J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Wijziging(en)
Parlementaire werkzaamheden Inhoudstafel 15 uitvoeringbesluiten 4 gearchiveerde versies
Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/wet/1990/12/21/1990015192/justel

Titel
21 DECEMBER 1990. - Wet betreffende de registratie van zeeschepen.
(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 29-05-1999 en tekstbijwerking tot 17-07-2018)

Bron : VERKEERSWEZEN
Publicatie : 29-12-1990 nummer :   1990015192 bladzijde : 24481
Dossiernummer : 1990-12-21/31
Inwerkingtreding : 11-05-1996 (ART. (35))    ***    01-01-1991 (ART. 8 - ART. 9)

Inhoudstafel Tekst Begin
HOOFDSTUK 1. - Algemene Bepalingen.
Art. 1-14
HOOFDSTUK 2. - Wijzigingsbepalingen.
Art. 15-30
HOOFDSTUK 3. - Interpretatieve bepaling.
Art. 31
HOOFDSTUK 4. - Opheffingsbepalingen.
Art. 32
HOOFDSTUK 5. - Overgangs- en slotbepalingen.
Art. 33-35

Tekst Inhoudstafel Begin
HOOFDSTUK 1. - Algemene Bepalingen.

  Artikel 1. § 1. Voor de toepassing van deze wet en haar uitvoeringsbesluiten wordt verstaan onder :
  1° Schip : elk drijvend tuig, met of zonder eigen beweegkracht, met of zonder waterverplaatsing, gebruikt of geschikt om te worden gebruikt als middel van verkeer in, over of onder water, met inbegrip van de niet blijvend aan de wal of aan de bodem verbonden installaties.
  Een schip in aanbouw wordt als schip beschouwd zodra het bouwcontract is ondertekend.
  2° Binnenwateren : alle wateren gelegen aan de landzijde van de basislijn van de territoriale zee, met inbegrip van de zeehavens;
  3° Zee : alle wateren die geen binnenwateren zijn;
  4° Zeeschip : elk schip gebruikt of geschikt of bestemd om te worden gebruikt op zee.
  5° Registratie of registreren : de inschrijving of het inschrijven van een zeeschip onder een speciaal nummer in het register der zeeschepen;
  6° Zeebrief : het document waaruit blijkt dat het daarin vermelde zeeschip het recht heeft de Belgische vlag te voeren.
  7° Register van oorsprong : het register van de Staat waar het zeeschip als voorwerp van eigendom, alsmede zijn eigenaar in zijn hoedanigheid van eigenaar, werden ingeschreven.
  8° Rompbevrachtingsregister : het register van de Staat waar het zeeschip als voorwerp van een rompbevrachting staat ingeschreven op naam van de rompbevrachter.
  9° Registratie of registreren van de rompbevrachting : de inschrijving of het inschrijven van een zeeschip op naam van zijn rompbevrachter in het rompbevrachtingsregister van een andere Staat dan die van het register van oorsprong.
  § 2. De Koning kan bepaalde zeeschepen ontheffen van de toepassing van door Hem aangewezen bepalingen van deze wet.
  § 3. Titel I van boek II van het Wetboek van koophandel, met uitzondering van artikel 1, is van toepassing op de zeeschepen die niet of niet gewoonlijk gebruikt worden voor winstgevende verrichtingen.

  Art. 2.§ 1. Enkel door de registratie verkrijgt of behoudt een zeeschip het recht de Belgische vlag te voeren.
  De doorhaling van de registratie brengt van rechtswege het verval mede van het recht de Belgische vlag te voeren.
  § 2. [1 Het register der zeeschepen wordt bewaard door het Belgisch Scheepsregister bedoeld in artikel 2 van de wet van 25 december 2016 houdende overdracht van de scheepsregistratie en scheepshypotheekbewaring. De Koning regelt de organisatie van dit register en van de registratie.]1
  ----------
  (1)<W 2016-12-25/46, art. 19, 004; Inwerkingtreding : 01-02-2017, maar ten vroegste op de eerste dag na de datum van inwerkingtreding van titel 3, hoofdstuk 1, van de wet van 18 december 2015 houdende fiscale en diverse bepalingen (W 2015-12-18/12 (zie art. 100)), namelijk op 02-11-2016>

