J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Aanhef
Inhoudstafel
Handtekening Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/besluit/2017/12/21/2018030200/justel

Titel
21 DECEMBER 2017. - Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering houdende de regels die van toepassing zijn op de woningen die door openbare vastgoedbeheerders en door de sociale verhuurkantoren te huur worden gesteld

Bron :
BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST
Publicatie : 28-05-2018 nummer :   2018030200 bladzijde : 44202       PDF :   originele versie    
Dossiernummer : 2017-12-21/42
Inwerkingtreding : 07-06-2018

Deze tekst wijzigt de volgende tekst :2015031891       

Inhoudstafel Tekst Begin
HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen
Afdeling 1. - Definities
Art. 1
Afdeling 2. - toepassingsgebied
Art. 2
Afdeling 3. - Bekendmaking en informatieplicht
Art. 3-4
Afdeling 4. - Het toewijzingsreglement
Art. 5
Afdeling 5. - Het register
Art. 6
Afdeling 6. - Toewijzing van de woningen
Art. 7
Afdeling 7. - Rechtsmiddelen
Art. 8
Afdeling 8. - Regels van toepassing op het behoud van het openbare huurwoningenbestand
Art. 9
HOOFDSTUK II. - Aanvullende bepalingen die op de gemeenten en O.C.M.W.'s van toepassing zijn
Afdeling 1. - Toewijzing van de woningen
Art. 10
Afdeling 2. - Voorwaarden van maximale inkomsten en huurprijzen
Art. 11
HOOFDSTUK III. - Wijzigingsbepalingen
Art. 12-15
BIJLAGEN.
Art. N1-N6

Tekst Inhoudstafel Begin
HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen

  Afdeling 1. - Definities

  Artikel 1. § 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder:
  1° Referentiejaar: het op twee na laatste jaar voorafgaand aan de datum van de toewijzing van de woning ;
  2° Code : de ordonnantie van 17 juli 2003 houdende de Brusselse Huisvestingscode;
  3° Kostprijs: het geheel van kosten in verband met de geconventioneerde woning die te huur gesteld wordt, gedragen door de begunstigde van de gewestelijke subsidie die met de woning verband houdt, met inbegrip van de aankoopkosten, waarvan de echtheid verantwoord kan worden door bewijsstukken, met uitzondering van de onrechtstreekse kosten;
  4° De totale kostprijs van een operatie: som van de noodzakelijke kosten en uitgaven voor de verbouwing, de aankoop of onteigening van een gebouw en, in voorkomend geval, voor het herstel van dit gebouw, in het kader van een project voor de productie van woningen, alle kosten, honoraria en taksen inbegrepen;
  5° Regering : de Brusselse Hoofdstedelijke Regering;
  6° Minister: de minister of de staatssecretaris tot wiens bevoegdheid Huisvesting behoort;

  Afdeling 2. - toepassingsgebied

  Art. 2. Onderhavig besluit is van toepassing op de volgende openbare vastgoedbeheerders (hierna "de openbare vastgoedbeheerders "), onder die vermeld in artikel 2, § 1, 4° van de Brusselse Huisvestingscode, wanneer ze woningen te huur stellen:
  1° de gemeenten,
  2° de OCMW's,
  3° de autonome gemeentelijke regie,
  4° de Grondregie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest,
  5° de Gewestelijke Ontwikkelingsmaatschappij voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (GOMB).
  Behalve wanneer de woning door een sociaal verhuurkantoor in beheer genomen is, is de openbare vastgoedbeheerders ertoe gehouden om de naleving van de bepalingen van het besluit te vrijwaren wanneer het beheer of de toewijzing van de woning of de selectie van de huurder aan een derde toevertrouwd wordt.

  Afdeling 3. - Bekendmaking en informatieplicht

  Art. 3. De verplichte jaarlijkse mededeling van de door artikel 25 van de Code bedoelde inventaris van de woningen gebeurt in papieren vorm of per e-mail die geauthenticeerd is met een geavanceerde elektronische handtekening. De ontvangst van de via elektronische weg verzonden inventaris wordt door een ontvangstbewijs bevestigd. Deze mededeling gebeurt volgens het model bepaald in bijlage 1 van dit besluit en is gericht aan de gewestelijke administratie belast met Huisvesting. De gemeenten en OCMW's maken de inventaris ieder afzonderlijk ook over naar de gewestelijke administratie die belast is met het toezicht op de gemeenten of aan de administratie die het toezicht op de OCMW's uitoefent.

  Art. 4. Zodra het toewijzingsreglement bedoeld in artikel 26 van de code door het bevoegde orgaan van de openbare vastgoedbeheerders goedgekeurd is, wordt het, niettegenstaande de vereiste officiële wijzen van bekendmaking, op toegankelijke wijze op de website van de openbare vastgoedbeheerders gepubliceerd. Indien hij niet over een website beschikt, maakt hij aan iedereen die hem dat vraagt een kopie van zijn toewijzingsreglement over.
  Zodra het bovenvermelde toewijzingsreglement door het bevoegde orgaan bij de openbare vastgoedbeheerders goedgekeurd is, wordt het toewijzingsreglement, in papieren versie en in elektronisch formaat, aan de gewestelijke administratie belast met Huisvesting overgemaakt. De gemeenten en OCMW's sturen het ieder afzonderlijk ook door naar de gewestelijke administratie die belast is met het toezicht op de gemeenten of aan de administratie die het toezicht over de OCMW's uitoefent.
  De leden 1 en 2 van onderhavige bepaling zijn ook voor elke wijziging van het reglement van toepassing. De openbare vastgoedbeheerders waakt erover om, bij elke wijziging, dit op zijn website te publiceren en een geconsolideerde versie van zijn toewijzingsreglement overeenkomstig bovenvermelde leden mee te delen.

  Afdeling 4. - Het toewijzingsreglement

  Art. 5. § 1. De openbare vastgoedbeheerders keurt, voor de toewijzing van zijn woningen, een algemeen toewijzingsreglement goed.
  Voor elke categorie van openbare vastgoedbeheerders moet toewijzingsreglement met de modellen in bijlagen 2 tot 5 van dit besluit overeenstemmen.
  Alle woningen die te huur worden gesteld door de openbare vastgoedbeheerders, ook wanneer deze er aan een derde die niet een SVK is, afstaat voor beheer, met uitzondering van de transitwoningen zoals bepaald in artikel 2, 22° van de Code, worden toegewezen in naleving van het toewijzingsreglement.
  § 2. In toepassing van artikel 198 van de Code kan de openbare vastgoedbeheerders, uitzonderlijk en in naleving van het gelijkheidsbeginsel en transparantiebeginsel,, een van huidig besluit afwijkend regime vaststellen gerechtvaardigd door specifieke maatregelen bestemd om de nadelen te voorkomen of te compenseren in verband met een van de beschermde criteria die in artikel 193, 1° van de Code opgenomen zijn, om zo in de praktijk een volledige gelijkheid te garanderen.
  De overeenkomst of eenzijdige akte met algemene draagwijdte waarop dit afwijkend regime gestoeld is, wordt na eensluidend advies van de Regering goedgekeurd. Daartoe maakt de openbare vastgoedbeheerders de overeenkomst of de eenzijdige akte aan het Regeringslid bevoegd voor Huisvesting over.
  Dit advies kan met voorwaarden gepaard gaan.
  In het kader van haar eensluidend advies gaat de Regering na of de volgende voorwaarden vervuld zijn:
  1° er bestaat een manifeste ongelijkheid;
  2° het verdwijnen van deze ongelijkheid wordt als nagestreefde doelstelling van het afwijkende regime aangemerkt;
  3° het voorgestelde afwijkende regime is van tijdelijke aard en bestemd om te verdwijnen zodra de beoogde doelstelling bereikt is;
  4° het voorgestelde afwijkende regime perkt niet onnodig de rechten van anderen in.
  De Regering beschikt over 45 dagen om een uitspraak te doen. Deze termijn kan op vijfenzeventig dagen gebracht worden op vraag van het Regeringslid bevoegd voor Huisvesting wanneer dat verantwoord wordt door de noodzaak om voor het hem voorgelegde ontwerp verduidelijkingen te bekomen of aanpassingen overeen te komen.
  Wanneer deze termijn verstreken is, wordt het advies geacht ongunstig te zijn.
  § 3. Van het eensluidend advies bedoeld in paragraaf 2 moet aan de openbare vastgoedbeheerders kennisgegeven zijn vooraleer om het even welke individuele beslissing tot toewijzing van een woning in toepassing van het afwijkende regime voorzien in paragraaf 2 goedgekeurd wordt.

  Afdeling 5. - Het register

  Art. 6. § 1. Overeenkomstig artikel 27, § 1 van de Code houdt de openbare vastgoedbeheerders een register bij met, in chronologische volgorde van de indiening van de aanvragen, de geanonimiseerde lijst van de aanvragers voor de toewijzing van een van die woningen.
  Het register bevat het nummer van de kandidatuur, de inschrijvingsdatum, de gezinssamenstelling en het type woning dat aangevraagd wordt.
  Dit register vermeldt, voor elke aanvrager geïdentificeerd door een volgnummer:
  1° de verschillende kenmerken van zijn situatie waarmee rekening gehouden wordt bij het toewijzen van de woning, met uitzondering van zijn identiteit. Het gaat zowel om informatie die het mogelijk maakt om het aangepaste karakter van een beschikbare woning te bepalen, als bij wijze van niet exhaustieve voorbeelden, de gezinssamenstelling, de gezondheidstoestand of het bestaan van een beperking, als om elementen die het de aanvrager toelaten één of ander wegingscriterium in overweging te laten nemen overeenkomstig artikel 29, lid 2 van de Code;
  2° in voorkomend geval, de woning die hem toegewezen werd;
  3° in voorkomend geval, het adres van deze woning;
  4° in voorkomend geval, de datum van de toewijzingsbeslissing;
  5° in voorkomend geval, zijn aanspraak op de huurtoelage;
  6° in voorkomend geval, het motief tot schrapping uit het register.
  In geval van wijziging van de kenmerken van de situatie van de aanvrager wordt het register zo snel mogelijk aangepast.
  Het register vermeldt geen identiteit van de aanvragers. Het verband tussen elk registernummer en de identiteit van de aanvrager is enkel toegankelijk voor de operator, de gemachtigde ambtenaar en de beroepsinstantie.
  Het register kan worden geraadpleegd door op zijn minst de aanvragers, de gemeenteraadsleden, de leden van de raden van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn van de betrokken gemeente en de leden van het Parlement en de Brusselse Hoofdstedelijke Regering.
  § 2. Om het beheer van zijn patrimonium te faciliteren kan de openbare vastgoedbeheerder, in naleving van de gelijkheids- en transparantiebeginselen, aanvullende gedifferentieerde lijsten bijhouden in functie van de kenmerken van de woningen (aantal gevraagde slaapkamers, aangepaste woning voor personen met een beperkte mobiliteit, enz.), steeds mits inachtneming van de chronologische volgorde.
  § 3. De gegevens die in de registers opgenomen zijn, worden opgeslagen op een zodanige wijze dat ze in geen enkel geval gewijzigd kunnen worden en zodat ze conform § 1 geraadpleegd kunnen worden.

  Afdeling 6. - Toewijzing van de woningen

  Art. 7. § 1. De toe te wijzen woning moet aan het gezin van de kandidaat-huurder aangepast zijn.
  Haar toewijzing gebeurt volgens de chronologische volgorde van de inschrijvingen in het kandidatenregister dat door middel van de door het toewijzingsreglement voorziene criteria gewogen wordt behalve:
  1° indien het nodig is om het afwijkingsmechanisme bedoeld in artikel 5 § 2 van dit besluit toe te passen;
  2° wanneer de aanvrager zich in extreme nood bevindt;
  3° wanneer de toewijzing betrekking heeft op de verhuur van woningen die voor het gebruik van als gehandicapte erkende personen aangepast zijn;
  4° wanneer de woningen voor ouderen ontworpen zijn en zij de begunstigden van specifieke diensten zijn;
  5° wanneer de toewijzing in het kader van een mutatie gebeurt;
  6° wanneer de toewijzing gebeurt in het kader van een herhuisvestingsplan voor huurders van woningen die door de openbare vastgoedbeheerder beheerd worden en gerenoveerd worden.
  § 2. Onverminderd de toepassing van artikel 5, § 2, van huidig besluit, neemt de openbare vastgoedbeheerders, wanneer hij overeenkomstig artikel 30 van de Code een van zijn woningen te huur moet toewijzen, contact op met de aanvragers wier aanvraag overeenstemt met de beschikbare woning en die het hoogst gerangschikt staan krachtens artikel 29 van de Code.
  Deze rangschikking wordt bepaald door de openbare vastgoedbeheerders volgens de toewijzingsregels vastgesteld in het toewijzingsreglement die de chronologische volgorde van de aanvragen combineren met de weging ervan op basis van de criteria vermeld in het toewijzingsreglement.
  § 3. De openbare vastgoedbeheerders waarschuwt de betrokken aanvragers via aangetekende brief of via elk ander middel waardoor het ontvangstbewijs van de briefwisseling gestaafd kan worden, met inbegrip van communicatie via e-mail met ontvangstbevestiging voor zover de betrokken aanvrager het gebruik van deze communicatiewijze uitdrukkelijk schriftelijk gevraagd heeft en er ondertussen niet van afgezien heeft. Deze communicatiewijze kan hem niet opgelegd worden.
  De waarschuwing die aan de betrokken aanvragers verzonden wordt, preciseert, naast de vermeldingen beoogd in artikel 30 van de Code, de rangschikking van de aanvrager.
  § 4. Als de woning niet kon worden toegewezen aan de aanvragers die gecontacteerd werden in toepassing van § 1 van dit artikel, dan zal de openbare vastgoedbeheerders met andere aanvragers, op de wijze die werd vastgesteld in de vorige paragrafen, contact opnemen.
  § 5. De kandidaat-huurder kan zonder te worden gesanctioneerd een woning weigeren die één van de volgende kenmerken vertoont:
  1° een woning waarvan de vereiste huurprijs met inbegrip van de lasten de financiële mogelijkheden van het gezin overschrijden;
  2° een woning die duidelijk niet aan de beperking van de kandidaat-huurder aangepast is.
  De kandidaat moet de elementen bezorgen aan de hand waarvan de openbare vastgoedbeheerders kan beoordelen of het ingeroepen argument gegrond is.

  Afdeling 7. - Rechtsmiddelen

  Art. 8. § 1. Het beroep tot hervorming bedoeld door artikel 32, § 2 van de Code moet binnen een termijn van één maand, te rekenen vanaf de kennisgeving van de toewijzingsbeslissing, ingediend worden.
  Dit beroep is gericht aan:
  1° het College van burgemeester en schepenen van de betrokken gemeente, wanneer de openbare vastgoedbeheerders een gemeente of autonoom gemeentebedrijf is;
  2° het Vast Bureau, wanneer de openbare vastgoedbeheerders een centrum voor maatschappelijk welzijn is;
  3° de ambtenaar gemachtigd door de Regering wanneer het een andere openbare vastgoedbeheerders betreft.
  Het bezwaarschrift maakt nauwkeurig melding van de betwiste beslissing en de argumenten voor deze betwisting.
  § 2. De beroepsinstantie doet een uitspraak over het beroep binnen een termijn van één maand nadat het beroep is ingesteld.
  De beroepsinstantie beslist om de betwiste beslissing te bevestigen of te hervormen.
  De beslissing na beroep wordt meegedeeld aan de verzoekende partij en vermeldt de gewone beschikbare rechtsmiddelen.
  Bij stilzwijgen na het verstrijken van deze termijn van één maand wordt het beroep als gegrond beschouwd.

  Afdeling 8. - Regels van toepassing op het behoud van het openbare huurwoningenbestand

  Art. 9. § 1. Het in artikel 33 van de Code bedoelde verbod op de vermindering van het aantal vierkante meter bewoonbare oppervlakte van het woningbestand van de openbare vastgoedbeheerders sluit geen interne compensaties uit in het woningbestand zolang de openbare vastgoedbeheerders de totale oppervlakte niet vermindert gedurende het jaar.
  Het begrip bewoonbare vierkante meters wordt bepaald in overeenstemming met de voorschriften betreffende de woonoppervlakte voorzien in het besluit tot bepaling van de elementaire verplichtingen inzake veiligheid, gezondheid en uitrustingen van de woningen.
  § 2. Het nazicht betreffende de naleving van deze voorwaarde gebeurt op basis van de jaarlijkse inventaris bedoeld in artikel 2.

  HOOFDSTUK II. - Aanvullende bepalingen die op de gemeenten en O.C.M.W.'s van toepassing zijn

  Afdeling 1. - Toewijzing van de woningen

  Art. 10. Voor de toewijzing voor verhuur van woningen door een gemeente en door het OCMW, wordt er een onafhankelijke toewijzingscommissie van de woningen, overeenkomstig artikel 28bis van de Code, opgericht. Geen enkel van de leden ervan oefent een politiek mandaat uit.

