J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
Parlementaire werkzaamheden Inhoudstafel 1 gearchiveerde versie
Handtekening Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/wet/1996/07/10/1996009560/justel

Titel
10 JULI 1996. - Wet tot afschaffing van de doodstraf en tot wijziging van de criminele straffen.
(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 01-08-1996 en tekstbijwerking tot 13-03-2003).

Bron : JUSTITIE
Publicatie : 01-08-1996 nummer :   1996009560 bladzijde : 20598
Dossiernummer : 1996-07-10/42
Inwerkingtreding : 11-08-1996

Inhoudstafel Tekst Begin
Art. 1
HOOFDSTUK I. - Beginselen.
Art. 2-3
HOOFDSTUK II. - Wijzigings- en opheffingsbepalingen.
Art. 4-24

Tekst Inhoudstafel Begin
Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.

  HOOFDSTUK I. - Beginselen.

  Art. 2. De doodstraf wordt afgeschaft overeenkomstig de bepalingen van deze wet.

  Art. 3. De criminele straffen gesteld in de bestaande wetsbepalingen worden vervangen als volgt :
  De doodstraf wordt vervangen hetzij door levenslange opsluiting, hetzij door levenslange hechtenis, overeenkomstig de bepalingen van artikel 15 van deze wet.
  Dwangarbeid wordt vervangen door opsluiting van twintig tot dertig jaar, vijftien tot twintig jaar of tien tot vijftien jaar.
  Levenslange dwangarbeid wordt vervangen door opsluiting van twintig tot dertig jaar.
  Tijdelijke dwangarbeid wordt vervangen door opsluiting van vijftien jaar tot twintig jaar of van tien jaar tot vijftien jaar, overeenkomstig de bepalingen van het achtste en het tiende lid.
  Levenslange hechtenis wordt vervangen door hechtenis van twintig tot dertig jaar.
  Tijdelijke hechtenis wordt vervangen door hechtenis van vijftien tot twintig jaar, van tien tot vijftien jaar of van vijf tot tien jaar, overeenkomstig de bepalingen van het negende, het elfde en het dertiende lid.
  Dwangarbeid van vijftien tot twintig jaar wordt vervangen door opsluiting van vijftien tot twintig jaar.
  Buitengewone hechtenis wordt vervangen door hechtenis van vijftien tot twintig jaar.
  Dwangarbeid van tien tot vijftien jaar wordt vervangen door opsluiting van tien tot vijftien jaar.
  Gewone hechtenis van tien tot vijftien jaar wordt vervangen door hechtenis van tien tot vijftien jaar.
  Opsluiting wordt vervangen door opsluiting van vijf tot tien jaar.
  Gewone hechtenis van vijf tot tien jaar wordt vervangen door hechtenis van vijf tot tien jaar.

  HOOFDSTUK II. - Wijzigings- en opheffingsbepalingen.

  Art. 4. In artikel 7 van het Strafwetboek, gewijzigd bij de wet van 9 april 1930, worden de woorden "1° De doodstraf; 2° Dwangarbeid; 3° Hechtenis; 4° Opsluiting" vervangen door de woorden "1° opsluiting;
  2° hechtenis".

  Art. 5. Artikel 8 van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de besluitwet van 14 september 1918, wordt vervangen door de volgende bepaling :
  "Art. 8. Opsluiting is levenslang of tijdelijk. "

  Art. 6. Artikel 9 van hetzelfde Wetboek wordt vervangen door de volgende bepaling :
  "Art. 9. Tijdelijke opsluiting wordt uitgesproken voor een termijn van :
  1° vijf tot tien jaar;
  2° tien tot vijftien jaar;
  3° vijftien tot twintig jaar;
  4° twintig tot dertig jaar. "

  Art. 7. Artikel 10 van hetzelfde Wetboek wordt vervangen door de volgende bepaling :
  "Art. 10. Hechtenis is levenslang of tijdelijk. "

  Art. 8. Artikel 11 van hetzelfde Wetboek wordt vervangen door de volgende bepaling :
  "Art. 11. Tijdelijke hechtenis wordt uitgesproken voor een termijn van :
  1° vijf tot tien jaar;
  2° tien tot vijftien jaar;
  3° vijftien tot twintig jaar;
  4° twintig tot dertig jaar. "

  Art. 9. In artikel 18 van hetzelfde Wetboek worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° de woorden "de doodstraf" worden vervangen door de woorden "levenslange opsluiting of levenslange hechtenis";
  2° de laatste volzin wordt geschrapt.

  Art. 10. In artikel 19 van hetzelfde Wetboek worden de woorden "de doodstraf" vervangen door de woorden "levenslange opsluiting of levenslange hechtenis".

  Art. 11. Artikel 21 van hetzelfde Wetboek wordt vervangen door de volgende bepaling :
  "Art. 21. In staat van wettelijke onbekwaamheid zijn tijdens de duur van hun straf :
  1° Zij die op tegenspraak zijn veroordeeld tot levenslange of tijdelijke opsluiting;
  2° Zij die op tegenspraak zijn veroordeeld tot levenslange hechtenis of tot hechtenis voor een termijn van tien tot vijftien jaar of een langere termijn;
  3° Zij die op tegenspraak zijn veroordeeld tot hechtenis voor een termijn van vijf tot tien jaar, hetzij in geval van herhaling, hetzij in geval van samenloop van verscheidene misdaden. "

  Art. 12. In artikel 25 van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de wet van 26 november 1986, worden de woorden "met de dood" vervangen door de woorden "met levenslange opsluiting".

