J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord
Inhoudstafel
Handtekening Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving

Titel
2 MAART 2020. - Huishoudelijk reglement van het Nationaal Oliebureau (NOB)

Bron :
ECONOMIE, KMO, MIDDENSTAND EN ENERGIE
Publicatie : 12-03-2020 nummer :   2020A20506 bladzijde : 14969       PDF :   originele versie    geconsolideerde versie
Dossiernummer : 2020-03-02/03
Inwerkingtreding : 22-03-2020

Inhoudstafel Tekst Begin
HOOFDSTUK 1. - Beginselen
Art. 1
HOOFDSTUK 2. - Organisatie
Afdeling 1. - Het NOB
Onderafdeling 1. - Opdrachten
Art. 2
Onderafdeling 2. - Samenstelling
Art. 3
Onderafdeling 3. - Werking Vergadering - Oproeping
Art. 4-6
Afdeling 2. - De adviescel
Onderafdeling 1. - Opdrachten
Art. 7-8
Onderafdeling 2. - Samenstelling
Art. 9
Onderafdeling 3. - Werking Vergadering - oproeping
Art. 10-12
Afdeling 3. - Het secretariaat
Art. 13
Afdeling 4. - Ad-hoc-werkgroepen
Art. 14-16
HOOFDSTUK 3. - Discretie - Confidentialiteit - Belangenconflict
Art. 17

Tekst Inhoudstafel Begin
HOOFDSTUK 1. - Beginselen

  Artikel 1. Voor de toepassing van dit huishoudelijk reglement, wordt verstaan onder:
  1° Wet van 26 januari 2006: de wet van 26 januari 2006 betreffende de aanhouding van een verplichte voorraad aardolie en aardolieproducten en de oprichting van een agentschap voor het beheer van een deel van deze voorraad en tot wijziging van de wet van 10 juni 1997 betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben, en het verkeer daarvan en de controles daarop;
  2° Koninklijk besluit van 19 december 2018 : het koninklijk besluit van 19 december 2018 houdende de oprichting, de samenstelling, de opdrachten en de werkwijze van het Nationaal Oliebureau;
  3° NOB : het Nationaal Oliebureau, zoals opgericht door het koninklijk besluit van 19 december 2018, artikel 2;
  4° Het secretariaat : het secretariaat van het NOB zoals bedoeld in artikel 10, § 4, van het koninklijk besluit van 19 december 2018;
  5° Vergadering: iedere officiële bijeenkomst, al dan niet fysiek, onder leiding van de Voorzitter van het NOB of zijn vervanger;
  6° Vertegenwoordigde entiteiten: de publieke instanties bedoeld in artikel 10, § 2, van het koninklijk besluit van 19 december 2018;
  7° Representatieve beroepsorganisaties: de beroepsfederaties van de aardolie- en aardolieopslagsector, met name de Belgische Petroleum Federatie (BPF) en de Belgische Federatie der Brandstoffenhandelaars (Brafco).

  HOOFDSTUK 2. - Organisatie

  Afdeling 1. - Het NOB

  Onderafdeling 1. - Opdrachten

  Art. 2. Het NOB vervult de taken zoals opgelijst in artikels 3, 4 § 2, 6, 7, 8 en 9 van het koninklijk besluit van 19 december 2018 en elke andere taak haar opgelegd.

  Onderafdeling 2. - Samenstelling

  Art. 3. § 1. Overeenkomstig artikel 10, § 2, van het koninklijk besluit van 19 december 2018 stellen de vertegenwoordigde entiteiten de Voorzitter van het NOB en het secretariaat binnen de tien werkdagen na het van-kracht-worden van het ministerieel besluit houdende goedkeuring van het huishoudelijk reglement van het Nationaal Oliebureau op de hoogte van het lid en diens plaatsvervanger die zij voordragen.
  De vertegenwoordigde entiteiten zijn verantwoordelijk voor hun vertegenwoordiging en de actualisering ervan. Zij melden elke wijziging in deze vertegenwoordiging binnen de tien werkdagen aan de Voorzitter van het NOB en het secretariaat.
  § 2. De Voorzitter van het NOB draagt de namen van de leden en de plaatsvervangers voor aan de minister bevoegd voor <Energie>.
  § 3. Op verzoek van één of meerdere van de leden of op eigen initiatief kan de Voorzitter van het NOB personen uitnodigen op de vergaderingen van het NOB wiens expertise nuttig wordt geacht.
  Deze uitgenodigde personen zijn evenwel niet stemgerechtigd en nemen enkel deel voor de agendapunten waarvoor hun expertise relevant is.

