J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Aanhef
Inhoudstafel
Erratum Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/besluit/2010/10/28/2010031519/justel

Titel
28 OKTOBER 2010. - Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering dat de milieu- en energiewetgeving in overeenstemming brengt met de regels van Richtlijn 2006/123/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 betreffende diensten op de interne markt

Bron :
BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST
Publicatie : 23-11-2010 nummer :   2010031519 bladzijde : 72411   BEELD
Dossiernummer : 2010-10-28/09
Inwerkingtreding : 04-02-2011

Inhoudstafel Tekst Begin
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen
Art. 1
HOOFDSTUK 2. - Wijziging van het koninklijk besluit van 3 augustus 1976 houdende algemeen reglement voor het lozen van afvalwater in de gewone oppervlaktewateren, in de openbare riolen en in de kunstmatige afvoerwegen voor regenwater
Art. 2
HOOFDSTUK 3. - Wijziging van het besluit van de Executieve van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van 19 september 1991 houdende verwijdering van afvalolie
Art. 3-5
HOOFDSTUK 4. - Wijziging van het besluit van de Executieve van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van 19 september 1991 houdende verwijdering van gevaarlijke afvalstoffen
Art. 6-8
HOOFDSTUK 5. - Wijziging van het besluit van de Executieve van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van 19 september 1991 houdende verwijdering van PCB'S
Art. 9-11
HOOFDSTUK 6. - Wijziging van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 29 januari 1998 betreffende de erkenning van de opdrachthouder voor effectenstudies
Art. 12
HOOFDSTUK 7. - Wijziging van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 januari 1999 tot vaststelling van de uitbatingsvoorwaarden van benzinestations
Art. 13-20
HOOFDSTUK 8. - Wijziging van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 8 november 2001 betreffende het ingeperkt gebruik van genetisch gemodificeerde en/of pathogene organismen en betreffende de indeling van de betrokken installaties
Art. 21
HOOFDSTUK 9. - Wijziging van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18 juli 2002 houdende de criteria en de procedure tot toekenning, hernieuwing, overdracht en intrekking van een leveringsvergunning voor elektriciteit
Art. 22-24
HOOFDSTUK 10. - Wijziging van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 6 mei 2004 houdende de criteria en de procedure tot toekenning, hernieuwing, overdracht en intrekking van een leveringsvergunning voor gas en houdende wijziging van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18 juli 2002 houdende de criteria en de procedure tot toekenning, hernieuwing, overdracht en intrekking van een leveringsvergunning voor elektriciteit
Art. 25-29
HOOFDSTUK 11. - Wijziging van besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 3 juli 2003 inzake de beperking van de emissie van vluchtige organische stoffen in installaties voor oppervlaktereiniging
Art. 30
HOOFDSTUK 12. - Wijziging van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 3 juli 2003 inzake de beperking van de emissie van vluchtige organische stoffen bij bepaalde drukactiviteiten of bij bepaalde werkzaamheden van de grafische industrie zoals lakken en op film zetten
Art. 31
HOOFDSTUK 13. - Wijziging van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 3 juni 2004 betreffende de beheerders van afgedankte elektrische en elektronische apparatuur
Art. 32
HOOFDSTUK 14. - Wijziging van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 22 maart 2007 inzake de bepaling van de minimumopleidingseisen voor koeltechnici en de registratie van koeltechnische bedrijven
Art. 33
HOOFDSTUK 15. - Slotbepalingen
Art. 34-35

Tekst Inhoudstafel Begin
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen

  Artikel 1. Dit besluit voorziet in de gedeeltelijke omzetting van Richtlijn 2006/123/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 betreffende diensten op de interne markt

  HOOFDSTUK 2. - Wijziging van het koninklijk besluit van 3 augustus 1976 houdende algemeen reglement voor het lozen van afvalwater in de gewone oppervlaktewateren, in de openbare riolen en in de kunstmatige afvoerwegen voor regenwater

