J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
Inhoudstafel 9 uitvoeringbesluiten 9 gearchiveerde versies
Erratum Handtekening Einde Franstalige versie
 
belgiëlex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/besluit/2001/02/14/2001014030/justel

Titel
14 FEBRUARI 2001. - Koninklijk besluit tot vaststelling van de vergoedingen waaraan het gebruik van openbare diensten betreffende de luchtvaart is onderworpen.
(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 21-02-2001 en tekstbijwerking tot 15-04-2016)

Bron : VERKEERSWEZEN
Publicatie : 21-02-2001 nummer :   2001014030 bladzijde : 5103       PDF :   originele versie    
Dossiernummer : 2001-02-14/31
Inwerkingtreding : 03-03-2001

Deze tekst wijzigt de volgende tekst :1997014211       

Inhoudstafel Tekst Begin
INSCHRIJVING VAN LUCHTVAARTUIGEN.
Art. 1
GESCHIKTHEID TOT VLIEGEN VAN LUCHTVAARTUIGEN.
Art. 2
VERGUNNINGEN LEDEN VAN HET STUURPERSONEEL.
Art. 3
VERGUNNINGEN AFGELEVERD AAN HET ONDERHOUDSPERSONEEL GEMACHTIGD TOT HET AFGEVEN VAN CERTIFICATEN INZAKE HET OPNIEUW IN GEBRUIK NEMEN VAN LUCHTVAARTUIGEN.
Art. 4, 4bis
[1VLIEGOPLEIDINGSINSTELLINGEN]1
Art. 5, 5/1, 5/2
[1MEDISCHE PRESTATIES]1
Art. 5/3
DOCUMENTEN.
Art. 6
LUCHTVAARTTERREINEN.
Art. 7
Gecertificeerde luchtvaartterreinen<Ingevoegd bij KB 2006-11-20/41, art. 2; Inwerkingtreding : 24-12-2006>
Art. 7bis
VERTONINGEN EN EVOLUTIES.
Art. 8
COMMERCIELE EXPLOITATIE.
Art. 9
TECHNISCHE EXPLOITATIEMAATREGELEN.
Art. 10-11
[1SYNTHETISCHE VLIEGTRAINERS]1
Art. 12
BEVEILIGING.
Art. 13
ONGEVALLEN EN INCIDENTEN.
Art. 14
[1BUITENGEWONE KOSTEN]1
Art. 14/1
HEFFING.
Art. 15-16
ALGEMENE-, OPHEFFINGS-, OVERGANGS- en SLOTBEPALINGEN.
Art. 17-20
BIJLAGE.
Art. N

Tekst Inhoudstafel Begin
INSCHRIJVING VAN LUCHTVAARTUIGEN.

  Artikel 1. De verschuldigde vergoeding bedraagt voor :
  1° het afgeven van een bewijs van inschrijving : 100 EUR;
  2° elke wijziging aan te brengen aan een bewijs van inschrijving op naam van dezelfde titularis : 25 EUR;
  3° het afgeven van een duplicaat van een bewijs van inschrijving : 50 EUR;
  4° het afgeven van een uittreksel van het luchtvaartregister betreffende een luchtvaartuig : 25 EUR;
  5° het afgeven van een afschrift van het luchtvaartregister : 500 EUR;
  6° het reserveren van een bepaald inschrijvingskenmerk, voor een periode van 6 maanden, ingaande op de dag van de schriftelijke aanvraag : 25 EUR;
  7° het afgeven van een bewijs van doorhaling van een inschrijving : 25 EUR.

  GESCHIKTHEID TOT VLIEGEN VAN LUCHTVAARTUIGEN.

  Art. 2.§ 1. De verschuldigde vergoeding bedraagt voor :
  1° het afgeven van een bewijs van :
  - erkenning als technische dienst die luchtvaartuigen bouwt of onderdelen van luchtvaartuigen vervaardigt;
  - erkenning, op grond van de voorschriften van de JAR145-reglementering, als technische dienst voor het onderhoud van luchtvaartuigen of onderdelen van luchtvaartuigen;
  op basis van het aantal personeelsleden voor bouw en onderhoud :
  - tot en met 10 leden : 1 850 EUR;
  - van 11 tot 30 leden : 5 000 EUR;
  - van 31 tot 200 leden : 12 500 EUR;
  - boven de 200 leden : 50 000 EUR;
  2° het afgeven van een beperkte bevoegdheidserkenning als technische dienst voor het onderhoud van luchtvaartuigen of onderdelen daarvan : 750 EUR;
  3° het vernieuwen van het bewijs van bevoegdheidserkenning vermeld onder de punten 1° en 2° hierboven bedraagt jaarlijks een bedrag dat gelijk is aan de helft van het bedrag verschuldigd voor de aflevering van de initiële erkenning, te betalen de eerste dag van de maand die elke verjaardag van de eerste afgifte voorafgaat;
  4° het afgeven van een duplicaat van een bewijs van luchtwaardigheid : 50 EUR;
  5° het afgeven van een beperkt bewijs van luchtwaardigheid voor een zelfbouwconstructie : 50 EUR;
  6° het afgeven van een beperkte toelating tot het luchtverkeer voor een ultralicht motorluchtvaartuig (ULM) of een met motor aangedreven deltavlieger (DPM) : 25 EUR;
  7° het afgeven of vernieuwen van een luchtvaartpas, opgemaakt op aanvraag van de eigenaar, buiten de procedure voor afgifte van een bewijs van luchtwaardigheid in plaats van het verlengen of vernieuwen van het bewijs van luchtwaardigheid : 35 EUR;
  8° a) de controle van de geschiktheid tot vliegen van een luchtvaartuig met het oog op afgifte van een bewijs van luchtwaardigheid of van een bewijs voor luchtwaardigheid voor de uitvoer :
  - 125 EUR voor luchtballons;
  - voor de éénmotorige vliegtuigen wordt het bedrag van de vergoeding bepaald volgens de formule : 250 EUR + (Z x 0,15 EUR) waarin Z gelijk is aan de hoogst toegelaten massa bij de opstijging van het luchtvaartuig uitgedrukt in kilogram overeenkomstig (artikel 15, § 6); <Erratum, zie B.St. 26.06.2001, p. 22019>
  - voor de andere luchtvaartuigen wordt het bedrag van de vergoeding bepaald volgens de formule : 500 EUR + (Z x 0,10 EUR) met een maximum van 25 000 EUR waarin Z gelijk is aan de hoogst toegelaten massa bij de opstijging van het luchtvaartuig, uitgedrukt in kilogram overeenkomstig artikel 16, § 6.
  Het afgeven van een bewijs van luchtwaardigheid dat volgt op de controle van de geschiktheid tot vliegen is in de hierboven vermelde vergoeding inbegrepen;
  b) de controle van de geschiktheid tot vliegen van een luchtvaartuig met het oog op de vernieuwing of de teruggave van het bewijs van luchtwaardigheid is gelijk aan :
  1) voor de éénmotorige vliegtuigen :
  - 100 % van deze vastgesteld in a) wanneer de nodige werkzaamheden voor het onderhoud, de revisie of de herstelling uitgevoerd werden door de eigenaar;
  - 75 % van deze vastgesteld in a) wanneer de nodige werkzaamheden voor het onderhoud, de revisie of de herstelling uitgevoerd werden door de erkende werkplaats van een aeroclub of een VZW voor een vliegtuig ingeschreven op hun naam;
  - 50 % van deze vastgesteld in a) wanneer de nodige werkzaamheden voor het onderhoud, de revisie of de herstelling volledig en doorlopend in technische diensten met een beperkte bevoegdheidserkenning werden uitgevoerd;
  - 25 % van deze vastgesteld in a) wanneer de nodige werkzaamheden voor het onderhoud, de revisie of de herstelling volledig en doorlopend in technische diensten met een JAR-145 erkenning werden uitgevoerd;
  2) voor de andere luchtvaartuigen :
  - 60 % van deze vastgesteld in a) wanneer de nodige werkzaamheden voor het onderhoud, de revisie of de herstelling volledig en doorlopend in technische diensten met een JAR-145 erkenning werden uitgevoerd;
  - 100 % van deze vastgesteld in a) in elk ander geval;
  In het geval dat, volgens de reglementering, het afgegeven bewijs van luchtwaardigheid slechts geldig is voor 6 maanden, bedraagt de vergoeding 50 % van het vastgestelde bedrag. Voor tweemotorige vliegtuigen met een hoogst toegelaten massa bij de opstijging kleiner dan twee ton en voor alle helicopters onderhouden in niet JAR-145 erkende werkplaatsen bedraagt de vergoeding 100 % van het onder a) vastgestelde bedrag voor een periode van 6 maanden;
  c) de controle van de geschiktheid tot vliegen van een luchtvaartuig die voortvloeit uit een voorgaande controle waaruit gebleken is dat de geschiktheid tot vliegen nog afhankelijk was van de uitvoering van werkzaamheden voor het opnieuw in luchtwaardige toestand brengen : de vergoeding is gelijk aan deze bepaald in b) hierboven;
  9° de controle van de geschiktheid tot vliegen van een zelfbouwconstructie, met het oog op het vernieuwen of het teruggeven van het luchtwaardigheidsbewijs, onverminderd de toepassing van de vergoedingen beschreven onder punt 8° b) is :
  - gelijk aan deze vastgesteld in de derde alinea van punt 8°, b), 1) wanneer de eigenaar de bouwer van het vliegtuig is;
  - gelijk aan deze vastgesteld in de eerste alinea van punt 8°, b), 1) wanneer de eigenaar niet de bouwer van het vliegtuig is;
  10° de controle van de gelijkvormigheid met de technische specificatie van de bouwer van een gereviseerde of herstelde motor van een luchtvaartuig : 250 EUR voor een vermogen van ten hoogste 200 kW of een stuwkracht van ten hoogste 1 000 N, verhoogd met 250 EUR voor elke bijkomende 100 kW vermogen of gedeelte van 100 kW vermogen, of voor elke bijkomende 1 000 N stuwkracht of gedeelte van 1 000 N stuwkracht, naargelang het geval wanneer de voor de revisie of herstelling van de motor nodige werkzaamheden volledig en doorlopend in technische diensten met een beperkte bevoegdheidserkenning werden uitgevoerd;
  11° het uitvoeren van metingen voor het opmaken van een geluidsstaat voor een luchtvaartuig niet voorzien van een geluidscertificaat : 125 EUR;
  12° de controle van de geschiktheid tot vliegen van een prototype van een luchtvaartuig of van een element van een prototype van een luchtvaartuig : het bedrag van de vergoeding wordt berekend volgens de prestatie;
  13° de controle van de geschiktheid tot vliegen van een luchtvaartuig waaraan wijzigingen zijn aangebracht met het oog op het bekomen van voorwaarden voor een bijzonder gebruik wordt berekend volgens de prestatie.
  § 2. De vergoeding voor het afgeven van een machtiging tot het uitvoeren van werken die een bijzondere vaardigheid vereisen : 60 EUR.
  § 3. De vergoeding voor de inschrijving van een kandidaat voor het examen van controleur, op verzoek van een erkende technische dienst bedraagt 60 EUR.
  § 4. Elke controle die gevraagd wordt buiten die waarin de voorgaande paragrafen voorzien, geeft aanleiding tot het innen van een vergoeding die berekend wordt volgens de prestatie.
  § 5. 1° a) De vergoeding verschuldigd voor het onderzoek van een aanvraag om een luchtvaartuig ingeschreven in het buitenland te exploiteren onder dekking van het bewijs van luchtvaartexploitant van de huurder exploitant (dry lease in) is gelijk aan deze voorzien in art. 2, § 1, 8°, a) en b) voor de afgifte van een bewijs van luchtwaardigheid.
  b) De jaarlijkse vergoeding verschuldigd voor de verlenging van de machtiging van een leasing operatie zoals vermeld in § 5, 1°, a) is dezelfde als deze voorzien in § 5, 1°, a). Deze vergoeding is verschuldigd wanneer deze leasing operatie langer duurt dan een jaar.
  2° a) De vergoeding verschuldigd voor het onderzoek van een aanvraag om een luchtvaartuig ingeschreven in een [1 Staat die geen lid is van de Europese Unie en geen lid is van de Europese Vrijhandelsassociatie]1 te exploiteren onder dekking van het bewijs van luchtvaartexploitant van de verhuurder exploitant (wet lease in) bedraagt voor een periode van maximaal 6 maand, 25 % van het bedrag van de vergoeding verschuldigd voor de aflevering van een Belgisch bewijs van luchtwaardigheid aan een luchtvaartuig van dit type.
  b) De halfjaarlijkse vergoeding verschuldigd voor de verlenging van de machtiging van een leasing operatie vermeld in § 5, 2° is gelijk aan deze voorzien in § 5, 2°, a). Deze vergoeding is verschuldigd wanneer deze leasing operatie langer duurt dan zes maand.
  3° De vergoeding verschuldigd voor het onderzoek van een aanvraag om een Belgisch luchtvaartuig of een luchtvaartuig ingeschreven in een [1 staat die lid is van de Europese Unie of lid is van de Europese Vrijhandelsassociatie]1 te exploiteren onder dekking van het bewijs van luchtvaartexploitant van de verhuurder exploitant (wet lease in) bedraagt, voor een periode van maximaal 6 maand, 25 % van de vernoemde bedragen in § 5, 2°, a) en b).
  4° Voor luchtvaartuigen die, op de datum van inwerkingtreding van dit besluit, reeds het voorwerp uitmaken van een leasing operatie, zoals hierboven vermeld in § 5, 1°, § 5, 2° of § 5, 3°, zal voor de toepassing van dit besluit verondersteld worden dat de datum van aanvraag de datum van de inwerkingtreding van dit besluit is; de betreffende exploitanten zullen de overeenkomstige vergoedingen vereffenen.
  § 6. Voor de controle, uitgevoerd in België, van de geschiktheid tot vliegen van een " historisch " vliegtuig met het oog op het afgeven, het vernieuwen of het teruggeven van het bewijs van luchtwaardigheid wordt de vergoeding berekend volgens de prestatie.
  De Minister die de luchtvaart onder zijn bevoegdheid heeft, hierna genoemd de Minister, of diens gemachtigde bepaalt wat een " historisch " vliegtuig is.
  [2 § 7. De verschuldigde vergoeding bedraagt voor :
   1° het afgeven van een certificaat van overeenstemming voor het type op afstand bestuurd luchtvaartuigsysteem: 225 EUR ;
   2° de wijziging van een certificaat van overeenstemming voor het type op afstand bestuurd luchtvaartuigsysteem: 75 EUR.]2
  ----------
  (1)<KB 2013-10-25/13, art. 1, 009; Inwerkingtreding : 08-04-2013>
  (2)<KB 2016-04-10/02, art. 101, 010; Inwerkingtreding : 25-04-2016>

  VERGUNNINGEN LEDEN VAN HET STUURPERSONEEL.

