J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
Inhoudstafel 2 uitvoeringbesluiten 1 gearchiveerde versie
Handtekening Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving

Titel
20 SEPTEMBER 2012. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 11 mei 2004 betreffende de erkenning van scholen voor het besturen van motorvoertuigen en het koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs
(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 15-01-2013 en tekstbijwerking tot 15-01-2013)

Bron : MOBILITEIT EN VERVOER
Publicatie : 15-01-2013 nummer :   2012205523 bladzijde : 1341   BEELD
Dossiernummer : 2012-09-20/57
Inwerkingtreding : 25-01-2013

Inhoudstafel Tekst Begin
Hoofdstuk 1. - Wijzigingen in het koninklijk besluit van 11 mei 2004 betreffende de voorwaarden voor erkenning van scholen voor het besturen van motorvoertuigen
Art. 1-32
Hoofdstuk 2. - Wijzigingen in het koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs
Art. 33-35
Hoofdstuk 3. - Slotbepalingen
Art. 36-38
BIJLAGE.
Art. N1

Tekst Inhoudstafel Begin
Hoofdstuk 1. - Wijzigingen in het koninklijk besluit van 11 mei 2004 betreffende de voorwaarden voor erkenning van scholen voor het besturen van motorvoertuigen

  Artikel 1. In artikel 1 van het koninklijk besluit van 11 mei 2004 betreffende de voorwaarden voor de erkenning van scholen voor het besturen van motorvoertuigen, vervangen bij het besluit van 17 maart 2005 en gewijzigd bij het besluit van 1 september 2006, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  a) in de bepalingen onder 4°, 5°, 6° en 7°, worden de woorden "de Minister" vervangen door de woorden "de minister of zijn gemachtigde";
  b) de bepaling onder 8° wordt aangevuld met de woorden ", meer bepaald elke wijziging die een nazicht ter plaatse door de in artikel 39, § 1 bedoelde ambtenaren of beambten noodzakelijk maakt;";
  c) de bepaling onder 9° wordt ingevoegd, luidende :
  "9° "rijschoolactiviteiten" : de activiteiten bedoeld in de artikelen 14 en 15 van het koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs en artikelen 4 en 9 van het koninklijk besluit van 10 juli 2006 betreffende het rijbewijs voor voertuigen van categorie B;";
  d) de bepaling onder 10° wordt ingevoegd, luidende :
  "10° "personeelslid" : elke persoon die voor de rijschool leiding- of onderwijsopdrachten vervult in dienstverband of als zelfstandige.

  Art. 2. In artikel 2, § 1, van hetzelfde besluit, vervangen door het besluit van 17 maart 2005 wordt het eerste lid vervangen als volgt :
  "De in artikelen 14 en 15 van het koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs en in artikelen 4 en 9 van het koninklijk besluit van 10 juli 2006 betreffende het rijbewijs voor voertuigen van categorie B bedoelde lesuren theoretisch en praktisch rijonderricht mogen enkel gegeven worden door rijscholen door de minister of zijn gemachtigde erkend overeenkomstig de bepalingen van dit besluit.".

  Art. 3. Artikel 3, tweede lid, van hetzelfde besluit wordt aangevuld als volgt :
  "Het oefenterrein is evenwel niet vereist voor het praktisch onderricht voor het besturen van voertuigen van categorie B.".

  Art. 4. In hetzelfde besluit wordt een artikel 3bis ingevoegd, luidende :
  "Art. 3bis. Rijschoolactiviteiten mogen enkel worden gestart vanuit een door de erkende rijschool geëxploiteerde vestigingseenheid, waarvoor een exploitatievergunning is verkregen, of vanop het goedgekeurde oefenterrein.".

  Art. 5. In artikel 5 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in paragraaf 1, eerste lid, worden de woorden "de Minister" vervangen door de woorden "de minister of zijn gemachtigde";
  2° paragraaf 1, tweede lid, wordt vervangen als volgt :
  "De kandidaat wordt ten laatste drie maanden na de ontvangst van zijn aanvraag via schrijven in kennis gesteld dat zijn aanvraag al dan niet volledig is. Bij gebrek aan een kennisgeving betreffende de volledigheid van de aanvraag binnen die termijn, wordt de aanvraag verondersteld volledig te zijn.";
  3° in paragraaf 1, tussen het tweede en derde lid wordt een lid ingevoegd als volgt :
  "Bij gebrek aan een volledig dossier binnen een termijn van drie maanden, te rekenen vanaf de ontvangstdatum van de brief die het onvolledig karakter van de aanvraag aangeeft, wordt de aanvraag van erkenning zonder gevolg geklasseerd.";
  4° in paragraaf 1, vroegere derde lid, dat het vierde lid wordt, worden de woorden "de Minister" vervangen door de woorden "de minister of zijn gemachtigde";
  5° in paragraaf 2, tweede lid, wordt de bepaling onder 1°, vervangen als volgt :
  "1° de personeelsfiche voor de gegevens van de personeelsleden met afschrift van de toelatingen en stukken die bevestigen dat deze personen aan de door artikelen 11 en 12 bepaalde voorwaarden voldoen. Het model van de fiche wordt vastgelegd door de minister of zijn gemachtigde;";
  6° in paragraaf 2, tweede lid, 3°, worden de woorden "getuigschrift van goed zedelijk gedrag" vervangen door de woorden : "uittreksel uit het strafregister";
  7° in paragraaf 2, tweede lid, wordt de bepaling onder 4° opgeheven;
  8° in paragraaf 2, vierde lid, worden de woorden ", 3° en 4° " vervangen door de woorden " en 3°".

