J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
Parlementaire werkzaamheden Inhoudstafel 38 uitvoeringbesluiten 5 gearchiveerde versies
Handtekening Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/ordonnantie/1994/09/08/1994031501/justel

Titel
8 SEPTEMBER 1994. - Ordonnantie houdende oprichting van de Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 14-08-1998 en tekstbijwerking tot 02-02-2018)

Bron : BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST
Publicatie : 06-12-1994 nummer :   1994031501 bladzijde : 30280
Dossiernummer : 1994-09-08/47
Inwerkingtreding : 16-12-1994

Deze tekst wijzigt de volgende tekst :1988027747       

Inhoudstafel Tekst Begin
Art. 1-12, 12bis, 13-14, 14bis, 15

Tekst Inhoudstafel Begin
Artikel 1. Deze ordonnantie regelt een aangelegenheid bedoeld in artikel 39 van de Grondwet.

  Art. 2. Er wordt onder de benaming " Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest " een openbare instelling opgericht met rechtspersoonlijkheid, hierna " de Raad " te noemen.

  Art. 3. § 1. De Raad is samengesteld uit :
  (a) vijftien leden voorgedragen door de representatieve organisaties van de werkgevers, van de middenstand en van de socialprofitsector van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
  Zeven van die leden worden voorgedragen door de representatieve organisaties van de werkgevers, zes van die leden worden voorgedragen door de representatieve organisaties van de middenstand en twee van die leden worden voorgedragen door de socialprofitsector van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.) <ORD 2005-12-08/45, art. 2, 005; Inwerkingtreding : 02-01-2006>
  b) vijftien leden voorgedragen door de representatieve organisaties van de werknemers van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
  § 2. (Zij oefenen hun beroepsactiviteit uit in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
  Ten minste drie vierde van de leden van de Raad is woonachtig op het grondgebied van Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
  Zij moeten daarenboven hun burgerlijke en politieke rechten genieten en mogen de leeftijd van 65 niet bereikt hebben de dag van hun benoeming.
  Zij worden door de Brusselse Hoofdstedelijk Regering benoemd op dubbele lijsten, voorgedragen door bovengenoemde representatieve organisaties. Die organisaties beschikken over een termijn van een maand om de nieuwe leden bij de Regering voor te dragen. Die termijn vangt aan de dag van publicatie in het Belgisch Staatsblad van het besluit tot aanwijzing van de representatieve organisaties.
  De organisaties die in aanmerking komen om vertegenwoordigt te worden en het aantal leden dat aan elke organisatie wordt toegekend, worden door de Regering bepaald na het zoeken van een consensus tussen het geheel van de representatieve organisaties van de werknemers enerzijds en de representatieve organisaties van de werkgevers, van de middenstand en van de socialprofitsector anderzijds.
  Bovengenoemde organisaties beschikken over een termijn van drie maanden om tot een consensus te komen.
  Die termijn vangt aan de dag van de bekendmaking van de oproep tot kandidaatstelling in het Belgisch Staatsblad.
  Representatief voor de middenstand zijn :
  1° de middenstandsorganisaties erkend overeenkomstig de gecoördineerde wetten van 28 mei 1979 betreffende de organisatie van de middenstand en van hun uitvoeringsbesluiten, en die beschikken over ten minste een zetel in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;
  2° de andere gewestelijke interprofessionele organisaties die bijzonder representatief zijn voor de Brusselse middenstand en die hun maatschappelijke zetel in Brussel hebben en minstens 5 jaar lang diensten organiseren om hun leden bij te staan in de uitoefening van hun activiteiten en minstens 1 000 rechtstreeks aangesloten leden tellen die jaarlijks een minimumbijdrage van 50 euro betalen, hun beroepsactiviteit in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest uitoefenen en behoren tot de kleine ondernemingen en de middenstand.
  Zij tonen aan dat zij daadwerkelijk deelnemen aan de vertegenwoordiging en verdediging van de zelfstandigen en kleine ondernemingen.
  Een organisatie mag slechts een enkele kandidatuur indienen voor de erkenning als organisatie die representatief is van de middenstand, ofwel als organisatie erkend krachtens de gecoördineerde wetten van 28 mei 1979 betreffende de organisatie van de middenstand, ofwel als gewestelijke interprofessionele organisatie die in het bijzonder representatief is voor de Brusselse zelfstandigen en kleine ondernemingen.
  Bij een fusie van middenstandsorganisaties, mag enkel de organisatie die het resultaat is van de fusie een kandidatuur indienen, behalve indien elk van de gefuseerde organisaties beslist om afzonderlijk haar eigen kandidatuur in te dienen en in de mogelijkheid verkeert om onderscheiden ledenlijsten te leveren, overeenkomstig de criteria van 1° en 2° van dit artikel.) <ORD 2005-12-08/45, art. 2, 005; Inwerkingtreding : 02-01-2006>
  § 3. Het mandaat van de leden van de Raad duurt vier jaar en is hernieuwbaar.
  § 4. De functie van lid van de Raad is onverenigbaar met de uitoefening van enig politiek mandaat, met uitzondering van de mandaten van gemeenteraadslid of van lid van de Raad voor maatschappelijk welzijn.
  De functie van lid van de Raad is eveneens onverenigbaar met de functie van lid van de Gewestelijke Economische Raad voor Vlaanderen of van de Economische en Sociale Raad van het Waalse Gewest.
  § 5. Overeenkomstig de bij § 2 bepaalde procedure benoemt de Brusselse Hoofdstedelijke Regering dertig plaatsvervangers.
  § 6. Voor het onderzoek van bijzondere vraagstukken inzonderheid de sociale economie kan de Raad een beroep doen op deskundigen en permanente of tijdelijke werkgroepen, onder de voorwaarden bepaald in het huishoudelijk reglement.

