J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Aanhef
Verslag aan de Koning Inhoudstafel
Handtekening Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/besluit/2014/12/19/2015200151/justel

Titel
19 DECEMBER 2014. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor de kerninstallaties, voor wat betreft de uitbreiding van het toepassingsgebied

Bron :
BINNENLANDSE ZAKEN
Publicatie : 23-01-2015 nummer :   2015200151 bladzijde : 6107       PDF :   originele versie    
Dossiernummer : 2014-12-19/88
Inwerkingtreding : 02-02-2015

Inhoudstafel Tekst Begin
Art. 1-6

Tekst Inhoudstafel Begin
Artikel 1. Dit besluit voorziet in de gedeeltelijke omzetting van de Richtlijn 2009/71/Euratom van 25 juni 2009 tot vaststelling van een communautair kader voor de nucleaire veiligheid van kerninstallaties.

  Art. 2. Artikel 2 van het koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor de kerninstallaties wordt vervangen als volgt :
  " Hoofdstuk 2 van dit besluit is van toepassing op de inrichtingen van klasse I, omschreven in artikel 3.1. a) van het Algemeen reglement.
  Hoofdstuk 3 van dit besluit is van toepassing op de kernreactoren voor de elektriciteitsproductie. "

  Art. 3. In hetzelfde besluit wordt artikel 34 als volgt gewijzigd :
  a) In het eerste lid worden de woorden "en van de artikelen 17.3; 17.4 derde en vierde lid; 29.1 eerste, tweede, derde, vijfde en achtste lid; 29.3 eerste, vierde, en zesde lid; 32.2 die in werking treden op 1 januari 2016" geschrapt.
  b) Het tweede lid wordt geschrapt.

  Art. 4. In hetzelfde besluit, wordt een artikel 35 ingevoegd luidende als volgt :
  " Art. 35. Overgangsbepalingen
  De kernreactoren voor elektriciteitsproductie voldoen vanaf 1 januari 2016 aan de artikelen 17.3, 17.4, derde en vierde lid, 29.1, eerste, tweede, derde, vijfde en achtste lid, 29.3, eerste, vierde en zesde lid en 32.2. "
  De andere inrichtingen van klasse I, omschreven in artikel 3.1, a), van het Algemeen reglement, die vergund waren voor 1 januari 2011, voldoen vanaf 1 januari 2016 aan de artikelen 8.2 tot en met 8.4, 9.2 tot en met 9.6, 10.1 tot en met 10.3, 12.2, 12.3, 17.1 tot en met 17.6 en vanaf 1 januari 2019 aan de artikelen 7.3 tot en met 7.6. "

  Art. 5. In hetzelfde besluit, wordt artikel 36 ingevoegd luidende als volgt :
  " Art. 36. Uitvoeringsbepaling
  Onze Minister tot wiens bevoegdheid de Binnenlandse Zaken behoren, is belast met de uitvoering van dit besluit. "

  Art. 6. Onze minister bevoegd voor de Binnenlandse Zaken is belast met de uitvoering van dit besluit.

Handtekening Tekst Inhoudstafel Begin
   Gegeven te Brussel, 19 december 2014.
FILIP
Van Koningswege :
De Minister van Binnenlandse Zaken,
J. JAMBON