  Onderafdeling 3. - Werking Vergadering - Oproeping

  Art. 4. § 1. Het NOB vergadert op verzoek van de Voorzitter van het NOB of van één van de leden en, in elk geval, ten minste eenmaal per jaar, in de loop van de maand juni.
  § 2. Minstens vijftien dagen voor de vergadering van het NOB stuurt het secretariaat een uitnodiging die de agenda bevat. Het secretariaat kan desgevallend bijkomende documenten sturen tot de vooravond van de vergadering.
  De Voorzitter van het NOB bepaalt de modaliteiten van elke vergadering, met inbegrip van het uur en de plaats waar deze plaatsvindt.
  § 3. Het NOB beraadslaagt op geldige manier wanneer minstens de helft van de leden aanwezig is.
  Wanneer dit aanwezigheidsquorum niet wordt bereikt, wordt een nieuwe vergadering binnen de drie dagen georganiseerd met dezelfde agenda. In dit geval beraadslaagt het NOB geldig, ongeacht het aantal aanwezige leden.
  § 4. De paragrafen 2 en 3 zijn niet van toepassing tijdens een fase van waakzaamheid of bevoorradingscrisis. Wanneer een vergadering van het NOB noodzakelijk is in deze gevallen, komt het NOB zo snel mogelijk samen. De Voorzitter van het NOB maakt hiervan gewag in de uitnodiging en tracht evenwel om een zo breed mogelijke vertegenwoordiging te verzekeren. Het secretariaat kan in deze gevallen de agenda en desgevallend bijkomende documenten versturen op de dag van de bijeenkomst.
  Adviesformulering

  Art. 5. § 1. De Voorzitter van het NOB streeft naar consensus binnen het NOB.
  § 2. Het NOB onderzoekt de adviezen die door de adviescel en de ad-hoc-werkgroepen worden geformuleerd en neemt deze, in voorkomend geval, in overweging bij het nemen van een beslissing.
  § 3. De leden zijn stemgerechtigd. De Voorzitter van het NOB beschikt over een beslissende stem in geval van een staking van stemmen.
  Tenzij anders besloten door de Voorzitter van het NOB, worden beslissingen in vergadering met een gewone meerderheid van stemmen genomen.
  De Voorzitter van het NOB mag beslissen of een besluitvorming via schriftelijke procedure moet georganiseerd worden.

  Art. 6. De adviezen of rapporten voor de minister of andere instanties worden voorbereid en verzonden door het secretariaat.

  Afdeling 2. - De adviescel

  Onderafdeling 1. - Opdrachten

  Art. 7. In de schoot van het NOB wordt een adviescel ingericht, ter ondersteuning van de werkzaamheden van het NOB.

  Art. 8. Op verzoek van één of meerdere leden van het NOB of van de adviescel of op initiatief van de Voorzitter van het NOB, brengt de adviescel een niet-bindend en gemotiveerd advies uit over een welbepaald punt op de agenda van de vergadering van het NOB.

