1 JULI 2006. - Koninklijk besluit tot goedkeuring van het reglement inzake publiciteit en communicatie
ALBERT
II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Gelet
op de wet van 25 ventôse jaar XI op het notarisambt, inzonderheid artikel 91, eerste lid, 1° en tweede
lid, ingevoegd bij de wet van 4 mei 1999; Op voordracht van Onze Minister van Justitie, Hebben
Wij besloten en besluiten Wij : Artikel 1. Het reglement inzake publiciteit en communicatie,
zoals goedgekeurd door de Algemene Vergadering van de Nationale Kamer van notarissen van 18 oktober 2005,
wordt goedgekeurd. Art. 2. Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch
Staatsblad wordt bekendgemaakt. Art. 3. Onze Minister van Justitie is belast met de uitvoering
van dit besluit. Gegeven te Brussel, 1 juli 2006. ALBERT Van Koningswege : De
Minister van Justitie, Mevr. L. ONKELINX
REGLEMENT INZAKE PUBLICITEIT
EN COMMUNICATIE Artikel 1. Dit reglement bepaalt op welke wijze de notaris, openbaar ambtenaar,
informatie verschaft aan het publiek, overeenkomstig artikel 35 van de deontologische code zoals vastgesteld
bij besluit van de algemene vergaderingen van de Nationale Kamer van notarissen van 22 juni 2004 en 18
oktober 2005. Art. 2. De notaris onthoudt zich van iedere individuele commerciële publiciteit.
Het is hem toegelaten informatie te verstrekken over de bereikbaarheid, de openingsuren en de toegang
tot zijn kantoor en de modaliteiten om op zijn ambt beroep te doen. Het is de notaris bijgevolg onder
meer verboden informatie te verspreiden die het publiek een verkeerd beeld geeft van het ambt, of waarbij
vergelijkingen met andere titularissen van het notarisambt of beoefenaars van vrije beroepen worden gemaakt.
Het is de notaris tevens verboden in ieder contact met het publiek of bij iedere mededeling aan het publiek,
communicatiemethodes of agressieve wervingsmethodes te gebruiken die niet verenigbaar zijn met de waardigheid
van het ambt, of die impliciet of expliciet leiden tot vergelijkende publiciteit of publiciteit die proportioneel
niet in overeenstemming is met de informatie die aan het publiek dient gegeven te worden door een openbaar
ambtenaar. Art. 3. Het is de notaris enkel toegelaten bij de uitoefening van zijn ambt melding
te maken van zijn titel van notaris en, indien het geval zich voordoet, erkend bemiddelaar. Art.
4. Het is de notaris niet toegelaten op gepersonaliseerde wijze, rechtstreeks of onrechtstreeks, diensten
aan te bieden met het oog op de werving van cliënten, of communicatie te voeren die als wervend kan aanzien
worden. Art. 5. Het is de notaris toegelaten om, zelfs zonder voorafgaand overleg met de bevoegde
notariële instanties, publiek toelichting te geven over de rol en opdracht van elke notaris met betrekking
tot een bepaalde rechtstak of juridische materie. Het is hem evenwel verboden om zichzelf of zijn kantoor,
zijn eventuele vennoten of medewerkers op enigerlei wijze aan te prijzen. Art. 6. Onverminderd
het recht op vrije meningsuiting, overlegt elke notaris vooraf met de bevoegde notariële instantie, telkens
hij gevraagd wordt om in de media of publiekelijk toelichting te geven bij de verantwoordelijkheid of
aansprakelijkheid van een notaris in een concrete situatie of naar aanleiding van een concreet geval. Art.
7. Iedere notaris draagt in de mate van het mogelijke bij tot de verspreiding en kennisgeving van de
collectieve publiciteit of communicatie uitgaande van de notariële instellingen, met het oog op een betere
bekendmaking van de diensten die door het ambt worden verstrekt. Op dezelfde wijze kan de notaris zich
aansluiten bij initiatieven die tot doel hebben het publiek te bereiken om de door de wet opgelegde informatie
te verstrekken met het oog op de uitvoering van bepaalde opdrachten. Art. 8. Elke informatie
omtrent de notaris, de ligging en toegankelijkheid van het kantoor op briefpapier, elke berichtgeving
of publiciteit voor openbare verkopingen, of iedere andere communicatie al dan niet in de media, dient
beperkt te blijven tot datgene wat strikt vereist is voor de dienstverlening. Art. 9. Bij benoeming
tot kandidaat-notaris, bij de vorming van een associatie of ontbinding van een associatie en bij wijziging
van de vestiging van het kantoor, mogen de nodige maatregelen genomen worden om het publiek te informeren
over de nieuwe toestand, met dien verstande dat deze informatie in de tijd beperkt blijft tot een termijn
van één jaar, en geenszins een wervend karakter heeft, of een karakter dat schade kan toebrengen aan
andere notarissen of het ambt in zijn geheel. Art. 10. Dit reglement is van toepassing op de
notarissen, kandidaat-notarissen en erenotarissen.