  Art. 13. In hetzelfde Wetboek wordt in de plaats van artikel 30bis dat artikel 30ter wordt, een nieuw artikel 30bis ingevoegd, luidend als volgt :
  "Art. 30bis. De tot een vrijheidsstraf veroordeelden ondergaan hun straf in de inrichtingen, door de Koning aangewezen. "

  Art. 14. In artikel 31 van hetzelfde Wetboek worden de woorden "bij alle arresten van veroordeling tot de doodstraf of tot dwangarbeid" vervangen door de woorden " bij alle arresten van veroordeling tot levenslange opsluiting of levenslange hechtenis of tot opsluiting voor een termijn van tien tot vijftien jaar of een langere termijn".

  Art. 15. In de volgende artikelen wordt de doodstraf vervangen door levenslange opsluiting :
  - de artikelen 80, 101, 102, 121, 121bis, 122, 123ter, 256,323, 347bis, 394, 395, 397, 414, 475, 506, 518 en 532 van het Strafwetboek;
  - artikel 1 van de besluitwet van 13 mei 1940 betreffende de verscherping der bestraffing van sommige gedurende de tijd van oorlog gepleegde feiten;
  - de artikelen 35, 36, 68 en 69 van de wet van 5 juni 1928 houdende herziening van het Tucht- en Strafwetboek voor de koopvaardij en de zeevisserij;
  - artikel 30 van de wet van 27 juni 1937 houdende herziening van de wet van 16 november 1919 betreffende de regeling der luchtvaart, gewijzigd bij de wet van 20 juli 1976;
  - de artikelen 3,39 en 40 van het Militair Strafwetboek.
  In de volgende artikelen wordt de doodstraf vervangen door levenslange hechtenis :
  - de artikelen 81, 113 tot 116, 118bis en 120sexies van het Strafwetboek;
  - de artikelen 17, 19 tot 21, 23, 25, 28, 31, 52 en 59 van het Militair Strafwetboek.

  Art. 16. In de artikelen 123sexies en 285 van het Strafwetboek worden de woorden "de doodstraf" vervangen door de woorden "levenslange opsluiting of levenslange hechtenis".

  Art. 17. In artikel 216 van hetzelfde Wetboek worden de woorden "ter dood" vervangen door de woorden "tot levenslange opsluiting".

  Art. 18. In artikel 1 van het Militair Strafwetboek, gewijzigd bij de wet van 24 juli 1923, worden de woorden "in lijfstraffelijke zaken: de dood met den kogel" geschrapt.

  Art. 19. In artikel 16 van hetzelfde Wetboek worden de woorden "de doodstraf" vervangen door de woorden "levenslange opsluiting of levenslange hechtenis".

  Art. 20. In artikel 58bis van hetzelfde Wetboek worden de woorden "den dood" vervangen door de woorden "levenslange opsluiting of levenslange hechtenis".

  Art. 21. Volgende bepalingen worden opgeheven : - artikel 2 van het Militair Strafwetboek;
  - de artikelen 12 tot 14, 16, 17, 20, 26, 29 en 77 van het Strafwetboek;
  - de artikelen 210 tot 212 en 217 tot 219 van het Wetboek voor de Rechtspleging bij de landmacht van 20 juli 1814;
  - de artikelen 80 tot 83 van het besluit van 20 juli 1814 houdende de provisionele instructie voor het Hoog Militair Gerechtshof.

  Art. 22. In artikel 4 van de wet van 30 mei 1951 waarbij de Koning ertoe gemachtigd wordt sommige in oorlogs- en mobilisatietijd toepasselijke beschikkingen eveneens van toepassing te verklaren op de leden van de Belgische strijdkrachten, belast met de uitvoering van door de Veiligheidsraad der Verenigde Naties getroffen maatregelen, worden de woorden "en de doodstraf zal slechts met eenparigheid van stemmen kunnen uitgesproken worden" geschrapt.

  Art. 23. Artikel 1, tweede lid, van de wet van 31 mei 1888 tot invoering van de voorwaardelijke invrijheidstelling in het strafstelsel, gewijzigd bij de wet van 24 juli 1923, wordt aangevuld met de woorden : "zonder veertien jaar te mogen overschrijden".

  Art. 24. (Opgeheven) <W 2003-01-23/42, art. 127, 002; Inwerkingtreding : 13-03-2003>
  

Handtekening Tekst Inhoudstafel Begin
   Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt Gegeven te Brussel, 10 juli 1996.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Justitie,
S. DE CLERCK
Met 's Lands zegel gezegeld :
De Minister van Justitie,
S. DE CLERCK

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   ALBERT II, Koning der Belgen,
   Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
   De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt :

Wijziging(en) Tekst Inhoudstafel Begin
BEELD
  • WET VAN 23-01-2003 GEPUBL. OP 13-03-2003
    (GEWIJZIGD ART. : 24)

  • Parlementaire werkzaamheden Tekst Inhoudstafel Begin
       Gewone zitting 1995-1996. Kamer van volksvertegenwoordigers. Parlementaire bescheiden. - Wetsontwerp : nr. 453/1. - Amendementen : nr. 453/2 tot 4. - Verslag : nr. 453/5 van 21 mei 1996 door de heer L. Willems. - Tekst aangenomen door de commissie voor de justitie van 21 mei 1996 : nr. 453/6. Parlementaire Handelingen. - Bespreking. Vergadering van 11 juni 1996. - Aanneming. Vergadering van 13 juni 1996. Senaat. Parlementaire bescheiden. - Wetsontwerp nr. 1 - 357/1.

    Begin Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
    Parlementaire werkzaamheden Inhoudstafel 1 gearchiveerde versie
    Franstalige versie