  Onderafdeling 2. - Samenstelling

  Art. 9. § 1. De adviescel is samengesteld uit de Voorzitter van het NOB, de leden van het NOB en de vertegenwoordigers van de representatieve beroepsfederaties.
  § 2. De Voorzitter van het NOB zit de vergaderingen van de adviescel voor.
  De Voorzitter van het NOB kan een vertegenwoordiger aanduiden om zich te laten vervangen.
  § 3. Elk lid van de adviescel beschikt over een plaatsvervanger.
  Deze plaatsvervanger die het lid vervangt in diens afwezigheid beschikt over dezelfde rechten en plichten als het lid.
  § 4. De representatieve beroepsfederaties stellen de Voorzitter van het NOB en het secretariaat binnen de tien werkdagen volgend op het van-kracht-worden van het ministerieel besluit houdende goedkeuring van het huishoudelijk reglement van het Nationaal Oliebureau op de hoogte van de vertegenwoordigers die zij voordragen.
  De representatieve beroepsfederaties zijn verantwoordelijk voor hun vertegenwoordiging en de actualiteit ervan. Zij melden elke wijziging in deze vertegenwoordiging binnen de tien werkdagen aan de Voorzitter van het NOB en het secretariaat.
  § 5. Op verzoek van één of meerdere leden of vertegenwoordigers of op eigen initiatief kan de Voorzitter van de adviescel personen uitnodigen wiens expertise nuttig wordt geacht voor de vergaderingen van de adviescel.

  Onderafdeling 3. - Werking Vergadering - oproeping

  Art. 10. § 1. De adviescel vergadert op verzoek van de Voorzitter van de adviescel of van één van de leden van het NOB of van de adviescel.
  § 2. Ten laatste vijftien dagen voor de vergadering van de adviescel stuurt het secretariaat een uitnodiging, die de agenda bevat. Het secretariaat kan desgevallend bijkomende documenten sturen tot de vooravond van de vergadering.
  § 3. De adviescel beraadslaagt op geldige manier wanneer minstens de helft van de leden aanwezig zijn.
  Wanneer dit aanwezigheidsquorum niet wordt bereikt, wordt een nieuwe vergadering binnen de drie dagen georganiseerd met dezelfde agenda. In dit geval beraadslaagt de adviescel dan geldig ongeacht het aantal aanwezige leden.
  § 4. De paragrafen 2 en 3 zijn niet van toepassing tijdens een fase van waakzaamheid of bevoorradingscrisis. Wanneer een vergadering van de adviescel noodzakelijk is in deze gevallen, komt de adviescel zo snel mogelijk samen. De Voorzitter van de adviescel tracht evenwel om een zo breed mogelijke vertegenwoordiging te verzekeren. Het secretariaat kan in deze gevallen de agenda en desgevallend bijkomende documenten versturen op de dag van de bijeenkomst.
  § 5. De Voorzitter van de adviescel bepaalt de modaliteiten van iedere vergadering, met inbegrip van het uur en de plaats waar deze plaatsvindt.
  Adviesformulering

  Art. 11. De Voorzitter van de adviescel streeft naar consensus binnen de adviescel.

  Art. 12. De Voorzitter van de adviescel waakt er over dat minderheidsstandpunten worden opgenomen in het advies.
  De Voorzitter van de adviescel tekent de adviezen en rapporten in naam van de adviescel.

  Afdeling 3. - Het secretariaat

  Art. 13. § 1. De taak van het secretariaat bestaat er in het NOB bij te staan in de uitvoering van zijn opdrachten. In het bijzonder wordt het secretariaat belast met:
  1° het informeren van de Voorzitter en de leden van het NOB bij het vaststellen van informatie dat wijst op mogelijke moeilijkheden in de bevoorrading;
  2° het opmaken van de ontwerprapporten en adviezen van het NOB en de adviescel;
  3° het verzenden van deze rapporten en adviezen;
  4° de informatie-uitwisseling tussen de internationale instanties en de nationale instanties;
  5° het dagelijks beheer van alle organen van het NOB;
  6° iedere andere taak gevraagd door de Voorzitter van het NOB.