  Art. 2. Artikel 31 van het koninklijk besluit van 3 augustus 1976 houdende algemeen reglement voor het lozen van afvalwater in de gewone oppervlaktewateren, in de openbare riolen en in de kunstmatige afvoerwegen voor regenwater wordt als volgt aangevuld :
  " De vergunningsaanvraag voor het lozen van afvalwater wordt betekend aan het Brussels Instituut voor Milieubeheer of aan het college van burgemeester en schepenen, afhankelijk van het geval, per aangetekende brief met bericht van ontvangst of tegen ontvangstbewijs op de zetel van het Instituut of van het college van burgemeester en schepenen.
  Het Brussels Instituut voor Milieubeheer of het College van burgemeester en schepenen, afhankelijk van het geval, betekent de aanvrager binnen de tien dagen na de ontvangst van de aanvraag een bericht van ontvangst en vermeldt daarbij of het dossier al dan niet volledig is en welke inlichtingen eventueel ontbreken en vermeldt ook de behandelingstermijnen van de aanvraag en de rechtsmiddelen tegen de beslissing van het Brussels Instituut voor Milieubeheer of van het College van burgemeester en schepenen, afhankelijk van het geval.
  De vergunningsaanvraag voor het lozen van afvalwater kan ook via elektronische weg worden ingediend. In dat geval stuurt het Brussels Instituut voor Milieubeheer of het College van burgemeester en schepenen, afhankelijk van het geval, via elektronische weg een bericht van ontvangst van de vergunningsaanvraag, waarop aangegeven staat of het dossier al dan niet volledig is en welke inlichtingen eventueel ontbreken en waarop ook de behandelingstermijnen van de aanvraag en de rechtsmiddelen tegen het besluit van het Brussels Instituut voor Milieubeheer of van het College van burgemeester en schepenen, afhankelijk van het geval, vermeld staan.
  Het Brussels Instituut voor Milieubeheer of het College van burgemeester en schepenen, afhankelijk van het geval, betekent zijn beslissing binnen de vijfenveertig dagen na kennisgeving van het ontvangstbewijs voor het volledige dossier of, in voorkomend geval, van de ontvangst van de ontbrekende inlichtingen.

  HOOFDSTUK 3. - Wijziging van het besluit van de Executieve van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van 19 september 1991 houdende verwijdering van afvalolie

  Art. 3. Artikel 9 van het besluit van de executieve van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van 19 september 1991 houdende verwijdering van afvalolie wordt aangevuld met een paragraaf 3, luidend als volgt :
  " § 3. Indien de erkenningsaanvraag wordt ingediend door een natuurlijk persoon die houder is van een gelijkwaardige titel die is afgeleverd in een ander Gewest of in een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte, dan moet die persoon om zijn titel erkend te zien in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voldoen aan de voorwaarden die zijn vastgelegd in paragraaf 1, 1.a) tot e).
  Indien de erkenningsaanvraag wordt ingediend door een rechtspersoon die houder is van een gelijkwaardige titel die is afgeleverd in een ander Gewest of in een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte, dan moet die persoon om zijn titel erkend te zien in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voldoen aan de voorwaarden die zijn vastgelegd in paragraaf 1, 2. "

  Art. 4. In artikel 10 van datzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° paragraaf 1 wordt voorafgegaan door de woorden " In overeenstemming met de modaliteiten waarin is voorzien in artikel 71 van de ordonnantie van 5 juni 1997 betreffende de milieuvergunningen, ";
  2° paragraaf 1 wordt aangevuld met een lid, luidend als volgt :
  " De erkenningsaanvraag kan ook via elektronische weg worden ingediend. In dat geval stuurt de Minister automatisch via elektronische weg een afgiftebewijs van de erkenningsaanvraag, waarop de behandelingstermijnen en de rechtsmiddelen tegen de beslissing van de Minister vermeld staan. ";
  3° artikel 10 wordt aangevuld met een paragraaf 4, luidend als volgt :
  " § 4. Indien de erkenningsaanvraag wordt ingediend door een persoon die houder is van een gelijkwaardige titel die is afgeleverd in een ander Gewest of in een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte, dan moet deze de documenten bevatten die bedoeld zijn in artikel 71, § 1, 3° van de ordonnantie van 5 juni 1997 betreffende de milieuvergunningen, samen met het bewijs dat is voldaan aan de voorwaarden die zijn vastgelegd in artikel 9, § 3. "

  Art. 5. Artikel 13 van datzelfde besluit wordt aangevuld met een nieuw lid, luidend als volgt :
  " Zes maanden vóór de lopende erkenning verstrijkt, kan er een nieuwe erkenning aangevraagd worden. De indiening en behandeling van de verlengingsaanvraag gebeurt in overeenstemming met de bepalingen van de artikelen 10 tot 12. "

