J U S T E L     -     Geconsolideerde wetgeving
Einde Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
Inhoudstafel 13 uitvoeringbesluiten 12 gearchiveerde versies
Einde Franstalige versie
 
belgilex . be     -     Kruispuntbank Wetgeving
Raad van State
ELI - Navigatie systeem via een Europese identificatiecode voor wetgeving
http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/besluit/1991/09/20/1991010178/justel

Titel
20 SEPTEMBER 1991. - Koninklijk besluit betreffende de [vuurwapens met historische, folkloristische of decoratieve waarde en de vuurwapens die voor het schieten onbruikbaar zijn gemaakt] <Opschrift gewijzigd door KB 2006-12-29/30, art. 5, 005; Inwerkingtreding : 09-01-2007>
(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 01-03-1995 en tekstbijwerking tot 14-05-2018)

Bron : JUSTITIE
Publicatie : 21-09-1991 nummer :   1991010178 bladzijde : 20688
Dossiernummer : 1991-09-20/31
Inwerkingtreding : 01-10-1991

Inhoudstafel Tekst Begin
Art. 1-3, 3/1, 4-6
BIJLAGEN.
Art. N1-N3

Tekst Inhoudstafel Begin
Artikel 1.Als (vrij verkrijgbare <wapens> in de zin van artikel 3, 2, 2, van de Wapenwet), worden beschouwd de <wapens> met een historische, folkloristische of decoratieve waarde : <KB 2006-12-29/30, art. 5, 005; Inwerkingtreding : 09-01-2007>
  1 die, via het sluitstuk, via de loopmond of via de voorkant van de trommel uitsluitend met zwart kruit of met patronen met zwart kruit en afzonderlijke ontsteking geladen worden (waarvan het model of het brevet dateert van voor 1890 en de vervaardiging van voor 1945); <KB 1995-01-19/34, art. 1, 002; Inwerkingtreding : 11-03-1995>
  2 die uitsluitend gebruik maken van patronen met zwart kruit en met ingewerkte ontsteking, waarvan het model of het brevet dateert van voor 1890 en de vervaardiging van vr 1945;
  3 [1 ...]1;
  (4 die worden gedragen bij folkloristische optochten of historische reconstructies, voor zover het gaat om schouder- of handvuurwapens op zwart kruit met n schot, met een gladde loop en met afzonderlijke ontsteking door middel van een vuursteen of percussie, die via de loopmond worden geladen;) <KB 1995-09-26/32, art. 1, 004; Inwerkingtreding : 04-10-1995>
  (5 die zijn vervaardigd voor 1897 of waarvoor geen aangepaste munitie meer wordt vervaardigd;) <KB 2006-12-29/30, art. 5, 005; Inwerkingtreding : 09-01-2007>
  (6 die eigendom zijn van een erkende vereniging die zich bezighoudt met statutair omschreven activiteiten van historische, folkloristische, traditionele of educatieve aard, met uitsluiting van enige vorm van sportschieten zoals bedoeld in de gemeenschapsdecreten terzake, en die voldoen aan de volgende voorwaarden :
  - het schieten gebeurt in een erkende schietstand, onder het toezicht van een wapen- of schietmeester en onder de verantwoordelijkheid van de vereniging;
  - de <wapens> worden voorhanden gehouden en bewaard door de vereniging;
  - de <wapens> worden enkel ter beschikking gesteld met het oog op en tijdens de statutair omschreven activiteit, aan leden van de vereniging en occasionele genodigden;
  - de vereniging kondigt vooraf plaats en datum van haar activiteiten aan aan de lokale politie en aan de gouverneur.) <KB 2007-07-09/33, art. 1, 006; Inwerkingtreding : 02-08-2007>
  ----------
  (1)<KB 2015-07-15/04, art. 1, 011; Inwerkingtreding : 10-08-2015>

