J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
Inhoudstafel 6 uitvoeringbesluiten 2 gearchiveerde versies
Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving

Titel
8 MEI 1973. - COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST NR 10 betreffende het collectief ontslag.
(NOTA : raadpleging van vroegere versies vanaf 01-03-2000 en tekstbijwerking tot 13-07-2009)

Bron : TEWERKSTELLING EN ARBEID
Publicatie : 17-08-1973 nummer :   1973050850 bladzijde : 9389
Dossiernummer : 1973-05-08/30
Inwerkingtreding : 01-05-1973

Inhoudstafel Tekst Begin
HOOFDSTUK I. DRAAGWIJDTE VAN DE OVEREENKOMST.
Art. 1
HOOFDSTUK II. BEGRIP "COLLECTIEF ONTSLAG".
Art. 2
HOOFDSTUK III. TOEPASSINGSGEBIED.
Art. 3-5
HOOFDSTUK IV. VERGOEDING VERSCHULDIGD BIJ COLLECTIEF ONTSLAG.
Art. 6-13
HOOFDSTUK V. VOORLICHTING EN ADVIES.
Art. 14
HOOFDSTUK VI. DATUM VAN INWERKINGTREDING, DUUR, HERZIENING EN OPZEGGING.
Art. 15
BIJLAGE.
Art. N

Tekst Inhoudstafel Begin
HOOFDSTUK I. _ DRAAGWIJDTE VAN DE OVEREENKOMST.

  Artikel 1. Deze collectieve arbeidsovereenkomst is gesloten in uitvoering van de Nationale Werkgelegenheidsconferentie van 3 april 1973.
  Zij beveelt aan dat maatregelen worden getroffen om de gevolgen van collectief ontslag te verzachten; zij is inderdaad van oordeel dat een aan de huidige omstandigheden aangepast sociaal beleid zo veel mogelijk moet voorkomen dat de werknemer, voor wie het behoud van de arbeidsverhouding van levensbelang is, slachtoffer wordt van de technische en economische vooruitgang.
  Ten einde deze doelstelling te verwezenlijken, wordt op grond van deze overeenkomst aan de werknemers, die het slachtoffer worden van collectief ontslag, een speciale vergoeding ten laste van hun werkgever toegekend.

  HOOFDSTUK II. _ BEGRIP "COLLECTIEF ONTSLAG".

  Art. 2. <CAO10BIS 02-10-1975, art. 1> Onder collectief ontslag, in de zin van onderhavige overeenkomst, wordt verstaan elk ontslag om economische of technische redenen dat in de loop van een ononderbroken periode van 60 dagen een aantal werknemers treft dat ten minste 10 % vertegenwoordigt van de gemiddelde tijdens het kalenderjaar, dat het ontslag voorafgaat, tewerkgestelde personeelssterkte.
  Voor de ondernemingen die 20 tot 59 werknemers tewerkstellen, is er evenwel collectief ontslag indien ten minste zes werknemers worden getroffen.

  HOOFDSTUK III. _ TOEPASSINGSGEBIED.

  Art. 3. De overeenkomst is van toepassing op de ondernemingen waar gedurende het kalenderjaar dat het ontslag voorafgaat, gemiddeld ten minste 20 werknemers waren tewerkgesteld.
  De modaliteiten om het gemiddelde van de tijdens een kalenderjaar tewerkgestelde werknemers te berekenen worden vastgesteld overeenkomstig de bepalingen van de artikelen 2 en 3 van het koninklijk besluit van 5 december 1969 betreffende de aangifte van collectieve afdankingen en de kennisgeving van vacante betrekkingen.

  Art. 4. (Voor de toepassing van onderhavige overeenkomst geldt als onderneming, de technische bedrijfseenheid, zoals dit begrip is omschreven in artikel 14 van de wet van 20 september 1948 houdende organisatie van het bedrijfslevenen in de uitvoeringsbesluiten van deze wet.) <CAO10QT 1983-12-06/31, art. 1>
  Wordt als werknemer beschouwd, degene die is tewerkgesteld krachtens een arbeidsovereenkomst of een leerovereenkomst.

  Art. 5.Vallen niet onder deze overeenkomst :
  a) de werknemers, aangeworven voor een bepaalde duur of voor een bepaald werk;
  b) [de werklieden uit het bouwbedrijf;] <CAO10QT 1983-12-06/31, art. 2>
  c) [1 de werknemers bedoeld in artikel 16 van het koninklijk besluit van 23 maart 2007 tot uitvoering van de wet van 26 juni 2002 betreffende de sluiting van de ondernemingen, met uitzondering van de werklieden, werksters en leerlingen die ressorteren onder het Paritair Comité voor de diamantnijverheid en -handel.]1
  Bijzondere modaliteiten kunnen op het vlak van de sector worden vastgesteld voor de onder b) en c) bedoelde werknemers.
  Collectieve overeenkomsten, gesloten op het vlak van de sector, kunnen eventueel andere categorieën werknemers uit het toepassingsgebied van deze overeenkomst sluiten.
  ----------
  (1)<CAON 2009-04-01/12, art. 1, 003; Inwerkingtreding : 01-04-2009>

  HOOFDSTUK IV. _ VERGOEDING VERSCHULDIGD BIJ COLLECTIEF ONTSLAG.

