plaats van "moto", "verkrijgen" in plaats van "bekomen", "binnen ... dagen" in plaats van "binnen de ... dagen" en "tegenoverlegging van" in plaats van "op voorlegging ervan". In artikel 2 vervange men de woorden "als dusdanig" en "op vraag hetzij van" respectievelijk door de woorden "als zodanig" en "op verzoek van hetzij". In artikel 9.5 schrijve men "In voorkomend geval". In de artikelen 10 en 16 schrijve men "daartoe bestemde plaats" in plaats van "daartoe voorziene plaats". In de laatste volzin van de artikelen 17, 18 en 19 schrijve men "De plaat wordt bij ter post aangetekende zending teruggezonden". In artikel 18 schrijve men "zodra" in plaats van "van zodra". In artikel 19 schrijve men "uiterlijk" in plaats van "ten laatste". In artikel 25.2 schrijve men "De reproduktie wordt op dezelfde wijze bevestigd als de nummer plaat". In artikel 26 schrijve men "onverschillig welke" in plaats van "eender welke". In artikel 33.1 schrijve men "In het koninklijk besluit ... aanhangwagens worden opgeheven :". In artikel 33.2 schrijve men "... 1990, vervallen de woorden '... handelaarsplaat'"
       De kamer was samengesteld uit :
       De heren Andersen, kamervoorzitter; C. Wettinck en P. Lienardy, Staatsraden.
       De heren P. Gothot en J. van Compernolle, assessoren van de afdeling wetgeving,
       Mevr. M. Proost, griffier.
       De overeenstemming tussen de Franse en de Nederlandse tekst werd nagezien onder toezicht van de H. R. ANDERSEN.
       Het verslag werd uitgebracht door de H. J.-L. PAQUET, auditeur. De nota van het CoŲrdinatiebureau werd opgesteld en toegelicht door de H. R. QUINTIN, adjunct-referendaris.

    Begin Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
    Verslag aan de Koning Inhoudstafel 18 uitvoeringbesluiten 8 gearchiveerde versies
    Franstalige versie