J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
Inhoudstafel 4 uitvoeringbesluiten 5 gearchiveerde versies
Handtekening Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/besluit/2008/11/13/2008031599/justel

Titel
13 NOVEMBER 2008. - [Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot bepaling van de handelingen en werken die vrijgesteld zijn van een stedenbouwkundige vergunning, van het advies van de gemachtigde ambtenaar, van de gemeente, van de koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, van de overlegcommissie evenals van de speciale regelen van openbaarmaking of van de medewerking van een architect] <BESL 2011-04-07/09, art. 31, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>
(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 02-12-2008 en tekstbijwerking tot 29-08-2014)

Bron : BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST
Publicatie : 02-12-2008 nummer :   2008031599 bladzijde : 63257   BEELD
Dossiernummer : 2008-11-13/37
Inwerkingtreding : 12-12-2008

Inhoudstafel Tekst Begin
TITEL I. - DEFINITIES.
Art. 1
TITEL II. - BEPALINGEN DIE VAN TOEPASSING ZIJN OP GOEDEREN DIE NIET HET VOORWERP ZIJN VAN EEN BESCHERMINGSMAATREGEL.
HOOFDSTUK I. - Tijdelijke installaties en werven.
Art. 2
HOOFDSTUK II. - Tijdelijke installaties en werven.
Afdeling 1. [1 - Handelingen en werken vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning]1
Art. 3-4
Afdeling 2. [1 - Handelingen en werken vrijgesteld van het advies van de gemachtigde ambtenaar, van de gemeente, evenals van de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie]1
Art. 4/1
HOOFDSTUK III. - Handelingen en werken aan wegen.
Art. 5-7, 7/1
HOOFDSTUK IV. - Verbouwings- en inrichtingswerken binnen het gebouw.
Art. 8
Afdeling 1. - Handelingen en werken vrijgesteld van stedenbouwkundige vergunning.
Art. 9
Afdeling 2. - Handelingen en werken vrijgesteld van het advies van de gemachtigde ambtenaar of van het advies van de gemeente.
Art. 10
Afdeling 3. - Handelingen en werken vrijgesteld van de medewerking van een architect.
Art. 11
HOOFDSTUK V. - De bestemmingsveranderingen en de gebruiksveranderingen onderworpen aan een vergunning.
Art. 12
Afdeling 1. - Handelingen en werken vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning.
Art. 13
Afdeling 2. - Handelingen en werken vrijgesteld van het advies van de gemachtigde ambtenaar of van het advies van de gemeente.
Art. 14, 14/1
Afdeling 3. - Handelingen en werken vrijgesteld van de medewerking van een architect.
Art. 15
HOOFDSTUK VI. - Afbraak zonder wederopbouw.
Art. 16
Afdeling 1. - Handelingen en werken vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning.
Art. 17
Afdeling 2. - Handelingen en werken vrijgesteld van het advies van de gemachtigde ambtenaar of van het advies van de gemeente.
Art. 18
Afdeling 3. - Handelingen en werken vrijgesteld van de medewerking van een architect.
Art. 19
HOOFDSTUK VII. - Inrichtingen, constructies, verbouwingen en wijzigingen aan de buitenkant van het gebouw.
Art. 20
Afdeling 1. - Handelingen en werken vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning.
Art. 21
Afdeling 2. - Handelingen en werken vrijgesteld van het advies van de gemachtigde ambtenaar of van het advies van de gemeente.
Art. 22
Afdeling 3. - Handelingen en werken vrijgesteld van de medewerking van een architect.
Art. 23
HOOFDSTUK VIII. - Reclame en uithangborden.
Art. 24
Afdeling 1. - Handelingen en werken vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning.
Art. 25
Afdeling 2. - Handelingen en werken vrijgesteld van het advies van de gemachtigde ambtenaar of van het advies van de gemeente.
Art. 26
Afdeling 3. - Handelingen en werken vrijgesteld van de medewerking van een architect.
Art. 27
HOOFDSTUK IX. - Antennes voor telecommunicatie met uitzondering van schotelantennes of daarmee gelijkgestelde antennes bestemd voor de ontvangst van televisieprogramma's en voor privé-gebruik.
Afdeling 1. [1 Handelingen en werken vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning]1
Art. 28-30
Afdeling 2. [1 Handelingen en werken die zijn vrijgesteld van het advies van de gemeente, van de speciale regelen van openbaarmaking en van het advies van de overlegcommissie]1
Art. 30/1
HOOFDSTUK X. - Aanleg van tuinen, groene ruimten en begraafplaatsen en het vellen van bomen.
Art. 31
Afdeling 1. - Handelingen en werken vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning.
Art. 32
Afdeling 2. - Handelingen en werken vrijgesteld van het advies van de gemachtigde ambtenaar of van het advies van de gemeente.
Art. 33
TITEL III. - [1 BEPALINGEN VAN TOEPASSING OP GOEDEREN DIE HET VOORWERP UITMAKEN VAN EEN BESCHERMINGSMAATREGEL]1
HOOFDSTUK I. - [1 Algemene bepalingen]1
Afdeling 1. - [1 Toepassingsveld]1
Art. 34
Afdeling 2. - [1 Handelingen en werken voor identieke restauratie die zijn vrijgesteld van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en landschappen, alsook van het advies van de gemeente, van de speciale regelen van openbaarmaking en van het advies van de overlegcommissie.]1
Art. 34/1
Afdeling 3. - [1 Handelingen en werken voor historische restauratie die zijn vrijgesteld van het advies van de gemeente, van de speciale regelen van openbaarmaking en van het advies van de overlegcommissie.]1
Art. 34/2
HOOFDSTUK II. - [1 Tijdelijke installaties en werven]1
Art. 35
Afdeling 1. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de niet beschermde delen van een beschermd goed en vrijgesteld zijn van een stedenbouwkundige vergunning.]1
Art. 35/1
Afdeling 2. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op beschermde delen van een beschermd goed.]1
Onderafdeling 1. - [1 Handelingen en werken vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning.]1
Art. 35/2
Onderafdeling 2. - [1 Handelingen en werken vrijgesteld van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen en van het advies van de gemeente, van de speciale regelen van openbaarmaking en van het advies van de overlegcommissie]1
Art. 35/3
HOOFDSTUK III. - [1 Handelingen en werken aan wegen]1
Art. 35/4, 35/5, 35/6
HOOFDSTUK IV. - [1 Verbouwings- en inrichtingswerken binnen het gebouw]1
Art. 35/7
Afdeling 1. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de niet beschermde delen van een beschermd goed en vrijgesteld zijn van een stedenbouwkundige vergunning]1
Art. 35/8, 35/9
Afdeling 2. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de beschermde delen van een beschermd goed]1
Onderafdeling 1. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de beschermde delen van een beschermd goed en vrijgesteld zijn van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen evenals van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie]1
Art. 35/10
Onderafdeling 2. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de beschermde delen van een beschermd goed en vrijgesteld zijn van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie]1
Art. 35/11
HOOFDSTUK V. - [1 De bestemmingsveranderingen en de gebruiksveranderingen onderworpen aan een stedenbouwkundige vergunning]1
Art. 35/12
Afdeling 1. - [1 Handelingen en werken vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning.]1
Art. 35/13
Afdeling 2. - [1 Handelingen en werken vrijgesteld van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie]1
Art. 35/14
Afdeling 3. - [1 Handelingen en werken vrijgesteld van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen.]1
Art. 35/15
Afdeling 4. - [1 Handelingen en werken vrijgesteld van de medewerking van een architect]1
Art. 35/16
HOOFDSTUK VI. - [1 Afbraak zonder wederopbouw en demontage]1
Art. 35/17
Afdeling 1. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de niet-beschermde delen van een beschermd goed en vrijgesteld zijn van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie]1
Art. 35/18
Afdeling 2. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de beschermde delen van een beschermd goed en vrijgesteld zijn van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen evenals van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie]1
Art. 35/19
Afdeling 3. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de niet-beschermde delen van een beschermd goed of die betrekking hebben op de beschermde delen van een beschermd goed en vrijgesteld zijn van de medewerking van een architect]1
Art. 35/20
HOOFDSTUK VII. - [1 Inrichtingen, constructies, verbouwingen en wijzigingen aan de buitenkant van het gebouw]1
Art. 35/21
Afdeling 1. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de niet-beschermde delen van een beschermd goed.]1
Onderafdeling 1. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de niet-beschermde delen van een beschermd goed en vrijgesteld zijn van een stedenbouwkundige vergunning.]1
Art. 35/22
Onderafdeling 2. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de niet-beschermde delen van een beschermd goed en vrijgesteld zijn van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie]1
Art. 35/23
Onderafdeling 3. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de niet beschermde delen van een beschermd goed en vrijgesteld zijn van de medewerking van een architect.]1
Art. 35/24
Afdeling 2. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de beschermde delen van een beschermd goed.]1
Onderafdeling 1. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de beschermde delen van een beschermd goed en vrijgesteld zijn van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, alsook van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie]1
Art. 35/25
Onderafdeling 2. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de beschermde delen van een beschermd goed en vrijgesteld zijn van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie.]1
Art. 35/26
Onderafdeling 3. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de beschermde delen van een beschermd goed en vrijgesteld zijn van de medewerking van een architect.]1
Art. 35/27
HOOFDSTUK VIII. - [1 Reclame- en uithangborden]1
Art. 35/28
Afdeling 1. - [1 Handelingen en werken die vrijgesteld zijn van een stedenbouwkundige vergunning.]1
Art. 35/29
Afdeling 2. - [1 Handelingen en werken vrijgesteld van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen evenals van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie.]1
Art. 35/30
Afdeling 3. - [1 Handelingen en werken vrijgesteld van de medewerking van een architect.]1
Art. 35/31
HOOFDSTUK IX. - [1 Opgravingen en peilingen]1
Art. 35/32, 35/33
HOOFDSTUK X. - [1 Aanleg van tuinen, groene ruimten en begraafplaatsen en het vellen van bomen]1
Art. 35/34
Afdeling 1. - [1 Handelingen en werken die vrijgesteld zijn van een stedenbouwkundige vergunning]1
Art. 35/35
Afdeling 2. - [1 Handelingen en werken die vrijgesteld zijn van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, alsook van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie]1
Art. 35/36
TITEL IV. - SLOTBEPALINGEN.
Art. 36-37

Tekst Inhoudstafel Begin
TITEL I. - DEFINITIES.

  Artikel 1.Voor de toepassing van dit besluit, dient men te verstaan onder :
  1° " BWRO " : het Brussels Wetboek van Ruimtelijke Ordening goedgekeurd bij besluit van de Regering van 9 april 2004 en bekrachtigd door de ordonnantie van 13 mei 2004;
  2° " Minister " : de Minister bevoegd voor Ruimtelijke Ordening;
  3° " het Bestuur " : het Bestuur Ruimtelijke Ordening en Huisvesting;
  4° " Advies van de overlegcommissie " : advies van de overlegcommissie bedoeld in artikel 9 van het BWRO;
  5° " advies van de koninklijke commissie voor monumenten en landschappen " : advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen bedoeld in artikel 11 van het BWRO;
  6° " advies van de gemeente " : advies van het college van burgemeester en schepenen vereist krachtens het BWRO;
  7° " advies van de gemachtigde ambtenaar " : advies van de ambtenaar van het Bestuur bedoeld in artikel 5 van het BWRO;
  8° " beschermd goed " of " goed dat het voorwerp uitmaakt van een beschermingsmaatregel " : monument, geheel van onroerende goederen, landschap of archeologisch opgravingsterrein dat beschermd is of op de bewaarlijst ingeschreven staat of dat het voorwerp uitmaakt van een procedure tot bescherming of tot inschrijving op de bewaarlijst, met toepassing van titel V van het BWRO;
  [1 8°bis " beschermde delen van een beschermd goed " : bijzondere elementen of delen van een beschermd goed die specifiek beoogd worden door een beschermingsmaatregel;]1
  9° " architecturaal aspect " : geheel van de kenmerken van de volumes en van het buitenomhulsel van een gebouw dat bijdraagt tot de architecturale samenstelling van het geheel; [2 Als het betrokken gebouw een beschermd goed is, dient men onder " architecturaal aanzicht " echter het volgende te verstaan : het geheel van kenmerken zowel aan de binnen- als aan de buitenkant van het gebouw die bijdragen tot de architecturale compositie, de volumetrie, de samenhang en de harmonie van het gebouw;]2
  10° " hoogstam " : boom waarvan de stam op 1,50 m van de grond een omtrek van minstens 40 cm heeft en die ten minste 4,00 m hoog is;
  11° " vloeroppervlakte " : som van de overdekte vloeren met een vrije hoogte van ten minste 2,20 m van alle lokalen, behalve de lokalen gelegen beneden het terreinniveau die voor parkeerplaatsen, kelders, technische voorzieningen en opslagplaatsen bestemd zijn.
  De vloerafmetingen worden buitenwerks gemeten tussen de onbeklede buitenwanden van de gevelmuren, met dien verstande dat de vloeren worden geacht door te lopen, zonder rekening te houden met de onderbreking ervan door scheidingswanden en binnenmuren, of door kokers, trappenhuizen en liftschachten;
  12° " woning " : Geheel van lokalen die voor de huisvesting of voor de bewoning door een of meer personen werden ontworpen, voor zover er geen andere bestemming wettelijk werd gevestigd, met inbegrip van rusthuizen en erkende of gesubsidieerde verblijfplaatsen, en met uitzondering van hotelinrichtingen;
  13° " handelszaak " : Geheel van lokalen, toegankelijk voor het publiek, waarin diensten worden verleend of roerende goederen worden verkocht, met inbegrip van de bijbehorende kantoren en lokalen.
  14 ° " GBP " : Gewestelijk Bestemmingsplan;
  [3 15° " identieke restauratie " : binnen de grenzen van het begrip restauratie als bedoeld in artikel 98, § 1, 11° van het BWRO, het opknappen volgens de regels van de kunst van een deel of het geheel van een beschermd goed als het erom gaat het goed in kwestie of de betrokken delen ervan te behouden in de laatst gekende hedendaagse toestand, zonder hun aanzicht te wijzigen en zonder de geringste wijziging van hun volume of materialen;
   16° "historische restauratie" : binnen de grenzen van het begrip restauratie als bedoeld in artikel 98, § 1, 11° van het BWRO, het opknappen volgens de regels van de kunst van een deel of het geheel van een beschermd goed als het erom gaat het te herstellen in een gekende staat daterend van vóór de laatst gekende hedendaagse staat van het goed in kwestie of de betrokken delen ervan, wat eventueel een wijziging van hun huidige aanzicht met zich mee kan brengen;]3
  ----------
  (1)<BESL 2011-04-07/09, art. 1, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>
  (2)<BESL 2011-04-07/09, art. 2, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>
  (3)<BESL 2011-04-07/09, art. 4, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  TITEL II. - BEPALINGEN DIE VAN TOEPASSING ZIJN OP GOEDEREN DIE NIET HET VOORWERP ZIJN VAN EEN BESCHERMINGSMAATREGEL.

