J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Aanhef
Inhoudstafel
Handtekening Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/besluit/2019/05/22/2019013159/justel

Titel
22 MEI 2019. - Koninklijk besluit tot vaststelling van het marien ruimtelijk plan voor de periode van 2020 tot 2026 in de Belgische zeegebieden

Bron :
VOLKSGEZONDHEID, VEILIGHEID VAN DE VOEDSELKETEN EN LEEFMILIEU
Publicatie : 02-07-2019 nummer :   2019013159 bladzijde : 66980       PDF :   originele versie    
Dossiernummer : 2019-05-22/23
Inwerkingtreding : 20-03-2020

Inhoudstafel Tekst Begin
Art. 1
HOOFDSTUK 1. - Definities en bepalingen betreffende het bindend karakter
Art. 2-5
HOOFDSTUK 2. - Zonering en randvoorwaarden
Afdeling 1. - Goede milieutoestand - kaart 1 van bijlage 4
Art. 6
Afdeling 2. - Natuurbeschermingsgebieden - kaart 1 van bijlage 4
Art. 7
Afdeling 3. - <Energie>, kabels en pijpleidingen - kaart 2 van bijlage 4
Art. 8-9
Afdeling 4. - Scheepvaart - kaart 3 van bijlage 4
Art. 10
Afdeling 5. - Baggerstorten - Kaart 3 van bijlage 4
Art. 11
Afdeling 6. - Havenontwikkeling - Kaart 3 van bijlage 4
Art. 12
Afdeling 7. - Zeevisserij en aquacultuur - kaart 4 van bijlage 4
Art. 13-14
Afdeling 8. - Zand- en grindontginning - kaart 5 van bijlage 4
Art. 15
Afdeling 9. - Zeewering - kaart 6 van bijlage 4
Art. 16
Afdeling 10. - Militair gebruik - kaart 7 van bijlage 4
Art. 17
Afdeling 11. - Munitiestortplaats - kaart 4 van bijlage 4
Art. 18
Afdeling 12. - Wetenschappelijk onderzoek - kaart 6 van bijlage 4
Art. 19
Afdeling 13. - Recreatieve activiteiten
Art. 20
Afdeling 14. - Meetpalen, radars en masten - kaart 6 van bijlage 4
Art. 21
Afdeling 15. - Cultureel erfgoed - kaart 6 van bijlage 4
Art. 22
Afdeling 16. - Commerciële en industriële zones - Kaart 8 van bijlage 4
Art. 23
HOOFDSTUK 3. - Wijzigings- en slotbepalingen
Art. 24-34
BIJLAGEN.
Art. N1-N3

Tekst Inhoudstafel Begin
Artikel 1. § 1. Dit koninklijk besluit voorziet in de gedeeltelijke omzetting van Richtlijn 2014/89/EU van het Europees parlement en de Raad van 23 juli 2014 tot vaststelling van een kader voor maritieme ruimtelijke planning.
  § 2. Dit koninklijk besluit voorziet in de gedeeltelijke omzetting van Richtlijn 92/43/EEG van de Raad van 21 mei 1992 inzake de instandhouding van de natuurlijke habitats en de wilde fauna en flora.
  § 3. Dit koninklijk besluit voorziet in de gedeeltelijke omzetting van Richtlijn 2009/147/EG van het Europees Parlement en de Raad van 30 november 2009 inzake het behoud van de vogelstand.

  HOOFDSTUK 1. - Definities en bepalingen betreffende het bindend karakter

  Art. 2. § 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder:
  1° Actieve natuurbeheersmaatregelen: maatregelen die behoud, herstel of heraanleg van natuurwaarde bewerkstelligen, in het mariene milieu, met als doel de natuurlijkheid te verhogen;
  2° Bodemberoerende visserijtechnieken: actieve visserijtechnieken die het bodemhabitat verstoren door het slepen van vistuig over de bodem;
  3° Niet-bodemberoerende visserijtechnieken: passieve visserijtechnieken, en actieve visserijtechnieken die het bodemhabitat niet verstoren;
  4° Kustvisserij: alle vissersvaartuigen met een tonnenmaat van hoogstens 70 BT;
  5° Wet: de wet van 20 januari 1999 ter bescherming van het mariene milieu en ter organisatie van de mariene ruimtelijke planning in de zeegebieden onder de rechtsbevoegdheid van België;
  6° Basislijn: de laagwaterlijn langs de kust die bepaald is door het laagste astronomische getij (LAT);
  7° Ankergebied: een zone voorbestemd om te ankeren;
  8° Te vermijden gebied: een routeringssysteem binnen een vastgelegde zone waarbinnen scheepvaart bijzonder gevaarlijk is of waarbinnen het uitzonderlijk belangrijk is om slachtoffers te vermijden en die vermeden zou moeten worden door alle schepen of door sommige types van schepen;
  9° Diepwaterroute: Een vastgelegde route die op een accurate manier onderzocht is ter vrijmaking van obstakels, zoals aangegeven op de kaart;
  10° Verkeersscheidingsstelsel: een routeringssysteem gericht op de scheiding van tegengestelde verkeersstromen door passende middelen en door de instelling van verkeersroutes;
  11° Voorzorgsgebied: een routeringssysteem binnen een vastgelegde zone waar schepen moeten varen met bijzondere voorzorg en waarbinnen een richting voor het scheepvaartverkeer kan aanbevolen worden;
  12° Natura 2000-toelating: de toelating, zoals bepaald door het koninklijk besluit van 27 oktober 2016 betreffende de procedure tot aanduiding en beheer van de mariene beschermde gebieden;
  13° Minister: de minister bevoegd voor de bescherming van het mariene milieu;
  14° Ramsar-watergebied: een watergebied aangeduid conform de Overeenkomst inzake watergebieden van internationale betekenis, in het bijzonder als verblijfplaats voor watervogels, opgemaakt te Ramsar (Iran) op 2 februari 1971;
  15° Zeerechtverdrag: Verdrag van de Verenigde Naties inzake het recht van de zee, ondertekend te Montego Bay op 10 december 1982;
  16° BMM: Beheerseenheid voor het Mathematisch Model van de Noordzee;
  17° coördinaten: coördinaten in projectie World Geodetic System 1984 (WGS 84) en uitgedrukt in graden, minuten en decimalen van minuten;
  18° Passieve visserij: het vissen door middel van gebruik van statisch vistuig.
  § 2. De zeegebieden zoals bedoeld in artikel 2, 1°, van de Wet worden begrensd door de basislijn en de volgende coördinaten:
  1° 51° 05'.567 N 2° 32'.538 O
  2° 51° 16'.100 N 2° 23'.337 O
  3° 51° 33'.418 N 2° 14'.220 O
  4° 51° 36'.734 N 2° 15'.120 O
  5° 51° 48'.251 N 2° 28'.821 O
  6° 51° 52'.518 N 2° 32'.281 O
  7° 51° 33'.051 N 3° 04'.805 O
  8° 51° 29'.034 N 3° 12'.655 O
  9° 51° 26'.951 N 3° 17'.705 O
  10° 51° 22'.717 N 3° 21'.155 O
  11° 51° 22'.367 N 3° 21'.797 O

  Art. 3. Bijlage 1 bij dit besluit, "Ruimtelijke analyse van de zeegebieden", zoals voorgeschreven door artikel 5bis, § 4, 1° van de Wet en bijlage 4 "Kaarten" worden vastgesteld als informatief deel.

  Art. 4. Bijlage 2 bij dit besluit, "Langetermijnvisie, doelstellingen en indicatoren, en ruimtelijke beleidskeuzes", zoals voorgeschreven door artikel 5bis, § 4, 2° en 3° van de Wet, is bindend voor de federale overheid.

  Art. 5. Bijlage 3 bij dit besluit, "Acties tot uitvoering van het marien ruimtelijk plan", zoals voorgeschreven door artikel 5bis, § 4, 4° van de Wet, is bindend voor de federale overheid.

  HOOFDSTUK 2. - Zonering en randvoorwaarden

  Afdeling 1. - Goede milieutoestand - kaart 1 van bijlage 4

  Art. 6. § 1. Er worden drie zones afgebakend bestemd voor het onderzoek naar de mogelijkheid tot het instellen van ruimtelijke voorschriften qua visserijtechnieken. De coördinaten van deze zones zijn de volgende:
  Zoekzone 1
  1° 51° 40'.382 N 2° 25'.972 O
  2° 51° 34'.105 N 2° 14'.407 O
  3° 51° 36'.734 N 2° 15'.120 O
  4° 51° 37'.815 N 2° 16'.400 O
  5° 51° 37'.744 N 2° 18'.924 O
  6° 51° 41'.431 N 2° 25'.321 O
  Zoekzone 2
  1° 51° 25'.717 N 2° 39'.440 O
  2° 51° 18'.562 N 2° 22'.049 O
  3° 51° 27'.131 N 2° 17'.544 O
  4° 51° 31'.620 N 2° 27'.120 O
  5° 51° 28'.860 N 2° 34'.680 O
  Zoekzone 3
  1° 51° 10'.229 N 2° 45'.411 O
  2° 51° 05'.669 N 2° 32'.449 O
  3° 51° 08'.969 N 2° 29'.575 O
  4° 51° 20'.697 N 2° 47'.010 O
  5° 51° 14'.519 N 2° 56'.336 O
  § 2. Binnen de in paragraaf 1 aangeduide zones kan de Minister, op basis van een advies van de BMM, één of meerdere gebieden aanduiden met ruimtelijke voorschriften om de bodemintegriteit te behouden teneinde de goede milieutoestand te bereiken. De bepaling van concrete maatregelen en de inwerkingtreding ervan is onderworpen aan de bekrachtiging binnen de toepasselijke Europese procedures, bepaald door Verordening (EU) Nr. 1380/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 inzake het gemeenschappelijk visserijbeleid. Deze maatregelen zullen niet meer dan 285 km2 beslaan.
  § 3. Actieve natuurbeheersmaatregelen kunnen overal uitgevoerd worden, voor zover het door andere artikelen voorbehouden ruimtegebruik niet gehinderd wordt en in opdracht van of na goedkeuring door de Minister.

