J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Aanhef
Inhoudstafel
Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/besluit/2003/02/03/2003014008/justel

Titel
3 FEBRUARI 2003. - Koninklijk besluit tot bepaling van de deelnemingsmodaliteiten en -regels aan een door de Nationale Loterij ten gunste van de Lottodeelnemers georganiseerde promotieactie naar aanleiding van de 25e verjaardag van de invoering van deze vorm van loterij met nummers.

Bron :
MOBILITEIT EN VERVOER
Publicatie : 19-02-2003 nummer :   2003014008 bladzijde : 8007       PDF :   originele versie    
Dossiernummer : 2003-02-03/31
Inwerkingtreding : 10-02-2003

Inhoudstafel Tekst Begin
Art. 1-19

Tekst Inhoudstafel Begin
Artikel 1. Dit besluit bepaalt de deelnemingsmodaliteiten en -regels aan een door de Nationale Loterij ten gunste van de Lottodeelnemers georganiseerde promotieactie naar aanleiding van de 25e verjaardag van de invoering van deze vorm van loterij met nummers.

  Art. 2. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder :
  1° het reglement van Lotto en Joker : het koninklijk besluit van 12 december 2001 houdende het reglement van Lotto en Joker, openbare loterijen georganiseerd door de Nationale Loterij, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 3 februari 2002, 9 augustus 2002 en 25 oktober 2002;
  2° Lotto-speelpotfonds : het in artikel 20 van het reglement van Lotto en Joker bedoelde Lotto-speelpotfonds;
  3° de deelnemingsverwerving : de in artikel 4, eerste lid, van het reglement van Lotto en Joker bedoelde deelnemingsverwerving;
  4° deelneming aan Lotto en Joker per abonnement : de deelneming aan Lotto en Joker volgens de in artikel 13 van het reglement van Lotto en Joker bedoelde verwerkingsmethode;
  5° effectieve deelneming : de deelneming die beantwoordt aan de in artikel 15 van het reglement van Lotto en Joker bedoelde geldigheidsvoorwaarden;
  6° on line-centra : de in artikel 4, tweede lid van het reglement van Lotto en Joker bedoelde on line-centra;
  7° de uitbaters van de on line-centra : de in artikel 31 van het reglement van Lotto en Joker bedoelde onafhankelijke tussenpersonen;
  8° deelnemingstickets : de in artikel 14 van het reglement van Lotto en Joker bedoelde deelnemingstickets;
  9° speelweek : de eerste zes dagen van de week, namelijk maandag, dinsdag, woensdag, donderdag, vrijdag en zaterdag;
  10° DEEL I van een speelweek : de eerste drie dagen van een speelweek, namelijk maandag, dinsdag en woensdag;
  11° DEEL II van een speelweek : de laatste drie dagen van een speelweek voorafgaand aan de zondag, namelijk donderdag, vrijdag en zaterdag;
  12° hoofdzetel van de Nationale Loterij : de hoofdzetel van de naamloze vennootschap van publiek recht " Nationale Loterij ", gelegen Belliardstraat 25-33, te 1040 Brussel;
  13° regionale kantoren van de Nationale Loterij : de acht regionale kantoren van de Nationale Loterij, die respectievelijk op de volgende adressen werden geopend :
  a) Tentoonstellingslaan 269, te 1090 Brussel;
  b) Grote Steenweg 204-208, te 2600 Berchem;
  c) Belgiëlaan 9, te 9051 Sint-Denijs-Westrem;
  d) Baron Ruzettelaan 78, te 8310 Brugge;
  e) Leuvenselaan 172, bus 25, te 3300 Tienen;
  f) Chaussée de Dinant 84, te 5000 Namen;
  g) Rue de Nimy 61-63, te 7000 Bergen;
  h) Avenue Blonden 84, te 4000 Luik.