  HOOFDSTUK 4. - Wijziging van het besluit van de Executieve van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van 19 september 1991 houdende verwijdering van gevaarlijke afvalstoffen

  Art. 6. Artikel 11 van het besluit van de Executieve van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van 19 september 1991 houdende verwijdering van gevaarlijke afvalstoffen wordt aangevuld met een nieuwe paragraaf 3, luidend als volgt :
  " § 3. Indien de erkenningsaanvraag wordt ingediend door een natuurlijk persoon die houder is van een gelijkwaardige titel die is afgeleverd in een ander Gewest of in een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte, dan moet die persoon om zijn titel erkend te zien in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voldoen aan de voorwaarden die zijn vastgelegd in paragraaf 1, 1.a) tot e).
  Indien de erkenningsaanvraag wordt ingediend door een rechtspersoon die houder is van een gelijkwaardige titel die is afgeleverd in een ander Gewest of in een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte, dan moet die persoon om zijn titel erkend te zien in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voldoen aan de voorwaarden die zijn vastgelegd in § 1, 2. "

  Art. 7. In artikel 12 van datzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° paragraaf 1 wordt voorafgegaan door de woorden " In overeenstemming met de modaliteiten waarin is voorzien in artikel 71 van de ordonnantie van 5 juni 1997 betreffende de milieuvergunningen, ";
  2° paragraaf 1 wordt aangevuld met een lid, luidend als volgt :
  " De erkenningsaanvraag kan ook via elektronische weg worden ingediend. In dat geval stuurt de Minister automatisch via elektronische weg een afgiftebewijs van de erkenningsaanvraag, waarop de behandelingstermijnen en de rechtsmiddelen tegen de beslissing van de Minister vermeld staan. ";
  3° artikel 12 van datzelfde besluit wordt aangevuld met een paragraaf 3, luidend als volgt :
  " § 3. Indien de erkenningsaanvraag wordt ingediend door een persoon die houder is van een gelijkwaardige titel die is afgeleverd in een ander Gewest of in een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte, dan moet deze de documenten bevatten die bedoeld zijn in artikel 71, § 1, 3° van de ordonnantie van 5 juni 1997 betreffende de milieuvergunningen, samen met het bewijs dat is voldaan aan de voorwaarden die zijn vastgelegd in artikel 11, § 3.. "

  Art. 8. Artikel 15 van datzelfde besluit wordt aangevuld met een nieuw lid, luidend als volgt :
  " Zes maanden vóór de lopende erkenning verstrijkt, kan er een nieuwe erkenning aangevraagd worden. De indiening en behandeling van de verlengingsaanvraag gebeurt in overeenstemming met de bepalingen van de artikelen 12 tot 14.. "

  HOOFDSTUK 5. - Wijziging van het besluit van de Executieve van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van 19 september 1991 houdende verwijdering van PCB'S

  Art. 9. Artikel 7 van het besluit van de Executieve van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van 19 september 1991 houdende verwijdering van PCB's wordt aangevuld met een nieuwe paragraaf 3, luidend als volgt :
  " § 3. Indien de erkenningsaanvraag wordt ingediend door een natuurlijk persoon die houder is van een gelijkwaardige titel die is afgeleverd in een ander Gewest of in een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte, dan moet die persoon om zijn titel erkend te zien in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voldoen aan de voorwaarden die zijn vastgelegd in paragraaf 1, 1.a) tot e).
  Indien de erkenningsaanvraag wordt ingediend door een rechtspersoon die houder is van een gelijkwaardige titel die is afgeleverd in een ander Gewest of in een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte, dan moet die persoon om zijn titel erkend te zien in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voldoen aan de voorwaarden die zijn vastgelegd in § 1, 2.

  Art. 10. In artikel 8 van datzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° paragraaf 1 wordt voorafgegaan door de woorden " In overeenstemming met de modaliteiten waarin is voorzien in artikel 71 van de ordonnantie van 5 juni 1997 betreffende de milieuvergunningen, ";
  2° paragraaf 1 wordt aangevuld met een lid, luidend als volgt :
  " De erkenningsaanvraag kan ook via elektronische weg worden ingediend. In dat geval stuurt de Minister automatisch via elektronische weg een afgiftebewijs van de erkenningsaanvraag, waarop de behandelingstermijnen en de rechtsmiddelen tegen de beslissing van de Minister vermeld staan. ";
  3° artikel 8 wordt aangevuld met een paragraaf 4, luidend als volgt :
  " § 4. Indien de erkenningsaanvraag wordt ingediend door een persoon die houder is van een gelijkwaardige titel die is afgeleverd in een ander Gewest of in een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte, dan moet die vergunning de documenten bevatten bedoeld in artikel 71, § 1, 3°, van de ordonnantie van 5 juni 1997 betreffende de milieuvergunningen, samen met het bewijs dat is voldaan aan de voorwaarden die zijn vastgelegd in artikel 7, § 3. "

