5 MEI 2011. - Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering houdende wijziging van meerdere uitvoeringsbesluiten van de ordonnantie van 7 juni 2007 betreffende de energieprestatie en het binnenklimaat van gebouwen
De
Brusselse Hoofdstedelijke Regering, Gelet op de Ordonnantie van 7 juni 2007 houdende de energieprestatie
en het binnenklimaat van gebouwen, de artikelen 5, §§ 1 en 2, 6, § 1, 11, §
3 en 15, § 4; Gelet op het Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 december
2007 tot vaststelling van de eisen op het vlak van de energieprestatie en het binnenklimaat van gebouwen; Gelet
op het Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 juni 2008 tot vaststelling van de vorm
en de inhoud van de kennisgeving van het begin van de werkzaamheden, de EPB-aangifte en de vereenvoudigde
aangifte; Gelet op het Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 5 maart 2009 tot
vaststelling van de procedure voor een alternatieve berekeningsmethode voor nieuwe gebouwen Gelet
op het advies van de Inspectie van Financiën gegeven op 9 december 2010; Gelet op het advies
van de Raad voor het Leefmilieu van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, gegeven op 12 januari 2011; Gelet
op het advies van de Economische en Sociale Raad van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, gegeven op 20
januari 2011; Gelet op het advies 49.387/9 van de Raad van State, gegeven op 30 maart 2011 met
toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd
op 12 januari 1973; Op voorstel van de Minister van Leefmilieu, Energie en Waterbeleid; Na
beraadslaging, Besluit : HOOFDSTUK 1. - Wijziging van het besluit van de Brusselse
Hoofdstedelijke Regering van 21 december 2007 tot vaststelling van de eisen op het vlak van de energieprestatie
en het binnenklimaat van gebouwen Artikel 1. In artikel 1 van het besluit van de Brusselse
Hoofdstedelijke Regering van 21 december 2007 tot vaststelling van de eisen op het vlak van de energieprestatie
en het binnenklimaat van gebouwen wordt het punt 3° vervangen als volgt : « 3° eenheid van energieprestatie,
hierna EPB-eenheid genoemd : een verzameling van aangrenzende lokalen van hetzelfde gebouw die : -aan
de definitie van een bestemming beantwoordt en, - die apart verhuurd of verkocht zou kunnen
worden, met uitzondering van de bestemming Gemeenschappelijk deel. » Art. 2. In hetzelfde besluit
wordt een artikel 3bis ingevoegd, luidend als volgt : « Art. 3bis. De EPB-eisen worden berekend
met behulp van de door het Instituut ter beschikking gestelde software die op dat moment van toepassing
is. » Art. 3. In artikel 4, lid 2, van hetzelfde besluit, worden de volgende wijzigingen aangebracht
: 1° in punt 3° worden de woorden « fp = 1.8 » vervangen door de woorden « fp = 2.5 »; 2°
in punt 4° worden de woorden « biomassa : fp = 1 » vervangen door de woorden « biomassa : fp = 0.32 ». Art.
4. In hetzelfde besluit wordt een artikel 5bis ingevoegd, luidend als volgt : « Art. 5bis.
Vanaf 1 januari 2015 hebben de EPB-eenheden Wooneenheid : - een totaal primair energieverbruik
voor verwarming, warm sanitair water en elektrische hulpapparaten kleiner dan 45 kWu per m2
en per jaar - Een luchtdichtheid bij een drukverschil van 50 Pa kleiner dan 0.6 per uur. -
Een netto energiebehoefte voor verwarming kleiner dan 15 kWu per m2 en per jaar -
Een temperatuur van oververhitting die elk jaar slechts gedurende 5 % van de tijd boven 25 °C mag uitstijgen.
». Art. 5. In hetzelfde besluit wordt een artikel 6bis ingevoegd, luidend als volgt : «
Art. 6bis. Vanaf 1 januari 2015 hebben de EPB-eenheden Kantoren en diensten en de EPB-eenheden Onderwijs
: - een totaal primair energieverbruik kleiner dan (90-2.5*C) kWu per m2 en
per jaar, C zijnde gedefinieerd als de compactheid, d.w.z. de verhouding tussen het beschermd volume
en de warmteverliesoppervlakte. - Een luchtdichtheid onder 50 Pa kleiner dan 0.6 per uur. -
Een netto energiebehoefte voor verwarming kleiner dan 15 kWu per m2 en per jaar -
Een netto energiebehoefte voor koeling kleiner dan 15 kWu per m2 en per jaar. -
Een temperatuur van oververhitting die elk jaar slechts gedurende 5 % van de gebruiksperiode boven 25
°C mag uitstijgen. » Art. 6. In de Nederlandse versie van het eerste lid van artikel 15 van
hetzelfde besluit worden de woorden « en Bafvoer » vervangen door de woorden « of Bafvoer ». Art.
