J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
Parlementaire werkzaamheden Inhoudstafel 3 gearchiveerde versies
Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/wet/1997/11/12/1997000893/justel

Titel
12 NOVEMBER 1997. - Wet betreffende de openbaarheid van bestuur in de provincies en gemeenten.
(NOTA : Opgeheven voor de Vlaamse Gemeenschap bij DVR 2004-03-26/50, art. 38; Inwerkingtreding : 01-07-2004)
(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 19-12-1997 en tekstbijwerking tot 19-06-2013)

Bron : BINNENLANDSE ZAKEN
Publicatie : 19-12-1997 nummer :   1997000893 bladzijde : 34253   BEELD
Dossiernummer : 1997-11-12/36
Inwerkingtreding : 29-12-1997

Inhoudstafel Tekst Begin
Art. 1
HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen.
Art. 2, 2bis
HOOFDSTUK II. - Actieve openbaarheid.
Art. 3-4
HOOFDSTUK III. - Passieve openbaarheid.
Art. 5-13
HOOFDSTUK IV. - Slotbepaling.
Art. 14

Tekst Inhoudstafel Begin
Artikel 1. Deze wet regelt een aar gelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.

  HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen.

  Art. 2. Deze wet is van toepassing op de provinciale en gemeentelijke administratieve overheden. Voor de toepassing van deze wet wordt verstaan onder :
  1° administratieve overheid : een administratieve overheid als bedoeld in artikel 14 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State.
  2° bestuursdocument : alle informatie, in welke vorm ook, waarover een administratieve overheid beschikt;
  3° document van persoonlijke aard : bestuursdocument dat een beoordeling of een waardeoordeel bevat van een met naam genoemd of gemakkelijk identificeerbaar natuurlijk persoon of de beschrijving van een gedrag waarvan het ruchtbaar maken aan die persoon kennelijk nadeel kan berokkenen.
  (4° richtlijn 90/313/EEG : de richtlijn 90/313/EEG van de Raad, van 7 juni 1990, inzake de vrije toegang tot milieu-informatie;
  5° bestuursdocument inzake milieu : alle beschikbare informatie in geschreven, visuele, auditieve of geautomatiseerde vorm betreffende de toestand van water, lucht, bodem, fauna, flora, akkers en natuurgebieden, betreffende activiteiten (met inbegrip van activiteiten die hinder veroorzaken, zoals lawaai) en maatregelen die hierop een ongunstig effect hebben of waarschijnlijk zullen hebben, en betreffende beschermende activiteiten en maatregelen ter zake, met inbegrip van bestuursrechtelijke maatregelen en milieubeheersprogramma's.) <W 2000-06-26/37, art. 5, 003; Inwerkingtreding : 15-07-2000>

  Art. 2bis. <Ingevoegd bij W 2006-08-05/56, art. 43; Inwerkingtreding : 28-08-2006> Deze wet is niet van toepassing op bestuursdocumenten inzake milieu die betrekking hebben op de organisatie van en het beleid inzake de politie, met inbegrip van artikel 135, § 2, van de nieuwe Gemeentewet, en de brandweer.

  HOOFDSTUK II. - Actieve openbaarheid.

  Art. 3. Met het oog op een duidelijke en objectieve voorlichting van het publiek over het optreden van de provinciale en gemeentelijke administratieve overheden :
  1° wijst de provincie- of gemeenteraad een ambtenaar aan die belast wordt met de conceptie en de realisatie van het informatiebeleid voor alle administratieve overheden die ressorteren onder de provincie of de gemeente, alsmede met de coördinatie van de publicatie bedoeld in het 2°;
  2° publiceert de provincie of de gemeente een document met de beschrijving van de bevoegdheden en de interne organisatie van alle administratieve overheden die eronder ressorteren; dit document wordt ter beschikking gesteld van eenieder die erom vraagt;
  3° vermeldt elke briefwisseling uitgaande van een provinciale of gemeentelijke administratieve overheid de naam, de hoedanigheid, het adres en het telefoonnummer van degene die meer inlichtingen kan verstrekken over het dossier;
  4° vermeldt elk document waarmee een beslissing of een administratieve handeling met individuele strekking uitgaande van een provinciale of gemeentelijke administratieve overheid ter kennis wordt gebracht van een bestuurde, de eventuele beroepsmogelijkheden, de instanties bij wie het beroep moet worden ingesteld en de geldende vormen en termijnen; bij ontstentenis neemt de verjaringstermijn voor het indienen van het beroep geen aanvang.

  Art. 4. Voor de afgifte van het in artikel 3, 2°, bedoelde document, kan een vergoeding worden gevraagd waarvan het bedrag wordt vastgesteld door de provincie- of gemeenteraad.
  De vergoeding die eventueel wordt gevraagd, mag in geen geval meer bedragen dan de kostprijs.

