Einde Preambule
Inhoudstafel Wijziging(en)
Gearchiveerde versie nr  15

Titel
06 FEBRUARI 1946. -Regentsbesluit houdende reglement op het bewaren en het verkoopen van giftstoffen.

Dossiernummer : 1946-02-06/30

Nota
Gewijzigd bij   KONINKLIJK BESLUIT  van  26-11-2013   gepubl. op   29-11-2013
      Art. N4
   Van kracht tot   30-11-2013

Inhoudstafel Tekst Begin
Art. 1, 1bis, 1ter
I. - Bijzondere bepalingen voor de apothekers, voor de geneesheeren en doctors in de veeartsenijkunde, die een geneesmiddelendepot mogen houden.
Art. 2-6
II. - Bijzondere bepalingen voor drogisten en niet-gediplomeerde handelaars.
Art. 7-N5

Tekst Inhoudstafel Begin

  Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder :
  etiket nr 1, het speciaal oranjerood etiket, waarop, in zwarten inkt, een doodshoofd en de vermelding " Vergift - Poison " gedrukt staan;
  etiket nr 2, het speciaal groen etiket, waarop, in zwarten inkt, de vermeldingen " De aangegeven hoeveelheid niet overschrijden - Ne pas dépasser la dose indiquée " gedrukt staan.
  Art. 1bis. <KB 31-05-1958, art. 35> (§ 1.) De bepalingen van dit besluit zijn niet van toepassing op de als pesticiden aangewende toxische stoffen. <KB 2000-09-22/32, art. 1, 008; ED : 04-11-2000>
  (§ 2. De door dit besluit voorziene etiketten dienen niet te worden aangebracht op de industrieel bereide geneesmiddelen die het wettelijk regime voor de aflevering vermelden, bedoeld in artikel 2bis, § 1, 15° of in artikel 2ter, § 1, 14° van het koninklijk besluit van 3 juli 1969 betreffende de registratie van geneesmiddelen.) <KB 2000-09-22/32, art. 1, 008; ED : 04-11-2000>
  Art. 1ter. <KB 18-02-1974, art. 1> - Behoudens uitzondering, zijn de bepalingen van onderhavig besluit niet alleen van toepassing op de in de lijsten II, III en IV opgesomde vergiften, maar ook :
  - op de isomeren van die stoffen, in al de gevallen waar die isomeren overeenkomstig de gebruikte scheikundige benaming kunnen bestaan;
  - op de zouten, esters en zouten van esters van de bovenvermelde stoffen in al de gevallen waar die produkten kunnen bestaan;
  - op de basen en andere zouten van stoffen die reeds onder vorm van zouten vermeld zijn.
  I. - Bijzondere bepalingen voor de apothekers, voor de geneesheeren en doctors in de veeartsenijkunde, die een geneesmiddelendepot mogen houden.
  Art. 2. De apothekers, de geneesheeren en de doctors in de veeartsenijkunde, die een geneesmiddelendepot mogen houden, moeten de vergiften bewaren in vaste, waterdichte en behoorlijk gesloten houders - met uitsluiting van papieren zakken - waarop, op goed zichtbare wijze, het speciaal etiket nr 1 is aangebracht.