  Art. 11. Artikel 11 van datzelfde besluit wordt aangevuld met een nieuw lid, luidend als volgt :
  " Zes maanden vóór de lopende erkenning verstrijkt, kan er een nieuwe erkenning aangevraagd worden. De indiening en behandeling van de verlengingsaanvraag gebeurt in overeenstemming met de bepalingen van de artikelen 8 tot 10. "

  HOOFDSTUK 6. - Wijziging van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 29 januari 1998 betreffende de erkenning van de opdrachthouder voor effectenstudies

  Art. 12. Artikel 4 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 29 januari 1998 betreffende de erkenning van de opdrachthouder voor effectenstudies wordt aangevuld met een lid, luidend als volgt :
  " De erkenningsaanvraag kan ook via elektronische weg worden ingediend. In dat geval stuurt het Instituut automatisch via elektronische weg een afgiftebewijs van de erkenningsaanvraag, waarop de behandelingstermijnen en de rechtsmiddelen tegen de beslissing van de Minister vermeld staan. "

  HOOFDSTUK 7. - Wijziging van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 januari 1999 tot vaststelling van de uitbatingsvoorwaarden van benzinestations

  Art. 13. In artikel 21, § 2, van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 januari 1999 tot vaststelling van de uitbatingsvoorwaarden van benzinestations worden tussen het derde lid en het vierde lid drie nieuwe leden ingevoegd, luidend als volgt :
  " Het ontwerp van prospectief onderzoek wordt aan het BIM betekend per aangetekende brief met bericht van ontvangst of tegen ontvangstbewijs op de zetel van het BIM.
  Het ontwerp van prospectief onderzoek kan ook via elektronische weg ingediend worden.
  De goedkeuring van het ontwerp van prospectief onderzoek kan via elektronische weg betekend worden. "

  Art. 14. In artikel 22 van datzelfde besluit worden de woorden " of via elektronische weg " ingevoegd na de woorden " ter post aangetekend schrijven ".

  Art. 15. Artikel 30, paragraaf 2, van datzelfde besluit wordt aangevuld met een nieuw lid, luidend als volgt :
  " De goedkeuring van het prospectief onderzoek kan via elektronische weg betekend worden ".

  Art. 16. Artikel 32 van datzelfde besluit wordt aangevuld met twee leden, luidend als volgt :
  Het ontwerp van nader onderzoek wordt aan het BIM betekend per aangetekende brief met bericht van ontvangst of tegen ontvangstbewijs op de zetel van het BIM.
  Het ontwerp van nader onderzoek kan ook via elektronische weg worden ingediend. ".

  Art. 17. Artikel 34 van datzelfde besluit wordt aangevuld met een nieuw lid, luidend als volgt :
  " De goedkeuring van het ontwerp van nader onderzoek kan via elektronische weg betekend worden. "

  Art. 18. Artikel 45 van datzelfde besluit wordt aangevuld met drie leden, luidend als volgt :
  " Het verslag van het nader onderzoek wordt aan het BIM betekend per aangetekende brief met bericht van ontvangst of tegen ontvangstbewijs op de zetel van het BIM.
  Het verslag van het nader onderzoek kan ook via elektronische weg worden ingediend.
  De goedkeuring van het verslag van het nader onderzoek kan via elektronische weg betekend worden. "

  Art. 19. In artikel 59 van datzelfde besluit worden tussen het eerste lid en het tweede lid drie leden ingevoegd, luidend als volgt :
  " Het verslag van het risico-onderzoek wordt aan het BIM betekend per aangetekende brief met bericht van ontvangst of tegen ontvangstbewijs op de zetel van het BIM.
  Het verslag van het risico-onderzoek kan ook via elektronische weg worden ingediend.
  De goedkeuring van het verslag van het risico-onderzoek kan via elektronische weg betekend worden. "