  Art. 3.§ 1. De Koning bepaalt welke zeeschepen moeten of mogen geregistreerd worden, alsmede de voorwaarden waaraan zij, hun eigenaar, hun reder of exploitant daartoe vooraf moeten voldoen; Hij kan inzonderheid vereisten opleggen inzake nationaliteit, woon- of verblijfplaats, vestiging van de hoofdinrichting, alsmede inzake de samenstelling van het maatschappelijk kapitaal of van de organen van verenigingen of vennootschappen.
  § 2. De Koning stelt de vormvereisten vast en de inhoud van de aangifte die bij [1 het Belgisch Scheepsregister]1 moet worden gedaan met het oog op de registratie; Hij duidt aan welke bescheiden bij de aangifte moeten worden gevoegd of waarvan de voorlegging kan worden geëist bij het onderzoek daarvan; Hij wijst de personen aan die gehouden zijn of gemachtigd worden om de aangifte in te dienen en stelt daartoe een termijn vast; Hij bepaalt welke bescheiden in het register moeten worden ingeschreven.
  § 3. De Koning bepaalt de wijzigingen aan de inhoud van de registratieaangifte die bij [1 het Belgisch Scheepsregister]1 moeten worden aangemeld, de modaliteiten van deze bijkomende aangifte en de termijn waarin zij moet worden gedaan.
  ----------
  (1)<W 2016-12-25/46, art. 20, 01-02-2017, maar ten vroegste op de eerste dag na de datum van inwerkingtreding van titel 3, hoofdstuk 1, van de wet van 18 december 2015 houdende fiscale en diverse bepalingen (W 2015-12-18/12 (zie art. 100)), namelijk op 02-11-2016>

  Art. 4. De registratie wordt doorgehaald :
  a) op verzoek van degene die in het register als eigenaar vermeld staat;
  b) op aangifte van de eigenaar of ambtshalve :
  1° als het zeeschip is vergaan, gesloopt of blijvend ongeschikt is om te drijven;
  2° als van het zeeschip geen tijding werd ontvangen gedurende zes maanden te rekenen van de dag van het laatste uitvaren of van de dag waarop de laatste berichten werden ontvangen, zonder dat dit aan een algemene storing in de berichtgeving kan worden geweten;
  3° als het zeeschip door zeerovers of vijanden is genomen;
  4° als het zeeschip of de eigenaar, de reder of de exploitant ervan niet meer voldoen aan de voorwaarden bepaald in uitvoering van artikel 3, § 1, van deze wet.

  Art. 5.§ 1. Ondanks de doorhaling van de registratie, blijven de inschrijvingen betreffende de zakelijke rechten waarmede het zeeschip is bezwaard bestaan en kunnen zij naderhand worden doorgehaald, verminderd of hernieuwd.
  § 2. Geen registratie mag worden doorgehaald dan dertig dagen na de datum waarop alle bij [2 het Belgisch Scheepsregister]2 ingeschreven schuldeisers en alle derden, die er een exploot van beslag lieten inschrijven, door [3 het Belgisch Scheepsregister]3 op de hoogte zijn gebracht op de wijze door de Koning bepaald.
  Deze termijn geldt niet voor de doorhaling op verzoek of aangifte van de eigenaar, als deze daarbij de schriftelijke toestemming voegt van de voormelde schuldeisers en derden.
  § 3. [1 Het Belgisch Scheepsregister]1 vermeldt de doorhaling op de meetbrief.
  ----------
  (1)<W 2016-12-25/46, art. 20, 01-02-2017, maar ten vroegste op de eerste dag na de datum van inwerkingtreding van titel 3, hoofdstuk 1, van de wet van 18 december 2015 houdende fiscale en diverse bepalingen (W 2015-12-18/12 (zie art. 100)), namelijk op 02-11-2016>
  (2)<W 2016-12-25/46, art. 21, 01-02-2017, maar ten vroegste op de eerste dag na de datum van inwerkingtreding van titel 3, hoofdstuk 1, van de wet van 18 december 2015 houdende fiscale en diverse bepalingen (W 2015-12-18/12 (zie art. 100)), namelijk op 02-11-2016>
  (3)<W 2016-12-25/46, art. 22, 01-02-2017, maar ten vroegste op de eerste dag na de datum van inwerkingtreding van titel 3, hoofdstuk 1, van de wet van 18 december 2015 houdende fiscale en diverse bepalingen (W 2015-12-18/12 (zie art. 100)), namelijk op 02-11-2016>