  (De vergiften die voorkomen op de lijsten III of IV, met uitzondering van papavercapsules en witte fosfor, moeten bewaard worden in een gesloten, uitsluitend voor de vergiften bestemde speciale kast. In die speciale kast moeten eveneens bewaard worden de farmaceutische preparaten (...), die een of meer der in de lijsten III of IV ingedeelde stoffen bevatten, en van het speciaal etiket nr. 1 moeten voorzien zijn. Toegang tot deze kast mag maar mogelijk zijn voor de personen belast met het toezicht over en de aflevering van de vergiften.) <KB 18-02-1974, art. 4, § 1> <KB 2001-04-05/35, art. 1, 009; ED : 10-06-2001>
  (Voor wat betreft de farmaceutische specialiteiten zijn de bepalingen van het voorgaande lid van toepassing indien :
  - zij een stof bevatten opgenomen in lijst III van de bijlage bij dit besluit vanaf de zware dosis bedoeld in artikel 3 van dit besluit en zij bestemd zijn voor inwendig gebruik;
  - zij een stof bevatten opgenomen in lijst IV van de bijlage bij dit besluit waarvoor een maximale dosis is opgegeven, boven de in eenmaal in te nemen maximale dosis en zij voor inwendig gebruik bestemd zijn;
  - zij een stof bevatten opgenomen in lijst IV van de bijlage bij dit besluit waarvoor een maximale dosis werd opgegeven, boven de maximale dosis per etmaal en indien zij voor uitwendig gebruik bestemd zijn;
  - zij een stof bevatten opgenomen in lijst IV van de bijlage bij dit besluit indien geen maximale dosis werd opgegeven en zij voor inwendig gebruik bestemd zijn;
  - zij een stof bevatten, opgenomen in artikel 3, rubriek " lijst IV ", derde lid, punten b) tot en met k).) <KB 2001-04-05/35, art. 1, 009; ED : 10-06-2001>
  Art. 3.<KB 01-10-1953, art. 2> De vergiften dienen afgeleverd naar de hierna bepaalde regelen onder inachtneming van de lijsten waarin zij zijn ingedeeld en welke als bijlage bij dit besluit zijn opgenomen.
  Lijst I.
  De in lijst I opgesomde vergiften welke " als zoodanig " worden afgeleverd, moeten vervat zijn in houders voorzien van het speciaal etiket nr 1.
  De apotheker mag deze stoffen vrijelijk afleveren.
  Lijsten II en III.
  De in de lijsten II en III opgesomde vergiften, welke voor inwendig gebruik al dan niet gemengd, hetzij voor menschen, hetzij voor dieren bestemd zijn, moeten vervat zijn in houders, voorzien van het speciaal etiket nr 1.
  (De apotheker mag deze alleen afleveren, hetzij op vertoon van een door een geneesheer, een doctor in de veeartsenijkunde of een licentiaat in de tandheelkunde eigenhandig geschreven, gedagtekend en ondertekend voorschrift, hetzij op schriftelijke, gedagtekende en ondertekende aanvraag van een te goeden naam en faam bekend persoon. Op deze aanvraag dient vermeld waarvoor de stof moet dienen.) <KB 1992-01-09/33, art. 1, 003; ED : 01-03-1992>
  De bepalingen der bovenstaande alinea's zijn evenwel niet van toepassing wanneer de in de lijsten II en III genoemde zelfstandigheden, hetzij in geringer hoeveelheid dan de in deze lijsten opgegeven grootste gift per dag, hetzij in grootere hoeveelheid doch op niet zware dosis worden afgeleverd. In het tweede geval moeten op den houder de gebruikswijze en het speciaal etiket nr 2 gesteld worden.
  Onder zware dosis wordt verstaan iedere hoeveelheid, welke een werkelijk gevaar oplevert. Moet alleszins als zware dosis aangemerkt worden, de hoeveelheid, welke de maximale dagelijksche, in de bovenvermelde lijsten aangegeven, dosis, driemaal overtreft.
  [1 In afwijking van het tweede lid, is de schriftelijke aanvraag niet toegelaten bij de aflevering van geneesmiddelen voor menselijk gebruik die een associatie van analgetica of die codeïne of morphini aethylati hydrochloridum bevatten. De bepalingen van het derde en het vierde lid zijn niet van toepassing op geneesmiddelen die codeïne of morphini aethylati hydrochloridum bevatten.]1
  De bovenvermelde bepalingen - behalve die omtrent het aanbrengen van etiket nr 2 - zijn van toepassing op het afleveren van de in de lijsten II en III opgesomde zelfstandigheden, welke als zoodanig voor uitwendig gebruik, hetzij voor menschen, hetzij voor dieren worden afgeleverd. Wanneer deze zelfstandigheden gemengd voor uitwendig gebruik worden afgeleverd, zijn de voorschriften omtrent de giftstoffen daarop niet van toepassing; op den houder dient evenwel het speciaal etiket nr 1 aangebracht, zoo de in het mengsel aanwezige hoeveelheid meer dan de zware dosis bedraagt.