  Art. 20. Artikel 63 van datzelfde besluit wordt aangevuld met drie leden, luidend als volgt :
  " Het verslag van het saneringsonderzoek wordt aan het BIM betekend per aangetekende brief met bericht van ontvangst of tegen ontvangstbewijs op de zetel van het BIM.
  Het verslag van het saneringsonderzoek kan ook via elektronische weg worden ingediend.
  De goedkeuring van het saneringsonderzoek kan via elektronische weg betekend worden. "

  HOOFDSTUK 8. - Wijziging van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 8 november 2001 betreffende het ingeperkt gebruik van genetisch gemodificeerde en/of pathogene organismen en betreffende de indeling van de betrokken installaties

  Art. 21. In artikel 17, paragraaf 1, van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 8 november 2001 betreffende het ingeperkt gebruik van genetisch gemodificeerde en/of pathogene organismen en betreffende de indeling van de betrokken installaties worden tussen het eerste lid en het tweede lid twee leden ingevoegd, luidend als volgt :
  " Op het bericht van ontvangst staan de behandelingstermijnen van de aanvraag en de rechtsmiddelen tegen de beslissing van het BIM vermeld.
  Het exemplaar van het openbaar dossier kan ook via elektronische weg worden ingediend. In dat geval stuurt het BIM automatisch via elektronische weg een afgiftebewijs van het exemplaar van het openbaar dossier, waarop de behandelingstermijnen en de rechtsmiddelen tegen de beslissing van het BIM vermeld staan. "

  HOOFDSTUK 9. - Wijziging van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18 juli 2002 houdende de criteria en de procedure tot toekenning, hernieuwing, overdracht en intrekking van een leveringsvergunning voor elektriciteit

  Art. 22. In de Franse versie van de titel van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18 juli 2002 houdende de criteria en de procedure tot toekenning, hernieuwing, overdracht en intrekking van een leveringsvergunning voor elektriciteit wordt het woord " autorisation " vervangen door het woord " licence ".

  Art. 23. In de Franse versie van de beschikking van datzelfde besluit wordt het woord " autorisation " vervangen door het woord " licence ".

  Art. 24. In artikel 8 van datzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° Paragraaf 1 wordt vervangen door het volgende :
  " § 1. De licentieaanvraag wordt aan de Commissie gericht, ofwel per aangetekende brief of per drager, in drie exemplaren, ofwel via elektronische weg. "
  2° Paragraaf 3 wordt vervangen door het volgende :
  " § 3. Zodra de Commissie de aanvraag ontvangt, licht ze daar de Minister over in en stuurt ze de aanvrager onmiddellijk een bericht van ontvangst waarop de behandelingstermijnen van de aanvraag en de rechtsmiddelen tegen de beslissing vermeld staan. Wanneer de aanvraag via elektronische weg ingediend is, kan het bericht van ontvangst eveneens via elektronische weg verstuurd worden. "

  HOOFDSTUK 10. - Wijziging van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 6 mei 2004 houdende de criteria en de procedure tot toekenning, hernieuwing, overdracht en intrekking van een leveringsvergunning voor gas en houdende wijziging van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18 juli 2002 houdende de criteria en de procedure tot toekenning, hernieuwing, overdracht en intrekking van een leveringsvergunning voor elektriciteit

  Art. 25. In de Franse versie van de titel van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 6 mei 2004 houdende de criteria en de procedure tot toekenning, hernieuwing, overdracht en intrekking van een leveringsvergunning voor gas wordt het woord " autorisation " vervangen door het woord " licence ".

  Art. 26. In de Franse versie van de beschikking van datzelfde besluit wordt het woord " autorisation " vervangen door het woord " licence ".

  Art. 27. § 1 In de Franse versie van datzelfde besluit wordt het woord " Service " vervangen door het woord " Commission ".
  § 2. In de Nederlandse versie van datzelfde besluit wordt het woord " Dienst " vervangen door het woord " Commissie ".

  Art. 28. In artikel 8 van datzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° paragraaf 1 wordt vervangen door het volgende :
  " § 1. De licentieaanvraag wordt aan de Commissie gericht, ofwel per aangetekende brief of per drager, in drie exemplaren, ofwel via elektronische weg. "
  2° paragraaf 3 wordt vervangen door het volgende :
  " § 3. Zodra de Commissie de aanvraag ontvangt, licht ze daar de Minister over in en stuurt ze de aanvrager onmiddellijk een bericht van ontvangst waarop de behandelingstermijnen van de aanvraag en de rechtsmiddelen tegen de beslissing vermeld staan. Wanneer de aanvraag via elektronische weg ingediend is, kan het bericht van ontvangst eveneens via elektronische weg verstuurd worden. "

  Art. 29. In artikel 10 van datzelfde besluit wordt het woord " Regering " vervangen door het woord " minister ".

