J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
Parlementaire werkzaamheden Inhoudstafel 1 gearchiveerde versie
Einde Franstalige versie
 
belgiėlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/wet/2003/04/11/2003007144/justel

Titel
11 APRIL 2003. - Wet tot instelling van een vrijwillige dienst van collectief nut.
(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 13-05-2003 en tekstbijwerking tot 01-06-2007)

Bron : LANDSVERDEDIGING
Publicatie : 13-05-2003 nummer :   2003007144 bladzijde : 25571   BEELD
Dossiernummer : 2003-04-11/37
Inwerkingtreding : onbepaald (ART. (6))

Inhoudstafel Tekst Begin
Art. 1-5, 5bis, 5ter, 5quater, 6

Tekst Inhoudstafel Begin
Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.

  Art. 2. <W 2007-04-25/65, art. 1, 002; Inwerkingtreding : 11-06-2007> § 1. Een vrijwillige dienst van collectief nut kan worden verricht bij het ministerie van Landsverdediging.
  De vrijwillige dienst van collectief nut behelst alle soorten taken van ondersteunende aard, die voor het ministerie van Landsverdediging nuttig zijn en waarvoor dit geen lange opleiding dient te bieden.
  De dienstverrichter kan eveneens ter beschikking gesteld worden van het Nationaal Gedenkteken Fort van Breendonk in onderling akkoord tussen het ministerie van Landsverdediging en die instelling. Deze terbeschikkingstelling is aan het voorafgaande akkoord van de dienstverrichter onderworpen.
  De personen die een vrijwillige dienst van collectief nut verrichten, hebben niet de hoedanigheid van militair, worden evenmin geacht rijksambtenaar te zijn en zijn uitgesloten van het toepassingsgebied van de wet van 3 juli 2005 betreffende de rechten van vrijwilligers. Zij behouden de hoedanigheid van werkzoekende of begunstigde van het leefloon. De uitvoering van een vrijwillige dienst van collectief nut mag in geen enkel geval een huidig of toekomstig recht inzake sociale zekerheid of maatschappelijke dienstverlening beļnvloeden.
  De Koning kan alle nodige maatregelen treffen om elk nadelig gevolg voor de verrichter te voorkomen.
  De wettelijke en reglementaire bepalingen toepasselijk op het door het ministerie van Landsverdediging tewerkgestelde burgerpersoneel inzake arbeidsregeling en verloven zijn van toepassing op de verrichter van een vrijwillige dienst van collectief nut.
  § 2. De Koning kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de vrijwillige dienst van collectief nut uitbreiden tot andere federale overheidsdiensten, op voorstel van de voor de betrokken federale overheidsdienst bevoegde minister.

  Art. 3. Na voorafgaand akkoord van de bevoegde overheden kan de Koning, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de vrijwillige dienst van collectief nut uitbreiden tot de administraties van gewesten, gemeenschappen, provincies en gemeenten.

  Art. 4. <W 2007-04-25/65, art. 3, 002; Inwerkingtreding : 11-06-2007> Kan op zijn verzoek worden toegelaten tot een vrijwillige dienst van collectief nut, de persoon die :
  1° hetzij als werkzoekende is ingeschreven in Belgiė, hetzij begunstigde is van het leefloon in de zin van de wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie;
  2° op het ogenblik waarop hij toegelaten wordt tot een vrijwillige dienst van collectief nut, de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt en de leeftijd van 25 jaar niet heeft overschreden;
  3° zijn woonplaats in Belgiė heeft.

