J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
Inhoudstafel 1 uitvoeringbesluit 1 gearchiveerde versie
Errata Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving

Titel
8 JANUARI 2013. - Koninklijk besluit tot wijziging van verscheidene bepalingen betreffende het rijbewijs AM, A1, A2 en A
(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 15-01-2013 en tekstbijwerking tot 19-04-2013)

Bron : MOBILITEIT EN VERVOER
Publicatie : 15-01-2013 nummer :   2012014563 bladzijde : 1351   BEELD
Dossiernummer : 2013-01-08/01
Inwerkingtreding : 25-01-2013

Inhoudstafel Tekst Begin
HOOFDSTUK 1. - Wijzigingen in het koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs
Art. 1-8
HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen in het koninklijk besluit van 11 mei 2004 betreffende de voorwaarden voor erkenning van scholen voor het besturen van motorvoertuigen
Art. 9-12
HOOFDSTUK 3. - Wijzigingen in het koninklijk besluit van 28 april 2011 tot aanpassing van de rijbewijscategorieën, het rijbewijsmodel en de voorwaarden voor examinatoren, ingevolge Richtlijn 2006/126/EG van het Europees Parlement en van de Raad van 20 december 2006 betreffende het rijbewijs
Art. 13-35
HOOFDSTUK 4. - Allerhande bepalingen
Art. 36-42
BIJLAGEN.
Art. N1-N2

Tekst Inhoudstafel Begin
HOOFDSTUK 1. - Wijzigingen in het koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs

  Artikel 1. In artikel 3, § 2, tweede lid, van het koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 15 juli 2004, 24 augustus 2007, 23 december 2008 en 26 mei 2012, worden de woorden " of de subcategorie " opgeheven.

  Art. 2. In hetzelfde besluit wordt een artikel 35/1 ingevoegd, luidende :
  " Art. 35/1. Om toegelaten te worden tot de proef op een terrein buiten het verkeer van het praktisch examen voor het behalen van een rijbewijs geldig voor de categorie A1, A2 of A, legt de kandidaat voor :
  1° één der documenten bedoeld in artikel 3, § 1;
  2° één van de hierna opgesomde documenten :
  a) het getuigschrift van praktisch onderricht afgegeven door een rijschool dat bewijst dat de kandidaat de opleiding bedoeld in artikel 15, tweede lid, 4° /1, gevolgd heeft;
  b) het Europees rijbewijs of het buitenlands rijbewijs waarvan hij houder is;
  c) het attest waaruit blijkt dat de kandidaat de opleiding, bedoeld in artikel 4, 6°, gevolgd heeft;
  d) als het gaat om een kandidaat voor het rijbewijs geldig voor de categorie A of A2 die houder is van een rijbewijs geldig voor respectievelijk de categorie A2 of A1, afgegeven sinds ten minste twee jaar :
  - als deze kandidaat, houder van een rijbewijs voor de categorie A2 of A1 waarop de code 78 voorkomt, een rijbewijs geldig voor respectievelijk de categorie A of A2 zonder de vermelding van deze code wenst te bekomen, het getuigschrift van praktisch onderricht, afgegeven door een rijschool, dat bewijst dat hij de opleiding bedoeld in artikel 15, tweede lid, 3°, a), gevolgd heeft;
  - in de andere gevallen, het getuigschrift van praktisch onderricht, afgegeven door een rijschool, dat bewijst dat de kandidaat de opleiding bedoeld in artikel 15, tweede lid, 2°, c), gevolgd heeft;
  3° het nog geldige attest van slagen voor of vrijstelling van het theoretisch examen; en de verklaring voorgeschreven in artikel 41, § 1 of, naargelang het geval, een of twee van de attesten voorgeschreven in de artikelen 41, § 2 en § 3 of in artikel 45, tweede lid;
  4° het verzekeringsbewijs inzake de burgerlijke aansprakelijkheid voor het voertuig waarmee hij zich aanbiedt;
  5° het inschrijvingsbewijs van het voertuig en het groene keuringsbewijs van het voertuig als dat onderworpen is aan de technische controle;
  6° als de kandidaat al minstens tweemaal niet geslaagd is voor de proef buiten het verkeer van het praktisch examen, het bewijs dat de kandidaat de opleiding, bedoeld in artikel 15, tweede lid, 1°, c), heeft gevolgd na de tweede mislukking.
  Om te worden toegelaten tot de proef op de openbare weg voor het behalen van een rijbewijs geldig voor de categorie A1, A2 of A, legt de kandidaat voor :
  1° één der documenten bedoeld in artikel 3, § 1;
  2° één van de hierna opgesomde documenten :
  a) het getuigschrift van praktisch onderricht afgegeven door een rijschool dat bewijst dat de kandidaat de opleiding bedoeld in artikel 15, tweede lid, 1° /2, gevolgd heeft;
  b) het Europees rijbewijs of het buitenlands rijbewijs waarvan hij houder is;
  c) het nog geldige voorlopig rijbewijs;
  d) het attest waaruit blijkt dat de kandidaat de opleiding, bedoeld in artikel 4, 6°, gevolgd heeft;
  e) als het gaat om een kandidaat voor het rijbewijs geldig voor de categorie A of A2 die houder is van een rijbewijs geldig voor respectievelijk de categorie A2 of A1, afgegeven sinds ten minste twee jaar :
  - als deze kandidaat, houder van een rijbewijs voor de categorie A2 of A1 waarop de code 78 voorkomt, een rijbewijs geldig voor respectievelijk de categorie A of A2 zonder de vermelding van deze code wenst te bekomen, het getuigschrift van praktisch onderricht, afgegeven door een rijschool, dat bewijst dat hij de opleiding bedoeld in artikel 15, tweede lid, 3°, a), gevolgd heeft;
  - in de andere gevallen, het getuigschrift van praktisch onderricht, afgegeven door een rijschool, dat bewijst dat de kandidaat de opleiding bedoeld in artikel 15, tweede lid, 2°, c), gevolgd heeft;
  3° de aanvraag om een rijbewijs waarop het nog geldige attest van slagen voor of vrijstelling van het theoretisch examen is aangebracht en het nog geldige attest van slagen voor de proef buiten het verkeer bedoeld in het eerste lid. De aanvraag omvat de verklaring voorgeschreven in artikel 41, § 1 of is vergezeld van, naargelang het geval, een of twee van de attesten voorgeschreven in de artikelen 41, § 2 en § 3 of in artikel 45, tweede lid;
  4° het verzekeringsbewijs inzake de burgerlijke aansprakelijkheid voor het voertuig waarmee hij zich aanbiedt;
  5° het inschrijvingsbewijs van het voertuig en het groene keuringsbewijs van het voertuig als dat onderworpen is aan de technische controle;
  6° de documenten voorgeschreven in 4° en 5° voor het voertuig van de categorie B, A2 of A, bedoeld in artikel 39, § 4;
  7° als de kandidaat al minstens tweemaal niet geslaagd is voor de proef op de openbare weg van het praktisch examen, het bewijs dat de kandidaat de opleiding, bedoeld in artikel 15, tweede lid, 1°, g), heeft gevolgd na de tweede mislukking. ".

  Art. 3. In artikel 39 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 15 juli 2004, 10 juli 2006 en 1 september 2006, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  a) in de paragraaf 1, tweede lid, wordt de bepaling onder 1° /1 ingevoegd, luidende :
  " 1° /1 categorie B+E en het plaatsen van code 96 : de duur van de proef op het terrein buiten het verkeer is hoogstens drie minuten per manoeuvre en hoogstens vijftien minuten voor het geheel der manoeuvres. De duur van de proef op de openbare weg mag niet korter dan vijfentwintig minuten zijn; ";
  b) paragraaf 2, tweede lid, wordt vervangen als volgt :
  " Dit slagen wordt vermeld op de aanvraag om een rijbewijs of op het voorlopig rijbewijs en, als het gaat om een kandidaat voor het rijbewijs geldig voor de categorie A1, A2 of A, op de aanvraag om een voorlopig rijbewijs. ";
  c) in paragraaf 2 wordt het derde lid aangevuld met de volgende zin :
  " Als het gaat om een kandidaat voor het rijbewijs geldig voor de categorie A1, A2 of A, wordt de code 78 vermeld op de aanvraag om een voorlopig rijbewijs. ";
  d) in paragraaf 4 worden de woorden " categorie B " vervangen door de woorden " categorie A2 of A of bij tijdelijke onbeschikbaarheid hiervan categorie B ";
  e) in paragraaf 5, worden de woorden " artikel 38, § 2, derde lid " vervangen door de woorden " artikel 38, § 2, vierde lid. ".

  Art. 4. In artikel 52 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 10 juli 2006, worden de woorden " politie- of rijkswachtbureau " vervangen door het woord " politiebureau ".

  Art. 5. In hetzelfde besluit wordt een bijlage 5/1 ingevoegd die als bijlage 1 is gevoegd bij dit besluit.

  Art. 6. In hetzelfde besluit wordt een bijlage 5/2 ingevoegd die als bijlage 2 is gevoegd bij dit besluit.

  Art. 7. In bijlage 7 van hetzelfde besluit, vervangen bij het koninklijk besluit van 5 september 2002 en gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 4 mei 2007 en 26 november 2010, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  a) in het punt 121 worden de woorden " C, C+E, D, D+E en de subcategorieën C1, C1+E, D1, D1+E " vervangen door de woorden " C, C1, C+E, C1+E, D, D1, D+E, D1+E ";
  b) het punt II wordt aangevuld met een punt 373, luidende :
  " 373. mag driewielers van categorie A besturen ".