  Afdeling 2. - Natuurbeschermingsgebieden - kaart 1 van bijlage 4

  Art. 7. § 1. De speciale zone voor natuurbehoud "Vlaamse Banken" (Europese code BEMNZ0001), is afgebakend door de basislijn en een lijn die de volgende coördinaten verbindt:
  1° 51° 05'.567 N 2° 32'.538 O
  2° 51° 16'.100 N 2° 23'.337 O
  3° 51° 27'.131 N 2° 17'.544 O
  4° 51° 31'.620 N 2° 27'.120 O
  5° 51° 28'.860 N 2° 34'.680 O
  6° 51° 20'.697 N 2° 47'.010 O
  7° 51° 14'.433 N 2° 55'.561 O
  Wanneer een van de uiterste lijnstukken van de hierboven gedefinieerde lijn, geen intersectie met de basislijn aantoont, dan zal dit lijnstuk, volgens artikel 5 van het Zeerechtverdrag en in zijn richting, tot aan de basislijn verlengd worden.
  § 2. Het in paragraaf 1 afgebakende gebied is bestemd voor de bescherming van de habitattypes "permanent met zeewater van geringe diepte overstroomde zandbanken" en "riffen" en is belangrijk voor de speciën van volgende soorten:
  1° 1364 Halichoerus grypus
  2° 1365 Phoca vitulina
  3° 1351 Phocoena phocoena
  In het gebied kunnen activiteiten plaatsvinden die:
  - 1° een Natura 2000-toelating hebben bekomen, voor zover ze aan deze procedure onderworpen zijn;
  - 2° niet op enigerlei andere wijze verboden of beperkt worden.
  § 3. Er wordt een speciale zone voor natuurbehoud "Vlakte van de Raan" afgebakend, waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  1° 51° 26'.165 N 3° 18'.346 O
  2° 51° 25'.474 N 3° 11'.856 O
  3° 51° 30'.115 N 3° 06'.266 O
  4° 51° 31'.340 N 3° 08'.228 O
  5° 51° 29'.034 N 3° 12'.655 O
  6° 51° 26'.951 N 3° 17'.705 O
  § 4. Het in paragraaf 3 afgebakende gebied is bestemd voor de bescherming van de habitattypes "permanent met zeewater van geringe diepte overstroomde zandbanken" en "riffen".
  In het gebied kunnen activiteiten plaatsvinden die:
  - 1° een Natura 2000-toelating hebben bekomen, voor zover ze aan deze procedure onderworpen zijn;
  - 2° niet op enigerlei andere wijze verboden of beperkt worden.
  § 5. Er worden drie speciale beschermingszones voor vogels afgebakend:
  1° een zone, genaamd SBZ 1 (Europese code BEMNZ0002), afgebakend door de basislijn en een lijn die de volgende coördinaten verbindt:
  1° 51° 06'.725 N 2° 35'.829 O
  2° 51° 07'.761 N 2° 32'.323 O
  3° 51° 12'.560 N 2° 30'.843 O
  4° 51° 13'.531 N 2° 39'.062 O
  5° 51° 08'.973 N 2° 41'.900 O
  Wanneer een van de uiterste lijnstukken van de hierboven gedefinieerde lijn geen intersectie met de basislijn aantoont, dan zal dit lijnstuk, volgens artikel 5 van het Zeerechtverdrag en in zijn richting, tot aan de basislijn verlengd worden.
  Deze zone is belangrijk voor de speciën van de volgende soorten:
  1° Sterna sandvicensis
  2° Podiceps cristatus
  3° Hydrocoloeus minutus
  4° Gavia stellata
  5° Larus marinus
  6° Larus fuscus
  7° Melanitta nigra
  2° een zone, genaamd SBZ 2 (Europese code BEMNZ0003), afgebakend door de basislijn en een lijn die de volgende coördinaten verbindt:
  1° 51° 12'.610 N 2° 51'.430 O
  2° 51° 14'.280 N 2° 51'.310 O
  3° 51° 14'.800 N 2° 45'.280 O
  4° 51° 21'.300 N 2° 49'.440 O
  5° 51° 20'.030 N 2° 57'.400 O
  6° 51° 17'.740 N 2° 59'.390 O
  7° 51° 16'.180 N 2° 55'.120 O
  8° 51° 14'.760 N 2° 56'.480 O
  Wanneer een van de uiterste lijnstukken van de hierboven gedefinieerde lijn geen intersectie met de basislijn aantoont, dan zal dit lijnstuk, volgens artikel 5 van het Zeerechtverdrag en in zijn richting, tot aan de basislijn verlengd worden.
  Deze zone is belangrijk voor de speciën van de volgende soorten:
  1° Sterna sandvicensis
  2° Sterna hirundo
  3° Podiceps cristatus
  4° Hydrocoloeus minutus
  5° Sterna albifrons
  6° Gavia stellata
  7° Glarus marinus
  8° Larus fuscus
  9° Melanitta nigra
  3° een zone, genaamd SBZ 3, afgebakend door de basislijn en een lijn die de volgende coördinaten verbindt:
  1° 51° 19'.472 N 3° 08'.623 O
  2° 51° 21'.107 N 3° 16'.399 O
  3° 51° 22'.700 N 3° 15'.080 O
  4° 51° 23'.850 N 3° 10'.380 O
  5° 51° 21'.730 N 3° 04'.000 O
  6° 51° 20'.688 N 3° 04'.790 O
  Wanneer een van de uiterste lijnstukken van de hierboven gedefinieerde lijn geen intersectie met de basislijn aantoont, dan zal dit lijnstuk, volgens artikel 5 van het Zeerechtverdrag en in zijn richting, tot aan de basislijn verlengd worden.
  Deze zone vormt een uitbreiding van het SBZ 3 (Europese code BEMNZ0004), zoals aangemeld bij de Europese Commissie, met de zone van het gericht marien reservaat "Baai van Heist".
  Deze zone is belangrijk voor speciën van de volgende soorten:
  1° Sterna sandvicensis
  2° Sterna hirundo
  3° Podiceps cristatus
  4° Hydrocoloeus minutus
  5° Sterna albifrons
  6° Larus fuscus
  § 6. In de speciale beschermingszones zijn de volgende activiteiten slechts toegelaten mits het bekomen van een Natura 2000-toelating, voor zover ze aan deze procedure onderworpen zijn:
  1° activiteiten van burgerlijke bouwkunde;
  2° industriële en commerciële activiteiten.
  § 7. In "SBZ 1" en "SBZ 2" zijn de volgende activiteiten verboden in de periode van 1 december tot en met 15 maart, overeenkomstig artikel 8, § 3, van de Wet:
  1° het oefenen met helikopters op een hoogte van minder dan 500 voet, met uitzondering van helikopters in eigendom, beheer, of opdracht van een Staat, Gewest of Gemeenschap en die op dat ogenblik uitsluitend worden ingezet voor niet-commerciële overheidsdienst;
  2° de doorvaart van hogesnelheidsvaartuigen behoudens in uitzonderlijke omstandigheden;
  3° de watersportwedstrijden, tenzij deze een Natura 2000-toelating bekomen hebben, voor zover ze aan deze procedure zijn onderworpen.
  § 8. De Minister pleegt overleg met de minister die Defensie onder zijn bevoegdheid heeft, betreffende de programmatie van de schietoefeningen en andere militaire activiteiten voor de kust van Lombardsijde en Zeebrugge, overeenkomstig artikel 7, § 4, van de Wet.
  § 9. Er wordt een Ramsar-watergebied afgebakend, bestaande uit een aantal zandbanken uit de categorie Vlaamse Banken, zoals weergegeven op kaart 1 van bijlage 4.

  Afdeling 3. - <Energie>, kabels en pijpleidingen - kaart 2 van bijlage 4

  Art. 8. § 1. Er wordt een zone afgebakend, bestemd voor de toekenning van domeinconcessies voor de bouw en exploitatie van installaties voor de productie van elektriciteit uit hernieuwbare bronnen en voor de toekenning van domeinconcessies voor de bouw en exploitatie van installaties voor de transmissie van elektriciteit, waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  Zone 1 Oostelijke zone
  1° 51° 32'.627 N 3° 04'.953 O
  2° 51° 32'.857 N 3° 04'.504 O
  3° 51° 35'.222 N 3° 00'.590 O
  4° 51° 44'.395 N 2° 45'.305 O
  5° 51° 43'.905 N 2° 42'.818 O
  6° 51° 42'.350 N 2° 42'.300 O
  7° 51° 39'.311 N 2° 45'.109 O
  8° 51° 38'.180 N 2° 47'.508 O
  9° 51° 37'.140 N 2° 48'.106 O
  10° 51° 36'.014 N 2° 50'.566 O
  11° 51° 35'.430 N 2° 53'.240 O
  12° 51° 34'.030 N 2° 55'.690 O
  13° 51° 32'.808 N 2° 53'.019 O
  14° 51° 29'.369 N 2° 58'.398 O
  15° 51° 30'.720 N 3° 02'.401 O
  § 2. Er wordt een zone afgebakend, bestemd voor de toekenning van domeinconcessies voor de bouw en exploitatie van installaties voor de productie en opslag van <energie> uit hernieuwbare bronnen en voor de toekenning van domeinconcessies voor de bouw en exploitatie van installaties voor de transmissie van elektriciteit, waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  Zone 2 Noordhinder Noord
  2° 1° 51° 40'.104 N 2° 36'.532 O
  2° 51° 40'.142 N 2° 34'.766 O
  3° 51° 35'.439 N 2° 28'.354 O
  4° 51° 35'.290 N 2° 35'.468 O
  § 3. Er worden zones afgebakend, bestemd voor de toekenning van domeinconcessies voor de bouw en exploitatie van installaties voor de productie en opslag van <energie> uit hernieuwbare bronnen en voor de toekenning van domeinconcessies voor de bouw en exploitatie van installaties voor de transmissie van elektriciteit, waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  Zone 3 Noordhinder Zuid
  1° 51° 31'.620 N 2° 27'.120 O
  2° 51° 29'.336 N 2° 33'.379 O
  3° 51° 30'.380 N 2° 33'.982 O
  4° 51° 30'.985 N 2° 33'.154 O
  5° 51° 33'.874 N 2° 34'.591 O
  6° 51° 33'.874 N 2° 26'.601 O
  7° 51° 28'.641 N 2° 20'.759 O
  Zone 4 Fairybank
  1° 51° 26'.381 N 2° 18'.245 O
  2° 51° 22'.170 N 2° 20'.460 O
  3° 51° 23'.455 N 2° 26'.809 O
  4° 51° 29'.336 N 2° 33'.379 O
  5° 51° 31'.620 N 2° 27'.120 O
  6° 51° 28'.641 N 2° 20'.759 O
  § 4. Binnen de in paragraaf 3 afgebakende zones kunnen domeinconcessies slechts toegekend worden, mits het bekomen van een Natura 2000-toelating.
  § 5. Er wordt een zone afgebakend, bestemd voor de toekenning van een domeinconcessie voor de bouw en exploitatie van installaties voor de transmissie van elektriciteit, waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  1° 51° 34'.586 N 2° 51'.908 O
  2° 51° 34'.636 N 2° 50'.650 O
  3° 51° 34'.969 N 2° 49'.812 O
  4° 51° 35'.281 N 2° 50'.094 O
  5° 51° 35'.636 N 2° 50'.622 O
  6° 51° 35'.156 N 2° 52'.880 O

