J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
Verslag aan de Koning Inhoudstafel 14 uitvoeringbesluiten 7 gearchiveerde versies
Handtekening Einde Franstalige versie
 
belgiŽlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/besluit/1996/01/08/1996014010/justel

Titel
8 JANUARI 1996. - Koninklijk besluit tot regeling van de inschrijving van de commerciŽle platen voor motorvoertuigen en aanhangwagens.
(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 02-02-1996 en tekstbijwerking tot 06-10-2016)

Bron : VERKEERSWEZEN
Publicatie : 02-02-1996 nummer :   1996014010 bladzijde : 2356
Dossiernummer : 1996-01-08/35
Inwerkingtreding : 01-03-1996

Inhoudstafel Tekst Begin
HOOFDSTUK I. - Inleidende bepalingen.
Art. 1-3
HOOFDSTUK II. - Algemene bepalingen betreffende de inschrijving van de (commerciŽle kentekenplaten). <KB 2001-07-20/35, art. 37, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2001>
Afdeling 1. - Gemeenschappelijke bepalingen.
Art. 4
Afdeling 2. - Bepalingen eigen aan de inschrijving "proefritten".
Art. 5-10
Afdeling 3. - Bepalingen eigen aan de inschrijving "handelaar".
Art. 11-17
HOOFDSTUK III. - Algemene bepalingen met betrekking tot het terugsturen en het vernieuwen van de (commerciŽle kentekenplaten). <KB 2001-07-20/35, art. 37, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2001>
Afdeling 1. - Terugsturen van de (commerciŽle kentekenplaten). <KB 2001-07-20/35, art. 37, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2001>
Art. 18-22
Afdeling 2. - Vernieuwing van de commerciŽle kentekenplaten en van de bijbehorende inschrijvingsbewijzen. [1 opgeheven]1
Art. 23-24
HOOFDSTUK IV. - Allerhande bepalingen.
Afdeling 1. - Plaats en leesbaarheid van de nummerplaten. [1 opgeheven]1
Art. 25-27
Afdeling 2. - Vergoedingen [1 opgeheven]1
Art. 28-30
Afdeling 3. - Andere bepalingen.
Art. 31-32
HOOFDSTUK V. - Slotbepalingen.
Art. 33-36

Tekst Inhoudstafel Begin
HOOFDSTUK I. - Inleidende bepalingen.

  Artikel 1. Het "repertorium" ingesteld door (artikel 6 van het koninklijk besluit van 20 juli 2001 betreffende de inschrijving van voertuigen), wordt aangevuld met een bijkomend repertorium genaamd "repertorium van de (commerciŽle kentekenplaten)" voor motorvoertuigen en aanhangwagens. <KB 2001-07-20/35, art. 37, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2001>

  Art. 2. De (commerciŽle kentekenplaten) worden in twee categorieŽn opgesplitst : de "proefrittenplaten" en de "handelaarsplaten". Elke categorie omvat drie soorten platen : auto, moto, aanhangwagen. <KB 2001-07-20/35, art. 37, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2001>
  De registratie van een "proefrittenplaat" of van een "handelaarsplaat" in het repertorium op naam van een welbepaalde aanvrager wordt gedefinieerd als een inschrijving "proefritten" in het eerste geval en als een inschrijving "handelaar" in het tweede geval.

  Art. 3. Bij afwijking van (artikel 2, ß 1 van het koninklijk besluit van 20 juli 2001 betreffende de inschrijving van voertuigen) worden de motorvoertuigen en de aanhangwagens tot het verkeer op de openbare weg in BelgiŽ onder dekking van een "handelaarsplaat of van een proefrittenplaat" toegelaten voor zover de voorwaarden bepaald in onderhavig besluit zijn nageleefd en genoemde "handelaarsplaat" of "proefrittenplaat" geregistreerd is in het repertorium bedoeld in artikel 1, op verzoek van hetzij de persoon die er gebruik van maakt in het kader van een beroep bedoeld in artikel 5, punt 5.1. of 5.2., of in artikel 11, hetzij een instelling die er gebruik van maakt in het kader van een activiteit bedoeld in artikel 5, punt 5.3., 5.4. of 5.5. <KB 2001-07-20/35, art. 37, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2001>

  HOOFDSTUK II. - Algemene bepalingen betreffende de inschrijving van de (commerciŽle kentekenplaten). <KB 2001-07-20/35, art. 37, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2001>

  Afdeling 1. - Gemeenschappelijke bepalingen.

  Art. 4. 4.1. De aanvraag voor een inschrijving "proefritten" of "handelaar" wordt aan de ( (Directie Inschrijvingen Voertuigen) bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer) gericht door middel van een formulier, afgegeven door de Minister bevoegd voor het inschrijven van voertuigen of zijn gemachtigde. <KB 2001-07-20/35, art. 37, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2001> <KB 2003-03-18/42, art. 1, 004; Inwerkingtreding : 18-04-2003> <KB 2008-09-28/41, art. 1, 006; Inwerkingtreding : 01-10-2008>
  Deze aanvraag moet betrekking hebben op de soort plaat die overeenstemt met het voertuigtype dat onder de activiteit van de aanvrager valt.
  (De aanvraag kan eveneens worden ingegeven door elektronische overdracht van de gegevens aan de Directie Inschrijvingen Voertuigen telkens de mogelijkheid bestaat en overeenkomstig de richtlijnen van de leidinggevende ambtenaar of zijn gemachtigde.
  De aanvraag tot inschrijving kan slechts ingeleid worden door de persoon, gebruiker van de elektronische toepassing die heeft geleid tot voornoemde inschrijving, waarvan de identiteit en de hoedanigheid voor echt kan verklaard worden.) <KB 2008-09-28/41, art. 2, 006; Inwerkingtreding : 01-10-2008>
  4.2. Geen enkele aanvraag om inschrijving mag ingediend worden op naam van meerdere personen of op naam van een feitelijke vereniging.
  4.3. Het formulier voor de aanvraag om inschrijving bevat de volgende inlichtingen :
  4.3.1. wat de aanvrager betreft :
  4.3.1.1. zijn naam of zijn benaming.
  - Wanneer de aanvrager een natuurlijke persoon is, zijn naam, zijn eerste voornaam en zijn geboortedatum, zoals die op zijn identiteitskaart of op het als zodanig geldend document voorkomen.
  - Wanneer de aanvrager een rechtspersoon is, zijn naam, afgekort zo er een officiŽle afkorting bestaat, en zijn rechtsvorm zoals die in zijn statuten voorkomen.
  - Wanneer de aanvrager een openbare dienst is, zijn volledige benaming;
  4.3.1.2. zijn adres.
  - Wanneer de aanvrager een natuurlijke persoon is, het volledig adres zoals dit op zijn identiteitskaart of op het als zodanig geldend document voorkomt.
  - Wanneer de aanvrager een andere dan een natuurlijke persoon is, het volledig adres van zijn maatschappelijke zetel;
  4.3.1.3. zijn BTW.-nummer of, bij ontstentenis ervan, wanneer het gaat over personen bedoeld in artikel 5, punten 5.3., 5.4. en 5.5., het identificatienummer in het Rijksregister;
  4.3.1.4. zijn inschrijvingsnummer in het Handelsregister, behalve voor de personen vermeld in artikel 5, punten 5.3., 5.4. en 5.5., die door de aard van hun activiteiten niet in het Handelsregister vermeld zijn;
  4.3.2. wat de aangevraagde (commerciŽle kentekenplaat) betreft, de juiste aard van deze plaat : proefrittenplaat auto, proefrittenplaat moto, proefrittenplaat aanhangwagen, handelaarsplaat auto, handelaarsplaat moto of handelaarsplaat aanhangwagen.
  4.4. Het formulier voor de aanvraag om inschrijving wordt door de aanvrager gedagtekend en ondertekend; wanneer deze een andere dan een natuurlijke persoon is, moet de aanvraag door een gemachtigd persoon worden ondertekend.
  4.5. Het formulier voor de aanvraag om inschrijving bevat het attest van de verzekeraar.
  4.5.1. Dit attest draagt het zegel van de verzekeraar, dat moet overeenstemmen met het vooraf bij de ( (Directie Inschrijvingen Voertuigen) bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer) gedeponeerde model, alsook de naam in drukletters en de handtekening van zijn gemachtigde. <KB 2001-07-20/35, art. 37, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2001> <KB 2003-03-18/42, art. 1, 004; Inwerkingtreding : 18-04-2003> <KB 2008-09-28/41, art. 1, 006; Inwerkingtreding : 01-10-2008>
  4.5.2. De verzekeraar mag zijn attest slechts op een formulier voor de aanvraag om inschrijving doen voorkomen als bewijs :
  - hetzij van het onderschrijven van een verzekeringscontract overeenkomstig de wettelijke bepalingen betreffende de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen voor verscheidene voertuigen, achtereenvolgens in het verkeer te brengen onder dekking van een "proefrittenplaat" of van een "handelaarsplaat";
  - hetzij van het aanbrengen van wijzigingen in het onderschreven verzekeringscontract.