  Art. 3. De in artikel 1 bedoelde promotieactie :
  1° loopt, onder voorbehoud van de toepassing van het tweede lid, over 38 speelweken, waarbij de eerste dag van de eerste speelweek en van de laatste speelweek worden vastgesteld op respectievelijk maandag 10 februari 2003 en maandag 27 oktober 2003.
  Indien de Nationale Loterij het commercieel opportuun acht, kan zij evenwel de in het eerste lid bedoelde duur beperken, en in voorkomend geval, volgens door haar bepaalde modaliteiten, het globale aantal en het globale bedrag verminderen van de in artikel 4 bedoelde loten;
  2° betreft de deelneming hetzij aan de Lotto alleen, hetzij aan de Lotto en de Joker. De promotieactie heeft geen betrekking op de deelneming aan de Joker alleen, noch op de deelneming per abonnement;
  3° de deelnemingsverwerving kan betrekking hebben op 1, 2, 4, 6, 8, 10 of 20 opeenvolgende trekkingen, voor zover de totaal verschuldigde inzet per deelnemingsticket niet lager ligt dan 5 euro.

  Art. 4. § 1. Onder voorbehoud van de toepassing van artikel 3, 1°, tweede lid, en van artikel 5, 1°, tweede lid, worden er 4.827 loten met een totale waarde van 6.510.000 EUR, ingehouden van het Lotto-speelpotfonds, bestemd voor de gehele promotieactie en als volgt verdeeld :
  1° 1 lot van 10.000 EUR voor het DEEL I van elke speelweek, samen dus 38 loten die een totale waarde vertegenwoordigen van 380.000 EUR;
  2° 1 lot van 10.000 EUR voor het DEEL II van elke speelweek, samen dus 38 loten die een totale waarde vertegenwoordigen van 380.000 EUR;
  3° 40 loten van 1.000 EUR voor het DEEL I van elke speelweek, samen dus 1.520 loten die een totale waarde vertegenwoordigen van 1.520.000 EUR;
  4° 85 loten van 1.000 EUR voor het DEEL II van elke speelweek, samen dus 3.230 loten die een totale waarde vertegenwoordigen van 3.230.000 EUR;
  5° 1 bijkomend lot van 1.000.000 EUR voor de in artikel 11 bedoelde trekking.
  § 2. De toewijzing van de in § 1, 1° tot 4° bedoelde loten beantwoordt aan de in de artikelen 5 tot 7 bedoelde modaliteiten.
  De toewijzing van het in § 1, 5° bedoelde bijkomende lot beantwoordt aan de in artikel 11 bedoelde modaliteiten.

  Art. 5. Het principe van de promotieactie bestaat erin, de in artikel 4, § 1, 1° tot 4° bedoelde loten toe te wijzen tegelijkertijd met de in artikel 3, 2° bedoelde deelnemingsverwerving, krachtens de volgende modaliteiten :
  1° deze toewijzing gebeurt op louter willekeurige wijze door het informaticasysteem van de Nationale Loterij, waarmee de terminals van de door haar erkende on-line-centra rechtstreeks verbonden zijn.
  De integrale toewijzing van de in artikel 4, § 1, 1° tot 4° bedoelde 4.826 loten gebeurt evenwel niet systematisch, aangezien dit aantal in de praktijk kan worden verminderd wegens het willekeurig karakter van de modaliteiten van hun technisch ontwerp.
  Deze toewijzing geeft iedere keer aanleiding tot de uitreiking, via de met de terminal van het on line-centrum verbonden printer, van een opbrengststrook waarvan de kenmerken worden bepaald in artikel 6.
  Deze opbrengststrook wordt uitgereikt onmiddellijk na het afdrukken van het deelnemingsticket dat overeenstemt met de deelnemingsverwerving die wordt toegewezen conform 1°, eerste lid. De opbrengststrook wordt door de uitbater van het on-line-centrum aan de deelnemer overhandigd tegelijkertijd met het betrokken deelnemingsticket, waarop melding wordt gemaakt van de uitreiking van de opbrengststrook;
  2° onder voorbehoud van de toepassing van artikel 3, 1°, tweede lid, en onder voorbehoud van 1°, tweede lid, wordt er door het informaticasysteem, conform 1°, eerste lid, toegewezen voor ieder
  a) DEEL I van een speelweek : één deelnemingsverwerving die aanleiding geeft tot de uitreiking van een winnende opbrengststrook voor een lot van 10.000 EUR;
  b) DEEL II van een speelweek : één deelnemingsverwerving die aanleiding geeft tot de uitreiking van een winnende opbrengststrook voor een lot van 10.000 EUR;
  c) DEEL I van een speelweek : 40 deelnemingsverwervingen die elk aanleiding geven tot de uitreiking van een winnende opbrengststrook voor een lot van 1.000 EUR;
  d) DEEL II van een speelweek : 85 deelnemingsverwervingen die elk aanleiding geven tot de uitreiking van een winnende opbrengststrook voor een lot van 1.000 EUR;
  3° een opbrengststrook vermeldt altijd slechts één enkel bedrag van een lot, hetzij 1.000 EUR, hetzij 10.000 EUR.