  Art. 6. In artikel 6 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in paragraaf 2, worden de woorden ", tenzij het gegevens betreft die door de betreffende onderneming reeds werden medegedeeld in uitvoering van het artikel 6, § 3, van de wet van 16 januari 2003 houdende oprichting van de Kruispuntbank van Ondernemingen" opgeheven;
  2° in paragraaf 3, worden de woorden "de Minister" vervangen door de woorden "de minister of zijn gemachtigde".

  Art. 7. In artikel 7 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° paragraaf 1, tweede lid, wordt vervangen als volgt :
  "De volgende documenten worden bij de aanvraag gevoegd :
  1) een verklaring op eer dat het lokaal voor de administratie van de vestigingseenheid bestemd is;
  2) een schema op schaal van het leslokaal en in voorkomend geval het oefenterrein met vermelding van de in artikelen 15 en 16 bedoelde uitrusting en van de gevraagde onderrichtcategorieën;
  3) de categorieën van voertuigen waarvoor het praktische onderricht verstrekt zal worden :
  a) onderrichtcategorie A : voertuigen van de categorieën A3 en A;
  b) onderrichtcategorie B : voertuigen van de categorie B;
  c) onderrichtcategorie C-D : voertuigen van de categorieën en subcategorieën C1, C, D1 en D;
  d) onderrichtcategorie E : voertuigen van de categorieën en subcategorieën B+E, C1+E, C+E, D1+E en D+E;
  e) onderrichtcategorie G : voertuigen van de categorie G;
  4) behalve voor de onderrichtcategorie B, een aanvraag van goedkeuring van een oefenterrein bedoeld in artikel 8. Als het oefenterrein al goedgekeurd werd, moet de aanvrager alleen het stamnummer van dat terrein op zijn aanvraag vermelden;
  5) een attest van de burgemeester of van de bevoegde brandweerdiensten dat vaststelt dat het leslokaal en het administratief lokaal voldoen aan de geldende wettelijke normen;
  6) het schema van de theoretische en praktische lessen.";
  2° in paragraaf 2, wordt de bepaling onder 6° vervangen als volgt :
  "6° in voorkomend geval, de ligging en het stamnummer van het oefenterrein;";
  3° in paragraaf 3, worden de woorden "de Minister" elke keer vervangen door de woorden "de minister of zijn gemachtigde".

  Art. 8. Artikel 9, eerste lid, van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt :
  "De toekenning en de intrekking van de erkenning van rijschool en de exploitatievergunning van een vestigingseenheid worden in het Belgisch Staatsblad gepubliceerd en worden eveneens geregistreerd in de Kruispuntbank van Ondernemingen, die deze gegevens via zijn portaal kan ter beschikking stellen. De toekenning en de intrekking van de goedkeuring van het oefenterrein worden in het Belgisch Staatsblad gepubliceerd.".