  Afdeling 2. - Bepalingen eigen aan de inschrijving "proefritten".

  Art. 5. 5.1. De bevoegde constructeurs of bouwers van motorvoertuigen of aanhangwagens alsook hun mandatarissen erkend overeenkomstig het algemeen reglement op de technische eisen waaraan de auto's, hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen of het algemeen reglement op de technische eisen waaraan de bromfietsen, de motorfietsen en hun aanhangwagens moeten voldoen, kunnen een inschrijving "proefritten" verkrijgen voor de voertuigen die zij gebruiken :
  5.1.1. na montage of herstelling om ze af te stellen of om hun goede werking na te gaan;
  5.1.2. voor demonstratie;
  5.1.3. voor hun overbrenging naar een plaats van inscheping of van aankoop of van de plaats van ontscheping of van aankoop naar hun inrichtingen;
  5.1.4. voor hun afstand;
  5.1.5. om ze voor te rijden bij een instelling belast met de controle van de in het verkeer gebrachte voertuigen;
  5.1.6. om ze voor te rijden voor proefnemingen - evenals tijdens deze proefnemingen - te verrichten in het kader van de goedkeuring van een voertuig van een type dat het voorwerp dient te zijn van een goedkeuringsprocedure.
  5.2. De personen die het beroep uitoefenen van koetswerkmaker of hersteller van motorvoertuigen of aanhangwagens, evenals de personen die het beroep uitoefenen van detailhandelaar in motorvoertuigen of in aanhangwagens, kunnen een inschrijving "proefritten" verkrijgen voor de voertuigen die zij gebruiken :
  5.2.1. na montage of herstelling om ze af te stellen of om hun goede werking na te gaan;
  5.2.2. voor demonstratie;
  5.2.3. voor hun overbrenging naar een plaats van inscheping of van aankoop of van de plaats van ontscheping of van aankoop naar hun inrichtingen;
  5.2.4. voor hun afstand;
  5.2.5. om ze voor te rijden bij een instelling belast met de controle van de in het verkeer gebrachte voertuigen.
  5.3. De gewestelijke vervoermaatschappijen die, na het bewijs te hebben geleverd dat zij voldoende zijn uitgerust om zelf voor het onderhoud en de herstelling van hun eigen voertuigen in te staan, voorafgaandelijk van de Minister bevoegd voor het inschrijven van voertuigen machtiging voor de aanwending van "proefrittenplaten" hebben gekregen, kunnen een inschrijving "proefritten" verkrijgen voor de voertuigen die zij gebruiken :
  5.3.1. na herstelling om ze af te stellen of om hun goede werking na te gaan;
  5.3.2. om ze voor te rijden bij een instelling belast met de controle van de in het verkeer gebrachte voertuigen.
  5.4. De onderzoekscentra van instellingen voor hoger onderwijs georganiseerd, erkend of gesubsidieerd door de overheid, die na het bewijs te hebben geleverd dat zij zich inzonderheid bezighouden met de techniek van de motorvoertuigen of aanhangwagens, voorafgaandelijk van de Minister bevoegd voor het inschrijven van voertuigen machtiging hebben gekregen voor de eventueel in tijd beperkte aanwending van "proefrittenplaten", kunnen een inschrijving "proefritten" verkrijgen voor voertuigen die zij gebruiken :
  5.4.1. om ze af te stellen of om hun goede werking na te gaan in het kader van onderzoeksprojecten;
  5.4.2. om ze af te halen en terug te brengen.
  5.5. Het Logistiek Centrum van de Rijkswacht kan een inschrijving "proefritten" verkrijgen voor de motorvoertuigen of aanhangwagens die het gebruikt in de gevallen bedoeld in punt 5.1.

  Art. 6. 6.1. De personen bedoeld in artikel 5, punt 5.1., voegen bij hun aanvraag tot het verkrijgen van een inschrijving "proefritten" :
  6.1.1. een gezegeld uittreksel uit het handelsregister, afgeleverd binnen zestig dagen die de aanvraag voorafgaan en waaruit de precieze aard van het uitgeoefende beroep blijkt;
  6.1.2. een verklaring, opgesteld door het bestuur dat bevoegd is voor de belasting over de toegevoegde waarde binnen dertig dagen die de aanvraag voorafgaan en waarin vermeld is :
  - het identificatienummer van de houder bij de BTW.,
  - dat de houder bij de BTW. geÔdentificeerd is voor ťťn van de beroepen bedoeld in artikel 5, punt 5.1.;
  6.1.3. een kopie van de erkenning die hun door het Ministerie van Verkeer en Infrastructuur werd toegekend.
  6.2. De personen bedoeld in artikel 5, punt 5.2., voegen bij hun aanvraag tot het verkrijgen van een inschrijving "proefritten" :
  6.2.1. een gezegeld uittreksel uit het handelsregister, afgeleverd binnen zestig dagen die de aanvraag voorafgaan en waaruit de precieze aard van het uitgeoefende beroep blijkt;
  6.2.2. een verklaring, opgesteld door het bestuur dat bevoegd is voor de belasting over de toegevoegde waarde binnen dertig dagen die de aanvraag voorafgaan en waarin vermeld is :
  - het identificatienummer van de houder bij de BTW.,
  - dat de houder bij de BTW. geÔdentificeerd is voor ťťn van de beroepen bedoeld in artikel 5, punt 5.2.;
  6.2.3. een vestigingsgetuigschrift met betrekking tot ťťn van de beroepen bedoeld in artikel 5, punt 5.2., afgeleverd door de bevoegde Kamer voor Ambachten en Neringen of door de Vestigingsraad binnen dertig dagen die de aanvraag voorafgaan. Voor de personen die een aantal werknemers hoger dan vijftig tewerkstellen (twintig voor de aanvragers van een "proefrittenplaat" moto) is dit document niet vereist; het wordt alsdan vervangen door een getuigschrift opgesteld binnen dezelfde termijn door de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid dat het aantal werknemers vermeldt die op de laatste dag van het voorlaatste volledig kwartaal ten opzichte van de datum van de aanvraag tewerkgesteld waren of, bij ontstentenis hiervan, het aantal werknemers tewerkgesteld op de laatste dag van het eerste kwartaal van tewerkstelling of, bij ontstentenis hiervan, het aantal werknemers vermeld op de inschrijvingsaanvraag bij bedoelde Rijksdienst.
  6.3. De personen bedoeld in artikel 5, punten 5.3. en 5.4., voegen bij hun aanvraag tot het verkrijgen van een inschrijving "proefritten" een kopie van de machtiging die hen krachtens hetzelfde artikel werd afgegeven.

