J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Aanhef
Inhoudstafel
Handtekening Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/besluit/2016/10/27/2016031752/justel

Titel
27 OKTOBER 2016. - Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot wijziging van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18 juli 2013 betreffende de gereglementeerde parkeerzones en de vrijstellingskaarten

Bron :
BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST
Publicatie : 13-12-2016 nummer :   2016031752 bladzijde : 84962   BEELD
Dossiernummer : 2016-10-27/18
Inwerkingtreding : 01-01-2017

Inhoudstafel Tekst Begin
HOOFDSTUK I. - Wijzigingen aan het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18 juli 2013 betreffende de gereglementeerde parkeerzones en de vrijstellingskaarten
Art. 1-82
HOOFDSTUK II. - Slotbepalingen
Art. 83
HOOFDSTUK III. - Inwerkingtredingsbepaling en uitvoeringsbepaling
Art. 84-85

Tekst Inhoudstafel Begin
HOOFDSTUK I. - Wijzigingen aan het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18 juli 2013 betreffende de gereglementeerde parkeerzones en de vrijstellingskaarten

  Artikel 1. In artikel 1 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18 juli 2013 betreffende de gereglementeerde parkeerzones en de vrijstellingskaarten worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° de bepaling onder 4° wordt vervangen als volgt: "Parkeerperiode: periode van 4 uur en 30 minuten die begint te lopen vanaf de aflevering van de uitnodiging tot betaling van een forfaitaire retributie. Deze duur wordt behouden zelfs in het geval van een uitbreiding of beperking van de betalende periode;
  2° de bepaling onder 5° wordt vervangen als volgt: "Parkeersector en deelsector: de geografische zone die de grenzen afbakent waarbinnen de vrijstellingskaarten geldig zijn. Iedere Parkeersector bestaat uit meerdere deelsectoren tenzij de gemeenteraad beslist om toepassing te maken van vaste parkeersectoren overeenkomstig artikel 46ter";
  3° in de bepaling onder 7° worden de woorden "de artikelen 4 en 38, § 1 van de Ordonnantie" vervangen door de woorden "artikel 4, 1° van de Ordonnantie";
  4° in de bepaling onder 8° worden de woorden "de artikelen 4 en 38, § 1 van de Ordonnantie" vervangen door de woorden "artikel 4, 2° van de Ordonnantie";
  5° in de bepaling onder 9° worden de woorden "de artikelen 4 en 38, § 1 van de Ordonnantie" vervangen door de woorden "artikelen 4, 3° van de Ordonnantie en in artikel 27 van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg";
  6° de bepaling onder 11° wordt vervangen als volgt: "Vrijstellingskaart "buurtbewoner": de parkeerkaart die de personen bedoeld in artikel 48 recht geeft hun voertuig te parkeren in de parkeersector die hun is toegewezen";
  7° in de Nederlandse tekst van de bepaling onder 17° worden de woorden "school vervoersplan" vervangen door het woord "schoolvervoersplan";
  8° na de bepaling onder 17° wordt een nieuwe bepaling 18° ingevoegd die luidt als volgt:
  "Administratie: Administratie Uitrusting en Vervoer - Brussel Mobiliteit - Directie Beleid.".

  Art. 2. In het opschrift van hoofdstuk II van hetzelfde besluit worden de woorden "oranje zone, de grijze zone, de evenementenzone, de zone `voorbehouden parkeerplaatsen', de zone `kiss & ride' en de leveringszone" vervangen door de woorden "gereglementeerde zones".

  Art. 3. Artikel 4 van hetzelfde besluit wordt als volgt gewijzigd:
  1° in het eerste lid worden de woorden "aan de volgende gebruiksvoorwaarden" vervangen door de woorden "aan de gebruiksvoorwaarden bepaald in het huidige besluit";
  2° het tweede lid wordt vervangen als volgt: "Het tijdsperk waarbinnen het gebruik van een parkeerplaats is onderworpen aan gebruiksvoorwaarden zoals gedefinieerd in artikel 5, tweede lid van de Ordonnantie is ook van toepassing op de oranje en grijze zones.";
  3° in het derde lid worden de woorden "niet beperkt in de tijd maar is beperkt tot een periode van 4 uur en 30 minuten" vervangen door de woorden "op elk ogenblik onderworpen aan de gebruiksvoorwaarden bepaald in het huidige besluit";
  4° in het vierde lid worden de woorden "niet beperkt in de tijd" vervangen door de woorden "op elk ogenblik onderworpen aan de gebruiksvoorwaarden bepaald in het huidige besluit";
  5° het vijfde lid wordt vervangen als volgt:
  "Het gebruik van een parkeerplaats die zich bevindt in een zone `kiss & ride' zoals bedoeld bij artikel 2, 11° van de Ordonnantie wordt geregeld op de daartoe bestemde wegsignalisatie";
  6° in het zesde lid worden de woorden "niet beperkt in de tijd" vervangen door de woorden "op elk ogenblik onderworpen aan de gebruiksvoorwaarden bepaald in het huidige besluit".

  Art. 4. Artikel 5 van hetzelfde besluit wordt als volgt gewijzigd:
  1° in het eerste lid worden de woorden "alsook de uitbreiding naar zondagen en de wettelijke feestdagen," ingevoegd tussen de woorden "van 9 uur - 18 uur," en de woorden "wanneer het specifieke karakter";
  2° in het tweede lid worden de woorden "uitbreidingen en" ingevoegd tussen het woord "Die" en de woorden "verminderingen worden".

  Art. 5. Artikel 6 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 6. Overeenkomstig artikel 37 van de Ordonnantie, wordt een retributie geheven voor het gebruik van een parkeerplaats die gesitueerd is in de gereglementeerde zones vastgesteld in artikel 3 conform de hierna vastgelegde modaliteiten.".

  Art. 6. Het tweede lid van artikel 7 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "De forfaitaire retributie is verschuldigd per parkeerperiode van 4 uur en 30 minuten. Indien het parkeren aanhoudt, wordt ten vroegste 4 uur en 30 minuten na de aflevering van de eerdere uitnodiging een nieuwe uitnodiging tot betaling van een volgende forfaitaire retributie overgemaakt.".

  Art. 7. Artikel 12 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 12. De parkeerretributie die verschuldigd is in deze zone is:
  - 0,50 euro voor het eerste half uur;
  - 1,50 euro voor het tweede half uur;
  - 3 euro voor het tweede uur.
  Het eerste kwartier is gratis, mits de aanvang van de parkeertijd werd geregistreerd ofwel elektronisch ofwel met het ticket dat de parkeermeter hiervoor beschikbaar stelt. Voor dezelfde parkeerplaats geldt slechts één gratis kwartier, zonder mogelijkheid te vernieuwen.".