  Art. 9. In artikel 10 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in de paragraaf 1, worden de woorden "250 euro" vervangen door de woorden "260 euro" en de woorden "125 euro" door de woorden "130 euro";
  2° paragraaf 2 wordt vervangen als volgt :
  " § 2. Elke rijschool is de hierna bepaalde jaarlijkse retributies verschuldigd om de kosten van administratie, controle en toezicht te dekken :
  - 130 euro per erkende rijschool;
  - 130 euro per vestigingseenheid.";
  3° paragraaf 3 wordt vervangen als volgt :
  " § 3. Daarnaast is elke rijschool tevens de hierna bepaalde jaarlijkse retributies verschuldigd om de kosten van administratie, controle en toezicht te dekken :
  - 55 euro per personeelslid.";
  4° de paragrafen 4 en 5 worden ingevoegd, luidende :
  " § 4. De in §§ 1, 2 en 3 bedoelde retributies worden door toedoen van het bestuur geïnd.
  De retributies, bedoeld in § 1, worden betaald bij de aanvraag van de erkenning van een rijschool, bij de aanvraag van een exploitatievergunning van een vestigingseenheid of bij de aanvraag van een substantiële wijziging van de gegevens van de erkenning of van de vergunning.
  De jaarlijkse retributies, bedoeld in § 2, worden jaarlijks betaald, uiterlijk op 31 maart van het betrokken jaar.
  De jaarlijkse retributies, bedoeld in § 3, worden de eerste keer betaald voordat het personeelslid waarop ze betrekking hebben, zijn werkzaamheden start. Ze worden nadien uiterlijk op 31 maart van het betrokken jaar betaald op grond van de personeelsfiche die werd meegedeeld voor 31 december van het voorgaande jaar.
  § 5. In geval van intrekking van de aanvraag, wanneer aan de aanvraag geen gevolg wordt gegeven of in geval van weigering van de erkenning, zijn de retributies niet terugbetaalbaar.".

  Art. 10. In artikel 11 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in paragraaf 1 wordt het derde lid opgeheven;
  2° in paragraaf 2, lid 1, worden de woorden "De rijschooldirecteur waakt" vervangen door de woorden "De rijschooldirecteur of een adjunct-rijschooldirecteur waakt";
  3° paragraaf 2, lid 2, wordt vervangen als volgt :
  "De rijschooldirecteur kan zijn functie slechts in één enkele rijschool uitoefenen.";
  4° in paragraaf 2 word het derde lid aangevuld door de woorden : ", overeenkomstig het Wetboek van vennootschappen.";
  5° paragraaf 3 wordt vervangen als volgt :
  "De rijschooldirecteur deelt onmiddellijk alle aangebrachte wijzigingen betreffende de personeelsleden, met name deze die een onverenigbaarheid zoals bedoeld in artikel 13 veroorzaken, mee aan de minister of aan zijn gemachtigde.
  Elke wijziging wordt meegedeeld door middel van de fiche bedoeld in artikel 5, § 2, lid 2, 1° aan de minister of zijn gemachtigde. ".

  Art. 11. In artikel 12, § 1, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van 13 juni 2010, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in het eerste lid wordt de eerste zin vervangen als volgt :
  "De personeelsleden moeten aan de volgende voorwaarden vol doen : ";
  2° in het eerste lid, in de bepaling onder 3°, worden de woorden "door de Minister" vervangen door de woorden "door de minister of zijn gemachtigde";
  3° in het eerste lid wordt de bepaling onder 5° vervangen als volgt :
  "5° gedurende ten minste drie jaar houder zijn van een rijbewijs dat is afgegeven door een lidstaat van de Europese Economische Ruimte, ten minste geldig voor het besturen van voertuigen van de categorie B of van een evenwaardige categorie. De personen die het praktisch onderricht verstrekken van de categorieën B+E, C, C + E, D en D+E en de subcategorieën C1, C1+E, D1 en D1+E moeten bovendien houder zijn van een rijbewijs dat is afgegeven door een lidstaat van de Europese Economische Ruimte, ten minste geldig voor de categorie of subcategorie waarvoor zij het onderricht verstrekken. De personen die het praktisch onderricht verstrekken voor het besturen van voertuigen van de categorieën A3 en A moeten enkel houder zijn van een rijbewijs dat is afgegeven door een lidstaat van de Europese Economische Ruimte, geldig voor het besturen van voertuigen van de categorie A of een evenwaardige categorie.";
  4° in het derde lid, worden de woorden "1°, 2° en 7°" vervangen door de woorden "1° en 2°".

  Art. 12. In artikel 14, § 1 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van 13 juni 2010, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  a) in paragraaf 1, eerste lid, wordt de zin " De rijschooldirecteurs, adjunct-rijschooldirecteurs, of instructeurs, die houder van een directie- of instructietoelating zijn, zijn verplicht om elk jaar een opleiding over de in § 2 bedoelde onderwerpen te volgen. " vervangen als volgt :
  "De rijschooldirecteurs, adjunct-rijschooldirecteurs en instructeurs, die houder zijn van een directie- of instructietoelating, dienen een opleiding te volgen over de in § 2 bedoelde vakken, zodat op het einde van een cyclus van vier jaren voor de houders van brevet I of van drie jaren voor de andere personen elk vak is gevolgd.";
  b) in paragraaf 2, eerste lid, wordt de bepaling onder 1° aangevuld met de woorden "en verdieping van de in de bijlage 2 bepaalde examenleerstof";
  c) in paragraaf 2, eerste lid, wordt de bepaling onder 4° opgeheven.