  Art. 4. § 1. De Raad verkiest in zijn midden één voorzitter en één ondervoorzitter, respectievelijk en beurtelings gekozen onder de leden bedoeld in artikel 3, § 1.
  De voorzitter en de ondervoorzitter worden voor twee jaar verkozen.
  De Raad wordt op hun initiatief bijeengeroepen.
  § 2. De voorzitter en de ondervoorzitter behoren tot een verschillende taalrol.
  § 3. (opgeheven) <ORD 2005-12-08/45, art. 5, 005; Inwerkingtreding : 02-01-2006>
  § 4. De Raad kiest uit zijn midden een Bureau van zes leden waarvan de Voorzitter en de Ondervoorzitter van de Raad evenals de Voorzitter van de Kamer van de Middenstand van rechtswege lid zijn. De Voorzitter van de Raad neemt het voorzitterschap van het Bureau waar.

  Art. 5. § 1. De Raad heeft twee onderscheiden bevoegdheden :
  1° een bevoegdheid inzake studie, advies en aanbeveling en
  2° een bevoegdheid inzake overleg.
  § 2. De Raad legt aan de Regering een jaarlijks verslag voor over zijn werkzaamheden, zoals bepaald in artikelen 6 en 7, alsook over de vooruitzichten in de materies die tot zijn bevoegdheden behoren. Dit jaarlijks verslag wordt bekendgemaakt en toegezonden aan de Brusselse Hoofdstedelijke Raad. In het Belgisch Staatsblad wordt melding gemaakt van deze bekendmaking.

  Art. 6.§ 1. De studies, adviezen en aanbevelingen van de Raad worden aan de Brusselse Hoofdstedelijke Regering toegezonden, hetzij uit eigen beweging, hetzij op verzoek van de Regering. Het gaat hier om aangelegenheden :
  1° die onder de bevoegdheden van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest vallen en een weerslag hebben op het economisch en sociaal leven;
  2° die tot de bevoegdheid van de Staat behoren en waarvoor voorzien is in een samenwerkings-, overleg- of adviesprocedure met het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
  § 2. De Brusselse Hoofdstedelijke Regering wint het advies van de Raad in over de voorontwerpen van ordonnantie met betrekking tot de in § 1 bedoelde materies (...). <ORD 2004-02-19/44, art. 125, 003; Inwerkingtreding : 08-04-2004>
  [1 In het kader van haar bevoegdheid van toezichthouder op de waterprijs, vraagt Brugel het advies van de Raad over de opstelling van de tariefmethodologie alsook wanneer zij moet beslissen over de tariefvoorstellen ingediend door de wateroperatoren in overeenstemming met de ordonnantie van 20 oktober 2006 tot opstelling van een kader voor het waterbeleid.]1
  De adviezen worden verstrekt een maand te rekenen vanaf de aanvraag. In geval van spoed, die met redenen wordt omkleed, kan de Regering de termijn inkorten zonder dat hij minder dan vijf werkdagen mag bedragen. Indien dit advies niet binnen de gestelde termijn is verstrekt, wordt eraan voorbijgegaan.
  § 3. De adviezen en voorstellen van de Raad worden geformuleerd in de vorm van verslagen waarin de verschillende standpunten worden vermeld die in zijn midden zijn uiteengezet.
  Deze worden aan de Brusselse Hoofdstedelijke Raad meegedeeld.
  ----------
  (1)<ORD 2017-12-15/25, art. 25, 006; Inwerkingtreding : 12-02-2018>