  HOOFDSTUK III. - Passieve openbaarheid.

  Art. 5. Het recht op het raadplegen van een bestuursdocument van een provinciale of gemeentelijke administratieve overheid en op het ontvangen van een afschrift van het document bestaat erin dat eenieder, volgens de voorwaarden bepaald in deze wet, elk bestuursdocument ter plaatse kan inzien, daaromtrent uitleg kan krijgen en mededeling in afschrift ervan kan ontvangen.
  Voor documenten van persoonlijke aard is vereist dat de verzoeker van een belang doet blijken.

  Art. 6. Inzage, uitleg of mededeling in afschrift van een bestuursdocument geschiedt op aanvraag. De vraag vermeldt duidelijk de betrokken aangelegenheid en, waar mogelijk, de betrokken bestuursdocumenten en wordt schriftelijk gericht aan de bevoegde provinciale of gemeentelijke administratieve overheid, ook wanneer deze het document in een archief heeft neergelegd.
  Wanneer de vraag om inzage, uitleg of mededeling in afschrift is gericht aan een provinciale of gemeentelijke administratieve overheid die het bestuursdocument niet onder zich heeft, stelt deze de verzoeker daarvan onverwijld in kennis en deelt hem de benaming en het adres mede van de administratieve overheid die naar haar informatie het document onder zich heeft.
  De provinciale en gemeentelijke administratieve overheden houden een register bij van de schriftelijke aanvragen, volgens datum van ontvangst.

  Art. 7. Onverminderd de andere bij de wet, het decreet of de ordonnantie bepaalde uitzonderingen op gronden die te maken hebben met de uitoefening van de bevoegdheden van de federale overheid, de Gemeenschap of het Gewest, mag een provinciale of gemeentelijke administratieve overheid een aanvraag om inzage, uitleg of mededeling in afschrift van een bestuursdocument afwijzen in de mate dat de aanvraag :
  1° een bestuursdocument betreft waarvan de openbaarmaking, om reden dat het document niet af of onvolledig is, tot misvatting aanleiding kan geven;
  2° een advies of een mening betreft die uit vrije wil en vertrouwelijk aan de overheid is meegedeeld;
  3° kennelijk onredelijk is;
  4° kennelijk te vaag geformuleerd is.
  Wanneer met toepassing van het vorige lid een bestuursdocument slechts voor een deel aan de openbaarheid moet of mag worden onttrokken, wordt de inzage, de uitleg of de mededeling in afschrift tot het overige deel beperkt.
  De provinciale of gemeentelijke overheid die niet onmiddellijk op een aanvraag om openbaarheid kan ingaan of ze afwijst, geeft binnen de termijn van dertig dagen na ontvangst van de aanvraag kennis van de redenen van het uitstel of de afwijzing. In geval van uitstel kan de termijn nooit met meer dan vijftien dagen worden verlengd.
  Bij ontstentenis van een kennisgeving binnen de voorgeschreven termijn, wordt de aanvraag geacht te zijn afgewezen.
  (In afwijking van het derde en vierde lid en krachtens artikel 3, § 4, van de richtlijn 90/313/EEG, geeft de provinciale of gemeentelijke administratieve overheid waarbij een aanvraag tot openbaarheid betreffende bestuursdocumenten inzake milieu die zij bezit, aanhangig gemaakt wordt, een uitdrukkelijk antwoord binnen een niet verlengbare termijn van zestig dagen vanaf de ontvangst van de aanvraag. In geval van afwijzing deelt de provinciale of gemeentelijke administratieve overheid de redenen voor haar beslissing mee aan de aanvrager, uiterlijk bij het verstrijken van die termijn. De redenen moeten in elk geval samen met de beslissing tot afwijzing meegedeeld worden.) <W 2000-06-26/37, art. 6, 003; Inwerkingtreding : 15-07-2000>

  Art. 8. Wanneer een persoon aantoont dat een bestuursdocument van een provinciale of gemeentelijke administratieve overheid onjuiste of onvolledige gegevens bevat die hem betreffen, is die overheid ertoe gehouden de nodige verbeteringen aan te brengen zonder dat het de betrokkene iets kost. De verbetering geschiedt op schriftelijke aanvraag van de betrokkene, onverminderd de toepassing van een door of krachtens de wet voorgeschreven procedure.
  De provinciale of gemeentelijke administratieve overheid die niet onmiddellijk op een aanvraag om verbetering kan ingaan of ze afwijst, geeft binnen zestig dagen na ontvangst van de aanvraag aan de verzoeker kennis van de redenen van het uitstel of de afwijzing. In geval van uitstel kan de termijn niet met meer dan dertig dagen worden verlengd.
  Bij ontstentenis van kennisgeving binnen de gestelde termijn, wordt de aanvraag geacht te zijn afgewezen.
  Wanneer de vraag is gericht aan een provinciale of gemeentelijke administratieve overheid die niet bevoegd is om de verbeteringen aan te brengen, stelt deze de verzoeker daarvan onverwijld in kennis en deelt hem de benaming en het adres mee van de overheid die naar haar informatie daartoe bevoegd is.