  HOOFDSTUK 11. - Wijziging van besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 3 juli 2003 inzake de beperking van de emissie van vluchtige organische stoffen in installaties voor oppervlaktereiniging

  Art. 30. Artikel 7 van besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 3 juli 2003 inzake de beperking van de emissie van vluchtige organische stoffen in installaties voor oppervlaktereiniging wordt aangevuld met vier leden, luidend als volgt :
  " De afwijkingsaanvraag moet aan het Instituut betekend worden per aangetekende brief, per drager op de zetel van het Instituut of via elektronische weg.
  Indien de afwijkingsaanvraag per drager wordt afgegeven, levert het Instituut onmiddellijk een afgiftebewijs af, waarop de behandelingstermijnen van het dossier en de rechtsmiddelen tegen de beslissing vermeld staan.
  Indien de afwijkingsaanvraag per aangetekende brief wordt ingediend, levert het Instituut onmiddellijk na ontvangst van de aanvraag een afgiftebewijs af, waarop de behandelingstermijnen van het dossier en de rechtsmiddelen tegen zijn beslissing vermeld staan.
  Indien de afwijkingsaanvraag via elektronische weg wordt ingediend, stuurt het Instituut automatisch via elektronische weg een afgiftebewijs, waarop de behandelingstermijnen en de rechtsmiddelen tegen zijn beslissing vermeld staan. "

  HOOFDSTUK 12. - Wijziging van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 3 juli 2003 inzake de beperking van de emissie van vluchtige organische stoffen bij bepaalde drukactiviteiten of bij bepaalde werkzaamheden van de grafische industrie zoals lakken en op film zetten

  Art. 31. Artikel 4, § 2, van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 3 juli 2003 inzake de beperking van de emissie van vluchtige organische stoffen bij bepaalde drukactiviteiten of bij bepaalde werkzaamheden van de grafische industrie zoals lakken en op film zetten wordt aangevuld met vier leden, luidend als volgt :
  " De afwijkingsaanvraag moet aan het Instituut betekend worden per aangetekende brief, per drager op de zetel van het Instituut of via elektronische weg.
  Indien de afwijkingsaanvraag per drager wordt afgegeven, levert het Instituut onmiddellijk een afgiftebewijs af, waarop de behandelingstermijnen van het dossier en de rechtsmiddelen tegen de beslissing vermeld staan.
  Indien de afwijkingsaanvraag per aangetekende brief wordt ingediend, levert het Instituut onmiddellijk na ontvangst van de aanvraag een afgiftebewijs af, waarop de behandelingstermijnen van het dossier en de rechtsmiddelen tegen zijn beslissing vermeld staan.
  Indien de afwijkingsaanvraag via elektronische weg wordt ingediend, stuurt het Instituut automatisch via elektronische weg een afgiftebewijs, waarop de behandelingstermijnen en de rechtsmiddelen tegen zijn beslissing vermeld staan. "

  HOOFDSTUK 13. - Wijziging van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 3 juni 2004 betreffende de beheerders van afgedankte elektrische en elektronische apparatuur

  Art. 32. Artikel 10 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 3 juni 2004 betreffende de beheerders van afgedankte elektrische en elektronische apparatuur wordt aangevuld met een paragraaf 3 en een paragraaf 4, luidend als volgt :
  " § 3. Indien de erkenningsaanvraag wordt ingediend door een persoon die houder is van een gelijkwaardige titel die is afgeleverd in een ander Gewest of in een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte, dan moet die titel om erkend te worden in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest de documenten bevatten die bedoeld zijn in artikel 71, § 1, 3°, van de ordonnantie van 5 juni 1997 betreffende de milieuvergunningen.
  § 4. De erkenningsaanvraag moet worden ingediend in overeenstemming met de modaliteiten waarin is voorzien in artikel 71 van de ordonnantie van 5 juni 1997 betreffende de milieuvergunningen.
  De erkenningsaanvraag kan ook via elektronische weg worden ingediend. In dat geval stuurt het Instituut automatisch via elektronische weg een afgiftebewijs, waarop de behandelingstermijnen en de rechtsmiddelen tegen de beslissing vermeld staan.
  De behandeling van de aanvraag verloopt in overeenstemming met de procedure die is beschreven in de artikelen 72 en 73 van de voornoemde ordonnantie. "