  Art. 13. In artikel 16, § 1, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van 1 september 2006, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° het eerste lid wordt vervangen als volgt :
  "Iedere vestigingseenheid, anders dan de vestigingseenheden die enkel voor de categorie B goedgekeurd zijn, beschikt over minstens één oefenterrein;";
  2° in het tweede lid wordt de bepaling onder het tweede streepje opgeheven.

  Art. 14. In artikel 18 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van 1 september 2006, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in de paragraaf 1, 1°, het woord "vijf" is vervangen door het woord "zeven";
  2° in paragraaf 2, 2°, worden de woorden ", van de noodreminrichting" opgeheven;
  3° paragraaf 2, 4°, wordt vervangen als volgt :
  "4° het voertuig moet uitgerust zijn met een combinatie van achteruitkijkspiegels die zodanig binnen het voertuig zijn geplaatst dat de leerling en de instructeur, vanuit hun respectievelijke zitplaats het verkeer achter en links kunnen gadeslaan, en onder meer een ander voertuig kunnen waarnemen dat begonnen is links in te halen;";
  4° paragraaf 3, 3°, wordt vervangen als volgt :
  "3° het voertuig moet uitgerust zijn met een combinatie van achteruitkijkspiegels die zodanig buiten het voertuig zijn geplaatst dat de leerling en de instructeur, van hun respectievelijke zitplaats, het verkeer achter en links kunnen gadeslaan, en onder meer een ander voertuig kunnen waarnemen dat begonnen is links in te halen, en met een systeem dat de dode hoek zichtbaar maakt;";
  5° in paragraaf 5 wordt het tweede lid opgeheven;
  6° in paragraaf 5, het vroegere derde lid, dat het tweede lid word, wordt vervangen als volgt :
  "Op het lesvoertuig mogen enkel, de naam of maatschappelijke benaming van de rechtspersoon, de naam, het logo, het adres, het elektronische adres, het telefoonnummer en het faxnummer van de rijschool, publiciteit voor de activiteiten van de rijschool en berichten in het kader van de verkeersveiligheid voorkomen. Bovendien, mag de naam of maatschappelijke benaming van de rechtspersoon, de naam, het logo, het adres, het elektronische adres, het telefoonnummer en het faxnummer van de vervoers- of transportmaatschappij die het voertuig specifiek ter beschikking stelt aan de rijscholen in het kader van een rijopleiding ook voorkomen op de voertuigen.".

  Art. 15. Artikel 19 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt :
  "Artikel 19. Elk lesvoertuig moet door een verzekeringspolis gedekt worden voor :
  1° de burgerlijke aansprakelijkheid van de leerling, als bestuurder en als passagier;
  2° de schade die onder alle omstandigheden aan de leerling of zijn bezittingen berokkend wordt. In het geval van de burgerlijke aansprakelijkheid van de leerling mag de dekking van de schade aan de bezittingen van de leerling beperkt worden tot 1.000 euro.
  Deze polis bepaalt dat de verzekeraar van elk verhaal tegen de leerling afziet, behalve in het geval van opzettelijk schadegeval of grove schuld overeenkomstig artikel 8 van de wet van 25 juni 1992 op de landsverzekeringsovereenkomst.".

  Art. 16. In artikel 22 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van 1 september 2006 en van 13 juni 2010, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° paragraaf 1, tweede lid, wordt vervangen als volgt :
  "Het praktische onderricht van de manoeuvres vindt op een goedgekeurd oefenterrein plaats, behalve wanneer het gaat over het praktisch onderricht voor het besturen van voertuigen van categorie B. Voor de overige categorieën mag het plaatsvinden op de openbare weg aan het einde van de opleidingscyclus.".
  2° paragraaf 3, tweede lid, wordt vervangen als volgt :
  "Voor het praktische rijonderricht voor de categorie A op de openbare weg moet de instructeur zelf op een voertuig van deze categorie plaatsnemen, of in een voertuig van de categorie B. Hij mag hoogstens twee kandidaten tegelijk onderrichten.".

  Art. 17. In artikel 23 van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van 17 maart 2005 en gewijzigd bij het besluit van 10 juli 2006, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° paragraaf 4 wordt aangevuld met een lid luidende :
  "In geval van onvermogen van de rijschool, in het bijzonder wegens een faillissement, wordt het register ter beschikking gesteld van de ambtenaren en beambten bedoeld in artikel 39 voor het opmaken, door de Adviseur-generaal van de Directie Certificatie en Inspectie van de administratie, van de attesten die het aantal gevolgde lesuren vermeldt dat in aanmerking worden genomen voor de toepassing van artikel 16, tweede lid, van het koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs.";
  2° in paragraaf 8 van de Franstalige versie, worden de woorden "le Centre public d'Aide sociale" vervangen door de woorden "le Centre public d'Action Sociale".