  Art. 7. Onverminderd de bevoegdheden van de Gewestelijke Ontwikkelingscommissie zoals bedoeld in de artikelen 9 en 10 van de ordonnantie van 29 augustus 1991 houdende organisatie van de planning en de stedebouw, organiseert de Raad het overleg tussen de sociale gesprekspartners en de Brusselse Hoofdstedelijke Regering over alle aangelegenheden die betrekking hebben op de gewestelijke ontwikkeling en planning.
  Dit overleg dient als voorbereiding voor de uitstippeling door de Regering van een actieprogramma op economisch en sociaal vlak, evenals van de ontwerpen van ordonnantie en van besluit met betrekking tot dit programma.
  Daarenboven bevat het overleg ook een kritische analyse van het overheidsinstrumentarium voor economische en sociale actie.

  Art. 8. <ORD 2005-12-08/45, art. 3, 005; Inwerkingtreding : 02-01-2006> Na het advies van de Raad te hebben gevraagd, bepaalt de Regering het organiek kader evenals het administratief en geldelijk statuut van het personeel.

  Art. 9. § 1. De Raad stelt een organiek reglement op dat verplicht moet voorzien in :
  1° de samenstelling, de opdrachten en de werkwijze van het bureau;
  2° de oprichting van commissies, alsook hun taak en activiteitsgebied;
  3° de organisatie van het secretariaat van de Raad;
  4° de oproepingsmodaliteiten en de wijze van beraadslagen;
  5° de bekendmaking van zijn besluiten;
  6° de periodiciteit van zijn vergaderingen;
  7° (opgeheven) <ORD 2005-12-08/45, art. 5, 005; Inwerkingtreding : 02-01-2006>
  8° (opgeheven) <ORD 2005-12-08/45, art. 5, 005; Inwerkingtreding : 02-01-2006>
  9° het secretariaat van het overleg tussen de Regering en de sociale gesprekspartners.
  § 2. Het in § 1 bedoelde organiek reglement en de wijzigingen eraan worden onderworpen aan de goedkeuring van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering.

  Art. 10. (opgeheven) <ORD 2005-12-08/45, art. 5, 005; Inwerkingtreding : 02-01-2006>

