J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Wijziging(en)
Inhoudstafel 1 uitvoeringbesluit
Einde Franstalige versie
 
belgilex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/wet/1870/03/04/1870A30450/justel

Titel
4 MAART 1870. - Wet op het tijdelijke der eerediensten (BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST)
(NOTA : tekstbijwerking tot 07-07-2006)

Publicatie : 09-03-1870 nummer :   1870A30450 bladzijde : 905
Dossiernummer : 1870-03-04/31
Inwerkingtreding : 19-03-1870

Inhoudstafel Tekst Begin
HOOFDSTUK I. - Van de begrootingen en de rekeningen der besturen van parochiale- en hulpkerken.
Afdeeling I. - Van de begrooting van het kerkbestuur.
Art. 1-4
Afdeeling II. - Van de rekeningen.
Art. 5-12
Afdeeling III. - Bepalingen te gelijk betrekking hebbende tot de begrootingen en tot de rekeningen.
Art. 13-15
HOOFDSTUK Ibis. - (Algemeen toezicht op de handelingen en dwingend toezicht op de leden van de kerkfabrieken) <ingevoegd bij W 1999-03-10/44, art. 4, Inwerkingtreding : 03-05-1999>
Afdeling 1. (Algemeen toezicht)
Art. 15bis, 15ter, 15quater
Afdeling 2. (Dwingend toezicht)
Art. 15quinquies
HOOFDSTUK II. - Van de begrooting en van de rekeningen der besturen van de hoofdkerken.
Art. 16-17
HOOFDSTUK IIbis. - (Algemeen toezicht op de handelingen en dwingend toezicht op de leden van de kathedrale kerkfabrieken) <ingevoegd bij W 1999-03-10/44, art. 5, Inwerkingtreding : 03-05-1999>
Afdeling 1. (Algemeen toezicht)
Art. 17bis, 17ter, 17quater
Afdeling 2. (Dwingend toezicht)
Art. 17quinquies
HOOFDSTUK III. - (Boekhouding van de temporalin van de andere erkende erediensten evenals het algemeen toezicht en het dwingend toezicht) < W 1999-03-10/43, art. 6, ED 03-05-1999>
Art. 18-19, 19bis
HOOFDSTUK IV. - (Bepaling betreffende het administratief arrondissement Brussel-Hoofdstad).
Art. 19ter, 20

Tekst Inhoudstafel Begin
HOOFDSTUK I. - Van de begrootingen en de rekeningen der besturen van parochiale- en hulpkerken.

  Afdeeling I. - Van de begrooting van het kerkbestuur.

  Artikel 1.De begrooting van het kerkbestuur wordt, vr den 15 augustus, in vierdubbel afschrift, overgemaakt aan den gemeenteraad, die er over zal beraadslagen vooraleer de begrooting der gemeente te stemmen.

  Art. 2. [Het college van burgemeester en schepenen zendt de begrotingen van de kerkbesturen, met de bewijsstukken en het advies van de gemeenteraad, aan de Brusselse Hoofdstedelijke Regering vr 20 oktober.] <ORD 2002-07-18/38, art. 15, Inwerkingtreding : 17-08-2002)>

  Art. 3. <ORD 2002-07-18/38, art. 16, Inwerkingtreding : 17-08-2002)> De Brusselse Hoofdstedelijke Regering zendt de begrotingen der kerkbesturen, met al de stukken tot staving, aan het hoofd van het bisdom, vr 5 november.
  De bisschop sluit definitief de uitgaven betreffende het vieren van de eredienst, en keurt de begroting goed, die hij aan de Brusselse Hoofdstedelijke Regering terugzendt vr 25 november.
  De begroting wordt onderworpen aan de goedkeuring van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, die de artikelen van de uitgaven inzake het vieren van de eredienst niet mag wijzigen; de Brusselse Hoofdstedelijke Regering statueert vr 15 december.
  Drie afschriften van de begroting worden met vermelding van de beslissing van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering teruggestuurd naar de bisschop en de belanghebbende gemeente- en kerkbesturen. Het vierde afschrift wordt bewaard in de gewestelijke archieven.

  Art. 4. [...] <ORD 2002-07-18/38, art. 17, Inwerkingtreding : 17-08-2002)>

  Afdeeling II. - Van de rekeningen.