  Afdeling 2. - Voorwaarden van maximale inkomsten en huurprijzen

  Art. 11. Wanneer een gemeente of een OCMW een middelgrote huurwoning te huur stelt in de zin van artikel 2 § 2, 3° van de huisvestingscode, die geproduceerd of gerenoveerd is via een na de inwerkingtreding van dit besluit verleende gewestelijke subsidie, leeft ze, wanneer ze niet onderworpen is aan een andere regelgeving die een baremisering van de huurprijzen of van de inkomens van de huurder verplicht, de volgende vereisten na:
  a) de woning mag enkel toegewezen worden aan gezinnen die voor het referentiejaar niet over een belastbaar inkomen beschikt hebben dat globaal hoger ligt dan de volgende grenzen:
  - indien het gaat om een woning waarvoor de gewestelijke subsidie hoger is dan 33% van de totale kostprijs van de operatie, mogen de globaal belastbare inkomsten van het gezin niet hoger liggen dan de bedragen bedoeld in artikel 31 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 26 september 1996 houdende de regeling van de verhuur van woningen beheerd door de Brusselse Gewestelijke Huisvestingsmaatschappij of door de openbare vastgoedmaatschappijen, verhoogd met twintig procent.
  - Indien het gaat om een woning waarvoor de gewestelijke subsidie niet hoger ligt dan 33% van de totale kostprijs van de operatie, mogen de inkomsten niet hoger zijn dan de bedragen bedoeld in artikel 8 § 1, 4° van het Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 26 september 2013 betreffende de uitvoering van de stadsvernieuwingsopdrachten van de Gewestelijke Ontwikkelingsmaatschappij voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, zoals dit bepaald is in toepassing van artikel 8 § 2 van hetzelfde besluit;
  De bedragen bedoeld in de twee voorgaande streepjes worden geïndexeerd op de verjaardatum van de inwerkingtreding van dit besluit, in functie van het indexcijfer van de consumptieprijzen dat van kracht is tijdens de maand die de maand van de inwerkingtreding van onderhavig besluit voorafgaat.
  In geval van overschrijding van de toelatingsdrempels en indien het gezinsinkomen op het ogenblik van de aanvraag lager ligt dan het inkomen van het in aanmerking genomen referentiejaar, wordt het huidige inkomen in aanmerking genomen.
  b) het bedrag van de voorgestelde huurprijs mag de volgende drempels niet overschrijden:
  - indien het gaat om een woning waarvoor de gewestelijke subsidie hoger ligt dan 33% van de totale kostprijs van de operatie, wordt het maximumbedrag van de huurprijs vastgesteld in overeenstemming met de tabel uit artikel 16 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 17 december 2015 houdende organisatie van de sociale verhuurkantoren, en worden de bedragen overeenkomstig artikel 20 van hetzelfde besluit geïndexeerd.
  - indien het gaat om een woning waarvoor de gewestelijke subsidie niet hoger ligt dan 33% van de totale kostprijs van de operatie, mag de jaarlijkse oorspronkelijke huurprijs niet hoger zijn dan 6,5 procent van de kostprijs van de woning.

  HOOFDSTUK III. - Wijzigingsbepalingen

  Art. 12. § 1. In artikel 20 § 1 van het Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 17 december 2015 houdende organisatie van de sociale verhuurkantoren worden de woorden "31 en 32" door de woorden "30 tot 32" vervangen.
  § 2. In de artikelen 31 laatste lid en 32 § 1 laatste lid van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 17 december 2015 houdende organisatie van de sociale verhuurkantoren, worden de woorden "artikel 1, 11° " vervangen door de woorden "artikel 5".
  § 3. In artikel 32 van het bovenvermelde besluit worden de paragrafen 3 en 4 respectievelijk als § 2 en § 3 genummerd.
  § 4. In de artikelen 3 van de bijlagen 1 en 2 van bovenvermeld besluit, wordt de verwijzing naar artikel 1, 10° van het besluit vervangen door een verwijzing naar artikel 5 van het besluit.
  § 5. In artikel 5 van bijlage 1 en in de artikelen 4 van de bijlagen 4 en 5 van het bovenvermelde besluit, wordt de verwijzing naar artikel 10, § 1, van boek III, titel VIII, hoofdstuk II, afdeling 2, van het Burgerlijk Wetboek vervangen door de verwijzing naar artikel 248 van de Brusselse Huisvestingscode.
  § 6. In artikel 11 van bijlage 1 van het bovenvermelde besluit, worden de woorden "overeenkomstig artikel 1720 van het Burgerlijk Wetboek" vervangen door de woorden "overeenkomstig artikel 223 § 2 van de Brusselse Huisvestingscode evenals het Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 23 november 2017 tot instelling van een niet-limitatieve lijst van herstellingen en onderhoudswerken die dwingend ten laste van de huurder of dwingend ten laste van de verhuurder zijn bedoeld in artikel 223 van de Huisvestingscode."
  § 7. In artikel 1 van de bijlagen 6 en 8 van het bovenvermelde besluit worden de woorden "ingevoerd in het Burgerlijk Wetboek door de wet van 20 februari 1991 tot wijziging en aanvulling van de bepalingen van het Burgerlijk Wetboek betreffende de huurovereenkomsten" vervangen door de woorden "ingevoerd in de Brusselse Huisvestingscode in Hoofdstuk III van titel XI, door de ordonnantie van 27 juli 2017 met het oog op de regionalisering van de woonhuurovereenkomst".

  Art. 13. Na artikel 39 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 17 december 2015 houdende organisatie van de sociale verhuurkantoren, wordt het volgende hoofdstuk toegevoegd:
  "HOOFDSTUK XI/1. - Regels van toepassing voor de toewijzing van woningen en het beheer van de kandidaatstellingen.
  Art. .39/1. De bepalingen van onderhavig hoofdstuk zijn van toepassing op de toewijzing van iedere woning die door een sociaal verhuurkantoor te huur gesteld wordt, met inbegrip wanneer de toewijzing van de woning of de selectie van de huurder aan een derde toevertrouwd wordt.
  Art. .39/2. § 1. Het sociaal verhuurkantoor keurt, voor de toewijzing van zijn woningen, een algemeen toewijzingsreglement goed.
  Het toewijzingsreglement moet conform het model in bijlage IX van onderhavig besluit zijn.
  Alle woningen die te huur gesteld worden door het SVK, ook wanneer het er aan een derde afstaat voor beheer, met uitzondering van de transitwoningen zoals bepaald in artikel 2, 22° van de Code, worden toegewezen in naleving van het toewijzingsreglement.
  § 2. In toepassing van artikel 198 van de Code, kan het SVK, uitzonderlijk en in naleving van het gelijkheidsbeginsel en transparantiebeginsel, een van huidig besluit afwijkend regime vaststellen, gerechtvaardigd door specifieke maatregelen bestemd om de nadelen in verband met een van de beschermde criteria die in artikel 193, 1° van de Code opgenomen zijn, te voorkomen of te compenseren, om zo in de praktijk een volledige gelijkheid te garanderen.
  De overeenkomst of eenzijdige akte met algemene draagwijdte waarop dit afwijkend regime gestoeld is, wordt na gemotiveerd en eensluidend advies van de Regering goedgekeurd. Daartoe maakt het SVK de overeenkomst of de eenzijdige akte aan het Regeringslid bevoegd voor Huisvesting over.
  Dit advies kan met voorwaarden gepaard gaan.
  In het kader van het onderzoek van het dossier voor het verstrekken van haar advies gaat de Regering, wanneer artikel 198 van de code toegepast wordt, met name na of er aan de volgende voorwaarden voldaan is:
  1° er bestaat een manifeste ongelijkheid;
  2° het verdwijnen van deze ongelijkheid wordt als nagestreefde doelstelling van het afwijkende regime aangemerkt;
  3° het voorgestelde afwijkende regime is van tijdelijke aard en bestemd om te verdwijnen zodra de beoogde doelstelling bereikt is;
  4° het voorgestelde afwijkende regime perkt niet onnodig de rechten van anderen in.
  De Regering beschikt over 45 dagen om een uitspraak te doen. Deze termijn kan op zestig dagen gebracht worden op vraag van het Regeringslid bevoegd voor Huisvesting wanneer dat verantwoord is door de noodzaak om voor het hem voorgelegde ontwerp verduidelijkingen te bekomen of aanpassingen overeen te komen.
  Wanneer deze termijn verstreken is, wordt het advies geacht ongunstig te zijn.
  § 3. Van het eensluidend advies bedoeld in paragraaf 2 moet aan het SVK kennisgegeven zijn vooraleer om het even welke individuele beslissing voor toewijzing van een woning in toepassing van het afwijkende regime voorzien in paragraaf 2 genomen wordt.
  § 4. Zodra het toewijzingsreglement door de bevoegde instantie in het SVK goedgekeurd is, wordt het, onverminderd het gebruik van de vereiste officiële wijzen van bekendmaking, op toegankelijke wijze op de website van het SVK gepubliceerd. Indien hij niet over een website beschikt, maakt het SVK aan iedereen die dat vraagt een kopie van zijn toewijzingsreglement over.
  Bij elke wijziging van het toewijzingsreglement ziet het SVK erop toe dat een geconsolideerde versie hiervan op zijn website wordt gepubliceerd. Indien hij niet over een website beschikt, maakt het SVK aan iedereen die dat vraagt een kopie van deze geconsolideerde versie over.
  Zodra het toewijzingsreglement, of in geval van wijziging, een geconsolideerde versie hiervan die de doorgevoerde wijzigingen duidelijk aangeeft, door de bevoegde instantie binnen het SVK goedgekeurd of gewijzigd is, wordt het in papieren versie en in elektronisch formaat, aan de gewestelijke administratie belast met Huisvesting, overgemaakt.
  Art. .39/3. § 1. Overeenkomstig artikel 27, § 1 van de Code houdt het SVK een register bij met, in chronologische volgorde van indiening van de aanvragen, de geanonimiseerde lijst van de aanvragers voor de toewijzing van een van de woningen die te huur worden aangeboden.
  Het register omvat het kandidaatsnummer, de inschrijvingsdatum (namelijk de indieningsdatum van het volledige dossier voor de inschrijvingsaanvraag), de gezinssamenstelling, in voorkomend geval, het aan het gezin van de kandidaat-huurder aangepaste type woning alsook de uitgangsdatum uit het register en de oorzaak ervan.
  Dit register vermeldt, voor elke aanvrager geïdentificeerd door een volgnummer:
  1° de verschillende kenmerken van zijn situatie waarmee rekening gehouden wordt bij het toewijzen van de woning, met uitzondering van zijn identiteit. Het gaat zowel om informatie die het mogelijk maakt om het aangepaste karakter van een beschikbare woning te bepalen, als bij wijze van niet exhaustieve voorbeelden, de gezinssamenstelling, de gezondheidstoestand of het bestaan van een beperking, als om elementen die het de aanvrager toelaten één of ander wegingscriterium in overweging te laten nemen overeenkomstig artikel 29, lid 2 van de Code;
  2° in voorkomend geval, de woning die hem toegewezen werd;
  3° in voorkomend geval, het adres van deze woning;
  4° in voorkomend geval, de datum van de toewijzingsbeslissing;
  5° in voorkomend geval, het motief tot schrapping uit het register.
  In geval van wijziging van de kenmerken van de situatie van de aanvrager wordt het register zo snel mogelijk aangepast.
  Het register vermeldt geen identiteit van de aanvragers. Het verband tussen elk registernummer en de identiteit van de aanvrager is enkel toegankelijk voor het SVK, de gemachtigd ambtenaar bedoeld in artikel 32, § 2 van de Code, de diensten die hem bijstaan, en de beroepsinstanties ter zake, alsook voor de diensten die belast zijn met het onderzoek van de erkenningsaanvragen, de aanvragen tot hernieuwing van erkenning of de procedures voor de intrekking of schorsing van erkenning, of met de beroepen in het kader van deze procedures.
  Buiten de personen en diensten die in het vorige lid vermeld worden, kan het Register worden geraadpleegd door op zijn minst de aanvragers, de gemeenteraadsleden en/of de leden van de raden van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn en de leden van het Parlement en de Brusselse Hoofdstedelijke Regering.
  § 2. Om het beheer van zijn patrimonium te faciliteren kan het SVK, in naleving van de gelijkheids- en transparantiebeginselen, aanvullende gedifferentieerde lijsten bijhouden in functie van de kenmerken van de woningen (aantal gevraagde slaapkamers, aangepaste woning voor personen met een beperkte mobiliteit, enz.), steeds mits inachtneming van de chronologische volgorde.
  § 3. De gegevens die in de registers opgenomen zijn, worden opgeslagen op een zodanige wijze dat ze in geen enkel geval gewijzigd kunnen worden en zodat ze conform § 1 geraadpleegd kunnen worden.
  Art. .39/4. § 1. De toe te wijzen woning moet aan het gezin van de kandidaat-huurder aangepast zijn.
  Haar toewijzing gebeurt volgens de chronologische volgorde van de inschrijvingen in het kandidatenregister dat door middel van de door het toewijzingsreglement voorziene criteria gewogen wordt behalve:
  1° indien het nodig is om het afwijkingsmechanisme bedoeld in artikel 39/2 § 2 van dit besluit toe te passen;
  2° wanneer de aanvrager zich in extreme nood bevindt;
  3° wanneer de toewijzing betrekking heeft op de verhuur van woningen die voor het gebruik van als gehandicapte erkende personen aangepast zijn;
  4° wanneer de woningen voor ouderen ontworpen zijn en zij de begunstigden van specifieke diensten zijn;
  5° wanneer de toewijzing in het kader van een mutatie gebeurt;
  § 2. Onverminderd de toepassing van artikel 39/2, § 2 van huidig besluit of van de quota voorzien in het kader van het samenwerkingsakkoord dat krachtens artikel 124 § 1, 3° van de code afgesloten is, neemt het SVK, wanneer het overeenkomstig artikel 30 van de Code een van zijn woningen te huur moet toewijzen, contact op met de aanvragers wier aanvraag overeenstemt met de beschikbare woning en die het hoogst gerangschikt staan krachtens artikel 29 van de Code.
  Deze rangschikking wordt vastgesteld door het SVK volgens de toewijzingsregels die vastgesteld zijn in het toewijzingsreglement die de chronologische volgorde van de inschrijvingsaanvragen combineren met de weging ervan op basis van de criteria die in het toewijzingsreglement vastgelegd zijn.
  § 3. Het SVK waarschuwt de betrokken aanvragers via aangetekende brief of via elk ander middel waardoor het ontvangstbewijs van de briefwisseling gestaafd kan worden, met inbegrip van communicatie via e-mail met ontvangstbevestiging voor zover de betrokken aanvrager het gebruik van deze communicatiewijze uitdrukkelijk schriftelijk gevraagd heeft en er ondertussen niet van afgezien heeft. Deze communicatiewijze kan hem niet opgelegd worden.
  De waarschuwing die aan de betrokken aanvragers verzonden wordt, preciseert, naast de vermeldingen beoogd in artikel 30 van de Code, de rangschikking van de aanvrager.
  § 4. Als de woning niet kon worden toegewezen aan de aanvragers die gecontacteerd werden in toepassing van § 1 van dit artikel, neemt het SVK met andere aanvragers, op de wijze die werd vastgesteld in de vorige paragrafen, contact op.
  § 5. De kandidaat-huurder kan zonder te worden gesanctioneerd een woning weigeren die één van de volgende kenmerken vertoont:
  1° een woning waarvoor het vereiste huurbedrag, met inbegrip van de huurtoeslag voor passiefwoningen, lage en zeer lage energiewoningen en de huurlasten de financiële mogelijkheden van het gezin overstijgen;
  2° een woning die duidelijk niet aan de beperking van de kandidaat-huurder aangepast is;
  3° Een woning die niet het aantal slaapkamers omvat die in toepassing van artikel 10 § 2, in verband met de gezinssamenstelling vereist zijn.
  De kandidaat-huurder moet het SVK de elementen bezorgen aan de hand waarvan geoordeeld kan worden of het ingeroepen argument gegrond is.
  Art. .39/5. § 1. Het beroep tot hervorming, bedoeld door artikel 32, § 2 van de Code, moet binnen een termijn van één maand, te rekenen vanaf de kennisgeving van de toewijzingsbeslissing, ingediend worden. Dit beroep wordt aan de door de Regering gemachtigde ambtenaar gericht.
  Het bezwaarschrift maakt nauwkeurig melding van de betwiste beslissing en de argumenten voor deze betwisting.
  § 2. De gemachtigde ambtenaar doet een uitspraak over het beroep binnen een termijn van één maand na de inleiding ervan.
  De gemachtigde ambtenaar beslist om de betwiste beslissing te bevestigen of te hervormen.
  De beslissing na beroep wordt meegedeeld aan de verzoekende partij en vermeldt de gewone beschikbare rechtsmiddelen.
  Bij stilzwijgen na het verstrijken van deze termijn van één maand wordt het beroep als gegrond beschouwd.
  De kandidaat-huurder die gelijk heeft gekregen als gevolg van het beroep dat hij heeft ingesteld tegen een beslissing over de toewijzing van een woning, heeft een absoluut recht op de toewijzing van de eerste aangepaste woning die vrijkomt. "

  Art. 14. Een bijlage IX, getiteld "Modeltoewijzingsreglement voor de sociale verhuurkantoren" wordt bij het Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 17 december 2015 houdende organisatie van de sociale verhuurkantoren gevoegd. Dit is in bijlage 6 bij dit besluit opgenomen.

  Art. 15. De minister bevoegd voor Huisvesting wordt belast met de uitvoering van dit besluit.

  BIJLAGEN.

