J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Wijziging(en)
Parlementaire werkzaamheden Inhoudstafel 1 uitvoeringbesluit 4 gearchiveerde versies
Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/wet/1995/05/02/1995021222/justel

Titel
2 MEI 1995. - Wet betreffende de verplichting om een lijst van mandaten, ambten en beroepen, alsmede een vermogensaangifte in te dienen. NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 26-07-1995 en tekstbijwerking tot 31-03-2009) Zie wijziging(en)

Bron :
EERSTE MINISTER
Publicatie : 26-07-1995 nummer :   1995021222 bladzijde : 20188
Dossiernummer : 1995-05-02/38
Inwerkingtreding : 05-08-1995

Inhoudstafel Tekst Begin
Art. 1-6

Tekst Inhoudstafel Begin
Artikel 1. Deze wet is van toepassing op :
  (1. (de ministers, staatssecretarissen en regeringscommissarissen;) <L 2004-06-26/31, art. 12, 002 ; Inwerkingtreding : 01-01-2005>
  2. de leden van de Kamer van -volksvertegenwoordigers en van de Senaat;
  3. de leden van de Regering van de Duitstalige Gemeenschap;
  4. de leden van (het Parlement) van de Duitstalige Gemeenschap; <W 2006-03-27/34, art. 184, 003; Inwerkingtreding : 21-04-2006>
  (5. de Belgische leden van het Europees Parlement;) <W 2004-06-26/31, art. 12, 002 ; Inwerkingtreding : 01-01-2005>
  6. (...) <W 2007-06-03/68, art. 3, 004; Inwerkingtreding : 07-07-2007>
  7. (...) <W 2007-06-03/68, art. 3, 004; Inwerkingtreding : 07-07-2007>
  8. (...) <W 2007-06-03/68, art. 3, 004; Inwerkingtreding : 07-07-2007>
  9. de leden van de raden van bestuur en de directiecomités van de intercommunale (en interprovinciale) verenigingen; <W 2004-06-26/31, art. 12, 002 ; Inwerkingtreding : 01-01-2005>
  10. (de leidinggevenden van de ministeries, de federale overheidsdiensten, de instellingen van openbaar nut waarop de wet van 16 maart 1954 betreffende de controle op sommige instellingen van openbaar nut van toepassing is of waarover de Duitstalige Gemeenschap het toezicht uitoefent en de openbare instellingen van sociale zekerheid bedoeld in artikel 3, § 2, van het koninklijk besluit van 3 april 1997 houdende maatregelen met het oog op de responsabilisering van de openbare instellingen van sociale zekerheid, met toepassing van artikel 47 van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels;) <W 2004-06-26/31, art. 12, 002 ; Inwerkingtreding : 01-01-2005>
  11. (de ambtenaren-generaal van het ministerie van de Duitstalige Gemeenschap;) <W 2004-06-26/31, art. 12, 002 ; Inwerkingtreding : 01-01-2005>
  12. (de leden van de regentenraad en van het college van censoren) van de Nationale Bank van België bedoeld in artikel 23 van de wet van 24 augustus 1934, gewijzigd bij de wet van 19 april 1993, alsmede de leden van het beheerscomité van de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid ingesteld door de wet van 27 juni 1961, en de leden van het Algemeen comité van het Rijksinstituut voor ziekteen invaliditeitsverzekering ingesteld door de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen gecoördineerd op 14 juli 1994; <W 2004-06-26/31, art. 12, 002 ; Inwerkingtreding : 01-01-2005>
  13. (de kabinetschefs, de adjunct-kabinetschefs en de hoofden van de beleidsorganen van de leden van de federale regering, met inbegrip van de regeringscommissarissen, en van de regering van de Duitstalige Gemeenschap en het hoofd van de Cel Beleidsvoorbereiding van een federale overheidsdienst.)) <de punten 1, 2, 3, 4, 4bis, 5, 6, 7, 8, 9, 10, 11 en 12 worden vernummerd bij W 2004-06-26/31, art. 12, 8°, 002 ; Inwerkingtreding : 01-01-2005>

