J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Aanhef
Parlementaire werkzaamheden Inhoudstafel
Erratum Handtekening Einde Franstalige versie
 
belgiėlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State Kamer van volksvertegenwoordigers Senaat
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/wet/2014/06/29/2014011384/justel

Titel
29 JUNI 2014. - Wet tot wijziging van de wet van 22 juli 1985 betreffende de wettelijke aansprakelijkheid op het gebied van de kernenergie

Bron :
ECONOMIE, KMO, MIDDENSTAND EN ENERGIE
Publicatie : 18-07-2014 nummer :   2014011384 bladzijde : 54381       PDF :   originele versie    
Dossiernummer : 2014-06-29/14
Inwerkingtreding : 01-01-2016

Inhoudstafel Tekst Begin
HOOFDSTUK I. - Inleidende bepaling
Art. 1
HOOFDSTUK II. - Bepalingen tot wijziging van de wet van 22 juli 1985 betreffende de wettelijke aansprakelijkheid op het gebied van kernenergie
Art. 2-30
HOOFDSTUK III. - Bepaling tot wijziging van het Gerechtelijk Wetboek
Art. 31
HOOFDSTUK IV. - Overgangsbepaling
Art. 32
HOOFDSTUK V. - Slotbepaling
Art. 33

Tekst Inhoudstafel Begin
HOOFDSTUK I. - Inleidende bepaling

  Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.

  HOOFDSTUK II. - Bepalingen tot wijziging van de wet van 22 juli 1985 betreffende de wettelijke aansprakelijkheid op het gebied van kernenergie

  Art. 2. Artikel 1 van de wet van 22 juli 1985 betreffende de wettelijke aansprakelijkheid op het gebied van kernenergie wordt vervangen als volgt :
  "Artikel 1. Voor de toepassing van deze wet wordt verstaan onder :
  1° het "Verdrag van Parijs" : het verdrag van 29 juli 1960 inzake wettelijke aansprakelijkheid op het gebied van kernenergie, gewijzigd bij het aanvullend protocol van 28 januari 1964, bij het protocol van 16 november 1982 en bij het protocol van 12 februari 2004;
  2° het "Aanvullend Verdrag" : het verdrag van 31 januari 1963, tot aanvulling van het verdrag van Parijs van 29 juli 1960 inzake wettelijke aansprakelijkheid op het gebied van kernenergie, gewijzigd bij het aanvullende protocol van 28 januari 1964, bij het protocol van 16 november 1982 en bij het protocol van 12 februari 2004;
  3° de "minister" : de minister bevoegd voor nucleaire verzekeringen;
  4° de termen "kernongeval", "kerninstallatie", "splijtstoffen", "radioactieve producten of afvalstoffen","kernschade", "herstel-maatregelen", "preventieve maatregelen" en "redelijke maatregelen" : de begrippen omschreven in artikel 1 van het Verdrag van Parijs.".

  Art. 3. Artikel 2 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt :
  "Art. 2. De bepalingen van Titel I zijn van toepassing op kernschade ontstaan uit een kernongeval waarvoor de aansprakelijkheid berust bij de exploitant van een kerninstallatie, gelegen op het Belgisch grondgebied, op voorwaarde dat de kernschade geleden werd op het grondgebied van of binnen maritieme zones ingesteld in overeenstemming met het internationaal zeerecht van, of, behoudens op het grondgebied van een niet-verdragsluitende staat die niet vermeld is onder 2° en 3° van deze paragraaf, aan boord van een schip of luchtvaartuig dat geregistreerd is in :
  1° een verdragsluitende Partij bij het Verdrag van Parijs;
  2° een niet-verdragsluitende staat die, ten tijde van het kernongeval, geen kerninstallatie op zijn grondgebied of binnen door hem in overeenstemming met het internationaal recht ingestelde maritieme zones heeft;
  3° elke andere niet-verdragsluitende staat waar, ten tijde van het kernongeval, een wetgeving inzake de aansprakelijkheid voor kernschade van kracht is die equivalente wederkerige voordelen biedt, in de zin van artikel 2, a, iv), van het Verdrag van Parijs.
  De Koning kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de toepassing van Titel I van deze wet uitbreiden tot kernschade ontstaan uit een kernongeval waarvoor de aansprakelijkheid berust bij de exploitant van een kerninstallatie, gelegen op het Belgisch grondgebied, en geleden door een onderdaan van een verdragsluitende Partij op het grondgebied van de staten die niet bedoeld zijn onder 1° tot 3° van lid 1.
  Voor de toepassing van dit artikel, gelden de territoriale wateren en de exclusieve economische zone van Belgiė in de Noordzee als grondgebied.".