  Art. 8. In bijlage 1/1 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 23 juni 2010, betreffende het rijbewijs worden de afbeeldingen vervangen door de volgende afbeeldingen :
  
  (Beelden niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 15-01-2013, p. 1354-1356)

  HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen in het koninklijk besluit van 11 mei 2004 betreffende de voorwaarden voor erkenning van scholen voor het besturen van motorvoertuigen

  Art. 9. In artikel 7 van het koninklijk besluit van 11 mei 2004 betreffende de voorwaarden voor erkenning van scholen voor het besturen van motorvoertuigen, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 20 september 2012, worden de woorden " en subcategorieën " opgeheven.

  Art. 10. In artikel 12, § 1, 5°, van hetzelfde besluit, worden de woorden " van de categorieën B+E, C, C+E, D en D+E en de subcategorieën C1, C1+E, D1 en D1+E " worden vervangen door de woorden " van de categorieën B+E, C1, C1+E, C, C+E, D1, D1+E, D en D+E ".

  Art. 11. In artikel 20, tweede lid, van hetzelfde besluit, worden de woorden "of zijn gemachtigde" ingevoegd tussen de woorden "de minister" en het woord "kan".

  Art. 12. In hetzelfde koninklijk besluit wordt een artikel 22ter ingevoegd, luidende :
  " Art. 22ter. De instructeur gebruikt het document en onderricht in de onderwerpen bedoeld in bijlage 5/1 van het koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs, indien hij belast is met het onderricht van :
  1° een kandidaat voor het rijbewijs geldig voor categorie A1;
  2° een kandidaat voor het rijbewijs geldig voor categorie A2, die geen houder is van een rijbewijs geldig voor categorie A1;
  3° een kandidaat voor het rijbewijs geldig voor categorie A, die geen houder is van een rijbewijs geldig voor categorie A2.
  De instructeur belast met het onderricht van een kandidaat voor het rijbewijs geldig voor de categorie AM gebruikt het document en onderricht in de onderwerpen bedoeld in bijlage 5/2 van het koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs. ".

  HOOFDSTUK 3. - Wijzigingen in het koninklijk besluit van 28 april 2011 tot aanpassing van de rijbewijscategorieën, het rijbewijsmodel en de voorwaarden voor examinatoren, ingevolge Richtlijn 2006/126/EG van het Europees Parlement en van de Raad van 20 december 2006 betreffende het rijbewijs

  Art. 13. In artikel 2 van het koninklijk besluit van 28 april 2011 tot aanpassing van de rijbewijscategorieën, het rijbewijsmodel en de voorwaarden voor examinatoren, ingevolge Richtlijn 2006/126/EG van het Europees Parlement en van de Raad van 20 december 2006 betreffende het rijbewijs wordt de bepaling onder 1° vervangen als volgt :
  " 1° het woord " A3 " wordt vervangen door het woord " AM " behalve in artikel 78, tweede lid, 1°. "

  Art. 14. In artikel 3 van hetzelfde besluit, wordt de bepaling onder a) vervangen als volgt :
  " a) de woorden " , dat voorziet in de omzetting van Richtlijn 2006/126/EG van het Europees Parlement en van de Raad van 20 december 2006 betreffende het rijbewijs " worden ingevoegd tussen de woorden " dit besluit " en de woorden " wordt verstaan ". ".

  Art. 15.Artikel 4 van hetzelfde besluit, wordt vervangen als volgt :
  " Art. 4. Artikel 2 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 1 september 2006, wordt vervangen als volgt :
  " Art. 2. § 1. Voor de toepassing van de wets- en verordeningsbepalingen betreffende het recht tot sturen worden de motorvoertuigen ingedeeld in de volgende categorieën :
  1° Categorie AM :
  - bromfietsen met een maximumsnelheid van meer dan 25 km/uur;
  - lichte vierwielers.
  Aan de voertuigen van deze categorie mag een aanhangwagen gekoppeld worden, behalve als het gaat om een bromfiets met drie wielen of een lichte vierwieler.
  Voor de toepassing van artikel 65 worden de bromfietsen met een maximumsnelheid van ten hoogste 25 km/uur ingedeeld in de categorie AM;
  2° Categorie A1 :
  - motorfietsen met een maximale cilinderinhoud van [125 cm3], een maximumvermogen van 11 kW en een vermogen/gewichtsverhouding van ten hoogste 0,1 kW/kg; (ERRATUM, zie B.St. 07-02-2013, p. 6032)
  - driewielers met motor met een maximumvermogen van 15 kW.
  Aan de voertuigen van deze categorie mag een aanhangwagen gekoppeld worden, behalve aan een motorfiets met zijspan waarvan het zijspanwiel niet is uitgerust met een rem;
  3° Categorie A2 : motorfietsen met een maximumvermogen van 35 kW, een vermogen/gewichtsverhouding van niet meer dan 0,2 kW/kg en niet afgeleid van een voertuig met meer dan het dubbele vermogen.
  Aan de voertuigen van deze categorie mag een aanhangwagen gekoppeld worden, behalve aan een motorfiets met zijspan waarvan het zijspanwiel niet is uitgerust met een rem;
  4° Categorie A :
  - motorfietsen met of zonder zijspan met een vermogen van meer dan 35 kW;
  - driewielers met motor met een vermogen van meer dan 15 kW.
  Aan de voertuigen van deze categorie mag een aanhangwagen gekoppeld worden, behalve aan een motorfiets met zijspan waarvan het zijspanwiel niet is uitgerust met een rem;
  5° Categorie B :
  auto's met een maximale toegelaten massa van ten hoogste 3 500 kg en ontworpen en gebouwd voor het vervoer van ten hoogste acht passagiers, de bestuurder niet meegerekend; aan de auto's van deze categorie kan een aanhangwagen met een maximale toegelaten massa van ten hoogste 750 kg worden gekoppeld.
  Aan de auto's van deze categorie kan een aanhangwagen met een maximale toegelaten massa van meer dan 750 kg worden gekoppeld, mits de maximale toegelaten massa van dit samenstel niet meer dan 4 250 kg bedraagt.
  Vierwielers met motor behoren eveneens tot deze categorie;
  6° Categorie B+E : samenstellen van voertuigen bestaande uit een trekkend voertuig van categorie B en een aanhangwagen of oplegger met een maximale toegelaten massa van ten hoogste 3 500 kg;
  7° Categorie C1 : andere auto's dan die van de categorieën D1 of D, met een maximale toegelaten massa van meer dan 3 500 kg en ten hoogste 7 500 kg en die zijn ontworpen en gebouwd voor het vervoer van ten hoogste acht passagiers, de bestuurder niet meegerekend; aan de auto's van deze categorie kan een aanhangwagen met een maximale toegelaten massa van ten hoogste 750 kg worden gekoppeld;
  8° Categorie C1+E :
  - samenstellen van voertuigen bestaande uit een trekkend voertuig van categorie C1 en een aanhangwagen of oplegger met een maximale toegelaten massa van meer dan 750 kg, mits de maximale toegelaten massa van het samenstel ten hoogste 12 000 kg bedraagt;
  - samenstellen van voertuigen bestaande uit een trekkend voertuig van categorie B en een aanhangwagen of oplegger met een maximale toegelaten massa van meer dan 3.500 kg, mits de maximale toegelaten massa van het samenstel ten hoogste 12 000 kg bedraagt;
  9° Categorie C : andere auto's dan die van de categorieën D1 of D, met een maximale toegelaten massa van meer dan 3 500 kg en die zijn ontworpen en gebouwd voor het vervoer van ten hoogste acht passagiers, de bestuurder niet meegerekend; aan de auto's van deze categorie kan een aanhangwagen met een maximale toegelaten massa van ten hoogste 750 kg worden gekoppeld;
  10° Categorie C+E : samenstellen van voertuigen bestaande uit een trekkend voertuig van categorie C en een aanhangwagen of oplegger met een maximale toegelaten massa van meer dan 750 kg;
  11° Categorie D1 : auto's ontworpen en gebouwd voor het vervoer van meer dan acht passagiers, de bestuurder niet meegerekend, en ten hoogste zestien passagiers, de bestuurder niet meegerekend, en met een maximumlengte van 8 meter; aan de auto's van deze categorie kan een aanhangwagen met een maximale toegelaten massa van ten hoogste 750 kg worden gekoppeld;
  12° Categorie D1+E : samenstellen van voertuigen bestaande uit een trekkend voertuig van categorie D1 en een aanhangwagen met een maximale toegelaten massa van meer dan 750 kg;
  13° Categorie D : auto's ontworpen en gebouwd voor het vervoer van meer dan acht passagiers, de bestuurder niet meegerekend; aan de auto's van deze categorie kan een aanhangwagen met een maximale toegelaten massa van ten hoogste 750 kg worden gekoppeld.
  Tot deze categorie behoren eveneens :
  - gelede autobussen en autocars, gedefinieerd in artikel 1, § 2, 50, van het koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de voertuigen, hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen;
  - slepen, gedefinieerd in artikel 1, § 2, 88°, van voornoemd koninklijk besluit van 15 maart 1968 en gebezigd als attractie binnen de toeristische centra met een snelheid van ten hoogste 25 km/uur, mits de exploitatie ervan door de gemeenteoverheid als " openbare ontspanning " wordt toegelaten en zij voldoen aan de voorschriften van de gemeentelijke machtiging;
  14° Categorie D+E : samenstellen van voertuigen bestaande uit een trekkend voertuig van categorie D en een aanhangwagen met een maximale toegelaten massa van meer dan 750 kg;
  15° Categorie G : land- en bosbouwtrekkers en hun aanhangwagens evenals de voertuigen ingeschreven als landbouwmaterieel, landbouwmotor of maaimachine.
  § 2. Motorvoertuigen die rijden op de openbare weg en die niet behoren tot een van de categorieën gedefinieerd in § 1, zoals het verrijdbare bedrijfsmaterieel, worden ingedeeld bij de categorie B, C1 of C naargelang hun maximale toegelaten massa. ". ".