  Art. 5.De schatbewaarder is verplicht zijne jaarlijksche rekening aan den raad aan te bieden, in eene verplichtbare zitting, die zal gehouden worden op den eersten zondag van de maand maart.

  Art. 6.De rekening van het kerkbestuur wordt vr den 10 april, door den bestuurraad, in vierdubbel afschrift, met al de bewijsstukken, door den bestuurraad overgemaakt aan het gemeentebestuur, dat er in zijne naaste zitting over beraadslaagt.

  Art. 7. <ORD 2002-07-18/38, art. 18, Inwerkingtreding : 17-08-2002)> Het college van burgemeester en schepenen zendt de rekeningen van de kerkbesturen, met de bewijsstukken en het advies van de gemeenteraad, aan de Brusselse Hoofdstedelijke Regering vr 15 mei.

  Art. 8. <ORD 2002-07-18/38, art. 19, Inwerkingtreding : 17-08-2002)> De Brusselse Hoofdstedelijke Regering zendt onmiddellijk bedoelde rekening, met al de stukken tot staving, aan het hoofd van het bisdom, dat definitief de uitgaven sluit binnen de perken van de begroting gedaan voor het vieren van de eredienst; hij keurt het overige van de rekening goed en zendt het alles terug naar de Brusselse Hoofdstedelijke Regering vr 10 juni.
  De rekening wordt onderworpen aan de goedkeuring van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, die een beslissing neemt vr 1 juli.
  Drie afschriften van de rekening worden met vermelding van de beslissing van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering teruggestuurd naar de bisschop en de belanghebbende gemeente- en kerkbesturen. Het vierde afschrift wordt bewaard in de gewestelijke archieven.

  Art. 9. [...] <ORD 2002-07-18/38, art. 20, Inwerkingtreding : 17-08-2002)>

  Art. 10.De schatbewaarder is verplicht, om als waarborg van zijn beheer te dienen, eenen borg te stellen waarvan het beloop en den aard geregeld zullen worden door den kerkbestuurraad op de grondslagen en volgens de wijze bepaald bij de artikelen 115 tot 120 der gemeentewet van 30 maart 1836.
  De schatbewaarder wordt als openbare rekenplichtige beschouwd voor al de akten of feiten betrekking hebbende tot zijn financieel beheer.

  Art. 11.Telken male dat er een nieuwe schatbewaarder is, wordt hem door zijnen voorganger of door deszelfs vertegenwoordigers, eene rekening gedaan van de bewerkstelligde ontvangsten en uitgaven, in tegenwoordigheid der leden van den raad, die zich ten dezen einde vereenigt, binnen de maand der vervanging. In deze zelfde zitting, overhandigt men aan den nieuwen schatbewaarder het dubbel der begrooting van het loopende dienstjaar, eene kopij van den tarief van het bisdom, eenen staat van de uitstaande gelden of van de te innen ontvangsten, de tabel der niet gekwetene lasten en leveringen, alsmede al de rekenboeken. Akte van deze overlegging van rekeningen en van deze uitstaande gelden wordt gehouden op het register der beraadslagingen. Kennis daarvan wordt gegeven aan den gemeenteraad, aan den bisschop en aan de bestendige afvaardiging.

  Art. 12.Bij gebreke, van wege den schatbewaarder of zijne vertegenwoordigers, de rekening op het bepaalde tijdstip aan te bieden, of in geval van betwisting, wordt de rekening door de bestendige afvaardiging gesloten.
  De beslissing der bestendige afvaardiging wordt den belanghebbenden bekend gemaakt, die hun verhaal bij den Koning kunnen nemen binnen de dertig dagen der bekendmaking.
  De inning van alle voor saldo verschuldigde som wordt vervolgd bij middel van dwangbevel afgeleverd door den nieuwen schatbewaarder, geviseerd door den voorzitter van den raad en voorzien van de volmacht der bestendige afvaardiging.

  Afdeeling III. - Bepalingen te gelijk betrekking hebbende tot de begrootingen en tot de rekeningen.

  Art. 13.De begrootingen en de rekeningen der kerkbesturen worden opgemaakt overeenkomstig met de modellen, die de regeering vaststelt, na het advies van den bisschop te hebben genomen.