  Art. 6. Onverminderd de toepassing van de wetgeving op de burgerlijke en militaire opeisingen wijst de Koning de overheid aan die gemachtigd wordt overeenkomsten af te sluiten teneinde bepaalde zeeschepen, onontbeerlijk voor de beveiliging van de belangen van de bevolking of van het leger, onder Belgische vlag te houden of te brengen.

  Art. 7. Het bevel over een geregistreerd zeeschip mag alleen worden opgedragen aan een persoon van Belgische nationaliteit. De Koning wijst de overheid aan die van deze verplichting kan ontslaan en bepaalt de voorwaarden die ter zake moeten worden vervuld.

  Art. 8.§ 1. Een geregistreerd zeeschip mag slechts in een buitenlands rompbevrachtingsregister worden ingeschreven als de door de Koning aangewezen overheid daarin heeft toegestemd.
  Op verzoek van degene die de toestemming krijgt, schrijft [1 het Belgisch Scheepsregister]1 zulks in het register der zeeschepen in en maakt hij van die inschrijving melding op het document waarbij de toestemming wordt verleend.
  Door de vervulling van die formaliteiten wordt het recht de Belgische vlag te voeren, geschorst voor de duur van de rompbevrachting die tot toestemming aanleiding heeft gegeven.
  § 2. De toestemming kan door de in paragraaf 1 bedoelde overheid worden ingetrokken zodra een internationaal conflict dreigt of is uitgebroken.
  § 3. Door de ontbinding van de rompbevrachting, wat ook de oorzaak daarvan weze, herleeft de verplichting de Belgische vlag te voeren.
  § 4. Na de inschrijving van de toestemming blijven de inschrijvingen bedoeld in de artikelen 8 en 9 van Titel I van Boek II van het Wetboek van Koophandel bestaan. Nieuwe inschrijvingen dienen in het register der zeeschepen te geschieden.
  ----------
  (1)<W 2016-12-25/46, art. 20, 01-02-2017, maar ten vroegste op de eerste dag na de datum van inwerkingtreding van titel 3, hoofdstuk 1, van de wet van 18 december 2015 houdende fiscale en diverse bepalingen (W 2015-12-18/12 (zie art. 100)), namelijk op 02-11-2016>

  Art. 9. De toestemming vermeld in artikel 8 wordt niet verleend tenzij aan de volgende voorwaarden is voldaan :
  a) de chertepartij waarin de rompbevrachting wordt vastgesteld, moet vermelden dat :
  1. de rompbevrachter die als wederpartij van de scheepseigenaar optreedt de huur van het betrokken zeeschip niet mag overdragen of het onderverhuren door middel van een nieuwe rompbevrachting;
  2. dat de rompbevrachter de naam van het schip niet mag wijzigen en het ook niet onder een andere naam mag laten registreren in het rompbevrachtingsregister;
  b) de aanvraag om toestemming moet vergezeld zijn van een schriftelijke verklaring van elke ingeschreven hypothecaire schuldeiser waarbij deze uitdrukkelijk instemt met de rompbevrachting die het voorwerp uitmaakt van de chertepartij;
  c) de wetgeving van het land waar de rompbevrachting wordt geregistreerd, moet aan de volgende voorwaarden voldoen :
  1. de registratie van de rompbevrachting geschiedt in een register dat enkel daartoe bestemd is;
  2. de inschrijving geschiedt op naam van de rompbevrachter die in het betrokken land zijn wettelijke woonplaats of zijn voornaamste zetel heeft;
  3. het rompbevrachtingsregister vermeldt dat de eigendom en de eigenaar van het betrokken zeeschip in het register van oorsprong zijn geregistreerd;
  4. in het rompbevrachtingsregister mogen geen inschrijvingen genomen worden die het betrokken zeeschip kunnen bezwaren. Dergelijke inschrijvingen moeten in het register van oorsprong genomen worden;
  5. de eigendom van het zeeschip en de hypotheken die deze bezwaren, alsmede hun rangregeling en de uitvoeringsmaatregelen blijven uitsluitend beheerst door de wet van het register van oorsprong;
  6. Tijdens de rompbevrachting moet het betrokken schip de vlag voeren van de Staat waar de rompbevrachting is geregistreerd en moet het een document aan boord hebben dat het recht op die vlag bewijst en dat werd afgeleverd door of namens de overheid van die Staat;
  7. De ontbinding van de overeenkomst tot rompbevrachting, welke ook de oorzaak daarvan weze, stelt van rechtswege een einde aan de registratie van de rompbevrachting;
  8. De rompbevrachting mag niet tezelfdertijd in een derde staat worden geregistreerd;
  9. De rompbevrachter is persoonlijk aansprakelijk voor het beheer en de exploitatie van het zeeschip waarop de rompbevrachting slaat wie het zeeschip ook moge gebruiken.
  d) De bewijslast met betrekking tot het vervullen van de onder c) vermelde voorwaarden rust op de aanvrager van de toestemming. Deze kan van die bewijslast geheel of gedeeltelijk worden ontslagen door de overheid door de Koning aangewezen.