  (Lijst IV.
  De houders welke een of andere der in de lijst IV vermelde zelfstandigheden bevatten, moeten van het speciaal etiket nr. 1 voorzien zijn, wanneer die stoffen als zodanig worden afgeleverd.
  Moeten insgelijks van dit etiket voorzien zijn wanneer zij voor inwendig gebruik bestemd zijn :
  1° de mengsels welke ongeacht de hoeveelheid ethylacethenarsine, insuline, neoarsfenamine of sufarsfenamine bevatten;
  2° die meer dan 15 pct. papavervrucht bevatten;
  3° de mengsels welke ongeacht de hoeveelheid stoffen van de lijst IV bevatten voor dewelke geen maximale dosis is aangegeven;
  4° de mengsels welke een hogere hoeveelheid dan de in eenmaal afgeleverde maximale dosis van een der andere zelfstandigheden van de lijst IV bevatten.) <KB 18-02-1974, art. 4, §2>
  (Moeten eveneens van het speciaal etiket nr. 1 voorzien zijn de mengsels voor uitwendig gebruik bevattende :
  a) een of meerdere zelfstandigheden, opgenomen in lijst IV, indien de dagelijkse maximale dosis of de grensdosis wordt overschreden;
  b) meer dan 2 t.h. mostaardolie;
  c) een antibioticum of een stof met hormonale of antihormonale werking wanneer deze mengsels voor diergeneeskundig gebruik bestemd zijn;
  d) een natuurlijk of synthetisch hypofysair hormoon alsmede de opotherapeutische bereidingen die deze bevatten, met uitzondering van de collutoria;
  e) een natuurlijk of synthetisch corticosteroïde, wanneer deze mengsels voor oftalmologisch gebruik bestemd zijn;
  f) een oestrogeen, progestageen of androgeen hormoon, natuurlijk of synthetisch, voorgesteld onder een farmaceutische vorm die een systemische vrijstelling van het bestanddeel verzekert;
  g) nitroglycerine, voorgesteld onder een farmaceutische vorm die een systemische vrijstelling van het bestanddeel verzekert;
  h) een lokaal anestheticum, wanneer deze mengsels voor oftalmologisch gebruik bestemd zijn;) <KB 1989-06-30/34, art. 1, 002; ED : 01-11-1989>
  (i) meer dan 2 % minoxidil.) <KB 2000-09-22/32, art. 2, 008; ED : 04-11-2000>
  (j) oestrogene hormonen bestemd voor vaginaal gebruik.) <KB 1993-06-07/37, art. 1, 004; ED: 1993-07-24>
  (k) geneesmiddelen bestemd voor het oor die de volgende stoffen bevatten :
  - lokale anesthetica;
  - antibiotica van de groep van de tetracyclines, aminosides, colistine of chlooramfenicol;
  - pyrazolderivaten.) <KB 1994-11-25/32
  (- natuurlijke of synthetische corticosteroïden.) <KB 2001-06-10/49, art. 1, 010; ED : 17-07-2001>, art. 1, 005; ED : 20-01-1995>
  (De stoffen, als dusdanig of vermengd, die voor dieren bestemd zijn en die voorkomen in de bijlagen I en III van de Verordening (EEG) Nr. 2377/90 van de Raad van 26 juni 1990 houdende een communautaire procedure tot vaststelling van maximumwaarden voor residuen van geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik in levensmiddelen van dierlijke oorsprong, moeten eveneens van het speciaal etiket nr. 1 voorzien zijn.) <KB 2000-09-22/32, art. 2, 008; ED : 04-11-2000>
