J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Aanhef
Inhoudstafel
Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/besluit/1993/07/15/1993031277/justel

Titel
15 JULI 1993. - Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering betreffende het gebruik van zuiveringsslib in de landbouw.

Bron :
BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST
Publicatie : 18-08-1993 nummer :   1993031277 bladzijde : 18281
Dossiernummer : 1993-07-15/34
Inwerkingtreding : 18-08-1993

Inhoudstafel Tekst Begin
Art. 1-12
Bijlagen.
Art. N1, N2, N3, N4

Tekst Inhoudstafel Begin
Artikel 1. In dit besluit verstaat men onder :
  1° slib :
  a) zuiveringsslib afkomstig van zuiveringsinstallaties voor huishoudelijk of stedelijk afvalwater en van andere zuiveringsinstallaties voor afvalwater van soortgelijke samenstelling als huishoudelijk of stedelijk afvalwater;
  b) zuiveringsslib van septische putten en andere soortgelijke installaties voor de behandeling van afvalwater;
  c) ander zuiveringsslib dan het onder a) en b) genoemde slib afkomstig van zuiveringsinstallaties;
  2° behandeld slib : slib dat is behandeld langs biologische, chemische of thermische weg, door langdurige opslag of volgens enig ander geschikt procédé, om de vergistbaarheid en de hygiënische bezwaren van het gebruik ervan aanzienlijk te verminderen;
  3° landbouw : elke teelt van gewassen voor handel en voeding, ook die ten behoeve van de veeteelt;
  4° gebruik : het verspreiden van slib op de bodem of elke andere toepassing van slib op of in de bodem;
  5° producent : elke privaat- of publiekrechtelijke rechtspersoon of natuurlijke persoon, die door zijn activiteit, slib produceert.

  Art. 2. Het gebruik van slib in de landbouw is verboden :
  1° op een bodem met een gehalte van een of meerdere zware metalen dat de grenswaarden, vastgesteld in bijlage I, overschrijdt;
  2° op een bodem waarvan de pH-waarde lager is dan 6.

  Art. 3. Het gebruik van slib in de landbouw wordt slechts toegelaten indien de grenswaarden van de hoeveelheid zware metalen, die per oppervlakte-eenheid en per jaar in de bodem mogen worden gebracht, vastgesteld in bijlage II, worden nageleefd.

  Art. 4. Het slib moet worden behandeld alvorens het in de landbouw wordt gebruikt.

  Art. 5. Het gebruik van slib is verboden :
  1° op weiland of velden voor de teelt van voedergewassen, indien een termijn van zes weken niet wordt nageleefd tussen het gebruik ervan en het beweiden of het oogsten;
  2° op groente- of fruitaanplant, met uitzondering van die van fruitbomen, gedurende de groeiperiode;
  3° op bodems welke bestemd zijn voor de teelt van groenten of vruchten die normaliter rauw worden verbruikt, gedurende een periode van tien maanden voorafgaand aan de oogst en tijdens de oogst zelf.

  Art. 6. Het gebruik van slib dient zodanig te geschieden dat met de voedingsbehoeften van de planten en met de andere inbrengen van grondverbeteringsmiddelen en meststoffen rekening wordt gehouden en de kwaliteit van de bodem, het oppervlaktewater en grondwater niet wordt aangetast.

  Art. 7. Het is verboden slib te gebruiken op of in bodems die niet eerst werden geanalyseerd door de gebruiker.
  De analyse moet worden uitgevoerd, overeenkomstig de bepalingen, vastgesteld in bijlage III.

  Art. 8. Het in de landbouw gebruikte slib moet worden geanalyseerd door de producent, overeenkomstig de bepalingen van bijlage IV.

  Art. 9. De slibproducenten verstrekken de gebruikers de resultaten van de analyses, bedoeld in artikel 8.

  Art. 10. De producent stelt een register op en werkt het bij, waarin ten minste de volgende gegevens worden opgenomen :
  1° de hoeveelheden geproduceerd slib;
  2° de samenstelling en de eigenschappen van het slib, steunend op de analyses, die overeenkomstig artikel 9 werden uitgevoerd;
  3° de hoeveelheden slib geleverd aan de landbouw, alsook de namen en adressen van de ontvangers van het slib en, de plaatsen waar het slib wordt gebruikt;
  4° de behandelingsmethode die wordt aangewend voor het slib.
  De slibproducent stelt dit register ter beschikking van de ambtenaren en agenten van het Brusselse Instituut voor Milieubeheer.
  Gegevens over de behandelingsmethoden en analyseresultaten worden, op haar verzoek, aan het Brusselse Instituut voor Milieubeheer overgelegd.