  Art. 9. § 1. Er wordt een zone afgebakend, bestemd voor het leggen en exploiteren van pijpleidingen en kabels, afgebakend door de basislijn en door de lijn die punten 1 tot 40 verbindt, waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  1° 51° 17'.157 N 2° 22'.784 O
  2° 51° 18'.164 N 2° 25'.498 O
  3° 51° 18'.786 N 2° 28'.285 O
  4° 51° 20'.844 N 2° 29'.770 O
  5° 51° 19'.933 N 2° 32'.537 O
  6° 51° 19'.549 N 2° 42'.283 O
  7° 51° 18'.964 N 2° 44'.071 O
  8° 51° 17'.343 N 2° 46'.206 O
  9° 51° 13'.715 N 2° 53'.784 O
  10° 51° 14'.768 N 2° 56'.481 O
  11° 51° 18'.535 N 2° 49'.104 O
  12° 51° 19'.746 N 2° 47'.294 O
  13° 51° 18'.949 N 3° 06'.707 O
  14° 51° 21'.023 N 3° 15'.990 O
  15° 51° 23'.461 N 3° 16'.345 O
  16° 51° 32'.440 N 3° 04'.703 O
  17° 51° 30'.720 N 3° 02'.401 O
  18° 51° 29'.386 N 2° 58'.446 O
  19° 51° 32'.776 N 2° 53'.116 O
  20° 51° 34'.030 N 2° 55'.690 O
  21° 51° 35'.430 N 2° 53'.240 O
  22° 51° 36'.014 N 2° 50'.566 O
  23° 51° 36'.847 N 2° 48'.761 O
  24° 51° 40'.203 N 2° 52'.939 O
  25° 51° 40'.524 N 2° 52'.404 O
  26° 51° 37'.179 N 2° 48'.148 O
  27° 51° 38'.180 N 2° 47'.508 O
  28° 51° 39'.311 N 2° 45'.109 O
  29° 51° 40'.231 N 2° 44'.259 O
  30° 51° 47'.964 N 2° 28'.477 O
  31° 51° 46'.155 N 2° 26'.316 O
  32° 51° 37'.163 N 2° 44'.284 O
  33° 51° 36'.766 N 2° 44'.476 O
  34° 51° 36'.079 N 2° 44'.515 O
  35° 51° 35'.090 N 2° 46'.285 O
  36° 51° 31'.706 N 2° 43'.214 O
  37° 51° 28'.738 N 2° 33'.199 O
  38° 51° 24'.877 N 2° 28'.879 O
  39° 51° 23'.250 N 2° 27'.064 O
  40° 51° 21'.881 N 2° 20'.308 O
  met uitzondering van de zone afgebakend door de lijn die punten 41 tot 48 verbindt:
  41° 51° 22'.813 N 2° 31'.193 O
  42° 51° 22'.082 N 2° 33'.409 O
  43° 51° 21'.556 N 2° 47'.021 O
  44° 51° 22'.184 N 2° 46'.105 O
  45° 51° 26'.041 N 2° 40'.459 O
  46° 51° 27'.760 N 2° 37'.948 O
  47° 51° 26'.943 N 2° 35'.196 O
  48° 51° 25'.848 N 2° 33'.391 O
  en met uitzondering van de zone afgebakend door de lijn die punten 49 tot 57 verbindt:
  49° 51° 28'.607 N 2° 40'.804 O
  50° 51° 30'.049 N 2° 45'.684 O
  51° 51° 33'.510 N 2° 48'.826 O
  52° 51° 33'.095 N 2° 49'.511 O
  53° 51° 32'.176 N 2° 52'.203 O
  54° 51° 22'.412 N 3° 07'.090 O
  55° 51° 21'.000 N 3° 00'.700 O
  56° 51° 21'.383 N 2° 51'.358 O
  57° 51° 27'.315 N 2° 42'.690 O
  Wanneer een van de uiterste lijnstukken van de hierboven gedefinieerde buitenlijn, geen intersectie met de basislijn aantoont, dan zal dit lijnstuk, volgens artikel 5 van het Zeerechtverdrag en in zijn richting, tot aan de basislijn verlengd worden.
  § 2. Het leggen van pijpleidingen en kabels gebeurt bij voorkeur binnen de in paragraaf 1 afgebakende zone. Afwijkingen kunnen toegestaan worden door de Minister, mits voldoende gemotiveerde dwingende redenen.
  § 3. Ingeval van overlap tussen de in paragraaf 1 afgebakende zone en de in artikel 15, § 1 afgebakende zones, worden de pijpleidingen en kabels, waar mogelijk, buiten de in artikel 15, § 1 afgebakende zones gelegd. Indien dit niet mogelijk is, worden de pijpleidingen en kabels zo dicht mogelijk tegen de rand gelegd.
  § 4. Activiteiten die het leggen of exploiteren van pijpleidingen en kabels in het gedrang brengen, zijn verboden in de in paragraaf 1 afgebakende zone.