  Art. 7. 7.1. De ( (Directie Inschrijvingen Voertuigen) bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer) geeft het volgende af : <KB 2001-07-20/35, art. 37, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2001> <KB 2003-03-18/42, art. 1, 004; Inwerkingtreding : 18-04-2003> <KB 2008-09-28/41, art. 1, 006; Inwerkingtreding : 01-10-2008>
  7.1.1. een "proefrittenplaat" en een bijbehorend inschrijvingsbewijs. (...); <KB 2001-07-20/35, art. 37, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2001>
  7.1.2. een zelfklevend vignet met vermelding van een jaartal. Dit vignet moet worden aangebracht op de "proefrittenplaat", op de specifiek daartoe voorziene plaats.
  7.2. Het op het zelfklevende vignet vermelde jaartal bepaalt het jaar waarin de geldigheid van de inschrijving "proefritten" vervalt. De vůůr 1 oktober uitgereikte vignetten vermelden het jaartal van het lopende kalenderjaar; de vanaf 1 oktober uitgereikte vignetten vermelden het jaartal van het volgende kalenderjaar.
  7.3. Het inschrijvingsbewijs vermeldt de uiterste geldigheidsdatum, namelijk "31/12/" gevolgd door het jaartal van het zelfklevende vignet.

  Art. 8. (De letterreeksen voorbehouden voor de proefrittenplaat, alsook de modellen van voornoemde plaat, van het bijbehorend inschrijvingsbewijs en van het zelfklevend vignet worden door de minister bevoegd voor het inschrijven van voertuigen vastgesteld.) <KB 2001-07-20/35, art. 37, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2001>

  Art. 9. 9.1. Tussen 1 oktober en 31 december van ieder jaar toont de houder van een inschrijving "proefritten" aan dat hij nog steeds alle voorwaarden vervult om deze inschrijving "proefritten" te behouden.
  Daartoe dient hij bij de ( (Directie Inschrijvingen Voertuigen) bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer) een aanvraag om vernieuwing van het zelfklevende vignet in door middel van het formulier bedoeld in artikel 4, punt 4.1., ingevuld overeenkomstig de bepalingen van artikel 4. <KB 2001-07-20/35, art. 37, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2001> <KB 2003-03-18/42, art. 1, 004; Inwerkingtreding : 18-04-2003> <KB 2008-09-28/41, art. 1, 006; Inwerkingtreding : 01-10-2008>
  9.2. De personen bedoeld in artikel 5, punt 5.1., voegen bij hun aanvraag om vernieuwing :
  9.2.1. een verklaring, opgesteld door het bestuur dat bevoegd is voor de belasting over de toegevoegde waarde binnen dertig dagen die de aanvraag voorafgaan en waarin vermeld is :
  - het identificatienummer van de houder bij de BTW.,
  - dat de houder nog steeds bij de BTW. geÔdentificeerd is voor ťťn van de beroepen bedoeld in artikel 5, punt 5.1, en dit daadwerkelijk uitoefent,
  - dat bij zijn weten het bezit of het gebruik van de inschrijving "proefritten" gedurende de twaalf maanden die de datum van de afgifte van de verklaring voorafgaan geen aanleiding heeft gegeven tot overtreding van douane- of fiscale regelingen;
  9.2.2. een verklaring waarbij zij verzekeren nog steeds te voldoen aan al de voorwaarden op basis waarvan hun de oorspronkelijke erkenning werd toegekend.
  9.3. De personen bedoeld in artikel 5, punt 5.2., voegen bij hun aanvraag om vernieuwing :
  9.3.1. een verklaring, opgesteld door het bestuur dat bevoegd is voor de belasting over de toegevoegde waarde binnen dertig dagen die de aanvraag voorafgaan en waarin vermeld is :
  - het identificatienummer van de houder bij de BTW.,
  - dat de houder nog steeds bij de BTW. geÔdentificeerd is voor ťťn van de beroepen bedoeld in artikel 5, punt 5.2, en dit daadwerkelijk uitoefent,
  - dat bij zijn weten het bezit of het gebruik van de inschrijving "proefritten" gedurende de twaalf maanden die de datum van de afgifte van de verklaring voorafgaan geen aanleiding heeft gegeven tot overtreding van douane- of fiscale regelingen;
  9.3.2. een vestigingsgetuigschrift met betrekking tot ťťn van de beroepen bedoeld in artikel 5, punt 5.2., afgeleverd door de bevoegde Kamer voor Ambachten en Neringen of door de Vestigingsraad binnen dertig dagen die de aanvraag voorafgaan. Voor de personen die een aantal werknemers hoger dan vijftig tewerkstellen (twintig voor de aanvragers van een "proefrittenplaat" moto) is dit document niet vereist; het wordt alsdan vervangen door een getuigschrift opgesteld binnen dezelfde termijn door de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid dat het aantal werknemers vermeldt die op 30 juni van het lopende jaar tewerkgesteld waren of, bij ontstentenis hiervan, het aantal werknemers tewerkgesteld op de laatste dag van het derde kwartaal van hetzelfde jaar of, bij ontstentenis hiervan, het aantal werknemers vermeld op de inschrijvingsaanvraag bij bedoelde Rijksdienst.
  9.4. De personen bedoeld in artikel 5, punten 5.3. en 5.4., voegen bij hun aanvraag om vernieuwing een persoonlijke verklaring waarbij zij verzekeren nog steeds te voldoen aan al de voorwaarden op basis waarvan hun de oorspronkelijke toelating werd verleend.
  9.5. In voorkomend geval kan de Minister bevoegd voor het inschrijven van voertuigen of zijn gemachtigde eisen dat de houder van de te vernieuwen inschrijving "proefritten" hem elke andere inlichting of elk ander document bezorgt waardoor hij zich ervan kan vergewissen dat er nog steeds voldaan wordt aan al de in dit besluit vastgelegde voorwaarden om deze inschrijving "proefritten" te behouden. Zijn aanvraag moet gemotiveerd zijn.

  Art. 10.[1 Wanneer alle voorwaarden om een inschrijving "proefritten" te behouden daadwerkelijk vervuld zijn, geeft de Directie Inschrijvingen Voertuigen bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer een inschrijvingsbewijs met vermelding van de nieuwe uiterste geldigheidsdatum af, evenals een zelfklevend vignet met vermelding van het nieuwe jaartal dat door de titularis op de specifiek daartoe bestemde plaats op de "proefrittenplaat" dient aangebracht te worden ter vervanging van het vorige vignet.]1
  ----------
  (1)<KB 2016-09-28/08, art. 1, 008; Inwerkingtreding : 01-10-2016>

  Afdeling 3. - Bepalingen eigen aan de inschrijving "handelaar".

  Art. 11. 11.1. De bevoegde constructeurs of bouwers van motorvoertuigen of aanhangwagens alsook hun mandatarissen erkend overeenkomstig het algemeen reglement op de technische eisen waaraan de auto's, hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen of het algemeen reglement op de technische eisen waaraan de bromfietsen, de motorfietsen en hun aanhangwagens moeten voldoen, kunnen een inschrijving "handelaar" verkrijgen voor de voertuigen waarvan zij eigenaar zijn.
  11.2. De personen die het beroep uitoefenen van detailhandelaar in motorvoertuigen of in aanhangwagens kunnen een inschrijving "handelaar" verkrijgen voor de voertuigen waarvan zij eigenaar zijn.