  Art. 11. De Minister van Leefmilieu en Waterbeleid is belast met de uitvoering van dit besluit.

  Art. 12. Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.

  Bijlagen.

  Art. N1. Bijlage 1. Grenswaarden voor de concentratie van zware metalen in de bodem (mg/kg droge stof) van een representatief monster in bodems met een pH van 6 tot 7.

           Parameters                                        Grenswaarden
  Cadmium                                          2
  Koper                                           50
  Nikkel                                          30
  Lood                                            50
  Zink                                           150
  Kwik                                             1



  Art. N2. Bijlage 2. Maximale hoeveelheden zware metalen die jaarlijks op basis van een gemiddelde over 10 jaar op landbouwgrond mogen worden opgebracht (Kg/ha/jaar).

           Parameters                                        Grenswaarden
  Cadmium                                          0,15
  Koper                                           12
  Nikkel                                           3
  Lood                                            15
  Zink                                            30
  Kwik                                             0,1



  Art. N3. Bijlage 3. Bodemanalyse.
  De voor het gebruik van slib te verrichten analyses moeten rekening houden met de beschikbare wetenschappelijke gegevens over de kenmerken en de homogeniteit van de bodems, en met het gehalte aan zware metalen in de bodems voor het gebruik van slib, de hoeveelheid en de samenstelling van het gebruikte slib en alle andere relevante gegevens.
  De volgende parameters dienen te worden geanalyseerd :
  - pH;
  - cadmium, koper, nikkel, lood, zink, kwik.
  De te analyseren representatieve monsters moeten worden gemaakt door menging van 25 afzonderlijke bodemmonsters genomen uit een homogeen geëxploiteerde oppervlakte van ten hoogste 5 ha.
  De afzonderlijke monsters moeten worden genomen op een diepte van 25 centimeter, behalve indien de diepte van de ploeglaag geringer is, doch zonder dat de bemonsteringsdiepte in dat geval minder dan 10 centimeter bedraagt.
  De analyse van zware metalen geschiedt na ontsluiting door middel van een sterk zuur. De referentie-analysemethode is atoomabsorptiespectrometrie. De waarnemingsdrempel mag voor elk metaal niet hoger zijn dan 10 % van de toepasselijke grenswaarde.

  Art. N4. Bijlage 4. Slibanalyse.
  Het slib moet ten minste om de zes maanden worden geanalyseerd. Als zich veranderingen in de kwaliteit van het behandelde afvalwater voordoen, wordt de frequentie van deze analyses verhoogd. Als de resultaten van de analyses in een jaar niet noemenswaardig veranderen, moet het slib ten minste om de 12 maanden worden geanalyseerd.
  De volgende parameters dienen te worden geanalyseerd :
  - droge stof, organische stof;
  - pH;
  - stikstof en fosfor;
  - cadmium, koper, nikkel, lood, zink, kwik.
  Het slib moet worden bemonsterd na behandeling, maar vóór levering aan de gebruiker en dient representatief te zijn voor het geproduceerde slib.
  De analyse van zware metalen geschiedt na ontsluiting door middel van een sterk zuur. De referentie-analysemethode is atoomabsorptiespectrometrie. De waarnemingsdrempel mag voor elk metaal niet hoger zijn dan 10 % van de toepasselijke grenswaarde.
  .....

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   De Brusselse Hoofdstedelijke Regering,
   Gelet op ordonnantie van 7 maart 1991 betreffende de preventie en het beheer van afvalstoffen, inzonderheid op artikel 13;
   Gelet op de Richtlijn van de Raad 86/278/EEG van 12 juni 1986 betreffende de bescherming van het milieu, in het bijzonder de bodem, bij het gebruik van zuiveringsslib in de landbouw, gewijzigd bij de Richtlijn 91/692/EEG van 23 december 1991 tot standaardisering en rationalisering van de verslagen over de toepassing van bepaalde Richtlijnen op milieugebied;
   Gelet op het advies van de Raad voor het Leefmilieu voor het Brusselse Hoofdstedelijk Gewest;
   Gelet op het advies van de Raad van State;
   Op de voordracht van de Minister belast met Leefmilieu en Waterbeleid,
   .....

Begin Eerste woord Laatste woord Aanhef
Inhoudstafel
Franstalige versie