  (De apotheker mag deze producten of mengsels slechts afleveren op vertoon van een door een geneesheer, een doctor in de veeartsenijkunde of een licentiaat in de tandheelkunde eigenhandig geschreven, gedagtekend en ondertekend voorschrift. (Deze bepaling is evenwel niet van toepassing op de mengsels voor inwendig gebruik waarvan de inhoud de maximale dosis in één maal in te nemen niet te boven gaan, noch op de mengsels voor uitwendig gebruik waarvan de inhoud de maximale dosis per etmaal niet te boven gaan, noch op de mengsels voor uitwendig gebruik voor stoffen waarvoor geen maximale dosis werd opgegeven. Zij is tevens niet van toepassing voor de preparaten voor humaan gebruik op basis van levonorgestrel aangewezen voor de noodcontraceptie. Deze bepaling geldt echter wel voor de stoffen opgenomen in het derde lid van deze rubriek, punten b) tot en met k).) ) <KB 2000-09-22/32, art. 2, 008; ED : 04-11-2000> <KB 2001-04-05/35, art. 2, 009; ED : 10-06-2001>
  Dit voorschrift mag slechts vernieuwd worden indien (de arts, de dierenarts of de tandarts) het aantal en den termijn der toegelaten vernieuwingen voluit vermeld heeft. De apotheker moet elke vernieuwing op in 't oog vallende wijze met inkt op het voorschrift en in het receptenboek aanteekenen. (Behoudens in geval van uitdrukkelijk verbod van de arts vermeld op het voorschrift, is de hernieuwing van de aflevering van anticonceptieve geneesmiddelen voor humaan oraal gebruik op basis van oestroprogestatieve associaties of op basis van enkel progestagenen, toegelaten onder de volgende voorwaarden :
  - de hernieuwing van de aflevering gebeurt op schriftelijke, gedagtekende en ondertekende aanvraag van de patiënt;
  - de hernieuwing van de aflevering gebeurt gedurende twaalf maanden te rekenen vanaf de dag van de opstelling van het voorschrift, en dit voor maximum twaalf toedieningscycli, te rekenen met inbegrip van het oorspronkelijke voorschrift;
  - de hernieuwing van de aflevering geschiedt rekening houdende met de voorgeschreven posologie;
  - de hernieuwing van de aflevering wordt ingeschreven in het register bedoeld in artikel 33 van het koninklijk besluit van 31 mei 1885 houdende goedkeuring der nieuwe onderrichtingen voor de geneesheren, de apothekers en de drogisten, met naleving van de bepalingen van artikel 34 van dat besluit.) <KB 2001-04-05/35, art. 2, 009; ED : 10-06-2001> <KB 2003-04-04/49, art. 2, 012; ED : 08-05-2003>
  Voor een geval van coma diabeticum mag de apotheker insuline als dringend geneesmiddel afleveren.
  (De verkoop in detail en de aflevering van alkylnitrieten, al dan niet in mengsels, is voorbehouden aan de officina-apotheker.) <KB 1997-12-22/69, art. 1, 006; ED : 02-03-1998>
  Lijst V.
  (opgeheven) <KB 07-10-1972, art. 4>
  ----------
  (1)<KB 2013-06-17/07, art. 6, 015; Inwerkingtreding : 11-07-2013>
  Art. 4. De apothekers moeten den dag zelf en naar volgorde der data, in het receptenboek elke vergiftaanvraag inschrijven, met vermelding van naam en adres van den onderteekenaar.
  Zij liasseeren de vergiftaanvragen behoorlijk, naar volgorde der data, en bewaren deze gedurende tien achtereenvolgende jaren.
  Art. 5. Wanneer de depothoudende geneesheeren en doctors in de veeartsenijkunde vergiften afleveren, moeten zij zich houden aan de bepalingen van bovenvermeld artikel 3 betreffende de etiketten.
  De depotvergunninghoudende geneesheeren en doctors in de veeartsenijkunde moeten de als zware dosis afgeleverde hoeveelheid vergiften inschrijven in een speciaal register dat aan het visa van den apotheekinspecteur of den gedelegeerde der geneeskundige commissies wordt onderworpen.
  Art. 6. <KB 01-10-1953, art. 3> De artikelen 2 tot 5 zijn toepasselijk op de toxische geneesmiddelen waarvoor geen maximale doses zijn vastgesteld en die de Minister van Volksgezondheid en van het Gezin bij analogie zal hebben ingedeeld in een van de onder artikel 3 bedoelde lijsten.