  Art. 11. <ORD 2005-12-08/45, art. 4, 005; Inwerkingtreding : 02-01-2006> § 1. De Raad omvat een Kamer voor de Middenstand.
  De Kamer voor de Middenstand bestaat uit twaalf leden, waaronder :
  - de zes vertegenwoordigers van de organisaties die representatief zijn voor de middenstand en zitting hebben in de Raad, enerzijds;
  - zes leden aangewezen door de Regering op voordracht van de vertegenwoordigers van de middenstand in de Raad, anderzijds.
  § 3. De Kamer voor de Middenstand mag worden geraadpleegd door de Brusselse Hoofdstedelijk Regering of door een van haar leden voor elke adviesaanvraag betreffende algemene problemen over de middenstand in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
  In dat geval, worden de adviezen van de Kamer voor de Middenstand rechtstreeks bezorgd aan de aanvrager.
  De Kamer voor de Middenstand mag eveneens op eigen initiatief adviezen verstrekken of voorstellen doen ter attentie van de Regering of een van haar leden.
  In dat geval, worden de adviezen of voorstellen van de Kamer voor de Middenstand aan het Bureau overgezonden voor een eventueel aanvullend advies van de Raad.
  § 3. De Raad en de Kamer voor de Middenstand mogen vertegenwoordigers uitnodigen van de leden van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering teneinde hun vergaderingen bij te wonen in de hoedanigheid van waarnemer.
  § 4. De Raad en de Kamer voor de Middenstand mogen eveneens een beroep doen op deskundigen, permanente of tijdelijke werkgroepen, en dat tegen de voorwaarden bepaald in het huishoudelijk reglement.
  § 5. De leden van de kamer voor Middenstand verkiezen binnen hun instelling een voorzitter en een ondervoorzitter die behoren tot een verschillende taalrol. De voorzitter en de ondervoorzitter van de kamer voor Middenstand zijn verkozen voor twee jaar.
  § 6. De Kamer voor de Middenstand verkiest binnen zijn instelling een Bureau van vier leden, waarvan de voorzitter en de ondervoorzitter van rechtswege lid zijn. Twee van de leden behoren tot de Franse taalgroep en de twee andere leden tot de Nederlandse taalgroep.
  § 7. De kamer voor de Middenstand bepaalt de regels van zijn werking.
  § 8. Overeenkomstig de in § 1, tweede lid, tweede streepje bepaalde procedure, benoemt de Brusselse Hoofdstedelijke Regering zes plaatsvervangers.

  Art. 12. <ORD 2004-04-29/39, art. 2, 004; Inwerkingtreding : 02-01-2006> § 1. De Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest wordt bestuurd door een Raad van Bestuur waarvan de samenstelling, de werking en de hernieuwing identiek zijn met deze van het in artikel 4, § 4, bedoelde Bureau.
  § 2. De Raad van Bestuur heeft de meest uiteenlopende bevoegdheden voor het bestuur en het beheer van de Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

  Art. 12bis. <Ingevoegd bij ORD 2004-04-29/39, art. 3; Inwerkingtreding : 02-01-2006> § 1. Het dagelijks beheer van de Raad wordt waargenomen door de leidend ambtenaar bijgestaan door de adjunct-leidend ambtenaar, respectievelijk de Directeur en de Adjunct-Directeur. Zij behoren beiden tot een verschillende taalrol.
  § 2. De leidend ambtenaar heeft leiding over het personeel.
  § 3. De adjunct-leidend ambtenaar assisteert de leidend ambtenaar bij de uitvoering van de aan hem toevertrouwde taken.
  § 4. Er dient akte te worden genomen van alle beslissingen inzake beheer en directie en de handtekening van de leidend ambtenaar en de adjunct-leidend ambtenaar is vereist.
  De Raad van Bestuur kan ze machtigen om aan een personeelslid van dezelfde taalrol de bevoegdheid te delegeren om bepaalde stukken en briefwisseling, nader te bepalen door de Raad van Bestuur, te ondertekenen.
  § 5. De leidend ambtenaar en de adjunct-leidend ambtenaar vertegenwoordigen de Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in gerechtelijke en buitengerechtelijke handelingen en treden rechtsgeldig op in naam en voor rekening van deze laatste binnen de grenzen van het dagelijkse beheer, zonder zich te moeten verantwoorden met een beslissing van de Raad van Bestuur.
  Niettemin is de toestemming van de Raad van Bestuur vereist voor de andere handelingen en aanvragen dan de vorderingen in kort geding en de bezitsvorderingen, en de daden van bewaring of van stuiting van de verjaring en verval.
  § 6. Binnen de perken en voorwaarden die hij bepaalt, kan de Raad van Bestuur, om de afhandeling van de zaken te vergemakkelijken, de leidend ambtenaar en de adjunctleidend ambtenaar machtigen een gedeelte van de aan hen toegewezen bevoegdheden te delegeren.