  Art. 6. Bij collectief ontslag ontvangen de bij deze overeenkomst bedoelde werknemers, boven de werkloosheidsuitkeringen waarop zij recht hebben, een bijzondere vergoeding _ "vergoeding wegens collectief ontslag" genaamd _ ten laste van hun werkgever.

  Art. 7. Worden met de in artikel 6 bedoelde werknemers gelijkgesteld :
  a) de werkloze werknemers die om redenen onafhankelijk van hun wil uit het genot van de werkloosheidsuitkeringen zijn gesloten;
  b) de werknemers die een nieuwe betrekking bekleden waar zij een loon ontvangen dat lager ligt dan het loon dat zij voordien verdienden;
  c) de werknemers die een beroepsopleiding voor volwassenen doorlopen en een vergoeding ontvangen die lager ligt dan het loon dat zij voordien verdienden.

  Art. 8. Voor de in artikel 6 bedoelde werknemers is het bedrag van de vergoeding gelijk aan de helft van het verschil tussen het netto-referteloon en de werkloosheidsuitkeringen waarop deze werknemers aanspraak kunnen maken.
  Voor de in artikel 7, a) bedoelde werknemers is het bedrag van de vergoeding gelijk aan de helft van het verschil tussen het netto-referteloon en de werkloosheidsuitkeringen waarop deze werknemers aanspraak hadden kunnen maken.
  Voor de in artikel 7, b) en c) bedoelde werknemers is dit bedrag gelijk aan de helft van het verschil tussen het netto-referteloon en het totaal van de netto-inkomsten verkregen uit hoofde van de nieuwe betrekking of van de beroepsopleiding.

  Art. 9.Het netto-referteloon is gelijk aan het brutomaandloon begrensd tot (37.925) frank en verminderd met de persoonlijke sociale zekerheidsbijdrage en de fiscale inhouding. <CAO10BIS 02-10-1975, art. 3>
  De grens van (37.925) frank is gekoppeld aan indexcijfer (134,52(1971=100)) zij is gebonden aan de schommelingen van het indexcijfer der consumptieprijzen, overeenkomstig de bepalingen van de wet van 2 augustus 1971 houdende inrichting van het stelsel van koppeling aan het indexcijfer der consumptieprijzen. Deze grens zal jaarlijks, per 1 januari, worden herzien, rekening houdend met de evolutie van de regelingslonen. <CAO10BIS 02-10-1975, art. 3>
  (...) <CAO10BIS 02-10-1975, art. 3>
  Het netto-referteloon wordt op [1 de hogere euro]1 afgerond.
  ----------
  (1)<CAON 2009-04-01/12, art. 2, 003; Inwerkingtreding : 01-04-2009>

  Art. 10. § 1. Het brutoloon omvat de contractuele premies die rechtstreeks verbonden zijn aan de door de werknemer verrichte prestaties waarop afhoudingen voor sociale zekerheid worden gedaan en waarvan de periodiciteit der betaling niet meer dan één maand beloopt.
  Het omvat ook de voordelen in natura die onderworpen zijn aan afhoudingen voor sociale zekerheid.
  Daarentegen worden de premies of vergoedingen, verleend als tegenwicht van werkelijke kosten, niet in aanmerking genomen.
  § 2. Voor de per maand betaalde werknemer is het brutoloon het loon door hem verdiend gedurende de refertemaand, bepaald in navolgende § 6.
  § 3. Voor de werknemer die niet per maand wordt betaald, wordt het brutoloon berekend op grond van het normale uurloon.
  Het normale uurloon wordt bekomen door het loon voor de normale prestaties over de refertemaand te delen door het aantal normale uren, gewerkt in die periode. Het aldus bekomen resultaat wordt vermenigvuldigd met het aantal arbeidsuren, bepaald bij de wekelijkse arbeidstijdregeling van de werknemer; dit produkt, vermenigvuldigd met 52 en gedeeld door 12, stemt overeen met het maandloon.
  § 4. Het brutoloon van een werknemer die niet heeft gewerkt gedurende de gehele refertemaand, wordt berekend alsof hij aanwezig was geweest alle arbeidsdagen die in de beschouwde maand vallen.
  Indien krachtens bepalingen van de overeenkomst, een werknemer slechts gedurende een gedeelte van de refertemaand moet werken, en hij al die tijd niet heeft gewerkt, wordt zijn brutoloon berekend op grond van het aantal arbeidsdagen, welk in de overeenkomst is vastgesteld.
  § 5. Aan het brutoloon dat door de werknemer bekomen wordt of hij nu per maand of anders wordt betaald, wordt een twaalfde toegevoegd van het totaal der contractuele premies waarvan de periodiciteit der betaling niet meer dan één maand beloopt, afzonderlijk ontvangen door die werknemer in de loop van de twaalf maanden die aan het collectief ontslag voorafgaan.
  § 6. Naar aanleiding van het bij artikel 14 voorziene overleg, zal in gemeen akkoord worden beslist met welke refertemaand rekening moet worden gehouden.
  Indien er geen refertemaand is vastgesteld, wordt de kalendermaand, die de datum van het collectief ontslag voorafgaat, in aanmerking genomen.