  Art. 8. In artikel 14 van hetzelfde besluit worden de woorden "tweede lid" vervangen door de woorden " § 1 en § 2".

  Art. 9. Artikel 16 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 16. De parkeerretributie die verschuldigd is in deze zone is:
  - 0,50 euro voor het eerste half uur;
  - 0,50 euro voor het tweede half uur;
  - 2 euro voor het tweede uur.
  Het eerste kwartier is gratis, mits de aanvang van de parkeertijd werd geregistreerd ofwel elektronisch ofwel met het ticket dat de parkeermeter hiervoor beschikbaar stelt. Voor dezelfde parkeerplaats geldt slechts één gratis kwartier, zonder mogelijkheid te vernieuwen.".

  Art. 10. In artikel 18 van hetzelfde besluit worden de woorden "tweede lid" vervangen door de woorden " § 1 en § 2".

  Art. 11. In artikel 19 van hetzelfde besluit worden de woorden "beperkt tot" geschrapt.

  Art. 12. Artikel 20 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 20. De parkeerretributie die verschuldigd is in deze zone is:
  - 0,50 euro voor het eerste half uur;
  - 1,50 euro voor het tweede half uur;
  - 3 euro voor het tweede uur.
  - 3 euro voor het derde uur.
  - 3 euro voor het vierde uur.
  - 1,50 euro voor het laatste half uur.
  Het eerste kwartier is gratis, mits de aanvang van de parkeertijd werd geregistreerd ofwel elektronisch ofwel met het ticket dat de parkeermeter hiervoor beschikbaar stelt. Voor dezelfde parkeerplaats geldt slechts één gratis kwartier, zonder mogelijkheid te vernieuwen.".

  Art. 13. In artikel 22 van hetzelfde besluit worden de woorden "zoals gedefinieerd in het huidige besluit" ingevoegd tussen de woorden "De vrijstellingskaarten" en de woorden "zijn geldig".

  Art. 14. Artikel 24 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 24. De parkeerretributie die verschuldigd is in deze zone is:
  - 0,50 euro voor het eerste half uur;
  - 0,50 euro voor het tweede half uur;
  - 2 euro voor het tweede uur;
  - 1,50 euro voor elk bijkomend uur.
  Het eerste kwartier is gratis, mits de aanvang van de parkeertijd werd geregistreerd ofwel elektronisch ofwel met het ticket dat de parkeermeter hiervoor beschikbaar stelt. Voor dezelfde parkeerplaats geldt slechts één gratis kwartier, zonder mogelijkheid te vernieuwen.".

  Art. 15. Artikel 26 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 26. De geldigheid van de vrijstellingskaarten in de groene zone wordt bepaald conform artikel 39 van de Ordonnantie.".

  Art. 16. Artikel 27 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 27. De maximale parkeertijd in de blauwe zone is 2 uur.
  Overeenkomstig artikel 38, § 3 van de Ordonnantie is parkeren in de blauwe zone gratis voor de duur van de toegelaten parkeertijd en bij gebruik van een parkeerschijf".

  Art. 17. Artikel 30 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 30. § 1. De evenementenzone heeft een tijdelijk karakter en geldt slechts op een vooraf door de gemeenteraad vastgestelde duur voor een deel of geheel van het grondgebied van een gemeente.
  In voorkomend geval en in afwijking van het artikel 1, 4° is de maximale parkeertijd beperkt tot 1 uur voor het gedeelte van de evenementenzone dat tijdelijk een blauwe zone of niet-gereglementeerde zone vervangt.
  § 2. Indien een gemeente ervoor kiest een tijdelijke evenementenzone in te stellen, is het gebruik van een parkeerplaats die is gelegen in een blauwe, groene, grijze, oranje of rode zone gedurende de gehele geldingsduur ervan bij voorrang onderworpen aan de voorwaarden die gelden voor de evenementenzone.
  Een parkeerplaats die zich bevindt in een tijdelijke evenementenzone kan slechts onderworpen worden aan de voorwaarden die gelden voor deze zone bij de aanvang van de uurperiode zoals bedoeld in artikel 5, tweede en derde lid van de Ordonnantie of, desgevallend, in het Gemeentelijk Parkeeractieplan.".

  Art. 18. Artikel 31 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 31. De parkeerretributie die is verschuldigd in deze zone is:
  - 5 euro voor het eerste half uur;
  - 5 euro voor het tweede half uur;
  - 10 euro voor het tweede uur;
  - 10 euro voor het derde uur;
  - 10 euro voor het vierde uur;
  - 5 euro voor het laatste halfuur.
  Het eerste kwartier is gratis, mits de aanvang van de parkeertijd werd geregistreerd ofwel elektronisch ofwel met het ticket dat de parkeermeter hiervoor beschikbaar stelt. Voor dezelfde parkeerplaats geldt slechts één gratis kwartier, zonder mogelijkheid te vernieuwen.
  Indien een evenementenzone, of een deel ervan, tijdelijk een blauwe of niet-gereglementeerde zone vervangt, is geen parkeerretributie verschuldigd in het gedeelte van de evenementenzone dat is gelegen in een blauwe zone".

  Art. 19. Er wordt een nieuw lid toegevoegd aan artikel 32 van hetzelfde besluit dat luidt als volgt:
  "In geval van overschrijding van de maximum parkeerduur van 1 uur in het gedeelte van de evenementenzone dat tijdelijk een blauwe of niet-gereglementeerde zone vervangt, wordt de gebruiker geacht te hebben gekozen voor de betaling van een forfaitaire retributie van 50 euro per parkeerperiode".

  Art. 20. Artikel 33 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 33. Enkel de vrijstellingskaarten ""buurtbewoner", "autodelen", "zorgverlener van dringende medische hulp", "medische zorgverlener aan huis", "professioneel" en "personen met een handicap" zijn geldig in de evenementenzone.".

  Art. 21. In artikel 35 van hetzelfde besluit worden de woorden "tweede lid" vervangen door de woorden " § 1".

  Art. 22. Artikel 37 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 37. De parkeertijd in de zone `voorbehouden parkeerplaatsen' is niet beperkt."

  Art. 23. Artikel 39 van hetzelfde besluit wordt als volgt gewijzigd:
  1° de woorden "tweede lid" worden vervangen door de woorden " § 1";
  2° in de Nederlandse tekst worden de woorden "parkeerkaart voor" opgeheven.