  HOOFDSTUK I. - Tijdelijke installaties en werven.

  Art. 2. Dit hoofdstuk is van toepassing op de goederen die niet het voorwerp zijn van een beschermingsmaatregel.

  HOOFDSTUK II. - Tijdelijke installaties en werven.

  Afdeling 1. [1 - Handelingen en werken vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2014-06-25/04, art. 1, 005; Inwerkingtreding : 05-09-2014>

  Art. 3. Dit Hoofdstuk is van toepassing op de tijdelijke installaties en werven.

  Art. 4.Onverminderd de bepalingen van hoofdstuk VIII en voor zover ze niet afwijken van een bestemmingsplan, van een stedenbouwkundige verordening of van een verkavelingsvergunning zijn de volgende handelingen en werken vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning :
  1° de tijdelijke werken, handelingen en wijzigingen die nodig zijn voor de uitvoering van de werf en voor de duur die nodig is om de werken uit te voeren;
  2° de plaatsing van installaties met een sociaal, cultureel, recreatief of evenementeel karakter, geplaatst voor een maximumduur van drie maand, uitgezonderd de reclame- en uithangborden;
  3° de plaatsing van versieringen ter gelegenheid van evenementen, manifestaties of festiviteiten, voor een maximumduur van drie maand, uitgezonderd de reclame- en uithangborden;
  4° de ondergronds uitgevoerde handelingen en werken en de werken van uitgraving en aanaarding uit te voeren in het kader van de wetgeving betreffende het beheer en de sanering van verontreinigde bodems voor zover dat deze handelingen en werken zouden [1 nadat zij beëindigd zijn, geen reliëfwijziging veroorzaken]1.
  [2 5° de bouw en de plaatsing van elementen, ontwikkeld in het kader van het universitair onderzoek of verbonden aan het niet-universitair hoger onderwijs, voor zover dat aan de volgende voorwaarden werd voldaan :
   - de betrokken elementen blijven slechts ter plaatse voor de duur die het onderzoek vereist en voor een maximumduur van vijf jaar;
   - de stabiliteit van deze elementen moet nagegaan zijn door een studiebureau of een verantwoordelijke leerkracht in het kader van het betrokken onderzoek.]2
  ----------
  (1)<BESL 2011-04-07/09, art. 5, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>
  (2)<BESL 2014-06-25/04, art. 2, 005; Inwerkingtreding : 05-09-2014>

  Afdeling 2. [1 - Handelingen en werken vrijgesteld van het advies van de gemachtigde ambtenaar, van de gemeente, evenals van de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2014-06-25/04, art. 3, 005; Inwerkingtreding : 05-09-2014>

  Art. 4/1. [1 Zelfs indien ze niet afwijken van een bestemmingsplan, van een stedenbouwkundige verordening of van een verkavelingsvergunning, zijn " modulaire " bouwwerken bestemd voor de gewestelijke openbare huisvesting in de zin van artikel 2, § 2 van de Brusselse Huisvestingscode van tijdelijke aard voor een termijn van vijftien à twintig jaar, al naargelang de afschrijvingsduur, vrijgesteld van het advies van de gemachtigde ambtenaar of van de gemeente, evenals van de speciale regelen van openbaarmaking en van het advies van de overlegcommissie . " Deze woningen zijn bestemd voor het tijdelijke onthaal van de bewoners die het voorwerp uitmaken van renovatiewerkenen dit gedurende de duur van de werken.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2014-06-25/04, art. 4, 005; Inwerkingtreding : 05-09-2014>

  HOOFDSTUK III. - Handelingen en werken aan wegen.

  Art. 5. Dit hoofdstuk is van toepassing op de handelingen en werken aan wegen

  Art. 6.Voor zover ze niet afwijken van een bestemmingsplan, van een stedenbouwkundige verordening of van een verkavelingsvergunning, en ze geen aanvulling zijn van werken waarvoor een stedenbouwkundige vergunning vereist is, worden de volgende handelingen en werken aan wegen vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning :
  1° voor zover de handelingen en werken geen wijziging inhouden van de essentiële kenmerken van het dwarsprofiel, de vernieuwing van de wegfundamenten en van het wegdek, bermen, kantstenen en stoepen, met uitzondering van de wijzigingen van wegverhardingen in natuursteen;
  2° de vernieuwing, zonder wijziging van de essentiële kenmerken van het dwarsprofiel van de bijbehorende elementen zoals vangrails en kantstenen;
  3° de plaatsing, vernieuwing of verplaatsing van de inrichtingen voor waterafvoer zoals greppels, straatkolken, riooldeksels, riolen en collectoren van minder dan 1,25 m binnendiameter;
  4° [1 4° de plaatsing, vernieuwing of verplaatsing van kabels, buizen, leidingen en goten van minder dan 1,25 meter binnendiameter, gelegen in de openbare ruimte;]1
  5° de voorlopige proefaanleg van wegen voor een maximumduur van twee jaar;
  6° het plaatsen of wijzigen van snelheidsremmers, in toepassing van de specialisatie van de wegen van het Gewestelijk Ontwikkelingsplan op de plaatselijke wegen en de verzamelwegen.
  ----------
  (1)<BESL 2014-06-25/04, art. 5, 005; Inwerkingtreding : 05-09-2014>

  Art. 7.Voor zover ze niet afwijken van een bestemmingsplan, van een stedenbouwkundige verordening of van een verkavelingsvergunning, en ze geen aanvulling zijn van werken waarvoor een stedenbouwkundige vergunning vereist is, of het voorwerp zijn van een herhaling over de lengte van de weg, worden de volgende handelingen en werken aan wegen vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning :
  1° de kleine aanlegwerken van ruimten bestemd voor voetgangers en fietsers die de plaatselijke verruiming en de verbetering van het esthetisch aspect ervan of de veiligheid van de gebruikers beogen;
  2° de aanlegwerken van ruimten bestemd voor beplantingen;
  3° het plaatsen, verplaatsen of verwijderen van volgende inrichtingen of elementen :
  a) de al dan niet verlichte verkeerstekens met inbegrip van het onderstel ervan, de portalen uitgezonderd, alsmede de beveiliging ervan tegen het verkeer;
  b) de vaste of mobiele voorzieningen ter beperking van het verkeer en het parkeren;
  c) de controle- of informatiesystemen voor het parkeren of het verkeer zoals parkeermeters, uurmeters, radars, camera's;
  d) de voorzieningen voor het parkeren van tweewielers, met uitzondering van de gesloten voorzieningen van meer dan 20 m2;
  e) de bijbehorende elementen van al dan niet ondergrondse technische installaties zoals elektrische bedieningskasten voor verkeerslichten of straatverlichting, praatpalen, hydranten, bedieningskasten voor teledistributie;
  f) de zitbanken, tafels, afvalbakken, [1 al dan niet ingegraven containers bestemd voor de inzameling van huishoudelijk of daarmee gelijkgesteld afval]1, telefooncellen, kleine fonteinen, plantenbakken, brievenbussen;
  g) de installaties voor openbare verlichting;
  h) de wachthokjes aan de halten van het openbaar vervoer, voor zover ze niet hoger zijn dan 2,80 meter, en hun uitrustingen;
  4° het aanbrengen of het wijzigen van verkeerstekens op de grond;
  5° het plaatsen of wijzigen van verkeersvertragende inrichtingen die zich in de buurt van een schooluitgang bevinden of die niet op het primair wegennet liggen en die niet bedoeld worden onder [2 artikel 6.6°]2;
  6° onverminderd het voorafgaand bekomen van een wegtoelating, het plaatsen, van een niet overdekt seizoensterras in de horeca, voor zover de oppervlakte ervan niet meer dan 50 m2 bedraagt en er een hindernisvrije doorgang behouden blijft over minstens één derde van de breedte van de voor de voetgangers gereserveerde ruimte, met een minimum van 2 meter;
  [3 Wanneer de in het eerste lid, 3°, c), d), e), f), g) en h) bedoelde handelingen en werken plaatsvinden op minder dan 10 meter van een beschermd goed, blijven zij onderworpen aan een stedenbouwkundige vergunning, maar worden zij, in voorkomend geval, vrijgesteld van het krachtens artikel 237, § 1 van het BWRO vereiste advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, alsook van het advies van de gemachtigde ambtenaar of, in het geval van een aanvraag ingediend overeenkomstig artikel 175 van het BWRO, van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie.]3
  ----------
  (1)<BESL 2011-04-07/09, art. 6, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>
  (2)<BESL 2011-04-07/09, art. 7, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>
  (3)<BESL 2011-04-07/09, art. 8, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 7/1. [1 De voorafgaande verklaring zoals bedoeld in artikel 98 § 2, vierde lid, van het Brussels Wetboek van ruimtelijke ordening van 9 april 2004 bevat minstens het volgende :
   1° een document, opgesteld en ondertekend door de aangever, en dit houdt in :
   - de identiteit van de aangever;
   - de plaatsbepaling van het project;
   - desgevallend, de lijnen van openbaar vervoer, boven- of ondergronds;
   - in voorkomend geval, de aard en de oppervlaktes van de vernieuwde bekleding;
   - desgevallend, de aanwezigheid van bomen.
   2° een beschrijving van de werken met inbegrip van een weergave van de toestand zowel voor als na de werken, meer specifiek :
   - de beschrijving van de huidige toestand;
   - de beschrijving van de geplande toestand;
   - de verklaring van de doelstellingen van het ontwerp;
   - de beschrijving met betrekking tot de aard en de staat van de eventuele delen van het wegennet die bestaan en onderhouden blijven en die niet betrokken zijn bij de geplande werken;
   - de gegevens met betrekking tot het verkeersregime, voor de huidige toestand en de geplande toestand.
   3° het plan en een doorsnede van de bestaande en geplande toestand, met inbegrip van de markeringen en signalisatie, op een schaal die voldoende is om de geplande werken goed te kunnen begrijpen.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2014-05-08/66, art. 1, 003; Inwerkingtreding : 01-09-2014>

  HOOFDSTUK IV. - Verbouwings- en inrichtingswerken binnen het gebouw.

  Art. 8. Dit hoofdstuk is van toepassing op de verbouwings- en inrichtingswerken binnen het gebouw.

  Afdeling 1. - Handelingen en werken vrijgesteld van stedenbouwkundige vergunning.