  Art. 18. In artikel 26, § 1, tweede lid, van hetzelfde besluit, worden de woorden "en een mondelinge" opgeheven.

  Art. 19. In artikel 27 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in het eerste lid worden de woorden "en de mondelinge" opgeheven;
  2° in het tweede lid worden de woorden "en mondelinge" opgeheven.

  Art. 20. Artikel 28 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt :
  "Om deel te kunnen nemen aan de stage voor het brevet IV, bedoeld in hoofdstuk III, moet de kandidaat een bijzondere erkende motorfietsopleiding gevolgd hebben. Deze opleiding omvat de stof bedoeld in punt I. 4. van bijlage 2. Een getuigschrift van deze opleiding moet voorgelegd worden om de stagetoelating te verkrijgen.
  Om deel te nemen aan het examen voor het brevet V moet de kandidaat een bijzondere erkende opleiding voor vrachtwagens gevolgd hebben. Deze opleiding omvat de stof bedoeld in punt I. 5. van bijlage 2. Een getuigschrift van deze opleiding moet voorgelegd worden om de stagetoelating te verkrijgen.
  De minister of zijn gemachtigde erkent de bijzondere opleidingen bedoeld in lid 1 en 2.".

  Art. 21. In artikel 30, tweede lid, van hetzelfde besluit worden, de woorden "en mondelinge" opgeheven.

  Art. 22. In artikel 31 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in paragraaf 1 worden in de bepaling onder 2° de woorden " en de ministeriële omzendbrieven daarover " opgeheven;
  2° in paragraaf 1 wordt de bepaling onder 3° opgeheven;
  3° in paragraaf 2 wordt het eerste lid vervangen als volgt :
  "De schriftelijke proef is een schiftingsproef. De kandidaat die geen 60 % van de punten behaalt voor het examen over het vak "theoretische kennis van de verkeersveiligheid" en geen 50 % van de punten behaalt voor elk ander vak afzonderlijk, is niet geslaagd. De kandidaat moet 60 % van de punten behalen voor de modellessen.".

  Art. 23. In artikel 33 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van 13 juni 2010, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in paragraaf 1, eerste lid, worden de woorden "schriftelijke en de mondelinge proef" vervangen door de woorden "schriftelijke proef" en de woorden "180 uur" worden vervangen door de woorden "300 uur";
  2° in paragraaf 1, tweede lid, worden de woorden "schriftelijke en mondelinge proeven" vervangen door de woorden "schriftelijke proef";
  3° in paragraaf 1, derde lid, worden de woorden "tot een kwart" vervangen door de woorden "tot 3/4";
  4° in paragraaf 2, eerste lid, worden de woorden "schriftelijke en de mondelinge proef" vervangen door de woorden "schriftelijke proef" en worden de woorden "twee jaar" vervangen door de woorden "drie jaar";
  5° in paragraaf 2, wordt tussen het eerste lid en het tweede lid een lid ingevoegd, luidende :
  "De stagetoelating verliest zijn geldigheid na drie mislukkingen voor de modelles.";
  6° paragraaf 4 wordt aangevuld met twee leden luidende :
  "De minister of zijn gemachtigde verklaart de door de stagiair afgelegde stage-uren als ongeldig indien niet aan de voorwaarden beschreven in de § 3 en § 4 is voldaan.
  Als de stagiair niet is geslaagd voor de modelles, begint hij opnieuw de stage bedoeld in § 1, eerste lid.";
  7° paragraaf 6, eerste lid, wordt aangevuld met de volgende zin :
  "De kandidaat kan gedurende de periode tussen het opsturen van het stageattest en het verkrijgen van de instructietoelating onderricht blijven verstrekken en de daarbij behorende taken blijven uitvoeren als kandidaat-instructeur, uitsluitend bij de rijschool waar de kandidaat de stage heeft doorlopen.";
  8° in paragraaf 6 wordt het derde lid vervangen als volgt :
  "Het stageattest verliest zijn geldigheid na twee jaar, te rekenen vanaf het slagen voor de schriftelijke proef.".

  Art. 24. In artikel 34 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° paragraaf 2, eerste lid, wordt vervangen als volgt :
  " § 2. De Minister of zijn gemachtigde benoemt de leden van de examencommissie voor een termijn van een jaar. Na dit jaar wordt de benoeming van rechtswege voor één jaar hernieuwd, behalve bij een andersluidende beslissing. Wanneer in de examencommissie een mandaat onbezet raakt, blijft de persoon, benoemd in de loop ervan, benoemd voor de overblijvende duur.";
  2° in paragraaf 2, wordt in de plaats van het tweede lid, vernietigd bij arrest nr. 200.116 van de Raad van State, het als volgt luidende tweede lid ingevoegd :
  "De criteria en de procedure van selectie van de leden van de examencommissie worden vastgelegd in bijlage 4.";
  3° in paragraaf 3, eerste lid, worden de woorden "of zijn gemachtigde" ingevoegd tussen de woorden "De Minister" en de woorden " wijst onder de leden".