  Art. 24. Artikel 41 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 41. In een zone `kiss & ride' zoals bedoeld in artikel 2, 11° van de Ordonnantie is stilstaan met het voertuig toegelaten en gratis gedurende de tijd die is aangeven op de daartoe bestemde wegsignalisatie. In geval van de overschrijding van de tijd die is aangeven op de daartoe bestemde wegsignalisatie of, bij gebreke daaraan, indien het voertuig langer stilstaat dan nodig is voor het in- of uitstappen van personen of voor het laden of lossen van zaken is een forfaitaire retributie verschuldigd van 100 euro per parkeerperiode.".

  Art. 25. In artikel 42 van hetzelfde besluit worden de woorden "tweede lid" vervangen door de woorden " § 1".

  Art. 26. Artikel 43 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 43. § 1. De vrijstellingskaarten, met inbegrip van de vrijstellingskaarten "buurtbewoner", "professioneel" en "bezoeker" die geldig zijn op het grondgebied van meerdere gemeenten, worden uitgereikt door het college van burgemeester en schepenen, tenzij de Regering, op uitdrukkelijke vraag van de gemeente en na advies van het Parkeeragentschap, beslist om, met toepassing van artikel 6, derde lid van de Ordonnantie, deze opdracht voor deze gemeente over te dragen aan het Parkeeragentschap.
  De uitreiking van de vrijstellingskaarten gebeurt volgens de modaliteiten zoals hieronder uiteengezet.
  Het college van burgemeester en schepenen of het Parkeeragentschap leveren de vrijstellingskaarten af nadat aan de hand van bewijsstukken werd nagegaan of de aanvrager van de vrijstellingskaart voldoet aan de toekenningsvoorwaarden.
  § 2. In afwijking van de eerste paragraaf en met toepassing van artikel 6, vierde lid van de Ordonnantie is enkel het Parkeeragentschap bevoegd voor de uitreiking van de vrijstellingskaarten die geldig zijn op het grondgebied van meer dan één gemeente, met inbegrip van de vrijstellingskaart "professioneel" zoals bedoeld in artikel 84, § 1, 2°, van het Besluit.".

  Art. 27. In afdeling 1 van hoofdstuk VI van hetzelfde besluit wordt een artikel 43bis ingevoegd dat luidt als volgt:
  "Art. 43bis. De houder van een vrijstellingskaart is alleen gemachtigd om te parkeren binnen de grenzen van de parkeersector(en) die hem is/zijn toegewezen.".

  Art. 28. Artikel 45 van hetzelfde besluit wordt als volgt gewijzigd:
  1° in het eerste lid wordt het woord "geïnformatiseerd" opgeheven en worden de woorden "al dan niet" ingevoegd tussen de woorden "vrijstellingskaarten, dat" en de woorden "tegen betaling";
  2° het tweede lid wordt vervangen als volgt: "Dat beheersysteem bevat alle vrijstellingskaarten.";
  3° in het derde lid worden de woorden "of bij iedere wijziging" ingevoegd tussen de woorden "jaarlijks" en "aan het Parkeeragentschap".

  Art. 29. In hoofdstuk VI van hetzelfde besluit worden in het opschrift van afdeling 2 de woorden "en deelsectoren" ingevoegd na de woorden "De parkeersectoren".

  Art. 30. Artikel 46 van hetzelfde besluit, gewijzigd door het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 12 december 2013, wordt vervangen als volgt:
  "Art. 46. § 1. Het Parkeeragentschap legt op basis van de voorstellen van de gemeenteraden en in gemeen overleg met de gemeenteraden de deelsectoren vast voor het hele grondgebied van het Gewest, waarbij de gemeentegrenzen kunnen worden overschreden.
  De gemeenteraden integreren de kaart met deelsectoren voor het volledige grondgebied van de gemeente in het Gemeentelijk Parkeeractieplan.
  De Regering keurt voor elke gemeente de door de gemeenteraad voorgestelde kaart met deelsectoren samen met het Gemeentelijk Parkeeractieplan goed.
  Indien het Gemeentelijk Parkeeractieplan reeds werd goedgekeurd door de gemeenteraad op moment van inwerkingtreding van deze paragraaf, kan de Regering uitzonderlijk de kaart goedkeuren buiten het Gemeentelijk Parkeeractieplan.
  De parkeersectoren bakenen de wegen af waarop een vrijstellingskaart van toepassing is.
  De oppervlakte van een parkeersector voor de vrijstellingskaarten "buurtbewoner", "professioneel" en "bezoeker" mag niet groter zijn dan 150 hectare, met een afwijkingsmogelijkheid van 20%.
  De gemeenteraden kunnen na advies van het Parkeeragentschap aanpassingen voorstellen om de indeling in deelsectoren aan te passen aan de werkelijkheid op het terrein, onder voorbehoud van respect van de regels vastgelegd in het huidige besluit.
  De deelsectoren van aangrenzende gemeenten hebben een logische samenhang en het geheel vertoont evenwicht op gewestelijk niveau.
  Het Parkeeragentschap ontwikkelt een geïnformatiseerd systeem voor alle gemeenten waarmee de parkeersector(en) per individuele vrijstellingskaart worden bepaald en toegewezen.
  Het Parkeeragentschap voorziet tevens in een elektronisch systeem voor het toekennen en beheren van alle uitgereikte vrijstellingskaarten.
  § 2. De parkeersectoren die gelden op de datum van dit besluit blijven van toepassing tot op het moment dat de Regering de kaart met deelsectoren voor het volledige grondgebied van de gemeente vastlegt in overeenstemming met de eerste paragraaf.".

  Art. 31. Er wordt een nieuw artikel 46bis ingevoegd dat luidt als volgt:
  "Art. 46bis. § 1. De aanvrager van een vrijstellingskaart krijgt door de gemeente of het Parkeeragentschap automatisch een parkeersector toegewezen,
  Voor de vrijstellingskaarten "buurtbewoner", "professioneel" en "bezoeker" wordt de parkeersector bepaald op basis van de deelsector waarin de verblijfplaats, de maatschappelijke zetel of de exploitatiezetel zich bevindt, aangevuld met telkens aangrenzende deelsectoren waarvan er minstens twee zelf grenzen aan de deelsector waarin de verblijfplaats, de maatschappelijke zetel of de exploitatiezetel zich bevindt.
  De aanvrager kan echter op eenvoudig verzoek vragen dat hem een nieuwe parkeersector wordt toegewezen, op basis van andere deelsectoren, in zoverre die deelsectoren in aanmerking kunnen worden genomen overeenkomstig de principes uiteengezet in artikel s 46 en 46bis.
  Indien de twee parkeerzijden van een weg zijn gelegen in twee verschillende deelsectoren, moeten de beide zijden van deze weg worden geacht deel uit te maken van de toegewezen parkeersector.
  § 2. Mits voorafgaande instemming van de colleges van burgemeester en schepenen van de betrokken gemeenten, kunnen de toegewezen parkeersectoren gesitueerd zijn op het grondgebied van meer dan één gemeente.".

