J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Aanhef
Inhoudstafel 1 uitvoeringbesluit
Handtekening Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/besluit/2014/06/13/2014014362/justel

Titel
13 JUNI 2014. - Koninklijk besluit tot regeling van de samenstelling en de werking van het raadgevend comité van de treinreizigers

Bron :
MOBILITEIT EN VERVOER
Publicatie : 13-08-2014 nummer :   2014014362 bladzijde : 58828   BEELD
Dossiernummer : 2014-06-13/24
Inwerkingtreding : 23-08-2014

Inhoudstafel Tekst Begin
Art. 1-12

Tekst Inhoudstafel Begin
Artikel 1. Het raadgevend comité van de treinreizigers, hierna "het comité" genoemd, telt evenveel Nederlandstalige als Franstalige leden. Een Duitstalige vertegenwoordiger mag deel uitmaken van de Franstalige vertegenwoordigers.

  Art. 2. Het comité is als volgt samengesteld :
  1° zestien leden die de treingebruikers vertegenwoordigen, waarvan ten minste :
  a) een vertegenwoordiger van de personen met een beperkte mobiliteit;
  b) een vertegenwoordiger van de fietsers;
  c) een vertegenwoordiger van de jongeren;
  d) een vertegenwoordiger van de senioren;
  e) een vertegenwoordiger van de gezinnen;
  f) een vertegenwoordiger per gewest van de gewestelijke vereniging ter verdediging van de gebruikers van het openbaar vervoer;
  g) een lid van de milieuverenigingen;
  h) een lid van de organisaties die de handelaars vertegenwoordigen;
  i) een lid van de consumentenorganisaties;
  2° drie leden aangewezen door de organisaties die de werknemers vertegenwoordigen;
  3° drie leden die de economische actoren vertegenwoordigen;
  4° een lid aangewezen door de Federale Overheid;
  5° drie leden van de gewestelijke verenigingen van steden en gemeenten.
  Worden uitgenodigd om te zetelen met raadgevende stem :
  1° de ombudsman van de Ombudsdienst voor de treinreizigers;
  2° een vertegenwoordiger van het Planbureau;
  3° een vertegenwoordiger van de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven.
  De voorzitter of de ondervoorzitter kunnen deskundigen uitnodigen op de vergaderingen.

  Art. 3. De minister bevoegd voor de overheidsbedrijven benoemt de leden van het comité voor een hernieuwbaar mandaat van vijf jaar. Hij benoemt eveneens voor elk effectief lid een plaatsvervangend lid. De leden bedoeld in artikel 2, wiens benoeming niet anders is bepaald, worden benoemd na een openbare oproep tot kandidaatstelling gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad.

  Art. 4. De voorzitter en de ondervoorzitter behoren elk tot een andere taalrol.
  Ze worden benoemd door de minister bevoegd voor de overheidsbedrijven op grond van een specifieke bekwaamheid of kennis inzake vervoer en/of consumentenbescherming.

  Art. 5. Het comité wordt vertegenwoordigd door een uitvoerend bureau samengesteld uit 4 leden waaronder de voorzitter en de ondervoorzitter. De twee andere leden worden benoemd door de minister bevoegd voor de overheidsbedrijven.
  Het uitvoerend bureau treedt op als woordvoerder van het comité en als link tussen de overheidsbedrijven belast met een opdracht van openbare dienst met betrekking tot het vervoer van treinreizigers en de minister bevoegd voor de overheidsbedrijven en de minister bevoegd voor de regulering van het spoorvervoer. In samenwerking met het secretariaat van het comité zorgt het bureau voor het doorsturen en het verspreiden van de aangenomen adviezen.

  Art. 6. De Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer verzorgt het secretariaat van het comité. Het secretariaat stelt de nodige materiële middelen en de nodige ondersteuning voor de goede uitvoering van de taken van het comité ter beschikking van zijn leden.

  Art. 7. Het jaarlijks verslag wordt ter beschikking van het publiek gesteld via de internetsite van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer.

  Art. 8. De door het comité aangenomen adviezen worden op de internetsite van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer geplaatst en worden ter informatie gestuurd naar de minister bevoegd voor de overheidsbedrijven en de minister bevoegd voor de regulering van het spoorvervoer, de leden van de raad van bestuur van elke vennootschap en naar de beheersorganen van de spoorwegoverheidsbedrijven.

  Art. 9. § 1. Het comité stelt zijn huishoudelijk reglement op en deelt het mee aan de minister bevoegd voor de overheidsbedrijven en aan de voorzitter van de raad van bestuur van elk spoorwegoverheidsbedrijf. De minister bevoegd voor de overheidsbedrijven keurt het huishoudelijk reglement en de eventuele latere wijzigingen ervan goed bij ministerieel besluit.
  § 2. Het comité vergadert minstens tweemaal per jaar in plenaire vergadering. Het comité brengt zijn adviezen uit op deze vergaderingen.
  De vergaderingen van het comité worden gehouden volgens de in het huishoudelijk reglement bepaalde regels.
  Een punt kan op de agenda van het comité worden gezet op verzoek van één of meerdere leden.
  De uitnodigingen worden minstens acht dagen voor de vergadering van het comité aan de leden bezorgd.
  Het comité kan slechts op geldige wijze beraadslagen indien een quorum van leden aanwezig is :
  1° voor elke wijziging van het huishoudelijk reglement, is het quorum bepaald op de helft van de effectieve leden;
  2° voor de goedkeuring van diverse adviezen en verslagen is het quorum bepaald op een derde van de effectieve leden.
  De effectieve leden kunnen zich laten vertegenwoordigen door hun plaatsvervanger.

  Art. 10. Het koninklijk besluit van 4 juni 2002 tot regeling van de samenstelling en de werking van het raadgevend comité bij de Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen wordt opgeheven.

  Art. 11. Op de tiende dag na de bekendmaking van dit besluit in het Belgisch Staatsblad treden in werking :
  1° de wet van 10 april 2014 tot wijziging van de wet van 21 maart 1991 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven wat betreft het raadgevend comité van de treinreizigers;
  2° dit besluit.

  Art. 12. De minister bevoegd voor de overheidsbedrijven is belast met de uitvoering van dit besluit.

Handtekening Tekst Inhoudstafel Begin
   Gegeven te Brussel, 13 juni 2014.
FILIP
Van Koningswege :
De Minister van Overheidsbedrijven,
J.-P. LABILLE

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   FILIP, Koning der Belgen,
   Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
   Gelet op de wet van 21 maart 1991 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven, artikel 47/1, ingevoegd bij de wet van 10 april 2014 tot wijziging van de wet van 21 maart 1991 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven wat betreft het raadgevend comité van de treinreizigers;
   Gelet op het koninklijk besluit van 4 juni 2002 tot regeling van de samenstelling en de werking van het raadgevend comité bij de Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen;
   Gelet op het advies nr. 56.021/4 van de Raad van State, gegeven op 7 mei 2014 met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
   Op de voordracht van de Minister van Overheidsbedrijven,
   Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Begin Eerste woord Laatste woord Aanhef
Inhoudstafel 1 uitvoeringbesluit
Franstalige versie