  Art. N1. Bijlage 1.
  ( Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 28-05-2018, p. 44211 )

  Art. N2. Bijlage 2 - Modelreglement voor de toewijzing van gemeentelijke woningen
  Dit modelreglement bevat dwingende bepalingen die rechtstreeks voortvloeien uit de bepalingen van de Huisvestingscode. Het bevat ook facultatieve bepalingen, die gesuggereerd worden aan de operator, deze worden door de tekens "[ ]" aangeduid in de tekst.
  Artikel 1 - Toepassingsgebied
  Dit reglement is van toepassing op alle woningen die te huur gesteld worden door de gemeente, met uitzondering van de transitwoningen zoals bedoeld in artikel 2,24° van de Code.
  [Vallen bijgevolg onder dit reglement de woningen die deel uitmaken van het privédomein van de gemeente, in het bijzonder (1) :...]
  Artikel 2 - Algemene toelatingsvoorwaarden tot het Register van kandidaat-huurders (2) :
  [Om ingeschreven te kunnen worden in het Register van kandidaat-huurders:
  1° Moet de kandidaat-huurder meerderjarig zijn, ontvoogd minderjarige zijn of begeleid zelfstandig wonend minderjarige zijn (De begeleid zelfstandig wonend minderjarige is de persoon die jonger dan achttien jaar is en die een maatregel voor begeleid zelfstandig wonen geniet die werd vastgesteld door de bevoegde diensten van jeugdbijstand, de Jeugdrechtbank of het OCMW).
  2° Geen enkel gezinslid van het gezin van de kandidaat-huurder mag de volle eigendom, het vruchtgebruik of opstal hebben van een onroerend goed met een woonbestemming.
  3° Het gezin van de kandidaat-huurder mag niet over een inkomen beschikken dat hoger (3) ligt dan...]
  Artikel 3 - Specifieke toelatingsvoorwaarden tot het Register van kandidaat-huurders (4) (5)
  Naast de algemene toelatingsvoorwaarden bedoeld in artikel 2 moet de kandidaat-huurder die zich een woning wil laten toewijzen waarvoor een specifieke regeling geldt, voldoen aan de volgende specifieke voorwaarden:
  Artikel 4 - Aanvraag voor een woning
  § 1. De indieningsprocedure voor de aanvraag voor een woning verloopt volgens de volgende regels (6) :
  De aanvragen voor een woning worden ingediend aan de hand van een papieren formulier dat te vinden is op de internetsite van de gemeente op dat op aanvraag bekomen kan worden bij het gemeentebestuur. Het formulier moet naar behoren ingevuld en getekend worden door de kandidaat-huurder en door alle andere gezinsleden.
  Het formulier moet verplicht vergezeld gaan van de volgende documenten:
  1° een fotokopie recto/verso van de identiteitskaart of het paspoort van alle meerderjarige gezinsleden;
  2° een gezinssamenstelling afgeleverd door het gemeentebestuur;
  3° in voorkomend geval, een kopie van het vonnis of de overeenkomst die de voorwaarden bepaalt van de kinderopvang van de kinderen die niet permanent bij het gezin wonen;
  4° een verklaring op erewoord dat geen enkel gezinslid in volle eigendom, erfpacht of vruchtgebruik eigenaar is van een gebouw bestemd voor huisvesting;
  5° een bewijs van inkomen van elk gezinslid dat geen kind ten laste is: het laatste beschikbare aanslagbiljet of bij het ontbreken hiervan, elk ander document dat het mogelijk maakt om het bedrag van het inkomen van de gezinsleden vast te stellen.
  6° elk document dat door het gemeentebestuur nuttig geacht wordt om het aantal voorrangspunten te kunnen bepalen waarop de kandidaat-huurder recht heeft.
  § 2. De kandidatuur wordt ingediend per aangetekend schrijven bij de gemeente of wordt er afgeleverd tegen ontvangstbewijs. De poststempel of de datum van het ontvangstbewijs gelden als bewijs voor de datum van indiening van de kandidatuur.
  Binnen de vijftien werkdagen na de indiening van de kandidatuur wijst het gemeentebestuur de kandidaat erop, in voorkomend geval, welke nodige documenten ontbreken om zijn aanvraag te onderzoeken. In dit geval beschikt de kandidaat-huurder over een termijn van vijftien werkdagen om zijn dossier te vervolledigen.
  § 3. Het gemeentebestuur beschikt over een termijn van vijftien werkdagen, vanaf de dag waarop het dossier volledig is, om zich uit te spreken over de ontvankelijkheid van de kandidatuur en om de kandidaat, per aangetekend schrijven, kennis te geven van zijn met redenen omklede beslissing.
  Met ditzelfde schrijven ontvangt de kandidaat-huurder een ontvangstbewijs met vermelding van de datum en het uur van inschrijving, het kandidaatnummer en de na te leven verplichtingen voor het vervolg van het dossier.
  § 4. De kandidaat-huurder meldt binnen een maximumtermijn van twee maanden iedere wijziging in de gezinssamenstelling, iedere adreswijziging of andere informatie die zijn oorspronkelijke inschrijving zou wijzigen. Als hij dit nalaat kan zijn aanvraag geschrapt worden.
  De kandidaat-huurder bevestigt jaarlijks, op vraag van de gemeente, zijn kandidatuur binnen de 30 dagen na de verjaardag van zijn inschrijving. De jaarlijkse bevestiging wordt per aangetekend schrijven gericht tot de gemeente of wordt er tegen ontvangstbewijs afgegeven.
  Als hij dit nalaat, stuurt de gemeente aan de kandidaat-huurder een brief, aangetekend of op elke andere manier die mogelijk maakt om het bewijs te leveren van de ontvangst van de brief, waarbij hij op de hoogte gesteld wordt dat hij geschrapt zal worden uit het register indien hij zijn inschrijving niet bevestigt binnen de maand die volgt op de ontvangst van deze brief.
  Artikel 5 - Register
  Overeenkomstig artikel 27, § 1 van de Code houdt de gemeente een register bij met, in chronologische volgorde van indiening van de aanvragen, de geanonimiseerde lijst van de aanvragers voor de toewijzing van een van die woningen.
  Het register vermeldt het nummer van de kandidatuur, de datum en het uur van inschrijving, de gezinssamenstelling en het gewenste type woning.
  Dit register vermeldt voor elke aanvrager, waarvan de identiteit vastgesteld wordt via een volgnummer:
  [1° De verschillende kenmerken van de situatie waarmee rekening gehouden wordt voor de toewijzing van de woning, met uitzondering van zijn identiteit. Het gaat zowel om informatie die het mogelijk maakt het aangepaste karakter van een beschikbare woning te bepalen, zoals (niet exhaustief) de gezinssamenstelling, de gezondheidstoestand of de aanwezigheid van een handicap, als om de elementen die de aanvrager in de mogelijkheid stellen om één of ander wegingscriterium te doen gelden overeenkomstig artikel 29, lid 2 van de Code;]
  2° in voorkomend geval, de hem toegewezen woning;
  3° in voorkomend geval, het adres van deze woning;
  4° in voorkomend geval, de datum van de toewijzingsbeslissing.
  5° in voorkomend geval, zijn aanspraak op de huurtoelage;
  6° in voorkomend geval, het motief tot schrapping uit het register.
  In geval van wijziging van de kenmerken van de situatie van de aanvrager wordt het register zo snel mogelijk aangepast.
  Het register vermeldt geen identiteitsgegevens van de aanvragers. De overeenstemming tussen elk registernummer en de identiteit van de aanvrager is enkel toegankelijk voor het beheersorgaan van de operator of voor de gemachtigd ambtenaar.
  § 2. Dit register kan worden geraadpleegd door op zijn minst de aanvragers, de Gemeenteraadsleden, de leden van de raden van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn en de leden van het Parlement en de Regering van de Brusselse Hoofdstedelijk Regering.
  [ § 3. Om het beheer van haar patrimonium ter vergemakkelijken kan de gemeente ook een geïnformatiseerd register bijhouden waarmee ze gedifferentieerde lijsten kan opmaken in functie van het type woning (in functie van het aantal slaapkamers, mutatielijsten, lijsten voor aangepaste woningen, enz.), steeds mits inachtneming van de chronologische volgorde.]
  Artikel 6 - Aangepast karakter van de woning
  De toe te kennen woning moet aangepast zijn aan de gezinsgrootte in het licht van de bewoningsnormen die bepaald worden in het Ministerieel besluit van 23 januari 2014 ter bepaling van de geschiktheidsnormen voor woningen voor de toepassing van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 28 november 2013 tot instelling van een herhuisvestingstoelage.
  Er is rekening gehouden met het kind/de kinderen die in aanmerking komen voor huisvesting bij het ene of andere lid van het gezin, geacteerd in een gerechtelijke beslissing [of overeenkomst.]
  Artikel 7 - Toewijzingsprocedure
  § 1. Telkens als de gemeente, overeenkomstig artikel 30 van de Code, een van haar vacante woningen moet verhuren, neemt de bevoegde administratieve dienst, bij aangetekende brief of met ieder ander middel waarmee bewezen kan worden dat de brief ontvangen is, contact op met de aanvragers uit het register wier kandidatuur overeenstemt met de beschikbare woning en die het hoogst gerangschikt staan krachtens dit artikel.
  Deze brief aan de betrokken aanvragers bevat de volgende informatie (7) :
  - de beschikbaarheid en het type van de betreffende woning;
  - [het adres van de betreffende woning]
  - de huurprijs die gevraagd zal worden;
  - het bedrag van de eventuele vaste huurkosten;
  - de regels voor het bezoek aan het goed, met name de datum, het uur en de plaats van de afspraak;
  - de regels, met inbegrip van de termijn, die de aanvragers moeten respecteren om hun akkoord te geven voor het huren van de woning;
  [- de rangschikking van de aanvrager;]
  - in voorkomend geval, zijn recht op een huurtoelage en de details hiervan;
  - de regels en de criteria voor de toewijzing van de woning, de brief bevat de volledige tekst van het door de Gemeente goedgekeurde Toewijzingsreglement.
  § 2. Met uitzondering van de in artikel 10 van dit reglement bedoelde afwijkingen wijst het College van burgemeester en schepenen de woning toe aan de kandidaat-huurder die ingeschreven staat op de lijst en het best gerangschikt is van alle kandidaten die, met inachtneming van de voorziene vormen en termijnen, een positief antwoord gegeven hebben aan de in paragraaf 1 bedoelde brief.
  § 3. Overeenkomstig artikel 29 van de Code gebeurt de rangschikking van de kandidaten in functie van de chronologische volgorde van de aanvragen tot inschrijving in het register die overeenstemmen met het aantal kamers van de woning die te huur aangeboden wordt of met het type woning.
  § 4. [Deze chronologische volgorde wordt bepaald door de volgende cumulatieve criteria (8) :...
  De chronologische volgorde is bepalend voor de gezinnen wier aanvraag evenveel punten heeft gekregen.
  § 5. Bij afwijking van paragraaf 3 wordt voor de toewijzing van gesubsidieerde woningen in het kader van de wijkcontracten een absolute prioriteit gegeven aan personen die de woningen betrokken vóór de uitvoering van de werken.
  § 6. Voor de toewijzing van woningen waarvoor een specifieke regeling geldt (de woningen die aangepast zijn aan personen met een mobiliteitsbeperking of ook de gemeenschapswoningen, solidaire of intergenerationele woningen), wordt de chronologische volgorde bepaald door de volgende specifieke criteria (9) :...]
  § 6. Het College van burgemeester en schepenen doet uitspraak na eensluidend advies van de in artikel 9 van dit reglement bedoelde Commissie.
  Iedere beslissing tot toewijzing van een woning moet formeel met redenen worden omkleed.
  [In haar toewijzingsbeslissing biedt de gemeente systematisch een huurtoelage aan de kandidaat-huurders die voldoen aan de toekenningsvoorwaarden voor deze steun en die een woning betrekken met geplafonneerde huurprijs, overeenkomstig het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 juni 2012 ter instelling van een huurtoelage.]
  § 7. Het College van burgemeester en schepenen meldt aan de in § 1 bedoelde niet-geselecteerde kandidaat-huurders de redenen waarom de woning niet aan hen toegewezen werd en wijst hen, per aangetekend schrijven of op elke andere manier die mogelijk maakt om het bewijs te leveren van de ontvangst en datum van ontvangst van de brief, op de beroepsmogelijkheden en -termijnen.
  Artikel 8 - Toewijzingscommissie
  § 1. Voor de toewijzing van huurwoningen door een gemeente en door het OCMW wordt een onafhankelijke toewijzingscommissie opgericht door de Gemeenteraad.
  [Ze is samengesteld uit gemeentelijke ambtenaren, ambtenaren van het OCMW, huisvestingsdeskundigen, vertegenwoordigers van de OVM en leden van het verenigingsleven, die op het gemeentelijk grondgebied actief zijn.
  § 2. In toepassing van dit reglement komt de Commissie bijeen van zodra een vacante woning te huur gesteld wordt en geeft ze advies waarbij ze de kandidaat aanduidt aan wie de vacante woning moet toegewezen worden. Dit advies wordt met een gewone meerderheid aangenomen en wordt overgemaakt aan het College van burgemeester en schepenen.]
  Artikel 9 - Weigering van een woning
  [ § 1. Elke kandidaat-huurder heeft de mogelijkheid om een aangepaste woning te weigeren. Deze weigering moet met redenen omkleed zijn en per aangetekende brief naar de Commissie gestuurd worden of er worden afgeleverd tegen ontvangstbewijs.]
  § 2. De kandidaat-huurder kan zonder te worden gesanctioneerd een woning weigeren die één van de volgende kenmerken vertoont:
  1° een woning waarvan de vereiste huurprijs met inbegrip van de lasten de financiële mogelijkheden van het gezin overschrijden;
  2° een woning die dudelijk niet aan de handicap van de kandidaat-huurder aangepast is.
  De kandidaat-huurder is ertoe gehouden om de elementen te verstrekken die de openbare vastgoedoperator in staat stellen de gegrondheid van de ingeroepen te beoordelen.
  Artikel 10 - Afwijkingen
  Het College van burgemeester en schepenen kan niet van het Toewijzingsreglement afwijken tenzij [op eensluidend advies van de Commissie] en enkel:
  1° indien het afwijkingsmechanisme bedoeld in artikel 5 § 2 van het besluit van [...] toegepast moet worden;
  2° wanneer de aanvrager zich in een situatie van extreme nood bevindt;
  3° wanneer de toewijzing betrekking heeft op de verhuur van woningen die aangepast zijn voor het gebruik van als gehandicapte erkende personen;
  4° wanneer de woningen ontworpen zijn voor ouderen en zij de begunstigde zijn van specifieke diensten;
  5° wanneer de toewijzing gebeurt in het kader van een mutatie;
  6° wanneer de toewijzing gebeurt in het kader van een herhuisvestingsplan van huurders van woningen die door de openbare vastgoedbeheerder beheerd worden en die gerenoveerd zullen worden.
  Deze afwijking moet formeel gemotiveerd en zijdelings in het Register vermeld worden.
  Artikel 11 - Mutaties
  [ § 1. De kandidaat die een woning betrekt die niet meer aangepast is, kan zich een vacante aangepaste woning laten voorstellen. Het aangepaste karakter van de woning wordt beoordeeld door de Commissie in functie van bepaalde criteria zoals de grootte van de woning, de toegankelijkheid of het inkomen.
  § 2. De aanvragen tot mutatie krijgen absolute voorrang ten opzichte van de nieuwe kandidaturen wanneer de woning bovenmatig is, dat betekent dat ze minstens één slaapkamer te veel hebben.
  § 3. Elk huurgezin dat een bovenmatige woning betrekt kan een voorstel tot mutatie naar een grotere woning aangeboden krijgen.
  § 4. Een percentage (dat bepaald wordt door de toewijzingscommissie) van de vacante woningen is voorbehouden aan gezinnen die een overbewoonde woning betrekken.
  Deze aanvragen tot mutatie worden ingeschreven op een gedifferentieerde lijst, het mutatieregister, en worden er chronologisch gerangschikt.]
  Artikel 12 - Beroep
  § 1. Het in artikel 32, § 2 bedoelde beroep tot nietigverklaring van de Brusselse Huisvestingscode moet ingediend worden binnen één maand na kennisgeving van de toewijzingsbeslissing. Dit beroep geldt voor elke kandidaat-huurder die zich door een beslissing tot toewijzing van een woning benadeeld voelt, met inbegrip van een beslissing tot niet-ontvankelijkheid op basis van artikel 4, § 3 van dit reglement.
  Het beroep moet per aangetekende brief gericht zijn aan het College van burgemeester en schepenen.
  Het bezwaarschrift vermeldt de betwiste beslissing en de redenen voor deze betwisting.
  § 2. Vanaf de datum van indiening van het in de voorgaande paragraaf bedoelde beroep dient het College van burgemeester en schepenen een uitspraak te doen over het beroep binnen een termijn van één maand.
  Het College van burgemeester en schepenen bevestigt of herziet de betwiste beslissing. In het laatste geval heeft zijn beslissing dezelfde uitwerking als een toewijzingsbeslissing krachtens artikel 7.
  De beslissing in beroep wordt meegedeeld aan de verzoekende partij en geeft de beschikbare gewone beroepsmiddelen aan.
  Artikel 13 - Huurovereenkomst
  De woning wordt verhuurd in naleving van de geldende bepalingen betreffende de woninghuurovereenkomsten.
  In geval van een huurovereenkomst voor zes jaar of meer kan de Gemeente de huurprijs om de drie jaar herzien, in zoverre de gevraagde huurprijs lager is dan de marktprijs en op voorwaarde dat de huurder over een inkomen beschikt dat hoger is dan het inkomen dat hem recht gaf op de woning.
  Artikel 14 - Jaarlijks verslag van de Gemeenteraad
  Overeenkomstig artikel 32, § 3 van de Code brengt het College van burgemeester en schepenen jaarlijks verslag uit van zijn toewijzingsbeslissingen aan de Gemeenteraad.
  Dit verslag vermeldt voor iedere toegewezen woning de namen van de gekozen aanvragers, de berekening op basis waarvan er gekozen werd of, in voorkomend geval, de motivering die aan de basis ligt van het gebruik van de afwijkingsmogelijkheid, de uiteindelijk geselecteerde aanvrager en de kenmerken van zijn gezin en van de woning.
  Gelezen om gevoegd te worden bij het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van [...] betreffende de regels die van toepassing zijn op de woningen die door de openbare vastgoedoperatoren en door de sociale verhuurkantoren te huur gesteld worden
  Nota's
  (1) De gemeente wordt aangeraden om bij artikel 1 van haar reglement een lijst toe te voegen van alle types woningen die ze te huur stelt zodat de kandidaat-huurder een overzicht heeft van de woningen die te huur worden gesteld (bv.:woningen gerealiseerd met eigen middelen; woningen die gebouwd of gerenoveerd werden dankzij regionale subsidies voor "alleenstaande woningen"; de woningen die gerenoveerd of gebouwd werden in het kader van de wijkcontracten (duurzaam); de woningen die aangepast zijn aan personen met een mobiliteitsbeperking; de gemeenschapswoningen, solidaire of intergenerationele woningen, enz.
  (2) Als de gemeente voorziet in inschrijvingsvoorwaarden (of toelatingsvoorwaarden) voor het register, zal ze artikel 27, § 1, laatste lid van de Code moeten naleven dat bepaalt dat "de aanvraag tot inschrijving in het register niet geweigerd kan worden om redenen die verband houden met de ligging van de woonplaats van de kandidaat of het minimumbedrag van zijn inkomen".
  (3) De gemeente kan in haar reglement de toepassing van verschillende inkomensplafonds voorzien in functie van de verschillende categorieën van woningen die ze te huur stelt.
  (4) De gemeente kan in haar reglement specifieke toelatingsvoorwaarden voor het register van kandidaat-huurders voorzien voor de woningen waarvoor een specifieke regeling geldt, zoals de gesubsidieerde woningen, de woningen die aangepast zijn aan personen met een mobiliteitsbeperking of ook de gemeenschapswoningen, solidaire of intergenerationele woningen.
  (5) Als de Gemeente in haar huurwoningenbestand woningen heeft die recht geven op een huurtoelage is ze verplicht, overeenkomstig artikel 29 lid 4 van de Code, om de voorwaarden te preciseren waaraan de kandidaten moeten voldoen om recht te hebben op een huurtoelage zoals bedoeld in het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 juni 2012 ter instelling van een huurtoelage.
  (6) Artikel 26 van de Code voorziet dat het toewijzingsreglement de criteria en de procedure voor toewijzing van de woningen moet bepalen.
  (7) Overeenkomstig artikel 30 § 1, lid 3, moeten de regels voor het bezoek en de mededeling van een akkoord dezelfde zijn voor alle aanvragers en zo opgevat zijn dat bepaalde categorieën van normaal zorgvuldige aanvragers niet zonder aanvaardbare reden uitgesloten worden.
  (8) De gemeente kan, zoals bepaald in artikel 29 van de Code, in haar toewijzingsreglement de objectieve en meetbare criteria nader omschrijven die de chronologische volgorde voor toewijzing van de woningen zullen bepalen. Het aantal punten dat toegekend wordt aan elk criterium staat beschreven in het reglement. Bijvoorbeeld : het eenoudergezin; de kandidaat-huurder die verplicht wordt zijn woning te verlaten bij ongezondheidsbesluit genomen door de Burgemeester in toepassing van artikel 135 van de gemeentewet, door een beslissing van de Directie Gewestelijke Huisvestingsinspectie of ingevolge een onteigeningsbesluit; het gezin dat een persoon telt die zijn woning moet verlaten wegens echtelijk geweld. Dit element moet bevestigd worden door een OCMW of door een in kracht van gewijsde gegane veroordeling; de kandidaat-huurder die ouder is dan 70 jaar en zijn woning moet verlaten; de kandidaat-huurder met een handicap of die een persoon met een handicap ten laste heeft in de zin van artikel 135, lid 1 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen. Jaarlijks op de verjaardag van inschrijving in het register van de kandidaat-huurder.
  We herinneren eraan dat, in overeenstemming met artikel 29, lid 3 van de Code, de criteria die gekozen zullen worden "objectief en meetbaar moeten zijn en geen betrekking mogen hebben op de ligging van de verblijfplaats van de kandidaat of het minimumbedrag van zijn inkomen. Hun gewicht voor de toewijzing moet in het Toewijzingsreglement beschreven worden"
  (9) De gemeente omschrijft de objectieve criteria in haar reglement die de chronologische volgorde zullen bepalen voor de toewijzing van de woningen waarvoor een specifieke toewijzingsregeling geldt. Het aantal punten dat toegekend wordt aan elk criterium moet vastgelegd worden in het reglement.

