J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
Inhoudstafel 2 uitvoeringbesluiten 1 gearchiveerde versie
Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/besluit/1960/11/03/1960110303/justel

Titel
3 NOVEMBER 1960. - Koninklijk besluit betreffende de comités tot aankoop van onroerende goederen voor rekening van de Staat, van de staatsinstellingen en van de instellingen waarin de Staat een overwegend belang heeft
(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 04-05-2016 en tekstbijwerking tot 04-05-2016)

Publicatie : 18-11-1960 nummer :   1960110303 bladzijde : 8943
Dossiernummer : 1960-11-03/30
Inwerkingtreding : 28-11-1960

Inhoudstafel Tekst Begin
Art. 1-10

Tekst Inhoudstafel Begin
Artikel 1. Onder het gezag en het toezicht van de Minister van Financiën worden diensten ingesteld, " comités tot aankoop van onroerende goederen " genaamd, waarvan de samenstelling en de bevoegdheden in de hiernavolgende artikelen worden bepaald.
  Die comités maken deel uit van het Bestuur der Registratie en Domeinen.

  Art. 2. Ieder aankoopcomité bestaat uit een voorzitter, één of meer bureauchefs en commissarissen, benoemd door de Koning.
  De Minister van Financiën kan bij die comités ook andere ambtenaren van het Bestuur der Registratie en Domeinen detacheren.
  De Minister van Financiën regelt de inrichting en de werkwijze van de aankoopcomités. Hij stelt hun zetel en ambtsgebied vast volgens de behoeften van de dienst.

  Art. 3.[1 Onverminderd de toepassing van bijzondere wettelijke bepalingen is enkel het Federaal aankoopcomité bevoegd tot het aankopen van onroerende goederen voor rekening van de Staat. Het verricht de vervolgingen en voert de onteigeningprocedures in naam van de betrokken Minister]1
  ----------
  (1)<KB 2016-04-27/02, art. 1, 002; Inwerkingtreding : 14-05-2016>

  Art. 4. De aankoopcomités zijn eveneens belast met de aankoop van onroerende goederen voor rekening van openbare instellingen met rechtspersoonlijkheid wanneer dit door de wet is voorgeschreven of wanneer een onder Staatsgezag of -toezicht staande instelling hun daartoe last geeft.
  Ingeval de wet hen niet belast met het vervolgen van de onteigeningen, kunnen zij door die instellingen niettemin om bijstand in de procedure worden verzocht.
  De aankoopcomités zijn belast met het uitoefenen van alle ambtsbevoegdheden, welke de wet aan het Bestuur der Registratie en Domeinen of aan de ambtenaren van dat Bestuur opdraagt inzake aankoop en onteigening van onroerende goederen voor rekening van openbare instellingen met rechtspersoonlijkheid.

  Art. 5. In de mate en onder de voorwaarden door de Minister van Financiën bepaald, kopen de aankoopcomités de onroerende goederen aan voor rekening van de instellingen waarin de Staat een overwegend belang heeft, wanneer deze hen daartoe last geven, of staan ze die instellingen, als deze hen daarom verzoeken, bij in de onteigeningsprocedure.

  Art. 6. Wanneer de leden van die aankoopcomités en de bij die comités gedetacheerde ambtenaren optreden voor rekening van de Staat of de ambtsbevoegdheden uitoefenen die hun door de wet zijn opgedragen, moeten zij tegenover derden niet van een bijzondere lastgeving doen blijken.
  Zij zijn, evenals de overige ambtenaren van het Bestuur der Registratie en Domeinen, bevoegd tot het verlijden van de aankoopakten wanneer het goed in het Staatsdomein moet worden opgenomen of de wet hun daartoe bevoegdheid verleent.

  Art. 7. Wanneer een aankoopcomité door een Minister belast wordt met de aankoop of de onteigening van een onroerend goed voor rekening van de Staat, houdt die beslissing voor de voorzitter van het comité opdracht in om, overeenkomstig artikel 18 van de wet van 15 mei 1846 op de Rijkscomptabiliteit, gewijzigd bij de wet van 20 juli 1921, als ordonnateur de begrotingskredieten betaalbaar te stellen en de uitgaven namens de betrokken Minister tot het passend beloop goed te keuren.

  Art. 8. Alle vroeger aan de voorzitter van de aankoopcomités verleende opdrachten tot betaalbaarstelling van begrotingskredieten en goedkeuring van uitgaven namens de betrokken Ministers zijn ingetrokken.

  Art. 9. Het koninklijk besluit van 9 juli 1929 betreffende de verwervingen van onroerende goederen voor rekening van de Staat, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 27 december 1930, is opgeheven.

  Art. 10. Onze Ministers zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   BOUDEWIJN, Koning der Belgen,
   Aan allen, tegenwoordigen en toekomenden, Heil.
   Gelet op artikel 29 van de Grondwet;
   Gelet op de besluitwet van 2 december 1946 betreffende de stedebouw, inzonderheid op artikel 19;
   Gelet op de wet van 18 juli 1959 tot invoering van bijzondere maatregelen ter bestrijding van de economische en sociale moeilijkheden in sommige gewesten, inzonderheid op artikel 18;
   Gelet op het advies van de Raad van State;
   Op de voordracht van Onze Minister van Financiën en op in Raad overlegd advies van Onze Ministers,
   Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Wijziging(en) Tekst Inhoudstafel Begin
originele versie
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 27-04-2016 GEPUBL. OP 04-05-2016
    (GEWIJZIGD ART. : 3)

  • Begin Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
    Inhoudstafel 2 uitvoeringbesluiten 1 gearchiveerde versie
    Franstalige versie