  Art. 3.§ 1. De verschuldigde vergoeding bedraagt voor :
  1° a) het afgeven krachtens het ministerieel besluit van 23 juni 1969 [3 houdende regeling van de burgerlijke vergunningen van bestuurder van vliegtuigen en het ministerieel besluit van 27 oktober 1982 houdende regeling van de burgerlijke vergunningen van bestuurder van vrije ballon]3 van een :
  [3 ...]3
  - vergunning van privaat bestuurder : 75 EUR;
  - vergunning van beroepsbestuurder : 75 EUR;
  - beperkte vergunning van beroepsbestuurder : 75 EUR;
  [3 ...]3
  [3 ...]3
  - vergunning van bestuurder van vrije ballons : 75 EUR;
  - oefenvergunning boordwerktuigkundige : 75 EUR;
  - vergunning van boordwerktuigkundige : 75 EUR;
  b) het afgeven krachtens het koninklijk besluit van [1 4 maart 2008]1 [3 tot regeling van de burgerlijke vergunningen van bestuurder van vliegtuigen en het koninklijk besluit van 21 juni 2004 tot regeling van de burgerlijke vergunningen van bestuurder van helikopters]3 van een :
  - oefenvergunning : 75 EUR;
  - vergunning van privaat bestuurder : 125 EUR;
  - vergunning van beroepsbestuurder : 250 EUR;
  - vergunning van beroepsbestuurder met IFR bevoegdverklaring : 400 EUR;
  - vergunning van lijnbestuurder : 400 EUR;
  c) het afgeven :
  - van een toelating voor het oefenen aan boord van een ULM of van een DPM : 75 EUR;
  - van een toelating voor besturing aan boord van een ULM of van een DPM : 75 EUR;
  - van een bevoegdverklaring van moniteur van ULM of van DPM : 75 EUR;
  d) het afgeven van een bevoegdverklaring :
  - van klasse : 75 EUR;
  - van type : 75 EUR;
  - van instrumentvliegen : 75 EUR;
  [2 - van instrumentvliegen voor een vergunning van beroepsbestuurders : 150 EUR;]2
  - van instructeur : 75 EUR;
  [3 - voor instrumentvliegen voor een vergunning afgeleverd in toepassing van de Verordening (EU) 1178/2011 : 75 EUR;
   - voor instrumentvliegen voor een bewijs van bevoegdheid als beroepspiloot of lijnpiloot afgeleverd in toepassing van de Verordening (EU) 1178/2011 : 150 EUR;
   - voor stuntvliegen : 75 EUR;
   - voor stuntvliegen voor zweefvliegtuigen : 30 EUR;
   - voor het slepen van zweefvliegtuigen en banners : 75 EUR;
   - voor nachtvliegen : 75 EUR;
   - voor het vliegen in bergachtige gebieden : 75 EUR;
   - voor testvliegen : 75 EUR]3
  e) [3 e) het afgeven van een certificaat :
   - als vliegexaminator : 250 EUR;
   - als examinator voor een typebevoegdverklaring : 250 EUR;
   - als examinator voor een klasseaantekening : 250 EUR;
   - als examinator instrumentvliegen : 250 EUR;
   - als examinator vluchtsimulator : 250 EUR;
   - als examinator vlieginstructeur : 250 EUR;
   - als instructeur vluchtsimulator : 250 EUR;
   - als instructeur onderlinge samenwerking van de bemanning : 250 EUR;
   - als instructeur vluchtsimulator voor éénpiloot-gecertificeerde vliegtuigen : 250 EUR;]3
  f) de geldigmaking van een vreemde vergunning of bevoegdverklaring : 250 EUR;
  [3 g) het afgeven krachtens de Verordening (EU) nr. 1178/2011 van een :
   - bewijs van bevoegdheid als recreatief piloot (LAPL) : 125 EUR;
   - bewijs van bevoegdheid als recreatief piloot voor zweefvliegtuigen (LAPL(S)) : 50 EUR;
   - bewijs van bevoegdheid als privé piloot (PPL) : 125 EUR;
   - bewijs van bevoegdheid als zweefpiloot (SPL) : 50 EUR;
   - bewijs van bevoegdheid als ballonvaarder (BPL) : 125 EUR;
   - bewijs van bevoegdheid als beroepspiloot (CPL) : 250 EUR;
   - meerpiloot bewijs van bevoegdheid (MPL) : 250 EUR;
   - bewijs van bevoegdheid als verkeerspiloot (ATPL) : 400 EUR;
   h) de uitbreiding van voorrechten of de verwijdering van beperkingen : 75 EUR;
   i) de afgifte van :
   - een toelating tot het besturen van een paramotor : 75 EUR;
   - een bevoegdverklaring moniteur voor paramotoren: 75 EUR;]3
  2° a) de vernieuwing van deze vergunningen, bevoegdverklaringen, toelatingen, machtigingen of geldigmakingen krachtens het ministerieel besluit van 23 juni 1969 [3 houdende regeling van de burgerlijke vergunningen van bestuurder van vliegtuigen en het ministerieel besluit van 27 oktober 1982 houdende regeling van de burgerlijke vergunningen van bestuurder van vrije ballon]3 : 35 EUR;
  b) de vernieuwing van deze vergunningen, bevoegdverklaringen, toelatingen, machtigingen of geldigmakingen krachtens het koninklijk besluit van [1 4 maart 2008]1 [3 tot regeling van de burgerlijke vergunningen van bestuurder van vliegtuigen en het koninklijk besluit van 21 juni 2004 tot regeling van de burgerlijke vergunningen van bestuurder van helikopters]3 is gelijk aan deze verschuldigd voor de aflevering;
  [3 c) de hernieuwde afgifte van deze bewijzen van bevoegdheid, bevoegdverklaringen, toelatingen, of validaties krachtens de Verordening (EU) nr. 1178/2011 is gelijk aan deze verschuldigd voor de afgifte;]3
  3° het afgeven van een bewijs van een bemanningslid : 50 EUR;
  4° het afgeven van een duplicaat van een vergunning, toelating, geldigmaking of bewijs van bemanningslid vermeld onder de punten 1°, 2° en 3° : 50 EUR;
  5° het inschrijven voor een examen over algemene kennis of voor een didactisch examen op de grond, voor het bekomen of het vernieuwen :
  a) krachtens het ministerieel besluit van 23 juni 1969 [3 houdende regeling van de burgerlijke vergunningen van bestuurder van vliegtuigen en het ministerieel besluit van 27 oktober 1982 houdende regeling van de burgerlijke vergunningen van bestuurder van vrije ballon]3 van een vergunning :
  1) van privaat bestuurder : 75 EUR;
  2) van beroepsbestuurder :
  - wanneer de kandidaat het geheel van de proeven dient af te leggen : 225 EUR;
  - wanneer de kandidaat vrijgesteld is van een deel van de proeven : 125 EUR;
  3) van lijnbestuurder : 350 EUR;
  4) van bestuurder van vrije ballons : 75 EUR;
  5) oefenvergunning van boordwerktuigkundige : 225 EUR;
  b) krachtens het koninklijk besluit van [1 4 maart 2008]1 [3 tot regeling van de burgerlijke vergunningen van bestuurder van vliegtuigen en het koninklijk besluit van 21 juni 2004 tot regeling van de burgerlijke vergunningen van bestuurder van helikopters]3 van een vergunning :
  1) van privaat bestuurder :
  - voor de eerste deelname aan een sessie : 75 EUR;
  - voor elke bijkomende deelname om de sessie te vervolledigen : 35 EUR;
  2) van beroepsbestuurder :
  - voor de eerste deelname aan een sessie : 225 EUR;
  - voor elke bijkomende deelname om de sessie te vervolledigen : 125 EUR;
  3) van lijnbestuurder :
  - voor de eerste deelname aan een sessie : 350 EUR;
  - voor elke bijkomende deelname om de sessie te vervolledigen : 175 EUR;
  [3 b/1) krachtens de Verordening (EU) nr. 1178/2011 van een bewijs van bevoegdheid :
   1) als recreatief piloot (LAPL) of als privé piloot (PPL) :
   - voor de eerste deelname aan een sessie : 75 EUR;
   - voor elke bijkomende deelname om de sessie te vervolledigen : 35 EUR;
   2) als beroepspiloot (CPL) :
   - voor de eerste deelname aan een sessie : 225 EUR;
   - voor elke bijkomende deelname om de sessie te vervolledigen : 125 EUR;
   3) als verkeerspiloot (ATPL) :
   - voor de eerste deelname aan een sessie : 350 EUR;
   - voor elke bijkomende deelname om de sessie te vervolledigen : 175 EUR;
   4) als zweefpiloot (LAPL(S) en SPL) :
   - voor de eerste deelname aan een sessie : 50 EUR;
   - voor elke bijkomende deelname om de sessie te vervolledigen : 20 EUR;
   5) als ballonvaarder (BPL) :
   - voor de eerste deelname aan een sessie : 75 EUR;
   - voor elke bijkomende deelname om de sessie te vervolledigen : 35 EUR;]3
  c) van een bevoegdverklaring :
  1) a) instrumentvliegen krachtens het ministerieel besluit van 23 juni 1969 :
  - wanneer de kandidaat het geheel van de proeven dient af te leggen : 150 EUR;
  - wanneer de kandidaat vrijgesteld is van een deel van de proeven : 100 EUR;
  b) instrumentvliegen krachtens het koninklijk besluit van [1 4 maart 2008]1 :
  - voor de eerste deelname aan een sessie : 150 EUR;
  - voor elke bijkomende deelname om de sessie te vervolledigen : 100 EUR;
  [3 c) instrumentvliegen krachtens de Verordening (EU) nr. 1178/2011 :
   - voor de eerste deelname aan een sessie : 150 EUR;
   - voor elke bijkomende deelname om de sessie te vervolledigen : 100 EUR;]3
  2) als instructeur van vliegtuigbestuurder : 225 EUR;
  3) als instructeur van bestuurder van vrije ballons : 225 EUR;
  4) als instructeur van boordwerktuigkundige : 225 EUR;
  5) als instructeur van helikopterbestuurder : 225 EUR;
  d) van een toelating tot besturing van een ultralicht motorluchtvaartuig : 75 EUR;
  e) van een bevoegdverklaring van moniteur ULM of DPM : 225 EUR;
  f) van een beperkt bewijs van radiotelefonist : 35 EUR;
  [3 g) van een toelating tot het besturen van een paramotor : 75 EUR;
   h) van een bevoegdverklaring moniteur voor paramotoren : 225 EUR;]3
  6° het inschrijven voor de herexamens van beroepsbestuurder of de bevoegdverklaring instrumentvliegen : 75 EUR;
  [3 6° /1 het inschrijven voor de herexamens van beroepspiloot (CPL), verkeerspiloot (ATPL) of de bevoegdverklaring instrumentvliegen : 75 EUR;]3
  7° het inschrijven voor een didactisch examen op de grond voor het geldigmaken van een vreemde bevoegdverklaring van instructeur : 225 EUR;
  8° [3 ...]3
  9° de deelname aan de precisieproef in de lucht waarvoor een bestuurder van vrije ballons moet slagen om ballonvluchten te kunnen uitvoeren tegen betaling of in opdracht van derden : 150 EUR;
  10° de deelname aan de proef tot het bekomen van een machtiging als vliegexaminator [3 , als examinator voor een typebevoegdverklaring, als examinator voor een klasseaantekening, als examinator instrumentvliegen, als examinator vluchtsimulator, als examinator vlieginstructeur]3 of als instructeur voor synthetisch vliegen : 250 EUR;
  11° de deelname aan vliegproeven andere dan deze voorzien in punt 9° hierboven : het bedrag wordt berekend per prestatie, met een minimum van 250 EUR;
  12° het afgeven van een blokgeldigmaking voor een groep leden van het stuurpersoneel afhangend van een exploitant die ressorteert onder een vreemde overheid : 25 EUR per lid.
  § 2. Indien de in vorige paragraaf bedoelde examens het gebruik van een luchtvaartuig of van enig ander luchtvaartmaterieel vereisen, moet de kandidaat zelf dit aanbrengen.
  De kosten die voortvloeien uit het gebruik van dit luchtvaartuig of van dit materieel zijn niet in de vergoeding voor deelname aan de proeven begrepen.
  § 3. Er wordt slechts één enkele vergoeding geheven met name de hoogste voor de gelijktijdige afgifte of vernieuwing aan eenzelfde gerechtigde van :
  1° een vergunning en één of meerdere bevoegdverklaringen;
  2° meerdere bevoegdverklaringen.
  § 4. Er wordt slechts één enkele vergoeding van 250 EUR geheven voor de gelijktijdige afgifte of vernieuwing aan eenzelfde gerechtigde van de geldigmaking van :
  1° een vreemde vergunning en één of meerdere vreemde bevoegdverklaringen;
  2° meerdere vreemde bevoegdverklaringen.
  § 5. [4 ...]4
  § 6. De vergoeding verschuldigd voor de erkenning van een door een vreemde Staat afgegeven vergunning bedraagt 250 EUR.
  [5 § 7. De verschuldigde vergoeding bedraagt voor :
   1° het afgeven van een bewijs van bevoegdheid als bestuurder van een op afstand bestuurd luchtvaartuig: 250 EUR ;
   2° het afgeven van een RPL-bevoegdverklaring: 75 EUR ;
   3° het afgeven van een bevoegdverklaring voor RPAS-vlieginstructeur: 75 EUR ;
   4° de hernieuwing van een bevoegdverklaring voor RPAS-vlieginstructeur: 75 EUR ;
   5° het afgeven van een certificaat voor RPAS-examinator: 250 EUR ;
   6° de hernieuwing van een certificaat voor RPAS-examinator: 250 EUR ;
   7° het aflegging van het theorie-examen voor de afgifte van een bewijs van bevoegdheid als bestuurder van een op afstand bestuurd luchtvaartuig: 75 EUR ;
   De verschuldigde vergoeding bedraagt voor het afgeven van een bewijs van bevoegdheid, een bevoegdverklaring of een certificaat bedoeld in het eerste lid: 75 EUR.]5
  ----------
  (1)<KB 2009-03-16/33, art. 1, 007; Inwerkingtreding : 01-07-2008>
  (2)<KB 2010-06-02/21, art. 1, 008; Inwerkingtreding : 28-06-2010>
  (3)<KB 2013-10-25/13, art. 2, 009; Inwerkingtreding : 08-04-2013>
  (4)<KB 2013-10-25/13, art. 3, 009; Inwerkingtreding : 08-04-2013>
  (5)<KB 2016-04-10/02, art. 101, 010; Inwerkingtreding : 25-04-2016>

