J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
Inhoudstafel 1 uitvoeringbesluit 2 gearchiveerde versies
Erratum Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/besluit/1972/12/28/1972122801/justel

Titel
28 DECEMBER 1972. - Koninklijk besluit tot vaststelling van de regelen betreffende de verkiezing van de leden van de provinciale raden, de raden van beroep en de nationale raad van de Orde der [artsen]. <KB 2016-01-26/25, art. 1, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>
(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 01-03-2016 en tekstbijwerking tot 02-03-2016)

Publicatie : 06-01-1973 nummer :   1972122801 bladzijde : 115
Dossiernummer : 1972-12-28/31
Inwerkingtreding : 06-01-1973

Inhoudstafel Tekst Begin
HOOFDSTUK I. - Verkiezing van de leden van de provinciale raden en van het dagelijks bestuur.
Art. 1, 1bis, 2-33
HOOFDSTUK II. - Verkiezing van de leden van de raden van beroep.
Art. 34-35
HOOFDSTUK III. - Verkiezing van de leden van de nationale raad.
Art. 36-38
HOOFDSTUK IV. - Overgangsbepalingen.
Art. 39, 39bis, 40-42

Tekst Inhoudstafel Begin
HOOFDSTUK I. - Verkiezing van de leden van de provinciale raden en van het dagelijks bestuur.

  Artikel 1.§ 1. De verkiezing, voor de vernieuwing van de helft van de provinciale raden van de Orde der [2 artsen]2, heeft plaats ten minste twee maanden voor het einde van elke driejaarlijkse termijn, te rekenen vanaf 13 mei 1970, op welke datum de bevoegdheden werden overgedragen aan de raden van de Orde der [2 artsen]2, opgericht bij (koninklijk) besluit nr. 79 van 10 november 1967 betreffende de Orde der [2 artsen]2. [1 De stemming gebeurt op elektronische wijze. De nationale raad van de Orde der artsen bepaalt de datum en het uur waarop de verkiezingen worden afgesloten en informeert de kiezers hiervan per gewone brief, desgevallend via elektronische weg en op de website van de Orde der artsen.]1 <Err. BS. 27-01-1973>
  § 2. [1 Voor het uitbrengen van zijn stem logt de kiezer met zijn elektronische identiteitskaart via het internet in op het informaticasysteem dat wordt gebruikt voor de elektronische verkiezingen, desgevallend via de website van de Orde der artsen. Indien de kiezer geen toegang heeft tot het internet of er niet in slaagt in te loggen, begeeft hij zich naar de zetel van een provinciale raad waar hij zijn stem in alle discretie op elektronische wijze kan uitbrengen.]1
  § 3. [1 De verwerking van de stemmen, de bekendmaking van de uitslagen, het opstellen van het proces-verbaal van de verrichtingen en het archiveren van de stemmen gebeuren op de zetel van de nationale raad van de Orde der artsen.]1
  ----------
  (1)<KB 2016-01-26/25, art. 2, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>
  (2)<KB 2016-01-26/25, art. 1, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 1bis. [1 § 1. De nationale raad van de Orde der artsen voorziet in de software voor de elektronische stemming.
   § 2. Het informaticasysteem dat wordt gebruikt voor de elektronische verkiezingen moet aan de volgende voorwaarden beantwoorden :
   1° de broncode van de software die tijdens de verkiezingen wordt gebruikt, wordt aan de raden van beroep van de Orde der artsen meegedeeld.
   De week volgend op de dag van de verkiezingen maakt de nationale raad van de Orde de broncode van bedoelde software publiek;
   2° het systeem wordt vergezeld van een attest van de fabrikant waarin bevestigd wordt dat het systeem voldoet aan de voorwaarden die in dit besluit zijn bepaald;
   3° de fabrikant garandeert hulp bij technische problemen die zich tijdens de verkiezingen voordoen;
   4° het systeem garandeert tijdens elke fase van de procedure de verzegeling van alle gegevens betreffende de verkiezing;
   5° het systeem levert bewijzen van integriteit, bronbewijzen en bewijzen van tijdsregistratie wat betreft de verzegelde gegevens en alle acties die zijn uitgevoerd in het systeem door de configurator van de verkiezing, de voorzitters van de provinciale raden en het bureau van de nationale raad van de Orde der artsen;
   6° het systeem bewaart de elektronische stembiljetten vóór en na hun opening, waardoor een eventuele hertelling mogelijk wordt.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2016-01-26/25, art. 3, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>
  