  Art. 12. 12.1. De aanvrager vermeldt op het formulier voor de aanvraag om inschrijving de volgende bijkomende inlichting :
  - hetzij de maximale cylinderinhoud, uitgedrukt in kubieke centimeter, van de voertuigen waarop een "handelaarsplaat" zal worden aangebracht;
  - hetzij de maximale toegelaten massa, uitgedrukt in kilogram, van deze voertuigen.
  12.2. De personen bedoeld in artikel 11, punt 11.1., voegen bij hun aanvraag tot het verkrijgen van een inschrijving "handelaar" :
  12.2.1. een gezegeld uittreksel uit het handelsregister, afgeleverd binnen zestig dagen die de aanvraag voorafgaan en waaruit de precieze aard van het uitgeoefende beroep blijkt;
  12.2.2. een verklaring, opgesteld door het bestuur dat bevoegd is voor de belasting over de toegevoegde waarde binnen dertig dagen die de aanvraag voorafgaan en waarin vermeld is :
  - het identificatienummer van de houder bij de BTW.,
  - dat de houder bij de BTW. geÔdentificeerd is voor ťťn van de beroepen bedoeld in artikel 11, punt 11.1.;
  12.2.3. een kopie van de erkenning die hun door het Ministerie van Verkeer en Infrastructuur werd toegekend.
  12.3. De personen bedoeld in artikel 11, punt 11.2., voegen bij hun aanvraag tot het verkrijgen van een inschrijving "handelaar" :
  12.3.1. een gezegeld uittreksel uit het handelsregister, afgeleverd binnen zestig dagen die de aanvraag voorafgaan en waaruit de precieze aard van het uitgeoefende beroep blijkt;
  12.3.2. een verklaring, opgesteld door het bestuur dat bevoegd is voor de belasting over de toegevoegde waarde binnen dertig dagen die de aanvraag voorafgaan en waarin vermeld is :
  - het identificatienummer van de houder bij de BTW.,
  - dat de houder bij de BTW. geÔdentificeerd is voor het beroep van detailhandelaar;
  12.3.3. een vestigingsgetuigschrift met betrekking tot ťťn van de beroepen bedoeld in artikel 11, punt 11.2., afgeleverd door de bevoegde Kamer voor Ambachten en Neringen of door de Vestigingsraad binnen dertig dagen die de aanvraag voorafgaan. Voor de personen die een aantal werknemers hoger dan vijftig tewerkstellen (twintig voor de aanvragers van een "handelaarsplaat" moto) is dit document niet vereist; het wordt alsdan vervangen door een getuigschrift opgesteld binnen dezelfde termijn door de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid dat het aantal werknemers vermeldt die op de laatste dag van het voorlaatste volledig kwartaal ten opzichte van de datum van de aanvraag tewerkgesteld waren of, bij ontstentenis hiervan, het aantal werknemers tewerkgesteld op de laatste dag van het eerste kwartaal van tewerkstelling of, bij ontstentenis hiervan, het aantal werknemers vermeld op de inschrijvingsaanvraag bij bedoelde Rijksdienst.

  Art. 13. 13.1. De ( (Directie Inschrijvingen Voertuigen) bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer) geeft het volgende af : <KB 2001-07-20/35, art. 37, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2001> <KB 2003-03-18/42, art. 1, 004; Inwerkingtreding : 18-04-2003> <KB 2008-09-28/41, art. 1, 006; Inwerkingtreding : 01-10-2008>
  13.1.1. een "handelaarsplaat" en een bijbehorend inschrijvingsbewijs. (...) <KB 2001-07-20/35, art. 37, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2001>
  13.1.2. een zelfklevend vignet met vermelding van een jaartal. Dit vignet moet worden aangebracht op de "handelaarsplaat", op de specifiek daartoe voorziene plaats.
  13.2. Het op het zelfklevende vignet vermelde jaartal bepaalt het jaar waarin de geldigheid van de inschrijving "handelaar" vervalt. De vůůr 1 oktober uitgereikte vignetten vermelden het jaartal van het lopende kalenderjaar; de vanaf 1 oktober uitgereikte vignetten vermelden het jaartal van het volgende kalenderjaar.
  13.3. Het inschrijvingsbewijs vermeldt de uiterste geldigheidsdatum, namelijk "31/12/", gevolgd door het jaartal van het zelfklevende vignet.

  Art. 14. (De letterreeksen voorbehouden voor de handelaarsplaat alsook de modellen van voornoemde plaat, van het bijbehorend inschrijvingsbewijs en van het zelfklevend vignet worden door de minister bevoegd voor het inschrijven van voertuigen vastgesteld.) <KB 2001-07-20/35, art. 37, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2001>

  Art. 15. 15.1. De voertuigen waarop een "handelaarsplaat" is aangebracht en waarvan de bestuurder het bijbehorende inschrijvingsbewijs bij zich heeft, mogen slechts worden gebruikt :
  - wanneer de houder een natuurlijke persoon is, door deze persoon zelf, door zijn familieleden aangegeven als helpers van een zelfstandig werknemer alsook door de vennoten of leden van de feitelijke vennootschap waartoe de houder behoort die dezelfde activiteiten uitoefenen;
  - wanneer de houder een rechtspersoon is, door de actieve vennoten, beheerders, geranten en beheersorganen van deze rechtspersoon;
  - door de werknemers die door de houder worden tewerkgesteld. Deze werknemers moeten in het bezit zijn van een document dat uitgaat van de houder en waarop hun identiteit vermeld is evenals de hoedanigheid waarin zij gemachtigd zijn het voertuig onder een inschrijving "handelaar" te gebruiken.
  15.2. De voertuigen moeten voorzien zijn van het fiscaal kenteken dat voor de aangebrachte "handelaarsplaat" afgegeven is.
  15.3. Het is verboden voertuigen, voorzien van een "handelaarsplaat", uit te lenen of te verhuren.
  Nochtans is dit verbod, bij afwijking van punt 15.1., niet van toepassing bij het uitlenen of verhuren van een voertuig aan een persoon waarvan het op zijn naam ingeschreven voertuig zich in de werkplaats van de uitlener of van de verhuurder ter herstelling bevindt.
  Dit uitlenen of verhuren zal evenwel niet langer dan zeven dagen mogen duren; bovendien zal de persoon die het voertuig huurt of ontleent eveneens in het bezit moeten zijn van het inschrijvingsbewijs van het ter herstelling toevertrouwde voertuig.