  VERGUNNINGEN AFGELEVERD AAN HET ONDERHOUDSPERSONEEL GEMACHTIGD TOT HET AFGEVEN VAN CERTIFICATEN INZAKE HET OPNIEUW IN GEBRUIK NEMEN VAN LUCHTVAARTUIGEN.

  Art. 4.De verschuldigde vergoeding bedraagt voor :
  1° het afgeven van een vergunning van werktuigkundige voor het onderhoud van luchtvaartuigen gemachtigd tot het afgeven van certificaten inzake het opnieuw in gebruik nemen van luchtvaartuigen : 50 EUR;
  2° het wijzigen van een onder de punt 1° bedoelde vergunning : 25 EUR.
  (3° het deelnemen aan het theoretisch examen voor een vergunning voor onderhoud van luchtvaartuigen : 25 EUR per module of deel van een module.) <KB 2006-11-20/41, art. 1, 005; Inwerkingtreding : 24-12-2006>
  [1 4° goedkeuring van het rapport van vrijstellingen voor de examens van de basiskennis voor het behalen van een vergunning van onderhoudspersoneel gemachtigd tot het afgeven van certificaten inzake het opnieuw in gebruik nemen van luchtvaartuigen : 750 EUR;
   5° een eenmalige goedkeuring van een luchtvaartuigtype-opleiding voor toevoeging aan de vergunning bedoeld in 4° : 1.000 EUR;
   6° goedkeuring van het logboek van de praktijkopleiding van het eerste luchtvaartuigtype in een categorie van de vergunning van werktuigkundige voor het onderhoud van luchtvaartuigen binnen een erkende onderhoudsorganisatie : 100 EUR.]1
  ----------
  (1)<KB 2013-10-25/13, art. 4, 009; Inwerkingtreding : 08-04-2013>

  Art. 4bis. <ingevoegd bij KB 2008-02-10/62, art. 1; Inwerkingtreding : 15-03-2008> § 1. De verschuldigde vergoeding bedraagt voor :
  1° het afgeven van een oefenvergunning van luchtverkeersleider : 75 EUR;
  2° het afgeven van een vergunning van luchtverkeersleider : 400 EUR;
  3° het afgeven van een bevoegdverklaring van luchtverkeersleider : 75 EUR;
  § 2. Er wordt slechts één enkele vergoeding geheven, met name de hoogste, voor de gelijktijdige afgifte aan eenzelfde gerechtigde van :
  1° een vergunning van luchtverkeersleider en één of meerdere bevoegdverklaringen;
  2° meerdere bevoegdverklaringen van luchtverkeersleider.

  [1VLIEGOPLEIDINGSINSTELLINGEN]1
  ----------
  (1)<KB 2013-10-25/13, art. 5, 009; Inwerkingtreding : 08-04-2013>

  Art. 5.[1 § 1. De vergoedingen bedoeld in § 2 zijn verschuldigd door een opleidingsinstelling afgekort als " ATO Advanced ", die :
   1° meer dan 20 voltijdse equivalenten tewerkstelt die bij de activiteiten onder Verordening nr. 216/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 20 februari 2008 en de uitvoeringsbepalingen daarvan betrokken zijn; of,
   2° de opleiding verstrekt met het oog op het verkrijgen van de vergunningen als beroepspiloot (CPL), als meerpiloot (MPL) en als lijnpiloot (ATPL) en van de bijbehorende bevoegdheidverklaringen en attesten; of,
   3° een of meerdere vliegtrainers (FSTD) beheert; of,
   4° de opleiding verstrekt met het oog op het verkrijgen van een vergunning voor meer dan één luchtvaartuigcategorie; of,
   5° de opleiding verstrekt met het oog op het verkrijgen van ten minste één van de onderstaande bevoegdverklaringen :
   a) de bevoegdverklaring voor instrumentvliegen;
   b) de bevoegdverklaring voor nachtvluchten;
   c) de typebevoegdverklaring voor een vliegtuig;
   d) de typebevoegdverklaring voor ten minste drie verschillende eenmotorige helikoptertypes met zuigermotor (SEP);
   e) de typebevoegdverklaring voor eenmotorige helikopters met turbinemotor (SET) of meermotorige toestellen met turbinemotor (MET);
   f) de bevoegdverklaring als instructeur.
   § 2. De verschuldigde vergoeding :
   1° voor de afgifte van een bewijs van erkenning als " ATO Advanced " :
   a) voor een hoofdopleidingsbasis, dat wil zeggen een basis waar het gros van de opleiding alsook de financiële, onderhouds- en luchtvaartactiviteiten plaatsvinden, bedraagt 2.000 EUR;
   b) voor elke alternatieve opleidingsbasis, dat wil zeggen een basis van waar een opleidingsvlucht vertrekt en waar hij ook weer eindigt, bedraagt 280 EUR;
   2° voor het jaarlijkse toezicht :
   a) op een hoofdopleidingsbasis bedraagt 1.200 EUR;
   b) op een alternatieve opleidingsbasis bedraagt : 200 EUR;
   3° voor elke goedgekeurde opleiding :
   a) bij de goedkeuring van deze opleiding, bedraagt : 1.000 EUR;
   b) per jaar en dit bedrag wordt berekend volgens onderstaande formule :
   r x s x c x 0,1
   In deze formule :
   i) is r gelijk aan 1.000 EUR;
   ii) is s gelijk aan het aantal ingeschreven kandidaten tijdens het voorgaande jaar en waarbij dat aantal gelegen is tussen 0 en 10, gelet op het feit dat de maximum coëfficiënt is vastgelegd op 10;
   iii) is c gelijk aan het extrapolatiecoëfficiënt, functie van het type van de erkende opleiding, zoals bepaald in bijlage 1 " Extrapolatiecoëfficiënt " van dit besluit;
   Het aantal ingeschreven kandidaten bedoeld in ii) wordt ten laatste op 31 mei van elk jaar per e-mail aan de dienst Vergunningen van het Directoraat-generaal Luchtvaart meegedeeld. Bij gebrek aan een mededeling ervan binnen de toegestane termijn, wordt de maximumcoëficiënt toegepast.
   Indien het aantal kandidaten bedoeld in ii) medegedeeld aan de dienst Vergunningen van het Directoraat-generaal Luchtvaart onjuist is, is het bedrag van het verschil tussen de vergoeding voor het werkelijke aantal kandidaten en de vergoeding daadwerkelijk betaald verschuldigd.]1
  ----------
  (1)<KB 2013-10-25/13, art. 5, 009; Inwerkingtreding : 08-04-2013>

  Art. 5/1. [1 De vergoeding verschuldigd door een erkende opleidingsinstelling, die enkel opleiding geeft met het oog op het verkrijgen van een vergunning als recreatief piloot (LAPL), een vergunning als privé piloot (PPL), een vergunning als zweefpiloot (SPL) of een vergunning als ballonvaarder (BPL) of bijbehorende bevoegdverklaringen anders dan bedoeld in artikel 5, § 1, 5°, afgekort als " ATO Basic " :
   1° voor de afgifte van een bewijs van erkenning als " ATO Basic " bedraagt 600 EUR;
   2° voor het jaarlijkse toezicht bedraagt 400 EUR.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2013-10-25/13, art. 6, 009; Inwerkingtreding : 08-04-2013>

  Art. 5/2. [1 De vergoeding verschuldigd door een andere dan de in de artikelen 5 en 5/1 bedoelde opleidingsinstellingen :
   1° voor de afgifte van een bewijs van erkenning van :
   a) een erkende opleidingsinstelling voor vliegtuigonderhoud (Deel 147) bedraagt 5.200 EUR;
   b) een bijkomende opleiding van een voor vliegtuigonderhoud erkende opleidingsinstelling (Deel 147) bedraagt 1.000 EUR;
   c) een erkende opleidingsinstelling voor het afnemen van de test en voor de afgifte van de bevoegdverklaring in de Engelse taal (ELP Center) bedraagt 2.000 EUR;
   d) een opleiding die niet ressorteert onder de Europese regelgeving bedraagt 1.000 EUR.
   2° voor het jaarlijkse toezicht op :
   a) een voor vliegtuigonderhoud erkende opleidingsinstelling (Deel 147) bedraagt 5.200 EUR;
   b) een bijkomende opleiding van een voor het vliegtuigonderhoud erkende opleidingsinstelling (Deel 147) bedraagt 1.000 EUR;
   c) een erkende opleidingsinstelling voor het afnemen van de test en voor de afgifte van de bevoegdverklaring in de Engelse taal (ELP Center) bedraagt 2.000 EUR;
   d) een opleiding die niet ressorteert onder de Europese regelgeving bedraagt 400 EUR.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2013-10-25/13, art. 7, 009; Inwerkingtreding : 08-04-2013>

  [1MEDISCHE PRESTATIES]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2013-10-25/13, art. 8, 009; Inwerkingtreding : 08-04-2013>

  Art. 5/3. [1 § 1. De vergoedingen verschuldigd voor de afgifte van :
   1° een certificaat luchtvaartgeneeskundig centrum (AeMC) bedraagt 1.599,37 EUR;
   2° een certificaat luchtvaartmedische keuringsarts (AME) aan een dienst van een luchtvaartgeneeskundig centrum (AeMC) bedraagt 679,73 EUR;
   3° de nieuwe afgifte van een certificaat luchtvaartmedische keuringsarts (AME) klasse 1 en klasse 3 bedraagt 679,73 EUR;
   4° de nieuwe afgifte van een certificaat luchtvaartmedische keuringsarts (AME) klasse 2, LAPL en klasse 4 bedraagt 319,87 EUR.
   § 2. De vergoedingen verschuldigd voor de uitvoering van controles met het oog op de naleving van de voorwaarden voor het behoud van :
   1° een certificaat luchtvaartgeneeskundig centrum (AeMC) bedraagt 799,68 EUR;
   2° een certificaat luchtvaartmedische keuringsarts (AME) in dienst van een AeMC bedraagt 399,84 EUR;
   3° een nieuwe afgifte van een certificaat luchtvaartmedische keuringsarts (AME) klasse 1 en klasse 3 bedraagt 399,84 EUR;
   4° een certificaat luchtvaartmedische keuringsarts (AME) klasse 2, LAPL en klasse 4 bedraagt 159,94 EUR.
   § 3. De vergoeding verschuldigd door een luchtvaartgeneeskundig centrum (AeMC) voor :
   1° de eerste beoordeling voor een klasse 1 of klasse 3 medisch certificaat bedraagt 8 EUR;
   2° de herbeoordeling voor een klasse 1 of klasse 3 medisch certificaat bedraagt 4 EUR;
   3° de eerste beoordeling voor een klasse 2, LAPL of klasse 4 medisch certificaat bedraagt 4 EUR;
   4° de herbeoordeling voor een klasse 2, LAPL of klasse 4 medisch certificaat bedraagt 2,40 EUR.
   § 4. De vergoeding verschuldigd door een luchtvaartmedische keuringsarts (AME) voor :
   1° de eerste beoordeling voor een klasse 2, LAPL of klasse 4 medisch certificaat bedraagt 4 EUR;
   2° de herbeoordeling voor een klasse 2, LAPL of klasse 4 medisch certificaat bedraagt 2,40 EUR;
   3° de herbeoordeling voor een klasse 1 of klasse 3 medisch certificaat bedraagt 4 EUR.
   § 5. De vergoeding verschuldigd door een kandidaat voor :
   1° de behandeling van een beroep door de Beroepscommissie bedraagt 239,91 EUR;
   2° de transfer van een medisch dossier naar buitenlandse autoriteit bedraagt 39,98 EUR;
   3° de aflevering van een duplicaat van een medisch certificaat door de Medisch Beoordelaar bedraagt 23,99 EUR;
   4° de aflevering van een kopie van een medisch dossier bedraagt 23,99 EUR.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2013-10-25/13, art. 8, 009; Inwerkingtreding : 08-04-2013>

  DOCUMENTEN.