  Art. 2. § 1. (§ 1. De personen die in de loop van een jaar een in artikel 1 bedoeld ambt of mandaat uitoefenen, dienen vóór 1 april van het daaropvolgende jaar een schriftelijke aangifte in waarin ze melding maken van alle mandaten, leidende ambten of beroepen, van welke aard ook, die ze tijdens het eerstbedoelde jaar hebben uitgeoefend, zowel in de overheidssector als voor rekening van enige andere natuurlijke persoon of rechtspersoon, feitelijke instelling of vereniging die in België of in het buitenland gevestigd is.) <W 2004-06-26/31, art. 13, 002 ; Inwerkingtreding : 01-01-2005>
  Deze aangifte wordt op erewoord juist en oprecht verklaard, en vermeldt voor elk mandaat, elk ambt of elk beroep of ze al dan niet bezoldigd zijn.
  § 2. Het Rekenhof ziet erop toe dat de in § 1 bedoelde lijst in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt op de wijze bepaald door de wet bedoeld in artikel 5.

  Art. 3 . § 1. [1 De personen die in de loop van een jaar een in artikel 1 bedoeld ambt of mandaat uitoefenen, dienen onder gesloten omslag vóór 1 april van het daaropvolgende jaar een vermogensaangifte betreffende de staat van hun vermogen op 31 december van het eerstbedoelde jaar in, die zij op hun erewoord juist en oprecht verklaren.
   Deze verplichting geldt niet wanneer er zich in de loop van het voorafgaande jaar geen aanvaarding van een ambt, benoeming tot een mandaat of beëindiging van een ambt of mandaat zoals bedoeld in artikel 1 heeft voorgedaan.
   In afwijking van het tweede lid dienen de personen die benoemd zijn voor een onbepaalde periode of een periode van meer dan zes jaar, vóór 1 april van het zesde jaar na dat van hun benoeming en vóór 1 april van ieder daaropvolgende zesde jaar, een nieuwe vermogensaangifte in betreffende de staat van hun vermogen op 31 december van het vijfde jaar na dat van hun benoeming en op 31 december van ieder daaropvolgende vijfde jaar.]1
  [1 De vermogensaangifte]1 vermeldt alle schuldvorderingen (zoals bankrekeningen, aandelen en obligaties), alle onroerende goederen, alsmede alle waardevolle roerende goederen zoals antiquiteiten en kunstwerken.
  § 2. [1...]1.
  De personen die benoemd zijn voor een onbepaalde periode of een periode van meer dan zes jaar, dienen uiterlijk in de loop van de maand na het verstrijken van iedere periode van vijf jaar sinds hun benoeming, een nieuwe vermogensaangifte in. (Deze aangifte heeft betrekking op de staat van hun vermogen op de dag waarop de in de voorgaande zin bedoelde periode is verstreken.) <W 2004-06-26/31, art. 14, 002 ; Inwerkingtreding : 01-01-2005>
  § 3. Het Rekenhof staat borg voor de absolute vertrouwelijkheid van die documenten, die het onder (gesloten) omslag moet bewaren. <W 2004-06-26/31, art. 14, 002 ; Inwerkingtreding : 01-01-2005>
  (De personeelsleden van het Rekenhof en elke bewaarder of houder van de vermogensaangifte zijn gehouden tot het beroepsgeheim, zoals bepaald in artikel 458 van het Strafwetboek.) <W 2004-06-26/31, art. 14, 002 ; Inwerkingtreding : 01-01-2005>
  § 4. Alleen een onderzoeksrechter is gemachtigd de aangifte van een persoon bedoeld in artikel 1 in te zien in het kader van een strafrechtelijk onderzoek dat tegen die persoon wordt gevoerd uit hoofde van zijn mandaat of van zijn ambt.
  § 5. (...) Na een periode van vijf jaar, die een aanvang neemt bij het verstrijken van het laatste mandaat of ambt dat door een in artikel 1 bedoelde persoon wordt uitgeoefend, worden de in [1 § 1]1 bedoelde vermogensaangiften gerestitueerd op de wijze bepaald in artikel 5.
  (§ 6. De in [1 § 1]1 bedoelde vermogensaangiften van overleden personen worden vernietigd na verloop van een periode van een maand te rekenen van de dag van het overlijden.) <W 2004-06-26/31, art. 14, 002 ; Inwerkingtreding : 01-01-2005>
  
  ----------
  (1)<W 2009-03-12/39, art. 2, 005; Inwerkingtreding : 01-01-2009>
  

  Art. 4. De in artikel 1 bedoelde personen dienen de in de artikelen 2 en 3 bedoelde aangiften in op de griffie van het Rekenhof.