  Art. 9.Voor zover ze niet afwijken van een bestemmingsplan, van een stedenbouwkundige verordening of van een verkavelingsvergunning, en ze geen wijziging inhouden van het bouwvolume evenmin als van het architecturaal aanzicht van het gebouw, worden de volgende handelingen en werken vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning :
  1° het plaatsen of wegnemen van binneninstallaties zoals sanitaire, elektrische, verwarmings-, isolerings-, verluchtings- of telecommunicatie-installaties;
  2°de verbouwingswerken binnen het gebouw of de werken voor de inrichting van lokalen, voor zover ze niet de oplossing van een eigenlijk stabiliteitsprobleem inhouden en zij geen wijziging inhouden van het aantal of van de [1 verdeling]1 van de woningen wanneer het om een woongebouw gaat, of van de kamers wanneer het een hotel betreft, en niet gepaard gaan met een verandering van gebruik onderworpen aan een vergunning of een verandering van bestemming, andere dan deze die vrijgesteld zijn van vergunning in [1 artikel 13]1.
  ----------
  (1)<BESL 2011-04-07/09, art. 9, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 2. - Handelingen en werken vrijgesteld van het advies van de gemachtigde ambtenaar of van het advies van de gemeente.

  Art. 10. De handelingen en werken inzake verbouwing en inrichting binnen het gebouw worden vrijgesteld van het advies van de gemachtigde ambtenaar of, in het geval van een aanvraag ingediend overeenkomstig artikel 175 van het BWRO, van het advies van de gemeente, voor zover :
  1° ze geen afwijking op een bestemmingsplan, een stedenbouwkundige verordening of een verkavelingsvergunning inhouden;
  2° ze noch het advies van de overlegcommissie noch de speciale regelen van openbaarmaking vereisen of deze slechts vereist zijn in toepassing van de voorschriften van een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening of een bijzonder bestemmingsplan;
  3° indien er sprake is van een vergroting van de vloeroppervlakte, deze niet groter is dan 200 m2;

  Afdeling 3. - Handelingen en werken vrijgesteld van de medewerking van een architect.

  Art. 11. De medewerking van een architect is niet vereist voor de verbouwingswerken binnen het gebouw en de inrichtingswerken voor lokalen, voor zover ze niet de oplossing van een eigenlijk stabiliteitsprobleem en evenmin een wijziging van het bouwvolume of het architecturaal aanzicht inhoude.

  HOOFDSTUK V. - De bestemmingsveranderingen en de gebruiksveranderingen onderworpen aan een vergunning.

  Art. 12. Dit hoofdstuk is van toepassing op de Bestemmingsveranderingen en de gebruiksveranderingen onderworpen aan een vergunning.

  Afdeling 1. - Handelingen en werken vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning.

  Art. 13. Voor zover ze niet afwijken van een bestemmingsplan, van een stedenbouwkundige verordening of van een verkavelingsvergunning, worden de volgende handelingen en werken vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning :
  1° de wijziging van de bestemming van een deel van een woning om er de uitoefening van een vrij beroep mogelijk te maken, met inbegrip van de medische en paramedische beroepen, of de uitoefening van een bedrijf voor intellectuele dienstverlening die afzonderlijk wordt uitgeoefend, onverminderd het uitvoeringspersoneel, voor zover de voor deze activiteiten bestemde vloeroppervlakte minder is dan of gelijk is aan 75 m2 en dat deze activiteiten :
  - ofwel een aanvulling zijn bij het hoofdverblijf van de persoon die de activiteit uitoefent;
  - ofwel een aanvulling zijn bij het hoofdverblijf van één der vennoten of bestuurders van de rechtspersoon die deze activiteit uitoefent.
  2° de wijziging van de bestemming in de bouw- of stedenbouwkundige vergunning vermelde bestemming van een of bepaalde voor huisvesting bestemde kamers op voorwaarde dat deze kamers voor huisvesting bestemd blijven en dat het aantal of de indeling van de woningen niet gewijzigd zouden worden.

  Afdeling 2. - Handelingen en werken vrijgesteld van het advies van de gemachtigde ambtenaar of van het advies van de gemeente.

  Art. 14. De bestemmingswijzigingen en de gebruikswijzigingen die onderworpen worden aan een vergunning worden vrijgesteld van het advies van de gemachtigde ambtenaar of, in het geval van een aanvraag ingediend overeenkomstig artikel 175 van het BWRO, van het advies van de gemeente, voor zover :
  1° ze geen afwijking aan een bestemmingsplan, een stedenbouwkundige verordening of een verkavelingsvegrunning inhouden;
  2° deze wijziging noch het advies van de overlegcommissie noch de speciale regelen van openbaarmaking vereist, of deze slechts vereist zijn in toepassing van de voorschriften van een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening of een bijzonder bestemmingsplan;
  3° de bij deze wijziging betrokken vloeroppervlakte niet meer bedraagt dan 200 m2;

  Art. 14/1. [1 De bestemmingswijzigingen van een plat dak tot een terras worden vrijgesteld van het advies van de gemachtigde ambtenaar of, in het geval van een aanvraag ingediend overeenkomstig artikel 175 van het BWRO, van het advies van de gemeente, voor zover deze geen enkele afwijking van een bestemmingsplan, een stedenbouwkundige verordening of een verkavelingsvergunning met zich meebrengen.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 10, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 3. - Handelingen en werken vrijgesteld van de medewerking van een architect.

  Art. 15. De medewerking van een architect is niet verplicht voor de wijziging van gebruik onderworpen aan een vergunning of van bestemming van het geheel of van een deel van een goed indien voor deze wijziging geen werken vereist zijn of indien de verbouwingswerken binnen het gebouw en de werken voor de inrichting van lokalen niet de oplossing van een eigenlijk stabiliteitsprobleem inhouden.

  HOOFDSTUK VI. - Afbraak zonder wederopbouw.

  Art. 16. Dit hoofdstuk is van toepassing op de afbraak zonder wederopbouw.

  Afdeling 1. - Handelingen en werken vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning.

  Art. 17. Voor zover ze niet afwijkt van een bestemmingsplan, een stedenbouwkundige verordening of een verkavelingsvergunning, wordt de afbraak zonder wederopbouw van bijgebouwen vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning, voor zover :
  a) de afbraak niet de oplossing van een stabiliteitsprobleem voor de behouden gebouwen inhoudt;
  b) de afpleistering van de eventuele blote muren verzekerd wordt;
  c) hun vloeroppervlakte minder bedraagt dan 100 m2;
  d) ze vervangen worden door ruimten voor koeren en tuinen;
  e) ze niet zichtbaar zijn vanaf de openbare ruimte.

  Afdeling 2. - Handelingen en werken vrijgesteld van het advies van de gemachtigde ambtenaar of van het advies van de gemeente.

  Art. 18.De afbraak van bijgebouwen zonder wederopbouw niet bedoeld door [1 artikel 17]1 wordt vrijgesteld van het advies van de gemachtigde ambtenaar of, in het geval van een aanvraag ingediend overeenkomstig artikel 175 van het BWRO, van het advies van de gemeente, voor zover :
  1° dit geen afwijking inhoudt op een bestemmingsplan, een stedenbouwkundige verordening of een verkavelingsvegunning;
  2° de bij deze afbraak betrokken vloeroppervlakte niet meer bedraagt dan 200 m2;
  ----------
  (1)<BESL 2011-04-07/09, art. 11, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 3. - Handelingen en werken vrijgesteld van de medewerking van een architect.

  Art. 19. De medewerking van een architect is niet vereist voor de afbraak van aan het hoofdgebouw toegevoegde bijgebouwen, ertegen of vrijstaand, voor zover deze niet de oplossing van een stabiliteitsprobleem voor de behouden gebouwen inhoudt.

  HOOFDSTUK VII. - Inrichtingen, constructies, verbouwingen en wijzigingen aan de buitenkant van het gebouw.

  Art. 20. Dit hoofdstuk is van toepassing op de inrichtingen constructies, verbouwingen en wijzigingen aan de buitenkant van het gebouw.

  Afdeling 1. - Handelingen en werken vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning.

  Art. 21.Voor zover ze niet afwijken van een bestemmingsplan, een stedenbouwkundige verordening of een verkavelingsvergunning, worden de volgende handelingen en werken vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning :
  1° in het gebied voor koeren en tuinen en in de achteruitbouwstrook, voor zover er geen wijziging van het bodemreliëf van meer dan 50 cm uit voortvloeit :
  a) de inrichtingen zoals wegen, terrassen, omheiningen evenals de plaatsing van voorzieningen voor huishoudelijk, recreatief of decoratief gebruik, overeenkomstig een bestemming van deze gebieden, voor zover :
  - in de achteruitbouwstrook, hun totale hoogte niet meer bedraagt dan 1,00 m;
  - in het gebied voor koeren en tuinen, hun totale hoogte niet meer bedraagt dan 3,00 m en het hellend vlak van 45° ten opzichte van de waterpaslijn dat loopt vanaf de top van de mandelige muren of, bij gebrek aan een muur, vanaf een hoogte van 1,50 m loodrecht op de mandelige grens, niet overschrijdt; deze hoogte kan op 4,50 m worden gebracht voor de plaatsing van toestellen die nodig zijn voor het uitoefenen van spelen, in een openbare groene ruimte of een voorziening van collectief belang of van openbare diensten zoals door het GBP bepaald;
  - in het geval van water- of brandstofketels, mangaten, kanaliseringen, bekabelingen en individuele installaties voor waterinfiltratie of sanering, ze ondergronds worden geplaatst;
  - in het geval van een niet overdekt zwembad, het zich in het gebied voor koeren en tuinen bevindt en de oppervlakte ervan niet meer dan 20 m2 bedraagt. Het zwembad moet daarenboven op een afstand van minstens 2 meter van de aanpalende eigendommen gelegen zijn;
  - in het geval van een siervijver, deze zich in het gebied voor koeren en tuinen bevindt en de oppervlakte ervan niet meer dan 20 m2 bedraagt. De siervijver moet daarenboven op een afstand van minstens 2 meter van de aanpalende eigendommen gelegen zijn;
  b) de constructie van een nevengebouw, vrijstaand van het hoofd- of de bijgebouwen en dat niet voor bewoning bestemd is, voor zover :
  - het in het gebied voor koeren en tuinen gelegen is;
  - de oppervlakte ervan, met inbegrip van het projectievlak van het dak op de grond, niet meer dan 9 m2 bedraagt;
  - de totale hoogte niet meer dan 3,00 m bedraagt en het hellend vlak van 45° ten opzichte van de waterpaslijn dat loopt vanaf de top van de mandelige muren of, bij gebrek aan een muur, vanaf een hoogte van 1,50 m loodrecht op de mandelige grens, niet overschrijdt;
  2° op een dak met een helling van minder dan 45° ten opzichte van de waterpaslijn, de plaatsing van lichtkoepels, dakvensters of glasramen die in het vlak van het dak zijn gerealiseerd, voor zover :
  - wanneer het om een hellend dak gaat, hun gecumuleerde oppervlakte niet meer bedraagt dan 20 % van de dakhelling;
  3° [1 de plaatsing van zonne-, fotovoltaïsche of daarmee gelijkgestelde panelen die :
   - niet zichtbaar zijn vanaf de openbare ruimte;
   - indien ze zichtbaar zijn vanaf de openbare ruimte, voor zover ze in het dakvlak zijn ingewerkt of evenwijdig aan dit vlak op het dak zijn bevestigd, zonder daarbij meer dan 30 cm uit te springen of de grenzen van het dak te overschrijden;]1
  4° de plaatsing, tegen de gevel, van technisch of decoratief materieel voor huishoudelijk gebruik zoals huisnummers, bellen, diverse kasten met een verticale oppervlakte van minder dan 0,1 m2, steunen voor klimplanten of bloembakken, installatie voor buitenverlichting, brievenbussen, asbakken, evenals naamplaten voor vrije beroepen en gedenk- of historische platen, voor zover hun uitsprong minder bedraagt dan 12 cm;
  5° de plaatsing van schotelantennes of daarmee gelijkgestelde antennes voor de ontvangst van televisieprogramma's en voor privé-gebruik, voor zover ze niet zichtbaar zijn vanaf de openbare ruimte [2 en ze zich niet op minder dan 10 meter van een beschermd goed bevinden]2 :
  - ofwel op het dak wanneer ze dezelfde kleur als de gevel hebben of doorschijnend zijn;
  - ofwel tegen de gevel, wanneer ze dezelfde kleur als de gevel hebben of doorschijnend zijn;
  - en hun oppervlakte 40 d m2 of minder bedraagt.
  6° de verwijdering van schotelantennes of daarmee gelijkgestelde antennes;
  7° de plaatsing van schoorstenen of luchtkokers voor huishoudelijk gebruik, regenpijpen, markiezen, luiken, voor zover die inrichtingen niet zichtbaar zijn vanaf de openbare ruimte;
  8° de vervanging van ramen, glaswerk, winkelramen, inkomdeuren, inrij- en garagepoorten, voor zover :
  - de oorspronkelijke vormen, met inbegrip van de welvingen, zichtbare indelingen en de raamstijlen en -vleugels behouden blijven;
  - het architecturaal aanzicht van het gebouw niet gewijzigd wordt;
  9° het aanbrengen, wegwerken of wijzigen van openingen en ramen, voor zover :
  - de desbetreffende gevel niet gelegen is in de vrijwaringszone van een goed dat beschermd is of waarvoor de procedure tot bescherming loopt;
  - deze openingen niet zichtbaar zijn vanaf de openbare ruimte;
  - de werken niet de oplossing van een stabiliteitsprobleem inhouden.
  10° de plaatsing, vervanging of verwijdering van kasten voor rolluiken of zonneschermen gelegen op de gelijkvloerse verdieping van een handelszaak, voor zover deze niet meer dan 12 cm uitsteken ten opzichte van de gevel, de breedte van de inrichting de vensteropening niet overschrijdt, en de desbetreffende gevel niet gelegen is in de vrijwaringszone van een goed dat beschermd is of waarvoor de procedure tot bescherming loopt;
  11° de wijziging van de kleur van de gevels die niet zichtbaar zijn vanaf de openbare ruimte, voor zover de desbetreffende gevel niet gelegen is in de vrijwaringszone van een goed dat beschermd is of waarvoor de procedure tot bescherming loopt;
  12 ° het cementeren en de wijziging van het materiaal voor de bekleding van de gevels die niet zichtbaar zijn vanaf de openbare ruimte, voor zover de desbetreffende gevel niet gelegen is in de vrijwaringszone van een goed dat beschermd is of waarvoor de procedure tot bescherming loopt;
  [3 13° de wijziging van de bekleding van een plat dak alsook zijn eventuele ophoging om de installatie van een isolatie-inrichting of een groene bedaking toe te laten voor zover dit geen ophoging van de randen van de bedaking noch een ophoging van de acroteriemuren met zich meebrengt;
   14° de plaatsing van bewakingscamera's tegen een bestaande gevel of topgevel voor zover :
   - deze het architecturale aanzicht van het gebouw of dat van de mandelige gebouwen niet ontsieren;
   - ze dezelfde kleur hebben als de bekleding van de gevel of de topgevel;
   - ze een uitsprong hebben van minder dan 12 cm indien ze lager geplaatst worden dan 4 meter boven de grond;]3
  [4 15° de plaatsing van een isolatie en de nodige verbindingsstukken op een gevel die niet zichtbaar is vanaf de openbare ruimte en dit zelfs in geval van overschrijding van de aangrenzende gebouwen.]4
  ----------
  (1)<BESL 2011-04-07/09, art. 12, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>
  (2)<BESL 2011-04-07/09, art. 13, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>
  (3)<BESL 2011-04-07/09, art. 15, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>
  (4)<BESL 2014-05-23/12, art. 1, 006; Inwerkingtreding : 05-09-2014>

