J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Aanhef
Parlementaire werkzaamheden Inhoudstafel
Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State Kamer van volksvertegenwoordigers Senaat
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/wet/2012/03/19/2012009197/justel

Titel
19 MAART 2012. - Wet tot wijziging van het Wetboek van vennootschappen wat de vereffeningsprocedure betreft

Bron :
JUSTITIE
Publicatie : 07-05-2012 nummer :   2012009197 bladzijde : 26743   BEELD
Dossiernummer : 2012-03-19/19
Inwerkingtreding : 17-05-2012

Inhoudstafel Tekst Begin
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepaling
Art. 1
HOOFDSTUK 2. - Wijziging van de vereffeningsprocedure
Art. 2-6

Tekst Inhoudstafel Begin
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepaling

  Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.

  HOOFDSTUK 2. - Wijziging van de vereffeningsprocedure

  Art. 2. In artikel 183, § 3, van het Wetboek van vennootschappen, gewijzigd bij de wet van 23 januari 2001, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in het eerste lid worden de woorden " van koophandel " opgeheven;
  2° in het laatste lid worden de woorden " wanneer er een afschrift van de beslissing tot homologatie door de rechtbank van koophandel wordt bijgevoegd " vervangen door de woorden " wanneer er een afschrift wordt bijgevoegd van de beslissing tot homologatie door de rechtbank ".