  Art. N3. Bijlage 3 - Modeltoewijzingsreglement voor het Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn
  Dit modelreglement bevat dwingende bepalingen die rechtstreeks voortvloeien uit de bepalingen van de Huisvestingscode. Het bevat ook facultatieve bepalingen, die gesuggereerd worden aan de operator, deze worden door de tekens "[ ]" omkaderd.
  Artikel 1 - Toepassingsgebied
  Dit reglement is van toepassing op alle woningen die te huur gesteld worden door het Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn ("OCMW"), met uitzondering van de transitwoningen zoals bedoeld in artikel 2, 24° van de Code.
  [Zijn bijgevolg onderworpen aan dit reglement: de woningen die deel uitmaken van het privébestand van het OCMW, in het bijzonder (1) :..].
  Artikel 2 - Algemene toelatingsvoorwaarden tot het Register van de kandidaat-huurders (2)
  [Om ingeschreven te kunnen worden in het Register van de kandidaat-huurders:
  1° Moet de kandidaat-huurder meerderjarig, ontvoogde minderjarige of begeleid zelfstandig wonende minderjarige zijn.
  (De begeleid zelfstandig wonende minderjarige is de persoon die jonger dan achttien jaar is en die een maatregel voor begeleid zelfstandig wonen geniet die werd vastgesteld door de bevoegde diensten van jeugdbijstand, de Jeugdrechtbank of het OCMW).
  2° Geen enkel gezinslid van de kandidaat-huurder mag in volle eigendom, erfpacht of vruchtgebruik eigenaar zijn van een gebouw bestemd voor huisvesting.
  3° Het gezin van de kandidaat-huurder mag niet over een inkomen beschikken dat hoger ligt (3) dan..]
  [Artikel 3 - Specifieke toelatingsvoorwaarden tot het Register van de kandidaat-huurders (4) (5)
  Naast de algemene toelatingsvoorwaarden bedoeld in artikel 2 moet de kandidaat-huurder die zich een woning wil laten toewijzen waarvoor een specifieke regeling geldt, voldoen aan de volgende specifieke voorwaarden:...]
  Artikel 4 - Aanvraag voor een woning
  § 1. De procedure voor het indienen van de aanvraag voor een woning verloopt volgens de volgende regels (6) :
  [De aanvragen voor een woning worden ingediend aan de hand van een papieren formulier dat te vinden is op de website van het OCMW of dat op aanvraag bekomen kan worden bij het OCMW-secretariaat. Het formulier moet naar behoren ingevuld en getekend worden door de kandidaat-huurder en door alle andere gezinsleden.
  Bij het formulier moeten verplicht de volgende documenten worden gevoegd:
  1° een fotokopie recto/verso van de identiteitskaart of van het paspoort van alle meerderjarige gezinsleden;
  2° een samenstelling van het gezin uitgereikt door het gemeentebestuur;
  3° in voorkomend geval, een kopie van het vonnis of van de overeenkomst die de voorwaarden vastlegt van opvang van de kinderen die niet op permanente wijze in het gezin verblijven;
  4° een verklaring op erewoord dat geen enkel gezinslid in volle eigendom, erfpacht of vruchtgebruik eigenaar is van een gebouw bestemd voor huisvesting;
  5° de bewijzen van inkomsten van alle gezinsleden die niet onder de categorie kind ten laste vallen: laatste beschikbare aanslagbiljet of bij gebrek hieraan, elk ander document dat het mogelijk maakt om het bedrag van de inkomens van de gezinsleden vast te stellen.
  6° elk document dat door het OCMW nuttig geacht wordt om het aantal voorrangspunten te kunnen bepalen waarop de kandidaat-huurder recht heeft.
  § 2. De kandidatuur wordt gericht aan het OCMW via aangetekende brief of wordt er afgegeven tegen ontvangstbewijs. De poststempel of de datum van het ontvangstbewijs gelden als bewijs voor de datum van indiening van de kandidatuur.
  Binnen de vijftien werkdagen na de indiening van de kandidatuur wijst het OCMW de kandidaat erop, in voorkomend geval, welke documenten, noodzakelijk om zijn aanvraag te onderzoeken, ontbreken. In dit geval beschikt de kandidaat-huurder over een termijn van vijftien werkdagen om zijn dossier te vervolledigen.
  § 3. Het OCMW beschikt over een termijn van 15 werkdagen, geteld vanaf de dag waarop het dossier volledig is, om zich uit te spreken over de ontvankelijkheid van de kandidatuur en om de kandidaat met aangetekend schrijven zijn gemotiveerde beslissing mee te delen.
  Met hetzelfde schrijven ontvangt de kandidaat-huurder, indien de kandidatuur gevalideerd is, een ontvangstbewijs met vermelding van de datum en het uur van inschrijving, het kandidaatnummer en de na te leven verplichtingen voor het vervolg van het dossier.
  § 4. De kandidaat-huurder deelt binnen een maximale termijn van twee maanden elke wijziging van de samenstelling van het gezin mee, elke adreswijziging of elke andere informatie die zijn oorspronkelijke inschrijving zou wijzigen, zo niet kan zijn kandidaatstelling geschrapt worden.
  De kandidaat-huurder bevestigt, op vraag van het OCMW, jaarlijks zijn kandidaatstelling, binnen de 30 dagen na de verjaardatum van zijn inschrijving. De jaarlijkse bevestiging wordt gericht aan het OCMW per aangetekende brief of wordt er afgegeven tegen ontvangstbewijs.
  Bij gebreke daarvan richt het OCMW aan de kandidaat-huurder een brief, via aangetekend schrijven of via elk ander middel dat het mogelijk maakt de ontvangst van de brief te bewijzen, die hem ervan op de hoogte stelt dat hij geschrapt zal worden uit het register indien hij zijn inschrijving niet bevestigt binnen de maand na ontvangst van deze brief.]
  Artikel 5 - Register
  § 1. Overeenkomstig artikel 27, § 1 van de Code houdt het OCMW een register bij met, in chronologische volgorde van indiening van de aanvragen, de geanonimiseerde lijst van de aanvragers voor de toewijzing van een van die woningen.
  Het register vermeldt het nummer van de kandidatuur, de datum en het uur van inschrijving, de gezinssamenstelling en het gewenste type woning.
  Dit register vermeldt voor elke aanvrager waarvan de identiteit vastgesteld wordt via een volgnummer:
  1° de verschillende kenmerken van zijn situatie waarmee rekening gehouden wordt voor de toekenning van de woning, met uitzondering van zijn identiteit. Het gaat zowel om informatie die het mogelijk maakt het aangepaste karakter van een beschikbare woning te bepalen, zoals (niet exhaustief) de gezinssamenstelling, de gezondheidstoestand of de aanwezigheid van een handicap, als om de elementen die de aanvrager in de mogelijkheid stellen om één of ander wegingscriterium te doen gelden overeenkomstig artikel 29, lid 2 van de Code;
  2° in voorkomend geval, de woning die hem toegewezen werd;
  3° in voorkomend geval, het adres van deze woning;
  4° in voorkomend geval, de datum van de toewijzingsbeslissing.
  5° in voorkomend geval, zijn aanspraak op de huurtoelage;
  6° in voorkomend geval, het motief tot schrapping uit het register.
  In geval van wijziging van de kenmerken van de situatie van de aanvrager wordt het register zo snel mogelijk aangepast.
  Het register vermeldt geen identiteitsgegevens van de aanvragers. De overeenstemming tussen elk registernummer en de identiteit van de aanvrager is enkel toegankelijk voor het beheersorgaan van de operator of voor de gemachtigd ambtenaar.
  § 2. Dit register kan worden geraadpleegd door op zijn minst de aanvragers, de gemeenteraadsleden, de raadsleden van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn van de gemeente en de leden van het Parlement en van de Regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
  [ § 3. Om het beheer van zijn patrimonium ter vergemakkelijken kan het OCMW ook een geïnformatiseerd register bijhouden waarmee het gedifferentieerde lijsten kan opmaken in functie van het type woning (in functie van het aantal slaapkamers, mutatielijsten, lijsten voor aangepaste woningen, enz.), steeds mits inachtneming van de chronologische volgorde.]
  Artikel 6 - Aangepast karakter van de woning
  De toe te kennen woning moet aangepast zijn aan de gezinsgrootte in het licht van de bewoningsnormen die bepaald worden in het Ministerieel besluit van 23 januari 2014 ter bepaling van de geschiktheidsnormen voor woningen voor de toepassing van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 28 november 2013 tot instelling van een herhuisvestingstoelage.
  Er is rekening gehouden met het kind/de kinderen die in aanmerking komen voor huisvesting bij het ene of andere lid van het gezin, geacteerd in een gerechtelijke beslissing [of overeenkomst.]
  Artikel 7 - Toewijzingsprocedure van de woning
  § 1. Telkens wanneer het OCMW, overeenkomstig artikel 30 van de Code, een van zijn vacante woningen moet toewijzen, neemt de bevoegde administratieve dienst, per aangetekend schrijven of met ieder ander middel waarmee bewezen kan worden dat de brief ontvangen is, contact op met de aanvragers uit het register wier kandidatuur overeenstemt met de beschikbare woning en die het hoogst gerangschikt staan krachtens dit artikel.
  Deze brief aan de betrokken aanvragers bevat de volgende informatie (7) :
  de beschikbaarheid en het type van betrokken woning;
  - [het adres van de betrokken woning;]
  - de huurprijs die ervoor gevraagd zal worden;
  - het bedrag van de eventuele vaste huurlasten;
  - de toepassingsregels voor het bezoek van het pand, te weten de datum, het uur en de plek van de afspraak;
  - de toepassingsregels, met inbegrip van de termijn, volgens welke de aanvragers hun akkoord voor het huren van de woning kenbaar kunnen maken;
  - de volgorde van rangschikking van de aanvrager;
  - in voorkomend geval, zijn recht op het genot van een huurtoelage en de gedetailleerde weergave hiervan;
  - de regels en criteria van toewijzing van de woning; het schrijven herneemt integraal de tekst van het goedgekeurde toewijzingsreglement.
  § 2. Met uitzondering van de afwijkingen bedoeld in artikel 10 van huidig reglement, wijst Raad voor maatschappelijk welzijn de woning toe aan de kandidaat-huurder ingeschreven in het register en het best geklasseerd die binnen de voorziene vormen en termijnen een positief antwoord gegeven heeft op het schrijven bedoeld in paragraaf 1.
  § 3. In overeenstemming met artikel 29 van de Code volgt het klassement van de kandidaten de volgorde van de inschrijvingsaanvragen in het register die in overeenstemming zijn met het aantal kamers van de te huur gestelde woning of het type van woning.
  [ § 4. Deze chronologische volgorde wordt door de volgende cumulatieve criteria gewogen (8) :...
  De chronologische volgorde geeft de doorslag voor de gezinnen waarvan de aanvraag hetzelfde aantal punten bekomen heeft.
  § 5. In afwijking op paragraaf 3 wordt voor de toewijzing van de woningen die in het kader van de wijkcontracten gesubsidieerd worden een absolute voorrang verleend aan de mensen die de woningen vóór de uitvoering van de werken betrokken.
  § 6. Voor de toewijzing van de woningen die aan een bijzonder stelsel onderworpen zijn (de woningen aangepast aan personen met een beperkte mobiliteit of de gemeenschapswoningen, solidaire of intergenerationele woningen), wordt de chronologische volgorde in het licht van de volgende specifieke criteria (9) afgewogen:...]