  Art. 32. Er wordt een nieuw artikel 46ter en artikel 46quater ingevoegd die luiden als volgt:
  "Art. 46ter. § 1. In afwijking van artikel 46 en 46bis kan de gemeenteraad, na advies van het Parkeeragentschap, vaste parkeersectoren vastleggen voor het hele grondgebied van de gemeente zonder daarbij gemeentegrenzen te overschrijden.
  § 2. De gemeenteraad integreert de kaart met vaste parkeersectoren voor het volledige grondgebied van de gemeente in het Gemeentelijk Parkeeractieplan.
  De Regering keurt voor elke gemeente de door de gemeenteraad voorgestelde kaart met vaste parkeersectoren samen met het Gemeentelijk Parkeeractieplan goed.
  Indien het parkeeractieplan reeds werd goedgekeurd door de gemeenteraad op moment van inwerkingtreding van deze paragraaf, kan de Regering uitzonderlijk de kaart goedkeuren buiten het Parkeeractieplan.
  De parkeersectoren bakenen de wegen af waarop een vrijstellingskaart van toepassing is.
  De oppervlakte van een parkeersector voor de vrijstellingskaarten "buurtbewoner", "professioneel" en "bezoeker" mag niet groter zijn dan 150 ha met een afwijkingsmogelijkheid van 20%.
  De gemeenteraad kan na advies van het Parkeeragentschap aanpassingen voorstellen om de kaart met vaste parkeersectoren aan te passen aan de werkelijkheid op het terrein, onder voorbehoud van respect van de regels vastgelegd in het huidige besluit.
  De vaste parkeersectoren worden geïntegreerd in het geïnformatiseerd systeem van het Parkeeragentschap.
  Het Parkeeragentschap voorziet tevens in een erkenningssysteem voor alle uitgereikte vrijstellingskaarten.
  § 3. De parkeersectoren die gelden op de datum van dit besluit blijven van toepassing tot op het moment dat de Regering de kaart met vaste parkeersectoren voor het volledige grondgebied van de gemeente vastlegt in overeenstemming met de eerste en tweede paragraaf.
  § 4. De aanvrager van een vrijstellingskaart krijgt door de gemeente of het Parkeeragentschap een vaste parkeersector toegewezen.
  Voor de vrijstellingskaarten "buurtbewoner", "professioneel" en "bezoeker" moet de verblijfplaats, de maatschappelijke zetel of de exploitatiezetel zich in de toegewezen vaste parkeersector bevinden.
  Indien de twee parkeerzijden van een weg zijn gelegen in twee verschillende parkeersectoren moeten de beide zijden van deze weg worden geacht deel uit te maken van de toegewezen parkeersector.
  Art. 46quater. Op voorstel van de gemeenteraad kan ten hoogste één deelsector die geheel gelegen is op het grondgebied van de gemeente en waarin zich de ingang van een metro- of treinstation bevindt, worden beschouwd als een van de deelsectoren nodig voor het bepalen van de parkeersector overeenkomstig artikel 46 § 1 voor de vrijstellingskaart "buurtbewoner", zelfs indien deze deelsector niet onmiddellijk grenst aan de andere aaneengesloten deelsectoren.
  De aanvrager van een vrijstellingskaart "buurtbewoner" kan op eenvoudig verzoek vragen dat de hem overeenkomstig artikel 46, § 1 door de gemeente of het Parkeeragentschap toegewezen parkeersector maximaal één deelsector bevat waarin zich de ingang van een metro- of treinstation bevindt.".

  Art. 33. In artikel 47 van hetzelfde besluit wordt het derde lid vervangen als volgt:
  "De nieuwe indeling gaat in telkens op 1 januari of 1 september van een jaartal.".

  Art. 34. Artikel 48 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 48. De vrijstellingskaart "buurtbewoner" wordt, naar gelang het geval, door het college van burgemeester en schepenen of het Parkeeragentschap toegekend:
  1° aan de persoon die is ingeschreven in het bevolkingsregister of in het wachtregister van de desbetreffende gemeente;
  2° aan personen met een buitenlandse nummerplaat die gedomicilieerd zijn in de desbetreffende gemeente gedurende de aanvraag tot inschrijving van het voertuig;
  3° aan personen die een tweede verblijfplaats hebben in de desbetreffende gemeente;
  4° aan personen die gedomicilieerd zijn op het grondgebied van de desbetreffende gemeente van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en die een specifieke nood hebben aan parkeerplaats in het kader van een door de Administratie erkend autodeelsysteem voor particulieren.
  De titularis van een vrijstellingskaart "buurtbewoner" is enkel toegelaten om zijn voertuig te parkeren binnen de grenzen van de toegewezen parkeersector.".

  Art. 35. Artikel 49 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 49. De vrijstellingskaart "buurtbewoner" is geldig binnen de blauwe, groene, grijze en evenementenzones die die zich bevinden binnen de grenzen van de toegewezen parkeersector.".

  Art. 36. Artikel 50 van hetzelfde besluit wordt gewijzigd als volgt:
  1° tussen het eerste en het tweede lid wordt een nieuw lid ingevoegd dat luidt als volgt:
  "In afwijking van het voorgaande lid kan meer dan één kaart per voertuig worden afgeleverd voor een voertuig dat wordt gebruikt in het kader van een door de Administratie erkend autodeelsysteem voor particulieren, indien dat voertuig wordt gedeeld door minstens drie particulieren, waarvan er minstens twee gedomicilieerd moeten zijn binnen één of meerdere gemeenten van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.";
  2° het vroegere tweede lid, dat het derde lid wordt, wordt vervangen als volgt:
  "De aanvrager van de vrijstellingskaart "buurtbewoner" moet het bewijs leveren dat het voertuig is ingeschreven op zijn naam of dat hij er op bestendige wijze over kan beschikken, in overeenstemming met het ministerieel besluit van 9 januari 2007 betreffende de gemeentelijke parkeerkaart, behalve indien het voertuig wordt gebruikt in het kader van een door de Administratie erkend autodeelsysteem voor particulieren en het voertuig gedeeld wordt door minstens drie particulieren, waarvan er minstens twee gedomicilieerd moeten zijn binnen één of meerdere gemeenten van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.".

