J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Aanhef
Parlementaire werkzaamheden Inhoudstafel
Handtekening Einde Franstalige versie
 
belgiėlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State Kamer van volksvertegenwoordigers
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/wet/2015/07/08/2015011286/justel

Titel
8 JULI 2015. - Wet tot wijziging van de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige produkten en andere door middel van leidingen

Bron :
ECONOMIE, KMO, MIDDENSTAND EN ENERGIE
Publicatie : 16-07-2015 nummer :   2015011286 bladzijde : 46239   BEELD
Dossiernummer : 2015-07-08/01
Inwerkingtreding : 26-07-2015

Inhoudstafel Tekst Begin
Art. 1-7

Tekst Inhoudstafel Begin
Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 74 van de Grondwet.

  Art. 2. In artikel 1 van de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 8 mei 2014 wordt een 25° sexies ingevoegd, luidende :
  "25° sexies : "Verordening (EU) nr. 312/2014" : de Verordening (EU) nr. 312/2014 van de Commissie van 26 maart 2014 tot vaststelling van een netcode inzake gasbalancering van transmissienetten;".

  Art. 3. In hoofdstuk IV van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 8 mei 2014, wordt een afdeling III ingevoegd, luidende :
  "Afdeling III. Gemeenschappelijke balancerings-onderneming".

  Art. 4. In afdeling III, ingevoegd bij artikel 3, wordt een artikel 15/2bis ingevoegd, luidende :
  "Art. 15/2bis. § 1. Onverminderd artikel 15/2quater kan de beheerder van het aardgasvervoersnet het beheer voor het in evenwicht houden van het aardgasvervoersnet aan een gemeenschappelijke onderneming, opgericht met één of meerdere beheerders van aardgasvervoersnetten van andere lidstaten, overdragen. Enkel de beheerder van het aardgasvervoersnet en de beheerders van de aardgasvervoersnetten van één of meerdere lidstaten, die gecertificeerd zijn overeenkomstig de artikelen 9 en 10, van de Richtlijn 2009/73/EG of die ontheven zijn van certificering overeenkomstig artikel 49, (6), van de Richtlijn 2009/73/EG, kunnen deelnemen aan de bedoelde gemeenschappelijke onderneming.
  § 2. De gemeenschappelijke onderneming wordt opgericht onder de vorm van een naamloze vennootschap met maatschappelijke zetel gevestigd in een lidstaat van de Europese Economische Ruimte.
  De artikelen 8/3, § 1/1, derde tot vijfde lid, 8/4 en 8/5 zijn van toepassing op de gemeenschappelijke onderneming.
  § 3. De gemeenschappelijke onderneming ontwerpt en implementeert een nalevingsprogramma met de maatregelen die moeten worden genomen om discriminerend en concurrentieverstorend gedrag uit te sluiten. Dit nalevingsprogramma noemt de specifieke verplichtingen op, die opgelegd zijn aan de werknemers, opdat de doelstelling van uitsluiting van discriminerend en concurrentieverstorend gedrag behaald wordt.
  Het nalevingsprogramma bepaalt eveneens de te nemen voorzorgen door de gemeenschappelijke onderneming teneinde de vertrouwelijkheid te bewaren van de commerciėle gegevens betreffende de netgebruikers actief in de balanceringszone waarvoor de gemeenschappelijke onderneming de verantwoordelijkheid draagt.
  Het nalevingsprogramma wordt ter goedkeuring voorgelegd aan het ACER na advies van de Commissie.
  Elke wijziging van het nalevingsprogramma wordt ter goedkeuring voorgelegd aan het ACER na advies van de Commissie.".

