J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Aanhef
Inhoudstafel
Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/besluit/2013/12/21/2013000840/justel

Titel
21 DECEMBER 2013. - Koninklijk besluit tot vaststelling van de kwalificatie- en onafhankelijkheidsvoorwaarden van de ambtenaar belast met de oplegging van de administratieve geldboete en tot inning van de boetes in uitvoering van de wet betreffende de gemeentelijke administratieve sancties

Bron :
BINNENLANDSE ZAKEN
Publicatie : 27-12-2013 nummer :   2013000840 bladzijde : 102913       PDF :   originele versie    
Dossiernummer : 2013-12-21/03
Inwerkingtreding : 01-01-2014

Deze tekst wijzigt de volgende tekst :2001000046       

Inhoudstafel Tekst Begin
HOOFDSTUK 1. - Sanctionerend ambtenaar
Art. 1-6
HOOFDSTUK 2. - Inning van de geldboete
Art. 7
HOOFDSTUK 3. - Slotbepalingen
Art. 8-10

Tekst Inhoudstafel Begin
HOOFDSTUK 1. - Sanctionerend ambtenaar

  Artikel 1. § 1. De sanctionerend ambtenaar aangewezen door de gemeenteraad kan zijn :
  1° de gemeentesecretaris;
  2° een contractueel of statutaire ambtenaar;
  3° Voor de gemeenten van het Vlaams gewest: een personeelslid van de samenwerkingsverbanden die tot stand werden gebracht overeenkomstig het decreet van 6 juli 2001 houdende intergemeentelijke samenwerking.
  4° Voor de gemeenten van het Waals gewest: een personeelslid van de samenwerkingsstructuren die werden opgericht overeenkomstig het Wetboek van 22 april 2004 van de plaatselijke democratie en decentralisatie.
  5° Voor de gemeenten van het Brussels Hoofdstedelijk gewest: een lid van het personeel van de verenigingen die werden opgericht overeenkomstig de wet van 22 december 1986 betreffende de intercommunales.
  § 2. De gemeenteraad kan eveneens aan de provincieraad vragen om een provincieambtenaar voor te dragen voor de uitoefening van de functie van sanctionerend ambtenaar. De gemeenteraad wijst deze ambtenaar aan als ambtenaar belast met het opleggen van de administratieve geldboetes.
  § 3. In het kader van een samenwerkingsovereenkomst kunnen verschillende gemeenten samen beslissen om een statutaire of contractuele ambtenaar aan te wijzen om de opdrachten van sanctionerend ambtenaar uit te oefenen. Zij kunnen beslissen over de onderlinge verdeling van de verschillende desbetreffende kosten.
  § 4. De in § 1, 2° tot 5° en in §§ 2 en 3 bedoelde sanctionerend ambtenaar moet houder zijn hetzij van een diploma van bachelor in de rechten of bachelor in de rechtspraktijk of master in de rechten en het in artikel 3, § 1, 3°, bedoelde onderdeel van de opleidingsmodule gevolgd hebben. Bij gebreke hieraan dient hij houder te zijn van een universitair diploma van de tweede cyclus of een gelijkgesteld diploma en de in artikel 3 bedoelde opleidingsmodule gevolgd hebben.
  § 5. De in de §§ 1 tot 3, bedoelde sanctionerend ambtenaar mag niet veroordeeld geweest zijn, zelfs niet met uitstel, tot een correctionele of een criminele straf bestaande uit een boete, een werkstraf of een gevangenisstraf, behoudens veroordelingen wegens inbreuken op de wetgeving betreffende de politie over het wegverkeer andere dan die bestaan uit een verval van het recht om een motorvoertuig te besturen uitgesproken voor andere redenen dan voor lichamelijke ongeschiktheid.
  § 6. De sanctionerend ambtenaar mag slechts door de gemeenteraad worden aangewezen na advies van de bevoegde procureur des Konings.

  Art. 2. § 1. De samenwerkende vereniging, bedoeld in artikel 1, § 1, 3° tot 5°, of de provincie krijgt van de betrokken gemeente een vergoeding voor de prestaties van de ambtenaar belast met het opleggen van de administratieve geldboetes behalve als de vereniging of de provincie beslist om geen financiële bijdrage te eisen. Over de grootte van de vergoeding en de wijze van betaling ervan wordt voorafgaandelijk een akkoord bereikt tussen de gemeenteraad en de samenwerkende vereniging of provincie.
  § 2. Wanneer verschillende gemeenten beslissen om samen een sanctionerend ambtenaar aan te wijzen, dan moeten zij voorafgaand aan deze aanwijzing, een akkoord sluiten betreffende de kostprijs van deze ambtenaar en, in voorkomend geval, van andere personeelsleden alsook betreffende de betalingswijze.