  Art. 2.Alle [2 artsen]2 ingeschreven op de lijst van de Orde op de datum vastgesteld door de nationale raad en die [1 op bedoelde datum]1 niet geschorst zijn, zijn ertoe verplicht aan de verkiezing deel te nemen.
  Deze datum mag niet meer dan zes maanden de datum, bepaald voor [1 de afsluiting van de verkiezing]1, voorafgaan.
  [1 ...]1
  ----------
  (1)<KB 2016-01-26/25, art. 4, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>
  (2)<KB 2016-01-26/25, art. 1, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 3.[1 § 1. Voor de verkiezingen wordt elke provincie opgesplitst in kiesdistricten op volgende wijze :
   1° voor wat betreft de provincie Antwerpen :
   a) het kiesdistrict Antwerpen dat overeenkomt met het administratief arrondissement Antwerpen;
   b) het kiesdistrict Mechelen dat overeenkomt met het administratief arrondissement Mechelen;
   c) het kiesdistrict Turnhout dat overeenkomt met het administratief arrondissement Turnhout;
   2° voor wat betreft de provincie Limburg :
   a) het kiesdistrict Hasselt dat overeenkomt met het administratief arrondissement Hasselt;
   b) het kiesdistrict Tongeren dat is samengesteld uit het administratief arrondissement Tongeren en het administratief arrondissement Maaseik;
   3° voor wat betreft de provincie Oost-Vlaanderen :
   a) het kiesdistrict Gent dat is samengesteld uit het administratief arrondissement Gent en het administratief arrondissement Eeklo
   b) het kiesdistrict Dendermonde dat is samengesteld uit het administratief arrondissement Dendermonde en het administratief arrondissement Sint-Niklaas;
   c) het kiesdistrict Oudenaarde dat is samengesteld uit het administratief arrondissement Aalst en het administratief arrondissement Oudenaarde;
   4° voor wat betreft de provincie Vlaams-Brabant :
   a) het kiesdistrict Leuven dat overeenkomt met het administratief arrondissement Leuven;
   b) het kiesdistrict Halle-Vilvoorde dat overeenkomt met het administratief arrondissement Halle-Vilvoorde;
   5° voor wat betreft de provincie West-Vlaanderen :
   a) het kiesdistrict Veurne dat is samengesteld uit het administratief arrondissement Diksmuide en het administratief arrondissement Veurne;
   b) het kiesdistrict Brugge dat is samengesteld uit het administratief arrondissement Brugge, het administratief arrondissement Oostende en het administratief arrondissement Tielt;
   c) het kiesdistrict Ieper dat overeenkomt met het administratief arrondissement Ieper;
   d) het kiesdistrict Kortrijk dat is samengesteld uit het administratief arrondissement Kortrijk en het administratief arrondissement Roeselare;
   6° voor wat betreft de provincie Henegouwen :
   a) het kiesdistrict Bergen dat is samengesteld uit het administratief arrondissement Bergen en het administratief arrondissement Zinnik;
   b) het kiesdistrict Charleroi dat is samengesteld uit het administratief arrondissement Charleroi en het administratief arrondissement Thuin;
   c) het kiesdistrict Doornik dat is samengesteld uit het administratief arrondissement Doornik, het administratief arrondissement Aat en het administratief arrondissement Moeskroen;
   7° voor wat betreft de provincie Luik :
   a) het kiesdistrict Luik dat overeenkomt met het administratief arrondissement Luik;
   b) het kiesdistrict Hoei dat is samengesteld uit het administratief arrondissement Hoei en het administratief arrondissement Borgworm;
   c) het het kiesdistrict Verviers dat overeenkomt met het administratief arrondissement Verviers, met uitzondering van de gemeenten die behoren tot het gerechtelijk arrondissement Eupen;
   d) kiesdistrict `Luik D' dat overeenkomt met de gemeenten van het gerechtelijk arrondissement Eupen en waardoor de vertegenwoordiging van de Duitstalige artsen in de provinciale raad van Luik wordt voorzien;
   8° voor wat betreft de provincie Luxemburg :
   a) het kiesdistrict Aarlen dat is samengesteld uit het administratief arrondissement Aarlen en het administratief arrondissement Virton;
   b) het kiesdistrict Marche-en Famenne dat is samengesteld uit het administratief arrondissement Marche-en-Famenne en het administratief arrondissement Bastenaken;
   c) het kiesdistrict Neufchâteau dat overeenkomt met het administratief arrondissement Neufchâteau;
   9° voor wat betreft de provincie Namen :
   a) het kiesdistrict Dinant dat is samengesteld uit het administratief arrondissement Dinant en het administratief arrondissement Philippeville;
   b) het kiesdistrict Namen dat overeenkomt met het administratief arrondissement Namen;
   10° voor wat betreft de provincie Waals-Brabant : het kiesdistrict Nijvel dat overeenkomt met het administratief arrondissement Nijvel.
   § 2. Met het oog op de vertegenwoordiging van de artsen die hun woonplaats in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest hebben in de provinciale raad van Vlaams-Brabant en Brussel, respectievelijk de provinciale raad van Brussel en Waals-Brabant, worden in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest twee kiesdistricten opgericht, respectievelijk `Brussel N' en `Brussel F'.
   Het kiesdistrict `Brussel N' is samengesteld uit de artsen die hun woonplaats in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest hebben en zijn ingeschreven op de lijst van de provinciale raad van Vlaams-Brabant en Brussel.
   Het kiesdistrict `Brussel F' is samengesteld uit de artsen die hun woonplaats in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest hebben en zijn ingeschreven op de lijst van de provinciale raad van Brussel en Waals-Brabant.]1
  ----------
  (1)<KB 2016-01-26/25, art. 5, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 4.§ 1. Aan ieder district worden vier mandaten van gewoon lid en vier mandaten van plaatsvervangend lid toegekend.