  Art. 25. In artikel 38 van hetzelfde besluit wordt het tweede lid vervangen als volgt :
  "In gevallen van overmacht kan het inschrijvingsgeld worden terugbetaald door beslissing van de minister of van zijn gemachtigde.".

  Art. 26. In artikel 39 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in paragraaf 1 wordt het tweede lid vervangen als volgt :
  "De door de minister, of zijn gemachtigde, aangewezen ambtenaren of beambten mogen in elke omstandigheid de voor het onderricht en de administratie van de school bestemde lokalen, evenals het oefenterrein, betreden en de theoretische en praktische lessen bijwonen. Zij mogen de boeken en de documentatie van de school, de inschrijvingskaarten van de leerlingen, de dagelijkse fiches, de aanwezigheidslijsten, de inschrijvingsregisters en, in het algemeen, alle bescheiden betreffende de schoolactiviteiten raadplegen. Zij mogen zich, zo nodig, met het oog op het onderzoek een kopie laten overhandigen.";
  2° paragraaf 1 wordt aangevuld met een lid luidende :
  "De directeur van de rijschool geeft op verzoek van de minister of zijn gemachtigde alle inlichtingen betreffende de toepassing van dit besluit.";
  3° in paragraaf 2 worden het tweede en het derde lid opgeheven;
  4° een paragraaf 3 wordt ingevoegd, luidende :
  " § 3. Alle personen bedoeld in dit artikel zijn aan het beroepsgeheim gehouden.".

  Art. 27. In artikel 41, eerste lid, van hetzelfde besluit worden de woorden "en de in artikel 10" ingevoegd tussen de woorden "hoofdstukken IV en V van titel I" en de woorden "bepaalde voorwaarden".

  Art. 28. In artikel 48, § 7, van hetzelfde besluit worden de eerste drie leden vervangen als volgt :
  "De in dit besluit vermelde bedragen worden jaarlijks op 1 januari aangepast aan het indexcijfer van de consumptieprijzen.
  De aanpassing gebeurt met behulp van de coëfficiënt die verkregen wordt door het indexcijfer van de maand november die voorafgaat aan de maand januari in de loop waarvan de aanpassing zal plaatsvinden, te delen door het indexcijfer van de maand november 2011.
  Het resultaat van deze aanpassing wordt afgerond naar boven indien het berekende bedrag hoger is of gelijk is aan 0,50 decimalen of naar beneden indien het berekende bedrag lager is dan 0,50 decimalen.".

  Art. 29. In bijlage 1, derde lid, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van 1 september 2006, worden de volgende woorden opgeheven :
  "Onderrichtcategorie B :
  - Bakens Kegels
  - Boordstenen".

  Art. 30.In bijlage 2 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van 14 februari 2006, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in de Franse versie worden de woorden "et orale" opgeheven en in de Nederlandse versie worden de woorden "en de mondelinge" en de woorden "en mondelinge" opgeheven;
  2° in het punt 1.1 worden de woorden "en de ministeriële omzendbrieven in verband daarmee" opgeheven;
  3° het punt 1.2 wordt vervangen als volgt :
  "1.2. Artikelen 1 tot en met 73 van het koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs";
  4° het punt 1.3 wordt opgeheven;
  5° [1 ...]1
  ----------
  (1)<KB 2013-01-08/01, art. 38, 002; Inwerkingtreding : 20-09-2012>

  Art. 31. Bijlage 3 van hetzelfde besluit wordt opgeheven.

  Art. 32. In hetzelfde besluit wordt een bijlage 4 ingevoegd die als bijlage 1 is gevoegd bij dit besluit.

  Hoofdstuk 2. - Wijzigingen in het koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs

  Art. 33. Artikel 4, 15°, van het koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs wordt vervangen als volgt :
  "15° de kandidaten die de opleiding "vrachtwagenchauffeur" of de opleiding "bestuurder autobus en autocars" volgen, georganiseerd door het onderwijs voor sociale promotie, waarvan het programma is goedgekeurd door de minister, met het oog op het behalen van het rijbewijs respectievelijk geldig voor de categorieën C en C+E en voor de subcategorieën C1 en C1+E, en voor de categorieën D en D+E en de subcategorieën D1 en D1+E; ".