  § 6. De Raad voor maatschappelijk welzijn oordeelt op eensluidend advies van de Commissie bedoeld in artikel 8 van huidig reglement.
  Elke beslissing van toewijzing van een woning wordt formeel gemotiveerd.
  [Bij de toewijzingsbeslissing stelt het OCMW systematisch de huurtoelage aan de kandidaat-huurders voor die beantwoorden aan de toekenningsvoorwaarden van deze steunmaatregel].
  § 7. Het OCMW betekent aan de niet-weerhouden kandidaat-huurders bedoeld in § 1, de redenen van niet-toewijzing en brengt hen op de hoogte van de rechtsmiddelen en termijnen van beroep, bij aangetekend schrijven of door elk ander middel dat het mogelijk maakt de ontvangst van de brief en de ontvangstdatum ervan te bewijzen.
  Artikel 8 - Toewijzingscommissie
  § 1. Voor de toewijzing van huurwoningen door het OCMW wordt een onafhankelijke toewijzingscommissie opgericht.
  [Ze is samengesteld uit gemeentelijke ambtenaren, ambtenaren van het OCMW, huisvestingsdeskundigen, vertegenwoordigers van de OVM's en leden van het verenigingsleven die op het gemeentelijk grondgebied actief zijn.
  § 2. In toepassing van onderhavig reglement komt de Commissie bijeen van zodra een vacante woning te huur gesteld wordt en geeft ze advies waarbij ze de kandidaat aanduidt aan wie de vacante woning toegewezen moet worden. Dit advies wordt aangenomen bij gewone meerderheid en overgemaakt aan de Raad voor maatschappelijk welzijn.]
  Artikel 9 - Weigering van een woning
  [ § 1. Elke kandidaat-huurder heeft de mogelijkheid om een aangepaste woning te weigeren. Deze weigering moet met redenen omkleed zijn en per aangetekende brief naar de Comissie verzonden worden of er worden afgeleverd tegen ontvangstbewijs.]
  § 2. De kandidaat-huurder kan zonder te worden gesanctioneerd een woning weigeren die één van de volgende kenmerken vertoont:
  1° een woning waarvan de vereiste huurprijs met inbegrip van de lasten de financiële mogelijkheden van het gezin overschrijden;
  2° een woning die duidelijk niet aan de handicap van de kandidaat-huurder aangepast is.
  De kandidaat-huurder is ertoe gehouden om de elementen te verstrekken die de openbare vastgoedoperator in staat stellen de gegrondheid van de ingeroepen redenen te beoordelen.
  Artikel 10 - Afwijkingen
  De Raad voor Maatschappelijk Welzijn kan niet van het Toewijzingsreglement afwijken tenzij [op eensluidend advies van de Commissie] en enkel:
  1° indien het afwijkingsmechanisme bedoeld in artikel 5 § 2 van het besluit van [...] toegepast moet worden;
  2° wanneer de aanvrager zich in een situatie van extreme nood bevindt;
  3° wanneer de toewijzing betrekking heeft op de verhuur van woningen die aangepast zijn voor het gebruik van als gehandicapte erkende personen;
  4° wanneer de woningen ontworpen zijn voor ouderen en zij de begunstigde zijn van specifieke diensten;
  5° wanneer de toewijzing gebeurt in het kader van een mutatie;
  6° wanneer de toewijzing gebeurt in het kader van een herhuisvestingsplan van huurders van woningen die door de openbare vastgoedbeheerder beheerd worden en die gerenoveerd zullen worden.
  Deze afwijking moet formeel gemotiveerd en zijdelings in het Register vermeld worden.
  Artikel 11 - Mutaties
  [ § 1. Op zijn vraag kan de huurder die een woning betrekt die niet langer aangepast is een vacante aangepaste woning voorgesteld worden. Het aangepaste karakter van de woning wordt beoordeeld door de Commissie in functie van bepaalde criteria zoals de grootte van de woning, de toegankelijkheid of het inkomen.
  § 2. De aanvragen tot mutatie krijgen absolute voorrang ten opzichte van de nieuwe kandidaturen wanneer het een overmatige woning betreft, dat betekent dat ze minstens één kamer te veel heeft.
  § 3. Aan elk huurgezin dat een overmatige huurwoning betrekt kan een voorstel tot mutatie naar een minder grote woning aangeboden worden.
  § 4. Een percentage (vastgelegd door het toewijzingscomité) van de vacante woningen is voorbehouden aan gezinnen die een overbewoonde woning betrekken. Deze aanvragen tot mutatie worden ingeschreven op een gedifferentieerde lijst, het mutatieregister, en worden er chronologisch gerangschikt.]
  Artikel 12 - Beroep
  Het in artikel 32, § 2 bedoelde beroep tot nietigverklaring van de Brusselse Huisvestingscode moet ingediend worden binnen één maand na kennisgeving van de toewijzingsbeslissing. Dit beroep beoogt elke beslissing die een kandidaat-huurder benadeelt, met inbegrip van een beslissing van niet ontvankelijkheid genomen op basis van artikel 4, § 3 van huidig reglement.
  Dit beroep wordt via aangetekende brief naar het Vast Bureau verzonden.
  Het bezwaarschrift maakt nauwkeurig melding van de betwiste beslissing en de argumenten voor deze betwisting.
  § 2. Vanaf de datum van indiening van het in de voorgaande paragraaf bedoelde beroep dient het Vast Bureau een uitspraak te doen over het beroep binnen een termijn van één maand.
  Het Vast Bureau bevestigt of vernietigt de betwiste beslissing. In deze laatste veronderstelling draagt zijn beslissing alle gevolgen van een toewijzingsbeslissing genomen krachtens artikel 7.
  De beslissing in beroep wordt betekend aan de verzoeker en vermeldt de gewone beschikbare rechtsmiddelen.
  Artikel 13 - Huurovereenkomst
  De woning wordt verhuurd in naleving van de geldende bepalingen betreffende de woninghuurovereenkomsten.
  [In het geval van een huurovereenkomst die voor minstens zes jaar gesloten werd, kan het OCMW het bedrag van de huurprijs elke drie jaar herzien, in de mate dat de toegepaste huurprijs lager is dan de marktprijs en op voorwaarde dat de huurder beschikt over inkomsten die hoger zijn dan de inkomsten waardoor hij toegang tot de woning kreeg.]
  Artikel 14 - Jaarlijks verslag aan de Gemeenteraad
  In overeenstemming met artikel 32, § 3 van de Code maakt de Raad voor maatschappelijk welzijn voor de Gemeenteraad jaarlijks een verslag op van zijn toewijzingsbeslissingen.
  Dit verslag vermeldt voor iedere toegewezen woning de namen van de weerhouden aanvragers, de berekening op basis waarvan er gekozen werd of, in voorkomend geval, de motiveringen die aan de basis liggen van het gebruik van de afwijkingsmogelijkheid, de uiteindelijk geselecteerde aanvrager en de kenmerken van diens gezin en van de woning.
  Gelezen om gevoegd te worden bij het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van [...] betreffende de regels die van toepassing zijn op de woningen die door de openbare vastgoedoperatoren en door de sociale verhuurkantoren te huur gesteld worden.
  Nota's
  (1) Er wordt voorgesteld aan het OCMW om bij artikel 1 van zijn reglement een lijst te voegen met alle woningtypen die het te huur stelt, zodat elke kandidaat-huurder een overzicht heeft van de woningen die te huur worden aangeboden (bv.: woningen die met eigen middelen verkregen zijn; woningen die dankzij de gewestelijke subsidies voor "alleenstaande gebouwen" gebouwd of gerenoveerd zijn; woningen die in het kader van de (duurzame) wijkcontracten gebouwd of gerenoveerd zijn; woningen die aangepast zijn aan mensen met beperkte mobiliteit, gemeenschappelijke, solidaire of intergenerationele woningen, enz.
  (2) Indien het OCMW inschrijvingsvoorwaarden (of toelatingsvoorwaarden) voor het register bepaalt, zal het artikel 27, § 1, laatste lid van de Code, moeten naleven dat nader omschrijft dat "De aanvraag tot inschrijving in het register kan niet worden geweigerd om redenen die verband houden met de ligging van de woonplaats van de kandidaat of het minimumbedrag van zijn inkomen."
  (3) Het OCMW kan in zijn reglement voorzien in de toepassing van verschillende inkomensplafonds voorzien in functie van de verschillende categorieën van woningen die het te huur stelt.
  (4) Het OCMW kan, in zijn reglement, specifieke toelatingsvoorwaarden voor het register van kandidaat-huurders nader omschrijven voor woningen die aan een bijzonder stelsel onderworpen zijn, zoals gesubsidieerde woningen, woningen aangepast aan personen met een beperkte mobiliteit of gemeenschapswoningen, solidaire of intergenerationele woningen.
  (5) Indien het OCMW in zijn huurwoningenbestand over woningen beschikt die recht geven op de huurtoelage, is het ertoe gehouden om in overeenstemming met artikel 29, 4e lid van de Code, de toetredingsvoorwaarden voor de huurtoelage zoals die door het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 juni 2012 tot instelling van een huurtoelage bepaald zijn, nader te omschrijven.
  (6) Artikel 26 van de Code bepaalt dat het toewijzingsreglement de criteria en de procedure van toewijzing van de woningen moet vastleggen.
  (7) Overeenkomstig artikel 30 § 1, 3de lid moeten de voorwaarden van bezoek en van communicatie van een akkoord identiek zijn voor alle aanvragers en zo ontworpen zijn dat ze bepaalde categorieën van normaal toegewijde aanvragers niet zonder toelaatbare reden diskwalificeren.
  (8) Het OCMW kan, zoals bepaald in artikel 29 van de Code, in zijn toewijzingsreglement, de objectieve en meetbare criteria nader omschrijven die bij de chronologische volgorde voor de toewijzing van de woningen in aanmerking genomen zullen worden. Het aantal punten dat aan elk van deze criteria gehecht is, moet in het reglement vastgelegd worden. Bijvoorbeeld: het eenoudergezin; de kandidaat-huurder die zijn woning moet verlaten in uitvoering van een ongezondheidsbesluit genomen door de burgemeester in toepassing van artikel 135 van de gemeentewet, van een beslissing van de Directie van de Gewestelijke Inspectie of van een onteigeningsbesluit; het gezin dat een persoon telt dat zijn woning moet verlaten wegens partnergeweld.
  Dit element moet door een OCMW of door een in kracht van gewijsde gegane veroordeling gestaafd worden; de kandidaat-huurder ouder dan 70 jaar die zijn woning dient te verlaten; de gehandicapte kandidaat-huurder of die een gehandicapte persoon te zijner laste heeft in de zin van artikel 135, 1e lid het Wetboek van de Inkomstenbelastingen. Elk jaar, op de verjaardatum van de inschrijving in het register van de kandidaat-huurder.
  Er wordt aan herinnerd dat, in overeenstemming met artikel 29, 3e lid, van de Code, de criteria die gekozen zullen worden "objectief en meetbaar moeten zijn, en geen betrekking mogen hebben op de ligging van het verblijf van de kandidaat of het minimaal bedrag van zijn inkomsten. Hun gewicht in het toewijzingsmechanisme moet in het Toewijzingsreglement beschreven worden.
  (9) Het OCMW omschrijft nader in zijn reglement de objectieve criteria die in aanmerking genomen zullen worden bij de volgorde voor de toewijzing van woningen onderworpen aan een bijzonder toewijzingsstelsel. Het aantal punten dat aan elk van deze criteria gehecht is, moet in het reglement vastgelegd worden.