  Art. 3. Artikel 184 van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de wet van 2 juni 2006, wordt vervangen door wat volgt :
  " Art. 184. § 1. Voor zover de statuten niet anders bepalen wordt de wijze van vereffening bepaald en worden de vereffenaars benoemd door de algemene vergadering. In de vennootschappen onder firma en in de gewone commanditaire vennootschappen zijn de besluiten slechts geldig indien zij worden genomen door de helft van de vennoten, in het bezit van drie vierde van het vennootschapsvermogen; bij gebreke van deze meerderheid beslist de voorzitter van de rechtbank.
  § 2. De benoeming van de vereffenaars moet aan de voorzitter van de rechtbank ter bevestiging worden voorgelegd. De bevoegde rechtbank is die van het arrondissement waar de vennootschap op de dag van het besluit tot ontbinding haar zetel heeft. Indien de zetel van de vennootschap binnen zes maanden voor het besluit tot ontbinding verplaatst werd, is de bevoegde rechtbank die van het arrondissement waar de vennootschap haar zetel had voor de verplaatsing ervan.
  De voorzitter van de rechtbank gaat pas over tot de bevestiging van de benoeming nadat hij heeft nagegaan dat de vereffenaars voor de uitoefening van hun mandaat alle waarborgen van rechtschapenheid bieden.
  De voorzitter van de rechtbank oordeelt tevens over de handelingen die de vereffenaar eventueel gesteld heeft tussen zijn benoeming door de algemene vergadering en de bevestiging ervan. Hij kan die handelingen nietig verklaren indien ze kennelijk in strijd zijn met de rechten van derden.
  Eenieder die werd veroordeeld wegens een inbreuk op de artikelen 489 tot 490bis van het Strafwetboek dan wel wegens diefstal, valsheid, knevelarij, oplichting of misbruik van vertrouwen mag in geen enkel geval tot vereffenaar worden aangewezen, net zomin als enige bewaarder, voogd, bestuurder of rekenplichtige die niet tijdig rekening en verantwoording heeft gedaan en niet tijdig heeft afgerekend. Tot die uitsluiting mag alleen worden besloten binnen een termijn van tien jaar, te rekenen van een definitief vonnis van veroordeling dan wel van het uitblijven van het tijdig rekening en verantwoording doen en tijdig afrekenen.
  Tenzij de voorzitter van de bevoegde rechtbank daartoe homologatie verleent, mag evenmin tot vereffenaar worden benoemd eenieder die failliet werd verklaard zonder rehabilitatie te hebben verkregen, alsook wie een gevangenisstraf, zelfs met uitstel, heeft opgelopen wegens een van de strafbare feiten die bedoeld worden in artikel 1 van het koninklijk besluit nr. 22 van 24 oktober 1934 betreffende het rechterlijk verbod aan bepaalde veroordeelden en gefailleerden om bepaalde ambten, beroepen of werkzaamheden uit te oefenen, wegens een inbreuk op de wet van 17 juli 1975 met betrekking tot de boekhouding van de ondernemingen of op de uitvoeringsbesluiten ervan, of wegens een inbreuk op de fiscale wetgeving.
  Het benoemingsbesluit van de vereffenaar kan één of meer alternatieve kandidaat-vereffenaars bevatten, eventueel in volgorde van voorkeur, voor het geval de benoeming van de vereffenaar niet wordt bevestigd of gehomologeerd door de voorzitter van de rechtbank. Zo de voorzitter van de bevoegde rechtbank weigert over te gaan tot homologatie of bevestiging, wijst hij één van deze alternatieve kandidaten aan als vereffenaar. Voldoet geen enkele van de kandidaten aan de in dit artikel omschreven voorwaarden, dan wijst de voorzitter van de rechtbank zelf een vereffenaar aan.
  De voorzitter van de rechtbank wordt aangezocht bij eenzijdig verzoekschrift van de vennootschap, dat wordt ingediend overeenkomstig de artikelen 1025 en volgende van het Gerechtelijk Wetboek. Het eenzijdig verzoekschrift wordt ondertekend door de vereffenaar(s), door een advocaat, door een notaris dan wel door een bestuurder of zaakvoerder van de vennootschap. De voorzitter van de rechtbank doet uitspraak uiterlijk binnen vijf werkdagen nadat het verzoekschrift is ingediend.
  Deze termijn wordt opgeschort voor de duur van het uitstel aan de verzoeker toegekend of vereist na een heropening van de debatten. Bij gebreke van een uitspraak binnen deze termijn wordt de benoeming van de eerst aangewezen vereffenaar beschouwd als zijnde bevestigd dan wel gehomologeerd.
  De voorzitter van de rechtbank kan eveneens worden aangezocht bij verzoekschrift van de procureur des Konings dan wel van iedere belanghebbende derde, overeenkomstig de artikelen 1034bis en volgende van het Gerechtelijk Wetboek.
  De vereffenaars vormen een college.
  § 3. Ingeval de vereffenaar een rechtspersoon is, moet de natuurlijke persoon die hem vertegenwoordigt voor de uitoefening van de vereffening in het benoemingsbesluit worden aangewezen. De aanwijzing van deze natuurlijke persoon, evenals iedere wijziging van deze aanwijzing moet overeenkomstig § 1 worden besloten.
  Een akte houdende benoeming van een vereffenaar, alsook een akte houdende de aanwijzing of de wijziging van de aanwijzing van de natuurlijke persoon die, ingeval de vereffenaar een rechtspersoon is, deze vertegenwoordigt voor de uitoefening van de vereffening, kan slechts geldig worden neergelegd overeenkomstig artikel 74 wanneer er een afschrift wordt bijgevoegd van de uitspraak van de voorzitter van de rechtbank, behoudens het geval er geen uitspraak is zoals bedoeld in § 2, zevende lid. In dat geval moet het bewijs geleverd worden door de vennootschap dat zij dit aangevraagd heeft. Voor deze akten begint de termijn van 15 dagen zoals bedoeld in artikel 68 pas te lopen vanaf de uitspraak van de voorzitter van de rechtbank of vanaf het verstrijken van de termijn van vijf werkdagen zoals bedoeld in § 2, zevende lid.
  § 4. Zo de artikelen 184, 189bis of 190, § 1, niet in acht werden genomen, kan de bevoegde voorzitter van de rechtbank op verzoek van het openbaar ministerie dan wel van iedere belanghebbende derde en nadat de vereffenaar werd gehoord, overgaan tot diens vervanging.
  § 5. Onverminderd artikel 181, zijn een ontbinding en vereffening in één akte slechts mogelijk mits naleving van de volgende voorwaarden :
  1° er is geen vereffenaar aangeduid;
  2° er zijn geen passiva luidens de staat van activa en passiva als bedoeld in artikel 181;
  3° alle aandeelhouders of vennoten zijn op de algemene vergadering aanwezig of geldig vertegenwoordigd en besluiten met eenparigheid van stemmen.
  De terugname van het resterend actief gebeurt door de vennoten zelf. ".