  Art. 34. In artikel 38, § 14, eerste lid, van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van 24 augustus 2007, worden de woorden "of een stagiair" ingevoegd tussen de woorden "bijstand van een instructeur" en de woorden "en met een scholingsvoertuig".

  Art. 35. In artikel 39, § 3, eerste lid, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van 10 juli 2006, worden de woorden "of stagiair" ingevoegd tussen de woorden ", de instructeur" en de woorden "van de rijschool".

  Hoofdstuk 3. - Slotbepalingen

  Art. 36. Het ministerieel besluit van 30 januari 2006 tot vaststelling van de criteria en de procedure van selectie van de leden van de examencommissie bedoeld in artikel 34, § 2, lid 2, van het koninklijk besluit van 11 mei 2004 betreffende de voorwaarden voor erkenning van scholen voor het besturen van motorvoertuigen wordt opgeheven.

  Art. 37.De bepalingen betreffende de opheffing van het mondelinge examen, bepaald in de artikelen 18, 19, 21[1 [22, 23 en 30]]1, treden in werking op een door de Koning te bepalen datum. (ERRATUM, zie B.St. 07-02/2013, p. 6032)
  Artikel 14, 1°, treedt in werking op 1 april 2012.
  ----------
  (1)<KB 2013-01-08/01, art. 39, 002; Inwerkingtreding : 25-01-2013>

  Art. 38. De Minister bevoegd voor het Wegverkeer is belast met de uitvoering van dit besluit.

  BIJLAGE.

  Art. N1. Bijlage 4. - Criteria en de procedure van selectie van de leden van de examencommissie
  1. Criteria van selectie
  1.1 Teneinde de kennis en kunde van de juryleden te verbeteren, een objectievere beoordeling van de kandidaten mogelijk te maken en om tot een grotere harmonisering van de examens te komen, worden er minimumnormen betreffende de toegang tot de functie van jurylid vastgesteld.
  1. 2 Vereiste vaardigheden voor een lid van de examencommissie.
  1.2.1 Een persoon die bevoegd is tot het afnemen van een examen van
  een kandidaat dient te beschikken over de kennis, vaardigheden en inzichten die verband houden met de aspecten vermeld hieronder.
  1.2.2 De vaardigheden van een jurylid dienen te zijn afgestemd op het examineren van een kandidaat voor een brevet van beroepsbekwaamheid van het leidinggevende en onderwijzende personeel van de rijscholen.
  1.2.3 Hij moet kennis en begrip hebben van het besturen en moet kunnen evalueren.
  Hij moet een algemene kennis hebben van het van toepassing zijnde verkeersreglement en de interpretatieregels ervan kennen. Hij moet kennis hebben van de theorie van het afnemen van examens en de evaluatietechnieken.
  1.2.4 Hij moet, in het kader van de evaluatievaardigheden, accuraat kunnen observeren en de algemene prestaties van de kandidaat kunnen beoordelen, met name zijn mogelijkheden om :
  - snel informatie te verwerken en de hoofdpunten op te nemen;
  - te anticiperen, mogelijke problemen op te merken en strategieën uit te werken om deze aan te pakken;
  - tijdig opbouwend commentaar te geven.
  1.2.5 Het lid van de examencommissie moet :
  - kunnen bepalen en meedelen wat de kandidaat kan verwachten tijdens het examen;
  - moet duidelijk kunnen communiceren en de inhoud, de vorm en de taal moeten zijn afgestemd op de kandidaat en de context. De kandidaat moet antwoord krijgen op zijn vragen;
  - moet de uitslag van het examen duidelijk kunnen toelichten;
  - moet alle kandidaten met respect en gelijk behandelen.
  2. Kwaliteitswaarborg
  De Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer hanteert een systeem van kwaliteitswaarborg om ervoor te zorgen dat de normen voor de juryleden op peil blijven.
  3. Algemene criteria en diplomavereisten.
  3.1 De algemene criteria waaraan de leden van de examencommissie moeten voldoen zijn de volgende :
  3.1.1 De vertegenwoordiger van de Minister, is titularis van een graad van niveau A.
  3.1.2 De voorzitter is titularis van een graad van niveau A.
  3.1.3 De juryleden van de modellessen moeten houder zijn van een pedagogisch diploma.
  Worden aanvaard als pedagogisch diploma, het diploma licentiaat of master psychologie, licentiaat of master psychologische wetenschappen, licentiaat of master bedrijfs- en experimentele psychologie, licentiaat of master toegepaste psychologie, licentiaat of master beroepsoriëntering en selectie, licentiaat of master opvoedingswetenschappen of opvoedkundige wetenschappen, licentiaat of master pedagogische wetenschappen, licentiaat of master psychologische en pedagogische wetenschappen, licentiaat psycho-pedagogische wetenschappen, GLSO, GVSO-groep 1 of geaggregeerde voor het HSO en NUHO, HOKT, HOLT, LSBO, LSTO, GPB, of het diploma van onderwijzer.
  3.1.4 De juryleden van het vak automechaniek, -techniek en elektriciteit moeten minstens houder zijn van één van de volgende diploma's : HOKT (of bachelor) of HSTO auto-expert, HOKT (of bachelor) of HSTO of HSBL automechanica, HOKT (of bachelor) of HSTO autotechnieken, HOKT (of bachelor) mechanica, optie automechanica, HOKT (of bachelor) of HSTO motorvoertuigentechniek, HSTO auto-expert, HSTO garage, HSTO mechanica van dieselmotoren, HSTO toegepaste autotechnieken, technisch of industrieel ingenieur, gehomologeerd getuigschrift (HSO) (BSO), GLSO mechanica en GVSO-groep 1 of geaggregeerde voor het HSO en NUHO.
  3.1.5 De juryleden van het vak theoretische kennis van de verkeersveiligheid en de rijbewijs-, rijschool- en verkeersreglementering moeten voldoen aan één van de volgende voorwaarden :
  - houder zijn van één van de volgende diploma's : doctor, licentiaat of master, kandidaat of gegradueerde of bachelor in de rechten, HOKTSP-verkeerskunde;
  - vijf jaar ervaring voorleggen, als houder van een brevet 1, in een erkende rijschool;
  - drie jaar ervaring in de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer of in het Belgisch Instituut voor Verkeersveiligheid of in een erkend organisme voor technische controle.
  3.1.6 De leden van de jury moeten minstens 23 jaar zijn en in het bezit zijn van een rijbewijs B gedurende minstens drie jaar.
  4. Procedure van selectie.
  4.1 Het aanwervingbericht wordt gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad en wordt tevens bekendgemaakt aan het publiek via de media.
  Het bericht vermeldt de uiterste inschrijvingsdatum en de gestelde voorwaarden.
  4.2 De kandidaten stellen zich kandidaat, binnen de dertig dagen na publicatie in het Belgisch Staatsblad via een eenvoudige brief, gericht aan de minister of zijn gemachtigde.
  Ze voegen het bewijs bij dat zij voldoen aan de vermelde voorwaarden.
  4.3 De Adviseur-generaal van de Directie Certificatie en Inspectie van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer nodigt de kandidaten uit voor een evaluatiegesprek.
  De kandidaturen en het resultaat van de evaluatie van elke kandidaat worden overgemaakt aan de Minister die beslist.
  4.4 Er kan, indien nodig, een wervingsreserve worden aangelegd.
  