  Art. 10. Een zeeschip dat in een buitenlands register van oorsprong is ingeschreven, mag slechts in het Belgische rompbevrachtingsregister worden ingeschreven als de door de Koning aangewezen overheid daarin heeft toegestemd.
  De Koning stelt de voorwaarden vast waaraan de toestemming is onderworpen. De bewijslast met betrekking tot de vervulling van deze voorwaarden rust op de aanvrager van de toestemming.
  De Koning regelt de organisatie van het rompbevrachtingsregister en van de registratie daarin op naam van de bevrachter.
  Enkel door deze inschrijving verwerft het betrokken zeeschip het recht de Belgische vlag te voeren voor de duur van de rompbevrachting. Dit recht vervalt door de ontbinding of door het verstrijken van de termijn van de rompbevrachting. De artikelen 7 en 11 tot 14 van deze wet zijn van toepassing op het betrokken zeeschip tijdens de rompbevrachting.
  In het rompbevrachtingsregister kunnen geen lasten worden ingeschreven die het zeeschip bezwaren. De eigendom van het zeeschip en de lasten die deze bezwaren, blijven geregeld door de wet van de Staat van het register van oorsprong. Het Belgisch rompbevrachtingsregister verwijst naar het register van oorsprong.

  Art. 11. § 1. Behoudens de uitzonderingen door of krachtens deze wet bepaald, zijn geregistreerde zeeschepen verplicht de Belgische vlag te voeren.
  § 2. De kapitein of de schipper van een zeeschip dat verplicht is de Belgische vlag te voeren, moet te allen tijde het recht op deze vlag kunnen bewijzen door het voorleggen van een Belgische zeebrief.
  De zeebrief moet aan boord worden gehouden en op elk verzoek van de bevoegde overheden getoond worden.
  § 3. Het is verboden de Belgische vlag te voeren zonder in het bezit te zijn van een zeebrief, afgegeven krachtens deze wet.
  § 4. De Koning wijst de overheid aan die bevoegd is om de zeebrief af te leveren of in te trekken, bepaalt de gevallen waarin dat document vervalt of kan worden ingetrokken, alsmede de verplichtingen verbonden aan het bezit ervan, de vergoedingen verschuldigd voor het afleveren ervan en gebeurlijk voor het verlengen van zijn geldigheidsduur.

  Art. 12. De keuze van de naam en van de thuishaven van een zeeschip in de registratieaangifte en elke wijziging daarvan, moeten ter goedkeuring aan de door de Koning aangewezen overheid worden voorgelegd.
  De kapitein of de schipper is gehouden erover te waken dat de naam en de thuishaven altijd met duidelijke en goed zichtbare letters op het achterschip vermeld staan.