  Afdeling 4. - Scheepvaart - kaart 3 van bijlage 4

  Art. 10. § 1. De scheepvaart is overal binnen de Belgische zeegebieden toegelaten, behoudens andersluidende bepalingen die een verbod of voorwaarden instellen.
  § 2. De in de zeegebieden belangrijke scheepvaartroutes en verkeersstromen die voor de scheepvaart noodzakelijk zijn om de Belgische havens en de Scheldehavens te kunnen aanlopen of gebruikt worden om op een veilige en efficiënte wijze door het zeegebied te varen, zijn:
  1° Bij de Internationale Maritieme Organisatie ingestelde verkeersscheidingsstelsel "Noordhinder Zuid", waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  Separatiezone Noordhinder Zuid:
  1° 51° 45'.930 N 2° 32'.600 O
  2° 51° 46'.670 N 2° 31'.250 O
  3° Het snijpunt van de rechte tussen coördinaat onder 2° en 51° 29'.840 N 2° 10'.620 O met het vlak bedoeld in art. 2 § 2.
  4° Het snijpunt van de rechte tussen coördinaat onder 1° en 51° 31'.070 N 2° 07'.900 O met het vlak bedoeld in art. 2 § 2.
  Noordelijke richting verkeersstroom vanaf separatiezone begrensd door de lijn:
  1° 51° 43'.440 N 2° 37'.210 O
  2° 51° 36'.200 N 2° 27'.250 O
  3° Het snijpunt van de rechte tussen coördinaat onder 2° en 51° 26'.970 N 2° 16'.950 O met het vlak bedoeld in art. 2 § 2.
  Zuidelijke richting verkeersstroom vanaf separatiezone begrensd door de lijn:
  De zone ten noordwesten van de separatiezone Noordhinder Zuid tot aan de coördinaten bepaald onder art. 2 § 2.
  2° Bij de Internationale Maritieme Organisatie ingestelde verkeersscheidingsstelsel "Off Noordhinder", waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  Separatiezone
  1° 51° 37'.180 N 2° 40'.850 O
  2° 51° 37'.180 N 2° 42'.050 O
  3° 51° 38'.860 N 2° 42'.700 O
  4° 51° 42'.070 N 2° 39'.740 O
  5° 51° 43'.700 N 2° 39'.180 O
  6° 51° 43'.630 N 2° 38'.690 O
  Noordelijke richting verkeersstroom vanaf de separatiezone hierboven vernoemd en een separatiezone, waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  1° 51° 38'.020 N 2° 47'.150 O
  2° 51° 39'.130 N 2° 44'.780 O
  3° 51° 42'.310 N 2° 41'.850 O
  4° 51° 44'.110 N 2° 42'.450 O
  5° 51° 42'.250 N 2° 41'.400 O
  6° 51° 39'.070 N 2° 44'.340 O
  Zuidelijke richting verkeersstroom vanaf separatiezone begrensd door de lijn:
  1° 51° 37'.200 N 2° 38'.410 O
  2° 51° 39'.010 N 2° 38'.650 O
  3° 51° 43'.440 N 2° 37'.210 O
  3° Bij de Internationale Maritieme Organisatie ingestelde voorzorgsgebied "Noordhinder Junctie", begrensd door de Belgische grens, waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  1° 51° 43'.440 N 2° 37'.210 O
  2° 51° 45'.930 N 2° 32'.600 O
  3° 51° 46'.670 N 2° 31'.250 O
  4° Het snijpunt van de rechte tussen coördinaat onder 3° en 51° 49'.530 N 2° 25'.950 O met het vlak bepaald onder art. 2 § 2.
  5° 51° 48'.251 N 2° 28'.821 O
  6° 51° 52'.518 N 2° 32'.281 O
  7° Het snijpunt van de rechte tussen 51° 46'.150 N 2° 43'.600 O en 52° 10'.990 N 2° 56'.160 O met het vlak bepaald onder art. 2 § 2.
  8° 51° 44'.110 N 2° 42'.450 O
  9° 51° 43'.700 N 2° 39'.180 O
  10° 51° 43'.630 N 2° 38'.690 O
  4° Bij de Internationale Maritieme Organisatie ingestelde verkeersscheidingsstelsel "At West Hinder", waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  Separatielijn:
  1° 51° 22'.450 N 2° 29'.920 O
  2° Het snijpunt van de rechte tussen coördinaat onder 1° en 51° 19'.150 N 2° 16'.620 O met het vlak bepaald onder art. 2 § 2.
  Westelijke richting verkeersstroom vanaf separatielijn begrensd door de lijn:
  1° 51° 23'.450 N 2° 29'.920 O
  2° 51° 22'.750 N 2° 26'.420 O
  3° Het snijpunt van de rechte tussen coördinaat onder 2° en 51° 21'.250 N 2° 17'.620 O met het vlak bepaald onder art. 2 § 2.
  Oostelijke richting verkeersstroom vanaf separatielijn begrensd door:
  a) De lijn tussen
  1° 51° 21'.450 N 2° 29'.920 O
  2° 51° 19'.950 N 2° 24'.520 O
  b) De separatiezone hieronder bepaald.
  Separatiezone:
  1° 51° 19'.950 N 2° 24'.520 O
  2° Het snijpunt van de rechte tussen coördinaat onder 1° en 51° 12'.500 N 2° 11'.320 O met het vlak bepaald onder art. 2 § 2.
  3° Het snijpunt van de rechte tussen coördinaat onder 1° en 51° 13'.150 N 2° 10'.220 O met het vlak bepaald onder art. 2 § 2.
  5° Bij de Internationale Maritieme Organisatie ingestelde voorzorgsgebied "At West Hinder", waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  1° 51° 23'.450 N 2° 29'.920 O
  2° 51° 23'.450 N 2° 36'.920 O
  3° 51° 23'.810 N 2° 40'.300 O
  4° 51° 24'.250 N 2° 44'.520 O
  5° 51° 23'.380 N 2° 46'.210 O
  6° 51° 20'.820 N 2° 46'.290 O
  7° 51° 21'.450 N 2° 29'.920 O
  8° 51° 22'.450 N 2° 29'.920 O
  6° Bij de Internationale Maritieme Organisatie ingestelde te vermijden gebied "At West Hinder", waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  1° 51° 23'.450 N 2° 36'.920 O
  2° 51° 23'.950 N 2° 36'.900 O
  3° 51° 24'.400 N 2° 40'.300 O
  4° 51° 23'.810 N 2° 40'.300 O
  7° Bij de Internationale Maritieme Organisatie ingestelde diepwaterroute "aanloop Westerschelde", waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  1° 51° 24'.250 N 2° 44'.520 O
  2° 51° 25'.950 N 2° 48'.120 O
  3° 51° 25'.500 N 2° 52'.920 O
  4° 51° 25'.070 N 2° 57'.920 O
  5° 51° 25'.030 N 3° 02'.850 O
  6° 51° 24'.530 N 2° 59'.920 O
  7° 51° 24'.630 N 2° 57'.920 O
  8° 51° 25'.050 N 2° 52'.920 O
  9° 51° 25'.030 N 2° 49'.050 O
  10° 51° 23'.380 N 2° 46'.210 O
  8° Bij de Internationale Maritieme Organisatie ingestelde tweerichtingsverkeersroute "Westpit", waarvan de coördinaten de volgende zijn en begrensd voor de Belgische wateren door de Belgische grens:
  Grenslijn 1
  1° 51° 27'.880 N 3° 00'.320 O
  2° 51° 29'.240 N 3° 04'.320 O
  3° Het snijpunt van de rechte tussen coördinaat onder 2° en 51° 33'.590 N 3° 11'.030 O met het vlak bepaald onder art. 2 § 2.
  Grenslijn 2
  1° 51° 29'.040 N 2° 58'.320 O
  2° 51° 30'.510 N 3° 02'.680 O
  3° 51° 32'.570 N 3° 05'.800 O
  4° Het snijpunt van de rechte tussen coördinaat onder 3° en 51° 34'.380 N 3° 08'.680 O met het vlak bepaald onder art. 2 § 2.
  9° Bij de Internationale Maritieme Organisatie ingesteld voorzorgsgebied "At Gootebank" waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  1° 51° 29'.040 N 2° 58'.320 O
  2° 51° 26'.950 N 2° 52'.720 O
  3° 51° 25'.950 N 2° 48'.120 O
  4° 51° 25'.500 N 2° 52'.920 O
  5° 51° 25'.070 N 2° 57'.920 O
  6° 51° 25'.030 N 3° 02'.850 O
  7° 51° 25'.570 N 3° 00'.780 O
  8° 51° 27'.880 N 3° 00'.320 O
  10° Bij de Internationale Maritieme Organisatie ingesteld voorzorgsgebied "in de nabijheid van Thornton en Blighbank" waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  1° 51° 30'.510 N 3° 02'.680 O
  2° 51° 32'.555 N 3° 05'.777 O
  3° 51° 33'.050 N 3° 04'.810 O
  4° 51° 33'.820 N 3° 03'.530 O
  5° 51° 44'.690 N 2° 45'.360 O
  6° 51° 44'.110 N 2° 42'.450 O
  7° 51° 42'.310 N 2° 41'.850 O
  8° 51° 39'.130 N 2° 44'.780 O
  9° 51° 38'.020 N 2° 47'.150 O
  10° 51° 36'.970 N 2° 47'.750 O
  11° 51° 35'.770 N 2° 50'.360 O
  12° 51° 35'.200 N 2° 53'.010 O
  13° 51° 34'.050 N 2° 55'.010 O
  14° 51° 32'.840 N 2° 52'.370 O
  15° 51° 29'.040 N 2° 58'.320 O
  11° Verkeersstroom in zuidelijke richting vanaf verkeersscheidingsstelsel "Off Noordhinder naar verkeersscheidingsstelsel "At Westhinder" tussen de banken Oosthinder, Noordhinder en Westhinder;
  12° Verkeersstroom in noordelijke richting vanaf het Voorzorgsgebied "Westhinder" naar het verkeersscheidingsstelsel "Off Noordhinder" tussen de banken Oosthinder en Blighbank;
  13° Verkeersstroom van voorzorgsgebied Westhinder via Scheur en Zand naar de haven van Zeebrugge;
  14° Verkeersstroom van voorzorgsgebied Westhinder via Scheur en Zand naar mondingsgebied Schelde;
  15° Verkeersstroom Oostende-Dover, ten noorden van Stroombank en Nieuwpoortbank, ten zuiden van Oostendebank, Middelkerkebank, Kwintebank, tussen Binnen Ratel en Buiten Ratel;
  16° Verkeersstroom van Scheur naar haven Oostende, westelijk van Wenduinebank;
  17° Verkeersstroom naar haven Nieuwpoort over Westdiep;
  18° Verkeersstroom van Gootebank over Oosthinder, ten zuiden van Noordhinder aansluitend op verkeersscheidingsstelsel "Noordhinder Zuid";
  19° Verkeersstroom vanaf de boei Noordoost Akkaert en in westelijke richting lopend tussen de Gootebank en de Akkaertbank, langs de noordzijde van de diepwaterroute, tot aan het voorzorgsgebied at Westhinder.
  § 3. In de zeegebieden zijn ankergebieden aangeduid:
  1° Ankergebied Oostdyck, waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  1° 51° 20'.400 N 2° 31'.500 O
  2° 51° 20'.400 N 2° 37'.000 O
  3° 51° 19'.950 N 2° 34'.500 O
  4° 51° 19'.600 N 2° 33'.800 O
  5° 51° 19'.600 N 2° 31'.500 O
  2° Bij de Internationale Maritieme Organisatie ingesteld Ankergebied At West Hinder, waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  1° 51° 25'.950 N 2° 34'.920 O
  2° 51° 25'.950 N 2° 40'.300 O
  3° 51° 24'.400 N 2° 40'.300 O
  4° 51° 23'.950 N 2° 36'.900 O
  5° 51° 23'.950 N 2° 33'.320 O
  In deze gebieden wordt voorrang gegeven aan het ankeren van schepen. Andere activiteiten kunnen plaatsvinden, voor zover die het gebruik door de scheepvaart niet structureel in het gedrang brengen.
  § 4. In de gekende verkeersstromen wordt steeds voorrang gegeven aan de scheepvaart. Andere activiteiten kunnen toegelaten worden, voor zover deze de scheepvaart niet structureel in het gedrang brengen.

