J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Aanhef
Inhoudstafel
Handtekening Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/besluit/2016/03/07/2016024064/justel

Titel
7 MAART 2016. - Koninklijk besluit betreffende de beroepstitel en de kwalificatievereisten voor de uitoefening van het beroep van podoloog en houdende vaststelling van de technische prestaties en van de handelingen waarmee de podoloog door een arts kan worden belast

Bron :
VOLKSGEZONDHEID, VEILIGHEID VAN DE VOEDSELKETEN EN LEEFMILIEU
Publicatie : 04-04-2016 nummer :   2016024064 bladzijde : 22357   BEELD
Dossiernummer : 2016-03-07/13
Inwerkingtreding : 14-04-2016

Inhoudstafel Tekst Begin
Art. 1-12
BIJLAGEN.
Art. N1-N6

Tekst Inhoudstafel Begin
Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder :
  1° niet-risicovoet : de voet zonder systeemaandoeningen;
  2° risicovoet : de voet met systeemaandoeningen zoals onder andere de diabetische, reumatische, neurologische of vasculair belaste voet;
  3° risicoklasse : een classificatie binnen een bepaalde systeemaandoening. Als basis voor de risicobepaling wordt de `St.-Vincent declaration' (The Saint Vincent Declaration on diabetes care and research in Europe. Acta diabetologia. 1989, 10 (Suppl) 143-144) gevolgd;
  4° voet met een functionele stoornis : de voet met statische en/of dynamische afwijkingen van de voet en/of van de aangelegen segmenten;
  5° posttraumatische voet : de voet die een trauma van de voet en/of de enkel heeft ondergaan;
  6° postchirurgische voet : de voet na een chirurgische ingreep ter hoogte van de enkel en/of de voet;
  7° chirurgische voet : de voet en/of de aangelegen segmenten tijdens een chirurgische ingreep ter hoogte van de voet en/of de aangelegen segmenten;
  8° instrumentele behandeling :
  a) verzorgen van huid en nagels; verwijderen van hyperkeratose, clavi;
  b) verzorging en behandeling van huid- en nagelafwijkingen;
  c) tamponnages (het aanbrengen van een wiek : protectief en/of curatief);
  9° podologische onderzoeksmethoden :
  a) anamnese;
  b) klinisch onderzoek en aanvullende testen;
  c) biomechanisch -en biometrisch onderzoek;
  10° biomechanisch en biometrisch onderzoek :
  a) meten van de posities en de amplitudo's van de voet in relatie tot de daarboven gelegen segmenten;
  b) kinetisch onderzoek van de voeten en/of de daarboven gelegen segmenten;
  c) kinematisch onderzoek van de voeten en/of de daarboven gelegen segmenten;
  11° podologische behandelingsmethoden (protectief en/of curatief) :
  a) taping;
  b) padding;
  c) strapping;
  d) orthoplastie;
  e) orthonyxie, onychonyxie en onychoplastie;
  f) instrumentele behandeling;
  12° podologische zolen : de zolen die aan volgende cumulatieve voorwaarden beantwoorden :
  a) individueel naar maat vervaardigd worden;
  b) de voorafgaande klinisch, biomechanisch en biometrisch onderzoeken werden uitgevoerd door een podoloog;
  c) niet moeten worden gecombineerd met orthopedische schoenen of deel uitmaken van een orthese of prothese;
  13° bio- en pathomechanica : het ontwerpen, vervaardigen en aanpassen van podologische zolen;
  14° assistentie en instrumentatie : begrip dat veronderstelt dat arts en podoloog samen handelingen verrichten bij een patiënt, waarbij er visueel en verbaal contact tussen hen bestaat;
  15° aseptische wondzorg : zorg van wonden die het dermis niet doorbreken;
  16° algemene wondzorg : zorg van wonden die het dermis doorbreken.

  Art. 2. De uitoefening van "podologie" is een paramedisch beroep in de zin van artikel 69 van de gecoördineerde wet van 10 mei 2015 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen.

  Art. 3. Het in artikel 2 bedoelde beroep wordt uitgeoefend onder de beroepstitel "podoloog".