  Art. 6. De in artikel 5, 1°, derde lid bedoelde opbrengststrook bevat de volgende vermeldingen :
  1° de titel " Lotto Promo 25 ";
  2° de datum en het uur van haar uitreiking;
  3° een reeks cijfercodes voor controle-, identificatie- en beheersdoeleinden;
  4° een reeks cijfercodes die overeenstemt met deze van het deelnemingsticket dat aanleiding gaf tot de uitreiking van de opbrengststrook;
  5° het bedrag van 1.000 EUR of 10.000 EUR;
  6° verschillende inlichtingen ter verduidelijking van de uitbetalingstermijn van het lot en van de plaatsen waar de opbrengststrook ter inning kan worden aangeboden, en eventueel andere voor de deelnemer nuttige gegevens.

  Art. 7. Wanneer een voor het DEEL I van een speelweek bestemd lot van 10.000 EUR in de loop hiervan niet wordt toegekend, wordt het overgedragen naar het DEEL II van dezelfde speelweek.
  Wanneer het voor de het DEEL II van een speelweek bestemde lot of, in voorkomend geval, beide loten van 10.000 EUR in de loop hiervan niet worden (wordt) toegekend, verblijven ze (verblijft het) aan de Nationale Loterij.
  Wanneer één of meer voor het DEEL I van een speelweek bestemde loten van 1.000 EUR in de loop hiervan niet worden (wordt) toegekend, worden ze (wordt het) overgedragen naar het DEEL II van dezelfde speelweek.
  Wanneer één of meer voor het DEEL II van een speelweek bestemde of van de in het derde lid bedoelde overdracht afkomstige loten van 1.000 EUR in de loop hiervan niet worden (wordt) toegekend, verblijven ze (verblijft het) aan de Nationale Loterij.

  Art. 8. De loten zijn betaalbaar, op elke wijze die de Nationale Loterij nuttig acht, tegen afgifte van de opbrengststrook, hetzij op de hoofdzetel van de Nationale Loterij, hetzij bij de acht regionale kantoren, binnen een termijn van vijftien dagen te rekenen vanaf de datum die op de betrokken opbrengststrook wordt vermeld. Wanneer een opbrengststrook ter inning wordt aangeboden, kan voor controledoeleinden de overlegging worden geëist van het in artikel 5, 1°, vierde lid bedoelde deelnemingsticket.
  Met het oog op de in artikel 11 bedoelde trekking, schrijven de eigenaars van de opbrengststroken, waarmee een lot van 10.000 EUR werd gewonnen, hun naam, voornaam en adres door middel van een balpen perfect leesbaar op de keerzijde van de opbrengststroken.
  De indiening tot inning van de opbrengststrook waarmee een lot van 10.000 EUR werd gewonnen, geeft aanleiding tot de uitreiking van een ontvangstbewijs aan de eigenaar van de opbrengststrook.
  Na afloop van de in het eerste lid bedoelde termijn verblijven de loten aan de Nationale Loterij.