  Art. 5. De wijze waarop de in de artikelen 2 en 3 bedoelde aangiften worden opgesteld, neergelegd en gecontroleerd wordt bij wet geregeld.

  Art. 6. § 1. De krachtens artikel 194 van het Strafwetboek vigerende straffen op valsheid in geschriften en het gebruik van valse stukken, zijn van toepassing op de aangiften bedoeld in de artikelen 2 en 3.
  § 2. Met geldboete van 100 tot 1 000 frank wordt gestraft, een ieder die heeft nagelaten de aangiften bepaald in de artikelen 2 en 3 in te dienen.
  § 3. De lijst van de personen die de aangiften bedoeld in de artikelen 2 en 3 niet hebben ingediend, wordt in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt tegelijkertijd met de lijst van de mandaten zoals die is bepaald in artikel 2, § 2.
  Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
  Gegeven te Brussel, 2 mei 1995.
  ALBERT
  Van Koningswege :
  De Eerste Minister,
  J.-L. DEHAENE
  De Minister van Verkeerswezen en Overheidsbedrijven,
  E. DI RUPO
  De Minister van Binnenlandse Zaken en Ambtenarenzaken,
  J. VANDE LANOTTE
  De Minister van Financiën,
  Ph. MAYSTADT
  De Minister van Sociale Zaken,
  Mevr. M. DE GALEN
  De Minister van Maatschappelijke Integratie en Volksgezondheid,
  J. SANTKIN
  Met 's Lands zegel gezegeld :
  De Minister van Justitie,
  M. WATHELET

Wijziging(en) Tekst Inhoudstafel Begin
BEELD
  • WET VAN 14-10-2018 GEPUBL. OP 26-10-2018
    (GEWIJZIGDE ART. : 1; 2; 3; 6; 7)
  • BEELD
  • WET VAN 14-10-2018 GEPUBL. OP 26-10-2018
    (GEWIJZIGDE ART. : 1; 2; 3; 6; 7)
  • BEELD
  • WET VAN 12-03-2009 GEPUBL. OP 31-03-2009
    (GEWIJZIGD ART. : 3)
  • BEELD
  • WET VAN 03-06-2007 GEPUBL. OP 27-06-2007
    (GEWIJZIGD ART. : 1)
  • BEELD
  • WET VAN 27-03-2006 GEPUBL. OP 11-04-2006
    (GEWIJZIGD ART. : 1)
  • BEELD
  • WET VAN 26-06-2004 GEPUBL. OP 30-06-2004
    (GEWIJZIGDE ART. : 1; 2; 3)

  • Parlementaire werkzaamheden Tekst Inhoudstafel Begin
       Gewone zitting 1994-1995 Kamer van volksvertegenwoordigers. Parlementaire stukken. - Wetsvoorstel, nr. 1697/1. - Amendementen, nr. 1697/2 en 3. - Verslag, nr. 1697/4. - Tekst aangenomen door de Commissie, nr. 1697/5. - Amendementen, nr. 1697/6 en 7. Artikelen gewijzigd in plenaire vergadering, nr. 1697/8. Parlementaire Handelingen. - Bespreking en aanneming. Vergaderingen van 1 en 2 maart 1995. Senaat : Parlementaire stukken. - Ontwerp overgezonden door de Kamer van volksvertegenwoordigers, nr. 1334/1. - Advies van de Raad van State, nr. 1334/2. - Verslag, nr. 1334/3. - Tekst aangenomen door de Commissie, nr. 1334/4. Voorstel van bijzondere wet, nr. 1387/1. - Verslag, nr. 1387/2. Tekst aangenomen door de Commissie, nr. 1387/3. Parlementaire Handelingen. - Bespreking en aanneming Vergadering van 7 april 1995. Kamer van volksvertegenwoordigers. Parlementaire stukken. - Ontwerp gewijzigd door de Senaat, nr. 1697/9. - Verslag, nr. 1697/10. Ontwerp overgezonden door de Senaat, nr. 1804/1. - Verslag, nr. 1804/2. Parlementaire Handelingen. - Bespreking en aanneming. Vergadering van 7 april 1995.

    Begin Eerste woord Laatste woord Wijziging(en)
    Parlementaire werkzaamheden Inhoudstafel 1 uitvoeringbesluit 4 gearchiveerde versies
    Franstalige versie