J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Aanhef
Inhoudstafel 1 uitvoeringbesluit
Einde Franstalige versie
 
belgiŽlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/besluit/2013/12/21/2013207172/justel

Titel
21 DECEMBER 2013. - Koninklijk besluit tot wijziging van artikel 19 van het koninklijk besluit van 28 november 1969 tot uitvoering van de wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders

Bron :
SOCIALE ZEKERHEID.WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG
Publicatie : 31-12-2013 nummer :   2013207172 bladzijde : 104067       PDF :   originele versie    
Dossiernummer : 2013-12-21/30
Inwerkingtreding : 01-10-2013

Inhoudstafel Tekst Begin
Art. 1-4

Tekst Inhoudstafel Begin
Artikel 1. In artikel 19 van het koninklijk besluit van 28 november 1969 tot uitvoering van de wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, laatst gewijzigd bij het koninklijk besluit van 24 september 2013, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1į. ß 2, 2į wordt vervangen als volgt :
  "2į de aan de werknemers verschuldigde vergoedingen, wanneer de werkgever zijn wettelijke, contractuele of statutaire verplichtingen niet nakomt, met uitzondering nochtans van de vergoedingen, verschuldigd naar aanleiding van :
  a) de onregelmatige beŽindiging van de arbeidsovereenkomst door de werkgever;
  b) de eenzijdige beŽindiging van de arbeidsovereenkomst voor personeelsafgevaardigden;
  c) de eenzijdige beŽindiging van de arbeidsovereenkomst voor syndicale afgevaardigden;
  d) de beŽindiging van de arbeidsovereenkomst in gemeenschappelijk akkoord;"

  Art. 2. ß 2, 3į wordt opgeheven.

  Art. 3. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 oktober 2013.

  Art. 4. De Eerste Minister, de minister bevoegd voor Sociale Zaken en de minister bevoegd voor Werk, zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
  
  Gegeven te Brussel, 21 december 2013.
  FILIP
  Van Koningswege :
  De Eerste Minister
  E. DI RUPO
  De Minister van Sociale Zaken,
  Mevr. L. ONKELINX
  De Minister van Werk,
  Mevr. M. DE CONINCK
  De Staatssecretaris voor de Bestrijding van de sociale
  en de fiscale fraude
  J. CROMBEZ

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   FILIP, Koning der Belgen,
   Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
   Gelet op de wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, artikel 14, ß 2;
   Gelet op de wet van 29 juni 1981 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers, artikel 23, tweede lid;
   Gelet op het koninklijk besluit van 28 november 1969 tot uitvoering van de wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders;
   Gelet op de wet van 25 april 1963 betreffende het beheer van de instellingen van openbaar nut voor sociale zekerheid en sociale voorzorg, artikel 15;
   Gelet op de dringende noodzakelijkheid;
   Gelet op het advies van de Inspecteur van FinanciŽn, gegeven op 12 december 2013;
   Gelet op de weigering van akkoordbevinding van de Minister van Begroting, d.d. 13 december 2013;
   Gelet op het besluit van de Ministerraad van 13 december 2013 om voorbij te gaan aan de weigering van akkoordbevinding van de Minister van Begroting;
   Gelet op de wetten van de Raad van State, gecoŲrdineerd op 12 januari 1973, artikel 3, ß 1;
   Gelet op de dringende noodzakelijkheid;
   Overwegende dat het koninklijk besluit van 24 september 2013 voorzag in een maatregel ter bestrijding van de frauduleuze praktijken en bepaalde ontwijkingen van de wet;
   Overwegende dat het bedoelde besluit vanaf 1 oktober 2013 tot gevolg heeft gehad dat verschillende vergoeding aan sociale zekerheidsbijdragen onderworpen werden terwijl er geenszins sprake was van een frauduleuze handeling of een ontduiking van de wet;
   Overwegende dat het meer in het bijzonder gaat over beschermingsvergoedingen waarop bepaalde categorieŽn van werknemers recht hadden ingeval van het niet respecteren door de werkgever van zijn wettelijke verplichtingen, vergoedingen ingeval van collectief ontslag en sluitingsvergoedingen alsook vergoedingen voor misbruik van het ontslagrecht, terwijl deze vergoedingen in geen geval aangewend worden om bijdragefraude te plegen of de wet te ontwijken;
   Overwegende dat het noodzakelijk is om zo snel mogelijk en ten laatste vůůr 31 december 2013 het reglementair kader te verduidelijken zodat werknemers en werkgevers enerzijds en de inningsinstelling van sociale zekerheidsbijdragen anderzijds juridische zekerheid krijgen over hun respectievelijke rechten en plichten alsook over de noodzakelijke aanpassingen op informaticavlak rekening houdende met de termijn tegen dewelke de aangiften voor het laatste kwartaal van 2013 moeten ingediend worden;
   Op de voordracht van de Eerste Minister, van de Minister van Sociale Zaken, van de Minister van Werk en van de Staatsecretaris voor de Bestrijding van de sociale en de fiscale fraude, en op het advies van de in Raad vergaderde Ministers,
   Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Begin Eerste woord Laatste woord Aanhef
Inhoudstafel 1 uitvoeringbesluit
Franstalige versie