  Art. 2.[1 1.]1 [3 Als vrij verkrijgbare <wapens> in de zin van artikel 3, 2, 3, van de Wapenwet worden beschouwd de vuurwapens die voldoen aan de volgende voorwaarden :
   1 onomkeerbaar voor het afschieten onbruikbaar zijn gemaakt overeenkomstig de technische specificaties bepaald in bijlage I van Uitvoeringsverordening (EU) 2015/2403 van de Commissie van 15 december 2015 tot vaststelling van gemeenschappelijke richtsnoeren betreffende normen en technieken om te waarborgen dat onbruikbaar gemaakte vuurwapens voorgoed onbruikbaar zijn;
   2 de nodige handelingen daartoe zijn uitgevoerd door de Proefbank voor vuurwapens;
   3 op de desbetreffende stukken is het merkteken aangebracht dat is afgebeeld in bijlage II van de voornoemde Uitvoeringsverordening. Het logo van de entiteit die de onbruikbaarmaking van het vuurwapen heeft gecertificeerd, zoals bedoeld in voornoemde bijlage, is het volgende :
  
   (Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 14-05-2018, p. 39555)
  
   4 de eigenaar van het betrokken vuurwapen heeft een certificaat van onbruikbaarmaking overeenkomstig het model in bijlage III van die Uitvoeringsverordening ontvangen.
   Vuurwapens die worden overgebracht uit andere lidstaten van de EU en waarop het merkteken bedoeld in bijlage II van de Uitvoeringsverordening niet is aangebracht, worden onmiddellijk voor controle en eventuele bijkomende handelingen aangeboden bij de Proefbank.
   Vuurwapens die voor 8 april 2016 onbruikbaar zijn gemaakt, moeten niet voldoen aan deze bepaling, tenzij ze naar een andere lidstaat worden overgebracht of hun eigenaar de intentie heeft ze over te dragen.]3
  Indien n of meer van deze operaties onmogelijk kunnen worden uitgevoerd op bepaalde wapentypes, bepaalt de Directeur van de Proefbank voor vuurwapens welke bijzondere operaties daarop moeten uitgevoerd worden.
  [1 2. Als vrij verkrijgbare <wapens> in dezelfde zin worden eveneens beschouwd de vuurwapens bedoeld in artikel 3, 1, 3, van de Wapenwet, ontworpen voor uitsluitend militair gebruik en al dan niet bevestigd op een voertuig, die projectielen konden afschieten en die onomkeerbaar voor het afschieten van enig projectiel ongeschikt werden gemaakt. Deze operaties worden uitgevoerd door de proefbank voor vuurwapens, waar nodig in samenwerking met de militaire overheid, op een wijze die deze beschreven in [4 bijlage I van de voornoemde Uitvoeringsverordening]4 zo dicht mogelijk benadert, en als dit niet mogelijk is, op een gelijkwaardige wijze. De proefbank levert hiervan een op veiligheidspapier afgedrukt attest af, dat door de houder van het wapen steeds moet kunnen worden voorgelegd.]1
  [4 In afwijking van paragraaf 1, eerste lid, 3, brengt de Proefbank op de desbetreffende stukken het hierna afgebeelde merk aan :
  
   (Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 14-05-2018, p. 39556)]4
  [2 4. De proefbank voor vuurwapens gaat pas over tot de operaties bedoeld in paragraaf 1 op vertoon van een attest, waarvan het model is opgenomen in bijlage 3 van dit besluit, afgeleverd door de lokale politie bevoegd voor de verblijfplaats van de verzoeker. Dit attest vermeldt dat het wapen niet staat geseind of dat de reden voor de seining niet langer actueel is en dat het wapen door verzoeker rechtmatig voorhanden werd gehouden zodat tot neutralisering mag worden overgegaan.
   In geval de verzoeker in Belgi geen verblijfplaats heeft, wordt het in het eerste lid bedoelde attest afgeleverd door een bevoegde politiedienst van het land van de verblijfplaats. In zulks geval gaat de proefbank voor vuurwapens pas over tot de operaties bedoeld in paragraaf 1 op vertoon van dit buitenlands attest en na controle dat het wapen niet staat geseind in het centraal wapenregister.
   De proefbank voor vuurwapens brengt naargelang het geval de bevoegde lokale politiedienst of de bevoegde politiedienst van het land van de verblijfplaats op de hoogte van de neutralisering van het wapen. De proefbank registreert dit vervolgens in het centraal wapenregister.]2
  ----------
  (1)<KB 2013-05-21/02, art. 1, 009; Inwerkingtreding : 03-06-2013. Overgangsbepalingen: art. 2>
  (2)<KB 2018-02-26/01, art. 1, 012; Inwerkingtreding : 14-03-2018>
  (3)<KB 2018-05-04/04, art. 1, 013; Inwerkingtreding : 24-05-2018>
  (4)<KB 2018-05-04/04, art. 2, 013; Inwerkingtreding : 24-05-2018>

  Art. 3. Als (vrij verkrijgbare <wapens>) worden eveneens beschouwd de vuurwapens die ongeschikt zijn gemaakt voor het afschieten op de wijze bepaald in artikel 1 van het koninklijk besluit van 20 juni 1984 betreffende de indeling van sommige oorlogs- of verweerwapens die wijzigingen hebben ondergaan.