  Art. 4. Het beroep van podoloog mag slechts worden uitgeoefend door personen die voldoen aan de volgende voorwaarden :
  1° houder zijn van een diploma dat een opleiding bekroont, die overeenstemt met een opleiding in het kader van hoger onderwijs, overeenstemmend met minimum 180 ECTS studiepunten, waarvan het leerprogramma op zijn minst omvat :
  a) een theoretische opleiding in :
  i) algemene anatomie met inbegrip van topografische anatomie van de onderste ledematen;
  ii) chirurgie van de voet en de aangelegen segmenten;
  iii) algemene fysiologie;
  iv) bewegingsleer met inbegrip van fysiologie van de beweging, biomechanica en biometrie;
  v) algemene pathologie met inbegrip van microbiologie, orthopedie, traumatologie, pediatrie, dermatologie, neurologie, inwendige ziekteleer met inbegrip van vasculaire pathologie, systeemaandoeningen, metabole aandoeningen en geriatrie;
  vi) medische beeldvorming;
  vii) farmacologie;
  viii) scheikunde;
  ix) natuurkunde;
  x) fysiotechniek;
  xi) deontologie;
  xii) geschiedenis van de podologie;
  xiii) wetgeving met betrekking tot de gezondheidszorgberoepen;
  b) een theoretische en praktische opleiding in :
  i) podologische onderzoeksmethoden;
  ii) podologische behandelingsmethoden;
  iii) podologische zolen;
  iv) huid- en wondverzorging;
  v) hygiëne, sterilisatie en instrumentenleer;
  vi) bio- en pathomechanica;
  vii) orthesiologie van de voet en de enkel;
  viii) meettechnieken, materialenleer en werkplaatstechnologie;
  ix) gipstechnieken;
  x) assistentie en instrumentatie in de chirurgie van de onderste ledematen;
  xi) bewegingsanalyse met inbegrip van gang- en loopanalyse;
  c) het maken van een eindwerk dat in verband staat met de opleiding van podologie;
  2° met vrucht een stage doorlopen hebben van minstens 600 uren in podologische methoden en praktijken, ten bewijze waarvan de kandidaat een stageboek moet bijhouden;
  Deze stage dient ten minste uit volgende onderdelen te bestaan :
  a) polikliniek : heelkunde, orthopedie en traumatologie, neurologie, fysische geneeskunde, dermatologie en inwendige ziekten, voor zover deze betrekking hebben op vasculaire pathologie, systeemaandoeningen, metabole aandoeningen en geriatrie;
  b) operatiezaal; assistentie in de chirurgie van de onderste ledematen;
  c) technische stages in verband met het vervaardigen van technische hulpmiddelen;
  3° hun beroepskennis en -vaardigheden via permanente vorming onderhouden en bijwerken, om een beroepsuitoefening op een optimaal kwaliteitsniveau mogelijk te maken. De kandidaat dient dit te allen tijde te kunnen bewijzen.

  Art. 5. § 1. De technische prestaties, bedoeld in artikel 71, § 1, eerste lid, van voormelde gecoördineerde wet van 10 mei 2015, die door een podoloog kunnen worden uitgevoerd, zijn opgenomen in bijlage 1, in bijlage 2 en in bijlage 3 van dit besluit.
  § 2. De technische prestaties bedoeld in bijlage 1 vereisen een voorschrift van een arts.
  De technische prestaties bedoeld in bijlage 2 vereisen een voorschrift van een geneesheer van één van de volgende specialiteiten :
  1° orthopedische heelkunde;
  2° fysische geneeskunde en revalidatie;
  3° reumatologie;
  4° neurologie;
  5° neurochirurgie;
  6° pediatrie;
  7° heelkunde;
  8° plastische, reconstructieve en esthetische heelkunde;
  9° dermatologie;
  10° medische oncologie;
  11° geriatrie;
  12° inwendige geneeskunde.
  De technische prestaties bedoeld in bijlage 3 vereisen niet noodzakelijk een voorschrift van een arts.