  Art. 4. In artikel 5, eerste, tweede en derde lid van dezelfde wet, wordt het woord "schade" telkens vervangen door het woord "kernschade".

  Art. 5.In artikel 6 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° de bepaling onder 2° wordt vervangen als volgt :
  "2° aansprakelijk voor de kernschade veroorzaakt aan het vervoermiddel waarop de stoffen zich bevinden op het ogenblik van het kernongeval wanneer hij aansprakelijk is voor de kernschade veroorzaakt bij het vervoer in de gevallen voorzien bij artikel 4 van het Verdrag van Parijs.
  De vergoeding van deze kernschade mag niet tot gevolg hebben de aansprakelijkheid van de exploitant voor de andere kernschade te verminderen tot een bedrag lager dan dat, bepaald in artikel 7,[eerste] lid, van deze wet."; <Erratum, B.St. 12-08-2014, p. 58616>
  2° artikel 6 wordt aangevuld met een bepaling onder 3°, luidende :
  "3° aansprakelijk voor de schade veroorzaakt door een ander ongeval dan een kernongeval, wanneer de schade tegelijkertijd werd veroorzaakt door een kernongeval, voor zover dit redelijkerwijze niet te scheiden valt van de door het kernongeval veroorzaakte kernschade.".

  Art. 6. In artikel 7, eerste lid, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 11 juli 2000 en bij de wet van 13 november 2011, wordt het woord "schadebedrag" vervangen door het woord "kernschadebedrag";

  Art. 7. Artikel 8 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt :
  "Art. 8. De exploitant van een kerninstallatie is gehouden, overeenkomstig artikel 10, a) en d), van het Verdrag van Parijs, een verzekering of andere financiėle zekerheid, die passend wordt geoordeeld door de minister, te hebben en in stand te houden ter dekking van zijn aansprakelijkheid ter grootte van het bedrag vastgesteld door of krachtens artikel 7 van deze wet.
  Onder meer gaat de minister de overeenstemming na van de aangeboden waarborg met de bepalingen van deze wet en de solvabiliteit van de verstrekker van de waarborg voor zover dit geen onderneming is die valt onder de prudentiėle controle van de Nationale Bank.
  De exploitant is gehouden deze verzekering of andere financiėle zekerheid te vernieuwen binnen een termijn van zestig dagen na het schadegeval.
  De minister is het openbaar gezag dat bevoegd is om de opzegging voorgeschreven bij artikel 10, d), van het Verdrag van Parijs in ontvangst te nemen.
  De bedragen die voortkomen uit de verzekering, herverzekering of een andere financiėle zekerheid mogen alleen worden aangewend voor de vergoeding van de kernschade veroorzaakt door een kernongeval."

  Art. 8. In dezelfde wet wordt een artikel 10/1 ingevoegd, luidende :
  "Art. 10/1. § 1. Indien de exploitant vaststelt dat de markt geen verzekering of financiėle waarborg biedt voor bepaalde risico's, zoals vereist door deze wet, kan hij aan de Staat vragen om een waarborg te verlenen, mits betaling van een vergoeding voor de dekking van deze risico's.
  De aanvraag wordt gericht aan de minister van Economie die de ontvankelijkheid ervan nakijkt.
  De Koning kan bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad de termen en voorwaarden vaststellen voor het toekennen van deze waarborg.
  § 2 Op het advies van de administratie van de Thesaurie, van de FSMA en van de Commissie voor Verzekeringen bepaalt de Koning bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad de vergoeding. De Minister van Financiėn bepaalt de redelijke termijn waarbinnen het advies moet worden gegeven. Eenmaal deze termijn is verstreken, is het advies niet meer vereist. De vergoeding is jaarlijks en dekt het risico door de Staat gedragen alsook de expertisekosten verbonden aan haar berekening. Ze dekt eveneens de expertisekosten voor het nazicht van de effectieve realisatie van het schadegeval en het nazicht van de voorwaarden verbonden aan een beroep op de waarborg alsook de kosten voor betaling van de schade in het geval van een beroep op de waarborg.
  § 3 In het geval van een beroep op de waarborg, wordt de Staat gesubrogeerd, ten belope van de de betaalde bedragen, in alle rechten en vorderingen van de slachtoffers ten aanzien van de exploitant."

  Art. 9. In artikel 14 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in de bepaling onder 2° wordt het woord "schade" vervangen door het woord "kernschade";
  2° artikel 14 wordt aangevuld met een bepaling onder 3°, luidende :
  "3° kan de exploitant van een kerninstallatie zijn aansprakelijkheid overdragen aan de exploitant van een andere kerninstallatie indien deze laatste een rechtstreeks economisch belang heeft bij de nucleaire stoffen die worden vervoerd.".