  II. - Bijzondere bepalingen voor drogisten en niet-gediplomeerde handelaars.
  A. Bewaring der vergiften.
  Art. 7. De vergiften worden afzonderlijk bewaard en heel speciaal afgescheiden van de voorradige producten voor menschen- en dierenvoeding.
  Art. 8. De vergiften worden bewaard in vaste, waterdichte en behoorlijk gesloten houders - met uitsluiting van papieren zakken - waarop, in goed leesbare letters, hun gewone benaming, zoomede het speciaal etiket nr 1 voorkomt.
  Art. 9. De bijzondere toxische producten, en inzonderheid degene vermeld op de navolgende lijst, moeten bewaard worden in een gesloten kast of kamer, welke uitsluitend voor het bewaren van de vergiften dient :
  Arsenigzuuranhydride, metaalarsenieten en -arseniaten, en over 't algemeen de arsenikverbindingen, met inbegrip van de arsenikhoudende kleuren;
  Oxaalzuur en zuur kaliumoxalaat (zuringzout);
  Fluorzuur, fluoriden, fluorsilicaten;
  Broom;
  Witte phosphor;
  Cyaanzuur en metaalcyaniden;
  Kwikverbindingen, met uitzondering van cinnaber;
  Zeeajuin, nicotine, braaknoot, strychnine en haar zouten, alsmede de preparaten dezer stoffen, welke voor landbouwdoeleinden gebruikt worden;
  Oplosbare barium-, thallium- en uraniumzouten.
  B. Afleveren van vergiften.
  Art. 10. Bijzonder toxische producten mogen alleen afgeleverd worden op geschreven, gedagteekende en onderteekende aanvraag van een te goeder naam en faam bekend persoon met opgave van het doel waartoe het product moet dienen.
  Art. 11. Iedere aflevering van bijzonder toxische producten dient in een register ad hoc ingeschreven, waarvan de bladen vooraf zijn genummerd. De inschrijvingen dienen, den dag zelf, naar volgorde der data, gedaan zonder blanco noch overschrijving, onder vermelding van den datum van aflevering, van den aard en de hoeveelheid der verkochte of afgeleverde zelfstandigheden, van het doel waartoe deze moeten dienen, alsmede van den naam, voornamen, beroep en domicilie der koopers. De verkooper moet de geschreven aanvragen behoorlijk naar volgorde der data liasseeren en ze, alsmede het register, gedurende tien achtereenvolgende jaren bewaren.
  Art. 12. De vergiften moeten afgeleverd worden in zoodanige houders dat de inhoud niet kan verloren gaan.
  Deze houders dienen voorzien van een etiket met den naam en het adres van den verkooper en de benaming van den inhoud, zoomede van het speciaal etiket nr 1. Geen enkel opschrift omtrent een ander product mag er op voorkomen.
  Art. 13. <KB 1989-06-30/34, art. 2, 002; ED : 01-11-1989> De bijtende of toxische vloeistoffen mogen niet worden afgeleverd in flessen welke gewoonlijk in de volkshuishouding voorkomen, tenzij zij het publiek worden aangeboden voorzien van een etiket waarop de aard van de inhoud klaar en duidelijk en derwijze dat elke vergissing uitgesloten is, vermeld staat. Deze flessen moeten van het speciaal etiket nr. 1 voorzien zijn.
  Art. 14. (opgeheven) <KB 05-06-1975, art. 57>
  Art. 15. (opgeheven) <KB 05-06-1975, art. 57>
  Art. 16.
  <Opgeheven bij KB 2008-12-17/31, art. 4, 013; Inwerkingtreding : 02-01-2009>
  Art. 17. De inbreuken op de vorenstaande bepalingen worden gestraft met de bij artikel 2 van de wet van 24 Februari 1921 voorziene straffen.
  Art. 18. Bovenvermeld koninklijk besluit van 25 October 1931 op het bewaren en verkoopen van giftstoffen wordt opgeheven.
  Art. 19. De Minister van Volksgezondheid is belast met de uitvoering van dit besluit, dat in werking treedt op 16 Februari 1946.