  [1 In afwijking op het eerste lid worden aan volgende kiesdistricten volgende mandaten toegekend :
   1° aan de kiesdistricten Luik D en Halle-Vilvoorde: telkens twee mandaten van gewoon lid en twee mandaten van plaatsvervangend lid;
   2° aan de kiesdistricten Leuven, Antwerpen, Gent, Charleroi, Hasselt, Tongeren, Namen en Dinant : telkens zes mandaten van gewoon lid en zes mandaten van plaatsvervangend lid;
   3° aan het kiesdistrict Luik : acht mandaten van gewoon lid en acht mandaten van plaatsvervangend lid;
   4° aan het kiesdistrict Brussel F : twaalf mandaten van gewoon lid en twaalf mandaten van plaatsvervangend lid.]1
  § 2. Met het oog op de driejaarlijkse vernieuwing van de helft der mandaten van de provinciale raden zoals bepaald bij artikel 7 van het bovengenoemde koninklijk besluit van 10 november 1967, is het aantal der gewone en plaatsvervangende leden, die per district moeten verkozen worden bij elke verkiezing gelijk aan de helft van de mandaten die toegekend zijn aan dat district.
  ----------
  (1)<KB 2016-01-26/25, art. 6, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 5.§ 1. De [2 artsen]2 verkiezen de gewone en plaatsvervangende leden van het district waar ze hun woonplaats hebben.
  [1 In afwijking op het eerste lid verkiezen de artsen met hun woonplaats in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest de gewone en plaatsvervangende leden van het district waartoe zij behoren.]1
  § 2. Behoudens andersluidende bepalingen wordt in dit besluit door "woonplaats" verstaan, de plaats waar de [2 arts]2 zijn voornaamste bedrijvigheid uitoefent, zoals bepaald bij artikel 2 van het koninklijk besluit nr. 79 van 10 november 1967 betreffende de Orde der [2 artsen]2.
  ----------
  (1)<KB 2016-01-26/25, art. 7, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>
  (2)<KB 2016-01-26/25, art. 1, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 6.[1 § 1. In iedere provincie vormen de uit de kiesdistricten van die provincie verkozen gewone en plaatsvervangende leden zoals bedoeld in artikel 4, § 1, samen met de door de Koning benoemde gewone bijzitter en plaatsvervangende bijzitter, de provinciale raad van de Orde der artsen.
   § 2. In afwijking op paragraaf 1 worden de provinciale raad van Vlaams-Brabant en Brussel en de provinciale raad van Brussel en Waals-Brabant als volgt gevormd :
   1° de provinciale raad van Vlaams-Brabant en Brussel wordt gevormd door de gewone en plaatsvervangende leden verkozen binnen de provincie Vlaams-Brabant en het kiesdistrict Brussel N samen met de door de Koning benoemde gewone bijzitter en plaatsvervangende bijzitter;
   2° de provinciale raad van Brussel en Waals-Brabant wordt gevormd door de gewone en plaatsvervangende leden verkozen binnen de provincie Waals-Brabant en binnen het kiesdistrict Brussel F samen met de door de Koning benoemde gewone bijzitter en plaatsvervangende bijzitter.]1
  ----------
  (1)<KB 2016-01-26/25, art. 8, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 7.[1 De kandidaten moeten ten laatste twee maanden voor de datum van afsluiting van de verkiezing door ten minste tien kiezers van hun kiesdistrict worden voorgedragen. Na bedoelde termijn zijn de kandidaturen niet meer ontvankelijk.
   Voor het kiesdistrict `Luik D' volstaan vijf kiezers om de kandidatuur voor te dragen.]1
  ----------
  (1)<KB 2016-01-26/25, art. 9, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 8.
  <Opgeheven bij KB 2016-01-26/25, art. 10, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 9.De akte van kandidaatstelling wordt bij een ter post aangetekende brief aan de voorzitter van de provinciale raad gezonden.
  Die akte moet vermelden :
  1° De naam, de voornamen, de geboortedatum en de woonplaats van de kandidaat;
  2° Het district waarvoor hij zich kandidaat stelt;
  3° Het lidmaatschap - gewoon of plaatsvervangend - waarnaar gesolliciteerd wordt;
  4° Zijn nationaliteit;
  5° De data van zijn inschrijving op de provinciale lijsten van de Orde.
  Bij die akte moet een verklaring van de kiezers gevoegd zijn zoals bedoeld in artikel 7 en waarbij ze bevestigen de kandidatuur te aanvaarden. Die verklaring moet worden gevolgd [1 door hun]1 handtekening alsmede van hun naam, hun voornamen en hun woonplaats.
  ----------
  (1)<KB 2016-01-26/25, art. 11, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 10.[1 Indien het aantal door de kiezers voorgedragen kandidaten kleiner is dan het aantal vereist bij artikel 4, neemt de voorzitter van de provinciale raad de nodige maatregelen ter aanvulling van de lijst met kandidaten die de laatste drie jaar geen lid waren van de provinciale raad.]1
  De voorzitter moet zich rekenschap verschaffen dat dezen de kandidaatstelling aanvaarden; weigeren zij ze dan doet hij een beroep op de daaropvolgende leden op de lijst.
  ----------
  (1)<KB 2016-01-26/25, art. 12, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 11.Het dagelijks bestuur van de [1 nationale raad van de Orde der artsen bereidt de elektronische stemming voor]1.
  ----------
  (1)<KB 2016-01-26/25, art. 13, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 12.[1 De kiesgerechtigde artsen worden uiterlijk een maand voor de datum van de afsluiting van de verkiezingen opgeroepen om te stemmen, [2 per gewone brief verstuurd naar de burgerlijke woonplaats of via elektronische weg]2. Hiervan wordt tevens melding gemaakt op de website van de Orde der artsen.]1
  ----------
  (1)<KB 2016-01-26/25, art. 14, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>
  (2)<KB 2016-02-15/20, art. 1, 003; Inwerkingtreding : 12-03-2016>