  Afdeling 5. - Baggerstorten - Kaart 3 van bijlage 4

  Art. 11. § 1. Er worden zones afgebakend, waarbinnen de Minister een machtiging kan verlenen voor het storten van baggerspecie, waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  1° S1
  51° 27.318' N 3° 02'.005 O als middelpunt van een cirkel met straal 1.5 kilometer
  2° S2
  51° 25'.951 N 3° 08'.422 O als middelpunt van een halve cirkel met straal 1.5 kilometer, ten zuiden begrensd door het lijnstuk waarvan de coördinaten de volgende zijn: 51° 25'.952 N 3° 7'.127 O en 51° 25'.949 N 3° 9'.716 O
  3° Bruggen en Wegen Oostende
  51° 16'.980 N 2° 55'.280 O als middelpunt van een cirkel met straal 0.75 kilometer
  4° Bruggen en Wegen Zeebrugge Oost
  51° 22'.847 N 3° 15'.756 O als middelpunt van een cirkel met straal 0.75 kilometer
  5° Bruggen en Wegen Nieuwpoort
  51° 14'.924 N 2° 43'.814 O als middelpunt van een cirkel met straal 0.75 kilometer
  § 2. De in paragraaf 1 afgebakende zones zijn verboden voor activiteiten die het storten van baggerspecie in het gedrang brengen.
  § 3. Er wordt een reservatiezone voor het storten van baggerspecie afgebakend. De coördinaten van deze zone zijn de volgende:
  1° 51° 23'.520 N 3° 01'.078 O
  2° 51° 23'.779 N 3° 01'.727 O
  3° 51° 23'.826 N 3° 03'.934 O
  4° 51° 23'.474 N 3° 07'.320 O
  5° 51° 23'.248 N 3° 08'.639 O
  6° 51° 22'.776 N 3° 09'.326 O
  7° 51° 22'.463 N 3° 09'.973 O
  8° 51° 21'.849 N 3° 11'.047 O
  9° 51° 21'.833 N 3° 10'.937 O
  10° 51° 21'.104 N 3° 09'.971 O
  11° 51° 22'.387 N 3° 07'.075 O
  12° 51° 21'.826 N 3° 06'.926 O
  13° 51° 19'.771 N 3° 01'.715 O
  14° 51° 21'.401 N 3° 01'.504 O
  15° 51° 22'.025 N 3° 01'.085 O
  § 4. Binnen de in paragraaf 3 afgebakende zone kan de Minister een machtiging verlenen voor het storten van baggerspecie, voor zover:
  1° de nieuwe locatie van dezelfde grootteorde is als de zone, gedefinieerd onder art. 11 § 1, 4° ;
  2° de beperking van de impact op de visgronden als criterium voor de gekozen locatie geldt;
  3° aangetoond wordt dat de gevolgen voor de veiligheid van de scheepvaart op de gekozen locatie minimaal zijn ten opzichte van andere locaties binnen de zone gedefinieerd onder art. 11, § 3;
  4° de activiteit een Natura 2000-toelating heeft bekomen.
  § 5. Er worden zones afgebakend voor de toekomstige vervanging van de baggerstortzone S1. De coördinaten van deze zones zijn de volgende:
  Zone 1
  22° 1° 51° 24'.729 N 2° 56'.800 O
  23° 2° 51° 24'.691 N 2° 57'.274 O
  24° 3° 51° 24'.611 N 2° 58'.222 O
  25° 4° 51° 24'.562 N 2° 59'.211 O
  26° 5° 51° 24'.519 N 2° 59'.995 O
  27° 6° 51° 24'.406 N 3° 01'.028 O
  28° 7° 51° 23'.362 N 2° 58'.370 O
  29° 8° 51° 23'.317 N 2° 58'.256 O
  30° 9° 51° 23'.189 N 2° 57'.930 O
  31° 10° 51° 22'.649 N 2° 55'.696 O
  32° 11° 51° 22'.646 N 2° 55'.692 O
  33° 12° 51° 22'.595 N 2° 55'.481 O
  34° 13° 51° 22'.474 N 2° 54'.967 O
  35° 14° 51° 23'.808 N 2° 55'.820 O
  36° 15° 51° 24'.491 N 2° 56'.285 O
  37° 16° 51° 24'.576 N 2° 56'.612 O
  38° 17° 51° 24'.585 N 2° 56'.641 O
  39° 18° 51° 24'.596 N 2° 56'.667 O
  40° 19° 51° 24'.609 N 2° 56'.692 O
  41° 20° 51° 24'.631 N 2° 56'.720 O
  42° 21° 51° 24'.655 N 2° 56'.742 O
  Zone 2
  1° 51° 27'.871 N 3° 00'.320 O
  2° 51° 28'.292 N 3° 01'.549 O
  3° 51° 28'.165 N 3° 02'.291 O
  4° 51° 28'.154 N 3° 02'.380 O
  5° 51° 28'.134 N 3° 02'.494 O
  6° 51° 28'.115 N 3° 02'.578 O
  7° 51° 28'.091 N 3° 02'.659 O
  8° 51° 28'.065 N 3° 02'.738 O
  9° 51° 28'.031 N 3° 02'.821 O
  10° 51° 28'.018 N 3° 02'.851 O
  11° 51° 28'.003 N 3° 02'.923 O
  12° 51° 27'.769 N 3° 04'.039 O
  13° 51° 27'.559 N 3° 04'.292 O
  14° 51° 27'.397 N 3° 04'.050 O
  15° 51° 27'.136 N 3° 03'.425 O
  16° 51° 27'.076 N 3° 03'.257 O
  17° 51° 26'.903 N 3° 03'.116 O
  18° 51° 26'.767 N 3° 02'.932 O
  19° 51° 26'.636 N 3° 02'.708 O
  20° 51° 26'.560 N 3° 02'.416 O
  21° 51° 26'.528 N 3° 02'.188 O
  22° 51° 26'.517 N 3° 01'.916 O
  23° 51° 26'.549 N 3° 01'.639 O
  24° 51° 26'.593 N 3° 01'.417 O
  25° 51° 26'.273 N 3° 00'.824 O
  26° 51° 26'.077 N 3° 00'.700 O
  § 6. Binnen de in paragraaf 5 afgebakende zones kan de Minister een machtiging voor het storten van baggerspecie verlenen, voor zover:
  1° de nieuwe locatie van dezelfde grootteorde is als de zone, gedefinieerd onder art. 11 § 1, 1° ;
  2° de beperking van de impact op de visgronden als criterium voor de gekozen locatie geldt;
  3° aangetoond wordt dat de gevolgen voor de veiligheid van de scheepvaart op de gekozen locatie minimaal zijn ten opzichte van andere locaties binnen de zone gedefinieerd onder art. 11, § 5.
  § 7. Er wordt een zone afgebakend voor de toekomstige vervanging van de baggerstortzone Bruggen en Wegen Nieuwpoort, waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  1° 51° 10'.487 N 2° 33'.118 O
  2° 51° 11'.619 N 2° 32'.119 O
  3° 51° 12'.405 N 2° 34'.375 O
  4° 51° 11'.273 N 2° 35'.373 O
  § 8. Binnen de in paragraaf 7 afgebakende zone kan de Minister een machtiging verlenen voor het storten van baggerspecie, voor zover:
  1° de nieuwe locatie van dezelfde grootteorde is als de zone, gedefinieerd onder art. 11 § 1, 5° ;
  2° de beperking van de impact op de visgronden als criterium voor de gekozen locatie geldt;
  3° aangetoond wordt dat de gevolgen voor de veiligheid van de scheepvaart op de gekozen locatie minimaal zijn ten opzichte van andere locaties binnen de zone gedefinieerd onder art. 11 § 7;
  4° de activiteit een Natura 2000-toelating heeft bekomen.
  § 9. Er wordt een zone afgebakend voor de toekomstige vervanging van de baggerstortzone Bruggen en Wegen Oostende, waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  1° 51° 17'.371 N 2° 57'.684 O
  2° 51° 16'.972 N 2° 58'.045 O
  3° 51° 16'.155 N 2° 55'.747 O
  4° 51° 16'.485 N 2° 55'.196 O
  § 10. Binnen de in paragraaf 9 afgebakende zone kan de Minister een machtiging verlenen voor het storten van baggerspecie, voor zover:
  1° de nieuwe locatie van dezelfde grootteorde is als de zone, gedefinieerd onder art. 11 § 1, 3° ;
  2° de beperking van de impact op de visgronden als criterium voor de gekozen locatie geldt;
  3° aangetoond wordt dat de gevolgen voor de veiligheid van de scheepvaart op de gekozen locatie minimaal zijn ten opzichte van andere locaties binnen de zone gedefinieerd onder art. 11 § 8;
  4° de activiteit een Natura 2000-toelating heeft bekomen.

  Afdeling 6. - Havenontwikkeling - Kaart 3 van bijlage 4

  Art. 12. § 1. Er worden zones afgebakend voor de potentiële uitbreiding van de zeehavens van Oostende en Zeebrugge. Voor zover verzoenbaar met de actuele havenontwikkeling of met een toekomstige uitbreiding van de betrokken havens, kunnen andere activiteiten of ontwikkelingen toegelaten worden.
  § 2. De zone rond Oostende omvat het mariene gebied afgebakend door de basislijn en de lijn die punten 1 tot 11 verbindt, waarvan de coördinaten zijn:
  1° 51° 13'.759 N 2° 54'.455 O
  2° 51° 13'.941 N 2° 54'.139 O
  3° 51° 14'.171 N 2° 53'.977 O
  4° 51° 14'.437 N 2° 53'.990 O
  5° 51° 14'.663 N 2° 54'.137 O
  6° 51° 14'.826 N 2° 54'.308 O
  7° 51° 15'.046 N 2° 54'.885 O
  8° 51° 15'.079 N 2° 55'.411 O
  9° 51° 15'.025 N 2° 55'.768 O
  10° 51° 14'.885 N 2° 56'.045 O
  11° 51° 14'.544 N 2° 56'.435 O
  § 3. De zone rond Zeebrugge omvat het mariene gebied afgebakend door de basislijn en de lijn die punten 1 tot 14 verbindt, waarvan de coördinaten zijn:
  1° 51° 19'.641 N 3° 10'.145 O
  2° 51° 20'.814 N 3° 09'.307 O
  3° 51° 21'.179 N 3° 09'.290 O
  4° 51° 21'.411 N 3° 09'.430 O
  5° 51° 21'.583 N 3° 09'.617 O
  6° 51° 22'.180 N 3° 10'.529 O
  7° 51° 22'.302 N 3° 10'.833 O
  8° 51° 22'.339 N 3° 12'.098 O
  9° 51° 22'.200 N 3° 13'.318 O
  10° 51° 22'.100 N 3° 13'.732 O
  11° 51° 21'.871 N 3° 14'.126 O
  12° 51° 21'.550 N 3° 14'.341 O
  13° 51° 21'.179 N 3° 14'.476 O
  14° 51° 20`.506 N 3° 14`.547 O

  Afdeling 7. - Zeevisserij en aquacultuur - kaart 4 van bijlage 4

  Art. 13. De professionele zeevisserij wordt overal toegelaten, onder voorbehoud van:
  1° de beperkingen opgenomen in artikelen 6, 18 en 19 § 3;
  2° de bepalingen opgenomen in het koninklijk besluit van 11 april 2012 tot instelling van een veiligheidszone rond de kunstmatige eilanden, installaties en inrichtingen voor de opwekking, de opslag en het transport van <energie> uit het water, de stromen en de winden in de zeegebieden onder Belgische rechtsbevoegdheid.

  Art. 14. § 1. In de zone opgenomen in art. 8, § 1, wordt aquacultuur toegelaten, onder de volgende voorwaarden:
  1° de houder van de concessie voor de bouw en exploitatie van een windmolenpark is akkoord;
  2° de aquacultuur vermindert het eutrofiëringsniveau binnen de concessiezone;
  3° de concessie- of vergunningverlenende Minister kan, waar nodig, een controlezone vrijwaren binnen de afgebakende zone, als referentie voor de situatie zonder aquacultuuractiviteit.
  § 2. In de zones opgenomen in art. 8, § 2 is aquacultuur toegelaten, onder de volgende voorwaarden:
  1° de aquacultuur vermindert het eutrofiëringsniveau binnen de concessiezone;
  2° de concessie- of vergunningverlenende Minister kan, waar nodig, een controlezone vrijwaren binnen de afgebakende zone, als referentie voor de situatie zonder aquacultuuractiviteit.
  § 3. In de zones opgenomen in art. 8, § 3 is aquacultuur toegelaten, onder de volgende voorwaarden:
  1° de aquacultuur vermindert het eutrofiëringsniveau binnen de concessiezone;
  2° de concessie- of vergunningverlenende Minister kan, waar nodig, een controlezone vrijwaren binnen de afgebakende zone, als referentie voor de situatie zonder aquacultuuractiviteit;
  3° er is een Natura 2000-toelating bekomen.
  § 4. In de zones opgenomen in art. 8, § 2-3 is passieve visserij toegelaten.