  Art. 6. De vergoeding bedraagt voor :
  1° het afgeven van een vliegboek : 25 EUR;
  2° het afgeven van een reisdagboek : 25 EUR;
  3° het afgeven van een motorboek : 25 EUR;
  4° het afgeven van een celboek : 25 EUR;
  5° het als authentiek erkennen van een door een vreemde overheid gevraagd gelijkvormigheidsattest, behalve vrijstelling tengevolge van een akkoord van wederkerigheid : 25 EUR.

  LUCHTVAARTTERREINEN.

  Art. 7.§ 1. De vergoeding verschuldigd voor het afgeven van een machtiging van aanleg voor een luchtvaartterrein bedraagt :
  A. bij permanent luchtvaartterrein :
  1° voor de eerste afgifte geldig voor vijf jaar : 125 EUR;
  2° voor elke verlenging geldig voor vijf jaar : 75 EUR;
  3° voor elke tussentijdse afgifte, ingevolge een administratieve of technische wijziging, zonder dat de vervaldatum gewijzigd wordt : 75 EUR;
  B. voor een tijdelijk luchtvaartterrein : 75 EUR.
  § 2. De vergoeding verschuldigd voor de voorafgaande controle ter plaatse voor het bekomen van de machtiging van aanleg voor een burgerlijk luchtvaartterrein bedraagt :
  1° voor een tijdelijke helihaven, opgericht voor een maximale duur van 31 opeenvolgende dagen : 200 EUR;
  2° voor een tijdelijk luchtvaartterrein, opgericht voor een maximale duur van 31 opeenvolgende dagen, met uitsluiting van de opstijgingsterreinen voor aërostaten en helihaven : 350 EUR;
  3° voor een permanente helihaven : 750 EUR;
  4° voor een permanent luchtvaartterrein dat niet geschikt is voor het opstijgen van luchtvaartuigen waarvan de hoogst toegelaten massa bij de opstijging meer dan 5 700kg is : 1 500 EUR;
  5° voor de oprichting van een permanent opstijgingsterrein voor aërostaten : 350 EUR;
  6° voor elk ander permanent luchtvaartterrein : het bedrag wordt berekend per prestatie met een minimum van 2 000 EUR;
  7° voor een wijziging aangebracht aan de infrastructuur vermeld onder de punten 4° tot en met 6° hierboven : 50 % van de vergoeding vastgesteld onder dat punt;
  8° voor een wijziging aangebracht aan een luchtvaartterrein bedoeld onder punt 7° : het bedrag wordt berekend volgens de prestatie met een minimum van 1 000 EUR.
  § 3. De vergoeding verschuldigd voor de vijfjaarlijkse inspectie van een burgerlijk luchtvaartterrein, behalve voor een luchtvaartterrein bedoeld onder punt 5° van § 2, bedraagt 350 EUR.
  § 4. De vergoeding verschuldigd voor de vijfjaarlijkse inspectie van een luchtvaartterrein bedoeld in punt 5° van § 2 wordt berekend volgens de prestatie.
  § 5. De vergoeding verschuldigd voor het uitbrengen van een advies over de geschiktheid van een terrein als inplantingsplaats voor een luchtvaartterrein wordt berekend volgens de prestatie met een minimum van 250 EUR.
  § 6. De vergoeding voor het inschrijven per zittijd voor een examen voor de erkenning als luchtvaartterreinoverste of adjunct-luchtvaartterreinoverste bedraagt 50 EUR.
  [1 § 7. De verschuldigde vergoeding bedraagt voor de machtiging van een terrein waarop de praktische opleiding voor het besturen van een op afstand bestuurd luchtvaartuig wordt toegelaten: 125 EUR.]1
  ----------
  (1)<KB 2016-04-10/02, art. 101, 010; Inwerkingtreding : 25-04-2016>

  Gecertificeerde luchtvaartterreinen<Ingevoegd bij KB 2006-11-20/41, art. 2; Inwerkingtreding : 24-12-2006>

  Art. 7bis. <Ingevoegd bij KB 2006-11-20/41, art. 2; Inwerkingtreding : 24-12-2006> § 1. De vergoeding verschuldigd voor het onderzoek van de aanvraag van een " Aerodrome certificate - Annex 14 " bedraagt voor :
  1° luchtvaartterreinen die over minstens één precisielandingsbaan categorie II of III beschikken : 20.000 EUR;
  2° luchtvaartterreinen die niet onder punt 1° vallen en over minstens één precisielandingsbaan categorie I beschikken : 10.000 EUR;
  3° luchtvaartterreinen die niet onder de punten 1° en 2° vallen en over minstens één niet-precisielandingsbaan beschikken : 6.000 EUR;
  4° alle overige luchtvaartterreinen : 4.000 EUR.
  § 2. De bedragen in § 1 worden vermeerderd met :
  1° 5.000 EUR per precisielandingsbaan categorie II of III;
  2° 2.500 EUR per precisielandingsbaan categorie I;
  3° 1.500 EUR per niet-precisielandingsbaan;
  4° 500 EUR per landingsbaan die niet onder het punt 1°, 2° of 3° valt.
  § 3. De vergoedingen vermeld in de §§ 1 en 2 gelden zowel voor de uitbaters van een luchtvaartterrein, die wettelijk verplicht zijn om een " Aerodrome certificate - Annex 14 " te bekomen, als voor alle overige uitbaters van een luchtvaartterrein, die vrijwillig een aanvraag voor een " Aerodrome certificate - Annex 14 " hebben ingediend.

  VERTONINGEN EN EVOLUTIES.

  Art. 8.§ 1. De vergoeding verschuldigd voor het afgeven van een machtiging voor de inrichting van een vertoning of een exhibitie waarbij evoluties van luchtvaartuigen of kunstvluchten worden uitgevoerd bedraagt :
  1° indien het uitsluitend om vliegers (kites) gaat : 25 EUR;
  2° indien het uitsluitend om modelluchtvaart gaat :
  - op een reeds goedgekeurd terrein : 50 EUR;
  - op elk ander terrein : 100 EUR;
  3° indien het uitsluitend om vrije ballons gaat :
  - vanaf 6 tot 10 ballons : 200 EUR;
  - voor meer dan 10 ballons : 350 EUR;
  4° indien het uitsluitend om ULM's, hefschroefvliegtuigen of beide gaat : 200 EUR;
  5° voor een combinatie uit de punten 1°, 2°, 3° en 4° hierboven vermeld : 350 EUR;
  6° voor alle andere vertoningen : 500 EUR.
  De vergoedingen vermeld onder de punten 3° tot 6° dekken eveneens de machtiging tot luchtarbeid nodig voor het inrichten van een vertoning of een exhibitie waarbij evoluties van luchtvaartuigen of kunstvluchten worden uitgevoerd (overeenkomstig artikel 9, § 2, 1°).
  § 2. De vergoeding verschuldigd voor :
  1° de machtiging voor een permanente zone voor valschermspringen bedraagt :
  - voor de eerste afgifte geldig voor [1 vijf jaar]1 : 75 EUR;
  - voor elke verlenging geldig voor [1 vijf jaar]1 : 50 EUR;
  - voor elke tussentijdse afgifte, ingevolge een administratieve of technische wijziging, zonder dat de vervaldatum gewijzigd wordt : 50 EUR;
  2° de voorafgaande controle tot het bekomen van de machtiging voor een permanente zone voor valschermspringen bedraagt 350 EUR;
  3° de voorafgaande controle tot het bekomen van een verlenging van de machtiging voor een permanente zone voor valschermspringen bedraagt 200 EUR;
  § 3. De vergoeding verschuldigd voor het afgeven van een machtiging bedraagt voor :
  1° het opstijgen van een vrije ballon buiten een permanent opstijgingsterrein voor aërostaten : 35 EUR;
  2° het opstijgen van een kabelballon voor een periode van maximum 3 maanden : 75 EUR;
  3° het doen vliegen van op afstand geleide tuigen of raketten inclusief het gebruik van het terrein, voor een periode van vijf jaar : 125 EUR;
  4° valschermspringen buiten een permanente zone voor valschermspringen : 125 EUR;
  5° het uitvoeren van zogenaamde kunstvluchten op een hoogte van minder dan 600 m :
  - voor een periode van een dag : 75 EUR per toestel;
  - voor een periode van een jaar : 500 EUR per toestel;
  6° h[1 ...]1
  7° het uitwerpen van voorwerpen uit een luchtvaartuig in vlucht : 35 EUR;
  8° lichtprojecties in de lucht per periode van maximum 3 maanden : 75 EUR;
  9° [1 ...]1
  Deze vergoeding is niet verschuldigd wanneer de evoluties, bedoeld in de eerste alinea, plaatsvinden in het raam van een vertoning of een exhibitie vermeld onder § 1.
  § 4. Wanneer voor het afgeven van een machtiging vermeld onder de vorige paragrafen een voorafgaande verkenning ter plaatse noodzakelijk is, wordt een toeslag aangerekend die afhangt van de prestatie.
  [2 § 5. De verschuldigde vergoeding bedraagt voor :
   1° het afgeven van een afwijking van de zichtbereikvliegvoorschirften: 150 EUR ;
   2° het reserveren van een gereserveerde of afgescheiden luchtruim: 150 EUR.]2
  ----------
  (1)<KB 2013-10-25/13, art. 9, 009; Inwerkingtreding : 08-04-2013>
  (2)<KB 2016-04-10/02, art. 101, 010; Inwerkingtreding : 25-04-2016>

  COMMERCIELE EXPLOITATIE.

  Art. 9.§ 1. De verschuldigde vergoeding bedraagt voor :
  1° het afgeven en houden van een exploitatievergunning voor geregeld luchtvervoer :
  - met luchtvaartuigen waarvan de hoogst toegelaten massa bij de opstijging lager is dan 5 700 kg : 1 250 EUR vermeerderd met 125 EUR per te exploiteren luchtvaartuig, per jaar;
  - met luchtvaartuigen waarvan de hoogst toegelaten massa bij de opstijging 5 700 kg en meer is : 1 250 EUR vermeerderd met 250 EUR per te exploiteren luchtvaartuig, per jaar;
  2° het afgeven en houden van een exploitatievergunning voor niet geregeld luchtvervoer :
  - met luchtvaartuigen waarvan de hoogst toegelaten massa bij de opstijging lager is dan 5 700 kg : 1 250 EUR vermeerderd met 125 EUR per te exploiteren luchtvaartuig, per jaar;
  - met luchtvaartuigen waarvan de hoogst toegelaten massa bij de opstijging 5 700 kg en meer is : 1 250 EUR vermeerderd met 250 EUR per te exploiteren luchtvaartuig, per jaar;
  3° het afgeven en het houden van een exploitatievergunning voor geregeld en niet geregeld luchtvervoer op naam van dezelfde persoon wordt, per te exploiteren luchtvaartuig, beperkt tot een enkele heffing;
  4° het afgeven en houden van een exploitatievergunning van luchttaxi's :
  - met luchtvaartuigen waarvan de hoogst toegelaten massa bij de opstijging lager is dan 5 700 kg : 750 EUR vermeerderd met 125 EUR per te exploiteren luchtvaartuig, per jaar;
  - met luchtvaartuigen waarvan de hoogst toegelaten massa bij de opstijging 5 700 kg en meer is : 750 EUR vermeerderd met 250 EUR per te exploiteren luchtvaartuig, per jaar;
  5° het wijzigen van de bijlage van een exploitatievergunning waarbij luchtvaartuigen toegevoegd worden :
  - waarvan de hoogst toegelaten massa bij de opstijging lager is dan 5 700 kg : 125 EUR per luchtvaartuig;
  - waarvan de hoogst toegelaten massa bij de opstijging 5 700 kg en meer is : 250 EUR per luchtvaartuig;
  een verhoging van 50 % voor elke wijziging waarbij op vraag van de exploitant afgeweken wordt van de in de exploitatievergunning opgelegde termijn;
  6° de aanwijzing voor de exploitatie van een geregelde luchtvaartdienst : 750 EUR per aanwijzing, per jaar;
  7° het onderzoek van het bedrijfsplan van een luchtvervoeronderneming : 2 500 EUR;
  8° het onderzoek van de jaarrekeningen van een luchtvaartmaatschappij : 2 500 EUR per jaar.
  § 2. [1 De verschuldigde vergoeding bedraagt voor :
   1° het afgeven of vernieuwen van een machtiging voor luchtarbeid en/of luchtdopen op naam van een Belgische exploitant :
   a) 1.500 EUR;
   en
   b) 50 EUR per te exploiteren luchtvaartuig ingeschreven in België;
   c) 100 EUR per te exploiteren luchtvaartuig ingeschreven in een lidstaat van de Europese Unie, Zwitserland, IJsland, Noorwegen of Liechtenstein;
   d) 300 EUR per te exploiteren luchtvaartuig ingeschreven in een andere Staat dan deze bedoeld onder b) en c).
   2° het afgeven of vernieuwen van een machtiging voor luchtarbeid en/of luchtdopen op naam van een buitenlandse exploitant die aantoont dat hij voldoet aan de geldende reglementering van het land waar hij gevestigd is :
   a) 125 EUR per specifieke opdracht; of,
   b) 750 EUR per 6 maanden;
   en
   c) 50 EUR per te exploiteren luchtvaartuig ingeschreven in België;
   d) 100 EUR per te exploiteren luchtvaartuig ingeschreven in een lidstaat van de Europese Unie, Zwitserland, IJsland, Noorwegen of Liechtenstein;
   e) 300 EUR per te exploiteren luchtvaartuig ingeschreven in een andere Staat dan deze bedoeld onder b) en c).
   3° de toevoeging tijdens de perioden bedoeld in 1°, a), en 2°, a), en b),
   a) 50 EUR per te exploiteren luchtvaartuig ingeschreven in België;
   b) 100 EUR per te exploiteren luchtvaartuig ingeschreven in een lidstaat van de Europese Unie, Zwitserland, IJsland, Noorwegen of Liechtenstein;
   300 EUR per te exploiteren luchtvaartuig ingeschreven in een andere Staat dan deze bedoeld onder b) en c).]1
  § 3. De verschuldigde vergoeding bedraagt voor :
  1° het afgeven of vernieuwen van een algemene machtiging voor het vervoer van :
  - gevaarlijke goederen, met uitzondering van radioactieve goederen en springstoffen : 25 EUR per kalendermaand of een gedeelte ervan;
  - radioactieve goederen : 25 EUR per kalendermaand of een gedeelte ervan;
  2° (het afgeven van een bijzondere machtiging voor het vervoer van gevaarlijke goederen : 15 EUR per afgifte.) <KB 2008-02-10/62, art. 3, 006; Inwerkingtreding : 15-03-2008>
  § 4. De verschuldigde vergoeding bedraagt voor het afgeven of vernieuwen van een bijzondere toelating tot luchtfotografie : 125 EUR.
  § 5. De verschuldigde vergoeding bedraagt voor het afgeven of wijzigen bij de Internationale Burgerluchtvaart Organisatie van een drieletterroepnaam : 75 EUR.
  [2 De verschuldigde vergoeding bedraagt voor :
   1° de verklaring van klasse 1b vluchtuitvoeringen met een of meer op afstand bestuurde luchtvaartuigen: 100 EUR;
   2° elk op afstand bestuurd luchtvaartuigsysteem die voor klasse 1b vluchtuitvoeringen wordt gebruikt: 30 EUR per jaar aan het einde van het eerste jaar;
   3° het afgeven van een toelating voor klasse 1a vluchtuitvoeringen met een of meer op afstand bestuurde luchtvaartuigen: 225 EUR;
   4° de wijziging of de verlenging van een toelating voor klasse 1a vluchtuitvoeringen met een of meer op afstand bestuurde luchtvaartuigen: 150 EUR.]2
  ----------
  (1)<KB 2013-10-25/13, art. 10, 009; Inwerkingtreding : 08-04-2013>
  (2)<KB 2016-04-10/02, art. 101, 010; Inwerkingtreding : 25-04-2016>