  Afdeling 2. - Handelingen en werken vrijgesteld van het advies van de gemachtigde ambtenaar of van het advies van de gemeente.

  Art. 22.Voor zover ze niet afwijken van een bestemmingsplan, een stedenbouwkundige verordening of een verkavelingsvergunning zijn de volgende handelingen en werken vrijgesteld van het advies van de gemachtigde ambtenaar of, in het geval van een aanvraag ingediend overeenkomstig artikel 175 van het BWRO, van het advies van de gemeente :
  1° de handelingen en werken waarvoor een vergunning wordt opgelegd door een stedenbouwkundige verordening, terwijl dit niet het geval is voor het " BWRO ";
  2° de handelingen en werken inzake de bouw, verbouwing of wijziging aan de buitenkant van het gebouw :
  - waarvoor noch het advies van de overlegcommissie noch de speciale regelen van openbaarmaking vereist zijn of deze slechts vereist zijn in toepassing van de voorschriften van een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening of een bijzonder bestemmingsplan;
  - en voor zover, indien er sprake is van een vergroting van de vloeroppervlakte, deze kleiner is dan 200 m2;
  3° de bouw van een scheidingsmuur tussen twee eigendommen;
  4° de plaatsing van schotelantennes of daarmee gelijkgestelde antennes voor de ontvangst van televisieprogramma's en voor privé-gebruik die niet in artikel 21, 5° bedoeld zijn;
  5° de plaatsing van zonne- of fotovoltaïsche [1 of daarmee gelijkgestelde]1 panelen die niet in artikel 21, 3° bedoeld zijn;
  6° [1 mits aan de onder 2° opgesomde voorwaarden is voldaan]1 de wijzing van de kleur van andere gevels dan deze bedoeld in artikel 21, 11°;
  7° [1 mits aan de onder 2° opgesomde voorwaarden is voldaan]1 het cementeren en de wijziging van het materiaal voor de bekleding van andere gevels dan deze bedoeld in artikel 21, 12 °;
  8° het aanleggen, per eigendom, van een niet overdekt sportterrein, voor zover het zich minstens op 3,00 meter van elke eigendomsgrens bevindt en de afmetingen ervan 45,00 x 25,00 meter niet overschrijden;
  9° het niet ondergronds plaatsen van water- of brandstofketels, voor zover die installaties verbonden zijn met de infrastructuur die nodig is voor de inrichting van de eigendom en niet voor een handelsactiviteit bestemd zijn;
  10° het gewoonlijk gebruik van een terrein voor :
  a) de plaatsing van één enkele mobiele installatie die voor bewoning kan worden gebruikt;
  b) de aanleg van een parkeer- of opslagzone voor minder dan 10 voertuigen of van een opslagplaats van minder dan 60 m3 schroot of materialen;
  ----------
  (1)<BESL 2011-04-07/09, art. 16, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 3. - Handelingen en werken vrijgesteld van de medewerking van een architect.

  Art. 23. De medewerking van een architect is niet verplicht voor :
  1° elk alleenstaand bijgebouw dat niet bestemd is voor bewoning, handel of industrie, onder de in artikel 21, 1°, b, vastgelegde voorwaarden;
  2° het optrekken van afsluitingen of van een scheidingsmuur tussen twee eigendommen;
  3° het plaatsen van antennes, masten, pylonen, windmolens en andere gelijksoortige structuren, alsook het plaatsen van schotelantennes of zonnecollectoren, voor zover ze niet de oplossing van een stabiliteitsprobleem inhouden;
  4° het bouwen van een niet overdekt zwembad of sportterrein;
  5° de wijziging van de openingen of ramen, voor zover deze niet de oplossing van een stabiliteitsprobleem inhoudt;
  6° de onder artikel 98, § 1, 6°, 7°, 8°, 9° en 10° van het BWRO vermelde handelingen en werken.

  HOOFDSTUK VIII. - Reclame en uithangborden.

  Art. 24. Dit hoofstuk is van toepassing op de reclame- en uithangborden.

  Afdeling 1. - Handelingen en werken vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning.

  Art. 25.Voor zover ze niet afwijken van een bestemmingsplan, een stedenbouwkundige verordening of een verkavelingsvergunning, zijn de volgende handelingen en werken vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning :
  1° het plaatsen van werfpanelen of vastgoedpanelen;
  2° het plaatsen van uithangborden, uitgezonderd :
  - uithangborden geplaatst in een verboden gebied van de Gewestelijke Stedenbouwkundige Verordening;
  - uithangborden binnen een vrijwaringszone bedoeld onder de artikelen 228 en 237 van het BWRO of, bij gebrek aan een dergelijke zone, binnen een perimeter van 20 m rondom een beschermd of op de bewaarlijst ingeschreven goed of waarvoor de procedure tot bescherming of bewaring loopt; [1 In dat geval wordt de aanvraag evenwel vrijgesteld van het krachtens artikel 237, § 1 van het BWRO vereiste advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen.]1
  3° de plaatsing van gelegenheidsuithangborden;
  4° [2 de plaatsing van niet-lichtgevende reclame-inrichtingen waarvan de totale oppervlakte, per gebouw, kleiner is dan of gelijk is aan 1 m2 en die geplaatst worden op door handelszaken ingenomen gelijkvloerse verdiepingen]2
  5° de plaatsing langs de weg van schragen;
  6° de plaatsing van reclame-inrichtingen met een oppervlakte van minder dan 0,25 m2 op stadsmeubilair en kiosken.
  7° de plaatsing van evenementele reclame-inrichtingen;
  [2 8° de plaatsing van een reclame-inrichting van maximum 2 m2, die fysiek ingebouwd wordt in een wachthokje voor de gebruikers van het openbaar vervoer of in de toegangsreling van een ondergrondse openbaar vervoerslijn.]2
  ----------
  (1)<BESL 2011-04-07/09, art. 17, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>
  (2)<BESL 2011-04-07/09, art. 18, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 2. - Handelingen en werken vrijgesteld van het advies van de gemachtigde ambtenaar of van het advies van de gemeente.

  Art. 26.De handelingen en werken voor het plaatsen van reclame-inrichtingen, de plaatsing van uithangborden en reclame-inrichtingen die betrekking hebben op het uithangbord worden vrijgesteld van het advies van de gemachtigde ambtenaar of, in het geval van een aanvraag ingediend overeenkomstig artikel 175 van het BWRO, van het advies van de gemeente, voor zover :
  1° ze geen afwijking op een bestemmingsplan, een stedenbouwkundige verordening of een verkavelingsvergunning inhouden;
  2° ze noch het advies van de overlegcommissie noch de speciale regelen van openbaarmaking vereisen of deze slechts vereist zijn in toepassing van de voorschriften van een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening of een bijzonder bestemmingsplan;
  3° ]1 ze kleiner zijn dan 40 m2 per aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning]1.
  ----------
  (1)<BESL 2011-04-07/09, art. 19, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 3. - Handelingen en werken vrijgesteld van de medewerking van een architect.

  Art. 27. De medewerking van een architect is niet verplicht voor de plaatsing van reclame-inrichtingen en uithangborden.

  HOOFDSTUK IX. - Antennes voor telecommunicatie met uitzondering van schotelantennes of daarmee gelijkgestelde antennes bestemd voor de ontvangst van televisieprogramma's en voor privé-gebruik.

  Afdeling 1. [1 Handelingen en werken vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2014-06-06/14, art. 1, 004; Inwerkingtreding : 08-09-2014>

  Art. 28.Dit hoofdstuk is van toepassing op de antennes voor telecommunicatie met uitzondering van schotelantennes of daarmee gelijkgestelde antennes bestemd voor de ontvangst van televisieprogramma's en voor privé-gebruik.
  [1 Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt verstaan onder :
   1° " operator " : het bedrijf dat instaat voor het bouwen, exploiteren, toezicht houden op of beschikbaar stellen van een elektronisch communicatienetwerk, zijnde actieve of passieve transmissiesystemen en, in voorkomend geval, de schakel- of routeringsapparatuur en andere middelen die het mogelijk maken signalen over te brengen via draad, radiogolven, optische of andere elektromagnetische middelen, voor zover zij worden gebruikt voor de transmissie van andere signalen dan radio-omroep- en televisiesignalen;
   2° " technische kast " : de kast die geplaatst is in de nabijheid van een telecommunicatieantenne of een antennesite en waarin technische onderdelen zitten die nodig zijn voor de goede werking van een telecommunicatieantenne of van een antennesite zoals de stroomverdeler, de noodbatterijen, de transmissie-onderdelen en de afkoelingssystemen;
   3° " technische installaties " : met uitzondering van de technische kasten, de technische uitrustingen die op een site in de nabijheid van telecommunicatieantennes zijn aangebracht en die nodig zijn voor de goede werking en de veiligheid van de site, zoals de op de grond bevestigde kabels, de kabelgoten die de op de grond bevestigde kabels bedekken, de roosters, de radiogeleide modulekasten, de verlichting, de veiligheidsrelingen indien deze verwijderbaar zijn [2 of indien ze geplaatst worden op meer dan één meter van de dakrand]2, de beschermingssystemen tegen bliksem en de tegels om de mast te stabiliseren;
   4° " laag gebouw " : gebouw waarvan de hoogte berekend tussen het hoogst gelegen snijpunt van het gebouw met het natuurlijk bodemreliëf of het equivalent ervan en het niveau waarop een telecommunicatieantenne wordt geplaatst, minder dan 25 meter bedraagt;
   5° " middelhoog gebouw " : gebouw waarvan de hoogte berekend tussen het hoogst gelegen snijpunt van het gebouw met het natuurlijk bodemreliëf of het equivalent ervan en het niveau waarop een telecommunicatieantenne wordt geplaatst, tussen de 25 en 50 meter bedraagt;
   6° " hoog gebouw " : gebouw waarvan de hoogte berekend tussen het hoogst gelegen snijpunt van het gebouw met het natuurlijk bodemreliëf of het equivalent ervan en het niveau waarop een telecommunicatieantenne wordt geplaatst, meer dan 50 meter bedraagt.]1
  ----------
  (1)<BESL 2011-04-07/09, art. 20, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>
  (2)<BESL 2014-06-06/14, art. 2, 004; Inwerkingtreding : 08-09-2014>