  Art. 16. In artikel 5 van hetzelfde besluit wordt de bepaling onder h) vervangen als volgt :
  " h) in de bepaling onder 15° worden de woorden " voor de categorieën C en C+E en voor de subcategorieën C1 en C1+E, en voor de categorieën D en D+E en de subcategorieën D1 en D1+E " vervangen door de woorden " voor de categorieën C1, C1+E, C en C+E en voor de categorieën D1, D1+E, D en D+E ". ".

  Art. 17. Artikel 7 van hetzelfde besluit, wordt vervangen als volgt :
  " Art. 7. In artikel 6 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 5 september 2002, 15 juli 2004, 10 juli 2006, 28 november 2008 en 23 december 2008, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  a) in de bepaling onder 1°, c), eerste streepje, worden de woorden " C of D of voor de subcategorie C1 of D1 " vervangen door de woorden " C1, C, D1 of D en voor de verkrijging van de code 96 ";
  b) in de bepaling onder 1°, c), tweede streepje, worden de woorden " C+E of D+E of voor de subcategorie C1+E of D1+E " vervangen door de woorden " C1+E, C+E, D1+E of D+E ";
  c) in de bepaling onder 1°, f), worden de woorden " of subcategorie " telkens opgeheven;
  d) de bepaling onder 1°, f), derde streepje, wordt vervangen als volgt :
  " - op de houder van een rijbewijs geldig voor de categorie B die een voorlopig rijbewijs wil behalen met het oog op het bijvoegen van de code 96; ";
  e) de bepaling onder 1°, g), wordt vervangen als volgt :
  " g) moet geslaagd zijn voor het praktisch examen op een terrein buiten het verkeer indien het gaat om een kandidaat voor een voorlopig rijbewijs voor het besturen van voertuigen van de categorieën A1, A2 of A. ";
  f) de bepaling onder 1°, h), wordt vervangen als volgt :
  " h) moet de leeftijd bereikt hebben 18 jaar voor de categorieën A1, B, B+E, C1, C1+E, C, C+E, D1, D1+E, D en D+E, 20 jaar voor de categorie A2 en 22 jaar voor de categorie A als hij sinds ten minste twee jaar houder is van een rijbewijs geldig voor de categorie A2 of 24 jaar als dat niet het geval is; ";
  g) de bepaling onder 1°, j), wordt vervangen als volgt :
  " j) moet vergezeld zijn van een begeleider die beantwoordt aan de in 3° voorgeschreven voorwaarden en die vermeld is op het voorlopige rijbewijs. Deze beperking is niet van toepassing op de houder van een voorlopig rijbewijs model 3 geldig voor de categorie A1, A2 of A; ";
  h) in de bepaling onder 2°, a), worden de woorden " of subcategorie " opgeheven;
  i) in de bepaling onder 2°, b), worden de woorden " A3 en A " vervangen door de woorden " A1, A2 en A ";
  j) in de bepaling onder 2°, c), wordt in de Franse tekst het woord " choses " vervangen door het woord " marchandises " en worden de woorden " C of C+E of de subcategorieën C1 of C1+E " vervangen door de woorden " C1, C1+E, C of C+E ";
  k) de bepaling onder 2°, e), wordt vervangen als volgt :
  " e) mag geen aanhangwagen trekken als het voorlopig rijbewijs geldig verklaard is voor de categorie A1, A2, A, B, C1, C, D1 of D, tenzij de code 96 op het document vermeld is; ";
  l) in de bepaling onder 2°, f), worden de woorden " C, C+E, D, D+E of van de subcategorie C1, C1+E, D1 of D1+E " vervangen door de woorden " C1, C1+E, C, C+E, D1, D1+E, D, D+E ";
  m) in de bepaling onder 3°, b), worden de woorden " C of C+E of voor de subcategorie C1 of C1+E " vervangen door de woorden " C1, C1+E, C of C+E " en worden de woorden " D of D+E of voor de subcategorie D1 of D1+E " vervangen door de woorden " D1, D1+E, D of D+E ";
  n) in de bepaling onder 3°, f), wordt het woord " echtgenoot " vervangen door de woorden " wettelijke partner " en worden de woorden " C, C+E, D of D+E of voor de subcategorie C1, C1+E, D1 of D1+E " vervangen door de woorden " C1, C1+E, C, C+E, D1, D1+E, D of D+E " en worden de woorden " of leervergunning " opgeheven. ".

  Art. 18. Artikel 8 van hetzelfde besluit, wordt vervangen als volgt :
  " Art. 8. In artikel 8 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 5 september 2002 en 10 juli 2006, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  a) paragraaf 2 wordt vervangen als volgt :
  " § 2. De overheid bedoeld in artikel 7 maakt het voorlopig rijbewijs geldig voor de categorie A1, A2, A, B, B+E, C1, C1+E, C, C+E, D1, D1+E, D of D+E.
  De overheid bedoeld in artikel 7 vermeldt de code 96 op het voorlopig rijbewijs geldig voor de categorie B en afgegeven met het oog op de scholing voor het besturen van een samenstel met een maximale toegelaten massa van meer dan 3 500 kg en ten hoogste 4 250 kg, bestaande uit een trekkend voertuig van categorie B en een aanhangwagen met een maximale toegelaten massa van meer dan 750 kg.
  De overheid bedoeld in artikel 7 vermeldt de code 78 op het voorlopig rijbewijs geldig voor de categorie A1, A2 of A als deze code is vermeld op de aanvraag om een voorlopig rijbewijs. ";
  b) in paragraaf 3 worden de woorden " of subcategorie " opgeheven;
  c) paragraaf 3 wordt aangevuld met een derde lid, luidende :
  " Het voorlopig rijbewijs met de code 78 voor de categorie waarvoor het geldig is, is enkel geldig voor het besturen van voertuigen uitgerust met een automatische schakeling. ";
  d) in paragraaf 4, eerste lid, worden de woorden " of in het koninklijk besluit van 10 juli 2006 betreffende het rijbewijs voor voertuigen van categorie B " ingevoegd na de woorden " in deze afdeling ";
  e) in paragraaf 5, eerste lid, 3°, worden de woorden " A3 of A " vervangen door de woorden " A1, A2 of A ";
  f) in paragraaf 5, eerste lid, 4°, en in paragraaf 6, 2°, worden de woorden " of subcategorie " opgeheven. ".