  TECHNISCHE EXPLOITATIEMAATREGELEN.

  Art. 10. § 1. Voor het afgeven of het houden van een bewijs van luchtvaartexploitant (Air Operator Certificate - AOC) worden de jaarlijkse vergoedingen verschuldigd door een exploitant in het commercieel luchtvervoer voor geregeld vervoer, niet geregeld vervoer of luchttaxi's, vastgesteld volgens de volgende formule :

                     A + SIGMABi


  in deze formule is A gelijk aan :
  a) hetzij 750 EUR voor elk in België afgeleverd bewijs van luchtvaartexploitant waarop, tussen de luchtvaartuigen die erop voorkomen, er zich geen enkel bevindt met een hoogst toegelaten massa bij de opstijging van meer dan 9 000 kg noch met een maximum toegelaten capaciteit van meer dan 19 passagierszetels;
  b) hetzij 1 850 EUR voor elk in België afgeleverd bewijs van luchtvaartexploitant dat niet bedoeld wordt in a) hierboven;
  en in dezelfde formule is SIGMABi gelijk aan (de som in EUR) van de vergoedingen Bi verschuldigd voor elk luchtvaartuig i voorkomend op een bewijs van luchtvaartexploitant afgeleverd in België volgens de formule : <Erratum, zie B.St. 26.06.2001, p. 22019>

                     [Bi = (50 x Zi) + 50
  <Erratum, zie B.St. 26.06.2001, p. 22019>


  waarin Zi gelijk is aan de hoogst toegelaten massa bij de opstijging van het luchtvaartuig i, uitgedrukt in ton overeenkomstig (artikel 15, § 6) van dit besluit. <Erratum, zie B.St. 26.06.2001, p. 22019>
  Voor elk luchtvaartuig is Bi, niet hoger dan de som van 3 500 EUR.
  § 2. De vergoeding A, voorzien bij § 1 is voor de eerste maal verschuldigd bij het afgeven van het eerste bewijs van luchtvaartexploitant en vervolgens op 1 juni van elk jaar.
  De vergoedingen Bi, voorzien bij § 1 zijn elk jaar op 1 juni verschuldigd voor de luchtvaartuigen die op deze datum vermeld staan op het in België afgeleverd bewijs van luchtvaartexploitant.
  § 3. Voor de luchtvaartuigen die niet voorkomen op het bewijs van luchtvaartexploitant op 1 juni, zijn de Bi vergoedingen, voorzien bij § 1, verschuldigd op de inschrijvingsdatum van deze luchtvaartuigen op een bewijs van luchtvaartexploitant.
  (In dit geval worden de Bi vergoedingen eerst berekend zoals in § 1 (met een maximum van 3.500 EUR) en de aldus verkregen sommen worden aangepast prorata van het aantal maanden dat nog overblijft vóór de volgende 1 juni.
  Voor het berekenen van de vergoeding wordt elk gedeelte van een maand voor een volle maand gerekend.) <KB 2006-11-20/41, art. 3, 005; Inwerkingtreding : 24-12-2006>
  § 4. Wanneer de exploitant voorziet dat een luchtvaartuig i zal voorkomen op zijn bewijs van luchtvaartexploitant voor een periode eindigend vóór de eerstvolgende 1 juni, zal hij dit mededelen aan de Dienst Operaties van het Bestuur van de Luchtvaart en zal hij de overeenkomstige vergoeding Bi, voorzien bij § 1, betalen pro rata van het aantal maanden gedurende dewelke het luchtvaartuig i zal voorkomen op het bewijs van luchtvaartexploitant.
  Voor het berekenen van de vergoeding wordt elk gedeelte van een maand voor een volle maand gerekend.
  § 5. Op 1 juni van elk jaar geeft de vergoeding Bi, voorzien bij § 1, voor de luchtvaartuigen die niet op deze 1 juni voorkomen op het bewijs van luchtvaartexploitant van éénzelfde exploitant, aanleiding tot een aanpassing. De vergoeding Bi wordt berekend pro rata van het aantal maanden gedurende dewelke het luchtvaartuig voorkwam op het bewijs van luchtvaartexploitant en leidt, in voorkomend geval, tot een terugbetaling.
  Voor het berekenen van de vergoeding wordt elk gedeelte van een maand voor een volle maand gerekend.
  § 6. De vergoeding Bi is niet verschuldigd voor een luchtvaartuig dat tijdelijk een ander luchtvaartuig heeft vervangen, dat geïmmobiliseerd is geweest voor een onderhoud of als gevolg van een ongeval of een incident, voor zover de hoogst toegelaten massa bij de opstijging van het vervangende luchtvaartuig met niet meer dan 10 % de hoogst toegelaten massa bij de opstijging van het te vervangen luchtvaartuig overtreft.
  § 7. De houder van een bewijs van luchtvaartexploitant die een vergoeding A van 750 EUR betaald heeft, overeenkomstig § 1 van dit artikel, zal een aanvullende vergoeding van 1 100 EUR dienen te betalen indien een luchtvaartuig met een capaciteit van meer dan 19 passagierszetels of met een hoogst toegelaten massa bij de opstijging van meer dan 9 000 kg is ingeschreven op zijn bewijs van luchtvaartexploitant.
  Dit supplement dient betaald op het ogenblik van de wijziging van het bewijs van luchtvaartexploitant.
  De vergoeding A blijft volledig verworven, zelfs bij stopzetting van de activiteiten door de aanvrager om welke reden ook, of bij vermindering van capaciteit vóór de volgende vervaldag.

  Art. 11. Onverminderd de andere vergoedingen die met toepassing van dit besluit verschuldigd zijn, bedraagt de vergoeding die verschuldigd is voor het onderzoek van de dossiers over de afgifte van een bewijs van luchtvaartexploitant, dienende om een exploitatievergunning voor luchtvervoer te verkrijgen, 3 000 EUR.
  Deze vergoeding is eveneens verschuldigd wanneer een bewijs van luchtvaartexploitant vernieuwd dient te worden na een schorsing van drie of meer maanden wat ook de oorzaak van deze schorsing is.

  [1SYNTHETISCHE VLIEGTRAINERS]1
  ----------
  (1)<KB 2013-10-25/13, art. 11, 009; Inwerkingtreding : 08-04-2013>

  Art. 12.[1 § 1. De vergoedingen verschuldigd voor :
   1° de behandeling van een aanvraag van organisatie om houder van een of meer kwalificatiecertificaten van synthetische vliegtrainers te worden :
   a) bedraagt bij exploitatie van een of meer vluchtnabootsers (FFS) 2.000 EUR;
   b) bedraagt bij de exploitatie van een of meer vliegtrainersystemen (FTD) 800 EUR;
   c) bedraagt bij exploitatie van een of meer trainers voor vlieg- en navigatieprocedures (FNPT) 800 EUR;
   d) bedraagt bij de exploitatie van een of meer basisvliegtrainersystemen voor instrumentvliegen (BITD) 800 EUR;
   2° houder van een of meer kwalificatiecertificaten van synthetische vliegtrainers te blijven :
   a) bedraagt bij exploitatie van een of meer vluchtnabootsers (FFS) 1.200 EUR;
   b) bedraagt bij exploitatie van een of meer vliegtrainersystemen (FFS) 600 EUR;
   c) bedraagt bij exploitatie van een of meer trainers voor vlieg- en navigatieprocedures (FNPT) 600 EUR;
   d) bedraagt bij de exploitatie van een of meer basisvliegtrainersystemen (BITD) 600 EUR.
   § 2. Indien een instelling diverse typen van synthetische vliegtrainers uitbaat, is enkel de vergoeding voor het hoogste bedrag zoals bedoeld in § 1 verschuldigd.
   § 3. De vergoedingen verschuldigd voor :
   1° de behandeling van een aanvraag om de afgifte van een bevoegdheidscertificaat voor :
   a) een vluchtnabootser (FFS) bedraagt 5.200 EUR;
   b) een vliegtrainersysteem (FTD) bedraagt 2.000 EUR;
   c) een trainer voor vlieg- en navigatieprocedures (FNTP) bedraagt 2.000 EUR;
   d) een basisvliegtrainersysteem voor instrumentvliegen (BITD) bedraagt 2.000 EUR;
   2° het behoud van een bevoegdheidscertificaat voor :
   a) een vluchtnabootser (FFS) bedraagt 4.400 EUR;
   b) een vliegtrainersysteem (FTD) bedraagt 1.440 EUR;
   c) een trainer voor vlieg- en navigatieprocedures (FNPT) bedraagt 1.440 EUR;
   d) een basisvliegtrainersysteem voor instrumentvliegen (BITD) bedraagt 1.440 EUR.
   § 4. De vergoedingen bedoeld in de paragrafen 1, 1°, en 2, 1°, omvatten ook de dossierkosten ten belope van 60% van de verschuldigde vergoeding.
   Het bedrag dat overeenstemt met de dossierkosten bedoeld in het eerste lid wordt bij de indiening van de aanvraag betaald. Bij verwerping van de aanvraag wordt dit bedrag niet terugbetaald.
   Het saldo wordt bij de het afgeven van het certificaat betaald.
   § 5. Indien een synthetische vliegtrainer niet langer wordt gebruikt, wordt het certificaat per aangetekende zending door de houder teruggestuurd naar de dienst Vergunningen van het Directoraat-generaal Luchtvaart. De einddatum van exploitatie is de datum van ontvangst van de aangetekende zending.]1
  ----------
  (1)<KB 2013-10-25/13, art. 11, 009; Inwerkingtreding : 08-04-2013>

  BEVEILIGING.