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   FILIP, Koning der Belgen,
   Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
   Gelet op de Grondwet, artikel 108;
   Gelet op de wet van 15 april 1994 betreffende de bescherming van de bevolking en van het leefmilieu tegen de uit ioniserende stralingen voortspruitende gevaren en betreffende het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle, de artikelen 3 en 28, gewijzigd bij de wet van 2 april 2003;
   Gelet op het koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor de kerninstallaties;
   Gelet op de impactanalyse van de regelgeving, uitgevoerd overeenkomstig de artikels 6 en 7 van de wet van 15 december 2013 houdende diverse bepalingen inzake administratieve vereenvoudiging;
   Gelet op de adviezen van de Inspectie van financiën, gegeven op 25 maart 2014 en 16 april 2014;
   Gelet op het akkoord van de Minister van Begroting, verleend op 23 april 2014;
   Gelet op het advies 56.268/3 van de Raad van State, gegeven op 16 juni 2014, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2° van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
   Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en op het advies van Onze in Raad vergaderde Ministers,
   Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Verslag aan de Koning Tekst Inhoudstafel Begin
   VERSLAG AAN DE KONING
   Sire,
   Ik heb de eer ter ondertekening van Uwe Majesteit een besluit voor te leggen tot uitbreiding van het toepassingsgebied van het koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor de kerninstallaties.
   1. Inleiding
   Het koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor de kerninstallaties heeft gezorgd voor de opname in een nationale regelgeving van de referentieniveaus die door WENRA (" Western European Nuclear Regulator Association ") waren ontwikkeld voor bestaande kernreactoren. De tekst van het besluit van 2011 bestaat uit een generiek gedeelte dat zal worden aangevuld met installatie-specifieke voorschriften. In hoofdstuk 2 van het besluit worden op generieke wijze veiligheidsvoorschriften geformuleerd die gemeenschappelijk zijn voor alle nucleaire installaties en die handelen over het ontwerp van de installatie, de uitbating ervan, de verificatie van de veiligheid en de anticipatie op mogelijke noodsituaties. In de daarna volgende hoofdstukken van het besluit zullen bijzondere voorschriften worden opgenomen per type van nucleaire installatie. Momenteel bevat het besluit enkel een specifiek hoofdstuk voor kernreactoren voor elektriciteitsproductie. Het zal later worden aangevuld met andere hoofdstukken, voor andere types van installaties (inrichtingen voor opslag van radioactief afval en splijtstoffen, voor eindberging, voor onderzoeksreactoren,..).
   De generieke voorschriften van hoofdstuk 2 zijn van toepassing op alle nieuw vergunde nucleaire inrichtingen van klasse I, zoals omschreven in het Algemeen Reglement op de bescherming van de bevolking, van de werknemers en het leefmilieu tegen het gevaar van de ioniserende straling (ARBIS - koninklijk besluit van 20 juli 2001), hetzij alle inrichtingen van klasse I vergund na 1 januari 2011.
   Het is van meet af aan de bedoeling geweest om de voorschriften van hoofdstuk 2 geleidelijk toepasselijk te laten worden op alle inrichtingen van klasse I, ongeacht de datum waarop de oprichtingsvergunning werd verleend, weliswaar na de nodige overgangsbepalingen. De uitbreiding van het toepassingsgebied van hoofdstuk 2 vormt het voorwerp van onderhavig ontwerpbesluit.
   Dit besluit kan worden beschouwd als een gedeeltelijke omzetting van de Europese Richtlijn 2009/71/Euratom van 25 juni 2009 tot vaststelling van een communautair kader voor de nucleaire veiligheid van kerninstallaties, vermits het in de praktijk zorgt voor een verhoging van het veiligheidsniveau in alle risicovolle inrichtingen van klasse I en het draagt aldus bij tot het bereiken van de doelstelling van de richtlijn en het Verdrag inzake Nucleaire Veiligheid. Volgens artikel 10 2) van deze richtlijn, zal dit besluit medegedeeld worden aan de Europese Commissie.
   2. Inhoud van het ontwerpbesluit
   Artikel 2 wijzigt artikel 2 van het koninklijk besluit van 30 november 2011 voor wat betreft het toepassingsgebied : dit wordt voortaan vereenvoudigd, gezien alle bepalingen van hoofdstuk 2 van toepassing worden verklaard op alle installaties van klasse I.
   Artikel 3 wijzigt het bestaande artikel 34 op de inwerkingtreding van de bepalingen van het koninklijk besluit van 30 november 2011.
   De overgangsbepalingen voor de installaties die momenteel reeds in uitbating zijn werden gegroepeerd in een nieuw artikel 35, geïntroduceerd door artikel 4 van dit besluit. In hetzelfde artikel worden de vigerende overgangsbepalingen voor vermogensreactoren uit het initiële besluit behouden.
   Artikel 5 introduceert een nieuw artikel 36 dat de uitvoeringsmaatregelen bevat die voordien vervat waren in artikel 34, tweede lid.
   3. Advies van de raad van state
   De raad van state heeft zijn advies op het ontwerp van besluit op 16 juni 2014 gegeven met als referentie 56.268/3. Dit advies is als bijlage toegevoegd aan dit verslag. De bemerkingen van de raad van state wijzigen niet de inhoud en hebben als doel de leesbaarheid en de transparantie te verhogen. Het ontwerp van besluit werd aangepast, rekening houdend met de bemerkingen van de raad van state. Volgend op dit advies, werden de bepalingen voor het in werking treden, de overgangsmaatregelen en de uitvoeringsmaatregelen verdeeld in 3 verschillende artikels (34 tot 36).
   Ik heb de eer te zijn,
   Sire,
   van Uwe Majesteit,
   de zeer eerbiedige,
   en zeer getrouwe dienaar
   De Minister van Binnenlandse Zaken,
   J. JAMBON
   