  Art. 13.[1 Op het elektronische stembiljet]1 komen alfabetisch de namen voor van al de voor het district regelmatig als gewone leden voorgedragen kandidaten; aan die namen zijn ook de voornamen en de woonplaats toegevoegd.
  [1 Een ander elektronisch stembiljet bevat]1 dezelfde inlichtingen over kandidaten die als vervangende leden zijn voorgedragen.
  De biljetten vermelden eveneens het aantal te verkiezen leden alsmede het aantal stemmen waarover elke kiezer beschikt.
  Ze vermelden eveneens de uiterste datum [1 waarop de elektronische stem kan worden uitgebracht]1.
  ----------
  (1)<KB 2016-01-26/25, art. 15, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 14.[1 § 1. De nationale raad waarborgt dat het elektronisch stemmen gebeurt overeenkomstig de toepasselijke regels van beveiliging en encryptie.
   § 2. De kiezer wordt geauthenticeerd door het elektronisch stemsysteem en er wordt nagegaan of hij nog niet gestemd heeft. Hij brengt zijn stem op het elektronische stembiljet uit volgens de steminstructies die op het scherm weergegeven worden. De kiezer krijgt een elektronische bevestiging van de stemming.
   Zodra de kiezer zijn stembiljet naar de elektronische urne verstuurt, wordt het gecodeerd. Bovendien zorgt het elektronische systeem ervoor dat de stemming van de kiezer geheim blijft en dat het onmogelijk is om de volgorde van de stembiljetten en deze van de kiezers in de elektronische urne opnieuw samen te stellen.]1
  ----------
  (1)<KB 2016-01-26/25, art. 16, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 15.
  <Opgeheven bij KB 2016-01-26/25, art. 17, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 16.
  <Opgeheven bij KB 2016-01-26/25, art. 17, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 17.
  <Opgeheven bij KB 2016-01-26/25, art. 17, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 18.Onmiddellijk na het sluiten der stemming worden [1 de elektronische stemmen verwerkt]1. Het dagelijks bestuur van de nationale raad, samen met een of meer door de voorzitter aangewezen leden van die raad, maken het stembureau uit. Leden van de Orde mogen als getuigen de verrichtingen bijwonen.
  ----------
  (1)<KB 2016-01-26/25, art. 18, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 19.[1 § 1. De stemopneming gebeurt elektronisch per kiesdistrict.
   De kiezers die aan de stemplicht hebben voldaan worden aangestipt op de elektronische lijst die per kiesdistrict wordt opgesteld.
   § 2. Het tellen van de stemmen gebeurt elektronisch. Het systeem dient een auditeerbare controle mogelijk te maken van elke gegevensingave en tussenkomst met de mogelijkheid tot traceren van de identiteit van de persoon en het tijdstip van de tussenkomst.]1
  ----------
  (1)<KB 2016-01-26/25, art. 19, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 20.
  <Opgeheven bij KB 2016-01-26/25, art. 20, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 21.
  <Opgeheven bij KB 2016-01-26/25, art. 20, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 22. Allereerst worden de gewone leden aangewezen.
  De kandidaten die het hoogste aantal stemmen hebben bekomen, worden tot gewone leden verkozen; bij staking van stemmen wordt de oudste kandidaat verkozen verklaard.
  Vervolgens worden op dezelfde wijze de plaatsvervangende leden aangewezen.