  HOOFDSTUK 14. - Wijziging van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 22 maart 2007 inzake de bepaling van de minimumopleidingseisen voor koeltechnici en de registratie van koeltechnische bedrijven

  Art. 33. § 1 Artikel 20, § 1, 1e lid, van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 22 maart 2007 inzake de bepaling van de minimumopleidingseisen voor koeltechnici en de registratie van koeltechnische bedrijven wordt vervangen door de vier volgende leden die zijn opgesteld als volgt :
  " § 1 " De aanvraag tot gelijkwaardigheidsverklaring van een certificaat of diploma inzake koeltechniek moet door de aanvrager worden ingediend bij het BIM per aangetekende brief, per drager op de zetel van het BIM of via elektronische weg.
  Indien de aanvraag tot gelijkwaardigheidsverklaring van een certificaat of diploma inzake koeltechniek per drager wordt afgegeven, levert het Instituut onmiddellijk een afgiftebewijs af, waarop de behandelingstermijnen van het dossier en de rechtsmiddelen tegen de beslissing vermeld staan.
  Indien de aanvraag tot gelijkwaardigheidsverklaring van een certificaat of diploma inzake koeltechniek per aangetekende brief wordt ingediend, levert het Instituut onmiddellijk na ontvangst van de aanvraag een afgiftebewijs af, waarop de behandelingstermijnen en de rechtsmiddelen tegen zijn beslissing vermeld staan.
  Indien de aanvraag tot gelijkwaardigheidsverklaring van een certificaat of diploma inzake koeltechniek via elektronische weg wordt ingediend, stuurt het BIM automatisch via elektronische weg een afgiftebewijs, waarop de behandelingstermijnen en de rechtsmiddelen tegen zijn beslissing vermeld staan. "
  § 2. Paragraaf 3 van artikel 20 van hetzelfde besluit wordt vervangen door een paragraaf 3 die is opgesteld als volgt :
  " § 3.Het BIM onderzoekt de aanvraag en neemt de beslissing om de gelijkwaardigheidsverklaring toe te kennen binnen een termijn van 45 werkdagen te rekenen vanaf, afhankelijk van het geval, de datum van de aanvraag tot gelijkwaardigheid, de toezending ervan per aangetekende brief of via elektronische weg. "

  HOOFDSTUK 15. - Slotbepalingen

  Art. 34. De minister bevoegd voor Leefmilieu wordt belast met de uitvoering van dit besluit.

  Art. 35.Dit besluit treedt op hetzelfde ogenblik in werking als de ordonnantie van [3 februari 2011] die de milieu- en energiewetgeving in overeenstemming brengt met de regels van Richtlijn 2006/123/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 betreffende diensten op de interne markt. <Erratum, B.St. 04-02-2011, p. 9399>
  
  Brussel, 28 oktober 2010.
  Voor de Brusselse Hoofdstedelijke Regering :
  De Minister-Voorzitter van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering,
  Ch. PICQUE
  De Minister van Leefmilieu, Energie en Waterbeleid,
  Mevr. E. HUYTEBROECK