  Art. 5. In dezelfde afdeling III wordt een artikel 15/2ter ingevoegd, luidende :
  "Art. 15/2ter. § 1. De gemeenschappelijke onderneming als bedoeld in artikel 15/2bis benoemt, na goedkeuring van de Commissie, een natuurlijke of rechtspersoon, "nalevingsfunctionaris" genoemd.
  De Commissie kan de goedkeuring, als bedoeld in het eerste lid, weigeren vanwege een gebrek aan onafhankelijkheid of aan beroepsbekwaamheid.
  Indien een aandeelhouder van de gemeenschappelijke onderneming een beheerder van een aardgasvervoersnet in een andere lidstaat is, die deel uitmaakt van een verticaal geļntegreerd bedrijf, mag de nalevingsfunctionaris in het jaar voor zijn benoeming door de gemeenschappelijke onderneming, direct noch indirect, een professionele activiteit of verantwoordelijkheid uitgeoefend hebben, geen belang of zakelijke betrekkingen gehad hebben met een vestiging van het verticaal geļntegreerd bedrijf dat functies van productie of levering verricht of een onderdeel daarvan en/of met de aandeelhouders die er zeggenschap over uitoefenen, andere dan de beheerder van een aardgasvervoersnet. Dit verbod geldt ook na beėindiging van de benoeming gedurende ten minste achttien maanden.
  De voorwaarden betreffende het mandaat of de arbeidsvoorwaarden, met inbegrip van de duur van zijn mandaat, van de nalevingsfunctionaris worden voor goedkeuring voorgelegd aan de Commissie. Deze voorwaarden waarborgen de onafhankelijkheid van de nalevingsfunctionaris, onder meer door hem te voorzien van alle middelen die nodig zijn om zijn taken te vervullen. Het mandaat van de nalevingsfunctionaris kan drie jaar niet overschrijden en mag hernieuwd worden.
  Tijdens de volledige duur van zijn mandaat mag de nalevingsfunctionaris - direct noch indirect - een professionele positie, verantwoordelijkheid of belang hebben in de aandeelhouders van de gemeenschappelijke onderneming of in de aandeelhouders die er zeggenschap over uitoefenen.
  De Commissie geeft instructie aan de gemeenschappelijke onderneming om de nalevingsfunctionaris in geval van gebrek aan onafhankelijkheid of beroepsbekwaamheid te ontheffen van zijn functie.
  § 2. De nalevingsfunctionaris woont alle relevante vergaderingen van de gemeenschappelijke onderneming bij, in het bijzonder wanneer het balanceringsmodel wordt behandeld, specifiek betreffende de tarieven, het balanceringscontract, de transparantie, de balancering, aankoop en verkoop van energie die nodig is voor het netevenwicht van de balanceringszone waarvoor de gemeenschappelijke onderneming verantwoordelijk is.
  De nalevingsfunctionaris heeft zonder voorafgaande aankondiging toegang tot alle relevante gegevens, tot de kantoren van de gemeenschappelijke onderneming en tot alle informatie die voor de uitvoering van zijn taken noodzakelijk is.
  § 3. De nalevingsfunctionaris wordt belast met de volgende taken :
  1° toezien op de tenuitvoerlegging van het nalevingsprogramma door de gemeenschappelijke onderneming;
  2° opstellen van een verslag over de commerciėle en financiėle betrekkingen tussen de gemeenschappelijke onderneming en het verticaal geļntegreerde bedrijf of een onderdeel ervan en/of met de aandeelhouders die er zeggenschap over uitoefenen, anders dan de vervoersnetbeheerder. Zo nodig formuleert de nalevingsfunctionaris aanbevelingen over het nalevingsprogramma en somt de maatregelen op die zijn genomen in uitvoering van het nalevingsprogramma. Dit verslag wordt uiterlijk op 1 maart van elk jaar aan de Commissie meegedeeld;
  3° de Commissie onverwijld in kennis stellen van elke inbreuk bij de uitvoering van het nalevingsprogramma.".