  Art. 19. Artikel 10 van hetzelfde besluit, wordt vervangen als volgt :
  " Art. 10. In artikel 15 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 5 september 2002, 10 juli 2006 en 1 september 2006, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  a) in het tweede lid, 1°, wordt de bepaling onder a) opgeheven;
  b) in het tweede lid, 1°, b), worden de woorden " met de vermelding " automatisch " " vervangen door de woorden " met de code 78 " en worden de woorden " of subcategorie " opgeheven;
  c) in het tweede lid, 1°, wordt de bepaling onder c) vervangen als volgt :
  " c) voor de kandidaat voor het rijbewijs geldig voor voertuigen van categorie A1, A2 of A die tweemaal niet geslaagd is voor het praktisch examen op een terrein buiten het verkeer; ";
  d) in het tweede lid, 1°, wordt de bepaling onder e) vervangen als volgt :
  " e) voor de houder van een voorlopig rijbewijs afgegeven met het oog op de opheffing van de code 78 die tweemaal niet geslaagd is voor het praktisch examen; ";
  e) in het tweede lid, 1°, wordt de bepaling onder f) vervangen als volgt :
  " f) voor de houder van een voorlopig rijbewijs afgegeven met het oog op de opheffing van de code 78, waarvan de geldigheidsduur verstreken is; ";
  f) in het tweede lid, 1°, wordt de bepaling onder g) hersteld als volgt :
  " g) voor de kandidaat voor het rijbewijs geldig voor voertuigen van de categorie A1, A2 of A die tweemaal niet geslaagd is voor het praktisch examen op de openbare weg; ";
  f) het tweede lid, 1°, i), wordt opgeheven;
  h) in het tweede lid wordt de bepaling onder 1° /2 ingevoegd, luidende :
  " 1° /2 drie uren :
  voor de kandidaat voor het rijbewijs geldig voor voertuigen van de categorie A1, A2 of A die de opleiding bedoeld in de bepaling onder 4° /1 gevolgd heeft en die het praktische examen wenst af te leggen met een instructeur afkomstig uit een rijschool; ";
  h) in het tweede lid, 2°, a), worden de woorden " B+E, C, C+E, D of D+E of de subcategorie C1, C1+E, D1 of D1+E " vervangen door de woorden " B, B+E, C1, C1+E, C, C+E, D1, D1+E, D of D+E ";
  j) het tweede lid, 2°, b), opgeheven bij het koninklijk besluit van 10 juli 2006, wordt hersteld als volgt :
  " b) voor de houder van een rijbewijs, geldig voor de categorie B, die het vermelden van de code 372 wenst; ";
  k) het tweede lid, 2°, wordt aangevuld met de bepalingen onder c), d) en e), luidende :
  " c) voor de kandidaat die houder is van een sinds ten minste twee jaar afgegeven rijbewijs geldig voor de categorie A1 of A2 en die een rijbewijs geldig voor categorie A2 of A respectievelijk wil behalen;
  d) voor de houder van een rijbewijs geldig voor categorie B die minstens 21 jaar oud is en die de vermelding van de code 373 wenst;
  e) voor de kandidaat voor het rijbewijs AM; ";
  l) in het tweede lid, 3°, wordt de bepaling onder a) vervangen als volgt :
  " a) voor de kandidaat die houder is van een sinds ten minste twee jaar afgegeven rijbewijs geldig voor de categorie A1 of A2 waarop de code 78 is vermeld en die een rijbewijs wenst te behalen, geldig voor respectievelijk categorie A2 of A waarop deze code niet voorkomt; ";
  m) het tweede lid, 3°, wordt aangevuld met een c) luidende :
  " c) voor de houder van een voorlopig rijbewijs geldig voor de categorie B bedoeld in het koninglijk besluit van 10 juli 2006 betreffende het rijbewijs voor voertuigen van categorie B die tweemaal niet geslaagd is voor het praktische examen; ";
  n) in het tweede lid, 4°, a), worden de woorden " A, B+E, C, C+E, D of D+E of voor de subcategorie C1, C1+E, D1 of D1+E " vervangen door de woorden " B+E, C1, C1+E, C, C+E, D1, D1+E, D of D+E ";
  o) in het tweede lid, 4°, b), worden de woorden " C, C+E, D of D+E of voor de subcategorie C1, C1+E, D1 of D1+E " vervangen door de woorden " C1, C1+E, C, C+E, D1, D1+E, D of D+E ";
  p) het tweede lid, 4°, c), opgeheven bij het koninklijk besluit van 10 juli 2006, wordt hersteld als volgt :
  " c) voor de kandidaat die een rijbewijs geldig voor de categorie B met daarop de code 96 wil behalen; ";
  q) in de bepaling onder 4°, e), worden de woorden " categorie A " vervangen door de woorden " categorie A1, A2 of A ";
  r) in het tweede lid wordt de bepaling onder 4° /1 ingevoegd, luidende :
  " 4° /1 negen uren :
  voor de kandidaat voor het rijbewijs geldig voor categorie A1, A2 of A die de proef op een terrein buiten het verkeer wenst af te leggen; ";
  s) de bepaling onder 6°, opgeheven bij het koninklijk besluit van 10 juli 2006, wordt hersteld als volgt :
  " 6° twintig uren :
  voor de kandidaat die een voorlopig rijbewijs zonder begeleider, zoals bedoeld in het koninklijk besluit van 10 juli 2006 betreffende het rijbewijs voor voertuigen van categorie B, wenst te behalen. ".
  t) artikel 15 wordt aangevuld met drie leden, luidende :
  " De helft van de lesuren bedoeld in het tweede lid, 1°, c), in het tweede lid, 1°, g), in het tweede lid, 1° /2, in het tweede lid, 2°, b), in het tweede lid, 2°, c), in het tweede lid, 3°, a) en in het tweede lid, 4° /1, moet plaatsvinden op de openbare weg.
  De opleiding bedoeld in het tweede lid, 1° /2 en 4° /1 gaat over de materies bedoeld in bijlage 5/1.
  De opleiding bedoeld in het tweede lid, 2°, e), gaat over de materies bedoeld in bijlage 5/2. ". ".

  Art. 20. Artikel 12, 4° van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt :
  " 4° paragraaf 1 wordt aangevuld met twee leden, luidende :
  " Elk rijbewijs dat niet wordt afgegeven binnen een termijn van dertig dagen na de aanvraag, wordt vernietigd door de overheid bedoeld in artikel 7.
  De minister of zijn gemachtigde bepaalt de bestemming die moet worden gegeven aan de aanvraagformulieren. ". ".

  Art. 21. In artikel 15 van hetzelfde besluit, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  a) punt 2° wordt vervangen als volgt :
  " 2° paragraaf 2 wordt vervangen als volgt :
  " § 2. De houder van een rijbewijs geldig voor de categorie B zonder de code 96 mag een samenstel besturen, bestaande uit een voertuig van de categorie B en een aanhangwagen met een maximale toegelaten massa van meer dan 750 kg, mits de maximale toegelaten massa van dit samenstel niet meer dan 3 500 kg bedraagt.
  De houder van een rijbewijs geldig voor de categorie B met de code 96 mag een samenstel besturen, bestaande uit een voertuig van de categorie B en een aanhangwagen met een maximale toegelaten massa van meer dan 750 kg, mits de maximale toegelaten massa van dit samenstel niet meer dan 4 250 kg bedraagt.
  Het rijbewijs geldig verklaard voor de categorie B, sinds ten minste twee jaar afgegeven, laat toe voertuigen van de categorie A1 te besturen op voorwaarde dat de houder de opleiding, bedoeld in artikel 15, tweede lid, 2°, b), heeft gevolgd en dat de code 372 bij de categorie B wordt vermeld.
  Het rijbewijs geldig verklaard voor de categorie B, laat toe driewielers van de categorie A te besturen op voorwaarde dat de houder minstens 21 jaar oud is en de opleiding, bedoeld in artikel 15, tweede lid, 2°, d), gevolgd heeft en dat de code 373 bij de categorie B wordt vermeld. "; ";
  b) er wordt een punt 4° ingevoegd, luidende :
  " 4° er wordt een paragraaf 5 ingevoegd, luidende :
  " § 5. Op het rijbewijs geldig verklaard voor categorie A2 waarop de code 78 niet voorkomt, wordt de vermelding van de code 78 bij categorie A1 opgeheven.
  Op het rijbewijs geldig verklaard voor categorie A waarop de code 78 niet voorkomt, wordt de vermelding van de code 78 bij de categorieën A1 en A2 opgeheven. ". ".

  Art. 22. Artikel 26 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt :
  " Art. 26. In artikel 32 van hetzelfde besluit, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in paragraaf 1, tweede lid, worden de woorden " categorie G " vervangen door de woorden " categorie G of voor categorie AM ";
  2° in paragraaf 7, het tweede lid wordt opgeheven. ".

  Art. 23. Artikel 28 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt :
  " Art. 28. In artikel 35 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 10 juli 2006, 1 september 2006 en 24 augustus 2007, wordt het woord " , A, " telkens opgeheven. ".

  Art. 24. In artikel 31, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  a) de bepaling onder 2° wordt vervangen als volgt :
  " 2° paragraaf 2 wordt vervangen als volgt :
  " § 2. De kandidaat voor het rijbewijs geldig voor de categorie A1 legt het praktisch examen af met een motorfiets van de categorie A1, zonder zijspan, met een cilinderinhoud van ten minste 120 cm3 en die op een horizontale weg een snelheid van ten minste 90 km/uur kan bereiken.
  De kandidaat voor het rijbewijs geldig voor de categorie A2 legt het praktisch examen af met een motorfiets van de categorie A2, zonder zijspan, met een cilinderinhoud van ten minste 400 cm3 en een vermogen van ten minste 20 kW.
  De kandidaat voor het rijbewijs geldig voor de categorie A legt het praktische examen af met een motorfiets van de categorie A, zonder zijspan, met een cilinderinhoud van ten minste 600 cm3 en een vermogen van ten minste 40 kW.
  De kandidaat is uitgerust met een motorhelm, handschoenen, een vest met lange mouwen en een lange broek of een overall, alsook laarzen of bottines die de enkels beschermen.
  De kandidaat die de opleiding, bedoeld in artikel 15, tweede lid, 3°, a) gevolgd heeft, legt het examen af met een voertuig dat uitgerust is met een handschakeling. "; ";
  b) artikel 31 wordt aangevuld met de punten 6°, 7° en 8°, luidende :
  " 6° in paragraaf 14, het derde lid wordt vervangen als volgt :
  " Evenwel, na tweemaal niet geslaagd te zijn voor het praktisch examen of, als het gaat om een kandidaat voor het rijbewijs A1, A2 of A, na tweemaal niet geslaagd te zijn voor de proef op de openbare weg, kan de houder van een voorlopig rijbewijs model 3 het praktisch examen enkel afleggen onder de voorwaarden bedoeld in het eerste lid. De kandidaat voor het rijbewijs A1, A2 of A moet in dat geval niet de opleiding volgen, voorzien in artikel 15, tweede lid, 1° /2. ";
  7° in de paragraaf 14 wordt tussen het derde en het vierde lid een lid ingevoegd, luidende :
  " Evenwel, de kandidaat voor het rijbewijs geldig voor categorie AM kan ook het praktisch examen afleggen zonder de bijstand van een instructeur en met een voertuig van de categorie overeenkomstig de voorwaarden bedoeld in paragraaf 1. ";
  8° in paragraaf 15, worden de woorden, " van de noodreminrichting " opgeheven. ". ".