  Art. 13. De Raad krijgt een jaarlijkse dotatie ingeschreven in de begroting van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
  (De geleidelijke uitbreiding van het personeelsbestand van de Economische en Sociale Raad van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zal in geen enkel geval mogen leiden tot een budgettaire overschrijding van de jaarlijks door de Regering toegekende werkingsdotatie.) <ORD 2005-12-08/45, art. 6, 005; Inwerkingtreding : 02-01-2006>

  Art. 14. § 1. De personeelsleden van de vroegere Gewestelijke Economische Raad voor Brabant, die aan het Brussels Hoofdstedelijk Gewest werden overgedragen, worden ter beschikking gesteld van de Raad.
  § 2. Om de goede werking van de Raad te waarborgen, mag gedurende een periode van zes maanden te rekenen vanaf de inwerkingtreding van het besluit van de Regering tot vaststelling van het organiek kader van het personeel van de Raad, afgeweken worden van de aanwervingsmodaliteiten die van toepassing zijn op de personeelsleden van deze instelling. De voorkeurs- en voorrangsrechten voorzien in de wetten van 3 augustus 1919, 27 mei 1947 en 26 maart 1968 kunnen niet ingeroepen worden voor de eerste benoemingen bij de Raad.

  Art. 14bis. <Ingevoegd bij ORD 2004-04-29/39, art. 4; Inwerkingtreding : 02-01-2006>55> De Raad neemt de rechten en de plichten van de Vereniging van Beheer van de Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest over, betreffende de arbeidscontracten gesloten met de personen in functie die werken voor rekening van de V.Z.W. van beheer op datum van de ontbinding van voorgenoemde V.Z.W.
  Het contractueel personeel van de V.Z.W. van beheer bedoeld in het eerste lid dat aangeworven is als contractueel door de Raad, behoudt alle zijn verworven rechten.

  Art. 15. Het koninklijk besluit van 27 juli 1988 tot oprichting van een Brusselse Gewestelijke Economische en Sociale Raad, wordt opgeheven.
  

Handtekening Tekst Inhoudstafel Begin
   Kondigen deze ordonnantie af, bevelen dat ze in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
Brussel, 8 september 1994.
De Voorzitter van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering en Minister van Ruimtelijke Ordening, Ondergeschikte Besturen en Tewerkstelling,
Ch. PICQUE
De Minister van Financiën, Begroting, Openbaar Ambt en Externe Betrekkingen,
J. CHABERT
De Minister van Huisvesting, Leefmilieu, Natuurbehoud en Waterbeleid,
D. GOSUIN
De Minister van Economie,
R. GRIJP
De Minister van Openbare Werken, Verkeer en Vernieuwing van Afgedankte Bedrijfsruimten,
D. HARMEL

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   De Brusselse Hoofdstedelijke Raad heeft aangenomen en Wij, Regering, bekrachtigen hetgeen volgt :

Wijziging(en) Tekst Inhoudstafel Begin
originele versie
  • ORDONNANTIE (BRUSSEL) VAN 15-12-2017 GEPUBL. OP 02-02-2018
    (GEWIJZIGD ART. : 6)
  • originele versie
  • ORDONNANTIE (BRUSSEL) VAN 08-12-2005 GEPUBL. OP 02-01-2006
    (GEWIJZIGDE ART. : 3; 8; 11; 10; 9; 4; 13)
  • originele versie
  • ORDONNANTIE (BRUSSEL) VAN 29-04-2004 GEPUBL. OP 27-05-2004
    (GEWIJZIGDE ART. : 12; 12BIS; 14BIS)
  • originele versie
  • ORDONNANTIE (BRUSSEL) VAN 19-02-2004 GEPUBL. OP 29-03-2004
    (GEWIJZIGD ART. : 6)
  • originele versie
  • ORDONNANTIE (BRUSSEL) VAN 16-07-1998 GEPUBL. OP 14-08-1998
    (GEWIJZIGD ART. : 6)

  • Parlementaire werkzaamheden Tekst Inhoudstafel Begin
       Gewone zitting 1991-1992. Dokumenten van de Raad. - Ontwerp van ordonnantie, nr 191/1. Gewone zitting 1993-1994. Dokumenten van de Raad. - Verslag, nr 191/2. - Amendementen na verslag, nr 191/3. Volledig verslag. - Bespreking en aanneming. Vergadering van 15 juli 1994.

    Begin Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
    Parlementaire werkzaamheden Inhoudstafel 38 uitvoeringbesluiten 5 gearchiveerde versies
    Franstalige versie