  Art. 29.Voor zover ze niet afwijken van een bestemmingsplan, een stedenbouwkundige verordening of een verkavelingsvergunning en ze geen uitstaans hebben met een goed dat het voorwerp van een beschermingsmaatregel is, worden de volgende handelingen en werken vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning :
  1° de plaatsing van telecommunicatie-installaties voor een tijdelijk sociaal, cultureel of recreatief evenement, geplaatst voor een maximumduur van drie maand op voorwaarde dat deze installaties niet eerder dan een week voor de aanvang van het evenement geplaatst worden en dat ze uiterlijk een week na de afloop van het evenement weer weggenomen worden;
  2° de plaatsing van zend- en/of ontvangstantennes voor telecommunicatie, tegen een bestaande gevel, met maximaal één antenne per 6 strekkende meter gevel of tegen een bestaande topgevel, met maximaal één antenne per topgevel [2 ...]2, op voorwaarde dat :
  - deze antennes dezelfde kleur hebben als de bekleding van de gevel, topgevel of schoorsteen;
  - deze antennes ofwel buisvormig zijn met een maximale buiging van 40 cm, een maximale hoogte van 75 cm en een maximale diameter van 3 cm, ofwel in een behuizing zitten met een uitsprong van 25 cm of minder ten opzichte van het vlakke deel van de gevel en een volume van maximaal 8 d m3;
  - deze antennes aangebracht zijn op meer dan 4 meter boven de grond;
  - [1 de aan deze antennes verbonden technische kasten en installaties in het gebouw of ondergronds worden aangebracht of vrijgesteld zijn van een stedenbouwkundige vergunning volgens artikel 30, 3°, 4° of 5°;]1
  - deze antennes het architecturaal aspect van het gebouw of dat van de mandelige gebouwen niet ontsieren;
  [2 2°bis de plaatsing van antennes op een schoorsteen op voorwaarde :
   - dat de antenne of antennegroep de hoogte van de mast niet overschrijdt;
   - dat de antenne of antennegroep dezelfde kleur heeft als die van de schoorsteen;]2
  3° de plaatsing van zend- en/of ontvangstantennes voor telecommunicatie, op het plat dak of platte gedeelte van het dak van een gebouw van meer dan drie bovengrondse niveaus, op voorwaarde dat :
  - [1 deze antennes, met inbegrip van hun drager, een hoogte hebben van niet meer dan 1,5 meter indien zij geplaatst worden op een laag gebouw, van niet meer dan 3 meter indien zij geplaatst worden op een middelhoog gebouw en van niet meer dan 4 meter indien zij geplaatst worden op een hoog gebouw;]1
  [2 - ze worden geplaatst op meer dan 1,5 meter van de randen van het plat dak als ze worden geplaatst op een laag gebouw en op meer dan 2 meter als ze worden geplaatst op een middelhoog of hoog gebouw;
   - ze niet op een lagere afstand worden geplaatst van de randen van het plat hoofddak als hun totale hoogte gemeten vanaf het niveau van het platte hoofddak waarop ze geplaatst zijn indien ze geplaatst zijn op een laag of middelhoog gebouw;]2
  - [1 en de aan deze antennes verbonden technische kasten en installaties in het gebouw of ondergronds worden aangebracht of vrijgesteld zijn van een stedenbouwkundige vergunning volgens artikel 30, 3°, 4° of 5°;]1
  4° de vervanging, op dezelfde plaats, van zend- en/of ontvangstantennes voor telecommunicatie [1 ...]1, geplaatst op een dak, op een op het dak of tegen een technische verdieping vastgemaakte mast, door gelijkaardige apparatuur op voorwaarde dat :
  - de totale hoogte, met inbegrip van de draagmast, niet vergroot wordt;
  - de nieuwe antennes de afmetingen [2 2700/450/280 mm]2 niet overschrijden;
  - de nieuwe antennes het architecturaal aspect van het gebouw of dat van de mandelige gebouwen niet ontsieren;
  [2 - de bestaande mast, zo nodig, kan op exact dezelfde wijze worden versterkt of vervangen zonder wijziging van de visuele impact;]2
  [2 4°bis de vervanging van een bestaande pyloon door een pyloon of een mast van dezelfde hoogte en hetzelfde type, zonder wijziging van de visuele impact en geplaatst op dezelfde locatie;]2
  5° [1 de plaatsing van de technische kasten en de technische installaties]1, gekoppeld aan de antennes, die zijn vrijgesteld van ofwel een stedenbouwkundige vergunning, ofwel het advies van de gemeente, of nog het advies van de gemachtigde ambtenaar, [1 op voorwaarde dat deze kasten en installaties]1 ondergronds of in een bestaand gebouw worden geplaatst;
  6° de bouw van op de grond geplaatste kiosken, [1 waar technische kasten en technische installaties ondergebracht zijn]1 die gekoppeld zijn aan op een pyloon geplaatste antennes voor telecommunicatie, voor zover :
  - deze kiosken geplaatst worden in een spoorweggebied, een gebied met havenactiviteiten of een gebied voor stedelijke industrie op het gewestelijk bestemmingsplan;
  - ze niet zichtbaar zijn vanaf de openbare ruimte;
  - de totale grondoppervlakte van de kiosken geplaatst binnen een straal van 100 meter niet meer bedraagt dan 12 m2 te rekenen vanaf de pyloon;
  - de hoogte van de kiosk niet meer dan 3 meter bedraagt noch het hellend vlak van 45° ten opzichte van de waterpaslijn dat loopt vanaf de top van de mandelige muren of, bij gebrek aan een muur, vanaf een hoogte van 1,50 m loodrecht op de mandelige grens, overschrijdt;
  7° [1 het verwijderen van de antennes voor telecommunicatie alsook van de draagmasten ervan en de eraan gekoppelde technische kasten en installaties, met inbegrip van de kiosken waar deze technische kasten en installaties ondergebracht zijn;]1
  8° de wijziging van de bestemming van één of meerdere kamers van een goed, om er de onder 2°, 3° en 5° bedoelde [1 technische kasten en technische installaties in onder te brengen]1, voor zover de hoofdbestemming van het goed niet gewijzigd wordt;
  [2 8°bis de plaatsing van de gehele installatie (antennes, radiogolven, techniekkasten en -installaties ) in bestaande gebouwen, constructies of structuren, zonder wijziging van de externe omvang;]2
  [1 9° de plaatsing van schotelantennes of daarmee gelijkgestelde antennes bestemd voor de overbrenging of de ontvangst van radiogolven, met betrekking tot de telecommunicatie voor zover ze niet zichtbaar zijn vanaf de openbare ruimte en ze een oppervlakte hebben van 40 dm2 of kleiner.]1
  ----------
  (1)<BESL 2011-04-07/09, art. 21, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>
  (2)<BESL 2014-06-06/14, art. 3, 004; Inwerkingtreding : 08-09-2014>

  Art. 30.De volgende handelingen en werken worden vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning, zelfs indien ze een afwijking inhouden van een bestemmingsplan, een stedenbouwkundige verordening of een verkavelingsvergunning :
  1° [1 de plaatsing van zend- en/of ontvangstantennes voor telecommunicatie, op een naar behoren toegelaten en op de grond verankerde pyloon, uitgezonderd de openbare verlichtingspalen]1, op voorwaarde dat de antennes geen uitsprong hebben van meer dan 1 meter ten opzichte van de structuur van de pyloon en ze de hoogte van de pyloon niet vergroten;
  2° de plaatsing van zend- en/of ontvangstantennes voor telecommunicatie evenals hun draagmast, op een platform of gedeelte van een plat dak bestemd voor [2 technische kasten en technische installaties voor telecommunicatie]2 waarvoor in dat opzicht een stedenbouwkundige vergunning werd afgegeven, waarin het volume werd vastgesteld waarin de antennes geplaatst mogen worden, op voorwaarde dat de antennes, met inbegrip van hun draagmast, de afgegeven stedenbouwkundige vergunning naleven;
  [3 3° de vervanging, op dezelfde plaats, van de naar behoren toegelaten technische kasten en technische installaties, verbonden met de antennes en geplaatst op een plat dak, door gelijkaardige of minder grote en minder hoge kasten of installaties, voor zover deze nieuwe technische kasten of installaties het architecturale aanzicht van het gebouw of van de mandelige gebouwen niet ontsieren;]3
  [7 3°bis de vervanging van de naar behoren toegelaten techniekkasten en technische installaties, die verbonden zijn met de antennes en geplaatst worden op een plat dak, door gelijkaardige kasten en installaties, met een kleinere, zelfde of grotere omvang en/of hoogte op voorwaarde dat :
   - de totale hoogte van de kasten of de installaties de 1 meter niet overschrijdt zonder steun;
   - ze niet op een lagere afstand worden geplaatst van de randen van het plat hoofddak als hun totale hoogte gemeten vanaf het niveau van het platte hoofddak;
   - deze nieuwe techniekkasten of -installaties het architecturale aanzicht van het gebouw of dat van de mandelige gebouwen niet ontsieren;]7
  [4 4° [7 de plaatsing van techniekkasten die verbonden zijn met de antennes op een plat dak of op het platte deel van het dak, voor zover dat deze kasten geplaatst worden op de hoogste verdiepingen, op voorwaarde dat :
   - ze een maximale hoogte hebben van 1 meter zonder steun;
   - ze niet op een lagere afstand worden geplaatst van de randen van het plat hoofddak waarop ze geplaatst zijn als hun totale hoogte gemeten vanaf het niveau van het platte hoofddak;
   - ze maximum 5% per operator bedekken en maximum 15% van de totale oppervlakte van platte deel van het dak waarop ze geplaatst zijn;]7 ]4
  [5 5° de plaatsing van aan de antennes gekoppelde technische installaties op een plat dak of op het platte gedeelte van het dak, voor zover deze installaties geplaatst worden op de hoogste verdiepingen en ze meer dan 3/4 van de netto-oppervlakte van het dak waarop ze zijn aangebracht, vrijlaten, hierin begrepen alle soorten apparatuur en hun toebehoren die op dit dak geplaatst zijn, zoals verluchtings- en airconditioningsapparatuur, draagroosters voor deze elementen of kabelgoten;]5
  [6 6° de toevoeging op het dak van één enkele zend- en/of ontvangstantenne of van één enkele antennegroep op een reeds naar behoren toegelaten en hiervoor bestemde bestaande mast van maximum 6 meter hoog, op voorwaarde :
   - dat de mast geplaatst is op een middelhoog of hoog gebouw;
   - dat op de desbetreffende mast reeds één enkele antenne of antennegroep is aangebracht;
   - dat de hoogte van de toegevoegde antenne of antennegroep minder bedraagt dan of gelijk is aan 1,7 meter;
   - dat de buiging ten opzichte van de mast maximum 40 centimeter bedraagt;
   - dat de bestaande mast niet verhoogd wordt;
   - dat de toegevoegde antenne of antennegroep de hoogte van de mast niet overschrijdt.]6
  ----------
  (1)<BESL 2011-04-07/09, art. 22, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>
  (2)<BESL 2011-04-07/09, art. 23, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>
  (3)<BESL 2011-04-07/09, art. 24, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>
  (4)<BESL 2011-04-07/09, art. 25, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>
  (5)<BESL 2011-04-07/09, art. 26, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>
  (6)<BESL 2011-04-07/09, art. 27, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>
  (7)<BESL 2014-06-06/14, art. 4, 004; Inwerkingtreding : 08-09-2014>

  Afdeling 2. [1 Handelingen en werken die zijn vrijgesteld van het advies van de gemeente, van de speciale regelen van openbaarmaking en van het advies van de overlegcommissie]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2014-06-06/14, art. 5, 004; Inwerkingtreding : 08-09-2014>

  Art. 30/1. [1 De handelingen en werken met betrekking tot de plaatsing of de wijziging van telecommunicatieantennes en technische installaties beoogt in het huidige hoofdstuk, indien ze niet zijn vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning, van het advies van de gemeente, van de speciale regelen van openbaarmaking en van het advies van de overlegcommissie.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2014-06-06/14, art. 6, 004; Inwerkingtreding : 08-09-2014>

  HOOFDSTUK X. - Aanleg van tuinen, groene ruimten en begraafplaatsen en het vellen van bomen.

  Art. 31. Dit hoofdstuk is van toepassing op de aanleg van tuinen, groene ruimten en begraafplaatsen en het vellen van bomen.

  Afdeling 1. - Handelingen en werken vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning.