  Art. 3. § 1. De sanctionerend ambtenaar zal een opleiding van 20 uur gevolgd moeten hebben tijdens een periode van maximaal 5 dagen. De opleiding kan verstrekt worden door de instellingen erkend voor de opleiding van de politieambtenaren of door de provinciale of gewestelijke bestuursscholen en zal bestaan uit drie delen:
  1° de algemene principes van het strafrecht;
  2° de wetgeving betreffende de gemeentelijke administratieve sancties met in het bijzonder aandacht voor de bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de sanctionerend ambtenaar, alsook voor de rechten en de plichten van de burgers op de voor het publiek toegankelijke plaatsen en voor de gevallen waarbij men op heterdaad betrapt wordt;
  3° conflictbeheersing, inbegrepen positieve conflictbeheersing met minderjarigen.
  § 2. Er wordt een examen georganiseerd voor alle in § 1 bedoelde onderdelen. De kandidaat is geslaagd voor het examen als hij/zij voor elk onderdeel minstens 50 % van de punten behaald heeft en minstens 60 % van de punten voor alle onderdelen samen.

  Art. 4. De sanctionerend ambtenaar oefent zijn bevoegdheden op onafhankelijke wijze uit in het kader van de beslissingen om een administratieve sanctie op te leggen zoals bedoeld in de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties. De sanctionerend ambtenaar moet autonoom kunnen beslissen en mag daarbij geen instructies ontvangen.

  Art. 5. Onafgezien van de onverenigbaarheden vermeld in artikel 6, § 3, van de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties, is de functie van sanctionerend ambtenaar onverenigbaar met de functie van financieel beheerder van de gemeente.

  Art. 6. De sanctionerend ambtenaren die in dienst zijn voor de 1ste januari 2014, mogen hun functie verder uitoefenen. Ze moeten evenwel de opleiding volgen voorzien in artikel 3, § 1, binnen de twee jaar van het in werking treden van de wet van 24 juni 2013 met betrekking tot de gemeentelijke administratieve sancties. Ze zijn bovendien vrijgesteld voor de module beoogd in artikel 3, § 1, 1°, alsook voor het examen voorzien in artikel 3, § 2.

  HOOFDSTUK 2. - Inning van de geldboete

  Art. 7. De administratieve geldboete wordt, binnen een termijn van één maand volgend op de dag dat de beslissing uitvoerbaar geworden is, vereffend door storting of overschrijving op een rekening van het gemeentebestuur aan de hand van een overschrijvings- of stortingsformulier.
  De betaling kan eveneens gebeuren in handen van de financieel beheerder van de gemeente.

  HOOFDSTUK 3. - Slotbepalingen

  Art. 8. Het Koninklijk besluit van 7 januari 2001 tot vaststelling van de procedure tot aanwijzing van de ambtenaar en tot inning van de boetes in uitvoering van de wet van 13 mei 1999 betreffende de invoering van gemeentelijke administratieve sancties, gewijzigd bij Koninklijk besluit van 30 augustus 2013, wordt opgeheven.

  Art. 9. Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2014.

  Art. 10. De minister die Binnenlandse Zaken onder zijn bevoegdheid heeft, is belast met de uitvoering van dit besluit.
  
  Gegeven te Brussel, 21 december 2013.
  FILIP
  Van Koningswege :
  De Minister van Binnenlandse Zaken,
  Mevr. J. MILQUET
  De Minister van Justitie,
  Mevr. A. TURTELBOOM
  De Staatssecretaris voor Mobiliteit,
  M. WATHELET

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   FILIP, Koning der Belgen,
   Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
   Gelet op artikel 108 van de Grondwet;
   Gelet op de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties, de artikelen 6 en 33;
   Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 24 oktober 2013;
   Gelet op het advies nr. 54.530/2 van de Raad van State, gegeven op 11 december 2013, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1° van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
   Op de voordracht van de Minister van Binnenlandse Zaken en op het advies van de in Raad vergaderde Ministers,
   Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Begin Eerste woord Laatste woord Aanhef
Inhoudstafel
Franstalige versie