  Art. 14.Indien het grondgebied der parochie- of van de hulpkerk verscheidene gemeenten of verscheidene deelen van gemeenten bevat, wordt een dubbel der begrooting en der rekening, op de tijdstippen bij de artikelen 1 en 6 bepaald, medegedeeld aan elke, belanghebbende gemeente en beraadslagen de gemeenteraden daarover respectievelijk.
  De stukken der briefwisseling worden, overgemaakt door tusschenkomst van het gemeentebestuur, waar de zetel der kerk gevestigd is.

  Art. 15. <ORD 2002-07-18/38, art. 21, Inwerkingtreding : 17-08-2002)> Indien de begroting of de rekening niet overhandigd is op de bij de artikelen 1 en 6 bepaalde tijdstippen, of indien het kerkbestuur weigert de bewijsstukken of uitleggingen te geven, welke door de bestendige afvaardiging worden gevraagd, zendt de gouverneur het bij aanbevolen brief een uitnodiging en verwittigt de bisschop daarvan.
  Het kerkbestuur dat, binnen de tien dagen van de ontvangst van de brief, zijn begroting of zijn rekening niet overhandigd heeft, of dat binnen dezelfde termijn de stukken of uitleggingen niet heeft geleverd, of wiens begroting of rekening door de afvaardiging niet goedgekeurd teruggezonden wordt, kan voortaan geen hulpgelden meer bekomen noch van de gemeente, noch van de provincie, noch van de Staat.
  De gouverneur bekrachtigt het verval door een besluit, dat bekendgemaakt wordt aan de bisschop, aan het kerkbestuur en aan de belanghebbende besturen.

  HOOFDSTUK Ibis. - (Algemeen toezicht op de handelingen en dwingend toezicht op de leden van de kerkfabrieken) <ingevoegd bij W 1999-03-10/44, art. 4, Inwerkingtreding : 03-05-1999>

  Afdeling 1. (Algemeen toezicht)

  Art. 15bis.< [De Brusselse Hoofdstedelijke Regering] kan, bij een met redenen omkleed besluit, de uitvoering schorsen van de handeling waarbij een kerkfabriek haar bevoegdheid te buiten gaat, de wet schendt of het algemeen belang schaadt. <ORD 2002-07-18/38, art. 22, Inwerkingtreding : 17-08-2002)>
  Het schorsingsbesluit moet worden genomen binnen veertig dagen nadat de handeling bij [de Brusselse Hoofdstedelijke Regering] is ingekomen; van het schorsingsbesluit wordt dadelijk kennis gegeven aan de kerkfabriek die er onverwijld kennis van neemt en de geschorste handeling kan rechtvaardigen [...]. <ORD 2002-07-18/38, art. 22, Inwerkingtreding : 17-08-2002)>
  De kerkfabriek wier handeling regelmatig wordt geschorst, kan ze intrekken.
  Na het verstrijken van de termijn bepaald in artikel 15ter, is de schorsing opgeheven.

  Art. 15ter. [De Brusselse Hoofdstedelijke Regering] kan, bij een met redenen omkleed besluit, de handeling vernietigen waarbij een kerkfabriek de wet schendt of het algemeen belang schaadt. <ORD 2002-07-18/38, art. 23, Inwerkingtreding : 17-08-2002)>
  Het vernietigingsbesluit moet worden genomen binnen veertig dagen nadat de handeling bij [de Brusselse Hoofdstedelijke Regering] is ingekomen, [...] of nadat de handeling waaruit blijkt dat de kerkfabriek kennis heeft genomen van de schorsing, bij [de Brusselse Hoofdstedelijke Regering] is ingekomen. <ORD 2002-07-18/38, art. 23, Inwerkingtreding : 17-08-2002)>
  [Het door de Brusselse Hoofdstedelijke Regering genomen vernietigingsbesluit wordt onmiddellijk ter kennis gebracht van de betrokkenen en aan het college van burgemeester en schepenen, voor zover de handeling een weerslag op de begroting met zich meebrengt.] <ORD 2002-07-18/38, art. 23, Inwerkingtreding : 17-08-2002)>
  [...] <ORD 2002-07-18/38, art. 23, Inwerkingtreding : 17-08-2002)>