   Raad van State
   Afdeling Wetgeving
   Advies 56.268/3 van 16 juni 2014
   over
   een ontwerp van koninklijk besluit "tot wijziging van koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor de kerninstallaties, voor wat betreft de uitbreiding van het toepassingsgebied"
   Op 30 april 2014 is de Raad van State, afdeling Wetgeving, door de Minister van Binnenlandse Zaken verzocht binnen een termijn van dertig dagen, verlengd tot 16 juni 2014, een advies te verstrekken over een ontwerp van koninklijk besluit "tot wijziging van koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor de kerninstallaties, voor wat betreft de uitbreiding van het toepassingsgebied".
   Het ontwerp is door de derde kamer onderzocht op 3 juni 2014. De kamer was samengesteld uit Jo BAERT, kamervoorzitter, Jeroen VAN NIEUWENHOVE en Kaat LEUS, staatsraden, Lieven DENYS, assessor, en Greet VERBERCKMOES, griffier.
   Het verslag is uitgebracht door Tim CORTHAUT, auditeur.
   Het advies, waarvan de tekst hierna volgt, is gegeven op 16 juni 2014.
   1. Met toepassing van artikel 84, § 3, eerste lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, heeft de afdeling Wetgeving zich toegespitst op het onderzoek van de bevoegdheid van de steller van de handeling, van de rechtsgrond, alsmede van de vraag of aan de te vervullen vormvereisten is voldaan.
   VOORAFGAANDE OPMERKING
   2. Rekening houdend met het ogenblik waarop dit advies gegeven wordt, vestigt de Raad van State de aandacht van de regering op het feit dat de ontbinding van de Wetgevende Kamers tot gevolg heeft dat de regering sedert die datum en totdat, na de verkiezing van de Kamer van volksvertegenwoordigers, een nieuwe regering is benoemd door de Koning, niet meer over de volheid van haar bevoegdheid beschikt. Dit advies wordt evenwel gegeven zonder dat wordt nagegaan of dit ontwerp in die beperkte bevoegdheid kan worden ingepast, aangezien de afdeling Wetgeving geen kennis heeft van het geheel van de feitelijke gegevens die de regering in aanmerking kan nemen als ze te oordelen heeft of het vaststellen of het wijzigen van verordeningen noodzakelijk is.
   STREKKING VAN HET ONTWERP
   3. Het om advies voorgelegde ontwerp van koninklijk besluit strekt ertoe wijzigingen aan te brengen in het koninklijk besluit van 30 november 2011 "houdende veiligheidsvoorschriften voor de kerninstallaties".
   3.1. Aan de ene kant is het de bedoeling om het toepassingsgebied van de regeling aan te passen (zie artikel 1 van het ontwerp).
   Krachtens het huidige artikel 2 van het koninklijk besluit van 30 november 2011 zijn de hoofdstukken 2 ("Generieke veiligheidsvoorschriften") en 3 ("Specifieke veiligheidsvoorschriften voor de vermogensreactoren") van toepassing voor de kernreactoren voor de productie van elektriciteit, terwijl voor de andere inrichtingen dan kernreactoren voor de productie van elektriciteit, gedefinieerd in artikel 3.1, a), van het algemeen reglement op de bescherming van de bevolking, van de werknemers en het leefmilieu tegen het gevaar van de ioniserende stralingen, vastgesteld bij koninklijk besluit van 20 juli 2001 (hierna : algemeen reglement), volgende regeling geldt : indien het gaat om installaties die vergund zijn nà 1 januari 2011 geldt het volledige hoofdstuk 2, terwijl indien het gaat om installaties die vergund waren op 1 januari 2011, slechts de artikelen van dat hoofdstuk opgesomd in artikel 2, vierde lid, van toepassing zijn.
   Volgens het ontworpen, nieuwe artikel 2 van het koninklijk besluit van 30 november 2011 zullen de bepalingen van hoofdstuk 2 ("Generieke veiligheidsvoorschriften") van toepassing zijn op de inrichtingen van klasse I, omschreven in artikel 3.1, a), van het algemeen reglement, terwijl de bepalingen van hoofdstuk 3 van toepassing zullen zijn op de kernreactoren voor de elektriciteitsproductie. [1]
   3.2. Aan de andere kant is het de bedoeling om de regeling van inwerkingtreding aan te passen (zie artikel 2 van het ontwerp). Daardoor wordt het effect van de uitbreiding van het toepassingsgebied ten dele getemperd, in die zin dat bepaalde verplichtingen pas in werking zullen treden op 1 januari 2016 en andere op 1 januari 2019. Daartoe wordt artikel 34 van het koninklijk besluit van 30 november 2011 gewijzigd
   RECHTSGROND
   4. De rechtsgrond voor het ontworpen besluit wordt geboden door de artikelen 3 en 28 van de wet van 15 april 1994 "betreffende de bescherming van de bevolking en van het leefmilieu tegen de uit ioniserende stralingen voortspruitende gevaren en betreffende het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle". Aangezien het voormelde artikel 28 geen expliciete delegatie aan de Koning bevat, dient ook een beroep te worden gedaan op de algemene uitvoeringsbevoegdheid (artikel 108 van de Grondwet).