  Art. 25.In artikel 32 van hetzelfde besluit wordt de bepaling onder b) vervangen als volgt :
  " b) in paragraaf 1, tweede lid, wordt de bepaling onder 1° vervangen als volgt :
  " 1° categorieën AM, A1, A2 en A : de duur van de proef op het terrein buiten het verkeer is hoogstens drie minuten per manoeuvre en hoogstens vijftien minuten voor het geheel der manoeuvres. De duur van de proef op de openbare weg [1 mag niet korter dan dertig minuten zijn ]1; "; ".
  ----------
  (1)<KB 2013-04-03/13, art. 20, 002; Inwerkingtreding : 30-04-2013>

  Art. 26. In artikel 40 van hetzelfde besluit wordt de bepaling onder 1° opgeheven.

  Art. 27. Artikel 41 van hetzelfde besluit wordt opgeheven.

  Art. 28. Artikel 44 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt :
  " Art. 44. In artikel 63, paragraaf 1, eerste lid, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 20 juli 2000, 10 juli 2006, 1 september 2006, 4 mei 2007 en 31 oktober 2008, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° de woorden " A en B+E " worden vervangen door de woorden " B+E en B met code 96 ";
  2° de woorden " categorie A indien het centrum " worden vervangen door de woorden " categorie A1, A2 en A indien het centrum ";
  3° de woorden " of subcategorieën " worden opgeheven;
  4° de rubriek " Praktisch examen " wordt aangevuld als volgt
  " categorieën A1, A2 en A :
  praktisch proef alleen op een terrein buiten het verkeer : . . . . . 14,00 euro
  praktisch proef alleen op de openbare weg : . . . . . 31,00 euro
  volledig praktisch examen : . . . . . 36,00 euro ";
  5° in de rubriek " Aanvullende retributie ", worden tussen de woorden " instaat voor het voertuig dat volgt : 19 euro " en de woorden " theoretisch examen met tolk ", de woorden " categorie A1, A2 of A indien de examinator een voertuig van categorie A1, A2 of A gebruikt :... 19 euro " ingevoegd. ".

  Art. 29. Artikel 50 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt :
  " Art. 50. In artikel 78 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 5 september 2002, 15 juli 2004, 1 september 2006 en 24 augustus 2007, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  a) in het eerste lid, 1°, worden de woorden " en A " vervangen door de woorden " A1, A2 en A ";
  b) in het eerste lid, 2°, wordt het woord " , A, " vervangen door de woorden " , A1, A2, A, ";
  c) in het eerste lid, 3°, worden de woorden " A, B, B+E, C, C+E en G en van de subcategorieën C1 en C1+E " vervangen door de woorden " A1, A2, A, B, B+E, C1, C1+E, C, C+E en G ";
  d) in het eerste lid, 4°, worden de woorden " A, B, B+E, C, C+E, D, D+E en G en van de subcategorieën C1, C1+E, D1 en D1+E " vervangen door de woorden " A1, A2, A, B, B+E, C1, C1+E, C, C+E, D1, D1+E, D, D+E en G ";
  e) in het eerste lid, 5°, worden de woorden " of A " vervangen door de woorden " , A1, A2 of A ";
  f) in het tweede lid, 1°, worden de woorden " voertuigen van de categorie A3 te besturen " door de woorden " voertuigen van de categorie AM te besturen ";
  g) in het tweede lid, wordt de bepaling onder 2° vervangen als volgt :
  " 2° het rijbewijs geldig verklaard voor de categorie A2 laat toe voertuigen van de categorie AM, A1, A2 en A te besturen; ";
  h) in het tweede lid, 3°, worden de woorden " en A " vervangen door de woorden " , A1, A2 en A ";
  i) in het tweede lid, 5°, worden de woorden " B en C en van de subcategorie C1 " vervangen door de woorden " B, C1 en C ";
  j) in het tweede lid, 6°, worden de woorden " B en D en van de subcategorie D1 " vervangen door de woorden " B, D1 en D ";
  k) in het tweede lid, 8°, worden de woorden " C, C+E en G en van de subcategorieën C1 en C1+E " vervangen door de woorden " C1, C1+E, C, C+E en G ";
  l) in het tweede lid, 9°, worden de woorden " D en D+E en van de subcategorieën D1 en D1+E " vervangen door de woorden " D1, D1+E, D en D+E ";
  m) in het tweede lid, 10° worden de woorden " C, C+E, D en D+E en van subcategorieën C1, C1+E, D1, en D1+E " vervangen door de woorden " C1, C1+E, C, C+E, D1, D1+E, D, D+E en G ";
  n) het derde lid wordt vervangen als volgt :
  " De rijbewijzen conform het model van bijlage 15, bijlage 16, bijlage 17 en bijlage 18 blijven geldig voor het besturen van motorvoertuigen volgens de volgende regels :
  1° het rijbewijs geldig verklaard voor de categorie A3 laat toe voertuigen van de categorie AM te besturen;
  2° het rijbewijs geldig verklaard voor de categorie A met de vermelding " A ≤ 25 kW ≤ 0,16 kW/kg " laat toe voertuigen van de categorieën AM, A1 en A2 te besturen;
  3° het rijbewijs geldig verklaard voor de categorie A laat toe voertuigen van de categorieën AM, A1, A2 en A te besturen;
  4° het rijbewijs geldig verklaard voor de categorie B laat toe voertuigen van de categorieën AM en B te besturen;
  5° het rijbewijs geldig verklaard voor de categorie B+E laat toe voertuigen van de categorieën AM, B en B+E te besturen;
  6° het rijbewijs geldig verklaard voor de categorie C1 laat toe voertuigen van de categorieën AM, B en C1 te besturen;
  7° het rijbewijs geldig verklaard voor de categorie C1+E laat toe voertuigen van de categorieën AM, B, B+E, C1 en C1+E te besturen;
  8° het rijbewijs geldig verklaard voor de categorie C laat toe voertuigen van de categorieën AM, B, C1 en C te besturen;
  9° het rijbewijs geldig verklaard voor de categorie C+E laat toe voertuigen van de categorieën AM, B, B+E, C1, C1+E, C, C+E en G te besturen;
  10° het rijbewijs geldig verklaard voor de categorie D1 laat toe voertuigen van de categorieën AM, B en D1 te besturen;
  11° het rijbewijs geldig verklaard voor de categorie D1+E laat toe voertuigen van de categorieën AM, B, B+E, D1 en D1+E te besturen;
  12° het rijbewijs geldig verklaard voor de categorie D laat toe voertuigen van de categorieën AM, B, D1 en D te besturen;
  13° het rijbewijs geldig verklaard voor de categorie D+E laat toe voertuigen van de categorieën AM, B, B+E, D1, D1+E, D en D+E te besturen;
  14° het rijbewijs geldig verklaard voor de categorie G laat toe voertuigen van de categorie G te besturen. ";
  o) het vierde lid wordt vervangen als volgt :
  " Het rijbewijs geldig voor de categorie B, afgegeven vóór 1 mei 2013, laat toe gemotoriseerde driewielers te besturen. ";
  p) het wordt aangevuld met een vijfde en zesde lid die luiden als volgt :
  " Het rijbewijs geldig voor de categorie B, afgegeven vóór 1 mei 2011, laat toe voertuigen van de categorie A1 te besturen, zonder dat de houder de opleiding, zoals bedoeld in artikel 15, tweede lid, 2°, b), heeft gevolgd.
  Het rijbewijs geldig voor de categorie B+E, afgegeven vóór 1 mei 2013, laat toe in artikel 2, § 1, 8°, tweede streepje, bedoelde voertuigen te besturen. ". ".

  Art. 30. Artikel 56 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt :
  " Art. 56. Artikel 85 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 14 december 2001 en 14 december 2006, wordt vervangen als volgt :
  " Art. 85. § 1. In afwijking van artikel 18, wordt de minimumleeftijd voor het verkrijgen van een rijbewijs vastgesteld op :
  1° 18 jaar voor de categorie A2 :
  a) als het gaat om een kandidaat die vóór 1 mei 2013 geslaagd is voor het praktisch examen voor het rijbewijs geldig voor de categorie A geldig gemaakt voor het besturen van motorfietsen met een vermogen van minder dan of gelijk aan 25 kW en een vermogen/gewichtsverhouding van minder dan of gelijk aan 0,16 kW;
  b) voor een houder van een voorlopig rijbewijs zoals bedoeld in § 2, die geslaagd is voor het praktisch examen tijdens de geldigheidsduur van dit voorlopig rijbewijs.
  2° 20 jaar voor de categorie A :
  a) als het gaat om de houder van een rijbewijs geldig gemaakt voor het besturen van enkel motorfietsen met een vermogen van minder dan of gelijk aan 25 kW en een vermogen/gewichtsverhouding van minder dan of gelijk aan 0,16 kW, afgegeven vóór 1 mei 2011. Er kan enkel vóór 1 mei 2014 gebruik gemaakt worden van deze afwijking;
  b) als het gaat om de houder van een rijbewijs geldig gemaakt voor het besturen van enkel motorfietsen met een vermogen van minder dan of gelijk aan 25 kW en een vermogen/gewichtsverhouding) van minder dan of gelijk aan 0,16 kW, afgegeven, enerzijds nà 30 april 2011 en vóór 1 mei 2013, en anderzijds sinds ten minste twee jaar. Er kan van deze afwijking enkel gebruik gemaakt worden gedurende drie jaar te rekenen vanaf de datum van de afgifte van het rijbewijs A, geldig gemaakt voor het besturen van enkel motorfietsen met een vermogen van minder dan of gelijk aan 25 kW en een vermogen/gewichtsverhouding van minder dan of gelijk aan 0,16 kW;
  3° 21 jaar voor de categorie A :
  a) als het gaat om een houder van een voorlopig rijbewijs A afgeleverd vóór 1 mei 2013, die geslaagd is voor het praktisch examen tijdens de geldigheidsduur van dit voorlopig rijbewijs;
  b) als het gaat om een kandidaat die vóór 1 mei 2013 geslaagd is voor het praktisch examen voor het rijbewijs geldig voor de categorie A.
  § 2. Het voorlopig rijbewijs A geldig gemaakt voor het besturen van motorfietsen met een vermogen van minder dan of gelijk aan 25 kW en een vermogen/gewichtsverhouding van minder dan of gelijk aan 0,16 kW wordt gelijkgesteld aan een voorlopig rijbewijs geldig gemaakt voor de categorie A2.
  § 3. De houder van een voorlopig rijbewijs geldig voor categorie A of A2 afgeleverd vóór 1 mei 2013, legt dat voorlopig rijbewijs voor in plaats van één van de documenten bedoeld in artikel 35/1, eerste lid, 2°. ". ".