  Art. 9.§ 1. Wanneer de verzoeker moeilijkheden ondervindt om de raadpleging of de verbetering van een bestuursdocument te verkrijgen op grond van deze wet, (met inbegrip van het geval van uitdrukkelijke beslissing tot afwijzing bedoeld in artikel 7, vijfde lid,) kan hij een verzoek tot heroverweging richten tot de betrokken provinciale of gemeentelijke administratieve overheid. Terzelfder tijd verzoekt hij de Commissie voor de toegang tot bestuursdocumenten, opgericht bij de wet van 11 april 1994 betreffende de openbaarheid van bestuur, een advies uit te brengen. <W 2000-06-26/37, art. 7, 003; Inwerkingtreding : 15-07-2000>
  De Commissie brengt haar advies ter kennis van de verzoeker en van de betrokken provinciale of gemeentelijke administratieve overheid binnen een termijn van dertig dagen na ontvangst van het verzoek. Bij ontstentenis van kennisgeving binnen de voorgeschreven termijn wordt aan het advies voorbijgegaan.
  De provinciale of gemeentelijke administratieve overheid brengt binnen 15 dagen na ontvangst van het advies of na verloop van de termijn waarbinnen kennis moest worden gegeven van het advies, haar beslissing tot inwilliging of afwijzing van het verzoek tot heroverweging ter kennis van de verzoeker (en van de Commissie). Bij ontstentenis van kennisgeving binnen de voorgeschreven termijn, wordt de overheid geacht een beslissing tot afwijzing te hebben genomen. <W 1998-06-25/47, art. 3, 002; Inwerkingtreding : 04-09-1998>
  Tegen deze beslissing kan de verzoeker beroep instellen overeenkomstig de wetten op de Raad van State, gecoördineerd bij koninklijk besluit van 12 januari 1973. Het beroep bij de Raad van State is in voorkomend geval vergezeld van het advies van de Commissie.
  § 2. De Commissie kan ook door een provinciale of een gemeentelijke administratieve overheid worden geraadpleegd.
  § 3. De Commissie kan op eigen initiatief adviezen uitbrengen omtrent de algemene toepassing van de wet betreffende de openbaarheid van bestuur in de provincies en gemeenten. Zij kan aan de wetgevende macht voorstellen voorleggen inzake de toepassing en de eventuele herziening van deze wet.
  
  GEMEENSCHAPPEN EN GEWESTEN
  
  Art. 9. (BRUSSEL HOOFDSTEDELIJK GEWEST)
  § 1. Wanneer de verzoeker moeilijkheden ondervindt om de raadpleging of de verbetering van een bestuursdocument te verkrijgen op grond van deze wet, (met inbegrip van het geval van uitdrukkelijke beslissing tot afwijzing bedoeld in artikel 7, vijfde lid,) kan hij een verzoek tot heroverweging richten tot de betrokken provinciale of gemeentelijke administratieve overheid. Terzelfder tijd verzoekt hij de [1 Gewestelijke Commissie voor de toegang tot de bestuursdocumenten, opgericht bij de ordonnantie van 30 maart 1995 betreffende de openbaarheid van bestuur]1, een advies uit te brengen. <W 2000-06-26/37, art. 7, 003; Inwerkingtreding : 15-07-2000>
  De Commissie brengt haar advies ter kennis van de verzoeker en van de betrokken provinciale of gemeentelijke administratieve overheid binnen een termijn van dertig dagen na ontvangst van het verzoek. Bij ontstentenis van kennisgeving binnen de voorgeschreven termijn wordt aan het advies voorbijgegaan.
  De provinciale of gemeentelijke administratieve overheid brengt binnen 15 dagen na ontvangst van het advies of na verloop van de termijn waarbinnen kennis moest worden gegeven van het advies, haar beslissing tot inwilliging of afwijzing van het verzoek tot heroverweging ter kennis van de verzoeker (en van de Commissie). Bij ontstentenis van kennisgeving binnen de voorgeschreven termijn, wordt de overheid geacht een beslissing tot afwijzing te hebben genomen. <W 1998-06-25/47, art. 3, 002; Inwerkingtreding : 04-09-1998>
  Tegen deze beslissing kan de verzoeker beroep instellen overeenkomstig de wetten op de Raad van State, gecoördineerd bij koninklijk besluit van 12 januari 1973. Het beroep bij de Raad van State is in voorkomend geval vergezeld van het advies van de Commissie.
  § 2. De Commissie kan ook door een provinciale of een gemeentelijke administratieve overheid worden geraadpleegd.
  § 3. De Commissie kan op eigen initiatief adviezen uitbrengen omtrent de algemene toepassing van de wet betreffende de openbaarheid van bestuur in de provincies en gemeenten. Zij kan aan de wetgevende macht voorstellen voorleggen inzake de toepassing en de eventuele herziening van deze wet.
  