Handtekening Tekst Inhoudstafel Begin
    Gegeven te Trapani, 20 september 2012.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Binnenlandse Zaken,
Mevr. J. MILQUET
De Staatssecretaris voor Mobiliteit,
M. WATHELET

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   ALBERT II, Koning der Belgen,
   Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
   Gelet op de wet betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd op 16 maart 1968, artikel 23, vervangen bij de wet van 9 juli 1976 en gewijzigd bij de wetten van 29 februari 1984 en 18 juli 1990;
   Gelet op het koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs;
   Gelet op het koninklijk besluit van 11 mei 2004 betreffende de voorwaarden voor de erkenning van scholen voor het besturen van motorvoertuigen;
   Gelet op het ministerieel besluit van 30 januari 2006 tot vaststelling van de criteria en de procedure van selectie van de leden van de examencommissie bedoeld in artikel 34, § 2, lid 2 van het koninklijk besluit van 11 mei 2004 betreffende de voorwaarden voor erkenning van scholen voor het besturen van motorvoertuigen;
   Gelet op de betrokkenheid van de gewestregeringen;
   Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 5 april 2012;
   Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting, gegeven op 16 april 2012;
   Gelet op het voorafgaande onderzoek met betrekking tot de noodzakelijkheid van de uitvoering van een effectbeoordeling waaruit blijkt dat een effectbeoordeling niet vereist is;
   Gelet op advies nr. 51.131/4 van de Raad van State, gegeven op 16 april 2012, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
   Op de voordracht van de Minister van Binnenlandse Zaken en van de Staatssecretaris voor Mobiliteit,
   Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Wijziging(en) Tekst Inhoudstafel Begin
BEELD
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 08-01-2013 GEPUBL. OP 15-01-2013
    (GEWIJZIGDE ART. : 30; 37)

  • Begin Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
    Inhoudstafel 2 uitvoeringbesluiten 1 gearchiveerde versie
    Franstalige versie