  Afdeling 8. - Zand- en grindontginning - kaart 5 van bijlage 4

  Art. 15. § 1. Er worden zones afgebakend voor de exploratie en de exploitatie van de minerale en andere niet-levende rijkdommen in de territoriale zee en op het continentaal plat, waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  Sector 1a (Thorntonbank)
  1° 51° 30'.107 N 2° 55'.947 O
  2° 51° 28'.340 N 2° 48'.219 O
  3° 51° 29'.170 N 2° 44'.089 O
  4° 51° 32'.720 N 2° 47'.699 O
  5° 51° 33'.172 N 2° 52'.046 O
  6° 51° 32'.575 N 2° 52'.387 O
  7° 51° 30'.754 N 2° 55'.238 O
  8° 51° 30'.466 N 2° 55'.386 O
  Sector 2kb (Kwintebank)
  1° 51° 14'.536 N 2° 34'.502 O
  2° 51° 18'.013 N 2° 39'.575 O
  3° 51° 19'.286 N 2° 40'.020 O
  4° 51° 20'.264 N 2° 40'.921 O
  5° 51° 20'.170 N 2° 43'.249 O
  6° 51° 18'.274 N 2° 41'.553 O
  7° 51° 17'.325 N 2° 40'.704 O
  8° 51° 15'.040 N 2° 38'.659 O
  9° 51° 13'.940 N 2° 36'.249 O
  Sector 2br (Buiten Ratel)
  1° 51° 20'.358 N 2° 38'.362 O
  2° 51° 20'.320 N 2° 39'.543 O
  3° 51° 17'.117 N 2° 36'.599 O
  4° 51° 15'.452 N 2° 34'.229 O
  5° 51° 15'.509 N 2° 33'.609 O
  6° 51° 16'.270 N 2° 32'.369 O
  7° 51° 17'.313 N 2° 33'.676 O
  8° 51° 17'.866 N 2° 32'.341 O
  9° 51° 19'.303 N 2° 33'.904 O
  10° 51° 19'.706 N 2° 34'.702 O
  Sector 2od (Oostdyck)
  1° 51° 20'.906 N 2° 31'.348 O
  2° 51° 20'.893 N 2° 31'.338 O
  3° 51° 20'.557 N 2° 31'.057 O
  4° 51° 19'.553 N 2° 31'.069 O
  5° 51° 16'.533 N 2° 28'.127 O
  6° 51° 16'.893 N 2° 26'.222 O
  7° 51° 17'.442 N 2° 27'.178 O
  8° 51° 20'.870 N 2° 30'.352 O
  9° 51° 20'.960 N 2° 31'.099 O
  Sector 3a (Sierra Ventana)
  1° 51° 25'.450 N 2° 59'.920 O
  2° 51° 25'.450 N 3° 03'.419 O
  3° 51° 26'.450 N 3° 03'.419 O
  4° 51° 26'.451 N 2° 59'.919 O
  Sector 3b (Sierra Ventana)
  1° 51° 27'.701 N 2° 59'.917 O
  2° 51° 28'.503 N 3° 03'.421 O
  3° 51° 26'.449 N 3° 03'.418 O
  4° 51° 26'.450 N 2° 59'.920 O
  Sector 4a (Noordhinder)
  1° 51° 40'.772 N 2° 34'.952 O
  2° 51° 40'.104 N 2° 36'.532 O
  3° 51° 35'.078 N 2° 34'.567 O
  4° 51° 34'.659 N 2° 33'.020 O
  Sector 4b (Oosthinder-noord)
  1° 51° 34'.737 N 2° 40'.997 O
  2° 51° 34'.970 N 2° 39'.319 O
  3° 51° 38'.551 N 2° 40'.329 O
  4° 51° 37'.835 N 2° 42'.197 O
  Sector 4c (Oosthinder-zuid)
  5° 1° 51° 34'.629 N 2° 39'.322 O
  6° 2° 51° 34'.459 N 2° 40'.277 O
  7° 3° 51° 29'.607 N 2° 37'.091 O
  8° 4° 51° 29'.708 N 2° 36'.469 O
  Sector 4d (Westhinder)
  1° 51° 30'.627 N 2° 34'.151 O
  2° 51° 31'.045 N 2° 33'.641 O
  3° 51° 33'.222 N 2° 34'.790 O
  4° 51° 33'.727 N 2° 35'.919 O
  Sector 5 (Blighbank)
  5° 1° 51° 33'.875 N 2° 44'.443 O
  6° 2° 51° 36'.371 N 2° 45'.986 O
  7° 3° 51° 35'.995 N 2° 46'.949 O
  8° 4° 51° 33'.694 N 2° 45'.229 O
  § 2. Concessies voor de exploratie en de exploitatie van de minerale en andere niet-levende rijkdommen in de territoriale zee en op het continentaal plat kunnen enkel verleend worden:
  - in de in paragraaf 1 afgebakende zones, conform het koninklijk besluit van 1 september 2004 betreffende de voorwaarden en de toekenningsprocedure van concessies voor de exploratie en de exploitatie van de minerale en andere niet-levende rijkdommen in de territoriale zee en op het continentaal plat;
  - in de zones, aangeduid conform artikel 6 van het koninklijk besluit van 1 september 2004 betreffende de voorwaarden en de toekenningsprocedure van concessies voor de exploratie en de exploitatie van de minerale en andere niet-levende rijkdommen in de territoriale zee en op het continentaal plat.
  § 3. De in paragraaf 2 vermelde concessies in de zones die overlappen met de in artikel 8 afgebakende zones bestemd voor de toekenning van domeinconcessies voor de bouw en exploitatie van installaties voor de productie van elektriciteit uit hernieuwbare bronnen, en voor de toekenning van domeinconcessies voor de bouw en de exploitatie van installaties nodig voor de transmissie van elektriciteit, kunnen enkel verleend worden zolang deze verzoenbaar zijn met de toekenning en het gebruik van de voormelde domeinconcessies.
  § 4. Er wordt een zone afgebakend bestemd voor het onderzoek naar het potentieel voor de exploratie en de exploitatie van de minerale en andere niet-levende rijkdommen in de territoriale zee en op het continentaal plat, waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  1° 51° 44'.973 N 2° 24'.906 O
  2° 51° 40'.771 N 2° 34'.951 O
  3° 51° 30'.448 N 2° 24'.652 O
  4° 51° 27'.296 N 2° 17'.457 O
  5° 51° 33'.418 N 2° 14'.220 O
  6° 51° 36'.734 N 2° 15'.120 O
  § 5. Binnen de in paragraaf 4 aangeduide zone kan de minister bevoegd voor economie, na advies van de minister bevoegd voor maritieme mobiliteit, conform de resultaten van het exploratieonderzoek, nieuwe sectoren voor exploitatie afbakenen.
  § 6. Binnen de sectoren 2kb, 2br en 2od, afgebakend in paragraaf 1, geldt een jaarlijks ontginbaar volume zand, zoals vastgelegd in het koninklijk besluit van 1 september 2004 betreffende de voorwaarden en de toekenningsprocedure van concessies voor de exploratie en de exploitatie van de minerale en andere niet-levende rijkdommen in de territoriale zee en op het continentaal plat. De ontginning van grind is er verboden.

  Afdeling 9. - Zeewering - kaart 6 van bijlage 4

  Art. 16. § 1. Onderzoek naar zeewering is overal toegelaten behoudens andersluidende bepalingen.
  § 2. Er wordt een zone afgebakend voor het testen van nieuwe methodes van zeewering, met als coördinaat van het middelpunt 51° 07'.320 N 2° 35'.280 O en een straal van 1 nautische mijl. Deze zone beperkt zich tot de basislijn. Testen met een potentiële impact op de natuurbeschermingsgebieden, zoals bepaald in artikel 7, kunnen slechts toegelaten worden mits het bekomen van een Natura 2000-toelating.

  Afdeling 10. - Militair gebruik - kaart 7 van bijlage 4

  Art. 17. § 1. Er worden zones afgebakend voor oefeningen betreffende het leggen, zoeken en vegen van mijnen, waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  14. QZR 040
  1° 51° 15'.120 N 2° 27'.610 O
  2° 51° 17'.210 N 2° 29'.232 O
  3° 51° 18'.510 N 2° 31'.830 O
  4° 51° 19'.600 N 2° 33'.600 O
  5° 51° 19'.600 N 2° 36'.090 O
  6° 51° 19'.341 N 2° 34'.719 O
  7° 51° 18'.130 N 2° 32'.430 O
  8° 51° 16'.790 N 2° 29'.770 O
  9° 51° 14'.890 N 2° 28'.390 O
  15. NBH-10 (Wenduine)
  1° 51° 18`.528 N 2° 53`.000 O
  2° 51° 21`.000 N 2° 53`.000 O
  3° 51° 21`.000 N 2° 59`.492 O
  16. NB-01 (Westhinder)
  1° 51° 28`.850 N 2° 44`.920 O
  2° 51° 26`.750 N 2° 44`.920 O
  3° 51° 26`.750 N 2° 35`.520 O
  4° 51° 28`.850 N 2° 35`.520 O
  17. Buiten Ratel
  1° 51° 16'.200 N 2° 30'.400 O
  2° 51° 17'.000 N 2° 29'.500 O
  3° 51° 18'.300 N 2° 32'.100 O
  4° 51° 17'.500 N 2° 33'.100 O
  § 2. Er wordt een zone "munition destruction area" afgebakend voor detonatieoefeningen en -opdrachten, waarvan de omgrenzing de volgende is:
  Middelpunt 51° 29'.070 N 2° 49'.920 O
  (straal= 3.2 nautische mijl)
  § 3. Er wordt een zone "BNOM" afgebakend voor schietoefeningen op zee naar drijvende doelen, waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  1° 51° 26'.771 N 2° 33'.899 O
  2° 51° 35'.357 N 2° 35'.876 O
  3° 51° 42'.000 N 2° 37'.415 O
  4° 51° 42'.000 N 2° 39'.200 O
  5° 51° 26'.750 N 3° 00'.500 O
  6° 51° 26'.770 N 2° 49'.860 O
  7° 51° 24'.397 N 2° 44'.831 O
  8° 51° 24'.400 N 2° 40'.300 O
  9° 51° 26'.775 N 2° 40'.289 O
  § 4. Er wordt een zone "Shallow Water" afgebakend voor oefeningen met amfibievoertuigen en oefeningen in ondiep water, afgebakend door de basislijn en de lijn die punten 1 tot 4 verbindt, waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  1° 51° 21'.284 N 3° 10'.372 O
  2° 2° 51° 19'.588 N 3° 08'.992 O
  3° 51° 21'.334 N 3° 08'.333 O
  4° 51° 21'.334 N 3° 10'.333 O
  § 5. Er wordt een zone "Schietsector Lombardsijde" afgebakend voor schietoefeningen van op land richting zee, waarvan de omgrenzing de volgende is:
  Begrensd door
  - peilingen 114° vanuit punt 51° 09'.262 N 2° 43'.777 O
  - en 191° vanuit punt 51° 10'.140 N 2° 46'.620 O
  Kleine sector: middelpunt 51° 09'.262 N 2° 43'.777 O (straal= 2,5 nautische mijl)
  Middensector: middelpunt 51° 08'.620 N 2° 46'.150 O (straal= 7,5 nautische mijl)
  Grote sector: middelpunt 51° 08'.620 N 2° 46'.150 O (straal= 12 nautische mijl)
  § 6. Het Ministerie van Landsverdediging maakt jaarlijks tegen 31 januari een lijst van de uitgevoerde activiteiten binnen de aangeduide gebieden van het vorig jaar over aan de Minister.

  Afdeling 11. - Munitiestortplaats - kaart 4 van bijlage 4

  Art. 18. § 1. Er wordt een zone afgebakend ter vrijwaring van de gesloten munitiestortplaats "Paardenmarkt", waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  1° 51° 21'.550 N 3° 14'.290 O
  2° 51° 22'.100 N 3° 15'.240 O
  3° 51° 21'.800 N 3° 16'.290 O
  4° 51° 21'.370 N 3° 16'.620 O
  5° 51° 21'.070 N 3° 14'.870 O
  § 2. Binnen de in paragraaf 1 afgebakende zone worden geen activiteiten toegelaten die de bodem beroeren, met uitzondering van:
  1° wetenschappelijk onderzoek naar munitiebeheer en -opruiming, met inbegrip van tests;
  2° beheers- en opruimingsactiviteiten.
  § 3. Voor alle activiteiten die mogelijks een impact kunnen hebben op de in § 1 vermelde zone dient steeds een risicoanalyse uitgevoerd te worden overeenkomstig § 4, 1°.
  § 4. De in paragraaf 2 opgenomen uitzonderingen en de activiteiten onder paragraaf 3 kunnen plaatsvinden onder de volgende voorwaarden:
  1° de voorgenomen individuele activiteit het voorwerp is geweest van een risicoanalyse, waarvan de vorm en de inhoud zijn vastgesteld door de Minister, op basis van een advies van het directoraat-generaal Leefmilieu van de Federale Overheidsdienst Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu, BMM en het Ministerie van Landsverdediging;
  2° de Minister stelt de individuele voorwaarden vast voor de uitvoering van de voorgenomen activiteit.