  Art. 10. In artikel 15 van dezelfde wet worden de woorden "4, c" vervangen door de woorden "4, d".

  Art. 11. In dezelfde wet wordt het opschrift van hoofdstuk VI vervangen als volgt :
  "Hoofdstuk VI. Vergoeding voor de kernschade".

  Art. 12. In artikel 17 van dezelfde wet wordt het woord "schade" vervangen door het woord "kernschade".

  Art. 13. In artikel 18 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in het eerste lid wordt het woord "schade" vervangen door het woord "kernschade";
  2° in het eerste lid worden de woorden "en ieder voor het geheel" opgeheven;
  3° in het tweede lid, wordt het woord "schade" vervangen door het woord "kernschade".

  Art. 14. In artikel 19 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in het eerste lid wordt het woord "schade" telkens vervangen door "kernschade";
  2° in het eerste lid worden de woorden "3, f" vervangen door de woorden "3, g";
  3° het lid 3 wordt opgeheven.

  Art. 15. In artikel 20, van dezelfde wet, wordt het tweede lid vervangen als volgt :
  "Wanneer het totaal der vergoedingen de in vorig lid bedoelde middelen te boven gaat of dreigt te boven te gaan, bepaalt de Koning bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad de maatstaven van een billijke verdeling.".

  Art. 16. In artikel 21, tweede lid, van dezelfde wet wordt het woord "schade" telkens vervangen door "kernschade".

  Art. 17. In dezelfde wet wordt een artikel 21/1 ingevoegd, luidende :
  "Art. 21/1. De Koning kan, bij een in Ministerraad overlegd besluit, de voorschriften vastleggen betreffende het stelsel van de kostenvergoeding verbonden aan de preventieve maatregelen en de herstelmaatregelen voor het milieu, als gevolg van een kernongeval."

  Art. 18. In artikel 22 van dezelfde wet wordt het woord "schade" vervangen door het woord "kernschade".

  Art. 19.In dezelfde wet wordt een artikel 22/1 ingevoegd, luidende :
  "Art. 22/1. De Staat vergoedt, tot beloop van het bedrag vastgesteld door artikel 7, eerste lid, de kernschade veroorzaakt door een kerninstallatie of een vervoer, waarvan het bedrag het maximumbedrag vastgesteld krachtens artikel 7, tweede lid, 2°, overschrijdt"[.] <Erratum, B.St. 12-08-2014, p. 58616>

  Art. 20. Artikel 23 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt :
  "Art. 23. De vorderingen tot schadevergoeding tegen de exploitant, krachtens deze wet, dienen op straffe van verval te worden ingesteld,
  1° ten aanzien van nucleaire lichamelijke letsels, binnen dertig jaar vanaf het kernongeval;
  2° ten aanzien van overige kernschade, binnen tien jaar vanaf het kernongeval.
  De vordering verjaart in ieder geval door verloop van drie jaar vanaf het slachtoffer kennis heeft gehad of redelijkerwijze geacht kan worden kennis te hebben gehad van de kernschade en van de identiteit van de exploitant, met dien verstande dat de in dit artikel gestelde termijnen van tien of dertig jaar niet mogen worden overschreden.
  Ieder die kernschade heeft geleden tengevolge van een kernongeval en die binnen de in dit artikel gestelde termijn een vordering tot schadevergoeding heeft ingesteld, kan een bijkomend verzoek tot schadevergoeding indienen ingeval van toeneming van de schade na het verstrijken van die termijn, zolang er nog geen definitieve uitspraak is tussengekomen over het bedrag van de vergoeding".

  Art. 21. In artikel 24 van dezelfde wet wordt het woord "schade" vervangen door het woord "kernschade".

  Art. 22. In artikel 25 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in § 2 worden de woorden "5, a" vervangen door het woord "5";
  2° paragraaf 3 wordt opgeheven.

  Art. 23. In artikel 26, tweede lid, van dezelfde wet wordt in de Franse tekst het woord "Cette" vervangen door de woorden "La présente".

  Art. 24. In artikel 27 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° het woord "schade" wordt vervangen door het woord "kernschade";
  2° de woorden "in het geval bedoeld in artikel 22" worden door de woorden "in de gevallen bedoeld in artikel 22 en 22/1" vervangen.