  Art. 9. De klachten met betrekking tot de uitbetaling van de loten moeten per aangetekende brief worden gericht aan de hoofdzetel van de Nationale Loterij, ten laatste, op straffe van verval, binnen een termijn van vijftien dagen te rekenen vanaf de datum die op de betrokken opbrengststrook wordt vermeld.
  Klachten kunnen eveneens tegen ontvangstbewijs worden neergelegd op de hoofdzetel van de Nationale Loterij.
  Bij elke klacht moet de betrokken opbrengststrook worden gevoegd. Op de keerzijde hiervan schrijft de deelnemer zijn naam, voornaam en adres.

  Art. 10. De gegevens met betrekking tot de uitreiking van een opbrengststrook worden opgeslagen op de in artikel 15, eerste lid van het reglement van Lotto en Joker bedoelde informatiedrager. Deze informatiedrager wordt door een gerechtsdeurwaarder verzegeld en geldt bij betwisting als enig bewijsstuk.
  De deelneming aan de promotieactie is pas effectief wanneer de deelneming aan de Lotto eveneens effectief is.

  Art. 11. § 1. Onder voorbehoud van de toepassing van artikel 3, 1°, tweede lid nemen de opbrengststroken, waarmee een lot van 10.000 EUR werd gewonnen, deel aan een openbaar uitgevoerde trekking die onder deze opbrengststroken aanwijst welke van hen het bijkomend lot van 1.000.000 EUR wint.
  Aan deze trekking nemen uitsluitend de in het eerste lid bedoelde stroken deel die ter inning werden aangeboden conform artikel 8, eerste lid, en die op de keerzijde voorzien zijn van de in artikel 8, tweede lid bedoelde vermeldingen.
  De dag, het uur, de plaats en de modaliteiten van deze trekking worden door de Nationale Loterij bepaald en met alle door haar nuttig geachte middelen bekendgemaakt.
  Deze trekking gebeurt onder het toezicht van een gerechtsdeurwaarder en onder de leiding van de Gedelegeerd Bestuurder van de Nationale Loterij of van diens afgevaardigde.
  De toevallige afwezigheid van de gerechtsdeurwaarder op het geplande uur mag geen beletsel vormen voor de trekking, die dan onder het toezicht wordt geplaatst van de Gedelegeerd Bestuurder van de Nationale Loterij of van diens afgevaardigde.
  De Gedelegeerd Bestuurder van de Nationale Loterij of diens afgevaardigde regelen elk met de trekking verband houdend incident.
  § 2. De eigenaars van de in § 1, tweede lid bedoelde opbrengststroken kunnen, indien zij daartoe een schriftelijk verzoek indienen bij de Nationale Loterij, afstand doen van deelneming, door hun opbrengststroken, aan de in § 1 bedoelde trekking.
  Zij die deze wens niet hebben geuit, worden door de Nationale Loterij schriftelijk uitgenodigd om de trekking bij te wonen.
  In geval van lichamelijke of andere ongeschiktheid om de trekking bij te wonen, mogen de in het tweede lid bedoelde personen zich laten vervangen door een gevolmachtigde die wel de geschiktheid heeft.
  De afwezigheid op de trekking van de in het tweede lid bedoelde personen of hun gevolmachtigde doet geenszins afbreuk aan het deelnemingsrecht aan de trekking van de opbrengststrook waarvan zij de eigenaars zijn.
  De in het tweede lid bedoelde personen dienen een adreswijziging mee te delen aan de Nationale Loterij.
  De in het tweede lid bedoelde personen geven de Nationale Loterij de toestemming om voor alle reclame- en promotieacties gratis gebruik te maken van hun naam en eventueel van hun beeltenis op alle dragers, onder andere met inbegrip van audiovisuele dragers.

  Art. 12. Het bijkomend lot van 1.000.000 EUR wordt binnen een termijn van één maand, te rekenen vanaf de dag van de trekking, gestort aan de persoon wiens identiteit op de uitgelote opbrengststrook wordt vermeld.

  Art. 13. De uiterste dagen en uren voor deelnemingsverwervingen worden door de Nationale Loterij bepaald en zijn verkrijgbaar in alle on line-centra.