  Afdeling 12. - Wetenschappelijk onderzoek - kaart 6 van bijlage 4

  Art. 19. § 1. Het wetenschappelijk onderzoek is overal toegelaten, behoudens andersluidende bepalingen.
  § 2. Er wordt een zone afgebakend voor testprojecten, waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  51° 14'.978 N 2° 55'.539 O als middelpunt van een cirkel met straal 0.75 kilometer
  Onderzoeks- en innovatieactiviteiten hebben binnen deze zone voorrang op andere door dit besluit toegestane activiteiten waarmee afstemming moet worden gezocht om meervoudig ruimtegebruik maximaal te ondersteunen.
  § 3. Er wordt een zone afgebakend, als referentiegebied voor de kalibratie en de kwaliteitsevaluatie van meettoestellen waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  3° 1° 51° 17'.629 N 2° 37'.693 O
  4° 2° 51° 17'.486 N 2° 38'.135 O
  3° 51° 16'.727 N 2° 37'.514 O
  4° 51° 16'.872 N 2° 37'.072 O
  Binnen deze zone worden enkel niet-bodemberoerende activiteiten toegelaten, met uitzondering van het plaatsen van wetenschappelijke apparatuur in functie van het gebied.
  § 4. Industrieel onderzoek, proefnemingen in realistische omstandigheden en demonstratieprojecten zijn overal toegelaten, zonder de ruimtelijke bestemmingen van dit besluit in het gedrang te brengen en mits inachtneming van de procedure bepaald conform de hoofdstukken VI en VII van de Wet.
  § 5. Er wordt een zone afgebakend, bestemd als referentiegebied voor de monitoring van de impact van zandwinning en de windmolenparken op het milieu. De coördinaten van dit gebied zijn de volgende:
  1° 51° 31'.932 N 2° 50'.010 O
  2° 51° 32`.644 N 2° 52`.347 O
  3° 51° 32`.575 N 2° 52`.387 O
  4° 51° 31`.687 N 2° 53`.777 O
  5° 51° 30`.942 N 2° 51'.600 O
  Zand- en grindwinning is in dit gebied verboden tot 1 mei 2023. Na deze datum kan zand- en grindwinning toegelaten worden mits gunstig advies van de raadgevende commissie belast met de coördinatie tussen de administraties die betrokken zijn bij het beheer van de exploratie en de exploitatie van het continentaal plat en van de territoriale zee.

  Afdeling 13. - Recreatieve activiteiten

  Art. 20. § 1. Recreatieve activiteiten zijn overal toegelaten, behoudens andersluidende bepalingen
  § 2. Recreatieve visserij is enkel toegelaten met niet-bodemberoerende technieken in de zone, afgebakend in artikel 7, § 1, met uitzondering van bodemberoerende technieken die voortgetrokken of -geduwd worden door de mens of door het paard.
  § 3. In afwijking van paragraaf 2, kan er door de Minister een individuele toelating gegeven worden voor bestaande recreatieve bodemberoerende garnaalvisserij, op voorwaarde dat de aanvrager kan aantonen dat hij minstens drie jaar actief is. Met die toelating kan de aanvrager maximum 10 keer per jaar uitvaren en de toelating geldt voor maximaal zes jaar.

  Afdeling 14. - Meetpalen, radars en masten - kaart 6 van bijlage 4

  Art. 21. § 1. De bebakening en het plaatsen van meetpalen, radars en masten is overal binnen de Belgische zeegebieden toegelaten, zonder de ruimtelijke bestemmingen van dit besluit in gedrang te brengen.
  § 2. Op de volgende locaties staan meetpalen:
  1° 51° 23'.667 N 3° 02'.774 O
  2° 51° 21'.633 N 3° 07'.094 O
  3° 51° 21'.744 N 3° 17'.403 O
  4° 51° 23'.376 N 3° 11'.924 O
  5° 51° 25'.101 N 3° 17'.915 O
  6° 51° 16'.495 N 2° 26'.849 O
  7° 51° 23'.312 N 2° 26'.270 O
  § 3. Op de volgende locatie staat de radar Oostdyck:
  1° 51° 16'.495 N 2° 26'.849 O

  Afdeling 15. - Cultureel erfgoed - kaart 6 van bijlage 4

  Art. 22. § 1. In de volgende zones ter bescherming van het cultureel erfgoed onder water is het verboden om:
  1° te lijnvissen, ankeren of dreggen in een cirkel met een straal van 15 meter en te vissen met sleepnetten in een cirkel met een straal van 40 meter rond het scheepswrak "West-Hinder" op positie 51° 22'.878 N 2° 27°. 134 O;
  2° te ankeren of dreggen in een cirkel met een straal van 20 meter rond "Houten scheepswrak voor de kust van Oostende" op positie 51° 14'.779 N 2° 55'.383 O;
  3° te ankeren of dreggen in een cirkel met een straal van 12,5 meter rond de "Wraksite op de Buiten Ratel Zandbank" op positie 51° 14'.432 N 2° 30'.191 O;
  4° te ankeren of dreggen in een cirkel met een straal van 15 meter rond het scheepswrak "'t Vliegent Hart" op positie 51° 29'.519 N 3° 06'.873 O;
  5° te lijnvissen, ankeren of dreggen in een cirkel met een straal van 45 meter rond het scheepswrak "SS Kilmore" op positie 51° 23'.730 N 2° 29'.790 O;
  6° te lijnvissen, ankeren, dreggen of vissen met sleepnetten in een cirkel met een straal van 30 meter rond het scheepwrak "U-11" op positie 51° 20'.550 N 2° 52'.075 O;
  7° te lijnvissen ankeren of dreggen in een cirkel met een straal van 35 meter rond het scheepswrak "HMS Brillant" op positie 51° 15'.200 N 2° 56'.721 O;
  8° te vissen met sleepnetten in een cirkel met een straal van 10 meter rond het scheepswrak "HM Motor Launch 561" op positie 51° 13'.820 N 2° 52'.873 O;
  9° te vissen met sleepnetten in een cirkel met een straal van 15 meter rond het scheepswrak "Torpilleur Branlebas" op positie 51° 13'.007 N 2° 37'.707 O.
  § 2. Het verbod om te ankeren opgenomen in paragraaf 1 is niet van toepassing wanneer er duiken op het cultureel erfgoed onder water worden uitgevoerd die via een elektronisch formulier gemeld worden aan het Directoraat-generaal Scheepvaart van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit.

  Afdeling 16. - Commerciële en industriële zones - Kaart 8 van bijlage 4

  Art. 23. § 1. Er worden zones afgebakend voor het uitvoeren van commerciële en industriële activiteiten, waarvan de coördinaten de volgende zijn:
  Zone A
  5° 1° 51° 13'.160 N 2° 27'.228 O
  6° 2° 51° 13'.894 N 2° 25'.968 O
  7° 3° 51° 18'.467 N 2° 30'.549 O
  8° 4° 51° 17'.233 N 2° 33'.358 O
  Zone B
  6° 1° 51° 13'.805 N 2° 32'.042 O
  7° 2° 51° 17'.074 N 2° 36'.695 O
  8° 3° 51° 16'.667 N 2° 37'.409 O
  9° 4° 51° 16'.630 N 2° 37'.355 O
  10° 5° 51° 13'.494 N 2° 32'.789 O
  Zone C
  5° 1° 51° 10'.445 N 2° 37'.346 O
  6° 2° 51° 11'.167 N 2° 39'.983 O
  7° 3° 51° 10'.517 N 2° 40'.444 O
  8° 4° 51° 09'.760 N 2° 37'.813 O
  De bodemverstoring binnen deze zone door een commerciële of industriële activiteit, of activiteiten, mag niet meer dan 0.1 % van de totale oppervlakte van deze zone bedragen.
  Zone D
  1° 51° 19'.422 N 2° 55'.343 O
  2° 51° 19'.283 N 2° 58'.721 O
  3° 51° 18'.266 N 2° 59'.767 O
  4° 51° 16'.603 N 2° 55'.091 O
  5° 51° 17'.287 N 2° 53'.900 O
  6° 51° 18'.756 N 2° 53'.595 O
  Maximaal 50% van de oppervlakte van deze zone kan benut worden door een commerciële of industriële activiteit, of activiteiten.
  Zone E
  1° 51° 26'.756 N 3° 08'.388 O
  2° 51° 28'.249 N 3° 04'.939 O
  3° 51° 30'.708 N 3° 08'.794 O
  4° 51° 29'.247 N 3° 11'.871 O
  Maximaal 50% van de oppervlakte van deze zone kan benut worden door een commerciële of industriële activiteit, of activiteiten.
  § 2. Bij het ontwikkelen van commerciële en industriële activiteiten binnen deze zones dienen volgende voorwaarden in acht genomen te worden:
  1° Commerciële en industriële activiteiten met een potentiële impact op de natuurbeschermingsgebieden, zoals bepaald in artikel 7, kunnen slechts toegelaten worden mits het bekomen van een Natura 2000-toelating;
  2° Commerciële en industriële activiteiten met een potentiële impact op militaire activiteiten kunnen enkel toegelaten worden voor zover zij verzoenbaar zijn met de militaire activiteiten;
  3° Commerciële en industriële activiteiten, die gelijkaardig zijn aan andere activiteiten die plaatsvinden, dienen minstens dezelfde voorwaarden te respecteren.
  § 3. Binnen de zones afgebakend in paragraaf 1 wordt er voorrang gegeven aan commerciële en industriële activiteiten. Andere door dit besluit toegestane activiteiten kunnen plaatsvinden, voor zover die de ingebruikname van de zones niet in het gedrang brengen.

  HOOFDSTUK 3. - Wijzigings- en slotbepalingen

  Art. 24. In artikel 25 van het koninklijk besluit van 1 september 2004 betreffende de voorwaarden en de toekenningsprocedure van concessies voor de exploratie en de exploitatie van de minerale en andere niet-levende rijkdommen in de territoriale zee en op het continentaal plat worden de woorden `Het maximaal ontginbaar volume in het habitat-gebied bedraagt:
  Jaar Volume
  2014 1.663.000m3 2014 1.663.000m3
  2015 1.646.000m3 2015 1.646.000m3
  2016 1.629.000m3 2016 1.629.000m3
  2017 1.612.000m3 2017 1.612.000m3
  2018 1.595.000m3 2018 1.595.000m3
  2019 1.578.000m3 2019 1.578.000m3`
  vervangen door de woorden 'Het maximaal volume in het habitat-gebied bedraagt voor de periode 2020-2025 per jaar 1.578.000 m3.'