  Art. 13.
  <Opgeheven bij W 2016-12-25/46, art. 25, 01-02-2017, maar ten vroegste op de eerste dag na de datum van inwerkingtreding van titel 3, hoofdstuk 1, van de wet van 18 december 2015 houdende fiscale en diverse bepalingen (W 2015-12-18/12 (zie art. 100)), namelijk op 02-11-2016>

  Art. 14.§ 1. De volgende zeeschepen kunnen verbeurd verklaard worden :
  1° zeeschepen die werden geregistreerd met gebruik van enig geschrift waarin valsheid werd gepleegd of waarvoor een registratieaangifte werd ingediend die op een dergelijk document was gesteund;
  2° zeeschepen aan boord waarvan documenten zijn aangetroffen die het mogelijk maken meer dan een vlag te voeren.
  § 2. De zeeschepen die niet voldoen aan de hun door of krachtens deze wet opgelegde verplichting inzake registratie, kunnen door (de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaren die daartoe aangesteld zijn) op kosten en risico van de eigenaar aangehouden worden tot aan die verplichting is voldaan. <W 1999-05-03/30, art. 83, 002; Inwerkingtreding : 01-04-1999>
  § 3. [1 ...]1 Met geldboete van honderd frank tot vijftigduizend frank [1 ...]1 worden gestraft :
  1° de eigenaar, de reder, de exploitant, de bevrachter, de kapitein of al wie de bepalingen van deze wet of vastgesteld krachtens deze wet overtreedt;
  2° de kapitein die de bepalingen van artikel 11, paragrafen 1 tot 3, of van artikel 12, tweede lid overtreedt.
  § 4. De bepalingen van het eerste boek van het Strafwetboek, hoofdstuk VII en artikel 85 niet uitgezonderd, zijn van toepassing op de in deze wet omschreven misdrijven.
  ----------
  (1)<W 2016-12-25/38, art. 32, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2017>

  HOOFDSTUK 2. - Wijzigingsbepalingen.

  Art. 15. <Wijzigingsbepaling van hoofdstuk I van titel I van boek II van WKH 1879-08-21/30>

  Art. 16. <Wijzigingsbepaling van artikel 8 van boek II van WKH 1879-08-21/30>

  Art. 17. <Wijzigingsbepaling van artikel 9 van boek II van WKH 1879-08-21/30>

  Art. 18. <Wijzigingsbepaling van artikel 11 van boek II van WKH 1879-08-21/30>

  Art. 19. <Wijzigingsbepaling van artikel 12 van boek II van WKH 1879-08-21/30>

  Art. 20. <Wijzigingsbepaling van artikel 13 van boek II van WKH 1879-08-21/30>

  Art. 21. a) <Wijzigingsbepaling van artikel 16, lid 1 van boek II van WKH 1879-08-21/30>
  b) <Wijzigingsbepaling van artikel 16, laatste lid van boek II van WKH 1879-08-21/30>

  Art. 22. <Wijzigingsbepaling van artikel 30 van boek II van WKH 1879-08-21/30>

  Art. 23. <Wijzigingsbepaling van artikel 43 van boek II van WKH 1879-08-21/30>

  Art. 24. <Wijzigingsbepaling van artikel 44 van boek II van WKH 1879-08-21/30>

  Art. 25. <Wijzigingsbepaling van artikel 45 van boek II van WKH 1879-08-21/30>

  Art. 26. <Wijzigingsbepaling van artikel 272 van boek II van WKH 1879-08-21/30>

  Art. 27. <Wijzigingsbepaling van artikel 272bis van boek II van WKH 1879-08-21/30>

  Art. 28. <Wijzigingsbepaling van artikel 1bis van W 27-09-1842>

  Art. 29. § 1. <Wijzigingsbepaling van artikel 5 van W 1983-07-12/31>
  § 2. <Wijzigingsbepaling van artikel 6, § 3 van W 1983-07-12/31>
  § 3. <Wijzigingsbepaling van artikel 22 van W 1983-07-12/31>

  Art. 30. <Wijzigingsbepaling van artikel 1 van W 1984-01-25/33>r der zeeschepen overeenkomstig de wet van ... betreffende de registratie van zeeschepen. "

  HOOFDSTUK 3. - Interpretatieve bepaling.

