J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Aanhef
Inhoudstafel 1 uitvoeringbesluit
Einde Franstalige versie
 
belgiŽlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/besluit/1977/05/31/1977053101/justel

Titel
31 MEI 1977. - Koninklijk besluit tot uitvoering van artikel 4 van de wet van 19 juli 1976 tot instelling van een verlof voor de uitoefening van een politiek mandaat.

Publicatie : 02-07-1977 nummer :   1977053101 bladzijde : 8703
Dossiernummer : 1977-05-31/30
Inwerkingtreding : 01-01-1977

Inhoudstafel Tekst Begin
HOOFDSTUK I. De terugbetaling aan de werkgevers.
Art. 1-4
HOOFDSTUK II. De terugvordering door de instelling.
Art. 5-8
HOOFDSTUK III. Slotbepalingen.
Art. 9-10

Tekst Inhoudstafel Begin
HOOFDSTUK I. _ De terugbetaling aan de werkgevers.

  Artikel 1. De werkgevers kunnen om de drie maand de terugbetaling bekomen van de lonen en de werkgeversbijdragen, bedoeld in artikel 4, eerste alinea, van de wet van 19 juli 1976 tot instelling van een verlof voor de uitoefening van een politiek mandaat.

  Art. 2. De aanvraag tot terugbetaling wordt bij de instelling waar de werknemer zijn mandaat of ambt waarneemt ingediend in de vorm van een aangifte van schuldvordering, opgesteld voor elke betrokken werknemer.
  Het model van deze aanvraag wordt vastgesteld door de Minister van Tewerkstelling en Arbeid.

  Art. 3. De aanvraag tot terugbetaling dient vergezeld te gaan van de bewijsstukken waarvan de lijst door de Minister van Tewerkstelling en Arbeid wordt vastgelegd.

  Art. 4. De aanvrager is verplicht aan de betrokken instelling de inlichtingen te verschaffen die deze nuttig acht.

  HOOFDSTUK II. _ De terugvordering door de instelling.

  Art. 5. De betrokken instelling vordert van de mandatarissen de lonen en de werkgeversbijdragen terug die zij aan de werkgevers heeft terugbetaald.

  Art. 6. Indien de mandataris voor de uitoefening van zijn funktie een wedde ontvangt, wordt het terug te vorderen bedrag om de drie maand vastgesteld.
  Dit bedrag is hetgene dat voorkomt op de aangifte van schuldvordering bedoeld in artikel 2, met dien verstande dat de door de instelling van de mandataris terug te vorderen som niet meer mag bedragen dan de helft van de wedde die tijdens dezelfde drie maanden aan de betrokkene toekwam.

  Art. 7. Indien de mandataris presentiegeld ontvangt, wordt het terug te vorderen bedrag jaarlijks vastgesteld.
  De berekening ervan gebeurt op basis van de aangiften van schuldvordering die door de werkgever in de loop van het jaar werden ingediend, met dien verstande dat de door de instelling van de mandataris terug te vorderen som niet meer mag bedragen dan de helft van de presentiegelden die tijdens hetzelfde jaar aan de betrokkene toekwamen.

  Art. 8. De betrokken instelling deelt bij aangetekend schrijven aan de mandataris het terug te betalen bedrag mee, alsook de elementen die hiervoor als berekeningsbasis dienden.
  De mandataris dient het verschuldigde bedrag terug te betalen binnen een termijn van twee maand, ingaand op de dag waarop hij hiertoe verzocht werd.
  Indien hij aan deze verplichting niet voldoet verhaalt de instelling de haar verschuldigde bedragen door alle rechtsmiddelen.

  HOOFDSTUK III. _ Slotbepalingen.

  Art. 9. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 1977.

  Art. 10. Onze Minister van Tewerkstelling en Arbeid en Onze Minister van Binnenlandse Zaken zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   Gelet op de wet van 19 juli 1976 tot instelling van een verlof voor de uitoefening van een politiek mandaat, inzonderheid op artikel 4;
   Gelet op de dringende noodzakelijkheid;
   Op de voordracht van Onze Minister van Tewerkstelling en Arbeid en van Onze Minister van Binnenlandse Zaken,

Begin Eerste woord Laatste woord Aanhef
Inhoudstafel 1 uitvoeringbesluit
Franstalige versie