  Art. 4. In artikel 189bis van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 2 juni 2006, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in het eerste lid worden de woorden " in de zesde en de twaalfde maand van het eerste vereffeningsjaar " vervangen door de woorden " in de zevende en de dertiende maand na de invereffeningstelling " en worden de woorden " , opgesteld aan het einde van de zesde en twaalfde maand van het eerste vereffeningsjaar, " ingevoegd tussen de woorden " de vereffening " en de woorden " over aan de griffie ";
  2° in het tweede lid wordt het woord " vereffeningsdossier " vervangen door het woord " vennootschapsdossier ";
  3° in het derde lid wordt het woord " vereffeningsdossier " vervangen door het woord " vennootschapsdossier ";
  4° het artikel wordt aangevuld met een vierde lid, luidende :
  " Dit artikel is niet van toepassing indien de vereffening plaatsvindt overeenkomstig artikel 184, § 5. ".

  Art. 5. In artikel 190 van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de wet van 2 juni 2006, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° paragraaf 1, derde lid, wordt vervangen door wat volgt :
  " Vooraleer de vereffening wordt afgesloten, leggen de vereffenaars, een advocaat, een notaris dan wel een bestuurder of zaakvoerder van de vennootschap bij eenzijdig verzoekschrift overeenkomstig de artikelen 1025 en volgende van het Gerechtelijk Wetboek het plan voor de verdeling van de activa onder de verschillende categorieën schuldeisers voor akkoord voor aan de rechtbank van het arrondissement waarbinnen de vennootschap op het ogenblik van de indiening van dit eenzijdig verzoekschrift haar zetel heeft. Voormeld verzoekschrift mag worden ondertekend door de vereffenaar(s), door een advocaat, door een notaris dan wel door een bestuurder of zaakvoerder van de vennootschap. ";
  2° het artikel wordt aangevuld met een § 3, luidende :
  " § 3. Dit artikel is niet van toepassing indien de vereffening plaatsvindt overeenkomstig artikel 184, § 5. ".

  Art. 6. In artikel 195bis van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 2 juni 2006, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in het eerste lid worden de woorden " Voor elke vereffening wordt ter griffie een dossier bijgehouden dat de volgende stukken bevat " vervangen door de woorden " Voor elke vereffening worden ter griffie in het in artikel 67, § 2, bedoelde dossier, de volgende stukken neergelegd ";
  2° in het eerste lid wordt het 1° opgeheven;
  3° in het eerste lid wordt een 4° bis ingevoegd, luidende :
  " 4° bis. het in artikel 190, § 1, bedoelde en goedgekeurde plan voor de verdeling van de activa; ";
  4° het artikel wordt aangevuld met een derde lid, luidende :
  " Op deze neerlegging is artikel 75 niet van toepassing. ".
  
  Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
  Gegeven te Brussel, 19 maart 2012.
  ALBERT
  Van Koningswege :
  De Minister van Justitie,
  Mevr. A. TURTELBOOM
  Met 's Lands zegel gezegeld :
  De Minister van Justitie,
  Mevr. A. TURTELBOOM

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   ALBERT II, Koning der Belgen,
   Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
   De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen, hetgeen volgt :

Parlementaire werkzaamheden Tekst Inhoudstafel Begin
    Zitting 2010-2011. Kamer van volksvertegenwoordigers. Stukken. - Wetsvoorstel van Mevr. Dierick c.s., 53-1605-001 - Addendum, 53-1605-002 Zitting 2011-2012. Kamer van volksvertegenwoordigers. Stukken. - Verslag, 53-1605-003 - Tekst verbeterd door de commissie, 53-1605-004 - Tekst aangenomen in plenaire vergadering en overgezonden aan de Senaat, 53-1605-005. Integraal verslag. - 9 februari 2012. Senaat. Stukken. - Ontwerp niet geëvoceerd door de Senaat, 5-1480-1.

Begin Eerste woord Laatste woord Aanhef
Parlementaire werkzaamheden Inhoudstafel
Franstalige versie