  Art. 37. Artikel 51 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  " Art. 51. Er kunnen per gezin niet meer dan twee vrijstellingskaarten "buurtbewoner" worden toegekend.
  De gemeenteraad kan op gemotiveerde wijze beslissen om een derde vrijstellingskaart "buurtbewoner" per gezin toe te kennen, na hierover het advies te hebben ingewonnen van het Parkeeragentschap.
  In voorkomend geval legt de gemeenteraad, in overleg met het Parkeeragentschap, de criteria vast die de toekenning van een derde vrijstellingskaart per gezin rechtvaardigt.
  De gemeenteraad motiveert die beslissing bij het uitwerken van het Gemeentelijke Parkeeractieplan.".

  Art. 38. Artikel 52 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 52. De gemeenteraad kan, na het advies van het Parkeeragentschap te hebben ingewonnen, het totale aantal vrijstellingskaarten " buurtbewoner " die geldig zijn in een deelsector of parkeersector beperken tot het aantal bestaande parkeerplaatsen in die deelsector of parkeersector of tot een lager aantal.
  Voor de deelsectoren die zich op het grondgebied van verschillende gemeenten bevinden, is deze beperking slechts van toepassing indien de desbetreffende gemeenten hierover een akkoord bereiken.
  De in het eerste lid omschreven mogelijkheid voor de gemeenteraad om het totaal aantal vrijstellingskaarten "buurtbewoner" te beperken, kan ook worden toegepast op een geheel van deelsectoren van een gemeente of van meerdere aangrenzende gemeenten die hierover onderling een akkoord bereiken. De geldigheid van een vrijstellingskaart "buurtbewoner" blijft in elk geval beperkt tot een parkeersector van maximum van 150 ha, met een afwijkingsmogelijkheid van 20 %.".

  Art. 39. Artikel 53 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 53. In afwijking van artikel 57 zal, indien de gemeenteraad overeenkomstig artikel 52 het aantal vrijstellingskaarten " buurtbewoner " beperkt, de afgeleverde vrijstellingskaart slechts 12 maanden geldig zijn.
  Bovendien zullen de vrijstellingskaarten moeten worden uitgereikt in overeenstemming met de volgende prioriteiten, in afnemende volgorde:
  1. De eerste vrijstellingskaart " buurtbewoner " van het gezin;
  2. De eerste vrijstellingskaart "buurtbewoner" van het gezin bestemd voor personen met een tweede verblijfplaats op het grondgebied van de gemeente;
  3. De tweede vrijstellingskaart " buurtbewoner " van het gezin;
  4. De eventuele derde vrijstellingskaart " buurtbewoner " van het gezin.".

  Art. 40. Artikel 54 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 54. De prijs van de vrijstellingskaarten "buurtbewoner" is:
  - de eerste vrijstellingskaart: minimum 10 euro per jaar;
  - de tweede vrijstellingskaart: minimum 50 euro per jaar;
  - de derde vrijstellingskaart of de vrijstellingskaart "buurtbewoner" bestemd voor personen met een tweede verblijfplaats op het grondgebied van de gemeente: minimum 250 euro per 12 maanden.
  De aanvrager van de vrijstellingskaart " buurtbewoner " staat in voor de eventuele kosten die zijn verbonden aan het gebruik van technologie bij de uitreiking van de vrijstellingskaart.".

  Art. 41. Artikel 55 van hetzelfde besluit wordt opgeheven.

  Art. 42. Artikel 57 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 57. De vrijstellingskaarten " buurtbewoner " hebben een geldigheidsduur van 12 of 24 maanden, naar keuze van de aanvrager. De kaart is geldig vanaf de datum van aanschaf. De gemeente of het Parkeeragentschap verifieert bij elke nieuwe aanvraag voor een vrijstellingskaart of de aanvrager nog steeds aan de toekenningsvoorwaarden voldoet.
  De vrijstellingskaart moet worden teruggegeven van zodra de begunstigde niet meer aan de toekenningsvoorwaarden voldoet zoals omschreven in het huidige besluit en in het ministerieel besluit van 9 januari 2007 betreffende de gemeentelijke parkeerkaart. De retributie voor het eerste jaar blijft integraal verschuldigd. Het bedrag van de retributie dat het eerste jaar overstijgt, wordt in voorkomend geval terugbetaald ten bedrage van de nog resterende volledige maanden waarin de vrijstellingskaart niet werd gebruikt.
  In geval van wijziging van de kaart met deelsectoren of vaste parkeersectoren, worden de desbetreffende vrijstellingskaarten vervangen met ingang van de datum van inwerkingtreding van de nieuwe kaart.".

  Art. 43. In hoofdstuk VI van hetzelfde besluit wordt afdeling 4, die de artikelen 58 tot en met 60 bevat, opgeheven.

  Art. 44. In hoofdstuk VI van hetzelfde besluit wordt het opschrift van afdeling 5 opgeheven.

  Art. 45. In hoofdstuk VI van hetzelfde besluit wordt onderafdeling 1 van afdeling 5, dat het artikel 61 bevat, opgeheven.

  Art. 46. In hoofdstuk VI van hetzelfde besluit wordt het opschrift van onderafdeling 2 van afdeling 5 vervangen als volgt:
  "Afdeling 4. - De vrijstellingskaart "zorgverlener van dringende medische hulp"".

  Art. 47. Artikel 62 van hetzelfde besluit wordt gewijzigd als volgt:
  1° in het eerste lid worden de woorden "De colleges van burgemeester en schepenen leveren" vervangen door de woorden "Het Parkeeragentschap levert";
  2° in het derde lid worden de woorden "of door middel van een registratie van de nummerplaat via sms of andere applicatie" ingevoegd tussen de woorden "blauwe parkeerschijf" en de woorden "dewelke het aankomstuur van de zorgverlener aangeeft";
  3° tussen het derde en het vierde lid wordt een nieuw lid ingevoegd dat luidt als volgt:
  "De kaart zoals bedoeld in het derde lid kan vervangen worden door een elektronisch toezichtsysteem op basis van het kenteken van het voertuig.";
  4° in het vroegere vierde lid, dat het vijfde lid wordt, worden de woorden "De colleges van burgemeester en schepenen herinneren" vervangen door de woorden "Het parkeeragentschap herinnert";
  5° na het vroegere vierde lid, dat het vijfde lid wordt, wordt een zesde lid ingevoegd dat luidt als volgt:
  "De vrijstellingskaart heeft slechts betrekking op één enkele nummerplaat.".

  Art. 48. In artikel 63 van hetzelfde besluit wordt het woord "personen" vervangen door de woorden "huisartsen en pediaters".