  Art. 6. § 1. De technische prestaties bedoeld in bijlage 1 en in bijlage 2 worden verricht indien er een geschreven, eventueel elektronisch of via telefax, omstandig geneeskundig voorschrift voorhanden is.
  § 2. Bij het geschreven geneeskundig voorschrift houdt de arts rekening met de volgende regels :
  1° het voorschrift wordt voluit geschreven : enkel gestandaardiseerde afkortingen mogen worden gebruikt;
  2° het voorschrift wordt duidelijk leesbaar neergeschreven op het daartoe bestemde document, dat deel uitmaakt van het medisch dossier;
  3° bij verwijzing naar een staand order of een procedure, wordt de overeengekomen benaming of nummering ervan vermeld;
  4° het voorschrift bevat de naam en voornaam van de patiënt, de naam, de datum en de handtekening van de arts, alsook zijn RIZIV-nummer;
  5° bij het voorschrijven van geneesmiddelen worden volgende aanduidingen vermeld :
  a) de naam van de specialiteit (algemene internationale benaming en/of de commerciële benaming); het magistraal voorschrift; het voorschrift op stofnaam;
  b) de hoeveelheid en de posologie;
  c) de eventuele concentratie in de oplossing;
  d) de toedieningswijze;
  e) de toedieningsperiode of de frequentie.
  § 3. De voorgeschreven technische prestaties moeten behoren tot de normale kennis en bekwaamheid van de podoloog.
  § 4. De technische prestaties bedoeld in bijlage 1 en bedoeld in bijlage 2 vereisen steeds de opstelling en de verzending door de podoloog aan de voorschrijvende arts van :
  1° een definitief verslag en
  2° een tussentijds verslag wanneer de risicoklasse van de voet is gewijzigd.

  Art. 7. § 1. De handelingen die met toepassing van artikel 23, § 1, eerste lid, van voormelde gecoördineerde wet van 10 mei 2015 aan een podoloog kunnen worden toevertrouwd, zijn opgenomen in bijlage 4, bijlage 5 en in bijlage 6.
  § 2. De handelingen bedoeld in bijlage 4 worden aan een podoloog door een arts toevertrouwd.
  De handelingen bedoeld in bijlage 5 mogen uitsluitend aan een podoloog worden toevertrouwd door een geneesheer van één van de volgende specialiteiten :
  1° orthopedische heelkunde;
  2° fysische geneeskunde en revalidatie;
  3° reumatologie;
  4° neurologie;
  5° neurochirurgie;
  6° pediatrie;
  7° heelkunde;
  8° plastische, reconstructieve en esthetische heelkunde;
  9° dermatologie;
  10° medische oncologie;
  11° geriatrie;
  12° inwendige geneeskunde.
  De handelingen bedoeld in bijlage 6 mogen uitsluitend aan een podoloog worden toevertrouwd door een geneesheer van één van de volgende specialiteiten :
  1° orthopedische heelkunde;
  2° neurochirurgie;
  3° heelkunde;
  4° plastische, reconstructieve en esthetische heelkunde.

  Art. 8. § 1. De toevertrouwde handelingen worden opgedragen door middel van :
  1° een geschreven, eventueel elektronisch of via telefax, omstandig geneeskundig voorschrift of
  2° een mondeling geformuleerd omstandig geneeskundig voorschrift, eventueel telefonisch, radiofonisch of via webcam meegedeeld.
  § 2. Bij het geschreven geneeskundig voorschrift houdt de arts rekening met de volgende regels :
  1° het voorschrift wordt voluit geschreven : enkel gestandaardiseerde afkortingen mogen worden gebruikt;
  2° het voorschrift wordt duidelijk leesbaar neergeschreven op het daartoe bestemde document, dat deel uitmaakt van het medisch dossier;
  3° bij verwijzing naar een staand order of een procedure, wordt de overeengekomen benaming of nummering ervan vermeld;
  4° het voorschrift bevat de naam en voornaam van de patiënt, de naam, de datum en de handtekening van de arts, alsook zijn RIZIV-nummer;
  5° bij het voorschrijven van geneesmiddelen worden volgende aanduidingen vermeld :
  a) de naam van de specialiteit (algemene internationale benaming en/of de commerciële benaming); het magistraal voorschrift; het voorschrift op stofnaam;
  b) de hoeveelheid en de posologie;
  c) de eventuele concentratie in de oplossing;
  d) de toedieningswijze;
  e) de toedieningsperiode of de frequentie.
  § 3. Bij het voorschrift door de arts aan de podoloog mondeling medegedeeld en in aanwezigheid van de arts uit te voeren, herhaalt de podoloog het voorschrift en verwittigt hij de arts wanneer hij het uitvoert. De arts bevestigt zo spoedig mogelijk schriftelijk het voorschrift.
  § 4. De toevertrouwde handelingen moeten behoren tot de normale kennis en bekwaamheid van de podoloog.
  § 5. De toevertrouwde handelingen bedoeld in bijlage 2. a), in bijlage 2. b) en bijlage 2. c) vereisen steeds de opstelling en de verzending door de podoloog aan de voorschrijvende arts van :
  1° een definitief verslag en
  2° een tussentijds verslag wanneer de risicoklasse van de voet is gewijzigd.