  Art. 16. 16.1. Tussen 1 oktober en 31 december van ieder jaar toont de houder van een inschrijving "handelaar" aan dat hij nog steeds alle voorwaarden vervult om deze inschrijving "handelaar" te behouden.
  Daartoe dient hij bij de ( (Directie Inschrijvingen Voertuigen) bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer) een aanvraag om vernieuwing van het zelfklevende vignet in door middel van het formulier bedoeld in artikel 4, punt 4.1., ingevuld overeenkomstig de bepalingen van artikel 4. <KB 2003-03-18/42, art. 1, 004; Inwerkingtreding : 18-04-2003> <KB 2008-09-28/41, art. 1, 006; Inwerkingtreding : 01-10-2008>
  16.2. De personen bedoeld in artikel 11, punt 11.1., voegen bij hun aanvraag om vernieuwing :
  16.2.1. een verklaring, opgesteld door het bestuur dat bevoegd is voor de belasting over de toegevoegde waarde binnen dertig dagen die de aanvraag voorafgaan en waarin vermeld is :
  - het identificatienummer van de houder bij de BTW.,
  - dat de houder nog steeds bij de BTW. geÔdentificeerd is voor ťťn van de beroepen bedoeld in artikel 11, punt 11.1., en dit daadwerkelijk uitoefent,
  - dat de houder ten minste twaalf voertuigen verkocht heeft in de loop van de twaalf maanden die de datum van afgifte van de verklaring voorafgaan,
  - dat bij zijn weten het bezit of het gebruik van de inschrijving "handelaar" gedurende de twaalf maanden die de datum van de afgifte van de verklaring voorafgaan geen aanleiding heeft gegeven tot overtreding van douane- of fiscale regelingen;
  16.2.2. een verklaring waarbij zij verzekeren nog steeds te voldoen aan al de voorwaarden op basis waarvan hun de oorspronkelijke erkenning werd toegekend.
  16.3. De personen bedoeld in artikel 11, punt 11.2., voegen bij hun aanvraag om vernieuwing :
  16.3.1. een verklaring, opgesteld door het bestuur dat bevoegd is voor de belasting over de toegevoegde waarde binnen dertig dagen die de aanvraag voorafgaan en waarin vermeld is :
  - het identificatienummer van de houder bij de BTW.,
  - dat de houder nog steeds bij de BTW. geÔdentificeerd is voor het beroep van detailhandelaar,
  - dat de houder ten minste twaalf voertuigen verkocht heeft in de loop van de twaalf maanden die de datum van afgifte van de verklaring voorafgaan,
  - dat bij zijn weten het bezit of het gebruik van de inschrijving "handelaar" gedurende de twaalf maanden die de datum van de afgifte van de verklaring voorafgaan geen aanleiding heeft gegeven tot overtreding van douane- of fiscale regelingen;
  16.3.2. een vestigingsgetuigschrift met betrekking tot ťťn van de beroepen bedoeld in artikel 11, punt 11.2., afgeleverd door de bevoegde Kamer voor Ambachten en Neringen of door de Vestigingsraad binnen dertig dagen die de aanvraag voorafgaan. Voor de personen die een aantal werknemers hoger dan vijftig tewerkstellen (twintig voor de aanvragers van een "handelaarsplaat" moto) is dit document niet vereist; het wordt alsdan vervangen door een getuigschrift opgesteld binnen dezelfde termijn door de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid dat het aantal werknemers vermeldt die op 30 juni van het lopende jaar tewerkgesteld waren of, bij ontstentenis hiervan, het aantal werknemers tewerkgesteld op de laatste dag van het derde kwartaal van hetzelfde jaar of, bij ontstentenis hiervan, het aantal werknemers vermeld op de inschrijvingsaanvraag bij bedoelde Rijksdienst.
  16.4. Bij voorkomend geval kan de Minister bevoegd voor het inschrijven van voertuigen of zijn gemachtigde eisen dat de houder van de te vernieuwen inschrijving "handelaar" hem elke andere inlichting of elk ander document bezorgt waardoor hij zich ervan kan vergewissen dat er nog steeds voldaan wordt aan al de in dit besluit vastgelegde voorwaarden om deze inschrijving "handelaar" te behouden. Zijn aanvraag moet gemotiveerd zijn.

  Art. 17.[1 Wanneer alle voorwaarden om een inschrijving "handelaar" te behouden daadwerkelijk vervuld zijn, geeft de Directie Inschrijvingen Voertuigen bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer een inschrijvingsbewijs met vermelding van de nieuwe uiterste geldigheidsdatum af, evenals een zelfklevend vignet met vermelding van het nieuwe jaartal dat door de titularis op de specifiek daartoe bestemde plaats op de "handelaarsplaat" dient aangebracht te worden ter vervanging van het vorige vignet.]1
  ----------
  (1)<KB 2016-09-28/08, art. 2, 008; Inwerkingtreding : 01-10-2016>

  HOOFDSTUK III. - Algemene bepalingen met betrekking tot het terugsturen en het vernieuwen van de (commerciŽle kentekenplaten). <KB 2001-07-20/35, art. 37, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2001>

  Afdeling 1. - Terugsturen van de (commerciŽle kentekenplaten). <KB 2001-07-20/35, art. 37, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2001>

  Art. 18. De houder van een "proefrittenplaat" of van een "handelaarsplaat" moet deze naar de ( (Directie Inschrijvingen Voertuigen) bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer) terugsturen binnen vijftien dagen nadat hij heeft opgehouden het beroep of de activiteit uit te oefenen op grond waarvan hij de plaat heeft verkregen, zelfs als de geldigheidsduur van de betrokken inschrijving "proefritten" of "handelaar" nog loopt. De plaat wordt bij ter post aangetekende zending teruggezonden. <KB 2003-03-18/42, art. 1, 004; Inwerkingtreding : 18-04-2003> <KB 2008-09-28/41, art. 1, 006; Inwerkingtreding : 01-10-2008>

  Art. 19. De houder van een "proefrittenplaat" of van een "handelaarsplaat" moet deze naar de ( (Directie Inschrijvingen Voertuigen) bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer) terugsturen zodra hij niet meer verzekerd is overeenkomstig de wettelijke bepalingen betreffende de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen, zelfs als de geldigheidsduur van de betrokken inschrijving "proefritten" of "handelaar" nog loopt. De plaat wordt bij ter post aangetekende zending teruggezonden. <KB 2001-07-20/35, art. 37, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2001> <KB 2003-03-18/42, art. 1, 004; Inwerkingtreding : 18-04-2003> <KB 2008-09-28/41, art. 1, 006; Inwerkingtreding : 01-10-2008>

  Art. 20. De houder die niet meer voldoet aan al de voorwaarden op grond waarvan hij een inschrijving "proefritten" of "handelaar" verkregen heeft of die niet wenst de in artikel 9 of in artikel 16 voorgeschreven formaliteiten te vervullen, moet de betrokken "proefrittenplaat" of "handelaarsplaat" naar de ( (Directie Inschrijvingen Voertuigen) bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer) terugsturen uiterlijk op 15 januari van het kalenderjaar dat volgt op het jaar waarin de geldigheid van de inschrijving "proefritten" of "handelaar" is vervallen. De plaat wordt bij ter post aangetekende zending teruggezonden. <KB 2001-07-20/35, art. 37, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2001> <KB 2003-03-18/42, art. 1, 004; Inwerkingtreding : 18-04-2003> <KB 2008-09-28/41, art. 1, 006; Inwerkingtreding : 01-10-2008>

  Art. 21. Een "proefrittenplaat" of een "handelaarsplaat" die in beslag is genomen wegens onrechtmatige inschrijving of onrechtmatig gebruik van een inschrijving wordt onmiddellijk aan de ( (Directie Inschrijvingen Voertuigen) bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer) teruggegeven. <KB 2001-07-20/35, art. 37, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2001> <KB 2003-03-18/42, art. 1, 004; Inwerkingtreding : 18-04-2003> <KB 2008-09-28/41, art. 1, 006; Inwerkingtreding : 01-10-2008>

  Art. 22. Al wie in het bezit komt van een nummerplaat of van een inschrijvingsbewijs "proefritten" of "handelaar" waarvan hij de houder niet is, moet deze onmiddellijk aan de dichtstbijzijnde politie- of rijkswachtoverheid bezorgen voor de teruggave ervan aan de ( (Directie Inschrijvingen Voertuigen) bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer). <KB 2001-07-20/35, art. 37, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2001> <KB 2003-03-18/42, art. 1, 004; Inwerkingtreding : 18-04-2003> <KB 2008-09-28/41, art. 1, 006; Inwerkingtreding : 01-10-2008>

  Afdeling 2. - Vernieuwing van de commerciŽle kentekenplaten en van de bijbehorende inschrijvingsbewijzen. [1 opgeheven]1
  ----------
  (1)<KB 2010-09-28/06, art. 1, 007; Inwerkingtreding : 15-11-2010>

  Art. 23.
  <Opgeheven bij KB 2010-09-28/06, art. 1, 007; Inwerkingtreding : 15-11-2010>

  Art. 24.
  <Opgeheven bij KB 2010-09-28/06, art. 1, 007; Inwerkingtreding : 15-11-2010>

  HOOFDSTUK IV. - Allerhande bepalingen.