  ----------
  (1)<ORD 2013-05-30/11, art. 2, 004; Inwerkingtreding : 29-06-2013>

  Art. 10. Wanneer de vraag om openbaarheid betrekking heeft op een bestuursdocument van een provinciale of gemeentelijke administratieve overheid waarin een auteursrechtelijk beschermd werk is opgenomen, is de toestemming van de maker of van de persoon aan wie de rechten van deze zijn overgegaan niet vereist om ter plaatse inzage van het document te verlenen of uitleg erover te verstrekken.
  Een mededeling in afschrift van een auteursrechtelijk beschermd werk is niet toegestaan dan met voorafgaande toestemming van de maker of van de persoon aan wie de rechten van deze zijn overgegaan.
  In ieder geval wijst de overheid op het auteursrechtelijk beschermd karakter van het betrokken werk.

  Art. 11. De met toepassing van deze wet verkregen bestuursdocumenten mogen niet verspreid, noch gebruikt worden voor commerciële doeleinden.

  Art. 12. De bepalingen van deze wet zijn mede van toepassing op de bestuursdocumenten die door een provinciale of gemeentelijke administratieve overheid in een archief zijn neergelegd.
  De provinciegriffiers en de colleges van burgemeester en schepenen zijn ertoe gehouden hun medewerking te verlenen aan de toepassing van deze wet.
  De eerste twee leden zijn niet van toepassing op het Algemeen Rijksarchief of het Rijksarchief in de Provinciën, waarop de wettelijke bepalingen betreffende de Archieven onverminderd van toepassing blijven.

  Art. 13. Voor de afgifte van een afschrift van een bestuursdocument kan een vergoeding worden gevraagd waarvan het bedrag wordt vastgesteld door de provincie- of gemeenteraad.
  De vergoeding die eventueel wordt gevraagd voor het afschrift, mag in geen geval meer bedragen dan de kostprijs.

  HOOFDSTUK IV. - Slotbepaling.

  Art. 14. Deze wet doet geen afbreuk aan de wetsbepalingen die in een ruimere openbaarheid van bestuur voorzien.
  Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
  Gegeven te Brussel, 12 november 1997.
  ALBERT
  Van Koningswege :
  De Minister van Binnenlandse Zaken,
  J. VANDE LANOTTE
  Met 's Lands zegel gezegeld :
  De Minister van Justitie,
  S. DE CLERCK

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   ALBERT II, Koning der Belgen,
   Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
   De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt :

Wijziging(en) Tekst Inhoudstafel Begin
BEELD
  • ORDONNANTIE (BRUSSEL) VAN 30-05-2013 GEPUBL. OP 19-06-2013
    (GEWIJZIGD ART. : 9)
  • BEELD
  • WET VAN 05-08-2006 GEPUBL. OP 28-08-2006
    (GEWIJZIGD ART. : 2BIS)
  • BEELD
  • DECREET VLAAMSE RAAD VAN 26-03-2004 GEPUBL. OP 01-07-2004
    (GEWIJZIGD ART. : OPHEFFING)
  • BEELD
  • WET VAN 26-06-2000 GEPUBL. OP 15-07-2000
    (GEWIJZIGDE ART. : 2; 7; 9)
  • BEELD
  • WET VAN 25-06-1998 GEPUBL. OP 04-09-1998
    (GEWIJZIGD ART. : 9)

  • Parlementaire werkzaamheden Tekst Inhoudstafel Begin
       Gewone zitting 1996-1997. Kamer van volksvertegenwoordigers. Parlementaire bescheiden. - Wetsontwerp nr. 871/1. - Amendementen, nrs. 871/2 tot 4. - Verslag nr. 871/5. - Tekst aangenomen in plenaire vergadering en overgezonden aan de Senaat, nr. 871/6. Parlementaire Handelingen. - Bespreking en aanneming, vergaderingen van 25 en 26 juni 1997. Senaat. Parlementaire bescheiden. - Ontwerp overgezonden door de Kamer van volksvertegenwoordigers, nr. 1-687/1. - Ontwerp niet geëvoceerd, nr. 1-687/2.

    Begin Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
    Parlementaire werkzaamheden Inhoudstafel 3 gearchiveerde versies
    Franstalige versie