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   De Brusselse Hoofdstedelijke Regering,
   Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, inzonderheid op artikel 20;
   Gelet op de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de Brusselse Instellingen, inzonderheid op artikel 8;
   Gelet op de wet van 26 maart 1971 op de bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging, inzonderheid op artikel 3, § 1;
   Gelet op het koninklijk besluit van 8 maart 1989 tot oprichting van het Brussels Instituut voor Milieubeheer, bekrachtigd bij de wet van 16 juni 1989 houdende diverse institutionele hervormingen, inzonderheid op artikel 3, § 3;
   Gelet op de ordonnantie van 7 maart 1991 betreffende de preventie en het beheer van afvalstoffen, inzonderheid op artikel 13;
   Gelet op de ordonnantie van 5 juni 1997 betreffende de milieuvergunningen, inzonderheid op de artikels 6, § 1, tweede lid, 2°, 23, § 3, 70 en 71, § 1, tweede lid;
   Gelet op de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, inzonderheid op artikel 21, lid 6;
   Gelet op de ordonnantie van 1 april 2004 betreffende de organisatie van de gasmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, betreffende wegenisretributies inzake gas en elektriciteit en houdende wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, inzonderheid op artikel 15, lid 2;
   Gelet op het koninklijk besluit van 3 augustus 1976 houdende algemeen reglement voor het lozen van afvalwater in de gewone oppervlaktewateren, in de openbare riolen en in de kunstmatige afvoerwegen voor regenwater;
   Gelet op het besluit van de Executieve van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van 19 september 1991 houdende verwijdering van afvalolie;
   Gelet op het besluit van de Executieve van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van 19 september 1991 houdende verwijdering van gevaarlijke afvalstoffen;
   Gelet op het besluit van de Executieve van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van 19 september 1991 houdende verwijdering van PCB's;
   Gelet op het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 29 januari 1998 betreffende de erkenning van de opdrachthouder voor effectenstudies;
   Gelet op het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 januari 1999 tot vaststelling van de uitbatingsvoorwaarden van benzinestations;
   Gelet op het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 8 november 2001 betreffende het ingeperkt gebruik van genetisch gemodificeerde en/of pathogene organismen en betreffende de indeling van de betrokken installaties;
   Gelet op het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18 juli 2002 houdende de criteria en de procedure tot toekenning, hernieuwing, overdracht en intrekking van een leveringsvergunning voor elektriciteit;
   Gelet op het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 3 juli 2003 inzake de beperking van de emissie van vluchtige organische stoffen in installaties voor oppervlaktereiniging;
   Gelet op het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 3 juli 2003 inzake de beperking van de emissie van vluchtige organische stoffen bij bepaalde drukactiviteiten of bij bepaalde werkzaamheden van de grafische industrie zoals lakken en op film zetten;
   Gelet op het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 6 mei 2004 houdende de criteria en de procedure tot toekenning, hernieuwing, overdracht en intrekking van een leveringsvergunning voor gas en houdende wijziging van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18 juli 2002 houdende de criteria en de procedure tot toekenning, hernieuwing, overdracht en intrekking van een leveringsvergunning voor elektriciteit;
   Gelet op het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 3 juni 2004 betreffende de beheerders van afgedankte elektrische en elektronische apparatuur;
   Gelet op het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 22 maart 2007 inzake de bepaling van de minimumopleidingseisen voor koeltechnici en de registratie van koeltechnische bedrijven;
   Gelet op het advies van de Raad voor het Leefmilieu van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, gegeven op 13 september 2010;
   Gelet op het advies van de Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, gegeven op 13 september 2010;
   Gelet op de dringendheid, gemotiveerd door het feit dat krachtens artikel 44, § 1, van Richtlijn 2006/123/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 betreffende diensten op de interne markt, de lidstaten de wettelijke, reglementaire en administratieve bepalingen die nodig zijn om zich te voegen naar die richtlijn vóór 28 december 2009 van kracht zouden moeten laten worden;
   Dat de Europese Commissie op 24 juni 2010 een met redenen omkleed advies naar de Belgische overheid heeft gestuurd omdat zij de nationale maatregelen voor de omzetting van de richtlijn niet binnen de opgelegde termijn heeft meegedeeld;
   Dat een aanhangigmaking bij het Hof van Justitie van de Europese Unie, op vrij korte termijn zou moeten volgen, indien alle bepalingen voor de omzetting van de richtlijn niet snel van kracht worden;
   Dat dus onmiddellijk alle maatregelen getroffen moeten worden om een veroordeling door het Hof van Justitie van de Europese Unie te vermijden met de zware financiële sancties die een dergelijke veroordeling met zich zou kunnen meebrengen;
   Dat de goedkeuring van de voorgestelde tekst tot doel heeft de voornoemde Richtlijn 2006/123/EG gedeeltelijk om te zetten;
   Dat de tekst bijgevolg zo vlug mogelijk goedgekeurd moet worden en in werking zou moeten treden;
   Gelet op het advies 48.805/3 van de Raad van State, gegeven op 13/10/10, in overeenstemming met artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
   Op voorstel van de minister van Leefmilieu, Energie en Waterbeleid.
   Na beraadslaging,
   Besluit :
Erratum Tekst Begin

BEELD
2011031073
PUBLICATIE :
2011-02-04
bladzijde : 9399

Erratum



Begin Eerste woord Laatste woord Aanhef
Inhoudstafel
Erratum Franstalige versie