  Art. N4. Bijlage 4 - Modeltoewijziginsreglement van de Grondregie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest
  Dit modelreglement bevat dwingende bepalingen die rechtstreeks voortvloeien uit de bepalingen van de Huisvestingscode. Het bevat ook facultatieve bepalingen, die gesuggereerd worden aan de operator, deze worden omkaderd door de tekens "[ ]" in de tekst.
  Artikel 1 - Toepassingsgebied
  Dit reglement is van toepassing op alle woningen van het privépatrimonium van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, te huur gesteld door de Grondregie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest ("de Regie"), met uitzondering van de transitwoningen zoals bepaald in artikel 2, 24° van de Code.
  [Zijn bijgevolg onderworpen aan dit reglement: de woningen die deel uitmaken van het privébestand het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, in het bijzonder (1) :...]
  Artikel 2 - Algemene toelatingsvoorwaarden tot het Register van de kandidaat-huurders (2)
  [Om ingeschreven te kunnen worden in het Register van de kandidaat-huurders:
  1° Moet de kandidaat-huurder meerderjarig, ontvoogde minderjarige of begeleid zelfstandig wonende minderjarige zijn.
  (De begeleid zelfstandig wonende minderjarige is de persoon die jonger dan achttien jaar is en die een maatregel voor begeleid zelfstandig wonen geniet die werd vastgesteld door de bevoegde diensten van jeugdbijstand, de Jeugdrechtbank of het OCMW).
  2° Geen enkel gezinslid van de kandidaat-huurder mag in volle eigendom, erfpacht of vruchtgebruik eigenaar zijn van een gebouw bestemd voor huisvesting.
  3° Het gezin van de kandidaat-huurder mag niet over een inkomen beschikken dat hoger ligt (3) dan..]
  Artikel 3 - Specifieke toelatingsvoorwaarden tot het Register van de kandidaat-huurders (4)
  [Naast de algemene toelatingsvoorwaarden bedoeld in artikel 2 moet de kandidaat-huurder die zich een woning wil laten toewijzen waarvoor een specifieke regeling geldt, voldoen aan de volgende specifieke voorwaarden:...]
  Artikel 4 - Aanvraag voor een woning
  § 1. De procedure voor het indienen van de aanvraag voor een woning verloopt volgens de volgende regels (5) :
  [De aanvragen voor een woning worden ingediend aan de hand van een papieren formulier dat te vinden is op de website van de Regie of dat op aanvraag bekomen kan worden bij de Regie. Het formulier moet naar behoren ingevuld en getekend worden door de kandidaat-huurder en door alle andere gezinsleden.
  Bij het formulier moeten de volgende documenten verplicht worden toegevoegd:
  1° een fotokopie recto/verso van de identiteitskaart of van het paspoort van alle meerderjarige gezinsleden;
  2° een samenstelling van het gezin uitgereikt door het gemeentebestuur;
  3° in voorkomend geval, een kopie van het vonnis of van de overeenkomst die de voorwaarden vastlegt van opvang van de kinderen die niet op permanente wijze in het gezin verblijven;
  4° een verklaring op erewoord dat geen enkel gezinslid in volle eigendom, erfpacht of vruchtgebruik eigenaar is van een gebouw bestemd voor huisvesting;
  5° de bewijzen van inkomsten van alle gezinsleden die niet onder de categorie kind ten laste vallen: laatste beschikbare aanslagbiljet of bij gebrek hieraan, elk ander document dat het mogelijk maakt om het bedrag van de inkomens van de gezinsleden vast te stellen.
  6° elk document dat door de Regie nuttig geacht wordt om het aantal voorrangspunten te kunnen bepalen waarop de kandidaat-huurder recht heeft.
  § 2. De kandidatuur wordt gericht aan de Regie via aangetekende brief of wordt er afgegeven tegen ontvangstbewijs. De poststempel of de datum van het ontvangstbewijs gelden als bewijs voor de datum van indiening van de kandidatuur.
  Binnen de vijftien werkdagen na de indiening van de kandidatuur wijst de Regie de kandidaat erop, in voorkomend geval, welke documenten, noodzakelijk om zijn aanvraag te onderzoeken, ontbreken. In dit geval beschikt de kandidaat-huurder over een termijn van vijftien werkdagen om zijn dossier te vervolledigen.
  § 3. De Regie beschikt over een termijn van 15 werkdagen, geteld vanaf de dag waarop het dossier volledig is, om zich uit te spreken over de ontvankelijkheid van de kandidatuur en om de kandidaat met aangetekend schrijven zijn gemotiveerde beslissing mee te delen.
  Met hetzelfde schrijven ontvangt de kandidaat-huurder, indien de kandidatuur gevalideerd is, een ontvangstbewijs met vermelding van de datum en het uur van inschrijving, het kandidaatnummer en de na te leven verplichtingen voor het vervolg van het dossier.
  § 4. De kandidaat-huurder deelt binnen een maximale termijn van twee maanden elke wijziging van de samenstelling van het gezin mee, elke adreswijziging of elke andere informatie die zijn oorspronkelijke inschrijving zou wijzigen, zo niet kan zijn kandidaatstelling geschrapt worden.
  De kandidaat-huurder bevestigt, op vraag van de Regie, jaarlijks zijn kandidaatstelling, binnen de 30 dagen na de verjaardatum van zijn inschrijving. De jaarlijkse bevestiging wordt gericht aan de Regie door aangetekende brief of wordt er afgegeven tegen ontvangstbewijs.
  Bij gebreke daarvan richt de Regie aan de kandidaat-huurder een brief, via aangetekend schrijven of via elk ander middel dat het mogelijk maakt de ontvangst van de brief te bewijzen, die hem op de hoogte stelt dat hij geschrapt zal worden uit het register indien hij zijn inschrijving niet bevestigt binnen de maand na ontvangst van deze brief.]
  Artikel 5 - Register
  § 1. Overeenkomstig artikel 27, § 1 van de Code houdt de Regie een register bij met, in chronologische volgorde van indiening van de aanvragen, de geanonimiseerde lijst van de aanvragers voor de toewijzing van een van die woningen.
  Het register vermeldt het nummer van de kandidatuur, de datum en het uur van inschrijving, de gezinssamenstelling en het gewenste type woning.
  Dit register vermeldt voor elke aanvrager, waarvan de identiteit vastgesteld wordt via een volgnummer:
  [1° de verschillende kenmerken van zijn situatie waarmee rekening gehouden wordt voor de toekenning van de woning, met uitzondering van zijn identiteit. Het gaat zowel om informatie die het mogelijk maakt het aangepaste karakter van een beschikbare woning te bepalen, zoals (niet exhaustief) de gezinssamenstelling, de gezondheidstoestand of de aanwezigheid van een handicap, als om de elementen die de aanvrager in de mogelijkheid stellen om één of ander wegingscriterium te doen gelden overeenkomstig artikel 29, lid 2 van de Code;]
  2° in voorkomend geval, de woning die hem toegewezen werd;
  3° in voorkomend geval, het adres van deze woning;
  4° in voorkomend geval, de datum van de toewijzingsbeslissing.
  5° in voorkomend geval, zijn aanspraak op de huurtoelage;
  6° in voorkomend geval, het motief tot schrapping uit het register.
  In geval van wijziging van de kenmerken van de situatie van de aanvrager wordt het register zo snel mogelijk aangepast.
  Het register vermeldt geen identiteitsgegevens van de aanvragers. De overeenstemming tussen elk registernummer en de identiteit van de aanvrager is enkel toegankelijk voor het beheersorgaan van de operator of voor de gemachtigd ambtenaar.
  § 2. Dit register kan worden geraadpleegd door op zijn minst de aanvragers, de gemeenteraadsleden, de raadsleden van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn van de gemeente en de leden van het Parlement en van de Regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
  [ § 3. Om het beheer van haar patrimonium ter vergemakkelijken kan de Regie ook een geïnformatiseerd register bijhouden waarmee hij gedifferentieerde lijsten kan opmaken in functie van het type woning (in functie van het aantal kamers, doorstromingslijsten, lijsten voor aangepaste woningen, enz.), steeds mits inachtneming van de chronologische volgorde.]
  Artikel 6 - Aangepast karakter van de woning
  De toe te kennen woning moet aangepast zijn aan de gezinsgrootte in het licht van de bewoningsnormen die bepaald worden in het Ministerieel besluit van 23 januari 2014 ter bepaling van de geschiktheidsnormen voor woningen voor de toepassing van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 28 november 2013 tot instelling van een herhuisvestingstoelage.
  Er is rekening gehouden met het kind/de kinderen die in aanmerking komen voor huisvesting bij het ene of andere lid van het gezin, geacteerd in een gerechtelijke beslissing [of overeenkomst.]
  Artikel 7 - Toewijzingsprocedure van de woning
  § 1. Telkens als de Regie, overeenkomstig artikel 30 van de Code, een van zijn vacante woningen moet toewijzen, neemt de bevoegde administratieve dienst, per aangetekend schrijven of met ieder ander middel waarmee bewezen kan worden dat de brief ontvangen is, contact op met de aanvragers uit het register wier kandidatuur overeenstemt met de beschikbare woning en die het hoogst gerangschikt staan krachtens dit artikel.
  Deze brief aan de betrokken aanvragers bevat de volgende informatie (6) :
  de beschikbaarheid en het type van betrokken woning;
  - [het adres van de betrokken woning];
  - de huurprijs die ervoor gevraagd zal worden;
  - het bedrag van de eventuele vaste huurlasten;
  - de toepassingsregels voor het bezoek van het pand, te weten de datum, het uur en de plek van de afspraak;
  - de toepassingsregels, met inbegrip van de termijn, volgens welke de aanvragers hun akkoord voor het huren van de woning kenbaar kunnen maken;
  - de volgorde van rangschikking van de aanvrager;
  - de regels en criteria van toewijzing van de woning; het schrijven herneemt integraal de tekst van het goedgekeurde toewijzingsreglement.
  § 2. Met uitzondering van de afwijkingen bedoeld in artikel 10 van huidig reglement, wijst de Regie de woning toe aan de kandidaat-huurder ingeschreven in het register en het best geklasseerd die binnen de voorziene vormen en termijnen een positief antwoord gegeven heeft op het schrijven bedoeld in paragraaf 1.
  § 3. In overeenstemming met artikel 29 van de Code, volgt het klassement van de kandidaten de volgorde van de inschrijvingsaanvragen in het register die in overeenstemming zijn met het aantal kamers van de te huur gestelde woning of het type van woning.
  [ § 4. Deze chronologische volgorde wordt door de volgende cumulatieve criteria gewogen (7) :...
  De chronologische volgorde geeft de doorslag voor de gezinnen waarvan de aanvraag hetzelfde aantal punten bekomen heeft.
  § 5. Voor de toewijzing van de woningen die aan een bijzonder stelsel onderworpen zijn (de woningen aangepast aan personen met een beperkte mobiliteit of de gemeenschapswoningen, solidaire of intergenerationele woningen), wordt de chronologische volgorde in het licht van de volgende specifieke criteria afgewogen (8) :...]
  § 6. Elke beslissing van toewijzing van een woning wordt formeel gemotiveerd.
  § 7. De Regie geeft kennis aan de niet gekozen kandidaat-huurders, bedoeld in § 1, van de redenen van niet-toewijzing en brengt hen op de hoogte van de rechtsmiddelen en termijnen voor beroep, bij aangetekend schrijven of door elk ander middel dat het mogelijk maakt de ontvangst van de brief te bewijzen.
  Artikel 8 - Weigering van een woning
  [ § 1. Elke kandidaat-huurder heeft de mogelijkheid om een aangepaste woning te weigeren. Deze weigering moet met redenen omkleed zijn en per aangetekende brief naar de Regie gestuurd worden of er worden afgeleverd tegen ontvangstbewijs.]
  § 2. De kandidaat-huurder mag, zonder gesanctioneerd te worden, een woning weigeren die een van de volgende kenmerken vertoont:
  1° een woning waarvoor het bedrag van de opeisbare huurprijs met inbegrip van de lasten de financiële capaciteiten van het gezin overstijgt;
  2° Een woning die duidelijk niet aangepast is aan de handicap van de kandidaat-huurder.
  De kandidaat is ertoe gehouden de elementen te leveren waardoor de openbare vastgoedbeheerder de grondslag van het ingeroepen motief kan beoordelen.
  Artikel 9 - Afwijkingen
  De Regie kan slechts in de volgende gevallen van het Toewijzingsreglement afwijken:
  1° indien het afwijkingsmechanisme bedoeld in artikel 5 § 2 van het besluit van [...] toegepast moet worden;
  2° wanneer de aanvrager zich in een situatie van extreme nood bevindt;
  3° wanneer de toewijzing betrekking heeft op de verhuur van woningen die aangepast zijn voor het gebruik van als gehandicapte erkende personen;
  4° wanneer de woningen ontworpen zijn voor ouderen en zij de begunstigde zijn van specifieke diensten;
  5° wanneer de toewijzing gebeurt in het kader van een mutatie;
  6° wanneer de toewijzing gebeurt in het kader van een herhuisvestingsplan van huurders van woningen die door de openbare vastgoedbeheerder beheerd worden en die gerenoveerd zullen worden.
  Deze afwijking moet formeel gemotiveerd en zijdelings in het Register vermeld worden.
  Artikel 10 - Mutaties
  [ § 1. Op zijn vraag kan de huurder die een woning betrekt die niet langer aangepast is een vacante aangepaste woning voorgesteld worden. Het aangepaste karakter van de woning wordt beoordeeld in functie van bepaalde criteria zoals de grootte van de woning, de toegankelijkheid of het inkomen.
  § 2. De aanvragen tot mutatie krijgen absolute voorrang ten opzichte van de nieuwe kandidaturen wanneer het een overmatige woning betreft, dat betekent dat ze minstens één slaapkamer te veel heeft.
  § 3. Aan elk huurgezin dat een overmatige huurwoning betrekt kan een voorstel tot mutatie naar een minder grote woning aangeboden worden.
  § 4. Een percentage (vastgelegd in het reglement) van de vacante woningen is voorbehouden aan gezinnen die een overbewoonde woning betrekken. Deze aanvragen tot mutatie worden ingeschreven op een gedifferentieerde lijst, het mutatieregister, en worden er chronologisch gerangschikt.]
  Artikel 11 - Beroep
  § 1. Het beroep tot hervorming bedoeld in artikel 32, § 2 van de Brusselse Huisvestingscode moet binnen een termijn van één maand, te rekenen vanaf de kennisgeving van de toewijzingsbeslissing, ingesteld worden. Dit beroep beoogt elke beslissing die een kandidaat-huurder benadeelt, met inbegrip van een beslissing van niet ontvankelijkheid genomen op basis van artikel 4, § 3, van huidig reglement.
  Dit beroep wordt aan de gemachtigde ambtenaar van de Regering via aangetekende brief verzonden.
  Het bezwaarschrift maakt nauwkeurig melding van de betwiste beslissing en de argumenten voor deze betwisting.
  § 2. Vanaf de datum van indiening van het in de voorgaande paragraaf bedoelde beroep dient de Regering gemachtigde ambtenaar een uitspraak te doen over het beroep binnen een termijn van één maand.
  De door de Regering gemachtigde ambtenaar- bevestigt of herziet de betwiste beslissing. In deze laatste veronderstelling heeft zijn beslissing alle gevolgen van een beslissing tot toekenning genomen op grond van artikel 7.
  De beslissing in beroep wordt betekend aan de verzoeker en vermeldt de gewone beschikbare rechtsmiddelen.
  Artikel 12 - Huurovereenkomst
  De woning wordt verhuurd in naleving van de geldende bepalingen betreffende de woninghuurovereenkomsten.
  [In het geval van een huurovereenkomst die voor minstens zes jaar gesloten werd, kan de Regie het bedrag van de huurprijs elke drie jaar herzien, in die mate dat de toegepaste huurprijs lager is dan de marktprijs en op voorwaarde dat de huurder beschikt over inkomsten die hoger zijn dan de inkomsten waardoor hij toegang tot de woning kreeg.]
  Gelezen om gevoegd te worden bij het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van [...] betreffende de regels die van toepassing zijn op de woningen die door de openbare vastgoedoperatoren en door de sociale verhuurkantoren te huur gesteld worden
  Nota's
  (1) Er wordt voorgesteld aan de Regie om bij artikel 1 van zijn reglement een lijst te voegen met alle woningtypen die hij te huur stelt, zodat elke kandidaat-huurder een overzicht heeft van de woningen die te huur worden aangeboden (bv.: woningen die met eigen middelen verkregen zijn; woningen die in het kader van de (duurzame) wijkcontracten gebouwd of gerenoveerd zijn; woningen die aangepast zijn aan mensen met beperkte mobiliteit, gemeenschappelijke, solidaire of intergenerationele woningen, enz.
  (2) Indien de Regie inschrijvingsvoorwaarden (of toelatingsvoorwaarden) voor het register bepaalt, zal hij artikel 27, § 1, laatste lid van de Code, moeten naleven dat nader omschrijft dat "De aanvraag tot inschrijving in het register kan niet worden geweigerd om redenen die verband houden met de ligging van de woonplaats van de kandidaat of het minimumbedrag van zijn inkomen."
  (3) De Regie kan in zijn reglement voorzien in de toepassing van verschillende inkomensplafonds in functie van de verschillende categorieën van woningen die het te huur stelt.
  (4) De Regie kan, in zijn reglement, specifieke toelatingsvoorwaarden voor het register van kandidaat-huurders nader omschrijven voor woningen die aan een bijzonder stelsel onderworpen zijn, zoals gesubsidieerde woningen, woningen aangepast aan personen met een beperkte mobiliteit, gemeenschapswoningen, solidaire of intergenerationele woningen.
  (5) Artikel 26 van de Code bepaalt dat het toewijzingsreglement de criteria en de procedure van toewijzing van de woningen moet vastleggen.
  (6) Overeenkomstig artikel 30 § 1, 3de lid moeten de voorwaarden van bezoek en van communicatie van een akkoord identiek zijn voor alle aanvragers en zo ontworpen zijn dat ze bepaalde categorieën van normaal toegewijde aanvragers niet zonder toelaatbare reden diskwalificeren.
  (7) De Regie kan, zoals bepaald in artikel 29 van de Code, in zijn toewijzingsreglement, de objectieve en meetbare criteria nader omschrijven die bij de chronologische volgorde voor de toewijzing van de woningen in aanmerking genomen zullen worden. Het aantal punten dat aan elk van deze criteria gehecht is, moet in het reglement vastgelegd worden. Bijvoorbeeld: het eenoudergezin; de kandidaat-huurder die zijn woning moet verlaten in uitvoering van een ongezondheidsbesluit genomen door de burgemeester in toepassing van artikel 135 van de gemeentewet, van een beslissing van de Directie van de Gewestelijke Inspectie of van een onteigeningsbesluit; het gezin dat een persoon telt dat zijn woning moet verlaten wegens partnergeweld. Dit element moet door een OCMW of door een in kracht van gewijsde gegane veroordeling gestaafd worden; de kandidaat-huurder ouder dan 70 jaar die zijn woning dient te verlaten; de gehandicapte kandidaat-huurder of die een gehandicapte persoon te zijner laste heeft in de zin van artikel 135, 1e lid het Wetboek van de Inkomstenbelastingen. Elk jaar, op de verjaardatum van de inschrijving in het register van de kandidaat-huurder.
  Er wordt aan herinnerd dat, in overeenstemming met artikel 29, 3e lid, van de Code, de criteria die gekozen zullen worden "objectief en meetbaar moeten zijn, en geen betrekking mogen hebben op de ligging van het verblijf van de kandidaat of het minimaal bedrag van zijn inkomsten. Hun gewicht in het toewijzingsmechanisme moet in het Toewijzingsreglement beschreven worden.
  (8) De Regie omschrijft nader in zijn reglement de objectieve criteria die in aanmerking genomen zullen worden bij de volgorde voor de toewijzing van woningen onderworpen aan een bijzonder toewijzingsstelsel. Het aantal punten dat aan elk van deze criteria gehecht is, moet in het reglement vastgelegd worden.