  Art. 13.§ 1. De vergoeding verschuldigd voor de inspecties op de naleving van de luchtvaartbeveiligingsvoorschriften, voor de technische assistentieprogramma's luchtvaartbeveiliging en voor de opleidingsprogramma's luchtvaartbeveiliging verstrekt door het Bestuur van de Luchtvaart aan personeelsleden van de luchtvaartexploitanten, met uitzondering van het veiligheidspersoneel, wordt bepaald volgens de volgende formule voor elk luchtvaartuig dat voorkomt in een machtiging of een exploitatievergunning voor commercieel luchtvervoer :

                     125 EUR x SQRTZ/50


  waarin Z gelijk is aan de hoogst toegelaten massa bij de opstijging van het luchtvaartuig uitgedrukt in kilogram overeenkomstig (artikel 15, § 6) van dit besluit. <Erratum, zie B.St. 26.06.2001, p. 22019>
  De aldus berekende vergoeding is jaarlijks verschuldigd en dekt het geheel van de uitgevoerde inspecties en opleidingsprogramma's gedurende de daaropvolgende periode van 12 maanden.
  § 2. De in § 1 voorziene vergoeding is verschuldigd op 1 oktober van elk jaar voor de luchtvaartuigen die op die datum voorkomen op een exploitatievergunning voor geregeld of niet geregeld luchtvervoer met uitzondering van luchttaxi.
  § 3. De in § 1 voorziene vergoeding is verschuldigd op de datum van inschrijving van het luchtvaartuig op een exploitatievergunning voor geregeld of niet geregeld luchtvervoer met uitzondering van luchttaxi, indien het gaat om een datum na 1 oktober. In dit geval wordt de vergoeding berekend pro rata van het aantal maanden dat nog rest vóór de eerstvolgende 1 oktober.
  Voor het berekenen van de vergoeding wordt elk gedeelte van een maand voor een volle maand gerekend.
  § 4. Op 1 oktober van elk jaar wordt de in § 1 van dit artikel voorziene vergoeding aangepast voor de luchtvaartuigen die niet meer voorkomen op een exploitatievergunning voor geregeld of niet geregeld luchtvervoer met uitzondering van luchttaxi van éénzelfde exploitant.
  De vergoeding wordt berekend pro rata van het aantal maanden gedurende dewelke het luchtvaartuig is voorgekomen op voornoemde exploitatievergunning en leidt in voorkomend geval tot een terugbetaling.
  Voor het berekenen van de vergoeding wordt elk gedeelte van een maand voor een volle maand gerekend.
  § 5. De vergoeding is niet verschuldigd voor een luchtvaartuig dat tijdelijk een ander luchtvaartuig heeft vervangen, dat geïmmobiliseerd is geweest voor een onderhoud of als gevolg van een ongeval of een incident.
  § 6. (De verschuldigde vergoeding bedraagt voor :
  1) de inspectieprogramma's luchtvaartbeveiliging door de luchtvaartinspectie, op Brussel Nationaal en de inspecties in het kader van de one stop security 'vluchten';
  2) de opleidingsprogramma's luchtvaartbeveiliging en -veiligheid voor het bekomen of vernieuwen van de mandaten en bevoegdheidsverklaringen van agent en inspecteur van luchthaven- en luchtvaartinspectie op Brussel Nationaal en voor de deelname aan de bekwaamheids- of specialisatieproeven tot het bekomen van voormelde mandaten en bevoegdheidsverklaringen, verstrekt onder het gezag van het Bestuur van de Luchtvaart;
  3) voor de opleidingsprogramma's luchtvaartbeveiliging voor het veiligheidspersoneel behorend tot de luchtvaartexploitanten te Brussel Nationaal, verstrekt onder het gezag van het Bestuur van de Luchtvaart;
  4) voor de sensibilisatieprogramma's luchtvaartbeveiliging van de gebruikers op Brussel Nationaal en de ICAO/CEAC samenwerkingsprojecten beveiliging in het kader van one stop security;
  0,15 EUR per vertrekkende passagier vanaf deze luchthaven, met inbegrip van de vertrekkende transferpassagier.
  Deze vergoeding is niet verschuldigd voor :
  1° kinderen onder de twee jaar;
  2° de transitpassagiers die hun reis voortzetten met hetzelfde luchtvaartuig (of met een vervangluchtvaartuig dat ingezet is wegens een technisch defect van het eerste luchtvaartuig) of met een vlucht die hetzelfde nummer draagt als de vlucht van aankomst;
  3° de bemanningsleden die verantwoordelijk zijn voor het luchtvaartuig;
  4° de passagiers die zich niet naar het buitenland begeven;
  5° de passagiers van de luchtvaartuigen aangewend voor het uitsluitend vervoer van Staatshoofden of Regeringsleden in functie met hun gevolg;
  6° de passagiers van niet-commerciële vluchten met een uitzonderlijk humanitair karakter of met een luchtvaartpropagandistisch karakter zonder winstoogmerk;
  7° de passagiers van vluchten die uitgevoerd worden op verzoek van de Minister of van zijn gemachtigde;
  8° de passagiers van luchtvaartuigen bestuurd door personeelsleden van Belgocontrol of van het Bestuur van de Luchtvaart;
  9° de passagiers van luchtvaartuigen die noodgedwongen terugkeren;
  10° de passagiers van vluchten die uitgevoerd worden met het doel ijkingen of metingen te verrichten voor rekening van Belgocontrol.
  Deze vergoeding is verschuldigd door de passagier en wordt begrepen in de vergoedingen die afzonderlijk vermeld staan op het vervoerbewijs. Deze vergoeding wordt uitgevoerd door de N.V. BIAC die deze verder overmaakt aan het Bestuur van de Luchtvaart opdat deze wordt toegewezen aan het Fonds voor de Financiering en de Verbetering van de Controle-, Inspectie- en Onderzoeksmiddelen en van de Preventieprogramma's van de Luchtvaart.) <KB 2002-06-20/53, art. 1, 003; Inwerkingtreding : 01-08-2002>
  § 7. De vergoeding voor de opleidingsprogramma's luchtvaartbeveiliging voor het vliegend personeel en het veiligheidspersoneel niet behorend tot luchtvaartexploitanten of tot luchthaven inspectiepersoneel van Brussel-Nationaal bedraagt 10 EUR per lesuur per persoon.
  § 8. De vergoeding voor de deelname aan de bekwaamheids- of specialisatieproeven luchtvaartbeveiliging bedraagt 35 EUR per theoretische proef. (Deze paragraaf geldt niet voor de deelname aan de proeven tot het bekomen of verlengen van de mandaten of bevoegdheidsverklaringen van agent of inspecteur van luchthaveninspectie op de luchthaven Brussel Nationaal.) <KB 2002-06-20/53, art. 2, 003; Inwerkingtreding : 01-08-2002>
  § 9. De vergoeding voor de deelname aan de bekwaamheids- of specialisatieproeven voor luchtvaartbeveiliging bedraagt 75 EUR per praktisch examen op simulator per kandidaat. (Deze paragraaf geldt niet voor de deelname aan de proeven tot het bekomen of verlengen van de mandaten of bevoegdheidsverklaringen van agent of inspecteur van luchthaveninspectie op de luchthaven Brussel Nationaal.) <KB 2002-06-20/53, art. 2, 003; Inwerkingtreding : 01-08-2002>
  § 10. [1 De vergoeding verschuldigd voor de audit van het veiligheidsprogramma en voor de controle ter plaatse van de kandidaat erkend agent en van de kandidaat erkende leverancier bedraagt per plaats : 400 EUR.
   De vergoeding verschuldigd voor de afgifte of de hernieuwing van het certificaat en voor de kwaliteitscontroles van de erkend agent en van een erkende leverancier bedraagt per plaats: 600 EUR per jaar.]1
  [1 § 11. De vergoeding verschuldigd voor de controle ter plaatse van de kandidaat bekende afzender bedraagt per plaats : 300 EUR.
   De vergoeding verschuldigd voor de afgifte of de hernieuwing van het certificaat en van de kwaliteitscontroles van een bekende afzender bedraagt per plaats : 400 EUR per jaar.]1
  ----------
  (1)<KB 2013-10-25/13, art. 12, 009; Inwerkingtreding : 08-04-2013>

  ONGEVALLEN EN INCIDENTEN.

  Art. 14. <KB 2003-07-11/60, art. 1, 004; Inwerkingtreding : 01-09-2003> De vergoeding ter spijziging van een fonds om de onderzoekskosten in geval van vliegongevallen en -incidenten en programma's ter bevordering van de luchtvaartveiligheid te dekken, is verschuldigd bij elke afgifte of hernieuwing van een bewijs van luchtwaardigheid of van een beperkte toelating tot het luchtverkeer.
  Deze vergoeding is afhankelijk van de hoogste toegelaten massa bij opstijging (MTOW) van het luchtvaartuig uitgedrukt in kilogram overeenkomstig artikel 15, § 6 van dit besluit en bedraagt :

  MTOW                                                  Vergoeding
  van 0 tot 2 000 kg                                     50 EUR
  van 2 001 tot 4 000 kg                                125 EUR
  vanaf 4 001 kg                                        200 EUR



  [1BUITENGEWONE KOSTEN]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2013-10-25/13, art. 13, 009; Inwerkingtreding : 08-04-2013>

  Art. 14/1. [1 Wanneer de uitvoering van toezicht, audits, inspecties, onderzoeken, opleidingsprogramma's of examens, in toepassing van de Europese of nationale reglementering betreffende de Burgerlijke Luchtvaart, buitengewone kosten zoals verplaatsingen van en naar het buitenland en werkzaamheden en verblijf in het buitenland veroorzaakt, worden deze kosten slechts gedaan als de betrokken partij zich ertoe verbonden heeft ze te zijnen laste te nemen. De kosten zijn in ieder geval verschuldigd zodra zij werden gemaakt.]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2013-10-25/13, art. 13, 009; Inwerkingtreding : 08-04-2013>

  HEFFING.

  Art. 15.§ 1. De vergoedingen worden geheven door het Bestuur van de Luchtvaart.
  Zij worden gestort aan de Rekenplichtige van de Ontvangsten van het Bestuur van de Luchtvaart.
  § 2. [1 De betaling moet de uitvoering van de prestaties waarop zij betrekking heeft voorafgaan behalve voor de vergoedingen waarvan het bedrag berekend wordt volgens de prestatie en voor de krachtens artikelen 7, 8, 9, 10 en 13 verschuldigde vergoedingen, met uitzondering van de vergoedingen bedoeld in artikel 9, § 1, 1°, 2°, 4°, 6° en 8°.]1
  Voor de vergoeding voorzien in artikel 1, 6°, moet het betalingsbewijs worden bijgevoegd samen met de aanvraag tot reservering.
  Voor de bij artikel 3, § 1, 5°, voorziene vergoedingen dient het bewijs van betaling bijgevoegd te worden samen met de geldige aanvraag tot inschrijving tot de corresponderende examenzittijden.
  Voor de vergoeding voorzien in artikel 3, § 5, moet het betalingsbewijs worden bijgevoegd samen met de aanvraag tot beroep.
  [1 In afwijking op wat bepaald is in paragraaf 2, eerste lid, moeten de vergoedingen voor het behouden van de exploitatievergunning bedoeld in artikel 9, § 1, 1°, 2°, 4° voor 31 januari van elk lopend jaar betaald zijn.
   In afwijking op wat bepaald is in § 2, eerste lid, moeten de vergoedingen voor het behouden bedoeld in de artikelen 5, § 2, 2° en 3°, b), 5/1, 2°, 5/2, 2° en 5/3, § 2 voor 31 januari van elk lopend jaar betaald zijn. Deze vergoedingen voor het jaar 2013 zijn enkel voor de periode van 1 juni tot 31 december verschuldigd.
   In afwijking op wat bepaald is in paragraaf 2, eerste lid, moeten de vergoedingen voor het behouden bedoeld in artikel 12, § 1, 2° en § 3, 2° voor 31 januari van elk lopend jaar betaald zijn. De vergoedingen bedoeld in artikel 12, § 1, 1° en § 3, 1° dekken de twaalf eerste maanden van de exploitatie te rekenen van de maand in de loop waarvan het certificaat afgeleverd werd. Aan het einde van deze twaalf maanden wordt het bedrag van de vergoeding bedoeld in artikel 12, § 1, 2° en § 3, 2° die voor de eerste maal geheven wordt, berekend in functie van de duur van de exploitatie die nog overblijft in het lopende jaar.]1
  [1 In afwijking op wat bepaald is in paragraaf 2, eerste lid, moeten de vergoedingen van artikel 9, § 1, 6° en 8° vanaf het tweede jaar dat zij verschuldigd zijn voor 31 januari van elk lopend jaar betaald zijn.
   De vergoedingen worden betaald aan de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer ten laatste dertig dagen volgend op de datum van de uitnodiging tot betaling en volgens de instructies die in de uitnodiging zijn opgenomen.
   Na verloop van deze termijn wordt bij aangetekend schrijven een eis tot betaling verstuurd. Vanaf dan kunnen administratieve kosten aangerekend worden.]1
  Voor de vergoeding voorzien in (artikel 11) moet het bewijs van betaling bijgevoegd worden bij de aanvraag van het bewijs van luchtvaartexploitant. <Erratum, zie B.St. 26.06.2001, p. 22019>
  § 3. [2 ...]2
  § 4. De Minister of diens gemachtigde kan de maandelijkse of jaarlijkse betaling bij vervallen termijn toelaten en hij kan een provisie opleggen voor de vergoedingen die afhangen van de prestatie en voor de vergoedingen verschuldigd krachtens artikelen 1, 2, 3, 6, 9, § 1, 1°, 2°, 4°, 6° en 8° en de artikelen 10, 13 en 14.
  § 5. Voor een vergoeding waarvan het bedrag afhangt van de prestatie wordt 75 EUR per uur werk van een ambtenaar aangerekend. Elk uur waarin meer dan 15 minuten is gewerkt wordt als een werkuur beschouwd.
  § 6. (De vergoedingen die als grondslag de massa van het luchtvaartuig en het vermogen of de stuwkracht van de motoren hebben worden berekend op basis van de hoogst toegelaten grenswaarden bij de opstijging die vermeld staan op het bewijs van luchtwaardigheid, de beperkte toelating tot het luchtverkeer of elk daarbij horend document. De verkregen waarden worden afgerond naar het lagere honderdtal tot en met 50 kg en daarboven naar het hogere honderdtal.
  Wanneer de hoogst toegelaten massa bij de opstijging in ponden wordt uitgedrukt op het in de eerste alinea beschreven referentiedocument wordt 0,4536 als omzettingsfactor gebruikt voor het omzetten van de ponden in kilo's.) <KB 2006-11-20/41, art. 5, 2°, 005; Inwerkingtreding : 24-12-2006>
  § 7. Onverminderd de aanpassingen voorzien in de artikelen 10, § 5, 13, § 4 (...) van dit besluit blijft de vergoeding in alle gevallen verworven door de Schatkist indien de verrichting waarvoor de vergoeding verschuldigd is, werd uitgevoerd, zelfs indien de activiteiten die de aanvrager had gepland en waarvoor de verrichting was aangevraagd niet hebben plaats gevonden. <KB 2006-11-20/41, art. 5, 3°, 005; Inwerkingtreding : 24-12-2006>
  De vergoeding mag niet worden gebruikt voor andere doeleinden dan diegene waarvoor ze werd betaald.
  § 8. Wanneer de verrichting om een niet aan het Bestuur te wijten reden niet is uitgevoerd, inzonderheid wanneer de afgesproken datums niet zijn gerespecteerd, is voor de uitvoering ervan op een latere datum een nieuwe vergoeding verschuldigd.
  De vergoeding wordt alleen dan aan de aanvrager terugbetaald als deze (van de prestatie afziet vóór de datum van uitvoering van de genoemde prestatie). <KB 2006-11-20/41, art. 5, 4°, 005; Inwerkingtreding : 24-12-2006>
  § 9. De vergoeding die werd betaald met het oog op deelname aan de in artikel 3, § 1, 5° en artikel 13, § 8 voorziene examens, wordt slechts terugbetaald indien de aanvraag tot inschrijving niet wordt aanvaard. De terugbetaling dient schriftelijk te worden aangevraagd.
  § 10. [2 ...]2
  ----------
  (1)<KB 2013-10-25/13, art. 14, 009; Inwerkingtreding : 08-04-2013>
  (2)<KB 2013-10-25/13, art. 15, 009; Inwerkingtreding : 08-04-2013>