  Art. 14. De Nationale Loterij erkent slechts één eigenaar van een opbrengststrook, namelijk de drager ervan. De identiteit van de drager wordt nochtans geëist als
  1° er twijfel bestaat over de geldigheid van de opbrengststrook, als ze besmeurd, gescheurd, onvolledig of geplakt is. In dat geval houdt de Nationale Loterij ze in totdat ze een beslissing heeft genomen, en ontvangt de drager van de opbrengststrook een bewijs van bewaargeving;
  2° de door de Nationale Loterij bepaalde uitbetalingswijze van de loten zulks vereist.
  In afwijking van het eerste lid erkent de Nationale Loterij als eigenaar van een opbrengststrook, waarmee een lot van 10.000 EUR werd gewonnen, enkel de persoon wiens identiteit op de keerzijde van de betrokken opbrengststrook wordt vermeld.

  Art. 15. Geen enkel bezwaar of verzet wordt aanvaard bij diefstal, verlies of vernietiging van een opbrengststrook of van een voor de drager opgesteld bewijs van bewaargeving.
  Bij gemeenschappelijke deelneming komt de Nationale Loterij niet tussenbeide in geschillen die onder de leden van de groep kunnen ontstaan.
  Het is minderjarigen verboden om deel te nemen.

  Art. 16. Onder voorbehoud van de toepassing van artikel 11, § 2, zesde lid respecteren de Nationale Loterij en de tussenpersonen van haar distributienet de anonimiteit van de deelnemers, behalve wanneer deze laatsten er afstand van doen.

  Art. 17. Elk bedrog dat wordt gepleegd met het oog op de inning van een lot, inzonderheid elke valsheid in geschrifte of het gebruik ervan, geeft aanleiding tot een klacht bij het parket.

  Art. 18. Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2003.

  Art. 19. De Minister bevoegd voor de Nationale Loterij is belast met de uitvoering van dit besluit.
  Gegeven te Brussel, 3 februari 2003.
  ALBERT
  Van Koningswege :
  De Minister van Overheidsbedrijven en Participaties,
  R. DAEMS.

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   ALBERT II, Koning der Belgen,
   Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
   Gelet op de wet van 19 april 2002 tot rationalisering van de werking en het beheer van de Nationale Loterij, inzonderheid op artikel 3, § 1, eerste lid, en artikel 6, § 1, 1°, gewijzigd bij de programmawet I, van 24 december 2002;
   Gelet op het koninklijk besluit van 12 december 2001 houdende het reglement van Lotto en Joker, door de Nationale Loterij georganiseerde openbare loterijen, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 3 februari 2002, 9 augustus 2002 en 25 oktober 2002;
   Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, inzonderheid op artikel 3, § 1, vervangen bij de wet van 4 juli 1989 en gewijzigd bij de wet van 4 augustus 1996;
   Gelet op de dringende noodzakelijkheid;
   Overwegende dat de eerste Lottotrekking plaats had op 4 februari 1978 en dat deze door de Nationale Loterij georganiseerde openbare loterij bijgevolg haar 25e verjaardag viert in 2003;
   Overwegende dat het opportuun blijkt te zijn, rekening houdend met het succes van deze vorm van loterij bij het publiek, om een voor de deelnemers bestemde promotieactie te organiseren;
   Overwegende dat een dergelijke actie eveneens ten doel heeft de inkomsten en winsten van de Lotto te verhogen teneinde de Nationale Loterij toe te laten het geheel van haar verplichtingen in 2003 na te komen;
   Overwegende dat, teneinde bovengenoemde doelstelling alle kansen tot slagen te geven, het noodzakelijk is om dringend dit besluit te nemen opdat de Nationale Loterij onmiddellijk alle vereiste maatregelen kan treffen op commercieel, technisch, informatica- en administratief vlak om vanaf 10 februari 2003 met de betrokken promotieactie te kunnen starten;
   Op de voordracht van Onze Minister van Overheidsbedrijven en Participaties,
   Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Begin Eerste woord Laatste woord Aanhef
Inhoudstafel
Franstalige versie