  Art. 49. In het eerst lid van artikel 64 van hetzelfde besluit worden de woorden "aan de gemeente of" geschrapt.
  In het tweede lid van artikel 64 van hetzelfde besluit worden de woorden "De colleges van burgemeester en schepenen controleren" vervangen door de woorden "Het Parkeeragentschap controleert".

  Art. 50. In afdeling 4 van hoofdstuk VI van hetzelfde besluit, ingevoegd bij artikel 46, wordt een artikel 64bis ingevoegd dat luidt als volgt:
  "Art. 64bis. De vrijstellingskaart "zorgverlener van dringende medische hulp" is geldig in alle deelsectoren en vaste parkeersectoren van het Gewest en in alle gereglementeerde zones in de zin van artikel 3 en dit voor de duur van de effectieve verstrekking van dringende medische hulp, met een maximumduur van 2 uur.".

  Art. 51. Artikel 65 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 65. De prijs van de vrijstellingskaart "zorgverlener van dringende medische hulp" bedraagt 200 euro per jaar.
  De aanvrager van de vrijstellingskaart "zorgverlener van dringende medische hulp" staat in voor de eventuele kosten die zijn verbonden aan het gebruik van technologie bij de uitreiking en het gebruik van de vrijstellingskaart.".

  Art. 52. In hoofdstuk VI van hetzelfde besluit wordt het opschrift van onderafdeling 3 van afdeling 5 vervangen als volgt:
  "Afdeling 5. - De vrijstellingskaart "medische zorgverlener aan huis"".

  Art. 53. Artikel 66 van hetzelfde besluit wordt gewijzigd als volgt:
  1° het eerste lid wordt vervangen als volgt:
  "Het Parkeeragentschap levert aan de voertuigen van personen die medische zorg verlenen aan huis een vrijstellingskaart af van " medische zorgverlener aan huis". Deze kaart staat hen toe gratis te parkeren tijdens een interventie en gedurende de tijd van de effectieve toediening van medische zorgverlening, met een maximumduur van 2 uur";
  2° in het tweede lid worden de woorden "of erkend door een beroepsfederatie van zorgverleners ingevoegd na de woorden "de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie";
  3° in het derde lid worden de woorden "of door middel van een registratie van de nummerplaat via sms of andere applicatie" ingevoegd tussen de woorden "blauwe parkeerschijf" en de woorden "dewelke het aankomstuur van de zorgverlener aangeeft";
  4° na het derde lid wordt een nieuw lid toegevoegd dat luidt als volgt:
  "De vrijstellingskaart heeft slechts betrekking op één enkele nummerplaat.".

  Art. 54. Artikel 67 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 67. De vrijstellingskaart "medische zorgverlener aan huis" is geldig in alle deelsectoren en vaste parkeersectoren van het Gewest, binnen de blauwe, groene, grijze en evenementenzone.".

  Art. 55. Artikel 68 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 68. De prijs van de vrijstellingskaart "medische zorgverlener aan huis" bedraagt 75 euro per jaar.
  De aanvrager van de vrijstellingskaart "medische zorgverlener aan huis" staat in voor de eventuele kosten die zijn verbonden aan het gebruik van technologie bij de uitreiking en het gebruik van de vrijstellingskaart.".

  Art. 56. In hoofdstuk VI van hetzelfde besluit wordt het opschrift van onderafdeling 4 van afdeling 5 vervangen als volgt:
  "Afdeling 6. - De vrijstellingskaart "autodelen"".

  Art. 57. Artikel 69 van hetzelfde besluit wordt gewijzigd als volgt:
  1° het eerste lid wordt vervangen als volgt:
  "Met inachtneming van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 maart 2013 houdende de voorwaarden voor het gebruik van voorbehouden parkeerplaats reikt het Parkeeragentschap aan de door het Gewest erkende exploitanten van motorvoertuigen toegewezen aan het systeem voor autodelen de nodige vrijstellingskaarten "autodelen" uit die op een zichtbare wijze aan de binnenzijde van de voorruit van het gedeelde voertuig worden geplaatst, tenzij gebruik wordt gemaakt van een elektronisch toezichtsysteem op basis van de registratie van het kenteken.";
  2° het derde lid wordt opgeheven;
  3° het vroegere vierde lid, dat het derde lid wordt, wordt vervangen als volgt:
  "De vrijstellingskaart "autodelen" is altijd geldig, ook wanneer het voertuig niet wordt gebruikt door een klant die betaald heeft voor de dienstverlening van een gedeeld voertuig. Het "gedeelde " karakter van het voertuig wordt op een duidelijke wijze aangeduid op het voertuig door de vennootschap die deze dienst aanbiedt".

  Art. 58. In afdeling 6 van hoofdstuk VI van hetzelfde besluit, ingevoegd bij artikel 56, wordt een artikel 69bis ingevoegd dat luidt als volgt:
  "Art. 69bis. De vrijstellingskaart "autodelen" is geldig in alle deelsectoren en vaste parkeersectoren van het Gewest, binnen een blauwe, groene, grijze en evenementenzone.".

  Art. 59. Artikel 70 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 70. De prijs van een vrijstellingskaart "autodelen is vastgesteld op 25 euro per jaar en per voertuig dat wordt gebruikt in het kader van een erkende dienst voor gedeelde motorvoertuigen.
  De aanvrager van de vrijstellingskaart "autodelen" staat in voor de eventuele kosten die zijn verbonden aan het gebruik van technologie bij de uitreiking en het gebruik van de vrijstellingskaart.".

  Art. 60. In hoofdstuk VI van hetzelfde besluit wordt het opschrift van onderafdeling 5 van afdeling 5 vervangen als volgt:
  "Afdeling 7. - De vrijstellingskaart voor personen met een handicap".

  Art. 61. Artikel 72 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 72. De vrijstellingskaart voor personen met een handicap is geldig in alle deelsectoren en vaste parkeersectoren van het Gewest, binnen een rode, oranje, grijze, blauwe, groene en evenementenzone.".

  Art. 62. In hoofdstuk VI van hetzelfde besluit wordt het opschrift van afdeling 6 vervangen als volgt:
  "Afdeling 8. - De vrijstellingskaart "professioneel"".

  Art. 63. In hoofdstuk VI van hetzelfde besluit wordt het opschrift van onderafdeling 1 van de vroegere afdeling 6 opgeheven.

  Art. 64. Artikel 73 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 73. De colleges van burgemeester en schepenen of het Parkeeragentschap leveren de vrijstellingskaarten "professioneel" af".

  Art. 65. De artikelen 74 en 75 van hetzelfde besluit worden opgeheven.