  Art. 31. In de artikelen 57 en 58 van hetzelfde besluit worden de woorden " 19 januari 2013 " vervangen door de woorden " 1 mei 2013 ".

  Art. 32. Artikel 70 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt :
  " Art. 70. In bijlage 5 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 5 september 2002, 15 juli 2004, 10 juli 2006, 1 september 2006 en 23 december 2008, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° het punt II wordt vervangen als volgt :
  " II. RIJVAARDIGHEID EN RIJGEDRAG MET BETREKKING TOT DE CATEGORIEEN A1, A2 EN A
  A. Proef op een terrein buiten het verkeer :
  Manoeuvres
  1. De nodige voorzorgsmaatregelen nemen bij het afstappen van het voertuig, zoals op de openbare weg;
  2. Voorafgaande controles
  a) Motorfiets op de standaard plaatsen;
  b) Correct dragen van beschermende uitrusting, zoals handschoenen, schoeisel, kleding en helm;
  c) Banden, remmen, stuurinrichting, noodstopschakelaar, ketting, oliepeil, lichten, reflectoren, richtingaanwijzers en geluidstoestel worden steekproefsgewijze gecontroleerd.
  3. Motorfiets van de standaard halen, zonder hulp van de motor de motorfiets verplaatsen door ernaast te lopen, de motorfiets achterwaarts parkeren in het parkeervak en de motorfiets weer op de standaard plaatsen;
  4. Wegrijden uit een parkeervak;
  5. Slalom;
  6. In lussen rijden;
  7. Bocht bij een snelheid van 30 km/u., daarna ontwijken bij een snelheid van 50 km/u. en precisieremmen;
  8. Stapvoets rijden;
  9. "S"-bocht;
  10. Bocht bij een snelheid van 30 km/u.., daarna versnelling tot 50 km/u en plots remmen.
  B. De proef op de openbare weg gaat over de volgende punten :
  1. Wegrijden uit een parkeervak, na een stop in het verkeer, na verlaten van een oprit;
  2. Rijden op rechte wegen, tegenliggers kruisen, ook bij wegversmallingen;
  3. Rijden door bochten;
  4. Kruispunten : naderen en oversteken van kruispunten en overwegen;
  5. Veranderen van richting : naar links en rechts; veranderen van rijstrook;
  6. Oprijden en verlaten van snelwegen of vergelijkbare wegen (indien aanwezig) : invoegen vanaf de invoegstrook; uitvoegen op de uitvoegstrook;
  7. Inhalen en voorbijrijden : inhalen van andere voertuigen (indien mogelijk), obstakels voorbijrijden, ingehaald worden (indien mogelijk);
  8. Speciale verkeersinrichtingen (indien aanwezig), waaronder : rotondes, overwegen, tram- of bushaltes, voetgangersoversteekplaatsen, stijgende of dalende weg over een lange afstand, tunnels;
  9. Zelfstandig rijden
  10. Parkeren, uit en weer in het voertuig stappen, opnieuw vertrekken met de nodige voorzorgen;
  11. Beheersing van het voertuig : correct gebruik van de achteruitkijkspiegels en de lichten; correct gebruik van de koppeling, versnellingsbak, gaspedaal, reminrichting;
  12. Toepassen verkeersregels;
  13. Juiste positie op de weg, de rijstroken, de rotondes en door bochten, volgens het type en de eigenschappen van het voertuig; voorsorteren;
  14. Goed kijken : rondom kijken, correct gebruik van de achteruitkijkspiegels; dichtbij, verder weg, ver kijken;
  15. Naleven snelheidsbeperkingen; aangepaste snelheid in functie van de omstandigheden;
  16. Defensief rijden;
  17. Sociaal rijgedrag. ";
  2° in punt III. A worden de woorden " Categorie B+E. " vervangen door de woorden " Categorie B+E en categorie B, behalen van de code 96. ";
  3° in het punt VI worden de woorden " De proef wordt volgens de volgende rubrieken beoordeeld " aangevuld met de woorden " (uit- gezonderd categorieën A1, A2 en A) ";
  4° in het opschrift van punt IV. en in punt IV. A. 1, eerste lid, worden de woorden " C en C+E en de subcategorieën C1 en C1+E " vervangen door de woorden " C1, C1+E, C en C+E ";
  5° in punt IV. A. 1., tweede lid, en in punt IV. A. 3. worden de woorden " de categorie C+E en de subcategorie C1+E " vervangen door de woorden " de categorieën C1+E en C+E ";
  6° in punt IV. A. 2. worden de woorden " de categorie C en de subcategorie C1 " vervangen door de woorden " de categorieën C1 en C ";
  7° in het opschrift van punt V. en in punt V. A. 1, eerste lid, worden de woorden " D en D+E en de subcategorieën D1 en D1+E " vervangen door de woorden " D1, D1+E, D en D+E ";
  8° in punt V. A. 1, tweede lid, en in punt V. A. 3. worden de woorden " de categorie D+E en de subcategorie D1+E " vervangen door de woorden " de categorieën D1+E en D+E ";
  9° in punt V. A. 2 worden de woorden " de categorie D en de subcategorie D1 " vervangen door de woorden " de categorieën D1 en D ";
  10° in punt VI. A worden de woorden " en subcategorieën " opgeheven.
  11° het punt VI wordt aangevuld luidende :
  " De proef wordt volgens de volgende rubrieken en beoordelingsaspecten beoordeeld (categorieën A1, A2 en A) :
  Rubrieken :
  1. Wegrijden
  2. Rechte wegen
  3. Bochten
  4. Kruispunten
  5. Veranderen richting/rijstrook
  6. Invoegen/uitvoegen
  7. Inhalen/kruisen
  8. Speciale verkeerssituaties
  9. Stoppen, parkeren, opnieuw invoegen
  Beoordelingsaspecten :
  A. Bediening van het voertuig
  B. Toepassen verkeersregels
  C. Plaats op de weg
  D. Kijktechniek
  E. Aangepaste snelheid
  F. Defensief rijden
  G. Sociaal rijgedrag
  De rubrieken worden beoordeeld in functie van de beoordelingsaspecten. De elementen die verkregen worden door de rubrieken en de beoordelingsaspecten te combineren, worden beoordeeld met "goed", "voldoende te verbeteren " of "slecht".
  De kandidaat wordt uitgesteld indien :
  - een element beoordeeld wordt met "slecht";
  - rijfouten of gevaarlijk rijgedrag de veiligheid van het examenvoertuig, kandidaat of de andere weggebruikers direct in gevaar brengen. ".

  Art. 33. In artikel 75 van hetzelfde besluit worden de woorden " 19 januari 2013 " vervangen door de woorden " 1 mei 2013 ".

  Art. 34. In artikel 80 van hetzelfde besluit wordt de bepaling onder 2° vervangen als volgt :
  " 2° in paragraaf 3 worden de woorden " van categorie C of D of van de subcategorie C1 of D1 " vervangen door de woorden " van categorie C1, C, D1 of D "; ".

  Art. 35. In artikel 98 van hetzelfde besluit worden de woorden " 19 januari 2013 " vervangen door de woorden " 1 mei 2013 ".

  HOOFDSTUK 4. - Allerhande bepalingen

  Art. 36. In artikel 45bis van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 27 april 2007, worden de woorden " C of C+E of de subcategorieën C1 of C1+E " vervangen door de woorden " C1, C, C1+E of C+E ".

  Art. 37. In artikel 8 van het koninklijk besluit van 3 juli 2012 betreffende het rijbewijs in kaartmodel worden de woorden " 19 januari 2013 " vervangen door de woorden " 1 mei 2013 ".

  Art. 38. Artikel 30, 5°, van het koninklijk besluit van 20 september 2012 tot wijziging van het koninklijk besluit van 11 mei 2004 betreffende de erkenning van scholen voor het besturen van motorvoertuigen en het koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs wordt opgeheven.