  Art. N5. Bijlage 5 - Modeltoewijziginsreglement van de Gewestelijke Ontwikkelingsmaatschappij van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest
  Dit modelreglement bevat dwingende bepalingen die rechtstreeks voortvloeien uit de bepalingen van de Huisvestingscode. Het bevat ook facultatieve bepalingen, die gesuggereerd worden aan de operator, deze worden omkaderd door de tekens "[ ]" in de tekst.
  Artikel 1 - Toepassingsgebied
  Dit reglement is van toepassing op alle woningen die te huur worden gesteld door de Gewestelijke Ontwikkelingsmaatschappij van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest ("de G.O.M.B."), met uitzondering van de transitwoningen zoals bepaald in artikel 2, 24° van de Code.
  [Zijn bijgevolg onderworpen aan dit reglement: de woningen die deel uitmaken van het privébestand van de G.O.M.B., in het bijzonder (1) :...]
  Artikel 2 - Algemene toelatingsvoorwaarden tot het Register van de kandidaat-huurders (2)
  [Om ingeschreven te kunnen worden in het Register van de kandidaat-huurders:
  1° Moet de kandidaat-huurder meerderjarig, ontvoogde minderjarige of begeleid zelfstandig wonende minderjarige zijn.
  (De begeleid zelfstandig wonende minderjarige is de persoon die jonger dan achttien jaar is en die een maatregel voor begeleid zelfstandig wonen geniet die werd vastgesteld door de bevoegde diensten van jeugdbijstand, de Jeugdrechtbank of het OCMW).
  2° Geen enkel gezinslid van de kandidaat-huurder mag in volle eigendom, erfpacht of vruchtgebruik eigenaar zijn van een gebouw bestemd voor huisvesting.
  3° Het gezin van de kandidaat-huurder mag niet over een inkomen beschikken dat hoger ligt (3) dan..]
  Artikel 3 - Specifieke toelatingsvoorwaarden tot het Register van de kandidaat-huurders (4)
  [Naast de algemene toelatingsvoorwaarden bedoeld in artikel 2 moet de kandidaat-huurder die zich een woning wil laten toewijzen waarvoor een specifieke regeling geldt, voldoen aan de volgende specifieke voorwaarden:...]
  Artikel 4 - Aanvraag voor een woning
  § 1. De procedure voor het indienen van de aanvraag voor een woning verloopt volgens de volgende regels (5) :
  [De huisvestingsaanvragen moeten worden ingediend door middel van een papieren formulier dat beschikbaar is op de website van de G.O.M.B. of op aanvraag bij de G.O.M.B. Het formulier moet behoorlijk ingevuld en ondertekend worden door de kandidaat- huurder en door alle andere meerderjarige leden van het gezin.
  Bij het formulier moeten de volgende documenten verplicht worden toegevoegd:
  1° een fotokopie recto/verso van de identiteitskaart of van het paspoort van alle meerderjarige gezinsleden;
  2° een samenstelling van het gezin uitgereikt door het gemeentebestuur;
  3° in voorkomend geval, een kopie van het vonnis of van de overeenkomst die de voorwaarden vastlegt van opvang van de kinderen die niet op permanente wijze in het gezin verblijven;
  4° een verklaring op erewoord dat geen enkel gezinslid in volle eigendom, erfpacht of vruchtgebruik eigenaar is van een gebouw bestemd voor huisvesting;
  5° de bewijzen van inkomsten van alle gezinsleden die niet onder de categorie kind ten laste vallen: laatste beschikbare aanslagbiljet of bij gebrek hieraan, elk ander document dat het mogelijk maakt om het bedrag van de inkomens van de gezinsleden vast te stellen.
  6° elk document dat door de G.O.M.B. nuttig geacht wordt om het aantal voorrangspunten te kunnen bepalen waarop de kandidaat-huurder recht heeft.
  § 2. De kandidatuur wordt gericht aan de G.O.M.B. via aangetekende brief of wordt er afgegeven tegen ontvangstbewijs. De poststempel of de datum van het ontvangstbewijs gelden als bewijs voor de datum van indiening van de kandidatuur.
  Binnen de vijftien werkdagen na de indiening van de kandidatuur wijst de G.O.M.B. de kandidaat erop, in voorkomend geval, welke documenten, noodzakelijk om zijn aanvraag te onderzoeken, ontbreken. In dit geval beschikt de kandidaat-huurder over een termijn van vijftien werkdagen om zijn dossier te vervolledigen.
  § 3. De G.O.M.B. beschikt over een termijn van 15 werkdagen, geteld vanaf de dag waarop het dossier volledig is, om zich uit te spreken over de ontvankelijkheid van de kandidatuur en om de kandidaat met aangetekend schrijven zijn gemotiveerde beslissing mee te delen.
  Met hetzelfde schrijven ontvangt de kandidaat-huurder, indien de kandidatuur gevalideerd is, een ontvangstbewijs met vermelding van de datum van inschrijving, het kandidaatnummer en de na te leven verplichtingen voor het vervolg van het dossier.
  § 4. De kandidaat-huurder deelt binnen een maximale termijn van twee maanden elke wijziging van de samenstelling van het gezin mee, elke adreswijziging of elke andere informatie die zijn oorspronkelijke inschrijving zou wijzigen, zo niet kan zijn kandidaatstelling geschrapt worden.
  De kandidaat-huurder bevestigt, op vraag van de G.O.M.B., jaarlijks zijn kandidaatstelling, binnen de 30 dagen na de verjaardatum van zijn inschrijving. De jaarlijkse bevestiging wordt gericht aan de G.O.M.B. per aangetekende brief of wordt er afgegeven tegen ontvangstbewijs.
  Bij gebreke daarvan richt de G.O.M.B. aan de kandidaat-huurder een brief, via aangetekend schrijven of via elk ander middel dat het mogelijk maakt de ontvangst van de brief te bewijzen, die hem ervan op de hoogte stelt dat hij geschrapt zal worden uit het register indien hij zijn inschrijving niet bevestigt binnen de maand na ontvangst van deze brief.]
  Artikel 5 - Register
  § 1. Overeenkomstig artikel 27, § 1 van de Code houdt de G.O.M.B. een register bij met, in chronologische volgorde van indiening van de aanvragen, de geanonimiseerde lijst van de aanvragers voor de toewijzing van een van die woningen.
  Het register omvat het nummer van de kandidatuur, de inschrijvingsdatum, de gezinssamenstelling en het gevraagde type woning.
  Dit register vermeldt voor elke aanvrager, waarvan de identiteit vastgesteld wordt via een volgnummer:
  1° de verschillende kenmerken van zijn situatie waarmee rekening gehouden wordt voor de toekenning van de woning, met uitzondering van zijn identiteit. Het gaat zowel om informatie die het mogelijk maakt het aangepaste karakter van een beschikbare woning te bepalen, zoals (niet exhaustief) de gezinssamenstelling, de gezondheidstoestand of de aanwezigheid van een handicap, als om de elementen die de aanvrager in de mogelijkheid stellen om één of ander wegingscriterium te doen gelden overeenkomstig artikel 29, lid 2 van de Code;
  2° in voorkomend geval, de woning die hem toegewezen werd;
  3° in voorkomend geval, het adres van deze woning;
  4° in voorkomend geval, de datum van de toewijzingsbeslissing.
  5° in voorkomend geval, zijn aanspraak op de huurtoelage;
  6° in voorkomend geval, het motief tot schrapping uit het register.
  In geval van wijziging van de kenmerken van de situatie van de aanvrager wordt het register zo snel mogelijk aangepast.
  Het register vermeldt geen identiteitsgegevens van de aanvragers. De overeenstemming tussen elk registernummer en de identiteit van de aanvrager is enkel toegankelijk voor het beheersorgaan van de operator of voor de gemachtigd ambtenaar.
  § 2. Dit Register kan worden geraadpleegd door op zijn minst de aanvragers, de gemeenteraadsleden, de raadsleden van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn en de leden van het Parlement en de Regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
  [ § 3. Om het beheer van zijn patrimonium ter vergemakkelijken kan de G.O.M.B. ook een geïnformatiseerd register bijhouden waarmee ze gedifferentieerde lijsten kan opmaken in functie van het type woning (in functie van het aantal slaapkamers, mutatielijsten, lijsten voor aangepaste woningen, enz.), steeds mits inachtneming van de chronologische volgorde.]
  Artikel 6 - Aangepast karakter van de woning
  De toe te kennen woning moet aangepast zijn aan de gezinsgrootte in het licht van de bewoningsnormen die bepaald worden in het Ministerieel besluit van 23 januari 2014 ter bepaling van de geschiktheidsnormen voor woningen voor de toepassing van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 28 november 2013 tot instelling van een herhuisvestingstoelage.
  Er is rekening gehouden met het kind/de kinderen die in aanmerking komen voor huisvesting bij het ene of andere lid van het gezin, geacteerd in een gerechtelijke beslissing [of overeenkomst.]
  Artikel 7 - Toewijzingsprocedure van de woning
  § 1. Telkens als de G.O.M.B., overeenkomstig Artikel 30 van de Code, een van haar vacante woningen moet toewijzen, neemt de bevoegde administratieve dienst, per aangetekend schrijven of met ieder ander middel waarmee bewezen kan worden dat de brief ontvangen is, contact op met de aanvragers uit het register wier kandidatuur overeenstemt met de beschikbare woning en die het hoogst gerangschikt staan krachtens dit artikel.
  Deze brief aan de betrokken aanvragers bevat de volgende informatie (6) :
  - de beschikbaarheid en het type van betrokken woning;
  - [het adres van de betrokken woning;]
  - de huurprijs die ervoor gevraagd zal worden;
  - het bedrag van de eventuele vaste huurlasten;
  - de toepassingsregels voor het bezoek van het pand, te weten de datum, het uur en de plek van de afspraak;
  - de toepassingsregels, met inbegrip van de termijn, volgens welke de aanvragers hun akkoord voor het huren van de woning kenbaar kunnen maken;
  - de volgorde van rangschikking van de aanvrager;
  - de regels en criteria van toewijzing van de woning; het schrijven herneemt integraal de tekst van het goedgekeurde toewijzingsreglement.
  § 2. Met uitzondering van de afwijkingen bedoeld in artikel 10 van huidig reglement, wijst de G.O.M.B. de woning toe aan de kandidaat-huurder ingeschreven in het register en het best geklasseerd die binnen de voorziene vormen en termijnen een positief antwoord gegeven heeft op het schrijven bedoeld in paragraaf 1.
  § 3. In overeenstemming met artikel 29 van de Code, volgt het klassement van de kandidaten de volgorde van de inschrijvingsaanvragen in het register die in overeenstemming zijn met het aantal kamers van de te huur gestelde woning of het type van woning.
  [ § 4. Deze chronologische volgorde wordt door de volgende cumulatieve criteria gewogen (7) :...
  De chronologische volgorde geeft de doorslag voor de gezinnen waarvan de aanvraag hetzelfde aantal punten bekomen heeft.
  § 5. Voor de toewijzing van de woningen die aan een bijzonder stelsel onderworpen zijn (de woningen aangepast aan personen met een beperkte mobiliteit of de gemeenschapswoningen, solidaire of intergenerationele woningen), wordt de chronologische volgorde in het licht van de volgende specifieke criteria afgewogen (8) :...]
  § 6. Elke beslissing van toewijzing van een woning wordt formeel gemotiveerd.
  § 7. De G.O.M.B. betekent aan de niet-weerhouden kandidaat-huurders bedoeld in § 1, de redenen van niet-toewijzing en brengt hen op de hoogte van de rechtsmiddelen en termijnen, bij aangetekend schrijven of door elk ander middel dat het mogelijk maakt de ontvangst van de brief en de ontvangstdatum ervan te bewijzen.
  Artikel 8 - Weigering van een woning
  [ § 1. Elke kandidaat-huurder heeft de mogelijkheid om een aangepaste woning te weigeren. Deze weigering moet met redenen omkleed zijn en per aangetekende brief naar de G.O.M.B. gestuurd worden of er worden afgeleverd tegen ontvangstbewijs.]
  § 2. De kandidaat-huurder kan zonder te worden gesanctioneerd een woning weigeren die één van de volgende kenmerken vertoont:
  1° een woning waarvan de vereiste huurprijs met inbegrip van de lasten de financiële mogelijkheden van het gezin overschrijden;
  2° een woning die duidelijk niet aan de handicap van de kandidaat-huurder aangepast is.
  De kandidaat-huurder is ertoe gehouden om de elementen te verstrekken die de openbare vastgoedoperator in staat stellen de gegrondheid van de ingeroepen redenen te beoordelen.
  Artikel 9 - Afwijkingen
  De G.O.M.B. kan slechts van het Toewijzingsreglement afwijken in de volgende gevallen:
  1° indien het afwijkingsmechanisme bedoeld in artikel 5 § 2 van het besluit van [21 december 2017] toegepast moet worden;
  2° wanneer de aanvrager zich in een situatie van extreme nood bevindt;
  3° wanneer de toewijzing betrekking heeft op de verhuur van woningen die aangepast zijn voor het gebruik van als gehandicapte erkende personen;
  4° wanneer de woningen ontworpen zijn voor ouderen en zij de begunstigde zijn van specifieke diensten;
  5° wanneer de toewijzing gebeurt in het kader van een mutatie;
  6° wanneer de toewijzing gebeurt in het kader van een herhuisvestingsplan van huurders van woningen die door de openbare vastgoedbeheerder beheerd worden en die gerenoveerd zullen worden.
  Deze afwijking moet formeel gemotiveerd en zijdelings in het Register vermeld worden.
  Artikel 10 - Mutaties
  [ § 1. Op zijn vraag kan de huurder die een woning betrekt die niet langer aangepast is een vacante aangepaste woning voorgesteld worden. Het aangepaste karakter van de woning wordt beoordeeld in functie van bepaalde criteria zoals de grootte van de woning, de toegankelijkheid of het inkomen.
  § 2. De aanvragen tot mutatie krijgen absolute voorrang ten opzichte van de nieuwe kandidaturen wanneer het een overmatige woning betreft, dat betekent dat ze minstens één slaapkamer te veel heeft.
  § 3. Aan elk huurgezin dat een overmatige huurwoning betrekt kan een voorstel tot mutatie naar een minder grote woning aangeboden worden.
  § 4. Een percentage (vastgelegd in het reglement) van de vacante woningen is voorbehouden aan gezinnen die een overbewoonde woning betrekken. Deze aanvragen tot mutatie worden ingeschreven op een gedifferentieerde lijst, het mutatieregister, en worden er chronologisch gerangschikt.]
  Artikel 11 - Beroep
  § 1. Het beroep tot hervorming bedoeld in artikel 32, § 2 van de Brusselse Huisvestingscode moet binnen een termijn van één maand, te rekenen vanaf de kennisgeving van de toewijzingsbeslissing, ingesteld worden. Dit beroep beoogt elke beslissing die een kandidaat-huurder benadeelt, met inbegrip van een beslissing van niet ontvankelijkheid genomen op basis van artikel 4, § 3, van huidig reglement.
  Dit beroep wordt aan de gemachtigde ambtenaar van de Regering via aangetekende brief verzonden.
  Het bezwaarschrift maakt nauwkeurig melding van de betwiste beslissing en de argumenten voor deze betwisting.
  § 2. Vanaf de datum van indiening van het in de voorgaande paragraaf bedoelde beroep dient de Regering gemachtigde ambtenaar een uitspraak te doen over het beroep binnen een termijn van één maand.
  De door de Regering gemachtigde ambtenaar- bevestigt of herziet de betwiste beslissing. In deze laatste veronderstelling draagt zijn beslissing alle gevolgen van een toewijzingsbeslissing genomen krachtens artikel 7.
  De beslissing in beroep wordt betekend aan de verzoeker en vermeldt de gewone beschikbare rechtsmiddelen.
  Artikel 12 - Huurovereenkomst
  De woning wordt verhuurd in naleving van de geldende bepalingen betreffende de woninghuurovereenkomst.
  [In het geval van een huurovereenkomst die voor minstens zes jaar gesloten werd, kan de G.O.M.B. het bedrag van de huurprijs elke drie jaar herzien, in die mate dat de toegepaste huurprijs lager is dan de marktprijs en op voorwaarde dat de huurder beschikt over inkomsten die hoger zijn dan de inkomsten waardoor hij toegang tot de woning kreeg.]
  Gelezen om gevoegd te worden bij het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van [...] betreffende de regels die van toepassing zijn op de woningen die door de openbare vastgoedoperatoren en door de sociale verhuurkantoren te huur gesteld worden
  Nota's
  (1) Er wordt aan de G.O.M.B. gesuggereerd om in artikel 1 van haar reglement een lijst in te voegen met al de woningtypes die ze te huur aanbiedt om de kandidaat-huurder de mogelijkheid te bieden om over een overzicht te beschikken van de woningen die te huur aangeboden zijn (vb.: de woningen verkregen uit eigen middelen, de woningen aangepast aan personen met een beperkte mobiliteit; de gemeenschapswoningen, solidaire of intergenerationele woningen, enz.
  (2) Indien de G.O.M.B. inschrijvingsvoorwaarden (of toelatingsvoorwaarden) voor het register bepaalt, zal hij artikel 27, § 1, laatste lid van de Code, moeten naleven dat nader omschrijft dat "De aanvraag tot inschrijving in het register kan niet worden geweigerd om redenen die verband houden met de ligging van de woonplaats van de kandidaat of het minimumbedrag van zijn inkomen."
  (3) De G.O.M.B. kan in zijn reglement voorzien in de toepassing van verschillende inkomensplafonds in functie van de verschillende categorieën van woningen die het te huur stelt.
  (4) De G.O.M.B. kan, in haar reglement, specifieke toelatingsvoorwaarden voor het register van kandidaat-huurders nader omschrijven voor woningen die aan een bijzonder stelsel onderworpen zijn, zoals de woningen aangepast aan personen met een beperkte mobiliteit of de gemeenschapswoningen, solidaire of intergenerationele woningen.
  (5) Artikel 26 van de Code bepaalt dat het toewijzingsreglement de criteria en de procedure van toewijzing van de woningen moet vastleggen.
  (6) Overeenkomstig artikel 30 § 1, 3de lid moeten de voorwaarden van bezoek en van communicatie van een akkoord identiek zijn voor alle aanvragers en zo ontworpen zijn dat ze bepaalde categorieën van normaal toegewijde aanvragers niet zonder toelaatbare reden diskwalificeren.
  (7) De G.O.M.B. kan, zoals bepaald in artikel 29 van de Code, in haar toewijzingsreglement, de objectieve en meetbare criteria nader omschrijven die bij de chronologische volgorde voor de toewijzing van de woningen in aanmerking genomen zullen worden. Het aantal punten dat aan elk van deze criteria gehecht is, moet in het reglement vastgelegd worden. Bijvoorbeeld: het eenoudergezin; de kandidaat-huurder die zijn woning moet verlaten in uitvoering van een ongezondheidsbesluit genomen door de burgemeester in toepassing van artikel 135 van de gemeentewet, van een beslissing van de Directie van de Gewestelijke Inspectie of van een onteigeningsbesluit; het gezin dat een persoon telt dat zijn woning moet verlaten wegens partnergeweld. Dit element moet door een OCMW of door een in kracht van gewijsde gegane veroordeling gestaafd worden; de kandidaat-huurder ouder dan 70 jaar die zijn woning dient te verlaten; de gehandicapte kandidaat-huurder of die een gehandicapte persoon te zijner laste heeft in de zin van artikel 135, 1e lid het Wetboek van de Inkomstenbelastingen. Elk jaar, op de verjaardatum van de inschrijving in het register van de kandidaat-huurder.
  Er wordt aan herinnerd dat, in overeenstemming met artikel 29, 3e lid, van de Code, de criteria die gekozen zullen worden "objectief en meetbaar moeten zijn, en geen betrekking mogen hebben op de ligging van het verblijf van de kandidaat of het minimaal bedrag van zijn inkomsten. Hun gewicht in het toewijzingsmechanisme moet in het Toewijzingsreglement beschreven worden.
  (8) De G.O.M.B. omschrijft nader in haar reglement de objectieve criteria die in aanmerking genomen zullen worden bij de volgorde voor de toewijzing van woningen onderworpen aan een bijzonder toewijzingsstelsel. Het aantal punten dat aan elk van deze criteria gehecht is, moet in het reglement vastgelegd worden.