  Art. 23.Het dagelijks bestuur van de nationale raad betekent onverwijld aan elke provinciale raad de hem betreffende uitslag en deze laat onmiddellijk al de resultaten aanplakken in een lokaal van de zetel van de provinciale raad dat voor de leden van de Orde toegankelijk is.
  De uitslag moet vijf dagen aangeplakt blijven.
  Het dagelijks bestuur van de provinciale raad maakt een proces-verbaal op van die verrichting.
  [1 De nationale raad publiceert tevens de uitslag van elke provinciale raad op zijn website.]1
  ----------
  (1)<KB 2016-01-26/25, art. 21, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 24. Een door de voorzitter en de griffier ondertekend exemplaar van het proces-verbaal van de verkiezingen wordt bij aangetekende brief aan de bevoegde raad van beroep gestuurd.

  Art. 25.§ 1. [1 De aangestipte kiezerslijst en de verkiezingsresultaten per kiesdistrict worden in het elektronische archief van de nationale raad bewaard.]1
  § 2. [1 ...]1
  § 3. De lijst met de kiezers die niet aan de stemming hebben deelgenomen wordt aan de bevoegde provinciale raad gestuurd.
  ----------
  (1)<KB 2016-01-26/25, art. 22, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 26.Elke kiezer kan [1 wat zijn provinciale raad betreft]1, binnen acht dagen na de dag volgend op die waarop de verplichte aanplakking van de verkiezingsuitslagen een einde heeft genomen, tegen de uitslagen bezwaar indienen. Het bezwaarschrift, waarop naam en woonplaats van de reclamant zijn vermeld, moet gemotiveerd zijn. Het wordt bij een ter post aangetekende brief gestuurd, aan de voorzitter van de raad van beroep die dezelfde taal als voertaal heeft als de provinciale raad waarvan de reclamant afhangt.
  ----------
  (1)<KB 2016-01-26/25, art. 23, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 27.[1 De raad van beroep doet in eerste en laatste aanleg uitspraak over de klacht binnen dertig dagen na ontvangst van de klacht.]1
  De beslissing van de raad moet met redenen omkleed zijn.
  De getroffen beslissing wordt onverwijld [1 met een aangetekende brief ter kennis gegeven aan de reclamant op zijn burgerlijke woonplaats]1, aan de provinciale raad en aan de nationale raad.
  ----------
  (1)<KB 2016-01-26/25, art. 24, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 28. Indien de verkiezing volledig of gedeeltelijk ongeldig is verklaard, stelt de nationale raad de datum vast waarop nieuwe verkiezingen moeten worden gehouden.