  Art. 6. In dezelfde afdeling III wordt een artikel 15/2quater ingevoegd, luidende :
  "Art. 15/2quater. § 1. In het geval dat de beheerder van het aardgasvervoersnet het beheer voor het in evenwicht houden van het aardgasvervoersnet aan een gemeenschappelijke onderneming overdraagt, overeenkomstig artikel 15/2bis, blijft de beheerder van het aardgasvervoersnet verantwoordelijk voor de systeemintegriteit en het operationeel beheer van zijn net inbegrepen de incidenten en de noodsituaties, waarvoor hij de specifieke maatregelen ten uitvoer legt die voorzien zijn in deze wet, de Verordening (EU) nr. 994/2010 en de uitvoeringsbesluiten.
  § 2. Elke wijziging of uitbreiding van de balanceringszone waarvan het beheer voor het behoud van het evenwicht van het aardgasvervoersnet aan een gemeenschappelijke onderneming wordt overgedragen overeenkomstig artikel 15/2bis, eerste lid, is slechts effectief als ze door de beheerder van het aardgasvervoersnet genotificeerd is bij de Federale instantie voor de bevoorradingszekerheid inzake aardgas bedoeld in artikel 15/13, § 6, uiterlijk binnen een periode van zes maanden voor haar inwerkingtreding.
  Deze kennisgeving omvat ten minste de volgende elementen :
  1° een volledige beschrijving van de wijziging of uitbreiding van de voorgestelde balanceringszone;
  2° het detail van de impact van deze wijziging op de rol, de taken en verantwoordelijkheden van de beheerder van het aardgasvervoersnet; en
  3° een volledige beoordeling van de gevolgen van deze wijziging voor de bevoorradingszekerheid van het land en het werk van monitoring hiervan dat continu moet kunnen worden uitgevoerd door de bevoegde autoriteit.
  De tenuitvoerlegging door de gemeenschappelijke onderneming van een balanceringszone die de grenzen van Belgiė overschrijdt, alsook elke wijziging of uitbreiding van een dergelijke grensoverschrijdende balanceringszone, mag de bevoorradingszekerheid van Belgiė op geen enkele wijze negatief beļnvloeden, geen afbreuk doen aan de ter beschikking stelling door de beheerder van het aardgasvervoersnet van real-time data, die het de bevoegde overheid mogelijk maken om een constante monitoring van de bevoorradingszekerheid te garanderen, noch de soevereine uitoefening door de Federale instantie voor de bevoorradingszekerheid inzake aardgas bepaald in artikel 15/13, § 6, van zijn bevoegdheden beperken in de domeinen als bedoeld in deze wet en de Verordening (EU) nr. 994/2010.".