7. In artikel 23 van hetzelfde besluit, worden de woorden « van Energie » opgeheven. Art.
8. In bijlage I van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in punt
1.3 worden de woorden « met inbegrip van de bijruimten met een oppervlakte kleiner dan of gelijk aan
75 m2, « ingevoegd tussen de woorden « van vertrekken » en de woorden « dat bestemd
is »; 2° het punt 1.12 wordt vervangen als volgt : « 1.12 aangrenzende onverwarmde
ruimte (AOR) : luchtlaag met een dikte groter dan 300 mm, geïntegreerd in een constructiedeel, of ruimte
die niet tot een beschermd volume behoort en die - Grenst aan een beschermd volume -
Geen kruipruimte is - Geen onverwarmde kelder is waarvan meer dan 70 % van de buitenwanden in
contact zijn met de grond; onder onverwarmde kelder wordt verstaan een ruimte die niet bestemd voor menselijke
bezetting en die niet direct verwarmd is, en waarvan tenminste een verticale wand in contact met de grond
is; ». Art. 9. De bijlagen II., III. en V. van hetzelfde besluit worden respectievelijk door
de bijlagen 1., 2. en 3. van dit besluit vervangen. Art. 10. In de franse versie van de nota
(4) van bijlage IV van hetzelfde besluit worden de woorden « les règles de l'annexe IX au présent arrêté
» vervangen door de woorden « les spécifications du Ministre ». Art. 11. In punt 1.d van bijlage
VI van hetzelfde besluit worden de woorden « niet in een evenredig vlak » vervangen door de woorden «
noch in hetzelfde vlak, noch in twee evenredige vlakken ». Art. 12. In de Nederlandse versie
van punt 7.2.1, derde lid van bijlage VII van hetzelfde besluit wordt het woord « niet » ingevoegd tussen
het woord « er » en het woord « mag » en de woorden « roken niet is toegestaan » worden vervangen door
de woorden « roken is toegestaan ». HOOFDSTUK 2. - Wijziging van het Besluit van de Brusselse
Hoofdstedelijke Regering van 19 juni 2008 tot vaststelling van de vorm en de inhoud van de kennisgeving
van het begin van de werkzaamheden, de EPB-aangifte en de vereenvoudigde aangifte Art. 13.
In artikel 3 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 juni 2008 tot vaststelling
van de vorm en de inhoud van de kennisgeving van het begin van de werkzaamheden, de EPB-aangifte en de
vereenvoudigde aangifte wordt een punt 3° ingevoegd, luidend als volgt : « 3° de vermelding van de rekenmethode
waarvan gebruik zal gemaakt worden voor de EPB-aangifte. ». Art. 14. In artikel 4, §
1 van hetzelfde besluit wordt een punt 5° ingevoegd, luidend als volgt : « 5° de vermelding van de rekenmethode
waarvan gebruik gemaakt is voor de EPB-aangifte. ». HOOFDSTUK 3. - Wijziging van het Besluit
van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 5 maart 2009 tot vaststelling van de procedure voor een
alternatieve berekeningsmethode voor nieuwe gebouwen Art. 15. In artikel 2, § 3 van
het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 5 maart 2009 tot vaststelling van de procedure
voor een alternatieve berekeningsmethode voor nieuwe gebouwen, worden de woorden « de in artikel 2, §
2, a) en b) » vervangen door de woorden « de in artikel 2, § 2, a), b) en d) ». Art.
16. In artikel 10 van hetzelfde besluit wordt de derde paragraaf opgeheven. Art. 17. In artikel
11 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° een derde paragraaf
wordt ingevoegd, luidend als volgt « § 3. Bij gebrek aan kennisgeving van de beslissing binnen
de in § 1 bedoelde termijnen of ingeval de gelijkwaardigheid geweigerd is kan de aanvrager zijn
aanvraag binnen de 15 werkdagen na het gebrek aan kennisgeving of na de weigering bij de Minister indienen.
»; 2° De paragrafen 3, 4 en 5 worden respectievelijk de paragrafen 4, 5 en 6. HOOFDSTUK
4. - Overgangs- en slotbepalingen Art. 18. § 1. Voor projecten waarvan de aanvraag vóór
de inwerkingtreding van dit besluit is ingediend, kan de aangever in de kennisgeving van het begin van
de werkzaamheden of ten laatste in de EPB-aangifte vermelden dat de berekeningen door middel van de in
bijlagen 1 en 2 van dit besluit gedefinieerde rekenmethoden gedaan zullen worden. §
2. Bijlage 2 energetische klassen van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 17 februari
2011 betreffende het door een certificateur opgestelde EPB-certificaat voor wooneenheden wordt vervangen
door bijlage 4 van dit besluit. Art. 19. Dit besluit treedt in werking op 1 juli 2011. Art.
20. De Minister bevoegd voor energie is belast met de uitvoering van dit besluit. Brussel,
5 mei 2011. De Minister-Voorzitter van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, Ch. PICQUE De
Minister van Leefmilieu, Energie en Stadsvernieuwing, Mevr. E. HUYTEBROECK