  Art. 3/1.[1 Als vrij verkrijgbare <wapens> worden eveneens beschouwd de vuurwapens die worden gedragen bij herdenkingsoptochten van de Eerste Wereldoorlog of historische reconstructies van gebeurtenissen daaruit die plaatsvonden op Belgisch grondgebied, en die voldoen aan de volgende voorwaarden :
   1 de vuurwapens zijn van de modellen die werden gebruikt tijdens de Eerste Wereldoorlog door de troepen van de landen die op Belgisch grondgebied aan de gevechten hebben deelgenomen;
   2 als het gaat over draagbare vuurwapens die oorspronkelijk volautomatisch konden vuren, moeten ze volgens de Belgische wettelijke normen zijn geneutraliseerd of omgebouwd tot niet-verboden <wapens>;
   3 als het gaat over niet-draagbare vuurwapens die oorspronkelijk volautomatisch konden vuren of over militair materieel zoals bedoeld in artikel 3, 1, 3, van de Wapenwet, moeten ze volgens de normen geldend in hun land van herkomst zijn gedemilitariseerd;
   4 de <wapens> worden niet geladen met scherpe munitie en de drager ervan heeft die munitie niet bij zich, ze mogen alleen worden geladen met aangepaste blanke patronen en alleen worden afgevuurd wanneer dit past in het draaiboek van de optocht of de reconstructie;
   5 de <wapens> zijn hetzij eigendom van de persoon die ze draagt en die lid is van, of zich aansluit bij een in zijn land van herkomst minstens schriftelijk opgerichte vereniging die als doel heeft de deelname aan historische optochten of reconstructies, met uitsluiting van enige vorm van sportschieten, en waarvan de verantwoordelijken toezien op het gebruik ervan door de deelnemers, hetzij eigendom van die vereniging die ze ter beschikking stelt van haar leden en van personen die zich bij haar aansluiten;
   6 de <wapens> worden voor en na de optocht of reconstructie veilig bewaard door de verantwoordelijken van de vereniging, die er een volledige en gedetailleerde inventaris van kunnen voorleggen, die werd geviseerd door de politie van hun plaats van herkomst;
   7 de lokale politie en burgemeester zijn minstens twee weken vooraf gewaarschuwd over de betrokken optocht of reconstructie, het draaiboek ervan, wie eraan deelneemt en met welke <wapens>, ook als de lokale overheid er zelf de organisator van is;
   8 de organisator van de betrokken optocht of reconstructie treedt op als contactpunt voor de lokale overheden en voor de deelnemende verenigingen; hij neemt kennis van de voornoemde inventaris en deelnemerslijst en hij gaat na, ten behoeve van de voornoemde overheden en verenigingen, of de aangekondigde <wapens> verantwoord zijn in het kader van de optocht of de reconstructie;
   9 na afloop van de activiteit mogen de <wapens> alleen nog voorhanden gehouden worden, hetzij door de verenigingen voor deelname aan een volgende gelijkaardige activiteit, hetzij met het oog op wederuitvoer, hetzij met het oog op het verkrijgen van een vergunning tot het voorhanden hebben ervan overeenkomstig artikel 11, 3, 9, f), van de Wapenwet, uiterlijk op 31 december 2018 aan te vragen door middel van een attest van deelname afgegeven door de voornoemde organisator.
   Blijven evenwel vergunningsplichtig, de in het eerste lid bedoelde <wapens> die worden overgedragen, ook al wordt de overdracht ervan pas na 2018 vastgesteld.]1
  ----------
  (1)<KB 2014-04-02/01, art. 1, 010; Inwerkingtreding : 08-04-2014; Opgeheven: 01-01-2019>