  Art. 15quater. De civielrechtelijke handelingen en de aanneming van giften waarvan het bedrag [10.000 EUR] niet overschrijdt, zijn aan het algemeen toezicht onderworpen. De lijst van die handelingen wordt na afloop van elk kalenderkwartaal toegezonden aan [de Brusselse Hoofdstedelijke Regering]. <ORD 2002-07-18/38, art. 24, Inwerkingtreding : 17-08-2002)>
  [De Brusselse Hoofdstedelijke Regering] kan het bedrag dat in het voorgaande lid wordt vastgesteld, aanpassen aan de monetaire ontwikkeling.] <ORD 2002-07-18/38, art. 24, Inwerkingtreding : 17-08-2002)>

  Afdeling 2. (Dwingend toezicht)

  Art. 15quinquies. Na twee opeenvolgende, uit de briefwisseling blijkende waarschuwingen, kan [de Brusselse Hoofdstedelijke Regering] n of meer commissarissen gelasten zich ter plaatse te begeven, op de persoonlijke kosten van de leden van de kerkfabriek die verzuimd hebben aan de waarschuwingen gevolg te geven, teneinde de gevraagde inlichtingen of opmerkingen in te zamelen of de maatregelen ten uitvoer te brengen die zijn voorgeschreven bij de wetten, decreten, ordonnanties, algemene reglementen en besluiten van de Staat, de Gemeenschappen, de Gewesten en de provinciale instellingen. <ORD 2002-07-18/38, art. 25, Inwerkingtreding : 17-08-2002)>
  Het sturen van n of meer commissarissen wordt door [de Brusselse Hoofdstedelijke Regering] onmiddellijk [...] aan het College van burgemeester en schepenen van de betrokken gemeente, voor zover de handeling een budgettaire weerslag met zich meebrengt, medegedeeld. <ORD 2002-07-18/38, art. 25, Inwerkingtreding : 17-08-2002)>
  De invordering van de kosten ten laste van de leden van de kerkfabriek geschiedt, zoals inzake directe belastingen, door de rijksontvanger, nadat [de Brusselse Hoofdstedelijke Regering] het bevelschrift uitvoerbaar heeft verklaard. <ORD 2002-07-18/38, art. 25, Inwerkingtreding : 17-08-2002)>
  [...] <ORD 2002-07-18/38, art. 25, Inwerkingtreding : 17-08-2002)>

  HOOFDSTUK II. - Van de begrooting en van de rekeningen der besturen van de hoofdkerken.

  Art. 16.De bepalingen van het Iste hoofdstuk betrekkelijk de parochiale kerkbesturen zijn toepasselijk op de besturen der hoofdkerken.

  Art. 17. <ORD 2002-07-18/38, art. 25, Inwerkingtreding : 17-08-2002)> De begrotingen en de rekeningen van deze kerkbesturen worden, voor goedkeuring aan de Brusselse Hoofdstedelijke Regering gezonden.
  In het geval bepaald in artikel 15, wordt de uitnodiging door de Brusselse Hoofdstedelijke Regering gedaan.
  De Brusselse Hoofdstedelijke Regering bestatigt het verval door een besluit dat aan het kerkbestuur en aan de bisschop ter kennis wordt gebracht.

  HOOFDSTUK IIbis. - (Algemeen toezicht op de handelingen en dwingend toezicht op de leden van de kathedrale kerkfabrieken) <ingevoegd bij W 1999-03-10/44, art. 5, Inwerkingtreding : 03-05-1999>

  Afdeling 1. (Algemeen toezicht)

  Art. 17bis.<ingevoegd bij W 1999-03-10/44, art. 5, Inwerkingtreding : 03-05-1999> De Minister van Justitie kan, bij een met redenen omkleed besluit, de uitvoering schorsen van de handelingen waarbij een kathedrale kerkfabriek haar bevoegdheid te buiten gaat, de wet schendt of het algemeen belang schaadt.
  Het schorsingsbesluit moet worden genomen binnen veertig dagen nadat de beslissing op het ministerie van justitie is ingekomen.
  Van het schorsingsbesluit wordt dadelijk kennis gegeven aan de kathedrale kerkfabriek, die er onverwijld kennis van neemt en de geschorste handeling niet kan rechtvaardigen, aan de voor de eredienst bevoegde overheid en aan de bestendige deputatie van de provincieraad, voor zover de handeling een budgettaire weerslag met zich meebrengt.
  De katholieke kerkfabriek wier handeling regelmatig wordt geschorst, kan ze intrekken.
  Na het verstrijken van de termijn bepaald in artikel 17ter, is de schorsing opgeheven.