  Art. 39.In artikel 37 van hetzelfde besluit, worden de woorden " , 25 en 26 " vervangen door de woorden " , [22, 23 en 30] ". (ERRATUM, zie B.St. 07-02-2013, p. 6032)

  Art. 40. De tabel van punt 2. B. van de bijlage bij het ministerieel besluit van 15 april 2010 tot toekenning van de bevoegdheidsdelegaties voor de toepassing van het koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs en van het koninklijk besluit van 11 mei 2004 betreffende de voorwaarden voor erkenning van scholen voor het besturen van motorvoertuigen, wordt aangevuld met de volgende lijnen :
  

  
De spreiding van de lessen in de tijd vastleggen 20, tweede lid

Art. 41.De artikelen 1 tot 7, 9, 10, 12, [en 36] treden in werking op 1 mei 2013. (ERRATUM, zie B.St. 22-01-2013, p. 2658)
  De artikelen 8, 13 tot 35, en 37 treden in werking op 18 januari 2013.
  Artikel 38 heeft uitwerking met ingang van 20 september 2012.

  Art. 42. De Minister bevoegd voor het Wegverkeer is belast met de uitvoering van dit besluit.
  
  Gegeven te Brussel, 8 januari 2013.
  ALBERT
  Van Koningswege :
  De Minister van Binnenlandse Zaken,
  Mevr. J. MILQUET
  De Staatssecretaris voor Mobiliteit,
  M. WATHELET

  BIJLAGEN.

  Art. N1. Bijlage 5/1 bij het koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs
  Elke opleiding zal een belangrijk deel moeten wijden aan de verkeersveiligheid en aan de specifieke veiligheid van de (toekomstige) motorrijder. In geval van een opleiding met rechtstreekse toegang moet de opleiding ten minste de volgende documenten en informatie omvatten :
  1° Een opleidingsfiche voor elke stap in de opleiding. Deze opleidingsfiche wordt bij het begin van de opleiding aan de leerling overhandigd en omvat ten minste :
  a. een inleidende paragraaf waarin wordt uitgelegd wat het rijden op twee wielen inhoudt voor de eigen veiligheid en de veiligheid van anderen. Ook moet er op worden gewezen dat de opleiding niet enkel om de verwerving van technieken draait, maar dat men zich ook vaardigheden evenals een verantwoordelijk gedrag en houding moet eigen maken;
  b. de verschillende te onderwijzen onderwerpen : technieken, vaardigheden, gedragingen, houding, beoordeling, zelfbeoordeling;
  c. de belangrijkste lessen die tijdens elke stap in de opleiding moeten worden verworven (technieken, vaardigheden, gedragingen,...) met betrekking tot het punt b;
  d. de resultaten die men via deze verworvenheden beoogt te bereiken en dit zowel op technisch als op vaardigheidsniveau, en vooral op het vlak van gedrag en houding;
  e. een beoordeling van elke verworvenheid : zelfbeoordeling door de leerling en beoordeling door de instructeur;
  f. een beoordeling van de verworvenheden na elke stap van de opleiding (zelfbeoordeling door de leerling en beoordeling door de instructeur);
  g. een eindbeoordeling van de kwaliteit van de opleiding zowel op het vlak van de kwaliteit van de verworvenheden als op het gebied van de kwaliteit van de opleiding zelf (beoordeling voor de leerling en beoordeling voor de instructeur).
  2° De te onderrichten onderwerpen (in verband met 1°, b, c en d) moeten tenminste de volgende zijn :
  a. Theoretische kennis :
  1. verkeersreglement specifiek voor de motorrijder;
  2. bewustwording van de kwetsbaarheid van de motorrijder in alle omstandigheden;
  3. adequate uitrusting en het correct gebruik ervan;
  4. bewustwording van de uitwerking van het motorrijden op de eigen levensstijl : houding ten aanzien van alcohol, drugs, de peer pressure, de stressbestendigheid, etc.;
  5. kennis over en bijzonderheden van andere voertuigen : dode hoek, remvermogen, ontwijkvermogen, etc.
  b. Kennis en beheersing van het voertuig in stilstand of bij lage snelheid (< 5 km/u.).
  1. praktische kennis van de verschillende onderdelen van een motorfiets (bediening, onderhoud, slijtage,...);
  2. evenwicht, inertiebeginsel (gewicht), gebruik van de steunvoet, rechtop zetten van de motorfiets, houding op het voertuig bij stilstand, kijktechniek,...;
  3. de motorfiets verplaatsen zonder gebruik van de motor;
  4. starten - stoppen (houding met 1 of 2 voeten aan de grond);
  5. schakelen naar eerste, beheersing van de ontkoppeling, van de gashendel, terugkeren naar de neutraalstand,...;
  6. waarneming van de ruimte, kijktechniek, rechtsomkeer, slalom,...;
  7. bewustwording van de risico's, zelfs bij lage snelheid.
  c. Beheersing van het voertuig bij lage snelheid (< 30 km/u.) :
  1. onderwerpen gezien in punt b en aangepast in verhouding tot de snelheid;
  2. schakelen met betrekking tot de snelheid;
  3. bocht, slalom, rechtsomkeer maken, in cirkels rijden,...;
  4. versnellen, remmen, vertragen, (remmen op de motor - met de remmen);
  5. evenwicht, houding op het voertuig, kijktechniek, heuppositie (gevolg);
  6. verschillende manieren van starten (in een afdaling, op een helling, soort wegdek, weersomstandigheden,...);
  7. verbanden tussen de opleiding en de risico's die men loopt;
  8. vermogen om de verworvenheden te beoordelen : sterke en zwakke punten.
  d Beheersing van het voertuig bij stadssnelheid (30-70 km/u.) :
  1. onderwerpen behandeld in punt c maar aangepast in verhouding tot de snelheid;
  2. remmen : vooraan -achteraan (beide), precisieremming, noodstop,...;
  3. beginselen met betrekking tot de invoeging in het verkeer, gedrag in het verkeer,...;
  4. beginsel van het inhalen;
  5. beginsel van het inhalen van een file;
  6. bewustwording van het belang van de verworvenheden voor de eigen veiligheid;
  7. beheersing en zelfbeoordeling van het eigen gedrag naargelang van het verkeer, de verkeerssituatie.
  e Voertuigbeheersing in een situatie met stadsverkeer en/of een drukke verkeerssituatie :
  1. onderwerpen behandeld in de voorgaande punten maar aangepast in verhouding tot de situatie;
  2. invoeging in het verkeer, gedrag in het verkeer, stressbeheersing,...;
  3. plaats in het verkeer, beoordeling - kunnen omgaan met het verkeer en het onder de knie hebben van het verkeersreglement;
  4. herkenning van potentiële risico's, van reële risico's;
  5. inhalen - zich laten inhalen, kruisen van andere voertuigen, voorbijrijden van hindernissen,...;
  6. omgaan met de verkeersinfrastructuur (verplichte rijrichting, kruispunten, verkeersdrempels, rails, wegmarkeringen,...);
  7. omgaan met de verschillende soorten wegen : recht, bochtig, onoverzichtelijk (palen, bomen, andere voertuigen,...), smal,...;
  8. veiligheidsafstand, remmen in het verkeer, veranderen van rijstrook, veranderen van richting,...;
  9. inhalen van files;
  10. waarneming van andere voertuigen en weggebruikers : zien van en gezien worden door de andere weggebruikers;
  11. beheersing en zelfbeoordeling van het eigen gedrag naargelang van het verkeer, de verkeerssituatie;
  12. bewustzijn van de eigen "kwetsbaarheid" als bestuurder van een tweewieler (en aanpassing van het eigen gedrag in voorkomend geval).
  f Beheersing van het voertuig bij hoge snelheden (en in situaties) op de weg en de autosnelweg (van 70 km/u. tot 120 km/u.) :
  1. punten gezien in de vorige punten en aangepast aan de snelheid en aan de situatie;
  2. bochten (tegensturen, af te leggen parcours,...);
  3. rijden op (en omgaan met) de verschillende soorten wegen en met verschillende weersomstandigheden;
  4. op- en afrijden van de autosnelweg, snelle rijstrook,...;
  5. plaats op de openbare weg : weg, autosnelweg, stadsomgeving, in groep,...;
  6. het eigen gedrag kunnen aanpassen naargelang van het soort weg, de situatie (verkeersdrukte, weersomstandigheden, verkeersinfrastructuur, het alleen of in groep rijden);
  7. rijtechnieken aangepast aan de verkeersdoorstroming en aan het soort verkeer;
  8. rijtechnieken aangepast aan de weersomstandigheden, de infrastructuur.
  g. Tijdens alle stappen van het leerproces :
  1. belang van het gedrag op de weg rekening houdend met de gevaren die inherent zijn aan de motorfiets;
  2. waarneming van/door de andere weggebruikers;
  3. inlevingsvermogen ten aanzien van de andere weggebruikers. Anticiperen op het gedrag (proactiviteit) van de andere weggebruikers;
  4. anticiperen op risico's, gepast reageren naargelang de situatie;
  5. permanente zelfbeoordeling van de eigen vaardigheden en het eigen gedrag, zich volop bewust zijn van het belang van het eigen gedrag voor de eigen veiligheid en de veiligheid van anderen. Zich volop bewust zijn van de impact van de eigen handelingen.
  