  Art. N1. Bijlage 1. Lijst I. <niet opgenomen wegens technische redenen zie B.St. 18-19-02-1946, p. 1356> <Gewijzigd door KB 1997-12-22/69, art. 2, 006; ED : 02-03-1998, B.St. 20.02.1998>
  Art. N2. Bijlage 2. Lijst II. <niet opgenomen wegens technische redenen zie B.St. 18-19-02-1946, p. 1357> <gewijzigd door : KB 03-03-1953; B.St. 22-03-1953 KB 01-10-1953; B.St. 22-10-1953 MB 08-09-1969; B.St. 25-11-1969 KB 10-02-1972; B.St. 08-09-1972 KB 27-07-1972; B.St. 08-09-1972 KB 18-02-1974; B.St. 16-03-1974 MB 05-10-1976; B.St. 04-12-1976 KB 02-06-1987; B.St. 25-06-1987>
  Art. N3. Bijlage 3. Lijst III. <niet opgenomen wegens technische redenen, zie B.St. 18-19-02-1946, p. 1357> <gewijzigd door:>
  <KB 03-03-1953; B.St. 22-03-1953>
  <KB 01-10-1953; B.St. 22-10-1953>
  <MB 24-08-1972; B.St. 05-12-1972>
  <KB 18-02-1974; B.St. 16-03-1974>
  <KB 07-04-1981; B.St. 15-05-1981>
  <KB 02-06-1987; B.St. 25-06-1987>
  <KB %%2000-09-22/32%%, art. 3; ED : 04-11-2000>
  Art. N4.Bijlage 4. Lijst IV. <niet opgenomen wegens technische redenen, zie B.St. 18-19-02-1946, p. 1358> <gewijzigd door : KB 03-03-1953; B.St. 22-03-1953 KB 01-10-1953; B.St. 22-10-1953 KB 20-03-1956; B.St. 11-04-1956 MB 21-08-1959; B.St. 24-09-1959 KB 30-12-1960; B.St. 04-01-1961 MB 23-08-1961; B.St. 13-09-1961 KB 26-09-1962; B.St. 28-09-1962 KB 31-10-1962; B.St. 24-11-1962 KB 10-04-1970; B.St. 17-06-1970 KB 02-02-1971; B.St. 23-03-1971 KB 12-04-1971; B.St. 15-05-1971 MB 16-07-1971; B.St. 17-08-1971 KB 27-07-1972; B.St. 08-09-1972 KB 07-10-1972; B.St. 16-03-1974 KB 18-02-1974; B.St. 16-03-1974 MB 28-03-1975; B.St. 12-08-1975 KB 18-07-1980; B.St. 02-10-1980 KB 18-05-1981; B.St. 10-07-1981 KB 29-06-1981; B.St. 21-07-1981 KB 02-06-1987; B.St. 25-06-1987 KB 03-07-1987; B.St. 21-07-1987 KB 22-12-1987; B.St. 15-03-1988; KB 1989-06-30/34, art. 3, 002; ED : 01-11-1989, B. St. 1989-10-03> <Vervangen door KB 1997-12-22/69, art. 3, 006; ED : 02-03-1998, B.St. 20.02.1998>
  <KB 1998-01-22/51, art. 49, ED : 01-04-1999; B.St. 14-01-1999, p. 1058>
  <W 2009-12-23/03, art. 20, 014; Inwerkingtreding : 01-04-1999; de toepassing van artikel 20 wordt onderbroken gedurende de periode van 6 oktober 2009 tot de datum van de inwerkingtreding van deze wet>
  Art. N5. Bijlage 5. Lijst IVbis. <niet opgenomen wegens technische redenen, zie B.St. 18-19-02-1946, p. 1356> <gewijzigd door : KB 31-10-1962; B.St. 24-11-1962 KB 10-04-1970; B.St. 17-06-1970 KB 02-02-1971; B.St. 23-03-1971 KB 12-04-1971; B.St. 15-05-1971 MB 16-07-1971; B.St. 17-08-1971 KB 07-10-1972; B.St. 16-03-1974 KB 18-02-1974; B.St. 16-03-1974>

Preambule Tekst Inhoudstafel Begin
   Gelet op de wet van 24 Februari 1921, betreffende het verhandelen van giftige, slaapverwekkende, verdoovende, ontsmettende of antiseptische stoffen;
   Herzien het koninklijk besluit van 25 October 1931, houdende reglement op het bewaren en verkoopen der giftstoffen;
   Gelet op het advies van de pharmacopee-commissie en van den inspectiedienst der apotheken;
   Overwegende dat naar aanleiding van de publicatie van het eerste supplement op de Belgische Pharmacopee, uitgave IV, de reglementaire bepalingen omtrent de giftstoffen dienen gewijzigd;
   Op de voordracht van den Minister van Volksgezondheid.