  Afdeling 4. - Ad-hoc-werkgroepen

  Art. 14. § 1. Op verzoek van één of meerdere leden of op eigen initiatief kan de Voorzitter van het NOB ad-hoc-werkgroepen oprichten.
  § 2. De Voorzitter van het NOB bepaalt de opdracht, samenstelling, voorzitter en timing van iedere ad-hoc-werkgroep.
  Hij is belast met het initiële uitnodigen van de voorgestelde deelnemers aan de respectieve ad-hoc-werkgroep.
  Iedere Voorzitter van een ad-hoc-werkgroep is belast met de uitnodiging voor de vergaderingen, waarvan hij de modaliteiten bepaalt, met inbegrip van het uur en de plaats waar deze plaatsvindt.
  § 3. Iedere voorzitter van een ad-hoc-werkgroep is belast met de rapportering van de werkzaamheden van zijn werkgroep aan het NOB.

  Art. 15. Iedere Voorzitter van een ad-hoc-werkgroep streeft naar consensus binnen deze.

  Art. 16. Iedere Voorzitter van een ad-hoc-werkgroep stelt de adviezen van deze op. Het secretariaat staat in voor de verzending ervan naar de Voorzitter van het NOB.
  Iedere Voorzitter van een ad-hoc-werkgroep tekent de documenten in naam van zijn respectievelijke ad-hoc-werkgroep en maakt deze over aan de leden van het NOB.
  Iedere Voorzitter van een ad-hoc-werkgroep waakt er over dat minderheidsstandpunten worden opgenomen in het advies.

  HOOFDSTUK 3. - Discretie - Confidentialiteit - Belangenconflict

  Art. 17. § 1. De tijdens de vergaderingen van het NOB, de adviescel en ad-hoc-werkgroepen bediscussieerde onderwerpen, behandelde documenten en genomen beslissingen zijn strikt confidentieel behoudens expliciete toelating door de Voorzitter van het NOB.
  De leden van het NOB en vertegenwoordigers binnen de adviescel, hun plaatsvervangers, experten en deelnemers aan ad-hoc-werkgroepen dienen de confidentialiteit van informatie strikt te respecteren. Dit engagement om de confidentialiteit te respecteren wordt schriftelijk vastgelegd.
  § 2. De leden van het NOB, vertegenwoordigers in de adviescel en hun plaatsvervangers, hierna genoemd de " titularissen ", mogen geen enkele functie of activiteit uitoefenen, die bezoldigd wordt door een Belgische of buitenlandse aardoliemaatschappij of door een maatschappij die eigenaar is van opslagcapaciteit voor aardolieproducten, noch meer dan 1 % aandelen bezitten in een dergelijke firma.
  § 3. Indien een titularis, rechtstreeks of onrechtstreeks, een tegengesteld belang heeft bij een beslissing, advies of andere akte over een bepaald agendapunt van een orgaan van het NOB, mag hij niet deelnemen aan de desbetreffende beraadslaging hierover. Hij moet de overige titularissen hiervan vooraf inlichten en er dient hierover melding gemaakt te worden in de notulen van de vergadering.
  § 4. Elke inbreuk op de bepalingen van dit artikel dient gemeld te worden aan de Voorzitter van het NOB. Hij brengt de persoon in kwestie op de hoogte van de vermeende inbreuk en hoort deze persoon.
  Indien de vermeende inbreuk een door de minister benoemd lid van het NOB betreft, rapporteert de Voorzitter van het NOB aan de minister over elke vermeende inbreuk en de resultaten van de hoorzitting met de betrokken persoon. De minister kan beslissen de betrokken persoon een waarschuwing te geven, te berispen of, in voorkomend geval, diens aanduiding in te trekken. In dit laatste geval wordt zo snel mogelijk in de aanduiding van een nieuwe titularis voorzien.
  Indien de vermeende inbreuk een lid van de adviescel of ad-hoc-werkgroep betreft, kan de Voorzitter van het NOB beslissen de betrokken persoon een waarschuwing te geven, te berispen of, in voorkomend geval, de organisatie waartoe hij behoort opdragen een nieuwe vertegenwoordiger aan te stellen.
  

Handtekening Tekst Inhoudstafel Begin
   Brussel, 2 maart 2020.
M. C. MARGHEM

Begin Eerste woord Laatste woord
Inhoudstafel
Franstalige versie