  Art. N6. Bijlage 6 : Bijlage IX: Modeltoewijzingsreglement voor de sociale verhuurkantoren
  Dit modelreglement bevat dwingende bepalingen die rechtstreeks voortvloeien uit de bepalingen van de Huisvestingscode. Het bevat ook facultatieve bepalingen, die gesuggereerd worden aan de operator, deze worden omkaderd door de tekens "[ ]" in de tekst.
  Artikel 1 - Toepassingsgebied
  Dit reglement is van toepassing op alle woningen die te huur aangeboden worden door de sociale verhuurkantoren ("SVK's"), met uitzondering van de transitwoningen zoals bedoeld in artikel 2, 22° van de Code.
  [Vallen bijgevolg onder dit reglement de volgende woningen: (1) :...]
  Artikel 2 - Algemene toelatingsvoorwaarden tot het Register van de kandidaat-huurders (2)
  [Om ingeschreven te kunnen worden in het Register van de kandidaat-huurders:
  1° Moet de kandidaat-huurder meerderjarig, ontvoogde minderjarige of begeleid zelfstandig wonende minderjarige zijn.
  (De begeleid zelfstandig wonende minderjarige is de persoon die jonger dan achttien jaar is en die een maatregel voor begeleid zelfstandig wonen geniet die werd vastgesteld door de bevoegde diensten van jeugdbijstand, de Jeugdrechtbank of het OCMW).
  2° Geen enkel gezinslid van de kandidaat-huurder mag in volle eigendom, erfpacht of vruchtgebruik eigenaar zijn van een gebouw bestemd voor huisvesting.
  3° Het gezin van de kandidaat-huurder mag niet over een inkomen beschikken dat hoger ligt dan..]
  Artikel 3 - Specifieke toelatingsvoorwaarden tot het Register van de kandidaat-huurders (3) (4)
  [Naast de algemene toelatingsvoorwaarden bedoeld in artikel 2 moet de kandidaat-huurder die zich een woning wil laten toewijzen waarvoor een specifieke regeling geldt, voldoen aan de volgende specifieke voorwaarden:...]
  Artikel 4 - Aanvraag voor een woning
  § 1. De procedure voor het indienen van de aanvraag voor een woning verloopt volgens de volgende regels (5) :
  [De aanvragen voor een woning worden ingediend aan de hand van een formulier dat te vinden is op de internetsite van het S.V.K. of dat op aanvraag bekomen kan worden bij het S.V.K. Het formulier moet behoorlijk ingevuld en ondertekend worden door de kandidaat- huurder en door alle andere meerderjarige leden van het gezin.
  Bij het formulier moeten de volgende documenten verplicht worden toegevoegd:
  1° een fotokopie recto/verso van de identiteitskaart of van het paspoort van alle meerderjarige gezinsleden;
  2° een samenstelling van het gezin uitgereikt door het gemeentebestuur;
  3° in voorkomend geval, een kopie van het vonnis of van de overeenkomst die de voorwaarden vastlegt van opvang van de kinderen die niet op permanente wijze in het gezin verblijven;
  4° een verklaring op erewoord dat geen enkel gezinslid in volle eigendom, erfpacht of vruchtgebruik eigenaar is van een gebouw bestemd voor huisvesting;
  5° de bewijzen van inkomsten van alle gezinsleden die niet onder de categorie kind ten laste vallen: laatste beschikbare aanslagbiljet of bij gebrek hieraan, elk ander document dat het mogelijk maakt om het bedrag van de inkomens van de gezinsleden vast te stellen.
  6° elk document dat door het S.V.K. nuttig geacht wordt om het aantal voorrangspunten te kunnen bepalen waarop de kandidaat-huurder recht heeft.
  § 2. De kandidatuur wordt gericht aan het S.V.K. door aangetekende brief of wordt er afgegeven tegen ontvangstbewijs. De poststempel of de datum van het ontvangstbewijs gelden als bewijs voor de datum van indiening van de kandidatuur.
  Binnen de vijftien werkdagen na de indiening van de kandidatuur wijst het SVK de kandidaat erop, in voorkomend geval, welke documenten, noodzakelijk om zijn aanvraag te onderzoeken, ontbreken. In dit geval beschikt de kandidaat-huurder over een termijn van vijftien werkdagen om zijn dossier te vervolledigen.
  § 3. Het SVK beschikt over een termijn van 15 werkdagen, geteld vanaf de dag waarop het dossier volledig is, om zich uit te spreken over de ontvankelijkheid van de kandidatuur en om de kandidaat met aangetekend schrijven zijn gemotiveerde beslissing mee te delen.
  Met hetzelfde schrijven ontvangt de kandidaat-huurder, indien de kandidatuur gevalideerd is, een ontvangstbewijs met vermelding van de datum van inschrijving, het kandidaatnummer en de na te leven verplichtingen voor het vervolg van het dossier.
  § 4. De kandidaat-huurder deelt binnen een maximale termijn van twee maanden elke wijziging van de samenstelling van het gezin mee, elke adreswijziging of elke andere informatie die zijn oorspronkelijke inschrijving zou wijzigen, zo niet kan zijn kandidaatstelling geschrapt worden.
  De kandidaat-huurder bevestigt, op vraag van het S.V.K., jaarlijks zijn kandidaatstelling, binnen de 30 dagen na de verjaardatum van zijn inschrijving. De jaarlijkse bevestiging wordt gericht aan het S.V.K. door aangetekende brief of wordt er afgegeven tegen ontvangstbewijs.
  Bij gebreke daarvan richt het S.V.K. aan de kandidaat-huurder een brief, via aangetekend schrijven of via elk ander middel dat het mogelijk maakt de ontvangst van de brief te bewijzen, die hem op de hoogte stelt dat hij geschrapt zal worden uit het register indien hij zijn inschrijving niet bevestigt binnen de maand na ontvangst van deze brief.]
  Artikel 5 - Register
  § 1. Overeenkomstig artikel 27, § 1 van de Code houdt het SVK een register bij met, in chronologische volgorde van indiening van de aanvragen, de geanonimiseerde lijst van de aanvragers voor de toewijzing van een van die woningen.
  Het register omvat het nummer van de kandidatuur, de inschrijvingsdatum, de gezinssamenstelling en het gevraagde type woning.
  Dit register vermeldt voor elke aanvrager, waarvan de identiteit vastgesteld wordt via een volgnummer:
  1° de verschillende kenmerken van zijn situatie waarmee rekening gehouden wordt bij het toewijzen van de woning, met uitzondering van zijn identiteit. Het gaat zowel om informatie die het mogelijk maakt om het aangepaste karakter van een beschikbare woning te bepalen, als bij wijze van niet exhaustieve voorbeelden, de gezinssamenstelling, de gezondheidstoestand of het bestaan van een beperking, als om elementen die het de aanvrager toelaten één of ander wegingscriterium in overweging te laten nemen overeenkomstig artikel 29, lid 2 van de Code;
  2° in voorkomend geval, de woning die hem toegewezen werd;
  3° in voorkomend geval, het adres van deze woning;
  4° in voorkomend geval, de datum van de toewijzingsbeslissing;
  5° in voorkomend geval, het motief tot schrapping uit het register.
  In geval van wijziging van de kenmerken van de situatie van de aanvrager wordt het register zo snel mogelijk aangepast.
  Het register vermeldt geen identiteitsgegevens van de aanvragers. De link tussen elk registernummer en de identiteit van de aanvrager is enkel toegankelijk voor het S.V.K.
  § 2. Dit register is toegankelijk voor raadpleging minstens voor de aanvragers, voor de gemeenteraadsleden, voor de raadsleden van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn van de huidige gemeente en voor de leden van het Parlement en van de Regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
  Artikel 6 - Aangepast karakter van de woning
  § 1. De toe te wijzen woning moet aangepast zijn aan de gezinsgrootte in het licht van de bezettingsnormen die zijn vastgesteld in artikel 10 van het besluit van 17 december 2015 houdende organisatie van de sociale verhuurkantoren.
  Er wordt rekening gehouden met de in een gerechtelijke beslissing [of een overeenkomst] geacteerde huisvestingsmodaliteiten van het kind of de kinderen bij het ene of het andere gezinslid.
  Artikel 7 - Toewijzingsprocedure van de woning
  § 1. Telkens wanneer het S.V.K., overeenkomstig artikel 30 van de Code, een van haar vacante woningen voor verhuur moet toewijzen, neemt de bevoegde administratieve dienst, per aangetekend schrijven of met ieder ander middel waarmee bewezen kan worden dat de brief ontvangen is, contact op met de aanvragers uit het register wier kandidatuur overeenstemt met de beschikbare woning en die het hoogst gerangschikt staan krachtens dit artikel.
  Dit contact kan ook per e-mail gebeuren, op voorwaarde dat de betrokken aanvrager expliciet en schriftelijk gevraagd heeft om op deze manier te communiceren en hier in de tussentijd niet op is teruggekomen. Deze communicatiewijze kan hem niet opgelegd worden.
  Deze brief of e-mail aan de betrokken aanvragers bevat de volgende informatie (6) :
  de beschikbaarheid en het type van betrokken woning;
  - [het adres van de betrokken woning;]
  - de huurprijs die ervoor gevraagd zal worden;
  - het bedrag van de eventuele vaste huurlasten;
  - de toepassingsregels voor het bezoek van het pand, te weten de datum, het uur en de plek van de afspraak;
  - de toepassingsregels, met inbegrip van de termijn, volgens welke de aanvragers hun akkoord voor het huren van de woning kenbaar kunnen maken;
  - de volgorde van rangschikking van de aanvrager;
  - in voorkomend geval, zijn recht op het genot van een huurtoelage en de gedetailleerde weergave hiervan;
  - de regels en criteria van toewijzing van de woning; het schrijven herneemt integraal de tekst van het goedgekeurde toewijzingsreglement.
  § 2. Met uitzondering van de afwijkingen bedoeld in artikel 10 van huidig reglement, wijst het S.V.K. de woning toe aan de kandidaat-huurder ingeschreven in het register en het best geklasseerd die binnen de voorziene vormen en termijnen een positief antwoord gegeven heeft op het schrijven bedoeld in paragraaf 1.
  § 3. In overeenstemming met artikel 29 van de Code volgt de rangschikking van de kandidaten de chronologische, eventueel op basis van de criteria die in onderhavig toewijzingsreglement worden vastgesteld gewogen, volgorde van de inschrijvingsaanvragen in het register die in overeenstemming zijn met het aantal kamers van de te huur gestelde woning of het type van woning.
  [ § 4. Deze chronologische volgorde wordt door de volgende cumulatieve criteria gewogen (7) :...
  De chronologische volgorde geeft de doorslag voor de gezinnen waarvan de aanvraag hetzelfde aantal punten bekomen heeft.
  § 5. In afwijking op paragraaf 3 wordt voor de toewijzing van de woningen die in het kader van de wijkcontracten gesubsidieerd worden een absolute voorrang verleend aan de mensen die de woningen vóór de uitvoering van de werken betrokken.
  § 6. Voor de toewijzing van de woningen die aan een bijzonder stelsel onderworpen zijn (woningen aangepast aan personen met een beperkte mobiliteit, woningen voorbehouden aan een persoon die zijn hoedanigheid van dakloze verliest, of ook solidaire of intergenerationele woningen), wordt de chronologische volgorde in op basis van de volgende specifieke criteria afgewogen (8) :...]
  § 6. In overeenstemming met artikel 30 § 3 van de code wordt elke beslissing tot toewijziging van een woning formeel gemotiveerd.
  Wanneer het gaat om een kandidaat-huurder die voldoet aan de toekenningsvoorwaarden voor een huurtoelage en om een geplafonneerde huurprijs in overeenstemming met het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 juni 2012 tot instelling van een huurtoelage, wordt in de beslissing tot toewijzing de mogelijkheid vermeld om van een huurtoelage te genieten.
  § 7. Het S.V.K. geeft kennis aan de niet gekozen kandidaat-huurders bedoeld in § 1 van de redenen van niet-toewijzing en brengt hen op de hoogte van de rechtsmiddelen en termijnen voor beroep, bij aangetekend schrijven of door elk ander middel dat het mogelijk maakt de ontvangst van de brief en de ontvangstdatum ervan te bewijzen.
  Artikel 8 - Weigering van een woning
  [ § 1. Elke kandidaat-huurder heeft de mogelijkheid om een aangepaste woning te weigeren. Deze weigering moet met redenen omkleed zijn en per aangetekende brief naar de Commissie gestuurd worden of er worden afgeleverd tegen ontvangstbewijs.]
  § 2. De kandidaat-huurder kan zonder te worden gesanctioneerd een woning weigeren die één van de volgende kenmerken vertoont:
  1° een woning waarvoor het vereiste huurbedrag, met inbegrip van de huurtoeslag voor passiefwoningen, lage en zeer lage energiewoningen en de huurlasten de financiële mogelijkheden van het gezin overstijgen.
  2° een woning die duidelijk niet aan de handicap van de kandidaat-huurder aangepast is;
  3° Een woning die niet het aantal slaapkamers omvat die in toepassing van artikel 10 § 2, 3° in verband met de gezinssamenstelling vereist zijn.
  De kandidaat-huurder moet de OVM in dat geval de elementen bezorgen aan de hand waarvan geoordeeld kan worden of het ingeroepen argument gegrond is.
  Artikel 9 - Afwijkingen
  Het S.V.K. kan enkel van het Toewijzingsreglement afwijken in de volgende gevallen:
  1° indien het afwijkingsmechanisme bedoeld in artikel 39/2 § 2 van dit besluit toegepast moet worden;
  2° wanneer de aanvrager zich in een situatie van extreme nood bevindt;
  3° wanneer de toewijzing betrekking heeft op de verhuur van woningen die aangepast zijn voor het gebruik van als gehandicapte erkende personen;
  4° wanneer de woningen ontworpen zijn voor ouderen en zij de begunstigde zijn van specifieke diensten;
  5° wanneer de toewijzing gebeurt in het kader van een mutatie;
  Deze afwijking moet formeel gemotiveerd en zijdelings in het Register vermeld worden.
  Artikel 10 - Mutaties
  [ § 1. Op zijn vraag kan de huurder die een woning betrekt die niet langer aangepast is een vacante aangepaste woning voorgesteld worden. Het aangepaste karakter van de woning wordt beoordeeld in functie van bepaalde criteria zoals de grootte van de woning, de toegankelijkheid of het inkomen.
  § 2. De aanvragen tot mutatie krijgen absolute voorrang ten opzichte van de nieuwe kandidaturen wanneer het een overmatige woning betreft, dat betekent dat ze minstens één kamer te veel heeft.
  § 3. Aan elk huurgezin dat een overmatige huurwoning betrekt kan een voorstel tot mutatie naar een minder grote woning aangeboden worden.
  § 4 Deze aanvragen tot mutatie worden ingeschreven op een gedifferentieerde lijst, het mutatieregister, en worden er chronologisch gerangschikt.]
  Artikel 11 - Beroep
  § 1. Het beroep tot hervorming bedoeld in artikel 32, § 2 van de Brusselse Huisvestingscode moet binnen een termijn van één maand, te rekenen vanaf de kennisgeving van de toewijzingsbeslissing, ingesteld worden. Dit beroep beoogt elke beslissing tot toewijzing van een woning die een kandidaat-huurder benadeelt, met inbegrip van een beslissing van niet-ontvankelijkheid.
  Dit beroep wordt aan de gemachtigde ambtenaar van de Regering via aangetekende brief verzonden.
  Het bezwaarschrift maakt nauwkeurig melding van de betwiste beslissing en de argumenten voor deze betwisting.
  § 2. Vanaf de datum van indiening van het in de voorgaande paragraaf bedoelde beroep dient de gemachtigde ambtenaar van de Regering een uitspraak te doen over het beroep binnen een termijn van één maand.
  De door de Regering gemachtigde ambtenaar- bevestigt of herziet de betwiste beslissing. In deze laatste veronderstelling draagt zijn beslissing alle gevolgen van een toewijzingsbeslissing genomen krachtens artikel 7.
  De beslissing in beroep wordt betekend aan de verzoeker en vermeldt de gewone beschikbare rechtsmiddelen.
  Artikel 12 - Huurovereenkomst
  De woning wordt verhuurd in naleving van de geldende bepalingen betreffende de woninghuurovereenkomsten.
  [In het geval van een huurovereenkomst die voor minstens zes jaar gesloten werd, kan het S.V.K. het bedrag van de huurprijs elke drie jaar herzien, in de mate dat de toegepaste huurprijs lager is dan de marktprijs en op voorwaarde dat de huurder beschikt over inkomsten die hoger zijn dan de inkomsten waardoor hij toegang tot de woning kreeg.]
  Gelezen om gevoegd te worden bij het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van [...] betreffende de regels die van toepassing zijn op de woningen die door de openbare vastgoedoperatoren en door de sociale verhuurkantoren te huur gesteld worden.
  Nota's
  (1) Er wordt aan het S.V.K. gesuggereerd om in artikel 1 van zijn reglement een lijst in te voegen met alle woningtypes die het te huur aanbiedt om de kandidaat-huurder de mogelijkheid te bieden om over een overzicht te beschikken van de woningen die te huur aangeboden zijn (bv.: woningen aangepast aan personen met een beperkte mobiliteit; gemeenschapswoningen, solidaire of intergenerationele woningen, enz.
  (2) Indien het S.V.K. inschrijvingsvoorwaarden (of toelatingsvoorwaarden) voor het register bepaalt, zal hij artikel 27, § 1, laatste lid van de Code, moeten naleven dat nader omschrijft dat "De aanvraag tot inschrijving in het register kan niet worden geweigerd om redenen die verband houden met de ligging van de woonplaats van de kandidaat of het minimumbedrag van zijn inkomen."
  (3) Het S.V.K. kan, in zijn reglement, specifieke toelatingsvoorwaarden voor het register van kandidaat-huurders nader omschrijven voor woningen die aan een bijzonder stelsel onderworpen zijn, zoals gesubsidieerde woningen, woningen aangepast aan personen met een beperkte mobiliteit, gemeenschapswoningen, solidaire of intergenerationele woningen.
  (4) Indien het S.V.K. in zijn huurwoningenbestand over woningen beschikt die op de huurtoelage recht geven, is hij ertoe gehouden om in overeenstemming met artikel 29, 4e lid van de Code, de toetredingsvoorwaarden voor de huurtoelage zoals die door het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 juni 2012 tot instelling van een huurtoelage bepaald zijn, nader te omschrijven.
  (5) Artikel 26 van de Code bepaalt dat het toewijzingsreglement de criteria en de procedure van toewijzing van de woningen moet vastleggen.
  (6) Overeenkomstig artikel 30 § 1, 3de lid moeten de voorwaarden van bezoek en van communicatie van een akkoord identiek zijn voor alle aanvragers en zo ontworpen zijn dat ze bepaalde categorieën van normaal toegewijde aanvragers niet zonder toelaatbare reden diskwalificeren.
  (7) Het S.V.K. kan, zoals bepaald in artikel 29 van de Code, in zijn toewijzingsreglement, de objectieve en meetbare criteria nader omschrijven die bij de chronologische volgorde voor de toewijzing van de woningen in aanmerking genomen zullen worden. Het aantal punten dat aan elk van deze criteria gehecht is, moet in het reglement vastgelegd worden. Bijvoorbeeld: het eenoudergezin; de kandidaat-huurder die zijn woning moet verlaten in uitvoering van een ongezondheidsbesluit genomen door de burgemeester in toepassing van artikel 135 van de gemeentewet, van een beslissing van de Directie van de Gewestelijke Inspectie of van een onteigeningsbesluit; het gezin dat een persoon telt dat zijn woning moet verlaten wegens partnergeweld. Dit element moet door een OCMW of door een in kracht van gewijsde gegane veroordeling gestaafd worden; de kandidaat-huurder ouder dan 70 jaar die zijn woning dient te verlaten; de gehandicapte kandidaat-huurder of die een gehandicapte persoon te zijner laste heeft. Elk jaar, op de verjaardatum van de inschrijving in het register van de kandidaat-huurder.
  Er wordt aan herinnerd dat, in overeenstemming met artikel 29, 3e lid, van de Code, de criteria die gekozen zullen worden "objectief en meetbaar moeten zijn, en geen betrekking mogen hebben op de ligging van het verblijf van de kandidaat of het minimaal bedrag van zijn inkomsten. Hun gewicht in het toewijzingsmechanisme moet in het Toewijzingsreglement beschreven worden.
  (8) Het S.V.K. omschrijft nader in zijn reglement de objectieve criteria die in aanmerking genomen zullen worden bij de volgorde voor de toewijzing van woningen onderworpen aan een bijzonder toewijzingsstelsel. Het aantal punten dat aan elk van deze criteria gehecht is, moet in het reglement vastgelegd worden.

Handtekening Tekst Inhoudstafel Begin
   Brussel, 21 december 2017.
Voor de Regering:
De Minister-President van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering,
R. VERVOORT
De Minister bevoegd voor Huisvesting, Levenskwaliteit, Leefmilieu en Energie,
C. FREMAULT

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   De Brusselse Hoofdstedelijke Regering,
   Gelet op artikel 20 van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen;
   Gelet op artikel 4 van de bijzondere wet van 12 januari 1989 betreffende de Brusselse instellingen;
   Gelet op de ordonnantie van 17 juli 2003 houdende de Brusselse Huisvestingscode, zoals de laatste keer gewijzigd door de ordonnantie van 27 juli 2017 en in het bijzonder de artikelen 2, 24 tot 33, 124, 8° en 146 § 2 van de Brusselse Huisvestingscode;
   Gelet op het advies van de Adviesraad voor huisvesting en stadsvernieuwing gegeven op 27 september 2016;
   Gelet op het advies n° 62.115/3 van de Raad van State, gegeven op,25 oktober 2017, in toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
   Op voordracht van de minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering bevoegd voor Huisvesting,
   Na beraadslaging,
   Besluit :

Begin Eerste woord Laatste woord Aanhef
Inhoudstafel
Franstalige versie