   .....

Wijziging(en) Tekst Inhoudstafel Begin
Gewijzigd door   KONINKLIJK BESLUIT  van  26-11-2013   gepubl. op   29-11-2013
      Art. N4
   Van kracht tot   30-11-2013               [ Zie tekst hier boven ]
Gewijzigd door   KONINKLIJK BESLUIT  van  17-06-2013   gepubl. op   01-07-2013
      Art. 3,L5
   Van kracht tot   11-07-2013                 [ Zie versie 014 ]
Gewijzigd door   WET  van  23-12-2009   gepubl. op   29-12-2009
      Art. N4
   Van kracht tot   01-04-1999                 [ Zie versie 013 ]
Gewijzigd door   KONINKLIJK BESLUIT  van  17-12-2008   gepubl. op   23-12-2008
      Art. 16
   Van kracht tot   02-01-2009                 [ Zie versie 012 ]
Gewijzigd door   KONINKLIJK BESLUIT  van  04-04-2003   gepubl. op   28-04-2003
     Gewijzigd art.   3
   Van kracht tot   08-05-2003                 [ Zie versie 011 ]
Gewijzigd door   KONINKLIJK BESLUIT  van  24-08-2001   gepubl. op   05-09-2001
     Gewijzigd art.   3
   Van kracht tot   29-08-2001                 [ Zie versie 010 ]
Gewijzigd door   KONINKLIJK BESLUIT  van  10-06-2001   gepubl. op   07-07-2001
     Gewijzigd art.   3
   Van kracht tot   17-07-2001                 [ Zie versie 009 ]
Gewijzigd door   KONINKLIJK BESLUIT  van  05-04-2001   gepubl. op   31-05-2001
     Gewijzigd art.   2 *** 3
   Van kracht tot   10-06-2001                 [ Zie versie 008 ]
Gewijzigd door   KONINKLIJK BESLUIT  van  22-09-2000   gepubl. op   25-10-2000
     Gewijzigd art.   1BIS *** 3
   Van kracht tot   04-11-2000                 [ Zie versie 007 ]
Gewijzigd door   KONINKLIJK BESLUIT  van  12-08-2000   gepubl. op   29-08-2000
     Gewijzigd art.   3
   Van kracht tot   29-08-2001                 [ Zie versie 006 ]
Gewijzigd door   KONINKLIJK BESLUIT  van  22-12-1997   gepubl. op   20-02-1998
     Gewijzigd art.   3 *** N1 *** N2
   Van kracht tot   02-03-1998                 [ Zie versie 005 ]
Gewijzigd door   KONINKLIJK BESLUIT  van  25-11-1994   gepubl. op   10-01-1995
     Gewijzigd art.   3
   Van kracht tot   20-01-1995                 [ Zie versie 004 ]
Gewijzigd door   KONINKLIJK BESLUIT  van  07-06-1993   gepubl. op   14-07-1993
     Gewijzigd art.   3
   Van kracht tot   24-07-1993                 [ Zie versie 003 ]
Gewijzigd door   KONINKLIJK BESLUIT  van  09-01-1992   gepubl. op   05-02-1992
     Gewijzigd art.   3
   Van kracht tot   01-03-1992                 [ Zie versie 002 ]
Gewijzigd door   KONINKLIJK BESLUIT  van  30-06-1989   gepubl. op   03-10-1989
     Gewijzigd art.   3 *** 13 *** N.4
   Van kracht tot   01-11-1989                 [ Zie versie 001 ]

Begin Preambule
Inhoudstafel Wijziging(en)