  Art. 29.
  <Opgeheven bij KB 2016-01-26/25, art. 25, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 30.Op de eerste vergadering van de gedeeltelijk vernieuwde raad wordt een nieuw dagelijks bestuur verkozen.
  [1 De ambtsperiode van een nieuw verkozen dagelijks bestuur duurt drie jaar.]1
  ----------
  (1)<KB 2016-01-26/25, art. 26, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 31. Voor elk der te begeven mandaten wordt afzonderlijk en in de (volgende) volgorde gestemd : eerst voor het mandaat van voorzitter, dan voor dat van ondervoorzitter en ten slotte voor dat van secretaris. <Err. BS 27-01-1973>
  De leden van de raad die geroepen zijn het dagelijks bestuur aan te vullen bij afwezigheid van een zijner leden, worden in dezelfde volgorde verkozen.

  Art. 32. De verkiezing gebeurt bij geheime stemming en bij volstrekte meerderheid van het aantal geldige stemmen.
  Elk stembiljet mag, op straffe van nietigheid, slechts één naam vermelden.

  Art. 33. Na elke stemming gaan de leden die deel hebben uitgemaakt van het vorige dagelijks bestuur over tot de (stemopneming) en maken de uitslag bekend. <Err. BS 27-01-1973>
  Indien bij deze stemming geen enkele kandidaat de volstrekte meerderheid behaalt, vindt onmiddellijk herstemming plaats tussen de twee kandidaten die bij de eerste stemming het hoogste antal stemmen hebben behaald.
  Bij gelijk stemmental wordt de oudste kandidaat verkozen verklaard.

  HOOFDSTUK II. - Verkiezing van de leden van de raden van beroep.

  Art. 34. Om de zes jaar verkiest elke provinciale raad, binnen vijftien dagen na zijn vernieuwing, een gewoon en een plaatsvervangend lid van de raad van beroep.
  Die verkiezing verloopt volgens dezelfde regels als die welke gelden voor de verkiezing van de leden van het dagelijks bestuur van de provinciale raad.