  Art. 66. Artikel 76 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 76. De gemeenteraad kan na het advies van het Parkeeragentschap te hebben ingewonnen, het totale aantal van vrijstellingskaarten "professioneel" die geldig zijn in een deelsector beperken tot het aantal bestaande parkeerplaatsen in die deelsector of tot een lager aantal. Voor een deelsector met een hoge parkeerdruk kan de gemeenteraad het aantal vrijstellingskaarten "professioneel" beperken tot nul. De voorgaande beperkingen gelden niet voor vrijstellingskaarten die geldig zijn voor het hele grondgebied van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zoals bedoeld in artikel 84, § 1, 2° van het Besluit.
  Voor de deelsectoren die zich op het grondgebied van verschillende gemeenten bevinden, is deze beperking slechts van toepassing indien de desbetreffende gemeenten hierover een akkoord bereiken.
  De in het eerste lid omschreven mogelijkheid voor de gemeenteraad om het totaal aantal vrijstellingskaarten "professioneel" te beperken kan ook worden toegepast op een geheel van deelsectoren van een gemeente of van meerdere aangrenzende gemeenten die onderling een akkoord bereiken.".

  Art. 67. Artikel 77 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 77. Indien de gemeenteraad overeenkomstig artikel 76 het aantal vrijstellingskaarten " professioneel " beperken, zal de afgeleverde vrijstellingskaart slechts 12 maanden geldig zijn.
  Bovendien zullen de vrijstellingskaarten moeten worden uitgereikt overeenkomstig criteria bepaald door de gemeenteraad. Hierbij kan een onderscheid worden gemaakt naargelang de categorie van gebruikers vermeld in artikel 84.".

  Art. 68. Artikel 78 van hetzelfde besluit wordt opgeheven.

  Art. 69. In hoofdstuk VI van hetzelfde besluit wordt onderafdeling 2 van de vroegere afdeling 6, die de artikelen 79 tot en met 82 bevat, opgeheven.

  Art. 70. In hoofdstuk VI van hetzelfde besluit wordt het opschrift van onderafdeling 3 van de vroegere afdeling 6 opgeheven.

  Art. 71. Artikel 83 van hetzelfde besluit wordt opgeheven.

  Art. 72. Artikel 84 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 84. § 1. De vrijstellingskaarten "professioneel" worden uitgereikt aan de volgende categorieën van gebruikers:
  1° aan ondernemingen en zelfstandigen, met name aan de persoon of de onderneming met de maatschappelijke of exploitatiezetel in de gereglementeerde deelsector. Met `persoon' wordt de houder van een vrij beroep of een zelfstandige bedoeld. Met `onderneming' wordt elke rechtspersoon bedoeld, ongeacht zijn statuut, in het bijzonder de vennootschappen opgenomen in artikel 2 van het Wetboek van Vennootschappen, de openbare instellingen, de private instellingen, de instellingen voorbehouden aan de erediensten die beoogd worden door de Wet op de temporaliën der erediensten en de ordonnantie van 29 juni 2006 betreffende de inrichting en de werking van de islamitische eredienst, de instellingen voor morele dienstverlening van de Centrale Vrijzinnige Raad die beoogd worden door de wet van 21 juni 2002, de instellingen van het niet-verplicht onderwijs, de ziekenhuizen, de klinieken, de poliklinieken en de zorgverstrekkende instanties, de liefdadigheidsinstellingen en de VZW's;
  2° aan natuurlijke personen of rechtspersonen die aantonen dat ze, voor hun beroep, verschillende interventies binnen het Brussels Hoofdstedelijk Gewest dienen uit te voeren en die daar het bewijs van voorleggen aan het Parkeeragentschap;
  3° aan onderwijsinstellingen, met name elke onderwijsinstelling, georganiseerd, erkend of gesubsidieerd door een gemeenschap en publieke kinderdagverblijven of kinderdagverblijven die inkomens-gerelateerde tarieven hanteren, en die gelegen zijn in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Als het personeelslid van een onderwijsinstelling werkzaam is in meerdere scholen, dan is de vrijstellingskaart geldig voor de verschillende parkeersectoren binnen dewelke de scholen gesitueerd zijn;
  4° aan de personeelsleden van de verschillende politiezones van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Als het personeelslid werkzaam is als agent in meerdere politiecommissariaten, dan is de vrijstellingskaart geldig voor de verschillende parkeersectoren binnen dewelke de commissariaten gesitueerd zijn.
  § 2. De aanvraag voor een vrijstellingskaart voor één of meerdere parkeersectoren moet worden ingediend door een natuurlijke persoon met een zelfstandig of vrij beroep of door de leidinggevende van de in § 1 bedoelde rechtspersonen of diens vertegenwoordiger en vergezeld zijn van een goedgekeurd school- of bedrijfsvervoersplan of een goedgekeurd equivalent.".

  Art. 73. Artikel 86 van hetzelfde besluit wordt opgeheven.

  Art. 74. Artikel 87 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 87. De prijs van de vrijstellingskaarten "professioneel" is:
  1° voor de gebruikers bedoeld in artikel 84, § 1, 1° voor één parkeersector:
  - minimum 200 euro per jaar voor elk van de eerste vijf kaarten;
  - minimum 300 euro per jaar voor de zesde t.e.m. de twintigste kaart;
  - minimum 600 euro per jaar voor de eenentwintigste t.e.m. de dertigste kaart;
  - minimum 800 euro per jaar voor elke bijkomende kaart.
  2° voor de gebruikers bedoeld in artikel 84, § 1, 2° voor meerdere parkeersectoren:
  - 90 euro per maand voor elke vrijstellingskaart.
  3° voor de gebruikers bedoeld in artikel 84, § 1, 3° en 4° :
  - minimum 75 euro per jaar per vrijstellingskaart per parkeersector.
  De aanvrager van de vrijstellingskaart "professioneel" staat in voor de eventuele kosten die zijn verbonden aan het gebruik van technologie bij de uitreiking en het gebruik van de vrijstellingskaart.".

  Art. 75. In artikel 88 van hetzelfde besluit worden de woorden ""overige gebruiker"" vervangen door het woord ""professioneel"".

  Art. 76. Artikel 89 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 89. De vrijstellingskaart "professioneel" is geldig binnen de blauwe, groene, grijze en evenementenzones die zich bevinden binnen de grenzen van de toegewezen parkeersector(en).".

  Art. 77. In hoofdstuk 6 van hetzelfde besluit wordt het opschrift van de onderafdeling 4 van de vroegere afdeling 6 opgeheven.