  Art. 4. <KB 2006-12-29/30, art. 5, 005; Inwerkingtreding : 09-01-2007> De overdracht van de in dit besluit bedoelde <wapens> aan particulieren kan slechts geschieden op vertoon van hun identiteitskaart of reispas. (Bovendien wordt bij de overdracht van een wapen bedoeld in artikel 1, 4 en 6, de procedure gevolgd en een document model nr. 9 opgesteld overeenkomstig artikel 25 van het koninklijk besluit van 20 september 1991 tot uitvoering van de wapenwet.) <KB 2008-10-16/32, art. 13, 007; Inwerkingtreding : 20-10-2008>

  Art. 5. Artikel 1 van het koninklijk besluit van 20 juni 1984 betreffende de indeling van sommige oorlogs- of verweerwapens die wijzigingen hebben ondergaan wordt opgeheven.

  Art. 6. Onze Minister van Justitie, Onze Minister van Economische Zaken en Onze Minister van Binnenlandse Zaken zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.

  BIJLAGEN.

  Art. N1.<Opgeheven bij KB 2015-07-15/04, art. 2, 011; Inwerkingtreding : 10-08-2015>

  Art. N2.
  <Opgeheven bij KB 2018-05-04/04, art. 3, 013; Inwerkingtreding : 24-05-2018>

  Art. N3.[1 Controleattest met het oog op neutralisering of vernietiging van een vuurwapen of lader
  
   (Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 28-02-2018, p. 17775)]1
  ----------
  (1)<Ingevoegd bij KB 2018-02-26/01, art. 2, 012; Inwerkingtreding : 14-03-2018>
  
  

Aanhef Tekst Inhoudstafel Begin
   Gelet op de wet van 3 januari 1933 op de vervaardiging van, de handel in en het dragen van <wapens> en op de handel in munitie, inzonderheid op artikel 3, vierde lid, gewijzigd bij de wet van 30 januari 1991;
   Gelet op het koninklijk besluit van 20 juni 1984 betreffende de indeling van sommige oorlogs- of verweerwapens die wijzigingen hebben ondergaan, inzonderheid op artikel 1;
   Gelet op het advies van de Raad van State;
   Op de voordracht van Onze Minister van Justitie, Onze Minister van Economische Zaken en Onze Minister van Binnenlandse Zaken,
   .....

Wijziging(en) Tekst Inhoudstafel Begin
BEELD
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 04-05-2018 GEPUBL. OP 14-05-2018
    (GEWIJZIGDE ART. : 2; N2)
  • BEELD
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 26-02-2018 GEPUBL. OP 28-02-2018
    (GEWIJZIGDE ART. : 2; N3)
  • BEELD
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 15-07-2015 GEPUBL. OP 31-07-2015
    (GEWIJZIGDE ART. : 1; N1)
  • BEELD
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 02-04-2014 GEPUBL. OP 08-04-2014
    (GEWIJZIGD ART. : 3bis)
  • BEELD
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 21-05-2013 GEPUBL. OP 24-05-2013
    (GEWIJZIGD ART. : 2)
  • BEELD
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 08-05-2013 GEPUBL. OP 15-05-2013
    (GEWIJZIGDE ART. : 1; N1)
  • BEELD
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 16-10-2008 GEPUBL. OP 20-10-2008
    (GEWIJZIGD ART. : 4)
  • BEELD
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 09-07-2007 GEPUBL. OP 02-08-2007
    (GEWIJZIGDE ART. : 1; N1)
  • BEELD
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 29-12-2006 GEPUBL. OP 09-01-2007
    (GEWIJZIGDE ART. : OPSCHRIFT; 1; 2; 3; 3BIS; 4)
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 26-09-1995 GEPUBL. OP 04-10-1995
    (GEWIJZIGD ART. : 1)
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 30-03-1995 GEPUBL. OP 13-04-1995
    (GEWIJZIGDE ART. : 3BIS; 4)
  • KONINKLIJK BESLUIT VAN 19-01-1995 GEPUBL. OP 01-03-1995
    (GEWIJZIGDE ART. : 1; N1)

  • Begin Eerste woord Laatste woord Wijziging(en) Aanhef
    Inhoudstafel 13 uitvoeringbesluiten 12 gearchiveerde versies
    Franstalige versie