  Art. 25. In dezelfde wet wordt een artikel 28/1 ingevoegd, luidende :
  "Art. 28/1. De vorderingen gebaseerd op het Verdrag van Parijs, het Aanvullende Verdrag en de huidige wet worden geformuleerd op vraag van :
  1° de slachtoffers van een kernschade als gevolg van een kernongeval;
  2° de Staat;
  3° de vreemde staat handelend in naam en voor rekening van personen, onderdanen van deze staat of met woonplaats of verblijfplaats op zijn grondgebied en die ermee ingestemd hebben zich te laten vertegenwoordigen door deze staat;
  4° alle personen die krachtens het Verdrag van Parijs, het Aanvullend Verdrag of de huidige wet de door subrogatie of overdracht verworven rechten willen doen gelden."

  Art. 26. In dezelfde wet wordt een artikel 28/2 ingevoegd, luidende :
  "Art. 28/2. De Belgische Staat kan handelen in naam en voor rekening van de personen die hun woonplaats of hun verblijfplaats hebben op zijn grondgebied en die ermee ingestemd hebben zich te laten vertegenwoordigen door deze Staat, wanneer deze personen slachtoffer zijn van een kernongeval dat niet onder de bevoegdheid van een Belgische rechtbank valt.
  De Koning kan de voorwaarden en vormen vastleggen, waaraan het slachtoffer van een kernongeval, dat onder de bevoegdheid van een vreemde rechtbank valt, moet voldoen opdat de Belgische Staat in hun naam handelt bij deze rechtsmacht."

  Art. 27. In artikel 30 van dezelfde wet worden de woorden "of 22" door de woorden ", 22 of 22/1" vervangen.

  Art. 28. In artikel 32 van dezelfde wet wordt het woord "schade" vervangen door het woord "kernschade".

  Art. 29. In artikel 33 van dezelfde wet wordt het woord "schade" vervangen door het woord "kernschade".

  Art. 30. In artikel 34 van dezelfde wet wordt het woord "schade" vervangen door het woord "kernschade".

  HOOFDSTUK III. - Bepaling tot wijziging van het Gerechtelijk Wetboek

  Art. 31. In artikel 569, 17°, van het Gerechtelijk Wetboek worden de woorden "de wet van 18 juli 1966 betreffende de wettelijke aansprakelijkheid op het gebied van kernenergie" vervangen door de woorden "de wet van 22 juli 1985 betreffende de wettelijke aansprakelijkheid op het gebied van kernenergie".

  HOOFDSTUK IV. - Overgangsbepaling

  Art. 32. De exploitanten aan wie een erkenning is verleend krachtens de wet van 22 juli 1985 betreffende de wettelijke aansprakelijkheid op het gebied van de kernenergie, gewijzigd op 11 juli 2000 en op 13 november 2011, behouden het voordeel van deze erkenning op voorwaarde dat zij de verzekering of alle andere financiėle waarborgen ter dekking van hun aansprakelijkheid aanpassen aan de bepalingen van deze wet, binnen negentig dagen na de dag van haar inwerkingtreding.
  De termijn bedoeld in het eerste lid kan door de minister verlengd worden voor de duur die nodig is voor het onderzoeken van een aanvraag bedoeld in artikel 10/1 ingevoegd bij artikel 8 van deze wet, voor zover de aanvraag is ingediend binnen dertig dagen volgend op de dag van de inwerkingtreding van artikel 8.

  HOOFDSTUK V. - Slotbepaling

  Art. 33. De Koning bepaalt de datum waarop iedere bepaling van deze wet in werking treedt. Deze wet treedt uiterlijk in werking op de eerste dag van de achttiende maand na die waarin ze is bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad, met uitzondering van dit artikel, dat in werking treedt de dag waarop deze wet in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.

Handtekening Tekst Inhoudstafel Begin
   Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
Gegeven te Brussel, 29 juni 2014.
FILIP
Van Koningswege :
De Minister van Economie,
J. VANDE LANOTTE
De Minister van Binnenlandse Zaken,
Mevr. J. MILQUET
De Minister van Financiėn,
K. GEENS
De Staatssecretaris voor Energie,
M. WATHELET
Met 's Lands zegel gezegeld :
De Minister van Justitie,
Mevr. A. TURTELBOOM

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   FILIP, Koning der Belgen,
   Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
   De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt :
Erratum Tekst Begin

originele versie
2014011489
PUBLICATIE :
2014-08-12
bladzijde : 58616



Parlementaire werkzaamheden Tekst Inhoudstafel Begin
   Kamer van volksvertegenwoordigers (www.dekamer.be) : Stukken : 53-3431 - 2013/2014. Integraal Verslag : 22 april 2014. Senaat (www.senate.be) : Stukken : 5-2867 - 2013/2014. Handelingen van de Senaat : 24 april 2014.

Begin Eerste woord Laatste woord Aanhef
Parlementaire werkzaamheden Inhoudstafel
Erratum Franstalige versie