  Afdeling 1. - Plaats en leesbaarheid van de nummerplaten. [1 opgeheven]1
  ----------
  (1)<KB 2010-09-28/06, art. 2, 007; Inwerkingtreding : 15-11-2010>

  Art. 25.
  <Opgeheven bij KB 2010-09-28/06, art. 2, 007; Inwerkingtreding : 15-11-2010>

  Art. 26.
  <Opgeheven bij KB 2010-09-28/06, art. 2, 007; Inwerkingtreding : 15-11-2010>

  Art. 27.
  <Opgeheven bij KB 2010-09-28/06, art. 2, 007; Inwerkingtreding : 15-11-2010>

  Afdeling 2. - Vergoedingen [1 opgeheven]1
  ----------
  (1)<KB 2010-09-28/06, art. 3, 007; Inwerkingtreding : 15-11-2010>

  Art. 28.
  <Opgeheven bij KB 2010-09-28/06, art. 3, 007; Inwerkingtreding : 15-11-2010>

  Art. 29.
  <Opgeheven bij KB 2010-09-28/06, art. 3, 007; Inwerkingtreding : 15-11-2010>

  Art. 30. Eenmaal betaald, zijn de vergoedingen voorgeschreven in artikelen 28 en 29 in geen enkel geval terugbetaalbaar.

  Afdeling 3. - Andere bepalingen.

  Art. 31. De inschrijvingsbewijzen "proefritten" of "handelaar" moeten worden vertoond op elke vordering van een ambtenaar of beambte bevoegd om toezicht uit te oefenen op de naleving van de wet betreffende de politie over het wegverkeer en de ter uitvoering daarvan genomen reglementen.

  Art. 32. Elk feit dat een wijziging van de vermeldingen betreffende de houder van een inschrijvingsbewijs "proefritten" of "handelaar" vereist, moet binnen vijftien dagen ter kennis van de ( (Directie Inschrijvingen Voertuigen) bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer) worden gebracht door middel van het formulier bedoeld in artikel 4, punt 4.1., en ingevuld overeenkomstig de bepalingen van artikel 4. <KB 2001-07-20/35, art. 37, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2001> <KB 2003-03-18/42, art. 1, 004; Inwerkingtreding : 18-04-2003> <KB 2008-09-28/41, art. 1, 006; Inwerkingtreding : 01-10-2008>
  De houder voegt bij dit formulier het inschrijvingsbewijs dat in zijn bezit is en stuurt het geheel met een ter post aangetekend schrijven naar de ( (Directie Inschrijvingen Voertuigen) bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer). <KB 2001-07-20/35, art. 37, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2001> <KB 2003-03-18/42, art. 1, 004; Inwerkingtreding : 18-04-2003> <KB 2008-09-28/41, art. 1, 006; Inwerkingtreding : 01-10-2008>
  De ( (Directie Inschrijvingen Voertuigen) bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer) geeft daarop een nieuw inschrijvingsbewijs "proefritten" of "handelaar" af. <KB 2001-07-20/35, art. 37, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2001> <KB 2003-03-18/42, art. 1, 004; Inwerkingtreding : 18-04-2003> <KB 2008-09-28/41, art. 1, 006; Inwerkingtreding : 01-10-2008>
  Indien de wijziging echter een adresverandering betreft, moet de houder van het inschrijvingsbewijs "proefritten" of "handelaar" er binnen dezelfde termijn de nodige wijzigingen op laten aanbrengen door de Burgemeester van zijn gemeente of diens gemachtigde.

  HOOFDSTUK V. - Slotbepalingen.

  Art. 33. Opheffingsbepalingen.
  33.1. In het koninklijk besluit van 31 december 1953 houdende reglementering van de inschrijving van de motorvoertuigen en de aanhangwagens worden opgeheven :
  33.1.1. de artikelen 12 tot 15, 15ter en 15quater, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 11 januari 1990;
  33.1.2. artikel 15bis, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 11 januari 1990 en 27 december 1993;
  33.1.3. artikel 17, zesde lid, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 27 december 1993.
  33.2. In artikel 4, punt 4.3.1.3., eerste streepje, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 11 januari 1990, vervallen de woorden "of voor verscheidene voertuigen, achtereenvolgens in het verkeer te brengen onder dekking van een proefrittenplaat of van een handelaarsplaat".

  Art. 34.[1 Overgangsbepalingen.
   34.1. De " proefrittenplaten " en " handelaarsplaten " met een opschrift bestaande uit drie letters gevolgd door drie cijfers of drie cijfers gevolgd door drie letters zijn geldig tot de eerstvolgende vernieuwing van de geldigheid van een inschrijving " proefritten " bedoeld in artikel 9, punt 9.1. of de vernieuwing van de geldigheid van een inschrijving " handelaar " bedoeld in artikel 16, punt 16.1 en in elk geval niet langer geldig dan 31 januari 2011.
   34.2. In afwijking van artikel 7.2 zal uitzonderlijk voor het jaar 2010 de voor 15 november uitgereikte vignetten het jaartal van het lopende kalenderjaar vermelden; de vanaf 15 november uitgereikte vignetten vermelden het jaartal van het volgende kalenderjaar.
   34.3. In afwijking van artikel 9.1 zal uitzonderlijk voor het jaar 2010 de houder van een inschrijving proefritten tussen 15 november 2010 en 31 januari 2011 dienen aan te tonen dat hij nog steeds alle voorwaarden vervult om deze inschrijving " proefritten " te behouden met als gevolg de afgifte van een inschrijving en kentekenplaat die voldoet aan de bepalingen in uitvoering van artikel 8, welke wordt beschouwd als een vernieuwing van de geldigheid van een inschrijving " proefrit "
   34.4. In afwijking van artikel 16.1 zal uitzonderlijk voor het jaar 2010 de houder van een inschrijving " handelaar " tussen 15 november 2010 en 31 januari 2011 dienen aan te tonen dat hij nog steeds alle voorwaarden vervult om deze inschrijving " handelaar " te behouden met als gevolg de afgifte van een inschrijving en kentekenplaat die voldoet aan de bepalingen in uitvoering van artikel 14, welke wordt beschouwd als een vernieuwing van de geldigheid van een inschrijving " handelaar "]1
  ----------
  (1)<KB 2010-09-28/06, art. 4, 007; Inwerkingtreding : 01-10-2010>

  Art. 35. Inwerkingtreding.
  Dit besluit treedt in werking de eerste dag van de eerste maand volgend op die gedurende welke het in het Belgisch Staatsblad is bekendgemaakt.

  Art. 36.Onze Minister van FinanciŽn, Onze Minister van Sociale Zaken en Onze Minister van Vervoer zijn ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
  

Handtekening Tekst Inhoudstafel Begin
   Gegeven te Brussel, 8 januari 1996.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van FinanciŽn,
Ph. MAYSTADT
De Minister van Sociale Zaken,
Mevr. M. DE GALAN
De Minister van Vervoer,
M. DAERDEN

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   ALBERT II, Koning der Belgen,
   Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
   Gelet op de wet betreffende de politie over het wegverkeer, gecoŲrdineerd op 16 maart 1968, inzonderheid op artikel 1 gewijzigd door de wetten van 21 juni 1985 en 20 juli 1991;
   Gelet op het koninklijk besluit van 31 december 1953 houdende reglementering van de inschrijving van de motorvoertuigen en de aanhangwagens, laatst gewijzigd door het koninklijk besluit van 7 april 1995;
   Gelet op het gunstig advies van de Inspecteur van FinanciŽn, gegeven op 29 maart 1995;
   Gelet op het akkoord van Onze Minister van Begroting, gegeven op 19 april 1995;
   Overwegende dat de Gewestregeringen zijn betrokken bij het ontwerpen van dit besluit;
   Gelet op het advies van de Raad van State;
   Op de voordracht van Onze Minister van FinanciŽn, Onze Minister van Sociale Zaken en Onze Minister van Vervoer,
   Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Wijziging(en) Tekst Inhoudstafel Begin
originele versie
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 28-09-2016 GEPUBL. OP 06-10-2016
    (GEWIJZIGDE ART. : 10; 17)
  • originele versie
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 28-09-2010 GEPUBL. OP 01-10-2010
    (GEWIJZIGDE ART. : 23; 24; 25; 26; 27; 28; 29; 34)
  • originele versie
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 28-09-2008 GEPUBL. OP 17-10-2008
    (GEWIJZIGDE ART. : 4; 7; 9; 10; 13; 16; 17; 18; 19; 20)
    (GEWIJZIGDE ART. : 21; 22; 23; 24; 32; 34)
  • originele versie
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 21-12-2006 GEPUBL. OP 29-12-2006
    (GEWIJZIGDE ART. : 28; 29)
  • originele versie
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 18-03-2003 GEPUBL. OP 18-04-2003
    (GEWIJZIGDE ART. : 4; 7; 9; 10; 13; 16; 17; 18; 19; 20)
    (GEWIJZIGDE ART. : 21; 22; 23; 24; 32; 34)
  • originele versie
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 20-07-2001 GEPUBL. OP 08-08-2001
    (GEWIJZIGDE ART. : 1; 2; 3; 4; 7; 8; 9; 10; 13; 14; 16; 17)
    (GEWIJZIGDE ART. : 18; 19; 20; 21; 22; 23; 24; 32; 34)
    (GEWIJZIGDE ART. : 28; 29)
  • originele versie
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 20-07-2000 GEPUBL. OP 30-08-2000
    (GEWIJZIGDE ART. : 28; 29)