  Art. 9. Het koninklijk besluit van 15 oktober 2001 betreffende de beroepstitel en de kwalificatievereisten voor de uitoefening van het beroep van podoloog en houdende vaststelling van de lijst van de technische prestaties en van de lijst van handelingen waarmee de podoloog door een arts kan worden belast wordt opgeheven.

  Art. 10. De prestaties bedoeld in het enig artikel, 1°, b), d) of f), van bijlage 1, verricht ter opvolging van dezelfde prestatie eerder reeds verricht op basis van een geneeskundig voorschrift overeenkomstig artikel 5, § 2, eerste of tweede lid, mogen slechts uitgevoerd worden voor zover deze opvolging beperkt blijft tot een periode van maximum twaalf maanden na het laatste geneeskundig voorschrift of vanaf de risicoklasse van de voet wijzigt.

  Art. 11. De prestaties bedoeld in het enig artikel, 1°, i), van bijlage 2, verricht ter opvolging van dezelfde prestatie eerder reeds verricht op basis van een geneeskundig voorschrift overeenkomstig artikel 5, § 2, eerste of tweede lid, mogen slechts uitgevoerd worden voor zover deze opvolging beperkt blijft tot een periode van maximum twaalf maanden na het laatste geneeskundig voorschrift of vanaf de risicoklasse van de voet wijzigt.

  Art. 12. De minister bevoegd voor Volksgezondheid is belast met de uitvoering van dit besluit.

  BIJLAGEN.

  Art. N1. Bijlage 1
  Technische prestaties 1
  Artikel 1. Enig artikel. Onderstaande technische prestaties mogen door podologen worden verricht met toepassing van artikel 71, § 1, eerste lid, van de gecoördineerde wet van 10 mei 2015 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen :
  1° betreffende de risicovoet (voor wat betreft de diabetische voet tot en met risicoklasse 2a), de posttraumatische voet en de postchirurgische voet :
  a) screening, advies en educatie;
  b) basisconsultatie in functie van het podologisch bilan;
  c) podologische behandelingsmethoden waarvan orthonyxie, onychonyxie en onychoplastie voor zover er geen lokale topica op geneeskundig voorschrift vereist zijn;
  d) biomechanisch en biometrisch onderzoek; bewegingsanalyse met inbegrip van gang en loopanalyse;
  e) aseptische wondzorg.

  Art. N2. Bijlage 2
  Technische prestaties 2
  Enig artikel. Onderstaande technische prestaties mogen door podologen worden verricht met toepassing van artikel 71, § 1, eerste lid, van de gecoördineerde wet van 10 mei 2015 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen :
  1° betreffende de risicovoet (voor wat betreft de diabetische voet tot en met risicoklasse 2a), de posttraumatische voet en de postchirurgische voet :
  a) vervaardigen, afleveren en herstellen van podologische zolen;
  2° betreffende de diabetische voet vanaf risicoklasse 2b :
  a) screening, advies en educatie;
  b) basisconsultatie in functie van het podologisch bilan;
  c) podologische behandelingsmethoden waarvan orthonyxie, onychonyxie en onychoplastie voor zover er geen lokale topica op geneeskundig voorschrift vereist zijn;
  d) biomechanisch en biometrisch onderzoek; bewegingsanalyse met inbegrip van gang en loopanalyse;
  e) aseptische wondzorg;
  f) vervaardigen, afleveren en herstellen van podologische zolen.

  Art. N3. Bijlage 3
  Technische prestaties 3
  Enig artikel. Onderstaande technische prestaties mogen door podologen worden verricht met toepassing van artikel 71, § 1, eerste lid, van de gecoördineerde wet van 10 mei 2015 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen :
  1° betreffende de niet-risicovoet en de voet met een functionele stoornis :
  a) screening, advies en educatie;
  b) basisconsultatie in functie van het podologisch bilan;
  c) podologische behandelingsmethoden waarvan orthonyxie, onychonyxie en onychoplastie voor zover er geen lokale topica op geneeskundig voorschrift vereist zijn;
  d) biomechanisch en biometrisch onderzoek; bewegingsanalyse met inbegrip van gang en loopanalyse;
  e) aseptische wondzorg;
  f) vervaardigen, afleveren en herstellen van podologische zolen.