  Art. 17ter.<ingevoegd bij W 1999-03-10/44, art. 5, Inwerkingtreding : 03-05-1999> De Koning kan, bij een met redenen omkleed besluit, de beslissing vernietigen waarbij een kathedrale kerkfabriek de wet schendt of het algemeen belang schaadt.
  Het vernietigingsbesluit moet worden genomen binnen veertig dagen nadat de handeling van de kathedrale kerkfabriek op het ministerie van justitie is ingekomen of binnen veertig dagen nadat de handeling waarbij de kathedrale kerkfabriek kennis heeft genomen van het schorsingsbesluit op het ministerie van Justitie is ingekomen.
  Het vernietigingsbesluit wordt onmiddellijk bij een ter post aangetekend schrijven ter kennis gebracht van de kathedrale kerkfabriek, van de voor de eredienst bevoegde overheid en van de bestendige deputatie van de provincieraad, voor zover de handeling een budgettaire weerslag met zich meebrengt, en bij uittreksel bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad.

  Art. 17quater.<ingevoegd bij W 1999-03-10/44, art. 5, Inwerkingtreding : 03-05-1999> De civielrechtelijke handelingen en de aanneming van giften waarvan het bedrag (10.000 EUR) niet overschrijdt, zijn aan het algemeen toezicht onderworpen. De lijst van die handelingen wordt na afloop van elk kalenderkwartaal toegezonden aan de Minister van Justitie. <KB 2000-07-20/58, art. 8, Inwerkingtreding : 01-01-2002>
  De Koning kan het bedrag dat in het voorgaande lid wordt vastgesteld, aanpassen aan de monetaire ontwikkeling.

  Afdeling 2. (Dwingend toezicht)

  Art. 17quinquies.<ingevoegd bij W 1999-03-10/44, art. 5, Inwerkingtreding : 03-05-1999> Na twee achtereenvolgende, uit de briefwisseling blijkende waarschuwingen, kan de Koning n of meer commissarissen gelasten zich ter plaatse te begeven, op de persoonlijke kosten van de leden van de kathedrale kerkfabriek die verzuimd hebben aan de waarschuwing gevolg te geven, ten einde de gevraagde inlichtingen of opmerkingen in te zamelen of de maatregelen ten uitvoer te brengen die zijn voorgeschreven bij de wetten, decreten, ordonnanties, algemene reglementen en besluiten van de Staat, de Gemeenschappen en de Gewesten.
  Het besluit tot het sturen van n of meerdere commissarissen wordt onmiddellijk door de Minister van Justitie aan de voor de eredienst bevoegde overheid en aan de bestendige deputatie van de provincieraad, voor zover de handeling een budgettaire weerslag met zich meebrengt, medegedeeld.
  De invordering van de kosten ten laste van de leden van de kathedrale kerkfabriek geschiedt, zoals inzake directe belastingen, door de rijksontvanger, nadat de Koning het bevelschrift uitvoerbaar heeft verklaard.

  HOOFDSTUK III. - (Boekhouding van de temporalin van de andere erkende erediensten evenals het algemeen toezicht en het dwingend toezicht) < W 1999-03-10/43, art. 6, ED 03-05-1999>

  Art. 18.<W 1999-03-10/44, art. 7, Inwerkingtreding : 03-05-1999> De bepalingen van het hoofdstuk I betreffende de begrotingen en de rekeningen en de bepalingen van het hoofdstuk Ibis betreffende het algemeen toezicht en het dwingend toezicht zijn eveneens toepasselijk op de raden van bestuur van de protestantse, Anglikaanse en Isralische Kerken, voor wat de betrekkingen van deze raden met de burgerlijke overheid betreft.

  Art. 19.Deze Kerken worden, voor het beheer hunner tijdelijke belangen en voor hunne betrekkingen met de burgerlijke overheid, vertegenwoordigd en ingericht op de wijze, die door de regeering zal bepaald worden.
  Deze inrichting zal bevatten :
  1 De samenstelling van het personeel;
  2 Het grondgebied;
  3 Het beheer der goederen.