  • Verslag aan de Koning Tekst Inhoudstafel Begin
       VERSLAG AAN DE KONING.
       Sire,
       1. Voor het ogenblik zijn de regels voor de inschrijving van de commerciŽle platen voor motorvoertuigen en aanhangwagens integraal opgenomen in de algemene reglementering van de inschrijving van de voertuigen.
       2. In het kader van haar strijd tegen de autocriminaliteit heeft de Federale Regering het nodig geacht de wijze van afgifte van commerciŽle platen ten gronde te herzien en daarbij de geldigheid van deze platen in tijd te beperken.
       3. Aldus zal het verkrijgen van een commerciŽle plaat afhankelijk worden gesteld van de tegenoverlegging door de aanvrager van een inschrijving in het rijksregister, van een bewijs van identificatie bij de BTW. en van een vestigingsgetuigschrift (toegang tot het beroep).
       De afgegeven commerciŽle plaat zal slechts ťťn jaar geldig zijn; haar houder zal elk jaar evenwel de verlenging ervan kunnen aanvragen voor zover hij het bewijs levert dat hij nog steeds voldoet aan de voorwaarden op basis waarvan de betrokken commerciŽle plaat hem werd toegekend.
       4. De commerciŽle platen die thans in omloop zijn, zullen bij wijze van overgangsmaatregel tot 31 december 1996 geldig blijven teneinde hun houders de nodige tijd te geven om de vereiste formaliteiten te vervullen om platen overeenkomstig de nieuwe reglementering te verkrijgen.
       5. Aangezien deze nieuwe regeling eigen aan de commerciŽle platen gevoelig afwijkt van de algemene reglementering van de inschrijving van de voertuigen, heeft de Regering gekozen voor een zelfstandige tekst t.o.v. het koninklijk besluit van 31 december 1953 houdende reglementering van de inschrijving van de motorvoertuigen en de aanhangwagens.
       Dit biedt het voordeel om, naast voornoemde tekst die betrekking heeft op de inschrijving van de voertuigen in het algemeen, te beschikken over een specifieke regeling voor platen die slechts door professionelen uit de autohandel mogen gebruikt worden. Hieruit vloeit een juridische duidelijkheid voort die men niet zou hebben met een globale tekst voor beide regelingen.
       Er werd dan ook geen rekening gehouden met de eerste algemene opmerking van de Raad van State in zijn advies nr. L.24.477/9.
       6. In verband met het opschrift, de aanhef en het bepalend gedeelte van het ontwerp van besluit werd er rekening gehouden met het advies van de Raad van State, behalve voor wat de volgende opmerkingen betreft :
       a) het gebruik in de Nederlandse tekst van het woord "handelsplaten" in de plaats van de woorden "commerciŽle platen".
       De woorden "commerciŽle platen" ("plaques commerciales" in het Frans) moeten behouden blijven daar zij twee verschillende categorieŽn van platen dekken, respectievelijk "proefrittenplaat" ("plaque essai" in het Frans) en "handelaarsplaat" ("plaque marchand" in het Frans) genaamd.
       Het gebruik van het woord "handelsplaten" voor de aanduiding van de commerciŽle platen in het algemeen zou dan ook tot verwarring kunnen leiden met de categorie van de zogenaamde "handelaarsplaat";
       b) het gebruik in de Nederlandse tekst van het woord "motor" in de plaats van het woord "moto" voor de aanduiding van de subcategorieŽn van commerciŽle platen voorbehouden voor motorfietsen.
       Hoewel het woord "motor" taalkundig te verkiezen is boven het woord "moto" werd dit laatste in de tekst behouden omdat het gebruiksvriendelijker is in het kader van de afgifte van commerciŽle platen, hoofdzakelijk op het vlak van de informatica.
       Om dezelfde redenen werd er geen gebruik gemaakt van het woord "motorfiets" ("motocyclette" in het Frans) dat dit type van voertuig aanduidt in de verkeersreglementering alsook in het algemeen reglement op de technische eisen waaraan onder meer de motorfietsen moeten voldoen.
       7. Er moet tenslotte worden gepreciseerd dat de commerciŽle inschrijvingen op basis van dit ontwerp van besluit niet voldoen aan de voorwaarden waaraan de motorvoertuigen en de aanhangwagens moeten beantwoorden om tot het internationale verkeer te worden toegelaten.
       Deze voorwaarden zijn opgenomen in artikel 35 van het Verdrag inzake het wegverkeer, en Bijlagen, opgemaakt te Wenen op 8 november 1968, zoals het samen met andere Internationale Akten werd goedgekeurd door de wet van 30 september 1988.
       Dit is trouwens de reden waarom het ontwerp van besluit in de versie die voor advies aan de Raad van State werd voorgelegd, voorzag in een artikel 3 dat als volgt luidde :
       "Art. 3 - Het in het internationale verkeer brengen van een motorvoertuig of van een aanhangwagen onder dekking van een commerciŽle plaat is verboden, behalve op het grondgebied van de Staten die onderling bij wege van een verdrag of van een bilaterale of multilaterale overeenkomst een andere regeling hebben vastgesteld.".
       Aangezien de Raad van State in zijn advies stelt dat deze bepaling moest vervallen omdat de Koning niet bevoegd is om de gevallen te bepalen waarin een voertuig in het internationale verkeer mag worden gebracht, werd bedoeld artikel dan ook uit de tekst geschrapt.
       Dit schaft evenwel het algemeen verbod op het in het internationaal verkeer brengen van voertuigen onder commerciŽle plaat niet af.
       Ziehier het onderwerp van het ontwerp van besluit dat Uwe Majesteit ter ondertekening wordt voorgelegd.
       Wij hebben de eer te zijn,
       Sire,
       van Uwe Majesteit,
       de zeer eerbiedige
       en zeer getrouwe dienaars,
       De Minister van FinanciŽn,
       Ph. MAYSTADT
       De Minister van Sociale Zaken,
       Mevr. M. DE GALAN
       De Minister van Vervoer,
       M. DAERDEN
       ADVIES VAN DE RAAD VAN STATE
       De RAAD VAN STATE, afdeling wetgeving, negende kamer, op 5 mei 1995 door de Vice-Eerste Minister en Minister van Verkeerswezen en Overheidsbedrijven verzocht hem van advies te dienen over een ontwerp van koninklijk besluit "houdende reglementering van de inschrijving van de commerciŽle platen voor motorvoertuigen en aanhangwagens", heeft op 29 mei 1995 het volgend advies gegeven :
       Rekening houdend met het tijdstip waarop dit advies gegeven wordt, vestigt de Raad van State de aandacht van de Regering op het feit dat de ontstentenis van de controle die het Parlement krachtens de Grondwet moet kunnen uitoefenen, tot gevolg heeft dat de Regering niet over de volheid van haar bevoegdheid beschikt. Dit advies wordt evenwel gegeven zonder dat wordt nagegaan of dit ontwerp in die beperkte bevoegdheid kan worden ingepast, aangezien de afdeling wetgeving geen kennis heeft van het geheel van de feitelijke gegevens welke de Regering in aanmerking kan nemen als zij te oordelen heeft of het vaststellen of wijzigen van een verordening noodzakelijk is.
       ALGEMENE OPMERKINGEN