  Art. 16. Er wordt geen vergoeding geheven :
  1° voor de controle van de eisen waaraan moet worden voldaan inzake geschiktheid tot vliegen van een luchtvaartuig, die wordt uitgevoerd door de personeelsleden die zijn aangewezen door de Minister, indien deze controle ten gevolge van een wijziging van deze eisen noodzakelijk is;
  2° voor de krachtens artikel 37 van het koninklijk besluit van 15 maart 1954 tot regeling der luchtvaart opgelegde examens;
  3° ten laste van de personeelsleden van het Bestuur van de Luchtvaart voor de deelname aan de examens tot het bekomen of vernieuwen, indien dit vereist wordt voor het uitoefenen van hun functies bij het Bestuur, van de vergunningen, machtigingen en bevoegdverklaringen van lid van het stuurpersoneel van een burgerlijk luchtvaartuig.

  ALGEMENE-, OPHEFFINGS-, OVERGANGS- en SLOTBEPALINGEN.

  Art. 17.
  <Opgeheven bij KB 2013-10-25/13, art. 16, 009; Inwerkingtreding : 08-04-2013>

  Art. 18.[1 De bedragen van de vergoedingen bedoeld in dit besluit worden jaarlijks op 1 januari, aangepast aan het indexcijfer van de gezondheidsindex, op basis van de volgende formule : basistarief opgenomen in dit besluit vermenigvuldigd met het nieuwe indexcijfer en gedeeld door het aanvangsindexcijfer.
   Het nieuwe indexcijfer is het indexcijfer van de gezondheidsindex van de maand november van het jaar voorafgaand aan het jaar waarin het bedrag van de tarieven wordt aangepast overeenkomstig het eerste lid.
   Het aanvangsindexcijfer is het indexcijfer van de gezondheidsindex van november 2001.
   Het verkregen resultaat wordt afgerond naar boven op de euro als het decimale gedeelte gelijk aan of meer dan vijftig cent is. Het wordt naar onder afgerond op de euro als dit gedeelte minder is dan vijftig cent.]1
  ----------
  (1)<KB 2013-10-25/13, art. 17, 009; Inwerkingtreding : 31-12-2013>

  Art. 19. Het koninklijk besluit van 24 september 1997 tot vaststelling van de vergoedingen waaraan het gebruik van zekere openbare diensten betreffende de luchtvaart is onderworpen, wordt opgeheven.
  Voor de kandidaten die zich voor de datum van inwerkingtreding van dit besluit hebben ingeschreven voor de examens over de algemene kennis voor het bekomen van de vergunning van lijnbestuurder en die de examens splitsen, blijft de vergoeding zoals bepaald bij art.3, § 1, 5°, a), 4) van het koninklijk besluit van 24 september 1997 evenwel van toepassing tot deze kandidaten voor alle vakken het examen hebben afgelegd.

  Art. 20. Onze Minister bevoegd voor de luchtvaart is belast met de uitvoering van dit besluit.

  BIJLAGE.

  Art. N.[1 Bijlage 1. - EXTRAPOLATIECOEFFICIENT VAN CURSUSSEN
  

  
Voor de toepassing van dit bijlage wordt verstaan onder :
LALP :bevoegdheidsbewijs als recreatief piloot
(A) :vleugelvliegtuigen
(H) :helikopters
(S) :zweefvliegtuigen
(B) :luchtballonnen
PPL :bewijs van bevoegdheid als privepiloot
(As) :luchtschepen
SPL : bewijs van bevoegdheid als zweefpiloot
BPL : bewijs van bevoegdheid als ballonvaarder
CPL :bewijs van bevoegdheid als beroepspiloot
ATP :verkeervlieger
IR : bevoegdverklaring instrumentvliegen
MPL :meerpiloot bewijs van bevoegdheid
SE :éénmotorige
SM :meermotorige
TMG :zelfstartend gemotoriseerd zweefvliegtuig
SEP :éénmotorige-gecertificeerde vleugelvliegtuigen
MEP :éénpiloot-gecertificeerde meermotorige vleugelvliegtuigen
SP HPA :éénpiloot-gecertificeerde complexe vleugelvliegtuigen met groot prestatievermogen
MPA :meerpiloot-gecertificeerde vleugelvliegtuigen
MCC :samenwerking van bemaning
VFR :zichtvliegvoorshriften
FI :instructeur
TRI :instructeur voor een typebevoegdverklaring
SPA :éénpiloot-gecertificeerde vleugelvliegtuigen
PL : powered- lift luchtvaatuigen
CRI :instructeur voor een klassebevoegdverklaring
IRI :instructeur instrumentvliegen
SFI :instructeur vluchtsimulator
MCCI :instructeur samenwerking van de bemanning
STI :instructeur vluchtsimulator
MI :bevoegdverklaring voor het vliegen in bergachtige gebieden
FTI :instructeur testvluchten