  Art. 19bis. <W 1999-03-10/44, art. 8, Inwerkingtreding : 03-05-1999> De besturen die eigen zijn aan de [...] orthodoxe erediensten worden op de door artikel 19 bepaalde wijze ingericht op het grondgebied van de provincies en van het administratief arrondissement Brussel-Hoofdstad. <ORD 2006-06-29/33, art. 42, Inwerkingtreding : 17-07-2006>
  De betrekkingen met de burgerlijke overheid worden verzorgd [...] door het representatief orgaan van de orthodoxe kerk. <ORD 2006-06-29/33, art. 42, Inwerkingtreding : 17-07-2006>
  [Het toezicht op die besturen wordt uitgeoefend door de Brusselse Hoofdstedelijke Regering op de wijze omschreven in de bepalingen van het hoofdstuk Ilbis. Voor hun oprichting alsook voor de civielrechtelijke handelingen die zij verrichten en de aanneming van giften die aan hen gedaan worden, is evenwel de machtiging van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering vereist.
  Daartoe worden de aanvragen tot oprichting van een bestuur aan de Brusselse Hoofdstedelijke Regering gezonden door het representatief orgaan van de eredienst. Ook de beslissingen betreffende de civielrechtelijke handelingen en giften worden aan de Brusselse Hoofdstedelijke Regering gezonden.
  De civielrechtelijke handelingen en de aanneming van giften waarvan het bedrag 10.000 EUR niet overschrijdt, zijn echter onderworpen aan het algemeen toezicht. De lijst van die handelingen wordt door de besturen die eigen zijn aan de eredienst na afloop van elk kalenderjaar aan de Brusselse Hoofdstedelijke Regering toegezonden.
  De Brusselse Hoofdstedelijke Regering kan het bedrag dat in het voorgaande lid wordt vastgesteld, aanpassen aan de monetaire ontwikkeling.] <ORD 2002-07-18/38, art. 25, Inwerkingtreding : 17-08-2002)>
  De geldelijke tegemoetkomingen van de gemeenten ten voordele van de bedienaars en de besturen der erediensten bepaald in de vorige artikelen, komen ten laste van de provincies en het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest wat de islamitische en orthodoxe erediensten betreft.

  HOOFDSTUK IV. - (Bepaling betreffende het administratief arrondissement Brussel-Hoofdstad).

  Art. 19ter.<ORD 2002-07-18/38, art. 28, Inwerkingtreding : 17-08-2002> Wat de temporalin van de eredienst betreft, voor het administratief arrondissement Brussel-Hoofdstad, oefent de Brusselse Hoofdstedelijke Regering de bevoegdheden uit die aan de provinciegouverneur of aan de bestendige deputatie worden toegewezen en oefent [het Parlement] de bevoegdheden uit die aan de provincieraad worden toegewezen. <W 2006-03-27/35, art. 3, Inwerkingtreding : 21-04-2006>

  Art. 20. Al de bepalingen, welke niet in strijd zijn met de tegenwoordige wet, worden behouden.

Wijziging(en) Tekst Inhoudstafel Begin
originele versie
  • ORDONNANTIE (BRUSSEL) VAN 29-06-2006 GEPUBL. OP 07-07-2006
    (GEWIJZIGD ART. : 19bis)
  • originele versie
  • WET VAN 27-03-2006 GEPUBL. OP 11-04-2006
    (GEWIJZIGD ART. : 19ter)
  • originele versie
  • ORDONNANTIE (BRUSSEL) VAN 18-07-2002 GEPUBL. OP 07-08-2002
    (GEWIJZIGDE ART. : 2; 3; 4; 7; 8; 9; 15; 15BIS-15QUI; 17; 19BIS; 19TER)
  • originele versie
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 20-07-2000 GEPUBL. OP 30-08-2000
    (GEWIJZIGDE ART. : 15QUA; 17QUA; 19BIS)
  • originele versie
  • WET VAN 10-03-1999 GEPUBL. OP 23-04-1999
    (GEWIJZIGDE ART. : 15BIS-15QUI; 17BIS-17QUI; 18; 19BIS; 19TER)
  • WET VAN 18-07-1991 GEPUBL. OP 26-07-1991
    (GEWIJZIGD ART. : 19bis)
  • WET VAN 17-04-1985 GEPUBL. OP 11-05-1985

  • Begin Eerste woord Laatste woord Wijziging(en)
    Inhoudstafel 1 uitvoeringbesluit
    Franstalige versie