  Art. 32.Voor zover ze niet afwijken van een bestemmingsplan, een stedenbouwkundige verordening of een verkavelingsvergunning, zijn de volgende handelingen en werken vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning :
  1° het vellen van hoogstammen en de handelingen en werken overeenkomstig de uitvoering van een beheersplan of een beheersverordening goedgekeurd in uitvoering van de ordonnantie van 27 april 1995 betreffende het behoud en de bescherming van de natuur of in toepassing van het Boswetboek;
  2° het vellen van dode bomen;
  3° in de groengebieden, zoals bepaald in het gewestelijk bestemmingsplan, met uitzondering van de gebieden met hoogbiologische waarde, de wijziging van het wegdek, de plaatsing en de vervanging van banken, tafels, vuilnisbakken, plantenbakken, de restauratie van de oevers van vijvers en rivieren of de wijziging van het waterniveau van vijvers;
  4° [1 op een bestaand speelplein, de plaatsing, de vervanging]1 en/of de verwijdering van de speelvoorzieningen voor kinderen.
  ----------
  (1)<BESL 2011-04-07/09, art. 28, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 2. - Handelingen en werken vrijgesteld van het advies van de gemachtigde ambtenaar of van het advies van de gemeente.

  Art. 33.Voor zover ze niet afwijken van een bestemmingsplan, een stedenbouwkundige verordening of een verkavelingsvergunning, zijn de volgende handelingen en werken vrijgesteld van het advies van de gemachtigde ambtenaar of, in het geval van een aanvraag ingediend overeenkomstig artikel 175 van het BWRO, van het voorafgaand advies van het college van burgemeester en schepenen :
  1° de aanlegwerken overeenkomstig de gewoonlijke bestemming van een tuin, die krachtens artikel 21, 1° niet vrijgesteld zijn van de vergunning;
  2° het vellen van hoogstammen dat krachtens [1 artikel 32, 1° en 2°]1 niet van stedenbouwkundige vergunning is vrijgesteld;
  3° de bouw van een ander zwembad dan dat bedoeld onder artikel 21, 1°;
  4° in de groengebieden, de parkgebieden zoals bepaald in het gewestelijk bestemmingsplan of de begraafplaatsgebieden zoals bepaald in het gewestelijk bestemmingsplan, het tracé van de wegen, de plaatsing en de vervanging van openbare verlichtingsinstallaties.
  ----------
  (1)<BESL 2011-04-07/09, art. 29, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  TITEL III. - [1 BEPALINGEN VAN TOEPASSING OP GOEDEREN DIE HET VOORWERP UITMAKEN VAN EEN BESCHERMINGSMAATREGEL]1
   ----------
  (1)<BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  HOOFDSTUK I. - [1 Algemene bepalingen]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 1. - [1 Toepassingsveld]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 34. [1 Deze titel is van toepassing op goederen die het voorwerp uitmaken van een beschermingsmaatregel.]1
  ----------
  (1)<BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 2. - [1 Handelingen en werken voor identieke restauratie die zijn vrijgesteld van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en landschappen, alsook van het advies van de gemeente, van de speciale regelen van openbaarmaking en van het advies van de overlegcommissie.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 34/1. [1 Voor zover ze niet afwijken van een bestemmingsplan, van een stedenbouwkundige verordening of van een verkavelingsvergunning, zijn de handelingen en werken voor identieke restauratie, in de zin van artikel 1, 15°, vrijgesteld van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, van het advies van de gemeente, van de speciale regelen van openbaarmaking en van het advies van de overlegcommissie.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 3. - [1 Handelingen en werken voor historische restauratie die zijn vrijgesteld van het advies van de gemeente, van de speciale regelen van openbaarmaking en van het advies van de overlegcommissie.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 34/2. [1 Voor zover ze niet afwijken van een bestemmingsplan, van een stedenbouwkundige verordening of van een verkavelingsvergunning, zijn de handelingen en werken voor historische restauratie, in de zin van artikel 1, 16° vrijgesteld van het advies van de gemeente, van de speciale regelen van openbaarmaking en van het advies van de overlegcommissie.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  HOOFDSTUK II. - [1 Tijdelijke installaties en werven]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35. [1 Dit hoofdstuk is van toepassing op de tijdelijke installaties en werven.]1
  ----------
  (1)<BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 1. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de niet beschermde delen van een beschermd goed en vrijgesteld zijn van een stedenbouwkundige vergunning.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/1. [1 Onverminderd de bepalingen van hoofdstuk VIII en voor zover ze niet afwijken van een bestemmingsplan, van een stedenbouwkundige verordening of van een verkavelingsvergunning, zijn de volgende handelingen en werken die betrekking hebben op de niet beschermde delen van een beschermd goed, vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning :
  1° de tijdelijke werken, handelingen en wijzigingen die nodig zijn voor de uitvoering van de werf, met inbegrip van de steigers, tijdens de periode die nodig is om de werken uit te voeren;
  2° de plaatsing van werfpanelen of vastgoedpanelen;
  3° de plaatsing van installaties met een sociaal, cultureel, recreatief of evenementieel karakter, geplaatst voor een maximumduur van drie maanden, uitgezonderd reclame- en uithangborden;
  4° de plaatsing van versieringen ter gelegenheid van evenementen, cultuurmanifestaties of festiviteiten aangebracht voor een maximumduur van drie maanden, uitgezonderd reclame- en uithangborden;
  5° de plaatsing van versieringen aan de buitenzijde ter gelegenheid van tijdelijke tentoonstellingen zoals museumtentoonstellingen of theatervoorstellingen georganiseerd in een beschermd goed dat voor dat gebruik is bestemd en die aangebracht worden voor een maximumduur van een jaar;
  6° de plaatsing van installaties aan de binnenzijde van een museum of een andere tentoonstellingsruimte verbonden aan tentoonstellingen die ten hoogste een jaar duren;
  7° de ondergronds uitgevoerde handelingen en werken en de uitgravings- en aanaardingswerken uit te voeren in het kader van de wetgeving betreffende het beheer en de sanering van verontreinigde bodems, voor zover deze handelingen en werken, nadat zij beëindigd zijn, geen reliëfwijziging veroorzaken.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 2. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op beschermde delen van een beschermd goed.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Onderafdeling 1. - [1 Handelingen en werken vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/2. [1 Onverminderd de bepalingen van hoofdstuk VIII en voor zover ze niet afwijken van een bestemmingsplan, van een stedenbouwkundige verordening of van een verkavelingsvergunning, zijn de volgende handelingen en werken die betrekking hebben op de beschermde delen van een beschermd goed, vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning :
  1° de tijdelijke steigers die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de werf of van studies en die niet langer aanwezig zijn dan de duur van de werken en geenszins langer dan drie maanden;
  2° de plaatsing van werfpanelen of vastgoedpanelen;
  3° de plaatsing van tijdelijke installaties met een sociaal, cultureel, recreatief of evenementieel karakter, met inbegrip van reclameborden die voldoen aan de voorwaarden dat ze geplaatst zijn op een verharde bodem, dat ze niet zijn verankerd en slechts geplaatst worden voor een maximumduur van 7 dagen;
  4° de plaatsing van evenementsgebonden versieringen ter gelegenheid van cultuurmanifestaties of festiviteiten, aangebracht voor een maximumduur van drie maanden en op voorwaarde dat ze niet zijn verankerd, met uitzondering van reclame- en uithangborden;
  5° de plaatsing van versieringen aan de buitenzijde ter gelegenheid van tijdelijke tentoonstellingen zoals museumtentoonstellingen of theatervoorstellingen georganiseerd in een beschermd goed dat voor dat gebruik is bestemd en die aangebracht worden voor een maximumduur van een jaar;
  6° de plaatsing van installaties aan de binnenzijde van een museum of een andere tentoonstellingsruimte verbonden aan tentoonstellingen die ten hoogste een jaar duren.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Onderafdeling 2. - [1 Handelingen en werken vrijgesteld van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen en van het advies van de gemeente, van de speciale regelen van openbaarmaking en van het advies van de overlegcommissie]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/3. [1 Onverminderd de bepalingen van hoofdstuk VIII en voor zover ze niet afwijken van een bestemmingsplan, van een stedenbouwkundige verordening of van een verkavelingsvergunning, zijn de volgende handelingen en werken die betrekking hebben op de beschermde delen van een beschermd goed en die niet vrijgesteld zijn van een stedenbouwkundige vergunning in toepassing van artikel 35/2, vrijgesteld van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, van het advies van de gemeente, van de speciale regelen van openbaarmaking en van het advies van de overlegcommissie :
  1° de plaatsing van versieringen ter gelegenheid van evenementen, cultuurmanifestaties of festiviteiten aangebracht voor een duur van ten hoogste drie maanden, uitgezonderd reclame- en uithangborden;
  2° de plaatsing van tijdelijke installaties met een sociaal, cultureel, recreatief of evenementieel karakter, geplaatst voor een duur van minstens 7 dagen en ten hoogste drie maanden, met inbegrip van reclameborden;
  3° de tijdelijke werken, handelingen en wijzigingen die nodig zijn voor de uitvoering van de werf, met inbegrip van de steigers, tijdens de periode die nodig is om de werken uit te voeren die niet langer aanwezig zijn dan de duur van de werken.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  HOOFDSTUK III. - [1 Handelingen en werken aan wegen]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/4. [1 Dit hoofdstuk is van toepassing op de handelingen en werken aan wegen.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/5. [1 Voor zover ze niet afwijken van een bestemmingsplan, van een stedenbouwkundige verordening of van een verkavelingsvergunning en ze geen aanvulling zijn van werken waarvoor een stedenbouwkundige vergunning vereist is, worden de volgende handelingen en werken vrijgesteld van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, van het advies van de gemeente, van de speciale regelen van openbaarmaking en van het advies van de overlegcommissie :
  1° voor zover deze handelingen en werken geen wijziging inhouden van de essentiële kenmerken van het dwarsprofiel, de vernieuwing van de wegfundamenten en van het wegdek, bermen, kantstenen en stoepen, met uitzondering van de wijzigingen van wegverhardingen die in hoofdzaak zijn uitgevoerd in natuursteen;
  2° de plaatsing, vernieuwing of verplaatsing van de inrichtingen voor waterafvoer zoals greppels, straatkolken, riooldeksels, riolen en collectoren van minder dan 1,25 m binnendiameter;
  3° de plaatsing, vernieuwing of verplaatsing van kabels, buizen, bovenleidingen en dwarsbalken en leidingen die zich in de openbare ruimte bevinden, met inbegrip van de sleuven die voor deze werken vereist zijn.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/6. [1 Voor zover ze niet afwijken van een bestemmingsplan, van een stedenbouwkundige verordening of van een verkavelingsvergunning, en ze geen aanvulling zijn van werken waarvoor een stedenbouwkundige vergunning vereist is, of het voorwerp zijn van een herhaling over de lengte van de weg, worden de volgende handelingen en werken vrijgesteld van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, van het advies van de gemeente, van de speciale regelen van openbaarmaking en van het advies van de overlegcommissie :
  1° de kleine aanlegwerken van ruimten bestemd voor voetgangers en fietsers die de plaatselijke verruiming en de verbetering van het esthetisch aspect ervan of de veiligheid van de gebruikers beogen;
  2° de aanlegwerken van ruimten bestemd voor aanplantingen;
  3° het plaatsen, verplaatsen of verwijderen van volgende inrichtingen of elementen :
  a) de al dan niet verlichte verkeerstekens met inbegrip van het onderstel ervan, de portalen uitgezonderd, alsmede de beveiliging ervan tegen het verkeer;
  b) de vaste of mobiele voorzieningen ter beperking van het verkeer en het parkeren;
  c) de controle- of informatiesystemen voor het parkeren of het verkeer zoals parkeermeters, uurmeters, radars, camera's;
  d) de voorzieningen voor het parkeren van tweewielers, met uitzondering van de gesloten voorzieningen van meer dan 20 m2;
  e) de bijbehorende elementen van al dan niet ondergrondse technische installaties zoals elektrische bedieningskasten voor verkeerslichten of straatverlichting, praatpalen, hydranten, bedieningskasten voor teledistributie;
  f) de zitbanken, tafels, afvalbakken, al dan niet ingegraven containers bestemd voor de inzameling van het huishoudelijk of daarmee gelijkgesteld afval, telefooncellen, kleine fonteinen, plantenbakken, brievenbussen;
  g) de installaties voor openbare verlichting;
  h) de wachthokjes aan de halten van het openbaar vervoer, voor zover ze niet hoger zijn dan 2,80 meter, en hun uitrustingen;
  4° het aanbrengen of het wijzigen van verkeerstekens op de grond;
  5° het plaatsen of wijzigen van snelheidsvertragende inrichtingen;
  6° onverminderd het voorafgaand bekomen van een wegtoelating, het plaatsen van een niet overdekt seizoensterras in de horeca, voor zover de oppervlakte ervan niet meer dan 50 m2 bedraagt en er een hindernisvrije doorgang behouden blijft over minstens één derde van de breedte van de voor de voetgangers gereserveerde ruimte, met een minimum van 2 meter.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  HOOFDSTUK IV. - [1 Verbouwings- en inrichtingswerken binnen het gebouw]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/7. [1 Dit hoofdstuk is van toepassing op de verbouwings- en inrichtingswerken binnen het gebouw.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 1. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de niet beschermde delen van een beschermd goed en vrijgesteld zijn van een stedenbouwkundige vergunning]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/8. [1 Voor zover deze handelingen en werken :
  1° niet afwijken van een bestemmingsplan, van een stedenbouwkundige verordening of van een verkavelingsvergunning;
  2° niet leiden tot een wijziging van de structuur van het goed en geen stabiliteitswerken inhouden;
  3° geen wijziging inhouden van het buitenaanzicht van het beschermd goed;
  4° geen gevolgen inhouden voor het aanzicht van de beschermde delen van het beschermd goed, wordt het plaatsen of wegnemen van binneninstallaties zoals sanitaire, elektrische, verwarmings-, isolerings-, verluchtings- of telecommunicatieinstallaties, wanneer het gaat om de niet beschermde delen van een beschermd goed, vrijgesteld van stedenbouwkundige vergunning.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/9. [1 Voor zover deze handelingen en werken :
  1° niet afwijken van een bestemmingsplan, van een stedenbouwkundige verordening of van een verkavelingsvergunning;
  2° niet leiden tot een wijziging van de structuur van het goed en geen stabiliteitswerken inhouden;
  3° geen wijziging inhouden van het buitenaanzicht van het beschermd goed;
  4° geen gevolgen inhouden voor het aanzicht van de beschermde delen van het beschermd goed;
  5° niet ressorteren onder de handelingen en werken die een stedenbouwkundige vergunning vereisen voor de verandering van gebruik of van bestemming van het goed;
  6° geen wijziging inhouden van het aantal woningen of van de indeling van de woningen wanneer het om een woongebouw gaat of van het aantal kamers wanneer het een hotel betreft, worden de verbouwingswerken binnen het gebouw en de werken voor de inrichting van lokalen vrijgesteld van stedenbouwkundige vergunning, wanneer deze betrekking hebben op de niet beschermde delen van een beschermd goed.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 2. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de beschermde delen van een beschermd goed]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Onderafdeling 1. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de beschermde delen van een beschermd goed en vrijgesteld zijn van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen evenals van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/10. [1 Voor zover deze handelingen en werken :
  1° niet afwijken van een bestemmingsplan, van een stedenbouwkundige verordening of van een verkavelingsvergunning;
  2° niet leiden tot een wijziging van de structuur van het goed en geen stabiliteitswerken inhouden;
  3° geen wijziging inhouden van het architecturaal aanzicht van het beschermd gebouw;
  4° niet ressorteren onder de handelingen en werken die een stedenbouwkundige vergunning vereisen voor de verandering van gebruik of van bestemming van het goed;
  5° geen wijziging inhouden van het aantal woningen of van de indeling van de woningen wanneer het om een woongebouw gaat of van het aantal kamers wanneer het een hotel betreft;
  6° de erfgoedkundige waarde van het goed niet aantasten; wordt het plaatsen of wegnemen van binneninstallaties zoals sanitaire, elektrische, verwarmings-, isolerings-, verluchtings- of telecommunicatieinstallaties vrijgesteld van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, evenals van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Onderafdeling 2. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de beschermde delen van een beschermd goed en vrijgesteld zijn van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/11. [1 Voor zover ze geen afwijking op een bestemmingsplan, een stedenbouwkundige verordening of een verkavelingsvergunning inhouden, ze noch speciale regelen van openbaarmaking, noch het advies van de overlegcommissie vereisen of deze slechts vereist zijn in toepassing van artikel 207 van het BWRO of in toepassing van de voorschriften van een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening of een bijzonder bestemmingsplan en indien er sprake is van een vergroting van de vloeroppervlakte, deze niet groter is dan 200 m2, worden de handelingen en werken inzake verbouwing en inrichting binnen het gebouw die niet bedoeld worden in vorig artikel, vrijgesteld van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  HOOFDSTUK V. - [1 De bestemmingsveranderingen en de gebruiksveranderingen onderworpen aan een stedenbouwkundige vergunning]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/12. [1 Dit hoofdstuk is van toepassing op de bestemmingsveranderingen en de gebruiksveranderingen onderworpen aan een stedenbouwkundige vergunning.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 1. - [1 Handelingen en werken vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/13. [1 Voor zover ze niet afwijken van een bestemmingsplan, van een stedenbouwkundige verordening of van een verkavelingsvergunning, worden de volgende handelingen en werken vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning :
  1° de wijziging van de bestemming van een deel van een woning om er de uitoefening van een vrij beroep mogelijk te maken, met inbegrip van de medische en paramedische beroepen, of de uitoefening van een bedrijf voor intellectuele dienstverlening die afzonderlijk wordt uitgeoefend, onverminderd het uitvoeringspersoneel, voor zover de voor deze activiteiten bestemde vloeroppervlakte minder is dan of gelijk is aan 75 m2 en dat deze activiteiten :
  - ofwel een aanvulling zijn bij het hoofdverblijf van de persoon die de activiteit uitoefent;
  - ofwel een aanvulling zijn bij het hoofdverblijf van één der vennoten of bestuurders van de rechtspersoon die deze activiteit uitoefent;