  Art. 25. Het koninklijk besluit van 14 oktober 2005 tot instelling van speciale beschermingszones en speciale zones voor natuurbehoud in de zeegebieden onder de rechtsbevoegdheid van België wordt opgeheven.

  Art. 26. Het koninklijk besluit van 14 oktober 2005 betreffende de voorwaarden, sluiting, uitvoering en beëindiging van gebruikersovereenkomsten en het opstellen van beleidsplannen voor de beschermde mariene gebieden in de zeegebieden onder de rechtsbevoegdheid van België wordt opgeheven.

  Art. 27. Het koninklijk besluit van 5 maart 2006 tot instelling van een gericht marien reservaat in de zeegebieden onder de rechtsbevoegdheid van België en tot wijziging van het koninklijk besluit van 14 oktober 2005 tot instelling van speciale beschermingszones en speciale zones voor natuurbehoud in de zeegebieden onder de rechtsbevoegdheid van België wordt opgeheven.

  Art. 28. In het koninklijk besluit van 13 november 2012 betreffende de instelling van een raadgevende commissie en de procedure tot aanneming van een marien ruimtelijk plan in de Belgische zeegebieden wordt een artikel 1/1 ingevoegd, luidende:
  "Art. 1/1. Dit koninklijk besluit voorziet in de gedeeltelijke omzetting van Richtlijn 2014/89/EU van het Europees parlement en de Raad van 23 juli 2014 tot vaststelling van een kader voor maritieme ruimtelijke planning."

  Art. 29. Artikel 2 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
  "Art. 2. De minister stelt een voorontwerp van marien ruimtelijk plan vast en legt dit voorontwerp voor aan de raadgevende commissie, die binnen de dertig dagen na ontvangst van het voorontwerp een gemotiveerd advies omtrent het voorontwerp aan de minister toestuurt. Deze termijn kan met vijftien dagen verlengd worden door de voorzitter, op vraag van een meerderheid van de leden van de raadgevende commissie. Wanneer het advies niet binnen deze termijn wordt toegezonden, wordt het geacht gunstig te zijn."

  Art. 30. In hoofdstuk 2 van hetzelfde besluit wordt een afdeling 3 ingevoegd, luidende "Afdeling 3 - Adviesverlening".

  Art. 31. In afdeling 3, ingevoegd bij artikel 32, van hetzelfde besluit, wordt een artikel 7/1 ingevoegd, luidende:
  "Art. 7/1. § 1 De raadgevende commissie geeft een gemotiveerd advies betreffende de aanvragen tot het bekomen van een vergunning voor het gebruik van zones voor commerciële en industriële activiteiten in de zeegebieden onder de rechtsbevoegdheid van België.
  § 2. Dit advies wordt gegeven binnen de dertig dagen na ontvangst van de aanvraag door de raadgevende commissie. Uitzonderlijk kan deze termijn met vijftien dagen verlengd worden door de voorzitter van de raadgevende commissie, op vraag van een meerderheid van de leden van de raadgevende commissie. Wanneer het advies niet binnen deze termijn wordt toegezonden, wordt het geacht gunstig te zijn."

  Art. 32. Het koninklijk besluit van 20 maart 2014 tot vaststelling van het marien ruimtelijk plan wordt opgeheven.

  Art. 33. Dit besluit treedt in werking op 20 maart 2020.

  Art. 34. De Minister bevoegd voor Economie, de Minister bevoegd voor Maritieme Mobiliteit, de Minister bevoegd voor het Mariene Milieu, de Minister bevoegd voor Binnenlandse Zaken, de Minister bevoegd voor Defensie, de Minister bevoegd voor Wetenschapsbeleid en de Minister bevoegd voor <Energie> zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.

  BIJLAGEN.

  Art. N1. Bijlage 1. - Ruimtelijke analyse van de zeegebieden
  ( Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 02-07-2019, p. 67221 )

  Art. N2. Bijlage 2. - Langetermijnvisie, doelstellingen en indicatoren, en ruimtelijke beleidskeuzes
  ( Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 02-07-2019, p. 67362 )

  Art. N3. Bijlage 3. - Acties tot uitvoering van het marien ruimtelijk plan
  ( Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 02-07-2019, p. 67417 )
  

Handtekening Tekst Inhoudstafel Begin
   Gegeven te Brussel, 22 mei 2019.
FILIP
Van Koningswege :
De Minister van Economie,
K. PEETERS
De Minister van Defensie,
D. REYNDERS
De Minister van Binnenlandse Zaken,
P. DE CREM
De Minister van <Energie>,
M. C. MARGHEM
De Minister voor Wetenschapsbeleid,
S. WILMES
De Minister voor Noordzee,
Ph. DE BACKER

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   FILIP, Koning der Belgen,
   Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
   Gelet op de wet van 13 juni 1969 inzake de exploratie en de exploitatie van niet-levende rijkdommen van de territoriale zee en het continentaal plat, artikel 3, § 1, eerste lid, gewijzigd bij de wet van 20 januari 1999 en 22 april 1999, artikel 4, tweede lid, gewijzigd bij de wet van 22 april 1999;
   Gelet op de wet van 20 januari 1999 ter bescherming van het mariene milieu en ter organisatie van de mariene ruimtelijke planning in de zeegebieden onder de rechtsbevoegdheid van België, artikel 5bis, § 1, eerste lid en § 2, ingevoegd bij de wet van 20 juli 2012, artikel 6, gewijzigd bij de wet van 17 september 2005, artikel 7 §§ 1,3 en 4, gewijzigd bij de wet van 17 september 2005, artikel 8, § 3, gewijzigd bij de wet van 17 september 2005, artikel 8bis, §§ 1, 2, tweede lid en 3, tweede lid, ingevoegd bij de wet van 17 september 2005, artikel 9, § 1, tweede lid, gewijzigd bij de wet van 17 september 2005, artikel 18, gewijzigd bij de wet van 21 april 2007, artikel 25, § 2, en artikel 26, eerste lid, gewijzigd bij de wet van 21 april 2007;
   Gelet op de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt, artikel 6, § 2, eerste lid, 2°, artikel 6/1, § 2, eerste lid, 2°, ingevoegd bij de wet van 8 mei 2014;
   Gelet op de wet van 4 april 2014 betreffende bescherming van het cultureel erfgoed onder water, artikel 8, § 3, eerste lid;
   Gelet op het koninklijk besluit van 1 september 2004 betreffende de voorwaarden en de toekenningsprocedure van concessies voor de exploratie en de exploitatie van de minerale en andere niet-levende rijkdommen in de territoriale zee en op het continentaal plat;
   Gelet op het koninklijk besluit van 14 oktober 2005 tot instelling van speciale beschermingszones en speciale zones voor natuurbehoud in de zeegebieden onder de rechtsbevoegdheid van België;
   Gelet op het koninklijk besluit van 14 oktober 2005 betreffende de voorwaarden, sluiting, uitvoering en beëindiging van gebruikersovereenkomsten en het opstellen van beleidsplannen voor de beschermde mariene gebieden in de zeegebieden onder de rechtsbevoegdheid van België;
   Gelet op het koninklijk besluit van 5 maart 2006 tot instelling van een gericht marien reservaat in de zeegebieden onder de rechtsbevoegdheid van België en tot wijziging van het koninklijk besluit van 14 oktober 2005 tot instelling van speciale beschermingszones en speciale zones voor natuurbehoud in de zeegebieden onder de rechtsbevoegdheid van België;
   Gelet op het koninklijk besluit van 13 november 2012 betreffende de instelling van een raadgevende commissie en de procedure tot aanneming van een marien ruimtelijk plan in de Belgische zeegebieden;
   Gelet op het koninklijk besluit van 20 maart 2014 tot vaststelling van het marien ruimtelijk plan;
   Gelet op het advies van de raadgevende commissie, zoals ingesteld door het koninklijk besluit van 13 november 2012 betreffende de instelling van een raadgevende commissie en de procedure tot aanneming van een marien ruimtelijk plan in de Belgische zeegebieden, gegeven op 14 december 2017;
   Gelet op de niet-verstrekking van een advies van het Vlaamse Gewest;
   Gelet op het advies van het Waalse Gewest, gegeven op 21 september 2018;
   Gelet op de niet-verstrekking van een advies van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;
   Gelet op het advies van de Structuur Kustwacht, gegeven op 7 september 2018;
   Gelet op het advies van de Federale Raad voor de Duurzame Ontwikkeling, gegeven op 20 september 2018;
   Gelet op het advies van de Inspecteurs van Financiën, gegeven op 13 maart 2018, 20 maart 2018 en 11 april 2018;
   Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting, gegeven op 16 april 2018;
   Gelet op de regelgevingsimpactanalyse, uitgevoerd overeenkomstig de artikelen 6 en 7 van de wet van 15 december 2013 houdende diverse bepalingen inzake administratieve vereenvoudiging;
   Gelet op het openbaar onderzoek van 29 juni 2018 tot 28 september 2018;
   Gelet op de openbare overlegvergadering van 9 juli 2018;
   Gelet op het advies van het Verenigd Koninkrijk, gegeven op 28 september 2018;
   Gelet op het advies van Nederland, gegeven op 15 oktober 2018 ;
   Gelet op de niet-verstrekking van een advies van Frankrijk;
   Gelet op de Natura 2000-goedkeuring, gegeven door de Minister op 31 januari 2019; op basis van de passende beoordeling gegeven door BMM op 24 oktober 2018;
   Gelet op het advies 65.000/1 van de Raad van State, gegeven op 15 januari 2019, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
   Overwegende de Overeenkomst tussen de regering van het Koninkrijk België en de regering van de Franse Republiek inzake de afbakening van de territoriale zee, ondertekend te Brussel op 8 oktober 1990, goedgekeurd bij de wet van 17 februari 1993;
   Overwegende het Verdrag tussen het Koninkrijk België en het Koninkrijk der Nederlanden inzake de zijwaartse afbakening van de territoriale zee, ondertekend te Brussel op 18 december 1996, goedgekeurd bij de wet van 10 augustus 1998;
   Overwegende de wet van 22 april 1999 betreffende de exclusieve economische zone van België in de Noordzee;
   Overwegende het koninklijk besluit van 22 juni 2016 betreffende de brandingsporten;
   Overwegende het koninklijk besluit van 27 oktober 2016 betreffende de procedure tot aanduiding en beheer van de mariene beschermde gebieden;
   Op de voordracht van de Minister van Economie, de Minister van Defensie, de Minister van Binnenlandse Zaken, de Minister van <Energie>, de Minister voor Wetenschapsbeleid en de Minister voor Noordzee en op het advies van de in Raad vergaderde Ministers,
   Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Begin Eerste woord Laatste woord Aanhef
Inhoudstafel
Franstalige versie