   VORMVEREISTEN
   5. Het ontwerp strekt tot wijziging van een besluit dat genomen is ter omzetting van Richtlijn 2009/71/Euratom van de Raad van 25 juni 2009 "tot vaststelling van een communautair kader voor de nucleaire veiligheid van kerninstallaties". Met toepassing van artikel 10, lid 2, van die richtlijn zal het te nemen besluit moeten worden meegedeeld aan de Europese Commissie.
   ONDERZOEK VAN DE TEKST
   Voorafgaande opmerkingen
   6. Vooraan in het ontwerp zal een artikel moeten worden toegevoegd waarin wordt aangegeven dat het ontworpen besluit strekt tot de gedeeltelijke omzetting van Richtlijn 2009/71/Euratom. [2]
   7. Er dient te worden op gelet dat de Nederlandse en de Franse tekst met elkaar overeenstemmen. Vergelijk in dat verband beide taalversies van het ontworpen artikel 34, § 2 (Franse tekst : "autres établissements de la Classe 1 (lees : "classe I") tels que définis à l'article 3.1 a) du Règlement général et qui étaient déjà autorisés le 1er janvier 2012"; Nederlandse tekst : "andere inrichtingen van klasse 1 (lees : "klasse I") en die vóór 1 januari 2012 vergund werden").
   Aanhef
   8. De aanhef dient in overeenstemming te worden gebracht met wat hiervoor is opgemerkt over de rechtsgrond van het ontworpen besluit.
   Artikel 2
   9. Zoals artikel 2 van het ontwerp is geconcipieerd, zal de geldende bepaling inzake de inwerkingtreding in haar geheel worden vervangen. [3] Daardoor zal niet meer duidelijk blijken dat de oorspronkelijke regeling, op enkele onderdelen na, op 1 maart 2012 in werking is getreden. Integendeel zal zelfs de indruk ontstaan dat het koninklijk besluit van 30 november 2011 in werking is getreden tien dagen na de bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad, namelijk op 31 december 2011. Met het oog op een meer transparante regeling verdient het dan ook aanbeveling om artikel 2 van het ontwerp te herzien.
   9.1. In de eerste plaats zou voor de bepalingen die reeds in werking zijn getreden, die inwerkingtreding geconsolideerd moeten worden. Bovendien blijkt uit het huidige artikel 34, eerste lid, van het koninklijk besluit van 30 november 2011 reeds dat de artikelen 29.3, eerste, vierde, en zesde lid, en 32.2 in werking treden op 1 januari 2016. Die bepaling kan dus eenvoudig behouden blijven.
   Er wordt daarom ter overweging gegeven om artikel 34 ("Inwerkingtreding") van het koninklijk besluit van 30 november 2011 niet te vervangen, maar in het eerste lid ervan het zinsdeel "17.3; 17.4 derde en vierde lid;" te schrappen.
   9.2. De bepalingen van de tweede paragraaf van het ontworpen artikel 34 ("Inwerkingtreding en overgangsbepalingen") zijn eigenlijk overgangsregelingen, die het best in een afzonderlijk artikel - een nieuw artikel 35 ("Overgangsbepalingen") - worden opgenomen. Dat artikel kan dan als volgt luiden :
   " De kernreactoren voor elektriciteitsproductie voldoen vanaf 1 januari 2016 aan de artikelen 17.3, 17.4, derde en vierde lid.
   De andere inrichtingen van klasse I, omschreven in artikel 3.1, a), van het algemeen reglement, die vóór 1 januari 2012 vergund werden (of, in overeenstemming met de Franse tekst : die vergund waren op 1 januari 2012), voldoen vanaf 1 januari 2016 aan de artikelen 8.2 tot en met 8.4, 9.2 tot en met 9.6, 10.1 tot en met 10.3, 12.2, 12.3, 17.1 tot en met 17.6 en vanaf 1 januari 2019 aan de artikelen 7.3 tot en met 7.6. " [4]-[5]
   10. Opvallend is ook dat in de ontworpen regeling een onderscheid wordt gemaakt tussen inrichtingen die vóór 1 januari 2012 vergund werden (of, volgens de Franse tekst : die vergund waren op 1 januari 2012), terwijl in de thans geldende regeling het scharnierpunt 1 januari 2011 is, zoals blijkt uit artikel 2, tweede ("die na 1 januari 2011 vergund werden") en vierde lid ("die vergund waren op 1 januari 2011"), van het koninklijk besluit van 30 november 2011. Op de vraag of niet veeleer naar 1 januari 2011 dient te worden verwezen, antwoordde de gemachtigde als volgt :
   " Er werd gekozen voor een datum van 1 januari 2012 omdat die beter overeenstemt met het werkelijk in werking treden van het basisbesluit van 30 november 2011.
   In de praktijk werden trouwens geen nieuwe inrichtingen van klasse I vergund in de periode tussen 1 januari 2011 en 1 januari 2012, zodat dit geen verschil maakt. "
   Vermits het basisbesluit in werking is getreden op 1 maart 2012 (niet : 1 januari 2012) en er in 2011 geen nieuwe inrichtingen van klasse I blijken te zijn vergund, heeft het verplaatsen van de scharnierdatum geen nut. Een wijziging in dit opzicht is ook nefast voor de transparantie van de regeling, aangezien ermee een wijziging in de temporele werking wordt gesuggereerd.
   