       1. Het ontworpen besluit dient zich, ten opzichte van het koninklijk besluit van 31 december 1953 houdende reglementering van de inschrijving van de motorvoertuigen en de aanhangwagens, aan als een zelfstandige tekst. Het zou echter verkieslijk zijn laatstgenoemd besluit te herzien, waarbij de bepalingen van het onderhavige besluit er worden ingevoegd. Verscheidene bepalingen van het koninklijk besluit van 31 december 1953 zijn immers erop van toepassing, zodat door de samenvoeging van de beide besluiten onnodige herhalingen kunnen worden voorkomen.
       Onder voorbehoud van deze opmerking wordt het onderhavige ontwerp onderzocht.
       2. Volgens de uitleg verstrekt door de gemachtigde van de minister is thans een voorontwerp van wet "betreffende de verstrekking en het gebruik van de gegevens uit het repertorium van de motorvoertuigen en aanhangwagens en uit het repertorium van de commerciŽle platen" om advies voorgelegd aan de commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer. Derhalve zal geen opmerking worden gemaakt omtrent de noodzaak om de doeleinden te bepalen waarvoor persoonsgegevens uit het "repertorium van de commerciŽle platen" kunnen worden verwerkt.
       ONDERZOEK VAN DE TEKST
       Opschrift.
       Het opschrift moet als volgt luiden : "... tot regeling van de inschrijving van handelsplaten voor motorvoertuigen en aanhangwagens".
       Aanhef.
       Welke oplossing ook zal worden gekozen - een zelfstandig besluit of een besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 31 december 1953 -, hoe dan ook moet in de aanhef van het voorgenomen besluit worden verwezen naar het besluit van 31 december 1953.
       Zo ook moet worden verwezen naar het advies van de inspecteur van financiŽn, met vermelding van de datum ervan, te weten 29 maart 1995.
       Bepalend gedeelte.
       * Artikel 2.
       Uit de tekst moet blijken dat deze bepaling een afwijking vormt van artikel 3, ß 1, van het voornoemde koninklijk besluit van 31 december 1953.
       * Artikel 3.
       Het staat niet aan de Koning om de gevallen te bepalen waarin een voertuig in het internationale verkeer mag worden gebracht. Dit artikel moet bijgevolg vervallen.
       De nummering van de erop volgende artikelen moet worden aangepast, alsook de verwijzingen naar die artikelen in de tekst.
       * Artikel 5.
       1. In 5.1.2, 5.1.4, 5.2.2 en 5.2.4 zijn de woorden "aan een andere persoon" overbodig.
       2. In 5.4 schrijve men :
       "..4. De onderzoekscentra van instellingen voor hoger onderwijs georganiseerd, erkend of gesubsidieerd door de overheid, die na het bewijs te hebben geleverd dat zij zich inzonderheid bezighouden met de techniek ... (voorts zoals in het ontwerp) :".
       * Artikel 8.
       Deze bepaling is onnodig vanwege de huidige artikelen 5 en 7 van het ontwerp, zodat zij behoort te vervallen.
       * Artikel 9.
       1. In het eerste lid van 9.1 schrijve men :
       "..1. Tussen 1 oktober en 31 december van ieder jaar toont de houder van een inschrijving "proefritten" aan dat ... " .
       Dezelfde opmerking geldt voor 15.1.
       2. Met het oog op de rechtszekerheid behoort in 9.5 te worden bepaald dat het gaat om de voorwaarden vastgelegd in het ontwerp zelf.
       Deze opmerking geldt eveneens voor 15.4.
       * Artikel 14.
       Als gevolg van het bepaalde in 13.3 is 14.3 overbodig.
       * Artikel 32.
       Deze bepaling moet vervallen. Het is immers de wet zelf die de strafbare feiten omschrijft en die de toepasselijke straffen voorschrijft, te weten die welke worden gesteld in artikel 29 van de wet betreffende de politie over het wegverkeer, gecoŲrdineerd op 16 maart 1968.
       * Artikel 33.
       Punt 33.1.4 moet vervallen : het behoud van artikel 28bis van het koninklijk besluit van 10 oktober 1991 wordt immers gewettigd door het vervallen van 34.1, zoals hierna wordt voorgesteld.
       * Artikel 34.
       Het bepaalde in 34.1 moet vervallen; het is immers eenvoudiger artikel 28bis van het koninklijk besluit van 31 december 1953 te behouden.
       SLOTOPMERKINGEN
       1. De "Directie voor de inschrijving van de voertuigen" is niets meer dan de interne administratieve benaming van een dienst binnen een bestuur, zodat het wellicht nuttig is de woorden "bij het Ministerie van Verkeer en Infrastructuur" eraan toe te voegen.
       2. In het dispositief en in de uitvoeringsbepaling zou het beter zijn "de minister bevoegd voor het inschrijven van voertuigen" te schrijven in plaats van "de Minister van Verkeerswezen".
       3. Het gebruik van haakjes moet worden geweerd : zij kunnen vervangen worden door de geschikte leestekens. Zo ook moet het voortdurend gebruik van het woord "punt" voor de nummers van de artikelen worden vermeden.
       4. Om een verplichting weer te geven verdient het aanbeveling de onvoltooid tegenwoordige tijd te gebruiken in plaats van het werkwoord "moeten".
       5. De redactie van de Nederlandse tekst van het ontwerp is voor verbetering vatbaar. Zo bijvoorbeeld schrijve men in de hele tekst van het ontwerp "handelsplaten" in plaats van "commerciŽle platen", "motor" in plaats van "moto", "verkrijgen" in plaats van "bekomen", "binnen ... dagen" in plaats van "binnen de ... dagen" en "tegenoverlegging van" in plaats van "op voorlegging ervan". In artikel 2 vervange men de woorden "als dusdanig" en "op vraag hetzij van" respectievelijk door de woorden "als zodanig" en "op verzoek van hetzij". In artikel 9.5 schrijve men "In voorkomend geval". In de artikelen 10 en 16 schrijve men "daartoe bestemde plaats" in plaats van "daartoe voorziene plaats". In de laatste volzin van de artikelen 17, 18 en 19 schrijve men "De plaat wordt bij ter post aangetekende zending teruggezonden". In artikel 18 schrijve men "zodra" in plaats van "van zodra". In artikel 19 schrijve men "uiterlijk" in plaats van "ten laatste". In artikel 25.2 schrijve men "De reproduktie wordt op dezelfde wijze bevestigd als de nummer plaat". In artikel 26 schrijve men "onverschillig welke" in plaats van "eender welke". In artikel 33.1 schrijve men "In het koninklijk besluit ... aanhangwagens worden opgeheven :". In artikel 33.2 schrijve men "... 1990, vervallen de woorden '... handelaarsplaat'"
       De kamer was samengesteld uit :
       De heren Andersen, kamervoorzitter; C. Wettinck en P. Lienardy, Staatsraden.
       De heren P. Gothot en J. van Compernolle, assessoren van de afdeling wetgeving,
       Mevr. M. Proost, griffier.
       De overeenstemming tussen de Franse en de Nederlandse tekst werd nagezien onder toezicht van de H. R. ANDERSEN.
       Het verslag werd uitgebracht door de H. J.-L. PAQUET, auditeur. De nota van het CoŲrdinatiebureau werd opgesteld en toegelicht door de H. R. QUINTIN, adjunct-referendaris.

    Begin Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
    Verslag aan de Koning Inhoudstafel 14 uitvoeringbesluiten 7 gearchiveerde versies
    Franstalige versie