J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Aanhef
Inhoudstafel
Handtekening Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/besluit/2014/03/26/2014009172/justel

Titel
26 MAART 2014. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 14 januari 1994 tot oprichting van een Dienst voor het Strafrechtelijk beleid en alsook van het koninklijk besluit van 23 mei 2001 houdende oprichting van de Federale Overheidsdienst Justitie en tot opheffing van het koninklijk besluit van 11 juli 1994 houdende bezoldigingsregeling van de adviseur-generaal van de Dienst voor Criminele Politiek, en van zijn adjunct

Bron :
JUSTITIE
Publicatie : 10-04-2014 nummer :   2014009172 bladzijde : 30726   BEELD
Dossiernummer : 2014-03-26/11
Inwerkingtreding : 20-04-2014

Inhoudstafel Tekst Begin
HOOFDSTUK I. - Bepalingen tot wijziging van het koninklijk besluit van 14 januari 1994 tot oprichting van een Dienst voor het Strafrechtelijk beleid
Art. 1-4
HOOFDSTUK II. - Bepaling tot wijziging van het koninklijk besluit van 23 mei 2001 houdende oprichting van de Federale Overheidsdienst Justitie
Art. 5
HOOFDSTUK III. - Opheffings- en slotbepalingen
Art. 6-7

Tekst Inhoudstafel Begin
HOOFDSTUK I. - Bepalingen tot wijziging van het koninklijk besluit van 14 januari 1994 tot oprichting van een Dienst voor het Strafrechtelijk beleid

  Artikel 1. Artikel 1 van het koninklijk besluit van 14 januari 1994 tot oprichting van een Dienst voor het Strafrechtelijk beleid wordt opgeheven.

  Art. 2. Artikel 2 van hetzelfde koninklijk besluit wordt vervangen als volgt :
  " Er is in de schoot van het directoraat-generaal Wetgeving en Fundamentele rechten en Vrijheden van de Federale Overheidsdienst Justitie een Dienst voor het Strafrechtelijk beleid. ".

  Art. 3. Artikel 3 van hetzelfde koninklijk besluit wordt vervangen als volgt :
  " De Dienst voor het Strafrechtelijk beleid adviseert de minister van Justitie bij de uitwerking van het strafrechtelijk beleid overeenkomstig artikel 143quater van het Gerechtelijk wetboek. ".

  Art. 4. De artikelen 4 tot 14 van hetzelfde koninklijk besluit worden opgeheven.

  HOOFDSTUK II. - Bepaling tot wijziging van het koninklijk besluit van 23 mei 2001 houdende oprichting van de Federale Overheidsdienst Justitie

  Art. 5. In artikel 3 van het koninklijk besluit van 23 mei 2001 houdende oprichting van de Federale Overheidsdienst Justitie worden de woorden " , de Dienst Strafrechtelijk Beleid " opgeheven en de woorden " artikel 2, § 1, 7°, 8°, 9° en 10°. " worden vervangen door de woorden " artikel 2, § 1, 8°, 9° en 10°. ".

  HOOFDSTUK III. - Opheffings- en slotbepalingen

  Art. 6. Het koninklijk besluit van 11 juli 1994 houdende bezoldigingsregeling van de adviseur-generaal van de Dienst voor Criminele Politiek, en van zijn adjunct wordt opgeheven.

  Art. 7. De minister bevoegd voor justitie, is belast met de uitvoering van dit besluit.

Handtekening Tekst Inhoudstafel Begin
   Gegeven te Brussel, 26 maart 2014.
FILIP
Van Koningswege :
De Minister van Justitie,
Mevr. A. TURTELBOOM

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   FILIP, Koning der Belgen,
   Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
   Gelet op artikelen 37 en 107, tweede lid, van de Grondwet;
   Gelet op het koninklijk besluit van 14 januari 1994 tot oprichting van een Dienst voor het Strafrechtelijk beleid;
   Gelet op het koninklijk besluit van 11 juli 1994 houdende bezoldigingsregeling van de adviseur-generaal van de Dienst voor Criminele Politiek, en van zijn adjunct;
   Gelet op het koninklijk besluit van 23 mei 2001 houdende oprichting van de Federale Overheidsdienst Justitie;
   Gelet op het advies van de Inspecteurs van Financiën, gegeven op 7 februari 2014;
   Gelet op het akkoord van de Staatssecretaris voor Ambtenarenzaken, gegeven op 11 februari 2014;
   Gelet op het akkoord van de Minister van Begroting, gegeven op 12 februari 2014;
   Gelet op het protocol van het sectorcomité III-Justitie van 27 februari 2014;
   Gelet op de vrijstelling inzake het verrichten van de regelgevingsimpactanalyse, bedoeld in artikel 8, § 1, 4°, van de wet van 15 december 2013 houdende diverse bepalingen inzake administratieve vereenvoudiging;
   Gelet op het advies nr. 55.425/3 van de Raad van State, gegeven op 17 maart 2014, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
   Op de voordracht van de Minister van Justitie en op het advies van de in Raad vergaderde Ministers,
   Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Begin Eerste woord Laatste woord Aanhef
Inhoudstafel
Franstalige versie