  Art. 78. In hoofdstuk 6 van hetzelfde besluit wordt een afdeling 9 ingevoegd, luidende: "Afdeling 9. - Vrijstellingskaart "bezoeker"".

  Art. 79. Artikel 90 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 90. De colleges van burgemeester en schepenen of het Parkeeragentschap leveren de vrijstellingskaarten "bezoeker" af.
  Er kan per gezin en per periode van 4 uur en 30 minuten slechts één vrijstellingskaart "bezoeker" worden toegekend.
  De vrijstellingskaart "bezoeker" wordt per gezin en per jaar voor maximaal 100 perioden van 4 uur en 30 minuten toegekend.".

  Art. 80. Artikel 91 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 91. De vrijstellingskaart "bezoeker" is geldig binnen de blauwe, groene en grijze zones die zich bevinden binnen de grenzen van de toegewezen parkeersector. Gezinnen die over een vrijstellingskaart "buurtbewoner" beschikken voor de desbetreffende gemeente krijgen voor de vrijstellingskaart "bezoeker" dezelfde parkeersector toegekend overeenkomstig artikel 46bis of 46ter.
  Personen ingeschreven in het bevolkingsregister of in het wachtregister van de desbetreffende gemeente die deel uitmaken van een gezin dat over geen enkele vrijstellingskaart "buurtbewoner" beschikt overeenkomstig artikel 51, krijgen een parkeersector toegekend overeenkomstig artikel 46bis of 46ter.".

  Art. 81. . Artikel 92 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 92. De prijs van de vrijstellingskaart "bezoeker" wordt nader bepaald door de gemeenteraden in functie van de gereglementeerde zones zoals bedoeld in artikel 3 van het huidige besluit waarop de vrijstellingskaart van toepassing is.
  De prijs van de vrijstellingskaart "bezoekers" bedraagt minstens 2,5 euro per periode van 4 uur en 30 minuten.
  De aanvrager van de vrijstellingskaart "bezoeker" staat in voor de eventuele kosten die zijn verbonden aan het gebruik van technologie bij de uitreiking en het gebruik van de vrijstellingskaart.
  De vrijstellingskaart "bezoeker" heeft een maximale geldingsduur van 100 perioden van 4 uur en 30 minuten per jaar.".

  Art. 82. De artikelen 93 tot en met 95 van hetzelfde besluit worden opgeheven.

  HOOFDSTUK II. - Slotbepalingen

  Art. 83. De artikelen 25 tot 28 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 28 april 2016 tot wijziging van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 maart 2013 houdende de voorwaarden voor het gebruik van voorbehouden parkeerplaats aan operatoren van gedeelde motorvoertuigen worden opgeheven.

  HOOFDSTUK III. - Inwerkingtredingsbepaling en uitvoeringsbepaling

  Art. 84. § 1 De volgende regelgevende teksten treden in werking op 1 januari 2017:
  1° De hoofdstukken I en II van de Ordonnantie van 20 juli 2016 tot wijziging van de ordonnantie van 22 januari 2009 houdende de organisatie van het parkeerbeleid en de oprichting van het Brussels Hoofdstedelijk Parkeeragentschap en van de ordonnantie van 3 april 2014 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeersteken;
  2° dit besluit.
  § 2 De vrijstellingskaarten afgeleverd voor de inwerkingtreding van dit besluit blijven geldig tot hun vervaldag en uiterlijk tot 1 januari 2019.

  Art. 85. De minister bevoegd voor Mobiliteit is belast met de uitvoering van dit besluit.

Handtekening Tekst Inhoudstafel Begin
   Brussel, 27 oktober 2016.
Voor de Brusselse Hoofdstedelijke Regering:
De Minister-President van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met Plaatselijke Besturen, Territoriale Ontwikkeling, Stedelijk Beleid, Monumenten en Landschappen, Studentenaangelegenheden, Toerisme, Openbaar Ambt, Wetenschappelijk Onderzoek en Openbare Netheid,
Rudi VERVOORT
De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, bevoegd voor Mobiliteit en Openbare Werken,
Pascal SMET

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   De Brusselse Hoofdstedelijke Regering,
   Gelet op de ordonnantie van 22 januari 2009 houdende de organisatie van het parkeerbeleid en de oprichting van het Brussels Hoofdstedelijk Parkeeragentschap, in het bijzonder de artikelen 4, 6 en 38, gewijzigd door de Ordonnantie van 14 april 2016 tot wijziging van de ordonnantie van 22 januari 2009 houdende de organisatie van het parkeerbeleid en de oprichting van het Brussels Hoofdstedelijk Parkeeragentschap en van de ordonnantie van 3 april 2014 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens en de Ordonnantie van 20 juli 2016 tot wijziging van de ordonnantie van 22 januari 2009 houdende de organisatie van het parkeerbeleid en de oprichting van het Brussels Hoofdstedelijk Parkeeragentschap en van de ordonnantie van 3 april 2014 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeersteken, en artikel 5;
   Gelet op artikel 18, § 1, van de ordonnantie van 20 juli 2016 tot wijziging van de ordonnantie van 22 januari 2009 houdende de organisatie van het parkeerbeleid en de oprichting van het Brussels Hoofdstedelijk Parkeeragentschap en van de ordonnantie van 3 april 2014 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeersteken;
   Gelet op het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18 juli 2013 betreffende de gereglementeerde parkeerzones en de vrijstellingskaarten;
   Gelet op het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 28 april 2016 tot wijziging van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 maart 2013 houdende de voorwaarden voor het gebruik van voorbehouden parkeerplaats aan operatoren van gedeelde motorvoertuigen;
   Gelet op de `gendertest' uitgevoerd op 19 november 2015 in toepassing van artikel 3, 2° van de ordonnantie van 29 maart 2012 houdende de integratie van de genderdimensie in de beleidslijnen van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;
   Gelet op advies 59.873/2/V van de Raad van State, gegeven op 31 augustus 2016, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
   Overwegende dat het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18 juli 2013 betreffende de gereglementeerde parkeerzones en de vrijstellingskaarten moet worden gewijzigd met het oog op een harmonisering en rationalisering van de verschillende types vrijstellingskaarten zodat alle gemeenten over identiek dezelfde types vrijstellingskaarten beschikken;
   Overwegende dat het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18 juli 2013 betreffende de gereglementeerde parkeerzones en de vrijstellingskaarten op diverse punten kan worden gecorrigeerd;
   Op voordracht van de Minister belast met Mobiliteit,
   Na beraadslaging,
   Besluit :

Begin Eerste woord Laatste woord Aanhef
Inhoudstafel
Franstalige versie