Einde Preambule
Inhoudstafel Wijziging(en)
Gearchiveerde versie nr  2

Titel
17 OKTOBER 1991. - Koninklijk besluit over de Antiterroristische Gemengde Groep.

Dossiernummer : 1991-10-17/51

Nota
Gewijzigd bij   KONINKLIJK BESLUIT  van  23-01-2007   gepubl. op   31-01-2007
     Gewijzigd art.     
   Van kracht tot   01-12-2006

Inhoudstafel Tekst Begin
HOOFDSTUK I. - Opdrachten.
Art. 1-3
HOOFDSTUK II. - Organisatie.
Art. 4-5
HOOFDSTUK III. - Slotbepalingen.
Art. 6-8

Tekst Inhoudstafel Begin
HOOFDSTUK I. - Opdrachten.
  Artikel 1. De " antiterroristische gemengde groep " hierna " A.G.G. " genoemd, wordt, onder het gezag van de Minister van Justitie en van de Minister van Binnenlandse Zaken, belast met het verzamelen, het analyseren en het evalueren van de inlichtingen die noodzakelijk zijn voor het nemen van maatregelen van bestuurlijke politie en van gerechtelijke politie ten aanzien van daden van terrorisme tegen België of tegen de Belgische burgers of belangen in het buitenland.
  Art. 2. De A.G.G., om deze opdracht uit te voeren :
  1° Deelt aan de Minister van Binnenlandse Zaken elke inlichting mee met betrekking tot de voorbereiding of de uitvoering van een daad van terrorisme.
  Binnen dat raam, voert hij terzake de voorschriften uit van de ambtenaar die de leiding heeft van het Bestuur van de Algemene Rijkspolitie en beantwoordt hij overwijld iedere vraag om inlichtingen van deze ambtenaar.
  2° Deelt aan de Minister van Justitie elke inlichting die betrekking heeft op de veiligheid van de Staat inzake terrorisme.
  Binnen dat raam, voert zij terzake de voorschriften uit van de ambtenaar die de leiding heeft van het Bestuur van de Veiligheid van de Staat en beantwoordt zij onverwijld iedere vraag om inlichtingen van deze ambtenaar.
  3° Stelt aan de magistraat aangewezen overeenkomstig artikel 15 van het koninklijk besluit van 2 september 1991 betreffende het Commissariaat-generaal van de gerechtelijke politie in kennis van de inlichtingen van gerechtelijke politie die betrekking hebben op een daad van terrorisme, of van een bedreiging van een dergelijke daad te plegen wanneer een vereniging werd gevormd met de bedoeling deze uit te voeren.
  Binnen dat raam, voert zij terzake de voorschriften uit van deze magistraat, van de procureur des Konings of van een onderzoeksrechter en beantwoordt hij onverwijld iedere vraag om inlichtingen van deze magistraten.
  4° Levert, ambtshalve of op hun vraag, aan de rijkswacht, aan de gerechtelijke politie bij de parketten, aan de gemeentelijke politie en aan de andere politiediensten elke informatie of raadgeving nuttig voor hun operationele opdrachten in verband met daden van terrorisme. In geval van een daad van terrorisme begeeft zij zich ter plaatse.
  5° Staat, ambtshalve of op zijn vraag, de Algemene dienst voor Veiligheid en Inlichting in haar inlichtingsopdracht betreffende daden van terrorisme bij.
  6° Verzekert met gelijkwaardige diensten de specifieke internationale verbindingen inzake preventie en beteugeling van het terrorisme, overeenkomstig de richtlijnen gegeven door de sub 1°, 2° en 3° bedoelde autoriteiten.
  Art. 3. De A.G.G. wint de inlichtingen in, nodig om zijn opdrachten uit te voeren, bij de politie- en inlichtingendiensten, vernoemd in 2°, 4° en 5° van het artikel 2.
  HOOFDSTUK II. - Organisatie.
  Art. 4. De A.G.G. wordt onder de leiding geplaatst van een hoger officier van de rijkswacht, die wordt bijgestaan door één adjunct.
  Zij worden gezamelijk aangewezen door de Minister van Justitie en de Minister van Binnenlandse Zaken.
  Art. 5. 1° De Minister van Justitie en de Minister van Binnenlandse Zaken bepalen het effectief dat ter beschikking wordt gesteld van de directeur van de A.G.G.
  De Minister van Landsverdediging handelt op dezelfde wijze voor het personeel dat onder zijn bevoegdheid valt.
  2° Het personeel van de A.G.G. is samengesteld uit leden van de rijkswacht, van de gerechtelijke politie bij de parketten, van de gemeentepolitie, van het Bestuur van de Veiligheid van de Staat, van de Algemene Dienst voor Veiligheid en Inlichtingen en van administratief personeel.
  3° Dit personeel wordt onder de leiding en het exclusief bevel geplaatst van de directeur van de A.G.G.
  4° Deze personen worden van hun diensten gedetacheerd en zij behouden al hun rechten op promotie binnen de dienst waarvan zij gedetacheerd zijn.
  5° Zij worden aangewezen door de bevoegde overheid, op advies van de directeur van de A.G.G.
  6° De directeur laat zich bijstaan door een directiecomité. Dit comité wordt door leden van de A.G.G. samengesteld, die elk zijn dienst vertegenwoordigt.
  HOOFDSTUK III. - Slotbepalingen.
  Art. 6. De kosten vereist voor de werking van de A.G.G. worden ingeschreven op de begroting van het Ministerie van Binnenlandse Zaken, na advies van de Minister van Justitie.
  Art. 7. Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt, met uitzondering van artikel 6 dat in werking treedt (de eerste dag volgend op de inwerkingtreding van de wet houdende de uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1992.) <KB 1992-01-08/46, art. 1, 002; ED : 09-02-1992>
  Art. 8. Onze Minister van Justitie, Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Onze Minister van Landsverdediging zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.

Preambule Tekst Inhoudstafel Begin
   Gelet op artikel 66 van de Grondwet;
   .....
   Gelet op de dringende noodzakelijkheid;
   Overwegende dat het noodzakelijk is om onverwijld de organisatie en de bevoegdheden van de Antiterroristische Gemengde Groep te bepalen en de nodige kredieten voor de werking ervan over te hevelen van het budget van het Ministerie van Justitie naar het budget van het Ministerie van Binnenlandse Zaken;
   Overwegende dat deze verrichting dwingend moet geschieden in het raam van de begroting 1992 en dat, te dien einde, de administratieve schikkingen zeer snel moeten genomen worden, vóór 1 januari 1992;
   Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken, van Onze Minister van Justitie, en van Onze Minister van Landsverdediging,
   .....
   

Wijziging(en) Tekst Inhoudstafel Begin
Gewijzigd door   KONINKLIJK BESLUIT  van  23-01-2007   gepubl. op   31-01-2007
     Gewijzigd art.     
   Van kracht tot   01-12-2006               [ Zie tekst hier boven ]
Gewijzigd door   KONINKLIJK BESLUIT  van  08-01-1992   gepubl. op   30-01-1992
     Gewijzigd art.   7
   Van kracht tot   09-02-1992                 [ Zie versie 001 ]

Begin Preambule
Inhoudstafel Wijziging(en)