  Art. 35.[1 De ambten van lid van een provinciale raad en lid van een raad van beroep zijn onverenigbaar.]1
  ----------
  (1)<KB 2016-01-26/25, art. 27, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  HOOFDSTUK III. - Verkiezing van de leden van de nationale raad.

  Art. 36. Om de zes jaar verkiest elke provinciale raad binnen vijftien dagen na zijn vernieuwing uit zijn midden of erbuiten, een gewoon en een plaatsvervangend lid van de nationale raad.
  Die verkiezing verloopt volgens dezelfde regels als die welke gelden voor de verkiezing van de leden van het dagelijks bestuur van de provinciale raad.

  Art. 37.
  <Opgeheven bij KB 2016-01-26/25, art. 28, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 38. Op de eerste vergadering na haar vernieuwing verkiest elke afdeling van de nationale raad uit haar midden een ondervoorzitter die tevens ondervoorzitter is van de nationale raad.
  Die verkiezing verloopt volgens dezelfde regels als die welke gelden voor de verkiezing van de leden van het dagelijks bestuur van de provinciale raad.

  HOOFDSTUK IV. - Overgangsbepalingen.

  Art. 39. Bij de eerste vernieuwing van de helft van de mandaten van de gewone en de plaatsvervangende leden van de provinciale raden, worden de gewone en de plaatsvervangende leden die in elk district het kleinste aantal stemmen hebben bekomen als uittredend beschouwd.
  De uittredende leden van de provinciale raden die tot leden van de raden van beroep of van de nationale raad worden verkozen, behouden hun mandaat bij die raden tot bij de vernieuwing ervan na het verstrijken van de periode van zes jaar.

  Art. 39bis. <KB 08-01-1973, art. 1> In afwijking van de bepalingen van artikel 7, lid 1, moeten, met het oog op de vernieuwing van de helft van de provinciale raden van de Orde op 13 mei 1973, de kandidaturen door ten minste tien kiezers van het district bij de voorzitter van de provinciale raad worden voorgedragen voor 27 januari 1973.
  Na verloop van die termijn wordt geen enkele kandidatuur meer aanvaard.

  Art. 40.Het koninklijk besluit van 1 april 1969 tot vaststelling van de regelen betreffende de verkiezing van de leden van de provinciale raden, de raden van beroep en de nationale raad van de Orde der [1 artsen]1, gewijzigd door het koninklijk besluit van 14 april 1972, is opgeheven.
  ----------
  (1)<KB 2016-01-26/25, art. 1, 002; Inwerkingtreding : 11-03-2016>

  Art. 41. (Dit besluit wordt van kracht de dag waarop het in het) Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt. <Err. BS 27-01-1973>

  Art. 42. Onze Minister van Volksgezondheid en van het Gezin is belast met de uitvoering van dit besluit.

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   Gelet op het koninklijk besluit nr. 79 van 10 november 1967 betreffende de Orde der geneesheren;
   Gelet op de wet van 23 december 1946 houdende instelling van een Raad van State, inzonderheid op artikel 2, lid 2;
   Gelet op de dringende noodzakelijkheid;
   Op de voordracht van Onze Minister van Volksgezondheid en van het Gezin,
   .....
Erratum Tekst Begin

BEELD
1972122804
PUBLICATIE :
1973-01-27
bladzijde : 0

ERRATA



Wijziging(en) Tekst Inhoudstafel Begin
BEELD
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 15-02-2016 GEPUBL. OP 02-03-2016
    (GEWIJZIGD ART. : 12)
  • BEELD
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 26-01-2016 GEPUBL. OP 01-03-2016
    (GEWIJZIGDE ART. : OPSCHRIFT; 1; 2; 5; 40; 1; 1bis; 2; 3; 4; 5; 6; 7; 8; 9; 10; 11; 12; 13; 14; 15-17; 18; 19; 20-21; 23; 25; 26; 27; 29; 30; 35; 37)

  • Begin Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
    Inhoudstafel 1 uitvoeringbesluit 2 gearchiveerde versies
    Erratum Franstalige versie