  Art. 5. <W 2007-04-25/65, art. 4, 002; Inwerkingtreding : 11-06-2007> § 1. De voorwaarden en de nadere regels voor de toelating tot en het einde van de vrijwillige dienst van collectief nut worden bepaald door de Koning bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, op voorstel van de minister van Landsverdediging.
  § 2. Ieder jaar bepaalt de minister van Landsverdediging het aantal beschikbare plaatsen voor de vrijwillige dienst van collectief nut en doet hiervan mededeling aan de Kamer van volksvertegenwoordigers, naar aanleiding van het indienen van het wetsontwerp tot vaststelling van het legercontingent.
  § 3. Voor de personen die worden toegelaten tot een vrijwillige dienst van collectief nut, bepaalt de Koning :
  1° het administratief statuut;
  2° de activiteitsdomeinen (binnen dewelke) de persoon een vrijwillige dienst van collectief nut levert; <Erratum, zie B.St. 12-07-2007, p. 38056>
  3° de wijze waarop de tucht wordt geregeld;
  4° het geldelijk statuut, inzonderheid :
  a) de toekenningsvoorwaarden en het bedrag van de soldij dat niet hoger kan zijn dan 170 euro per maand;
  b) desgevallend de omstandigheden waarin gratis voeding, logement, kledij en uitrusting verstrekt wordt.
  De soldij toegekend binnen de limieten vastgesteld in het vorige lid wordt niet beschouwd als een inkomen, een loon of een winst in de zin van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 en de sociale wetgevingen.
  Wie een vrijwillige dienst van collectief nut uitvoert heeft gedurende zijn dienstperiode recht op gratis openbaar vervoer.
  § 4. De persoon toegelaten tot een vrijwillige dienst van collectief nut volgt een opleiding in het ministerie van Landsverdediging die tot doel heeft de burgerzin, de menselijke relaties en gedachtewisselingen, de geschiktheden op het sportief vlak en andere vaardigheden te ontwikkelen. De Koning bepaalt het programma en de regels met betrekking tot de organisatie van deze opleidingsluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad.

  Art. 5bis. <ingevoegd bij W 2007-04-25/65, art. 5; Inwerkingtreding : 11-06-2007> Onder de voorwaarden en volgens de nadere regels die de Koning bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad bepaalt, zijn het verrichten van een vrijwillige dienst van collectief nut en het ontvangen van de in artikel 5, § 3, eerste lid, 4°, a), bedoelde soldij, verenigbaar met het recht op het leefloon.

  Art. 5ter. <ingevoegd bij W 2007-04-25/65, art. 6; Inwerkingtreding : 11-06-2007> Onder de voorwaarden en volgens de nadere regels die de Koning bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad bepaalt, zijn het verrichten van een vrijwillige dienst van collectief nut en het ontvangen van de in artikel 5, § 3, eerste lid, 4°, a), bedoelde soldij, verenigbaar met het recht op de gewaarborgde gezinsbijslag.

  Art. 5quater. <ingevoegd bij W 2007-04-25/65, art. 7; Inwerkingtreding : 11-06-2007> § 1. Het ministerie van Landsverdediging is aansprakelijk voor de schade die de verrichter aan derden veroorzaakt bij het verrichten van prestaties, op de wijze waarop aanstellers aansprakelijk zijn voor de schade aangericht door hun aangestelden.
  Ingeval de verrichter bij het verrichten van de vrijwillige dienst bij het ministerie van Landsverdediging of derden schade berokkent, is hij enkel aansprakelijk voor zijn bedrog en zijn zware schuld.
  Voor lichte schuld is hij enkel aansprakelijk als die bij hem eerder gewoonlijk dan toevallig voorkomt.
  § 2. De minister van Landsverdediging mag een hospitalisatieverzekering afsluiten onder dezelfde voorwaarden als die welke toepasselijk zijn op het personeel van Landsverdediging

  Art. 6. Deze wet treedt in werking op een door de Koning te bepalen datum.
  Kondigen deze wet, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
  Gegeven te Brussel, 11 april 2003.
  ALBERT
  Van Koningswege :
  De Minister van Landsverdediging,
  A. FLAHAUT
  Met 's Lands zegel gezegeld :
  De Minister van Justitie,
  M. VERWILGHEN.

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   ALBERT II, Koning der Belgen,
   Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
   De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt :

Wijziging(en) Tekst Inhoudstafel Begin
BEELD
  • WET VAN 25-04-2007 GEPUBL. OP 01-06-2007
    (GEWIJZ. ART: 2; 4; 5; 5BIS; 5TER; 5QUATER)

  • Parlementaire werkzaamheden Tekst Inhoudstafel Begin
       Zitting 2002-2003 Kamer van volksvertegenwoordigers : Parlementaire bescheiden : Wetsontwerp nr. 2228/1. - Amendementen nrs. 2228/2, 2228/3, 2228/4. - Verslag nr. 2228/5. - Tekst aangenomen door de Commissie nr. 2228/6 Parlementaire handelingen : Tekst aangenomen op 13 maart 2003. Senaat Parlementaire bescheiden : Wetsontwerp overgezonden door de Kamer nr. 1533/1. Niet geėvoceerd.

    Begin Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
    Parlementaire werkzaamheden Inhoudstafel 1 gearchiveerde versie
    Franstalige versie