  Art. N4. Bijlage 4
  Toevertrouwde handelingen 1
  Enig artikel. Onderstaande handelingen kunnen, met toepassing van artikel 23, § 1, eerste lid, van de gecoördineerde wet van 10 mei 2015 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen, worden toevertrouwd aan een podoloog :
  1° wanneer er een wonde en/of ontsteking aanwezig is bij de niet-risicovoet, de risicovoet (voor wat betreft de diabetische voet tot en met risicoklasse 2a), de voet met een functionele stoornis, de posttraumatische voet en de postchirurgische voet :
  a) instrumentele behandeling;
  b) onychonyxie; onychoplastie; orthonyxie waarbij lokale topica op geneeskundig voorschrift vereist zijn;
  c) toediening van topica en contactverdoving ter behandeling van een nagelafwijking;
  d) aseptische wondzorg.

  Art. N5. Bijlage 5
  Toevertrouwde handelingen 2
  Enig artikel. Onderstaande handelingen kunnen, met toepassing van artikel 23, § 1, eerste lid, van de gecoördineerde wet van 10 mei 2015 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen, worden toevertrouwd aan een podoloog :
  1° wanneer er een wonde en/of ontsteking aanwezig is bij de niet-risicovoet, de voet met een functionele stoornis en de risicovoet (voor wat betreft de diabetische voet tot en met risicoklasse 2a) :
  a) algemene wondzorg;
  b) verwijderen en/of terug aanleggen van een gips of gipsvervangend materiaal of verbanden;
  c) verwijderen en/of terug aanleggen van spalken;
  2° wanneer er een wonde en/of ontsteking aanwezig is bij de diabetische voet vanaf risicoklasse 2b :
  a) instrumentele behandeling;
  b) algemene wondzorg;
  c) onychonyxie; onychoplastie; orthonyxie waarbij lokale topica op geneeskundig voorschrift vereist zijn;
  d) toediening van topica en contactverdoving ter behandeling van een nagelafwijking;
  e) verwijderen en/of terug aanleggen van een gips of gipsvervangend materiaal of verbanden;
  f) verwijderen en/of terug aanleggen van spalken;
  3° wanneer er een wonde en/of ontsteking aanwezig is bij de posttraumatische voet en de postchirurgische voet :
  a) algemene wondzorg;
  b) verwijderen van percutaan osteosynthese materiaal;
  c) verwijderen en/of terug aanleggen van een gips of gipsvervangend materiaal of verbanden;
  d) verwijderen en/of terug aanleggen van spalken.

  Art. N6. Bijlage 6
  Toevertrouwde handelingen 3
  Enig artikel. Onderstaande handelingen kunnen, met toepassing van artikel 23, § 1, eerste lid, van de gecoördineerde wet van 10 mei 2015 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen, worden toevertrouwd aan een podoloog :
  1° betreffende de chirurgische voet :
  a) assistentie en instrumentatie in de chirurgie;
  b) aanleggen van een gips of gipsvervangend materiaal of verbanden;
  c) aanleggen van spalken.
  

Handtekening Tekst Inhoudstafel Begin
   Gegeven te Brussel, 7 maart 2016.
FILIP
Van Koningswege :
De Minister van Volksgezondheid,
Mevr. M. DE BLOCK

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   FILIP, Koning der Belgen,
   Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
   Gelet op de gecoördineerde wet van 10 mei 2015 betreffende de uitoefening van de gezondheidsberoepen, artikel 23, § 1, eerste en derde lid, artikel 70 en artikel 71;
   Gelet op het koninklijk besluit van 15 oktober 2001 betreffende de beroepstitel en de kwalificatievereisten voor de uitoefening van het beroep van podoloog en houdende vaststelling van de lijst van de technische prestaties en van de lijst van handelingen waarmee de podoloog door een arts kan worden belast;
   Gelet op het advies van de Nationale Raad van de Paramedische Beroepen van 24 oktober 2012;
   Gelet op het eensluidend advies nr. 2013/01 van de Technische Commissie voor de paramedische beroepen van 23 september 2013;
   Gelet op de adviezen van de inspecteur van Financiën, gegeven op 20 maart 2014 en 10 november 2015;
   Gelet op de adviezen nr. 56.070/2 en nr. 58.618/2 van de Raad van State, respectievelijk gegeven op 12 mei 2014 en op 5 januari 2016, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
   Op de voordracht van de minister van Volksgezondheid,
   Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Begin Eerste woord Laatste woord Aanhef
Inhoudstafel
Franstalige versie