  
Bevoegdheid-
  bewijs of bevoegdverklaring
Naam van de cursusCourse nameCoëfficiënt
   " c "
LAPL(A)Bevoegdheidsbewijs als recreatief piloot voor vleugelvliegtuigenLight Aircraft Pilot Licence (Aeroplane)0,7
LAPL(A)TheorieTheoretical knowledge training0,35
LAPL(A)Theorie via distance learningTheoretical knowledge training - Distance Learning0,4
LAPL(A)VlieginstructieFlight training0,35
LAPL(H)Bevoegdheidsbewijs als recreatief piloot voor helikoptersLight Aircraft Pilot Licence (Helicopter)0,7
LAPL(H)TheorieTheoretical knowledge training0,35
LAPL(H)Theorie via distance learningTheoretical knowledge training - Distance Learning0,4
LAPL(H)VlieginstructieFlight training0,35
LAPL(S)Bevoegdheidsbewijs als recreatief piloot voor zweefvliegtuigenLight Aircraft Pilot Licence (Sailplane)0,5
LAPL(S)TheorieTheoretical knowledge training0,3
LAPL(S)Theorie via distance learningTheoretical knowledge training - Distance Learning0,3
LAPL(S)VlieginstructieFlight training0,25
LAPL(B)Bevoegdheidsbewijs als recreatief piloot voor luchtballonnenLight Aircraft Pilot Licence (Balloon)0,5
LAPL(B)TheorieTheoretical knowledge training0,3
LAPL(B)Theorie via distance learningTheoretical knowledge training - Distance Learning0,3
LAPL(B)VlieginstructieFlight training0,25
PPL(A)Bewijs van bevoegdheid als privepiloot voor vleugelvliegtuigenPrivate Pilot Licence (Aeroplane)0,75
PPL(A)TheorieTheoretical knowledge training0,35
PPL(A)Theorie via distance learningTheoretical knowledge training - Distance Learning0,4
PPL(A)VlieginstructieFlight training0,4
PPL(H)Bewijs van bevoegdheid als privé piloot voor helikoptersPrivate Pilot Licence (Helicopter)0,75
PPL(H)Theorie Theoretical knowledge training0,35
PPL(H)Theorie via distance learningTheoretical knowledge training - Distance Learning0,4
PPL(H)VlieginstructieFlight training0,4
PPL(As)Bewijs van bevoegdheid als privé piloot voor luchtschepenPrivate Pilot Licence (Airship)0,6
PPL(As)TheorieTheoretical knowledge training0,3
PPL(As)Theorie via distance learningTheoretical knowledge training - Distance Learning0,35
PPL(As)VlieginstructieFlight training0,3
SPLBewijs van bevoegdheid als zweefpilootSailplane Pilot Licence0,5
SPLTheorieTheoretical knowledge training0,25
SPLTheorie via distance learningTheoretical knowledge training - Distance Learning0,3
SPLVlieginstructieFlight training0,25
BPLBewijs van bevoegdheid als ballonvaarderBalloon Pilot Licence0,5
BPLTheorieTheoretical knowledge training0,25
BPLTheorie via distance learningTheoretical knowledge training - Distance Learning0,3
BPLVlieginstructieFlight training0,25
ATP(A) integratedGeïntegreerde opleidingscursusAirline Transport Pilot Licence (Aeroplane) integrated1
ATP(A)Theorie Theoretical knowledge training0,5
ATP(A)Theorie via distance learningTheoretical knowledge training - Distance Learning0,55
CPL/IR(A) integratedGeïntegreerde opleiding Commercial Pilot Licence/Instrument Rating (Aeroplane) integrated0,8
CPL(A) integratedGeïntegreerde opleiding Commercial Pilot Licence (Aeroplane) integrated0,6
CPL(A)TheorieTheoretical knowledge training0,45
CPL(A)Theorie via distance learningTheoretical knowledge training - Distance Learning0,5
CPL(A)VlieginstructieFlight training0,3
ATPL/IR(H) integratedGeïntegreerde opleidingscursus Airline Transport Pilot Licence/Instrument Rating (Aeroplane) integrated1
ATPL(H) integrated Geïntegreerde opleidingscursus Airline Transport Pilot Licence (Helicopter) integrated 0,8
ATP(H) Theorie Theoretical knowledge training0,5
ATP(H) Theorie via distance learningTheoretical knowledge training - Distance Learning0,55
CPL/IR(H) integratedGeïntegreerde opleiding Commercial Pilot Licence/Instrument Rating (Helicopter) integrated0,8
CPL(H) integratedGeïntegreerde opleiding Commercial Pilot Licence (Helicopter) integrated0,6
CPL(H)Theorie Theoretical knowledge training0,45
CPL(H)Theorie via distance learningTheoretical knowledge training - Distance Learning0,5
CPL(H)Vlieginstructie Flight training0,3
CPL/IR(As) integratedGeïntegreerde opleiding Commercial Pilot Licence/Instrument Rating (Airship) integrated1
CPL(As) integratedGeïntegreerde opleiding Commercial Pilot Licence (Airship) integrated0,6
CPL(As)Theorie Theoretical knowledge training0,45
CPL(As)Theorie via distance learningTheoretical knowledge training - Distance Learning0,5
CPL(As)Vlieginstructie Flight training0,3
MPLMeerpiloot bewijs van bevoegdheidMulti-crew Pilot Licence1
IR(A)Bevoegdverklaring instrumentvliegen voor vleugelvliegtuigenInstrument Rating (Aeroplane)0,75
IR(A) SEVlieginstructieFlight training0,35
IR(A) MEVlieginstructieFlight training0,4
IR(A) extension to MEVlieginstructieFlight training0,25
IR(H)Bevoegdverklaring instrumentvliegen voor helikoptersInstrument Rating (Helicopter)0,75
IR(H) SEVlieginstructieFlight training0,35
IR(H) MEVlieginstructieFlight training0,4
IR(As)Bevoegdverklaring instrumentvliegen voor luchtschepenInstrument Rating (Airship)0,75
IR(As)VlieginstructieFlight training0,4
IR(A, H, As)TheorieTheoretical knowledge training0,4
IR(A, H, As)Theorie via distance learningTheoretical knowledge training - Distance Learning0,45
Night rating (A, TMG, As)Klasse- of typebevoegdverklaringen (éénnmotorige-gecertificeerde vleugelvliegtuigen, TMG)Night rating (Aeroplane, Touring Motor Glider, Airship)0,3
Night rating (H)Bevoegdverklaring voor het vliegen in bergachtige gebieden (helikopter)Night rating (Helicopter)0,3
Class rating (SEP, TMG)Klasse- of typebevoegdverklaringen éénmotorige-gecertificeerde vleugelvliegtuigenClass rating (Single Engine Piston, Touring Motor Glider)0,2
Class rating (SEP Sea)Klassebevoegdverklaring éénmotorige -gecertificeerde watervliegtuigenClass rating (Single Engine Piston Sea)0,2
Class rating (MEP)Klassebevoegdverklaring éénpiloot-gecertificeerde meermotorige vleugelvliegtuigenClass rating (Multi-Engine Piston)0,3
Type rating - SP HPA non complexTypebevoegdverklaring éénpiloot-gecertificeerde niet-complexe vleugelvliegtuigenType rating - Single Pilot High Performance Aeroplane non complex0,25
Type rating - SP HPA complexTypebevoegdverklaring éénpiloot-gecertificeerde complexe vleugelvliegtuigenType rating - Single Pilot High Performance Aeroplane complex0,3
SPA HPATheorieTheoretical knowledge training0,25
SPA HPATheorie via distance learningTheoretical knowledge training - Distance Learning0,3
Type Rating - MPAMeerpiloot-gecertificeerde vleugelvliegtuigenType Rating Multi-Pilot Aeroplane0,75
Type Rating HelicopterTypebevoegdverklaring helikopterType Rating Helicopter0,7
Type Rating Powered-lift aircraftTypebevoegdverklaring powered-lift luchtvaartuigenType Rating Powered-lift aircraft0,75
Type Rating AirshipTypebevoegdverklaring luchtschepenType Rating Airship0,5
MCC(A)Opleidingscursus onderlinge samenwerking van de bemanning - VleugelvliegtuigenMulti-Crew Cooperation (Aeroplane)0,5
MCC/IR(H)Opleidingscursus onderlinge samenwerking van de bemanning en instrumentvliegen - HelikoptersMulti-Crew Cooperation/Instrument Rating (Helicopter)0,5
MCC/VFR(H)Opleidingscursus onderlinge samenwerking van de bemanning/VFR - HelikoptersMulti-Crew Cooperation/Visual Flight Rule (Helicopter)0,4
MCC(As)Opleidingscursus onderlinge samenwerking van de bemanning - LuchtschepenMulti-Crew Cooperation (Airship)0,5
Aerobatic trainingBevoegdverklaring voor stuntvliegenAerobatic training0,25
Sailplane towing and banner towingBevoegdverklaring voor het slepen van zweefvliegtuigen en bannersSailplane towing and banner towing0,25
Night rating (A, TMG, As)Bevoegdverklaring voor nachtvliegen voor Vleugelvliegtuigen, TMG's, luchtschepen.Night rating (Aeroplane, Touring Motor Glider, Airship)0,3
Night ratingBevoegdverklaring voor nachtvliegen voor helikoptersNight rating0,35
Mountain ratingBevoegdverklaring voor het vliegen in bergachtige gebiedenMountain rating0,25
Flight test ratingBevoegdverklaring voor testvliegenFlight test rating0,75
FI(A)Vlieginstructeur voor vleugelvliegtuigen Certificaten als instructeurFlight Instructor (Aeroplane)0,75
FI(A)TheorieTheoretical knowledge training0,3
FI(A)VlieginstructieFlight training0,45
FI(H)Vlieginstructeur voor helikoptersFlight Instructor (Helicopter)0,75
FI(H)TheorieTheoretical knowledge training0,3
FI(H)VlieginstructieFlight training0,45
FI(S)Vlieginstructeur voor zweefvliegtuigenFlight Instructor (Sailplane)0,55
FI(S)TheorieTheoretical knowledge training0,25
FI(S)VlieginstructieFlight training0,35
FI(B)Vlieginstructeur voor luchtballonnenFlight Instructor (Balloon)0,55
FI(B)TheorieTheoretical knowledge training0,25
FI(B)VlieginstructieFlight training0,35
FI(As)Vlieginstructeur voor luchtschepenFlight Instructor (Airship)0,55
FI(As)TheorieTheoretical knowledge training0,25
FI(As)VlieginstructieFlight training0,35
TRI(SPA)Instructeur voor een typebevoegdverklaring voor éénpiloot-gecertificeerde vleugelvliegtuigenType Rating Instructor (Single-Pilot Aeroplane)0,4
TRI(SPA)VlieginstructieFlight training0,25
TRI(MPA)Instructeur voor een typebevoegdverklaring voor meerpiloot-gecertificeerde vleugelvliegtuigen Type Rating Instructor (Multi-Pilot Aeroplane)0,5
TRI(MPA)VlieginstructieFlight training0,35
TRI(H)Instructeur voor een typebevoegdverklaring voor helikoptersType Rating Instructor (Helicopter)0,4
TRI(H)VlieginstructieFlight training0,25
TRI(PL)Instructeur voor een typebevoegdverklaring voor powered-lift luchtvaartuigenType Rating Instructor (Power Lift)0,5
TRI(PL)VlieginstructieFlight training0,35
TRITheorieTheoretical knowledge training0,25
CRI(A) SEInstructeur voor een klassebevoegdverklaring voor meermotorige vleugelvliegtuigenClass Rating Instructor (Aeroplane) Single Engine0,25
CRI(A) MEInstructeur voor een klassebevoegdverklaring voor éénmotorige vleugelvliegtuigen Class Rating Instructor (Aeroplane) Multi-Engine0,25
CRITheorieTheoretical knowledge training0,2
IRI(A)Instructeur instrumentvliegen voor vliegtuigen Instrument Rating Instructor (Aeroplane)0,75
IRI(A)VlieginstructieFlight training0,5
IRI(H)Instructeur instrumentvliegen voor helikoptersInstrument Rating Instructor (Helicopter)0,75
IRI(H)VlieginstructieFlight training0,5
IRI(As)Instructeur instrumentvliegen voor luchtschepenInstrument Rating Instructor (Airship)0,75
IRI(As)VlieginstructieFlight training0,5
IRITheorieTheoretical knowledge training0,2
SFI(SPA)Instructeur vluchtsimulator voor éénpiloot-gecertificeerde vleugelvliegtuigenSynthetic Flight Instructor (Single Pilot Aeroplane)0,4
SFI(MPA)Instructeur vluchtsimulator voor meerpiloot-gecertificeerde vleugelvliegtuigenSynthetic Flight Instructor (Multi-Pilot Aeroplane)0,5
SFI(H)Instructeur vluchtsimulator voor helikoptersSynthetic Flight Instructor (Helicopter)0,5
MCCIDe instructeur " onderlinge samenwerking van de bemanning " Multi-Crew Cooperation Instructor0,4
STI(A)Instructeur vluchtsimulator voor éénpiloot-gecertificeerde vliegtuigenSynthetic Training Instructor (Aeroplane)0,5
STI(H)Instructeur vluchtsimulator voor helikoptersSynthetic Training Instructor (Helicopter)0,5
MIBevoegdverklaring voor het vliegen in bergachtige gebiedenMountain rating Instructor 0,3
FTIInstructeur testvluchtenFlight Test Instructor0,3
Examiner standardisation courseStandaardisatiecursus examinatorenExaminer standardisation course0,3
FI Refresher seminarHerhalingseminar voor instructeurFlight Instructor Refresher Seminar0,3

]1
  ----------
  (1)<KB 2013-10-25/13, art. 18, 009; Inwerkingtreding : 08-04-2013>
  

Handtekening Tekst Inhoudstafel Begin
   Gegeven te Brussel, 14 februari 2001.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Mobiliteit en Vervoer,
Mevr. I. DURANT

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   ALBERT II, Koning der Belgen,
   Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
   Gelet op de verordeningen (EG) nr. 1103/97 van de Raad van 17 juni 1997 over enkele bepalingen betreffende de invoering van de euro en nr. 974/98 van de Raad van 3 mei 1998 over de invoering van de euro;
   Gelet op de wet van 27 juni 1937 houdende herziening van de wet van 16 november 1919 betreffende de regeling der luchtvaart, inzonderheid op het artikel 5;
   Gelet op de verordening (EEG) nr. 3922/91 van de Raad van 16 december 1991 inzake de harmonisatie van technische voorschriften en administratieve procedures op het gebied van de burgerluchtvaart;
   Gelet op de verordening (EEG) nr. 2407/92 van de Raad van 23 juli 1992 betreffende de verlening van exploitatievergunningen aan luchtvaartmaatschappijen, inzonderheid op de artikelen 8, 9 en 10;
   Gelet op de omstandigheid dat de gewestregeringen bij het ontwerpen van dit besluit betrokken zijn;
   Gelet op het advies van de inspecteur van financiën, gegeven op 9 oktober 2000;
   Gelet op het akkoord van Onze Minister van Begroting van 22 december 2000;
   Gelet op het verzoek om spoedbehandeling gemotiveerd door het feit dat, in tegenstelling tot wat de datum van de inwerkingtreding van de nieuwe bepalingen zou kunnen doen vermoeden (in regel 1 januari 2002, hetzij binnen 12 maanden), het van het hoogste belang is dat deze tekst snel officieel wordt meegedeeld en de limietdatum hiervoor dient te worden vastgesteld op 1 januari 2001.
   De dringende termijn van drie dagen moet mogelijk maken dat dit koninklijk besluit in de loop van de maand december 2000 ondertekend wordt.
   De eerbiediging van de limietdatum van 1 januari 2001 laat nog een termijn van 125 werkdagen tot 1 juli 2001. Deze termijn is strikt noodzakelijk om de voorbereidende werkzaamheden op het gebied van de regelgeving tot een goed einde te brengen (er moeten nog een aantal circulaires worden gewijzigd en vervolgens moeten ook tal van formulieren snel worden herdrukt). Hetzelfde geldt voor de informatica waar de eindtesten voor alle Ministeries voorzien zijn in juli 2001.
   Rekening gehouden met deze zeer strakke planning is elke vertraging nadelig voor het goede verloop van de werkzaamheden en de budgettaire kostprijs ervan. In geen geval kan overwogen worden deze testen uit te stellen zonder het risico te lopen alle controle over het goede verloop van de overschakeling door het bestuur te verliezen.
   De voor de goedkeuring van deze tekst voorziene limietdatum mag niet worden uitgesteld. De informaticadiensten zijn reeds in grote mate overgegaan tot de decimalisering die wordt toegestaan door de wet betreffende de decimalisering en zijn dus met de functionele aanpassingen van hun programma's kunnen beginnen. Ze moeten echter nog op korte termijn kunnen beschikken over de reglementaire bepalingen om de verschillende bedragen aan te passen. Het strakke tijdschema vereist dat deze aanpassinge n gebeuren op basis van officiële en definitieve beslissingen.
   Na deze aanpassingen van de regelgeving zullen, zoals vermeld, onmiddellijk de aanpassingen van de formulieren en de informatiedocumenten volgen.
   Ook de ondernemingen en hun professionele tussenpersonen (ondernemingen voor luchtvervoer, sociale secretariaten, boekhouders, administratiekantoren, fiscale dienstverleners enz.) dienen zonder verwijl te kunnen beschikken over betrouwbare gegevens om met kennis van zaken hun programma's aan de euro aan te passen. Het is bijzonder wenselijk dat hun overgang in belangrijke mate per 1 januari 2001 gebeurt, zoniet zal de grote massa van ondernemingen haar eigen overgang uitstellen tot 1 januari 2002. Dit zou zeer ongunstig zijn voor het beheer van de ondernemingen en daardoor ook voor de overgang van alle economische sectoren.
   Naarmate de vervaldag (vastgesteld op 1 januari 2002) steeds dichterbij komt riskeren de ondernemingen die niet over de nodige informatie beschikken, bij gebrek aan voldoende manoeuvreerruimte hun beslissing om op de euro over te stappen uit te stellen. Elke vertraging bij de ondertekening van dit besluit zou ernstige schade kunnen berokkenen aan de betrokken ondernemingen;
   Gelet op het advies van de Raad van State, gegeven op 17 januari 2001, met toepassing van artikel 84, eerste lid, 2° van de gecoördineerde wetten op de Raad van State;
   Op de voordracht van Onze Minister van Mobiliteit en Vervoer,
   Hebben Wij besloten en besluiten Wij :
Erratum Tekst Begin

originele versie
2001014092
PUBLICATIE :
2001-06-26
bladzijde : 22019

Erratum



Wijziging(en) Tekst Inhoudstafel Begin
originele versie
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 10-04-2016 GEPUBL. OP 15-04-2016
    (GEWIJZIGDE ART. : 2; 3; 7; 8; 9)
  • originele versie
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 25-10-2013 GEPUBL. OP 16-12-2013
    (GEWIJZIGDE ART. : 2; 3; 4; 5; 5/1; 5/2; 5/3; 8; 9; 12; 13; 14/1; 15; 17; 18; N1)
  • originele versie
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 02-06-2010 GEPUBL. OP 18-06-2010
    (GEWIJZIGD ART. : 3)
  • originele versie
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 16-03-2009 GEPUBL. OP 16-04-2009
    (GEWIJZIGD ART. : 3)
  • originele versie
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 10-02-2008 GEPUBL. OP 05-03-2008
    (GEWIJZIGDE ART. : 4BIS; 5; 9)
  • originele versie
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 20-11-2006 GEPUBL. OP 14-12-2006
    (GEWIJZIGDE ART. : 4; 7BIS; 10; 12; 15)
  • originele versie
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 11-07-2003 GEPUBL. OP 26-08-2003
    (GEWIJZIGD ART. : 14)
  • originele versie
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 20-06-2002 GEPUBL. OP 30-07-2002
    (GEWIJZIGD ART. : 13)
  • originele versie
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 26-03-2001 GEPUBL. OP 29-03-2001
    (GEWIJZIGD ART. : 13)

  • Begin Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
    Inhoudstafel 9 uitvoeringbesluiten 9 gearchiveerde versies
    Erratum Franstalige versie