  2° de wijziging van in de bouw- of stedenbouwkundige vergunning vermelde bestemming van een of bepaalde voor huisvesting bestemde kamers op voorwaarde dat deze kamers voor huisvesting bestemd blijven en dat het aantal of de verdeling van de woningen niet gewijzigd zouden worden.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 2. - [1 Handelingen en werken vrijgesteld van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/14. [1 De bestemmingswijzigingen en de gebruikswijzigingen die onderworpen worden aan een vergunning, worden vrijgesteld van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie, voor zover :
  1° deze wijzigingen enkel betrekking hebben op niet beschermde delen van een beschermd goed;
  2° ze geen afwijking van een bestemmingsplan, een stedenbouwkundige verordening of een verkavelingsvergunning inhouden;
  3° deze wijzigingen noch het advies van de overlegcommissie noch speciale regelen van openbaarmaking vereisen, of deze slechts vereist zijn in toepassing van artikel 207 van het BWRO of in toepassing van de voorschriften van een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening of een bijzonder bestemmingsplan;
  4° de bij deze wijziging betrokken vloeroppervlakte niet meer bedraagt dan 200 m2;
  5° voor wat betreft het advies van de gemeente, het eensluidend advies van laatstgenoemde niet vereist is in toepassing van artikel 177, § 1, derde lid van het BWRO.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 3. - [1 Handelingen en werken vrijgesteld van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/15. [1 Alle bestemmings- en gebruikswijzigingen die niet bedoeld worden in de eerste of de tweede afdeling en die geen werken vereisen, worden vrijgesteld van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 4. - [1 Handelingen en werken vrijgesteld van de medewerking van een architect]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/16. [1 De medewerking van een architect is niet verplicht voor de aan een vergunning onderworpen wijziging van gebruik van een beschermd goed of voor de wijziging van bestemming van het geheel of van een deel van een beschermd goed indien voor deze wijziging geen werken vereist zijn of indien de verbouwingswerken binnen het gebouw en de werken voor de inrichting van lokalen geen stabiliteitswerken inhouden, noch neerkomen op restauratiewerken als bedoeld in artikel 98, § 1, 11° van het BWRO.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  HOOFDSTUK VI. - [1 Afbraak zonder wederopbouw en demontage]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/17. [1 Dit hoofdstuk is van toepassing op de afbraak zonder wederopbouw en op demontages.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 1. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de niet-beschermde delen van een beschermd goed en vrijgesteld zijn van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/18. [1 Voor zover de afbraak of de demontage geen gevolgen inhoudt voor de stabiliteit van de behouden gebouwen, wordt de afbraak zonder wederopbouw of de demontage van bijgebouwen die een niet-beschermd deel van een beschermd goed uitmaken en waarvan de vloeroppervlakte niet meer dan 100 m2 bedraagt, vrijgesteld van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 2. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de beschermde delen van een beschermd goed en vrijgesteld zijn van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen evenals van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/19. [1 Worden vrijgesteld van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen evenals van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie :
  1° de verwijdering van elementen van een beschermd goed die op zichzelf de beschermingsmaatregel niet verantwoorden en die niet bijdragen tot de erfgoedkundige waarde van het beschermd goed, zoals lichte scheidingswanden, valse plafonds, antennes, of beplantingen;
  2° het demonteren van elementen van een beschermd goed, wanneer deze demontage nodig is voor de uitvoering van een voorafgaande studie in verband met het goed in kwestie of voor de restauratie van deze elementen.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 3. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de niet-beschermde delen van een beschermd goed of die betrekking hebben op de beschermde delen van een beschermd goed en vrijgesteld zijn van de medewerking van een architect]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/20. [1 De medewerking van een architect is niet verplicht voor de handelingen en werken die, in toepassing van artikel 35/18 of artikel 35/19, 1°, vrijgesteld zijn van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  HOOFDSTUK VII. - [1 Inrichtingen, constructies, verbouwingen en wijzigingen aan de buitenkant van het gebouw]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/21. [1 Dit hoofdstuk is van toepassing op de inrichtingen, constructies, verbouwingen en wijzigingen aan de buitenkant van het gebouw.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 1. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de niet-beschermde delen van een beschermd goed.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Onderafdeling 1. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de niet-beschermde delen van een beschermd goed en vrijgesteld zijn van een stedenbouwkundige vergunning.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/22. [1 Voor zover ze niet afwijken van een bestemmingsplan, een stedenbouwkundige verordening of een verkavelingsvergunning, worden de volgende handelingen en werken die betrekking hebben op de niet-beschermde delen van een beschermd goed, vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning :
  1° op een dak met een helling van minder dan 45° ten opzichte van de waterpaslijn, de plaatsing van lichtkoepels, dakvensters of glasramen die in het vlak van het dak zijn gerealiseerd, voor zover, wanneer het om een hellend dak gaat, hun gecumuleerde oppervlakte niet meer bedraagt dan 20 % van de dakhelling;
  2° de plaatsing van zonne-, fotovoltaïsche of daarmee gelijkgestelde panelen op voorwaarde dat ze niet zichtbaar zijn vanaf de openbare ruimte;
  3° de plaatsing, tegen de gevel, van technisch of decoratief materieel voor huishoudelijk gebruik zoals huisnummers, bellen, diverse kasten met een verticale oppervlakte van minder dan 0,10 m2, steunen voor klimplanten of bloembakken, installatie voor buitenverlichting, brievenbussen, asbakken, evenals naamplaten voor vrije beroepen en gedenk- of historische platen, voor zover hun uitsprong minder bedraagt dan 12 cm;
  4° de verwijdering van schotelantennes of daarmee gelijkgestelde antennes;
  5° de plaatsing van schoorstenen of luchtkokers voor huishoudelijk gebruik, regenpijpen, markiezen, luiken, voor zover die inrichtingen niet zichtbaar zijn vanaf de openbare ruimte;
  6° de vervanging van ramen, glaswerk, winkelramen, inkomdeuren, inrij- en garagepoorten, voor zover :
  - de oorspronkelijke vormen, met inbegrip van de rondingen, zichtbare indelingen en de raamstijlen en -vleugels behouden blijven;
  - het architecturaal aanzicht van het gebouw niet gewijzigd wordt.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Onderafdeling 2. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de niet-beschermde delen van een beschermd goed en vrijgesteld zijn van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/23. [1 Voor zover ze niet afwijken van een bestemmingsplan, een stedenbouwkundige verordening of een verkavelingsvergunning, worden de volgende handelingen en werken met betrekking tot de niet beschermde delen van een beschermd goed vrijgesteld van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie :
  1° het aanbrengen, wegwerken of wijzigen van openingen en ramen, voor zover :
  - deze openingen niet zichtbaar zijn vanaf de openbare ruimte;
  - de werken geen stabiliteitswerken inhouden;
  2° de plaatsing, vervanging of verwijdering van kasten voor rolluiken of zonneschermen gelegen op de gelijkvloerse verdieping van een handelszaak, voor zover deze niet meer dan 12 cm uitspringen ten opzichte van de gevel en de breedte van de inrichting die van de vensteropening niet overschrijdt;
  3° de wijziging van de kleur van de gevels die niet zichtbaar zijn vanaf de openbare ruimte;
  4° het aanbrengen van een deklaag en de wijziging van het materiaal voor de bekleding van de gevels die niet zichtbaar zijn vanaf de openbare ruimte;
  5° de wijziging van de bekleding van een plat dak alsook zijn eventuele ophoging om de installatie van een isolatie-inrichting of een groene bedaking toe te laten voor zover dit geen ophoging van de randen van de bedaking noch een ophoging van de acroteriemuren met zich meebrengt;
  6° de plaatsing van bewakingscamera's tegen een bestaande gevel of topgevel voor zover :
  - deze het architecturale aanzicht van het gebouw of dat van de mandelige gebouwen niet ontsieren;
  - ze dezelfde kleur hebben als de bekleding van de gevel of de topgevel;
  - ze een uitsprong hebben van minder dan 12 cm indien ze lager geplaatst worden dan 4 meter boven de grond.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Onderafdeling 3. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de niet beschermde delen van een beschermd goed en vrijgesteld zijn van de medewerking van een architect.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/24. [1 De medewerking van een architect is niet vereist voor de in artikel 35/23 of in artikel 35/27 bedoelde handelingen en werken.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 2. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de beschermde delen van een beschermd goed.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Onderafdeling 1. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de beschermde delen van een beschermd goed en vrijgesteld zijn van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, alsook van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/25. [1 Voor zover ze niet afwijken van een bestemmingsplan, een stedenbouwkundige verordening of een verkavelingsvergunning, ze de structuur van het goed niet wijzigen en de stabiliteit ervan niet in gevaar brengen en geen wijziging inhouden van het architecturaal aanzicht van het beschermde gebouw, worden de volgende handelingen en werken met betrekking tot de beschermde delen van een beschermd goed vrijgesteld van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, alsook van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie :
  1° de plaatsing van dakvensters in de dakhelling;
  2° de plaatsing van zonne-, fotovoltaïsche of daarmee gelijkgestelde panelen die niet zichtbaar zijn vanaf de openbare ruimte;
  3° de plaatsing, tegen de gevel, van naamplaten voor vrije beroepen, gedenk- of historische platen, technisch of decoratief materieel voor huishoudelijk gebruik zoals huisnummers, bellen, behuizing en bedrading, installaties voor buitenverlichting en brievenbussen.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Onderafdeling 2. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de beschermde delen van een beschermd goed en vrijgesteld zijn van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/26. [1 Voor zover ze niet afwijken van een bestemmingsplan, een stedenbouwkundige verordening of een verkavelingsvergunning, ze de structuur van het goed niet wijzigen en geen werken betreffende de stabiliteit inhouden, worden de volgende handelingen en werken met betrekking tot de beschermde delen van een beschermd goed vrijgesteld van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie :
  1° het aanbrengen, wegwerken of wijzigen van openingen en ramen, voor zover :
  - deze openingen niet zichtbaar zijn vanaf de openbare ruimte;
  - de werken niet de oplossing van een stabiliteitsprobleem inhouden;
  2° de plaatsing, vervanging of verwijdering van kasten voor rolluiken of zonneschermen gelegen op de gelijkvloerse verdieping van een handelszaak, voor zover deze niet meer dan 12 cm uitspringen ten opzichte van de gevel en de breedte van de inrichting de vensteropening niet overschrijdt;
  3° de wijziging van de kleur van de gevels die niet zichtbaar zijn vanaf de openbare ruimte;
  4° het aanbrengen van een deklaag of de wijziging van het materiaal voor de bekleding van de gevels die niet zichtbaar zijn vanaf de openbare ruimte;
  5° op een dak met een helling van minder dan 45° ten opzichte van de waterpaslijn, de plaatsing van lichtkoepels, dakvensters of glasramen die in het vlak van het dak zijn gerealiseerd, voor zover hun gecumuleerde oppervlakte, wanneer het om een hellend dak gaat, niet meer bedraagt dan 20 % van de oppervlakte van de dakhelling.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Onderafdeling 3. - [1 Handelingen en werken die betrekking hebben op de beschermde delen van een beschermd goed en vrijgesteld zijn van de medewerking van een architect.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/27. [1 De medewerking van een architect is niet vereist voor de volgende handelingen en werken met betrekking tot de beschermde delen van een beschermd goed :
  1° elk alleenstaand bijgebouw dat niet bestemd is voor bewoning, handel of industrie, onder de in artikel 21, 1°, b, vastgelegde voorwaarden;
  2° het optrekken van afsluitingen of van een scheidingsmuur tussen twee eigendommen;
  3° het plaatsen van antennes, masten, pylonen, windmolens en andere gelijksoortige structuren, alsook het plaatsen van schotelantennes of zonnecollectoren, voor zover ze niet de oplossing van een stabiliteitsprobleem inhouden;
  4° het bouwen van een niet overdekt zwembad of sportterrein;
  5° de onder artikel 98, § 1, 6° tot 10° van het BWRO vermelde handelingen en werken.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  HOOFDSTUK VIII. - [1 Reclame- en uithangborden]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/28. [1 Dit hoofdstuk is van toepassing op de reclame- en uithangborden.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 1. - [1 Handelingen en werken die vrijgesteld zijn van een stedenbouwkundige vergunning.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/29. [1 De plaatsing van stoepborden langs de weg wordt vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 2. - [1 Handelingen en werken vrijgesteld van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen evenals van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/30. [1 De plaatsing van in Titel VI, hoofdstuk 5, artikel 36 van de Gewestelijke Stedenbouwkundige Verordening of in een geldende gemeentelijke verordening bedoelde uithangborden, die geschiedt conform deze bepalingen, wordt vrijgesteld van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, alsook van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 3. - [1 Handelingen en werken vrijgesteld van de medewerking van een architect.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/31. [1 De medewerking van een architect is niet vereist voor de plaatsing van reclame-inrichtingen en uithangborden.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  HOOFDSTUK IX. - [1 Opgravingen en peilingen]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/32. [1 Dit hoofdstuk is van toepassing op opgravingen en peilingen.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/33. [1 De in artikel 245 van het BWRO bedoelde opgravingen en peilingen worden vrijgesteld van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, alsook van het advies van de gemeente.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  HOOFDSTUK X. - [1 Aanleg van tuinen, groene ruimten en begraafplaatsen en het vellen van bomen]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/34. [1 Dit hoofdstuk is van toepassing op de aanleg van tuinen, groene ruimten en begraafplaatsen, alsmede op het vellen van bomen.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 1. - [1 Handelingen en werken die vrijgesteld zijn van een stedenbouwkundige vergunning]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/35. [1 De volgende handelingen en werken worden vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning :
  1° het planten van bomen in een groep, wanneer het gaat om exemplaren van dezelfde soort;
  2° het snoeien van levende takken met een omtrek kleiner dan 10 cm.
  3° de uitroeiing van invasieve soorten in de zin van de wetgeving betreffende het natuurbehoud en waarvan de doormeter, gemeten op 1,50 m hoogte, niet meer bedraagt dan 40 centimeter.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Afdeling 2. - [1 Handelingen en werken die vrijgesteld zijn van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, alsook van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  Art. 35/36. [1 De volgende handelingen en werken worden vrijgesteld van het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, alsook van het advies van de gemeente, de speciale regelen van openbaarmaking en het advies van de overlegcommissie :
  1° in het gebied voor koeren en tuinen en in de achteruitbouwstrook en voor zover er geen wijziging van het bodemreliëf van meer dan 20 cm uit voortvloeit :
  a) de inrichtingen zoals wegen, terrassen, omheiningen evenals de plaatsing van voorzieningen voor huishoudelijk, recreatief of decoratief gebruik, overeenkomstig de bestemming van deze gebieden, zoals schommels, kleine zandbakken, aanleg van perkjes (eenjarige planten, winterharde planten), barbecues, vijvers en natuurlijke schuilplaatsen voor de fauna, maar uitgezonderd zwembaden, sport- of tennisterreinen en garages en voor zover :
  - in de achteruitbouwstrook, hun totale hoogte niet meer bedraagt dan 1 meter;
  - in het gebied voor koeren en tuinen, hun totale hoogte niet meer bedraagt dan 3 meter en het hellend vlak van 45° ten opzichte van de waterpaslijn dat loopt vanaf de top van de mandelige muren of, bij gebrek aan een muur, vanaf een hoogte van 1,50 meter loodrecht op de mandelige grens, niet overschrijdt;
  - in het geval van een vijver, deze zich in het gebied voor koeren en tuinen bevindt, de oppervlakte ervan niet meer dan 20 m2 bedraagt en gelegen is op een afstand van minstens 2 meter van de aanpalende eigendommen;
  b) de constructie van een nevengebouw, vrijstaand van het hoofd- of de bijgebouwen en dat niet voor bewoning bestemd is, voor zover het volledig gelegen is in het gebied voor koeren en tuinen, de oppervlakte ervan, met inbegrip van het projectievlak van het dak op de grond, niet meer dan 6 m2 bedraagt en de totale hoogte niet meer dan 3 meter bedraagt en het hellend vlak van 45° ten opzichte van de waterpaslijn dat loopt vanaf de top van de mandelige muren of, bij gebrek aan een muur, vanaf een hoogte van 1,50 meter loodrecht op de mandelige grens, niet overschrijdt.
  2° de inrichtingen overeenkomstig een bestemming van parkgebied, begraafplaats of bosgebied, zoals de wijziging van het wegdek, de wijziging van speeltuinen, de plaatsing en de vervanging van banken, tafels, vuilnisbakken, de restauratie van al dan niet verlichte fonteinen, het afschrapen, de restauratie en verbetering van de oevers van vijvers en waterlopen die niet als onderhoud kan worden beschouwd of de wijziging van het waterniveau van de vijvers, de reiniging en eventuele opslag van de afzetting, evenals de bouw of de restauratie van de kunstwerken die nodig zijn bij het beheer van het waterpeil;
  3° het vellen van dode of wegkwijnende bomen of van boomgroepen;
  4° het snoeien van takken, anders dan bij een gewoon onderhoud, het toppen en het knotten;
  5° het planten van bomen buiten groepen;
  6° in de mate dat zij niet zichtbaar zijn vanaf de openbare ruimte en het architecturaal aanzicht van het goed niet wijzigen, de bouw van een scheidingsmuur tussen twee eigendommen en het optrekken van afsluitingen;
  7° graafwerken, voor zover de toegangsputten buiten het beschermde goed gelegen zijn.
  8° het aanbrengen van een bewegwijzering die een goede circulatie verzekert en informatie aan de gebruikers van groengebieden als aanvulling bij een bewegwijzering die reeds is toegestaan door een vergunning voor het betreffende goed.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij BESL 2011-04-07/09, art. 30, 002; Inwerkingtreding : 21-05-2011>