  Art. 11. _ De in artikel 6 bepaalde vergoeding is verschuldigd gedurende een periode van vier maanden die aanvangt daags na de beëindiging van de arbeidsovereenkomst of eventueel daags na het verstrijken van de periode die door een opzeggingsvergoeding is gedekt.
  Wanneer de door de werknemers genoten opzeggingstermijn drie maanden overtreft of wanneer de verbrekingsvergoeding overeenstemt met een opzeggingstermijn die drie maanden overtreft, zal de in voorgaand lid bedoelde periode van vier maanden worden verminderd met de duur waarmee de opzeggingstermijn de derde maand overtreft.

  Art. 12.[1 De in artikel 6 bepaalde vergoeding is niet verschuldigd aan de werknemers die het genot hebben van :
   - de wettelijke uitkeringen voorzien in geval van sluiting van ondernemingen;
   - de vergoedingen bedoeld bij de artikelen 16 tot 18 van de wet van 19 maart 1991 houdende bijzondere ontslagregeling voor de personeelsafgevaardigden in de ondernemingsraden en in de comités voor veiligheid, gezondheid en verfraaiing van de werkplaatsen alsook voor de kandidaat-personeelsafgevaardigden en artikel 20 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 24 mei 1971 betreffende het statuut van de syndicale afvaardiging van het personeel der ondernemingen.]1
  ----------
  (1)<CAON 2009-04-01/12, art. 3, 003; Inwerkingtreding : 01-04-2009>

  Art. 13. De bijkomende voordelen, toegekend op grond van de op het vlak van de onderneming of van de sector gesloten collectieve overeenkomsten of akkoorden, worden afgetrokken van het bedrag van de vergoeding voor collectief ontslag. Deze bepaling sluit in dat deze overeenkomst niet van toepassing is wanneer collectieve overeenkomsten of akkoorden bestaan die in gelijkwaardige of hogere voordelen voorzien dan deze bepaald in onderhavige overeenkomst.

  HOOFDSTUK V. _ VOORLICHTING EN ADVIES.

  Art. 14. (...) <CAO24 02-10-1975, art. 7>

  HOOFDSTUK VI. _ DATUM VAN INWERKINGTREDING, DUUR, HERZIENING EN OPZEGGING.

  Art. 15. Deze overeenkomst wordt van kracht op 1 mei 1973 en geldt voor de collectieve ontslagen die zich na deze datum hebben voorgedaan.
  Zij is gesloten voor onbepaalde duur.
  Zij zal op verzoek van de meest gerede ondertekenende partij kunnen herzien of opgezegd worden, met een opzeggingstermijn van zes maanden.
  De organisatie die het initiatief tot herziening of opzegging neemt, moet de redenen aangeven en amendementsvoorstellen indienen; de andere organisaties gaan de verbintenis aan deze, binnen de termijn van een maand na ontvangst, in de Nationale Arbeidsraad te bespreken.

  BIJLAGE.

  Art. N. BIJLAGE : UITTREKSEL VAN DE ARTIKELEN VAN DE BESLUITEN, WAAROP DEZE OVEREENKOMST STEUNT. <Niet opgenomen>

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités;
   Gelet op de Nationale Werkgelegenheidsconferentie van 3 april 1973 tijdens welke werd aanbevolen maatregelen te treffen om de gevolgen van collectief ontslag te verzachten;
   Hebben navolgende interprofessionele organisaties van ondernemingshoofden en van werknemers :
   _ Het Verbond der Belgische Ondernemingen;
   _ De nationale middenstandsorganisaties, erkend overeenkomstig de wet van 6 maart 1964 tot organisatie van de Middenstand;
   _ De Belgische Boerenbond;
   _ "La Fédération nationale des unions professionnelles agricoles";
   _ "L'Alliance agricole belge";
   _ Het Algemeen Christelijk Vakverbond;
   _ Het Algemeen Belgisch Vakverbond;
   _ De Algemene Centrale der Liberale Vakbonden van België;
   op 8 mei 1973 in de Nationale Arbeidsraad navolgende collectieve arbeidsovereenkomst gesloten :

Wijziging(en) Tekst Inhoudstafel Begin
originele versie
  • COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST VAN 01-04-2009 GEPUBL. OP 13-07-2009
    (GEWIJZIGDE ART. : 5 ; 9 ; 12)
  • originele versie
  • COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST VAN 17-11-1999 GEPUBL. OP 01-03-2000
    (GEWIJZIGD ART. : 5)
  • COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST VAN 06-12-1983 GEPUBL. OP 22-02-1984
    (GEWIJZIGDE ART. : 4; 5)

  • Begin Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
    Inhoudstafel 6 uitvoeringbesluiten 2 gearchiveerde versies
    Franstalige versie