  Art. 7. In dezelfde afdeling III wordt een artikel 15/2quinquies ingevoegd, luidende :
  "Art. 15/2quinquies. § 1. Op de gemeenschappelijke onderneming zijn van toepassing de Verordening (EU) nr. 312/2014, evenals alle bepalingen van deze wet en haar uitvoeringsbesluiten die verband houden met balanceringsactiviteiten van de gemeenschappelijke onderneming als bedoeld in artikel 15/2bis, voor zover deze niet strijdig zijn met de Verordening (EU) nr. 312/2014.
  Op de gemeenschappelijke onderneming zijn in het bijzonder van toepassing de artikelen 15/16, 15/18, 15/18bis, 15/20, 15/20bis, 15/21, 15/22, 18, 19, 19bis, 20, 20/1, 20/1bis, 20/2 en 23.
  § 2. De Commissie is, ten aanzien van de gemeenschappelijke onderneming, als bedoeld in artikel 15/2bis, bevoegd voor de uitvoering van de taken opgenoemd in artikel 15/14, § 2, tweede lid, met uitzondering van punten 26°, 30°, 31°, 32° en 33°, voor zover zij verband houden met balanceringsactiviteiten uit te voeren door de gemeenschappelijke onderneming.
  De Commissie bekrachtigt, op voorstel van de gemeenschappelijke onderneming :
  1° het balanceringscontract en, in voorkomend geval, de balanceringscode die de rechten en verplichtingen van de gemeenschappelijke onderneming en de netgebruikers in het kader van de balanceringsactiviteit beheerst.
  Het balanceringscontract en, in voorkomend geval, de balanceringscode bevatten in elk geval op gedetailleerde wijze :
  a) de definities van de in het balanceringscontract gebruikte terminologie;
  b) het voorwerp van het balanceringscontract;
  c) de voorwaarden waaraan de balanceringsactiviteit door de gemeenschappelijke onderneming geleverd wordt;
  d) de rechten en plichten verbonden aan de geleverde balanceringsactiviteit;
  e) de facturatie en betalingsmodaliteiten;
  f) de financiėle garanties en andere waarborgen;
  g) de bepalingen inzake de aansprakelijkheid van de gemeenschappelijke onderneming en de netgebruikers;
  h) de impact van situaties van overmacht op de rechten en plichten van de partijen;
  i) de bepalingen in verband met de verhandelbaarheid en overdracht van het balanceringscontract;
  j) de duur van het balanceringscontract;
  k) de bepalingen inzake opschorting en opzeg van het balanceringscontract, met uitzondering van uitdrukkelijk ontbindende bedingen in hoofde van de gemeenschappelijke onderneming;
  l) overeengekomen vormen inzake kennisgevingen tussen partijen;
  m) de bepalingen die van toepassing zijn wanneer de netgebruiker foutieve en onvolledige informatie geeft;
  n) het stelsel van geschillenregeling;
  o) het toepasselijke recht;
  p) de regels en procedures die van toepassing zijn op de geļntegreerde balanceringszone en het balanceringsmodel.
  2° het balanceringsprogramma, dat het balanceringsmodel beschrijft;
  3° de balanceringstarieven.
  Het voorstel van het balanceringscontract, van het balanceringsprogramma en van de balanceringscode, evenals de eventuele wijzigingen ervan, worden door de gemeenschappelijke onderneming opgesteld na raadpleging door deze laatste van de netgebruikers. Daartoe richt de gemeenschappelijke onderneming een overlegstructuur op binnen dewelke zij de netgebruikers kan ontmoeten. De gemeenschappelijke onderneming stelt een verslag op over de raadpleging dat zij toevoegt aan de documenten die ter goedkeuring worden voorgelegd. Voor zover dat de gemeenschappelijke onderneming nog niet zou zijn opgericht ten tijde van de eerste raadpleging van de netgebruikers inzake het balanceringscontract, het balanceringsprogramma en de balanceringscode, zal deze raadpleging worden uitgevoerd door de beheerder van het aardgasvervoersnet. De Commissie kan, rekening houdend met gewijzigde marktomstandigheden, met inbegrip van nieuwe of gewijzigde wet- of regelgeving, en/of met haar evaluatie van de marktwerking, de gemeenschappelijke onderneming de opdracht geven het goedgekeurde balanceringscontract, het balanceringsprogramma en de balanceringscode aan te passen en daartoe een voorstel tot wijziging ter goedkeuring voor te leggen aan haar.
  Artikel 15/5bis, §§ 1, 7 en 8, 10 en 11, 13 en 14, is mutatis mutandis van toepassing op het tariefvoorstel ingediend door de gemeenschappelijke onderneming, op de balanceringstarieven en op hun goedkeuring door de Commissie.
  § 3. Wanneer een balanceringszone de grenzen van Belgiė overschrijdt, werkt de Commissie onderling samen met ACER en met de regulerende instanties van de betrokken lidstaten om toezicht te houden op het in evenwicht houden van deze balanceringszone.
  De Commissie en de bevoegde regulerende instanties van de andere betrokken lidstaten kunnen een akkoord afsluiten in toepassing van artikel 15/14quater, § 1, vierde lid, met het oog op de regulering van de voornoemde gemeenschappelijke onderneming.".

Handtekening Tekst Inhoudstafel Begin
   Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
Gegeven te Brussel, 8 juli 2015.
FILIP
Van Koningswege :
De minister van Energie, Leefmilieu en Duurzame Ontwikkeling,
Mevr. M.C. MARGHEM
Met 's Lands zegel gezegeld :
De Minister van Justitie,
K. GEENS

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   FILIP, Koning der Belgen,
   Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
   De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt :

Parlementaire werkzaamheden Tekst Inhoudstafel Begin
    Kamer van volksvertegenwoordigers : (www.dekamer.be) Stukken : 54-1127 (2014/2015) Integraal verslag : 25 juni en 1 juli 2015.

Begin Eerste woord Laatste woord Aanhef
Parlementaire werkzaamheden Inhoudstafel
Franstalige versie