  TITEL IV. - SLOTBEPALINGEN.

  Art. 36. Het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 12 juni 2003 tot bepaling van de handelingen en werken die vrijgesteld zijn van een stedenbouwkundige vergunning, van het advies van de gemachtigde ambtenaar, van de gemeente of van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen of van de medewerking van een architect wordt opgeheven.

  Art. 37. De Minister bevoegd voor Ruimtelijke Ordening wordt belast met de uitvoering van dit besluit.
  

Handtekening Tekst Inhoudstafel Begin
   Brussel, 13 november 2008.
Voor de Brusselse Hoofdstedelijke Regering :
De Minister-President van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering belast met Plaatselijke Besturen, Ruimtelijke Ordening, Monumenten en Landschappen, Stadsvernieuwing, Huisvesting, Openbare Netheid en Ontwikkelingssamenwerking
Ch. PICQUE.

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   De Brusselse Hoofdstedelijke Regering,
   Gelet op de wet van 20 februari 1939 op de bescherming van de titel en van het beroep van architect, inzonderheid op artikel 4, derde lid;
   Gelet op het Brussels Wetboek van Ruimtelijke Ordening, goedgekeurd bij besluit van de Regering van 9 april 2004 en bekrachtigd door de ordonnantie van 13 mei 2004, inzonderheid op de artikelen 98, § 2, 154, 177, § 3, eerste en tweede lid en 207, § 1, vijfde lid;
   Gelet op het advies van de Raad van State nr 45.046/2/V van 8 september 2008;
   Op voordracht van de Minister-President van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering belast met Ruimtelijke Ordening en Monumenten en Landschappen;
   Na beraadslaging,
   Besluit :

Wijziging(en) Tekst Inhoudstafel Begin
BEELD
  • BESLUIT (BRUSSEL) VAN 06-06-2014 GEPUBL. OP 29-08-2014
    (GEWIJZIGDE ART. : 28; 29; 30; 30/1)
  • BEELD
  • BESLUIT (BRUSSEL) VAN 25-06-2014 GEPUBL. OP 26-08-2014
    (GEWIJZIGDE ART. : 4; 4/1; 6)
  • BEELD
  • BESLUIT (BRUSSEL) VAN 23-05-2014 GEPUBL. OP 26-08-2014
    (GEWIJZIGD ART. : 21)
  • BEELD
  • BESLUIT (BRUSSEL) VAN 08-05-2014 GEPUBL. OP 07-07-2014
    (GEWIJZIGD ART. : 7/1)
  • BEELD
  • BESLUIT (BRUSSEL) VAN 07-04-2011 GEPUBL. OP 11-05-2011
    (GEWIJZIGDE ART. : 1; 4; 7; 9; 14/1; 18; 21; 22; 25; 26; 28; 29; 30; 32; NL33; 34; 34/1; 34/2; 35; 35/1-35/36; OPSCHRIFT)

  • Begin Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
    Inhoudstafel 4 uitvoeringbesluiten 5 gearchiveerde versies
    Franstalige versie