   ----------
   
   [1] Zoals in het huidige artikel 2 van het koninklijk besluit van 30 november 2011, wordt in het nieuwe, ontworpen artikel 2 ook bepaald dat hoofdstuk 4 ("Specifieke veiligheidsvoorschriften voor de inrichtingen voor eindberging van radioactief afval") van toepassing is op de inrichtingen voor de eindberging van radioactief afval. Dat hoofdstuk bestaat echter louter uit een opschrift en bevat geen enkele bepaling.
   [2] Beginselen van de wetgevingstechniek - Handleiding voor het opstellen van wetgevende en reglementaire teksten, Raad van State, 2008, aanbeveling nr. 94.1 en formule F 4-1-2-1, te raadplegen op de internetsite van de Raad van State (www.raadvst-consetat.be).
   [3] En ook de uitvoeringsbepaling, die immers in hetzelfde artikel is opgenomen. Het verdient aanbeveling om die uitvoeringsbepaling onder te brengen in een apart artikel - een nieuw artikel 36 ("Uitvoeringsbepaling") -, te plaatsen aan het slot van het dispositief.
   [4] Krachtens het van toepassing zijnde artikel 34 van het koninklijk besluit van 30 november 2011, treden de artikelen 17.3 en 17.4, derde en vierde lid, pas op 1 januari 2016 in werking voor alle aan de regeling onderworpen installaties. Luidens de ontworpen regeling is dit nog slechts het geval voor de kernreactoren voor elektriciteitsproductie, zodat voor de andere inrichtingen van klasse I, omschreven in artikel 3.1, a), van het algemeen reglement, die bepalingen in werking zullen treden volgens de normale regels, dat wil zeggen tien dagen na de bekendmaking van de nieuwe regels in het Belgisch Staatsblad.
   [5] Ook voor de andere inrichtingen van klasse I, omschreven in artikel 3.1, a), van het algemeen reglement, die luidens de ontworpen regeling nieuwe verplichtingen opgelegd krijgen, zullen de betrokken bepalingen in werking treden tien dagen na de bekendmaking van de nieuwe regels in het Belgisch Staatsblad. Zo bijvoorbeeld is een dergelijke vergunde inrichting waarvoor de vergunning in 2010 is afgegeven, volgens de thans geldende regeling niet onderworpen aan onder meer de artikelen 4.1, 5.5 en 7.5 van het koninklijk besluit van 30 november 2011, terwijl die artikelen volgens de ontworpen regeling wel van toepassing zullen zijn op een dergelijke inrichting.
   

Begin Eerste woord Laatste woord Aanhef
Verslag aan de Koning Inhoudstafel
Franstalige versie