  Art. 31. In alle wetten en reglementen waarin de woorden " teboekstelling " en " register van teboekstelling " of " scheepsregister " worden gebruikt in verband met zeeschepen, moeten die woorden begrepen worden in de betekenis van " registratie " en " register der zeeschepen " zoals ingesteld bij deze wet.

  HOOFDSTUK 4. - Opheffingsbepalingen.

  Art. 32. <Opheffingsbepalingen>

  HOOFDSTUK 5. - Overgangs- en slotbepalingen.

  Art. 33.§ 1. Als een zeeschip, dat bij toepassing van de wet vermeld in artikel 32, 2°, in het register van teboekstelling werd teboekgesteld en het voorwerp is geweest van een hypothecaire of enige andere inschrijving, in het register der zeeschepen wordt geregistreerd, worden de niet vervallen en niet doorgehaalde inschrijvingen door [1 het Belgisch Scheepsregister]1 ambtshalve overgeboekt in het register der zeeschepen.
  Deze overboeking heeft geen invloed op de rangorde van de inschrijvingen. Zij brengt van rechtswege de doorhaling mee van de teboekstelling en van de inschrijvingen betreffende het betrokken zeeschip in het register van teboekstelling.
  De Koning stelt de modaliteiten vast voor het doorvoeren van deze overboeking en deze doorhaling.
  § 2. [1 Het Belgisch Scheepsregister]1 haalt in het register van teboekstelling ambtshalve de teboekstelling door van de zeeschepen waarvoor geen registratie werd verricht krachtens deze wet. De Koning stelt de modaliteiten van deze doorhaling vast.
  De doorhaling doet het recht de Belgische vlag te voeren teniet. Artikel 5 van deze wet is van toepassing.
  Na de ambtshalve doorhaling van de teboekstelling kan geen hypotheek meer worden ingeschreven in het teboekstellingsregister.
  ----------
  (1)<W 2016-12-25/46, art. 20, 01-02-2017, maar ten vroegste op de eerste dag na de datum van inwerkingtreding van titel 3, hoofdstuk 1, van de wet van 18 december 2015 houdende fiscale en diverse bepalingen (W 2015-12-18/12 (zie art. 100)), namelijk op 02-11-2016>

  Art. 34.
  <Opgeheven bij W 2018-07-05/07, art. 28, 005; Inwerkingtreding : 01-07-2018>

  Art. 35. De Koning stelt de datum vast waarop deze wet in werking treedt.
  
  (NOTA : Inwerkingtreding vastgesteld op 11-05-1996 door KB 1996-04-04/35, art. 63)
  

Wijziging(en) Tekst Inhoudstafel Begin
BEELD
  • WET VAN 05-07-2018 GEPUBL. OP 17-07-2018
    (GEWIJZIGD ART. : 34)
  • BEELD
  • WET VAN 25-12-2016 GEPUBL. OP 01-02-2017
    (GEWIJZIGDE ART. : 2; 3; 5; 8; 33; 13)
  • BEELD
  • WET VAN 25-12-2016 GEPUBL. OP 19-01-2017
    (GEWIJZIGD ART. : 14)
  • BEELD
  • WET VAN 03-05-1999 GEPUBL. OP 29-05-1999
    (GEWIJZIGD ART. : 14)

  • Parlementaire werkzaamheden Tekst Inhoudstafel Begin
       Zitting 1989-1990. Kamer van volksvertegenwoordigers. Parlementaire bescheiden. - Ontwerp van wet, nr. 1207/1. - Verslag, nr. 1207/2. Parlementaire Handelingen. - Bespreking en aanneming. Vergaderingen van 20 juni, 3 en 12 juli 1990. Zitting 1989-1990. Senaat. Parlementaire bescheiden. - Ontwerp overgemaakt door de Kamer van volksvertegenwoordigers, nr. 1037/1. - Verslag, nr. 1037/2. Parlementaire Handelingen. - Bespreking en aanneming. Vergaderingen van 23 oktober en 20 december 1990.

    Begin Eerste woord Laatste woord Wijziging(en)
    Parlementaire werkzaamheden Inhoudstafel 15 uitvoeringbesluiten 4 gearchiveerde versies
    Franstalige versie