  Gezien om gevoegd te worden bij het koninklijk besluit van 8 januari 2013 tot wijziging van verscheidene bepalingen betreffende het rijbewijs AM, A1, A2 en A,
  ALBERT
  Van Koningswege :
  De Minister van Binnenlandse Zaken,
  Mevr. J. MILQUET
  De Staatssecretaris voor Mobiliteit,
  M. WATHELET

  Art. N2. Bijlage 5/2 bij het koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs
  Een groot deel van elke opleiding moet aan de verkeersveiligheid en aan de eigen veiligheid van de (toekomstige) bromfietser worden besteed. De opleiding voor een voertuig van de categorie AM moet ten minste de volgende documenten en informatie bevatten :
  1° Een opleidingsfiche, die bij het begin van de opleiding aan de leerling wordt overhandigd en die ten minste het volgende moet bevatten :
  a. een inleidende alinea die uitlegt wat het rijden met een tweewieler voor de eigen veiligheid en voor de veiligheid van de andere weggebruikers inhoudt. De rijopleiding is niet uitsluitend gericht op de verwerving van technieken, maar ook op het zich eigen maken van vaardigheden, houdingen en een verantwoordelijk gedrag;
  b. de verschillende te onderrichten materies en de bedoelde opleiding : technieken, vaardigheden, gedrag, houding, evaluatie en zelfbeoordeling;
  c. de beoogde resultaten van de verworvenheden, zowel op technisch vlak als op het vlak van de vaardigheden en vooral op het vlak van het gedrag en de houding;
  d. een evaluatie van de verworvenheden op het einde van een opleidingsmodule : zelfbeoordeling door de leerling en beoordeling door de opleider alsook een evaluatie van de kwaliteit van de opleiding.
  2° De te onderrichten leerstof (in verband met 1° ) moet tenminste de volgende materies bevatten :
  a. Theoretische kennis :
  1. herhaling van de verkeersreglementbepalingen die op tweewielers van toepassing zijn;
  2. bewustwording van de kwetsbaarheid van het rijden met een bromfiets in alle omstandigheden;
  3. kennis van de basismechanica;
  4. correct gebruik van de geschikte uitrusting, boorddocumenten;
  5. zich bewust worden van de impact van de levensstijl (alcohol-, druggebruik, invloed van derden, stress, enz.) op het rijgedrag;
  6. kennis en kenmerken van de andere voertuigen : dode hoek, remcapaciteit, ontwijkingscapaciteit, enz.
  b. Kennis en beheersing van het voertuig in stilstand of bij lage snelheid (< 5 km/u.) :
  1. praktische kennis van de verschillende elementen van de bromfiets (bedieningsorganen, onderhoud, slijtage,...);
  2. evenwicht, inertiebeginsel (gewicht), houding op het stilstaande voertuig, kijktechniek,...;
  3. de bromfiets verplaatsen zonder gebruik van de motor;
  4. starten - stoppen, gashendel en remmen bedienen;
  5. waarneming van de ruimte, kijktechniek, rechtsomkeer, slalom,...;
  6. bewustwording van de risico's zelfs bij lage snelheid.
  c. Beheersing van het voertuig bij lage snelheid (< 25 km/u.) :
  1. onderwerpen gezien in punt "b" en aangepast in verhouding tot de snelheid;
  2. bocht, slalom, rechtsomkeer maken, in cirkels rijden, benadering van een ontwijkingsmanoeuver,...;
  3. starten, versnellen, remmen, vertragen, (remmen op de motor - met de remmen), stilstaan;
  4. evenwicht, houding op het voertuig, kijktechniek;
  5. zijn snelheid kunnen aanpassen in verhouding tot de situatie;
  6. zich bewust zijn van de dode hoek, van de juiste positie in het verkeer, gebruik van de achteruitkijkspiegels,...
  d. Voertuigbeheersing in een verkeerssituatie (op de weg, in de stad en/of in een druk verkeer) :
  1. onderwerpen gezien in punt "c" maar aangepast in verhouding tot de situatie en de snelheid;
  2. beginselen met betrekking tot de invoeging in het verkeer, gedrag in het verkeer, beheer van het verkeer, van de stress, van het verkeersreglement, van de infrastructuur (rotondes, kruispunten, verkeersdrempels, rails, wegmarkeringen,...);
  3. herkenning van potentiële risico's, van reële risico's. Inhalen - zich laten inhalen; kruisen van andere voertuigen, voorbijrijden van hindernissen, veiligheidsafstanden (zijdelingse afstand inbegrepen),...;
  4. beginsel van het inhalen van een file (bij het naderen van een kruispunt). Stoppen, starten, plaats in de verkeersstroom;
  5. veiligheidsafstand, remmen in het verkeer, veranderen van rijstrook, veranderen van richting,...;
  6. beheersing en zelfbeoordeling van het eigen gedrag naargelang van het verkeer, de verkeerssituatie, de infrastructuur (rotondes, bewegwijzering, kruispunten, rails,...);
  7. waarneming van andere voertuigen en weggebruikers : zien van en gezien worden door de andere weggebruikers. Beheersing en zelfbeoordeling van het eigen gedrag naargelang van het verkeer, de verkeerssituatie;
  8. bewustzijn van de eigen "kwetsbaarheid" als bestuurder van een tweewieler (en aanpassing van het eigen gedrag in voorkomend geval);
  9. omgaan met de verschillende soorten wegen : recht, bochtig, onoverzichtelijk (palen, bomen, andere voertuigen,...), smal, glad,...
  e. Tijdens alle stappen van het leerproces :
  1. belang van het gedrag op de weg rekening houdend met de gevaren eigen aan de bromfiets;
  2. waarneming van/door de andere weggebruikers;
  3. inlevingsvermogen ten aanzien van de andere weggebruikers. Anticiperen op het gedrag (proactiviteit) van de andere weggebruikers;
  4. evaluatie van/anticiperen op de toestand, de risico's. Gepast reageren in verhouding tot de situatie;
  5. bewustwording van het belang van de verworvenheden voor de eigen veiligheid;
  6. permanente zelfbeoordeling van de eigen vaardigheden en het eigen gedrag, zich volop bewust zijn van het belang van het eigen gedrag voor de eigen veiligheid en de veiligheid van anderen. Zich volop bewust zijn van de impact van de eigen handelingen.
  
  Gezien om gevoegd te worden bij het koninklijk besluit van 8 januari 2013 tot wijziging van verscheidene bepalingen betreffende het rijbewijs AM, A1, A2 en A,
  ALBERT
  Van Koningswege :
  De Minister van Binnenlandse Zaken,
  Mevr. J. MILQUET
  De Staatssecretaris voor Mobiliteit,
  M. WATHELET

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   ALBERT II, Koning der Belgen,
   Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
   Gelet op de wet betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd op 16 maart 1968, artikel 1, eerste lid, artikel 23, vervangen bij de wet van 9 juli 1976 en gewijzigd bij de wetten van 29 februari 1984 en 18 juli 1990 en artikel 26, vervangen bij de wet van 9 juli 1976;
   Gelet op het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg;
   Gelet op het koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs;
   Gelet op het koninklijk besluit van 11 mei 2004 betreffende de voorwaarden voor erkenning van scholen voor het besturen van motorvoertuigen;
   Gelet op het koninklijk besluit van 28 april 2011 tot aanpassing van de rijbewijscategorieën, het rijbewijsmodel en de voorwaarden voor examinatoren, ingevolge Richtlijn 2006/126/EG van het Europees Parlement en van de Raad van 20 december 2006 betreffende het rijbewijs;
   Gelet op het koninklijk besluit van 3 juli 2012 betreffende het rijbewijs in kaartmodel;
   Gelet op het koninklijk besluit van 20 september 2012 tot wijziging van het koninklijk besluit van 11 mei 2004 betreffende de erkenning van scholen voor het besturen van motorvoertuigen en het koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs;
   Gelet op het ministerieel besluit van 15 april 2010 tot toekenning van de bevoegdheidsdelegaties voor de toepassing van het koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs en van het koninklijk besluit van 11 mei 2004 betreffende de voorwaarden voor erkenning van scholen voor het besturen van motorvoertuigen;
   Gelet op de betrokkenheid van de gewestregeringen;
   Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 13 juli 2012;
   Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting, gegeven op 17 augustus 2012;
   Gelet op advies nr. 51696/2/V van de Raad van State, gegeven op 10 september 2012, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
   Overwegende het advies nr. 51696/2/V van de Raad van State, gegeven op 10 september 2012, ten gevolge waarvan de voorkeur werd gegeven aan een rechtstreekse wijziging van het wijzigend besluit van 28 april 2011, in afwijking van de aanbevelingen in punt 130 van de handleiding voor het opstellen van wetgevende en reglementaire teksten;
   Op de voordracht van de Minister van Binnenlandse Zaken en van de Staatssecretaris voor Mobiliteit,
   Hebben Wij besloten en besluiten Wij :
Errata Tekst Begin

BEELD
2013014013
PUBLICATIE :
2013-01-22
bladzijde : 2658

Erratum


BEELD
2013014025
PUBLICATIE :
2013-02-07
bladzijde : 6032

Errata


Wijziging(en) Tekst Inhoudstafel Begin
BEELD
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 03-04-2013 GEPUBL. OP 19-04-2013
    (GEWIJZIGD ART. : 25)

  • Begin Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
    Inhoudstafel 1 uitvoeringbesluit 1 gearchiveerde versie
    Errata Franstalige versie